401 resultaten gevonden
- Constructieve samenwerking Stedelijk Alpha en ROC van Twente voor keuzevakken MVI
63879900-9af1-4d5c-abdb-9166677f4dab Constructieve samenwerking Stedelijk Alpha en ROC van Twente voor keuzevakken MVI Het Stedelijk Alpha in Enschede en ROC van Twente hebben voor de keuzevakken MVI een uitdagende samenwerking onder de vlag van STO Twente. De initiatiefnemers hierin zijn Jeroen ten Asbroek, docent media, vormgeving en ICT en Jaap Neutkens, teamleider van de ICT-opleidingen op ROC van Twente: “Eén van de STO-doelstellingen is een goede aansluiting van het VO op het mbo. Door onze samenwerking werken we aan de doorlopende leerlijn ICT. Leerlingen komen al in het vmbo in aanraking met de lessen, locaties, docenten en sfeer op het mbo. Dit geeft hen een zachte landing als zij daadwerkelijk naar de ICT-opleiding op ROC van Twente doorstromen”, aldus Jaap en Jeroen. Behoefte aan verdieping Voor de keuzevakken van Media, Vormgeving & ICT heeft Het Stedelijk Alpha een arrangement met creatieve vakken als Sign, Fotografie en 3D vormgeving & realisatie. Jeroen: “De keuzevakken draaien wij in leerjaar vier, nadat de leerlingen in leerjaar drie het centraal examen hebben afgerond. In leerjaar drie proefde ik enkele jaren geleden de behoefte aan verdieping in ICT; sommige leerlingen sloegen aan op het hardware deel van ICT en een andere groep wilde meer weten over programmeren. Het idee? Samen met ROC van Twente zou Het Stedelijk Alpha kunnen zorgen voor het draaien van een keuzevak met ICT leerinhouden.” Samenwerken, samen leren, samen ontwikkelen In oktober 2021 zaten Jeroen en Jaap op initiatief van Jeroen hiervoor verkennend tegenover elkaar op Het Stedelijk Alpha. Jeroen: “We merkten beiden dat we elkaar veel te bieden hebben. Ik wil graag een kwalitatief goed en inhoudelijk keuzevak aanbieden aan mijn vierdejaars leerlingen.” Jaap: “En voor het ROC ligt er de mogelijkheid om vroegtijdig toekomstige studenten een gedegen beeld te tonen van de diverse ICT-opleidingen die wij op verschillende niveaus bieden.” De samenwerking begon in 2021 met een samengesteld keuzevak Game Design waarin ICT-componenten aan bod kwamen. Jeroen: “Vanaf de start van het schooljaar 2023-2024 is dat vanuit de bestaande samenwerking verbreed met de uitbreiding van een tweede samengesteld keuzevak; we kunnen Netwerkbeheer en Digitale beveiliging als een nieuw keuzevak aanbieden. Sinds dit jaar is de samenwerking naar een hoger plan getrokken waardoor we twee ICT gerelateerde keuzevakken aanbieden. Game design geven we samen, ROC van Twente neemt het programmeerdeel voor zijn rekening en ik geef de lessen over spelvormgeving en design. De investering die ROC van Twente hiervoor doet vind ik bijzonder! Bij Jaap ervaar ik een grote bereidwilligheid om samen te werken, samen te leren en samen te ontwikkelen. Dat vind ik geweldig!” ROC helpt ICT-uitdaging oppakken Jaap: “De toename van digitalisering in de maatschappij maakt dat er ook in de profielen van het vmbo meer aandacht komt voor mediavorming, ICT en gerelateerde oriënterende vakken, profielen en keuzes. Tegelijkertijd hebben deze vo-scholen een behoorlijke uitdaging om hiervoor docenten, ruimte en capaciteit te organiseren. Daar komen wij als ROC om de hoek kijken. Als wij de instroom vanuit het vo naar onze ICT-opleidingen kwalitatief willen verbeteren dan start dat met het goed neerzetten bij vo-leerlingen, hun docenten, decanen en ook ouders van het beeld van onze opleidingen. Dan moet je niet alleen kiezen voor voorlichting, maar ook daadwerkelijk iets doen en concreet laten zien. Ofwel: méédoen. Ik ben in de gelukkige omstandigheid geschoolde ICT-medewerkers te hebben, eveneens faciliteiten, praktijklokalen én uiteraard de juiste, passende en bewezen leergangen. Een plek waar ook vmbo-leerlingen veilig en vaardig laptops kunnen demonteren en assembleren. En waar je de laatste technologie leert kennen en allerlei apparaten leert verbinden.” Instroom op peil helpen houden Jaap: “Uiteraard hebben we al langlopende contacten met ook het vmbo in verband met voorlichting, open dagen en meeloopdagen. Maar deze inhoudelijke samenwerking met Het Stedelijk Alpha is vrij jong en eveneens bijzonder. Dit helpt de instroom in onze ICT-opleidingen vanuit het vmbo ondersteunen. Onze terugloop aan leerlingen is nog niet zo sterk als in opleidingen zoals voor Mechatronica en Installatietechniek, maar inmiddels merken ook wij deze gevolgen, onder andere door demografische factoren. De samenwerking met Het Stedelijk Alpha helpt hopelijk deze teruggang voor een deel opvangen. Hard nodig, want anders kunnen we in Twente niet voldoen aan de grote vraag naar gekwalificeerde ICT’ers.” Organisatorische uitdagingen Bij het gezamenlijk uitvoeren van de keuzevakken hebben Jaap en Jeroen flinke organisatorische uitdagingen moeten overwinnen. Jeroen: “Denk aan roosters, vervoer leerlingen en PTA/toetsing.” Die samenwerking vanuit ROC van Twente met Het Stedelijk Alpha gaat vaak over planning: wie, wat en wanneer? Jaap: “Samen met Het Stedelijk Alpha hebben we hiervoor heel concreet naar oplossingen gezocht. De kunst hierbij is elkaar tegemoet te komen waarbij de ene keer de ene partij en de andere keer de andere partij een beetje meebeweegt.” Een voorbeeld hiervan is dat een vo-leerling nog geen ov-kaart heeft. Jaap: “Maar hoe komen deze leerlingen van het Stedelijk Alpha vervolgens naar ons praktijklokaal in De Gieterij in Hengelo? We besloten een bus te regelen inclusief een verantwoordelijke begeleider. En hoe houd je de presentie van alle leerlingen tijdens het gehele project bij? Daar hebben we een digitaal systeem voor opgetuigd. Het gaat dus over praktische zaken als planning, vervoer en het digitaal communiceren met elkaar. Ook gaat het over budgetten; wie betaalt wat? Zoals de aanschaf van verbruiksmateriaal en andere zaken die je gewoon nodig hebt voor een leergang ICT. Al die issues hebben we samen goed opgepakt. Wat ik erg waardeer is dat het voortgezet onderwijs hier de meerwaarde van inziet en hierin van haar kant ook tijd, geld, capaciteit en energie steekt.” Vliegwieleffect Wekelijks zijn er vmbo-leerlingen in het ICT-praktijklokaal op ROC van Twente aan de slag. Een keuzevak moet 80 tot 120 lesuren gedraaid worden, stipt Jeroen aan: “Doordat ik als vmbo docent overleg over lessenseries en leerinhouden voor een keuzevak, gedoceerd door ROC docenten, weet ik welk fundament aan voorkennis ik de leerlingen mee moet geven voor de aansluiting op de lessen van mijn ROC collega. De ROC docent bouwt zijn programma op uit onderdelen en opdrachten uit het eerste leerjaar van de ICT-opleidingen.” Jaap: “We doen het nu een paar jaar en zien een soort vliegwieleffect. Mijn docenten zeggen: de vmbo-leerlingen, zoals ook die van Het Stedelijk Alpha, kunnen veel meer dan wij dachten. Zij zijn aangenaam verrast door hun vaardigheden. Daardoor hebben we in het eerste leerjaar op het mbo de programma’s aanzienlijk kunnen verkorten. Want bepaalde onderdelen blijken al heel goed aangeleerd te kunnen worden tijdens de oriënterende keuzevakken. Ook ontstaat er extra motivatie bij de vmbo-leerlingen omdat ze het veel leuker vinden om bij ons een middagje te knutselen aan laptops dan dat zij op een open dag een PowerPoint zien op hun eigen school. We spotten inmiddels allerlei talent, ook onder vmbo-Basis leerlingen! Zij krijgen hier de kans talenten te ontplooien die anders onder de radar blijven.” Jaap benadrukt dat de samenwerking in ontwikkeling blijft: “We blijven met elkaar voortdurend zoeken naar verbeterpunten.” Voordelen leerlingen Jeroen somt enthousiast de voordelen voor de leerlingen op: “Zij doen levensechte ervaring met het leren op binnen het mbo, gedurende een langere periode.” Maar er zijn ook voordelen voor Het Stedelijk Alpha als school. Jeroen: “Door het nauwe samenwerken met docenten van het mbo bouw ik een brug tussen het eindniveau van vakkennis bij de vmbo leerling en het startniveau van de lessen op het ROC van Twente. Leerlingen starten met een voorsprong, leerlingen die deze route bewandelen ervaren vervolgens een zachte landing op ROC van Twente. We werken actief samen aan een doorlopende leerlijn. Actuele ontwikkelingen uit het werkveld komen via het mbo ook het vmbo binnen.” Mes snijdt aan drie kanten Vanuit de leerlingen bekeken zijn de lessen op de ROC locatie altijd plezierig. Jeroen: “Vierdejaars leerlingen komen in aanraking met de studerende student van het ROC. Zij krijgen een realistisch kijkje in de keuken van hun mogelijke vervolgopleiding. Vanuit het oogpunt van loopbaanoriëntatie is deze samenwerking tussen het vmbo en het mbo ook wenselijk. De leerling ervaart gedurende 8 tot 16 weken het meedraaien op het mbo en de manier van lesgeven. Maar ook vakinhoudelijk krijgt de leerling door deze ervaring een goed beeld van waar hij of zij plezier in heeft.” Eveneens ervaart Jeroen een voordeel vanuit zijn eigen vakuitoefening als docent: “Het samenwerken met docenten van het mbo brengt mij als docent vmbo dat ik mijn lesinhouden ten dele beter kan afstemmen op de lessen van het mbo.” Jaap: “Ik waardeer Jeroen vanwege zijn enthousiasme, iemand waar iedereen graag mee wil samenwerken. Hij denkt in mogelijkheden en kansen. Die grondhouding is heel prettig in de samenwerking. Ook heeft hij oog voor de belangen en organisatiegraad van ROC van Twente. Hij neemt ook altijd zijn leidinggevende goed mee in het verhaal en ziet voor zijn leerlingen de winst. Door de samenwerking worden zijn leerlingen in hun beroepskeuze beter geïnformeerd.” MENU
- STO Twente: Techniek Carrousel uitgebreid
25467ff9-ffc4-47cb-88f8-6a8c3defb90d STO Twente: Techniek Carrousel uitgebreid De vijfde editie van de Techniek Carrousel (TC) is geslaagd! Vmbo-leerlingen uit het derde jaar maakten kennis met bedrijfsscholen uit de regio om zich te oriënteren op een vervolgopleiding, waaronder technische bedrijfsscholen. Ook in de STO subregio Rijssen – Holten verliep de TC dit jaar digitaal, maar kende ook een nieuwe verdieping door de toevoeging van leerlingen uit basis en kader. De carrousel is destijds ontstaan omdat TL-leerling verhoudingsgewijs erg weinig voor technische vervolgstudies kiezen en er wel veel werkgelegenheid is voor deze groep. En vanuit de gedachte ‘onbekend maakt onbemind’ hebben de bedrijfsscholen samen met de VO-scholen de handen ineengeslagen en de carrousel ontwikkeld. Digitaal door corona Vanwege corona bekeken TL-leerlingen van vier vmbo-scholen uit de subregio Rijssen-Holten filmpjes van de zes deelnemende bedrijfsscholen. Vier daarvan waren technische bedrijfsscholen: InfraVak Holten, REMO West-Twente, Bouwmensen Rijssen en OT&L Rijssen. Vervolgens werd deze leerlingen gevraagd een motivatiebrief schrijven met hun persoonlijke antwoord op deze vraag: Welke twee bedrijven zou je willen bezoeken en waarom? STO-projectleider Maarten Scholten: “Voorwaarde was dat één van de twee bedrijfsscholen van hun voorkeur een technische zou zijn. Met deze spelregel bereikt STO Rijssen-Holten dat deze leerlingen in ieder geval een technische bedrijfsschool leren kennen. Met de kans dat zij een technische vervolgopleiding kiezen, terwijl ze dat zeer waarschijnlijk niet zouden doen zonder deze prikkel.” Uitbreiding met basis en kader Nieuw, en ingegeven door de doelen van STO Twente, is dat de Techniek Carrousel dit keer is uitgebreid met deelname van leerlingen uit basis en kader. Maarten Scholten: “We willen kijken of we ook vroegtijdig meer leerlingen kunnen interesseren voor techniek. De Techniek Carrousel is een prachtig concept om ook bij hen alvast interesse te wekken voor techniek.” Grote aantallen In totaal staan maar liefst 700 leerlingen op de planning om een bedrijfsschool te bezoeken, waaronder dus in ieder geval een technische. In totaal gaat het dus om 700 x 2 bezoeken. Alleen al REMO West-Twente kan rekenen op 400 bezoeken. Maarten Scholten: “De leerlingen hebben dit jaar door corona helaas de bedrijven niet kunnen bezoeken, maar de gegevens uit de enquête maken het voor ons wel mogelijk om voor volgend jaar de voorbereidingen optimaal te treffen. De bezoeken zelf plannen we in tussen december 2021 – februari 2022.” MENU
- Samenwerking met bedrijfsvakscholen: gestandaardiseerde werkwijze
2acc82df-4219-4b81-a188-7fee9c750c40 Samenwerking met bedrijfsvakscholen: gestandaardiseerde werkwijze Samenwerken met technische bedrijfsvakscholen voor de profiel- en keuzedelen is voor de STO subregio Hengelo inmiddels een vast gegeven. De voordelen zijn groot: deze bedrijfsvakscholen hebben specifieke lesapparatuur en bijbehorende kundige techniekdocenten. Maar naast techniek opsnuiven biedt die samenwerking nog een heel groot ander voordeel: de vmbo-leerlingen krijgen al direct een stukje werk- en leerhouding mee op mbo-niveau. Het C.T. Stork College van de STO subregio Hengelo werkt momenteel samen met de bedrijfsscholen SMEOT en het Techniekhuis Twente. Samenwerken met technische bedrijfsvakscholen voor de profiel- en keuzedelen is voor de STO subregio Hengelo inmiddels een vast gegeven. De voordelen zijn groot: deze bedrijfsvakscholen hebben specifieke lesapparatuur en bijbehorende kundige techniekdocenten. Maar naast techniek opsnuiven biedt die samenwerking nog een heel groot ander voordeel: de vmbo-leerlingen krijgen al direct een stukje werk- en leerhouding mee op mbo-niveau. Het C.T. Stork College van de STO subregio Hengelo werkt momenteel samen met de bedrijfsscholen SMEOT en het Techniekhuis Twente. Onno Wiggers en Arnold Prinsen zijn allebei docent PIE op het C.T. Stork College: “Met het SMEOT werken we inmiddels al concreet samen voor het keuzedeel Booglassen. Voor het Techniekhuis staat alles in de startblokken om hoofdzakelijk met klas 3 op dinsdagmiddagen aan de slag te gaan met installatietechniek; het vierde profieldeel Installeren & Monteren. Dit wordt verzorgd door Opleidingsbedrijf IWN (InstallatieWerk Nederland), één van de partners in het Hengelose Techniekhuis.” Verbreding en verdieping De lessen worden gegeven in kleine groepen tot maximaal tien leerlingen. Die groepen rouleren per week zodat alle leerlingen aan de beurt komen. De bedoeling is dat daadwerkelijk voor het profieldeel onderdelen worden getoetst bij de bedrijfsvakscholen. Eveneens is voor klas 4 het keuzedeel Besturen en Automatiseren van PIE ondergebracht bij SMEOT. Onno en Arnold: “We checken heel goed waar we elkaar hierin kunnen vinden en vermijden zo overlap in de lessen. Onze vmbo-leerlingen ervaren door de samenwerking met deze bedrijfsvakscholen de nodige verbreding en verdieping.” Tweezijdig voordeel Het mes snijdt aan twee kanten. Tom Blaauwgeers, projectleider STO subregio Hengelo: “Enerzijds hebben de beide bedrijfsvakscholen faciliteiten in huis die wij niet kunnen aanbieden. Dit maakt het voor de leerlingen alleen maar interessanter om te volgen. Want deze bedrijfsscholen werken met de meest actuele apparatuur en de docenten zijn hiervoor volledig opgeleid.” Onno en Arnold: “Neem vloerverwarming. Op het C.T. Stork College hebben we niet de faciliteiten en ruimten om die techniek te laten zien aan de leerlingen. Dat geldt ook voor cv-ketels aansluiten. Ook daarvoor hebben wij de ruimte en middelen niet en de bedrijfsvakscholen wel. Daar ontdekken de leerlingen dezelfde apparatuur die de technische bedrijven nu ook gebruiken.” Ook verrijkend voor docenten PIE Mochten de leerlingen inderdaad na het vmbo kiezen voor deze techniekopleiders? Dan zijn ze al goed voorbereid op wat hen te wachten staat. Anderzijds krijgen zij ook nu al de smaak te pakken van de juiste leer- en werkhouding op een mbo-opleiding. Tom: “Bij elkaar opgeteld past deze leerervaring prima binnen wat we met Loopbaanoriëntatie en Begeleiding (LOB) beogen.” Onno en Arnold: “Deze verbreding en verdieping zien wij als heel positief. Ook voor onze kennisvergroting is dit gunstig. Wij zijn beiden van huis uit elektro-mannen en als we dan bij SMEOT rondlopen zien we van alles waarvan we kunnen leren. Sterker nog: in het kader van docentprofessionalisering volgen we momenteel beiden bij SMEOT een NIL-cursus lassen.” Tom: “Onze docenten PIE krijgen op deze bedrijfsvakscholen didactische handvatten aangereikt die zij vervolgens weer in hun eigen lespraktijk inzetten, een mooie wisselwerking.” Bijdragen aan bewuste keuze voor techniek Onno: “Wat ook speelt, is dat we veel leerlingen hebben die eigenlijk de ICT-kant op willen, maar dat wordt in het vmbo bijna niet aangeboden. Dat geldt ook voor motorvoertuigentechniek. Een aantal van onze leerlingen heeft bewust PIE gekozen omdat dit het dichtst bij deze technieken ligt. En na hun opleiding bij ons gaan ze daadwerkelijk verder met een opleiding ICT of motorvoertuigentechniek. Al met al merken we dat de meeste leerlingen na het vmbo doorleren in de techniek. De samenwerking met de bedrijfsscholen draagt dan positief bij aan deze bewuste keuze, daar ben ik van overtuigd.” Tom: “Ook bij de werving van nieuwe vmbo-leerlingen geven we ruimte aan deze bedrijfsvakscholen. Het geeft hen en ook hun ouders een goed beeld van de breedte en diepte waarmee we binnen onder andere het profielvak PIE opleiden.” Regelmatig overleggen Tom: “De informatievoorziening en werkwijzen bij beide bedrijfsvakscholen hebben we gestandaardiseerd. We hadden daarmee met het booglassen bij SMEOT al goede ervaringen opgedaan. De toetsing wordt in overleg met de PIE-docenten en de docenten van de bedrijfsvakscholen vastgesteld. Dit draagt in hoge mate bij aan de uniforme wijze waarop we met bedrijfsvakscholen willen samenwerken.” De PIE docenten van C.T. Stork College evalueren regelmatig met de bedrijfsvakscholen wat de ervaringen met de samenwerking zijn en waar er nog mogelijk verbeterpunten liggen. Tom: “Daarnaast gaan we de deelnemende leerlingen bevragen wat hun ervaringen zijn geweest. Op basis van die onderzoeksgegevens geven we, zo nodig, verder bijsturing aan dit traject.” Onno en Arnold: “Omdat we zelf een lascursus bij SMEOT volgen zien we de mensen daar sowieso regelmatig en zijn de lijntjes heel kort.” MENU
- De kans dat ik later in Twente techniekdocent word, is heel groot
5412e7d1-eb47-47c9-93f1-fc520a3cf201 De kans dat ik later in Twente techniekdocent word, is heel groot Ervaren technici uit het bedrijfsleven die techniekdocent willen worden, zijn zeldzaam. Daarom focust STO Twente stevig op het vinden, werven en begeleiden van deze zogeheten hybride docenten. Ze zijn enorm waardevol omdat ze vmbo-leerlingen rechtstreeks uit de techniekpraktijk kunnen leren. Neem Martijn Pünt. Hij is 22 jaar en afgestudeerd aan Saxion voor de opleiding Werktuigbouwkunde. Nu is hij op het Windesheim bezig met de kopopleiding voor tweedegraads leraar voor het technisch beroepsonderwijs. Dit is een eenjarige opleiding voor recent afgestudeerden van een bachelor- en of masteropleiding die direct aansluit bij een schoolvak: “Mijn plan is om eerst in het technisch bedrijfsleven veel ervaring op te doen. Maar ik houd in mijn achterhoofd dat ik altijd nog over kan stappen naar het technisch onderwijs. Mijn eerste stage op het Twents Carmel College was daar al op gefocust.” In zijn tweede stage nu, bij bedrijfsvakschool SMEOT, richt hij zich op hoe je meedraait in een op technisch onderwijs gericht team. Leuk om jongeren techniek bij te brengen Martijn: “Bij mijn eerste stage voor mijn minor op het Twents Carmel College richtte ik mij op het geven van techniekles in de onderbouw. Daar ontdekte ik bijvoorbeeld dat leerlingen vaak niet met een hamer overweg kunnen. Ik merkte aan mijzelf dat ik het leuk vind om hen dit soort vaardigheden bij te brengen. Gaaf om jonge mensen daarin voor je ogen te zien groeien. Vooral op die leeftijd gaat dat snel. Dit stimuleerde mij om ook in mijn studie Werktuigbouwkunde aandacht te geven aan toekomstig lesgeven. Daarom volg ik de tweedegraads lerarenopleiding, specifiek voor het technisch beroepsonderwijs. In dit verband volg ik nu ook mijn stage bij SMEOT voor alle technische opleidingsrichtingen die zij bieden evenals de begeleiding van de BOL-leerlingen. Zoals gezegd: eerst wil ik na mijn studie veel ervaring opdoen bij het technisch bedrijfsleven, maar de kans dat ik later techniekdocent in Twente word, is heel groot.” Martijn Pünt, student tweedegraads lerarenopleiding techniekonderwijs MENU
- Keuzedeel Robotica ter beschikking van Twentse vmbo-scholen
18d58acb-96f0-4eaa-a214-afca8469f4a5 Keuzedeel Robotica ter beschikking van Twentse vmbo-scholen Het woord cobot is een samentrekking van de term ‘Collaboratieve Robot’. Deze eenarmige robot kan naast en met mensen werken, bijvoorbeeld voor repeterende taken. Het technisch bedrijfsleven omarmt deze cobot steeds meer. Dus krijgen ook technische vmbo-leerlingen hier later in hun werk mee te maken. Alle reden voor SMEOT om ook het Twentse vmbo een keuzedeel Robotica aan te bieden. Leerlingen van het Bonhoeffer College gingen op 24 januari zelf aan de slag met het programmeren en bedienen van een cobot. Hans Fokke van SMEOT: “We leiden al mbo’ers op voor werken met cobots, maar ook vmbo-leerlingen kunnen deze nieuwe materie prima aan.” Eric Harbers, docent SMEOT: “Vmbo-leerlingen maken bij ons alvast kennis met meerdere technische vakgebieden zoals verspanen en CNC. Robotica, en daarbinnen kennismaken met de cobot, is nieuw binnen ons aanbod voor het vmbo.” Het Bonhoeffer College kwam op bezoek met een aantal leerlingen uit de vierde klas. Hans Fokke, coördinator vmbo/mbo onderwijs SMEOT: “We hebben het programma voor deze leerlingen voor de cobot eenvoudig kunnen afleiden door het bestaande lesprogramma voor de cobot op niveau 2 iets af te schalen. De leerlingen krijgen voor de cobot alvast de eerste stappen van niveau 2 mee.” In totaal komen 14 leerlingen van het Bonhoeffer College naar SMEOT voor dit keuzedeel Robotica, verdeeld over meerdere sessies. Presentatie, uitleg én zelf aan de slag! Eric Harbers verwelkomde de leerlingen met een heldere presentatie, met ook filmpjes, die de cobot in het grotere plaatje positioneerde van wat we met elkaar Smart Industry noemen. Ook heb ik de leerlingen de toepassingen van cobot laten zien en de voordelen ervan uitgelegd. Plus uitleg over het verschil tussen een cobot en robot. Een cobot is mensgerichter en werkt eigenlijk collegiaal samen met een operator. Zoals een onderdeel aanreiken aan een monteur in een assemblageproces. Een robot werkt helemaal op zichzelf.” Hans Fokke: “Ook belangrijk: een cobot vervangt geen medewerkers, maar werkt daarmee samen. Een cobot zorgt dus niet voor banenverlies.” Zelf doen, zelf ontdekken Na de presentatie was het tijd voor de leerlingen om zelf een aantal eenvoudige basisbewegingen te leren programmeren voor de cobots waar SMEOT mee werkt. Eric: “Zelf doen, zelf ontdekken, daar grijp je deze vmbo-leerlingen mee.” De insteek voor deze eerste stappen op het terrein van programmeren voor cobots is gebaseerd op het werken met zogeheten way-points. Een waypoint of routepunt is een plaats op aarde, opgeslagen met de coördinaten. Dit concept wordt ook gebruikt voor het navigeren voor auto’s en fietsen. Hans: “Ook andere Twentse vmbo-scholen onder de vlag van STO Twente zijn hier welkom voor dit keuzedeel Robotica. Bijvoorbeeld het Canisius uit Tubbergen komt hier met een aantal leerlingen op bezoek. We hebben hier bij SMEOT drie cobots en aan een cobot mogen twee leerlingen werken. Daarmee is dit keuzedeel Robotica geschikt voor groepjes van zes vmbo-leerlingen.” De cobots hadden een grote aantrekkingskracht op de leerlingen van het Bonhoeffer College en al snel kregen zij het programmeren van de basisbewegingen onder de knie.. Hans Fokke: “We leiden hier leerlingen op om met cobots om te gaan, maar altijd in relatie tot onze vakgebieden Metaal, Mechatronica en Verspaning.” Maar cobots kunnen techniek-breed worden ingezet. Ook als praktische aanvulling op besturen en automatiseren PIE De leerlingen van het Bonhoeffer College werden op 24 januari begeleid door hun docent Thomas Struik: “We komen vaker bij SMEOT en nu dus voor het eerst voor het keuzedeel Robotica. In ons bestaande PIE-lokaal hebben we geen faciliteiten voor cobots, dus hier met onze leerlingen komen is echt een verrijking van ons lesprogramma. Wij hebben dit bezoek gepland als een verlengstuk van het onderdeel Besturen en Automatiseren binnen PIE. Dus de leerlingen zijn hier bij SMEOT deels voor de keuzevakken, maar dus ook voor Besturen en Automatiseren. Dit zou ik in de toekomst graag willen uitbouwen naar het door ons nu nog niet aangeboden keuzevak Robotica.” Ook voegt dit keuzedeel iets toe aan de docentenprofessionalisering van Thomas: “Meer begrip en inzicht in deze nieuwe materie en ook nog meer enthousiasme. Als docent zou ik hier nog meer in geschoold willen worden, want onze leerlingen en ook wij als docenten krijgen steeds meer met cobots te maken.” MENU
- Drie PIE-leerlingen doen vervroegd examen én zijn geslaagd
f156c3ac-8ca9-4300-98d1-2601ca44091d Drie PIE-leerlingen doen vervroegd examen én zijn geslaagd Tara, Guido en Robin zijn PIE-leerlingen op De Waerdenborch in Holten en kregen onlangs de kans om eerder examen te doen als beloning voor hun harde werk. Ze mochten een jaar eerder dan hun leeftijdsgenoten hun examen afleggen, een gedurfde stap die hun vastberadenheid en toewijding aan hun vakgebied benadrukt. Hoewel vervroegd examen op zich geen unicum is - het komt vaker voor bij havo/vwo - is het voor vmbo zeker wel bijzonder! STO Twente is super trots op deze leerlingen! Goed voorbereid Tara, Guido en Robin waren voorbereid en wisten wat er van hen verwacht werd, Mentor Camilla Mensink, die al drie jaar in het voortgezet onderwijs werkt, was zelf verrast door deze opmerkelijke prestatie. Zij benadrukt dat deze drie specifieke leerlingen buitengewoon gedreven zijn, altijd actief betrokken zijn bij de lessen en uitblinken in zelfstandigheid. "Ze hebben echt inzicht in wat ze aan het doen zijn. Dat zie je terug tijdens het examen. Altijd een paar stapjes vooruit denken. Dat heeft hen echt geholpen om hier nu te komen," aldus Camilla. Guido: ruime voorsprong Guido heeft een ruime voorsprong op het gebied van metaal en installatietechniek. Stroom aanleggen en lassen zijn bijvoorbeeld zaken die hem van nature makkelijk afgaan. In zijn werk op het melkveebedrijf van zijn oom heeft hij al de nodige uren op het land en in de stal doorgebracht, ervaring die hij goed kon gebruiken in het PIE-profiel. Guido, die al als vijfjarige op de boerderij rondliep, vindt het een uitdaging om processen te verbeteren en tools makkelijker te maken voor het dagelijkse werk. "Ik vind vooral die afwisseling echt leuk! Laatst heb ik een nieuwe bekapbox gemaakt. Dat is een box waarmee we de klauwen van de koeien knippen. De oude die we hadden, werkte niet zo goed. Nu ik een nieuwe heb gemaakt, kunnen we sneller werken en zo veel tijd besparen." De ervaring die hij heeft opgedaan, heeft hem zeker geholpen bij het doorlopen van de opdrachten van PIE. Robin: actief bezig zijn Robin weet al wat hij volgend jaar gaat doen: stage lopen! De mail met het verzoek voor een stage is al verstuurd. Hij pakt het direct aan, dat is zijn devies. "Ik houd ervan om actief te zijn, met mijn handen te werken, gewoon doen. PIE was het perfecte profiel daarvoor." Na zijn tijd op De Waerdenborch heeft hij zijn plannen al gemaakt. Hij gaat verder met vervolgonderwijs, met als richting Transport & Logistiek. Hij volgt het pad van zijn vader, die hem al op zevenjarige leeftijd meenam in de vrachtwagen. Eerst het examen halen, maar hij heeft er alle vertrouwen in dat het goed zal gaan. Tara: de enige dame in het gezelschap Tara is de enige dame in het gezelschap: "Ik ben opgegroeid met veel jongens om me heen", vertelt Tara. Voor haar was de wereld van PIE al bekend terrein. Als bewoner van een boerderij is gereedschap, zoals een kolomboor, haar niet vreemd. "Ik ben blij dat ik voor PIE heb gekozen. Ik vond de praktijk leuker dan de theorie, al is het natuurlijk belangrijk om ook de nodige kennis op te doen. Maar voor mij zat die kennis al in mijn bagage. Dat heeft me geholpen bij het doorlopen van de lesstof, denk ik." Wat Tara vooral waardeert aan het vervroegde examen is de extra vrije tijd die ze komend schooljaar zal hebben. Die tijd zal ze uiteraard nuttig besteden. Maatwerk Hoe die extra vrije tijd precies wordt ingevuld, is maatwerk. Zo zoekt De Waerdenborch voor de ene leerling een stage en onderzoekt school voor de andere leerling wat de mogelijkheden zijn om alvast te kunnen beginnen aan het mbo. PIE-docent Uilko Spijker: "Het is ontzettend fijn voor deze leerlingen dat ze een beter beroepsbeeld krijgen en daardoor eerder kunnen ontdekken wat ze precies willen. Op deze manier hebben deze leerlingen een groot voordeel bij het maken van een passende studiekeuze.” Vervroegd examen: voor vmbo zeker wel bijzonder! Hoewel vervroegd examen op zich geen unicum is - het komt vaker voor bij havo/vwo - is het voor vmbo zeker wel bijzonder! Niet alle leerlingen komen hiervoor in aanmerking. Examensecretaris Manon Semmekrot zegt: "We kijken heel goed naar de individuele leerling en naar wat hij of zij laat zien. Voor ons vereist een vervroegd examen zeker de nodige extra inzet, maar dat geldt ook voor de leerling. Als we er vertrouwen in hebben dat een leerling het aankan, doen wij er bij De Waerdenborch alles aan om dat mogelijk te maken." En het eindresultaat? Alle drie deze kanjers zijn geslaagd…van harte gefeliciteerd namens Sterk Techniekonderwijs Twente. MENU
- PIE-docenten sterk verenigd in Platform PIE
9b7aa3c2-28de-4b72-9a5e-4aec43fd2e20 PIE-docenten sterk verenigd in Platform PIE STO Twente probeert onder andere om meer instroom te genereren voor het profiel Produceren, Installeren en Energie (PIE). Gelukkig kunnen we hiervoor steunen op een grote groep enthousiaste Twentse PIE-docenten. Zij zijn verenigd in Regio 2 (Overijssel en Gelderland Oost) van het landelijke platform PIE. Op 22 juni kwam deze Regio 2 bij elkaar voor overleg en STO Twente mocht meekijken. Doel van het Platform PIE Het doel van het Platform PIE is krachtig, eigentijds beroepsonderwijs voor vmbo-leerlingen in het profiel Produceren, Installeren en Energie (PIE). Erwin Geerdink, docent PIE van het Alma College, is Regiocoördinator regio Overijssel, Gelderland Oost van Platform PIE: “Vanuit Platform PIE, en wij dus vanuit Regio 2, ondersteunen docenten en instructeurs. We delen kennis, brengen hen in contact met elkaar en met bedrijven, en vertegenwoordigen hun belangen bij de overheid en in de techniekbranche.” Aangesloten bij STO Platform PIE heeft een landelijk netwerk met belangrijke partners zoals de Stichting Platforms vmbo (SPV) en uiteraard bestaat er een constructieve samenwerking met het programma Sterk Techniekonderwijs. In de kern zijn in de regio Overijssel, Gelderland Oost circa 40 PIE docenten aangesloten, verdeeld over 17 vmbo-scholen, waaronder een groot aantal vmbo-scholen binnen STO Twente. Nefit Bosch Thermotechniek B.V. te Deventer bood gastvrij ruimte voor de regiobijeenkomst op 22 juni. Op de agenda stonden veel onderwerpen, en twee daarvan sprongen eruit door hun relatie met STO Twente: het Praktijk Gerichte Programma (PGP) en de voortgang van STO. Praktijkgericht Programma (PGP) Emiel Dikkers, docent Technologie & Toepassing aan het Alma College, legde het PGP helder uit: “Het PGP vervangt als het ware de uitgestelde Nieuwe Leerweg. Bij een praktijkgericht programma voeren leerlingen praktische, levensechte en realistische opdrachten uit bij of voor opdrachtgevers (bedrijven en instellingen) binnen en buiten school. Hierdoor ervaren leerlingen hoe het eraan toe gaat in de praktijk. Zij leren tijdens het praktijkgerichte programma ook bredere praktische vaardigheden, zoals samenwerken, presenteren, zelfstandig werken en plannen. Ze kunnen zich oriënteren op verschillende opleidingen en beroepen. Daarnaast staan vakspecifieke kennis en vaardigheden en loopbaanoriëntatie en -begeleiding (LOB) centraal. Door vaker met deze vaardigheden aan de slag te gaan, doen leerlingen ervaringen op die de overstap naar een vervolgopleiding mbo of het havo vergemakkelijkt. De ontwikkeling van het praktijkgericht programma bevindt zich op dit moment nog in de pilotfase.” De conclusie van Emiel? “PGP TIV (Techniek en Innovatief Vakmanschap) is de PGP die het beste aansluit op PIE. Vanuit het Platform-PIE wordt dit ook gestimuleerd.” Situatie Alma College Het Alma College is één van de pilotscholen, maar vanaf schooljaar 2024-2025 kan elke school een praktijkgericht programma aanbieden. Belangrijk ook: het PGP is niet verplicht voor TL. Dit soort programma‘s vergt veel van de docent. Leerlingen werken aan projecten en moeten vaak eerst allerlei praktisch vaardigheden opdoen om (als je kijkt naar de techniek) iets te kunnen maken. Dit kan ook betekenen dat de docent niet of niet volledig vaardig is om leerlingen hierin te begeleiden. Deze ruimte is er vaak niet. Op het Alma College doen de Techniekprofielen verplicht T&T. In dat geval leren de leerlingen technische vaardigheden binnen het profiel die ze kunnen gebruiken binnen het vak T&T, maar dat zal niet/minder het geval zijn op een mavo/havo locatie. Docentenprofessionalisering Een belangrijk doel van STO Twente is docentenprofessionalisering. Ook onze PIE-docenten zetten zich hiervoor in. Tijdens deze regiobijeenkomst ontvingen zij het certificaat voor hun eerdere deelname aan de landelijke docentennetwerk- en professionaliseringsbijeenkomst “De kracht van verbinding”. Interessante rondleiding Na afloop van de bijeenkomst gaven enthousiaste medewerkers van Nefit Bosch Thermotechniek een interessante rondleiding. In Deventer werden van oudsher vooral de HR cv-ketels geproduceerd. Dit neemt om begrijpelijke redenen uiteindelijk af, en nu ligt in de productie vooral de nadruk op het maken van warmtepompen. De PIE-collega’s vroegen honderduit over deze nieuwe materie. Vooral zogen zij deze materie op voor hun leerlingen PIE. Nefit Bosch Thermotechniek benadrukte dat er door de energietransitie ook in hun bedrijf een grote behoefte is aan technici op mbo-niveau. Vandaar de grote gastvrijheid en bereidwilligheid van dit innovatieve bedrijf om ook te investeren in goede relaties met het vmbo! Nefit Bosch Thermotechniek…bedankt! Platform PIE, Regio 2, dankt Nefit Bosch Thermotechniek van harte voor de geboden gastvrijheid en veelzijdige rondleiding! MENU
- Jaarlijkse studiereis STO Twente start energiek bij Groningse Gasunie
4e924437-cd17-415b-9b8b-af210356d767 Jaarlijkse studiereis STO Twente start energiek bij Groningse Gasunie De jaarlijkse en inmiddels derde studiereis van STO Twente was wederom geslaagd! Na eerder het zuiden en westen van Nederland bezocht te hebben, organiseerde programmamanager Marieke Rinket dit keer een super afwisselend programma met bezoeken aan vier totaal uiteenlopende organisaties in Noord-Nederland. 35 STO-collega’s uit alle vijf de subregio’s, voornamelijk docenten, deden op 7 en 8 november frisse en vernieuwende indrukken op. Maar ook het onderling netwerken leverde tal van nieuwe verbindingen op. In de bus en daarbuiten werden de nodige foto’s en appjes met STO-tips en -tricks uit de eigen subregio’s uitgewisseld. Nieuwe deelnemers Naast vooral techniekdocenten, reisden ook Hans Fokke van SMEOT mee, inmiddels een bewezen partner van STO Twente. Maar ook maakten alle deelnemers kennis met Els Veenhoven, de nieuwe STO projectleider van De Waerdenborch. Inmiddels haken in de subregio Rijssen - Holten ook Pius X en De Fruytier meer aan bij STO Twente, en Dirk Nolte vertegenwoordigde voor de eerste keer Pius X. Ook Rien Flinterman reisde voor het eerst mee namens Twickel Delden evenals Sander Scholten van Twickel Borne. Beide scholen zijn verbonden aan de subregio Hengelo. Warm onthaal bij Gasunie De eerste stop op 7 november was bij het hoofdkantoor van de N.V. Nederlandse Gasunie in Groningen, ook wel de Apenrots genoemd vanwege de bijzondere architectuur. De ontvangst was warm en gastvrij en Richard Aarts van de Gasunie gaf een inspirerende presentatie. Enkele eye openers voor STO Twente? Gasunie boort en levert geen gas, maar is volledig gespecialiseerd in al het werk daartussen. Gasunie legt, inspecteert en onderhoud veilige gasnetwerken, een wereld op zich! Met verbazing hoorden de STO-collega’s dat er in ons relatief kleine landje inmiddels zo’n 14.000 kilometer aan gasleiding onder de grond ligt, op zo’n 1,8 meter diepte. Vanuit een centrale commandopost, auto’s én rondvliegende helikopters wordt dit netwerk nauwgezet gemonitord. Richard: “Ooit bespeurde onze helikopter vanuit de lucht een rondreizend circus dat haar superlange tentpennen vervaarlijk dicht bij de gasleidingen in de grond sloeg. De helikopter landde naast de verbaasde circusmedewerkers en de collega’s van de Gasunie konden ter plekke erger voorkomen.” Werkkansen op alle technische niveaus Richard benadrukte dat er voor technici op alle niveaus enorme kansen liggen binnen de Gasunie. Als sprekend voorbeeld liet hij zien welk zwaar en verantwoordelijk werk de lassers doen van Gasunie. Richard: “Zij lassen de gasleidingen voor in de grond aan elkaar. Een minuscuul gaatje door een niet volwaardige las kan lekkage veroorzaken met potentieel rampzalige gevolgen. De eigen lassers van Gasunie zijn dé toppers in hun vak!” Maar er liggen nog veel meer werkkansen, ook voor technische mbo’ers. Of zoals Richard het letterlijk zei: “Van het controleren van een oliepeil tot en met het maken van ontwerpen in CADCAM.” En doorgroeien in technische functies bij de Gasunie? Daar was Richard zelf een sprekend voorbeeld van: “Ik heb in mijn technische werk met alle technische aspecten van de Gasunie kennis mogen maken.” Visie op geleidelijke energietransitie Uiteraard kwamen er veel vragen van de deelnemers over hoe Gasunie zich positioneert in de energietransitie. Immers ’van het gas af’ is al jarenlang een doel van de overheid. Richard: “Onze visie? Binnen de energietransitie blijft aardgas voorlopig nog een energiebron van betekenis. Daarnaast moeten er meer CO2-neutrale gassen komen. Op weg naar 2050 richt Gasunie zich op groen gas, waterstof, warmte met warmtenetten en afvang en opslag van CO2. Ook gaan we de energienetten voor gas en elektriciteit meer met elkaar laten samenwerken. Kortom, het wordt wat ons betreft en/en én langs de geleidelijk weg.” Hoofdkantoor: Organische architectuur De gastvrije ontvangst kreeg een korte en krachtige afronding met een rondleiding door een bijzondere pand van de Gasunie. Richard: “Het hoofdkantoor van de N.V. Nederlandse Gasunie in Groningen is gebouwd volgens de uitgangspunten van de 'organische architectuur'. De natuur is de voornaamste inspiratiebron van de architect. Het bouwwerk wordt als een derde huid gezien. Na de eigen huid en de tweede ‘huid’ van kleding, biedt een gebouw de mens een volgende beschermingslaag tegen de buitenwereld.” Dit humane ontwerp is bijzonder veel kracht bijgezet door in het ontwerp nergens een harde hoek van 90 graden toe te passen. Gasunie bedankt! Na de inleiding en de rondleiding verraste de Gasunie alle deelnemers aan de studiereis met een gave waterfles. Gasunie, bedank voor de gastvrijheid! MENU
- Projectdag Toptraject in lijn met doelen van STO Twente
b0edc8b3-da1b-4e4e-9364-4353fd14e1fc Projectdag Toptraject in lijn met doelen van STO Twente Toptraject leerlingen van klas 3 gtl van het Zone.college en Alma College beleefden in november een inspirerende dag. Zij bezochten Almelose bedrijven waarbij het accent vooral op technologie ligt. De leerlingen mochten kiezen uit vijf bedrijven in de buurt. Na de bezoeken namen zij deel aan een Projectdag op hun school om zelf ook vaardiger te worden met de in de bedrijven ontdekte technologie. Marieke Eissens, Docent Beeldende vorming, Coördinator Toptraject en STO, organiseerde samen met collega’s van het Zone.college deze Projectdag. Link tussen Toptraject en STO Twente Marieke houdt van plannen en organiseren: “Ik heb drie jaar les gegeven op het Saxion en die ervaring was voor Alma College aanleiding mij te vragen om het Toptraject op mij te nemen. Goed getimed, want ook het vmbo neemt deel aan het Toptraject en daar ligt de directe link met Sterk Techniekonderwijs.” Het Toptraject is een doorgaand leertraject (vmbo-mbo-hbo) voor ambitieuze en praktisch ingestelde vmbo'ers die via het mbo een hbo-diploma willen halen. Marieke: “De toegankelijkheid naar het (hoger) onderwijs krijgt hierin veel aandacht. Toptraject zorgt voor een goede aansluiting van vmbo naar mbo.” Toptraject: ook voor kaderleerlingen Marieke: “Het Toptraject wil vmbo-leerlingen de vereiste bagage meegeven om uiteindelijk op het hbo te kunnen studeren. Dit hebben we eerder vooral ontwikkeld voor de gemengde leerweg en de theoretische leerweg. Er loopt nu een pilot voor de kaderberoepsgerichte leerweg vanuit het Toptraject, want kansengelijkheid in het onderwijs is een belangrijk aandachtspunt. We geven de vmbo-leerlingen bepaalde vaardigheden en specifieke vakinhoudelijke kennis mee voor het mbo en hbo. Denk aan verdieping in taal, rekenen en wiskunde en vier vaardigheden zoals plannen, presenteren, abstract denken en zelfstandig werken.” Nu ook verdieping met technologie Marieke noemt specifiek de aandacht in dit traject voor technologie die aan de vaardigheden die zij zojuist noemde is toegevoegd: “Deze verdiepingen, inclusief nu ook technologie, zien we als de bouwstenen die in het eerste jaar vmbo, mbo en hbo aangeraakt worden. Er is speciaal een STO-werkgroep opgericht binnen Toptraject om een doorlopende technologische leerlijn te ontwikkelen.” Waarom technologie? Marieke: “Inhoudelijk voegen we technologie toe omdat we in alle beroepsgroepen steeds meer met technologie in aanraking komen, dat geldt nu ook al voor mbo- en hbo-studenten. Die ontwikkeling willen we in het Toptraject laten weerspiegelen.” Aftrap op één van beide scholen Elke Projectdag start met een aftrap. Marieke: “De ene keer vindt die middag plaats op het Zone.college en de andere keer op het Alma College. De samenwerking is heel goed en collegiaal. Het voordeel van de wisselende locaties voor de aftrap, is dat zowel de leerlingen als docenten bij elkaar over de vloer komen en zo beide scholen beter leren kennen.” Marieke: “Tijdens de meest recente projectdag kregen leerlingen uitleg over vijf verschillende projectthema’s: Kunst en Stopmotion, Media & Technologie, Taste Technology, Labtechnologie & Apotheek en Microscopie & de lens.” Via een digitaal systeem mochten de leerlingen hun favoriete themakeuzes maken en kwamen over het algemeen bij hun eerste of tweede keuze uit. Op excursie bij de bedrijven Na deze aftrapmiddag met uitleg gingen de leerlingen vervolgens op excursie bij de bedrijven met de bijbehorende thema’s, in groepjes van gemiddeld negen leerlingen. Bijvoorbeeld de leerlingen die kozen voor Kunst en Stopmotion bezochten het kunst- en techniekmuseum Oyfo in Hengelo. Mediatechnologie vond plaats bij een Almelose drukkerij, Taste & Technologie bestond uit een workshop op het Zone.college en een bezoek House off Skills in Almelo. De leerlingen voor labtechnologie bezochten een apotheek in Almelo en een opticien voor het thema Microscopie & de lens. “Vooral bedoeld om deze organisaties te verkennen én de beroepen daarbinnen die aan de genoemde thema’s gekoppeld zijn”, aldus Marieke. Verdieping op school Na de bezoeken namen de leerlingen op een andere dag deel aan een Projectdag op hun eigen school om zelf ook vaardiger te worden met de technologie die ze in de bedrijven ontdekt hadden.. Marieke: “Op die dag gaan zij op school zelf met de technologie aan de slag.” Een voorbeeld is de workshop op school die Marieke zelf gaf voor het thema Stopmotion: “Ik liet de leerlingen werken met de zogeheten ‘verderkijkdozen’. Dit zijn vernieuwende kijkdozen waarmee je samen met digitale middelen en creatieve materialen je eigen Mixed media kunstwerk maakt zoals met video en film. Eerst liet ik hen vaardig worden met de technologie zelf en daarna maakten ze zelf een Stopmotion filmpje.” En bijvoorbeeld de leerlingen die op bezoek waren geweest bij de drukkerij, maakten vervolgens op school zelf een magazine, met onder andere hoe je in een fotostudio werkt en een cover maakt. Drietrapsraket Marieke en de leerlingen kijken terug op een geslaagde Projectdag. Marieke: “De drietrapsraket met een aftrapmiddag, de bedrijfsbezoeken zelf én de Projectdag op school vormt een mooi totaalconcept.” MENU
- Belang van goed getimed exitgesprek
3b640bfd-3327-44cd-8e36-9ac12a9f9591 Belang van goed getimed exitgesprek Leerlingen op het vmbo interesseren voor techniek is een topprioriteit van STO Twente. Met die eenmaal gewekte interesse is het vervolgens dé uitdaging om hen ook op het mbo voor een technische vervolgopleiding te laten kiezen. Verslag van een vruchtbare discussie tussen twee directieleden van een mbo-opleiding uit de praktijk die hier praktische ideeën voor hebben én Tom Blaauwgeers, projectleider Sterk Techniekonderwijs regio Hengelo: “Het uiteindelijke doel is: de beste keuze en de beste plek voor de vmbo-leerling.” Jan Willem Aardema van Bouwschool Twente: “We zien nagenoeg geen uitval van vmbo-leerlingen die hier hun mbo-opleiding voor een bouwberoep volgen. Dat geeft aan hoe potentieel belangrijk deze doelgroep is.” Twentse jongeren technisch passend opleiden Leo Benneker is in het Techniekhuis Twente verantwoordelijk voor de installatietechnische opleidingen vanuit Opleidingsbedrijf Installatiewerk (IW). Jan Willem Aardema is dit vanuit Bouwschool Twente voor de bouwberoepen timmerman, metselaar en tegelzetter. Ook ROC van Twente is gehuisvest in het Techniekhuis Twente, evenals de Schildersvakopleiding Hengelo. Hun centrale insteek? Mbo-onderwijs en technisch bedrijfsleven onder één technisch goed uitgerust dak samenbrengen. Bedoeld om Twentse jongeren goed opgeleid en met vakdiploma’s voor te bereiden op de regionale economie. Gemêleerde toestroom Jan Willem Aardema: “De toestroombevordering van techniekleerlingen vanuit het vmbo naar het mbo is een grote uitdaging. Neem Bouwschool Twente in het Techniekhuis Twente. Dit schooljaar noteren we zo’n 60 nieuwe leerlingen, 25 meer dan verleden schooljaar. Op zich is dit goed nieuws. Echter, van die 60 leerlingen komen er 17 vanuit BWI uit de vijf toeleverende vmbo-scholen in ons verzorgingsgebied. 14 leerlingen van die 60 hebben een andersoortige vmbo-vooropleiding zoals administratie of zorg. De rest is zij-instroom, zoals afstromers uit mbo 4, afgebroken havo, andere werkervaring en zelfs hbo’ers die na een jaar stoppen met hun opleiding en alsnog voor de praktische mbo-3 route kiezen om in het technisch bedrijfsleven te komen. Dus van die 60 komen er 31 leerlingen (17+14) vanuit het vmbo, de rest kent een diverse achtergrond. Dat baart ons enigszins zorgen. Vroeger was vmbo-mbo dé koninklijke route en vanuit ons perspectief zien we dit kantelen.” Samenwerking vanuit STO Twente belangrijker dan ooit Leo Benneker: “PIE geeft ongeveer een gelijk beeld. Dit schooljaar hebben we bijna 20 leerlingen uit het vmbo, meer dan bij BWI. En ten opzichte van verleden jaar betekent dit een stijging van 12 leerlingen. Daar zijn ook wij blij mee. Circa 75% van de toestroom naar IW komt vanuit het vmbo, de rest is zij-instromer. Ook die verhouding kan beter, denk ik.” Tom Blaauwgeers: “Die getallen bewijzen dat onze nieuwe samenwerking vanuit STO Twente heel belangrijk en actueel is om die toestroom vanuit het vmbo naar het technisch mbo te intensiveren.” Eén-op-één met leerlingen in gesprek Jan Willem: “Dé absolute kernvraag: waarop zijn de keuzes van vmbo-leerlingen voor de techniek gebaseerd? Op basis van die informatie kunnen we wellicht iets kunnen bedenken om meer invloed uit te oefenen op de keuzes van leerlingen aan het eind van hun vmbo-periode. Mijn aanbeveling om dit te bereiken is om eerder met leerlingen BWI en ook PIE een persoonlijk en diepgaand exitgesprek te voeren. Die thermometer moet er veel meer in. Met als kernvraag waarop leerlingen gedurende hun vmbo-opleiding de keuze baseren om wel of niet voor de bouw, installatietechniek of schildersector te kiezen. Ik denk dat we daarvan heel veel kunnen leren.” Nog veel onbenut techniektalent Leo: “Ik heb nu ook twee TL-leerlingen, één bijvoorbeeld vanuit het groen, dus je ziet dat leerlingen uit alle richtingen instromen. Ook daar zit nog veel onbenut techniektalent. Veel leerlingen doen PIE en als ze eenmaal voor de keuze staan om hun vervolgopleiding te kiezen, zie je dat circa de helft een niet-techniekrichting kiest. Dat tij moeten we zien te keren. Inderdaad, tijdig met deze leerlingen op het vmbo in gesprek gaan, één-op-één, juich ik toe.” Jan Willem: “Ook ben ik heel benieuwd naar de rol van de ouders in dit keuzetraject.” Ook blijven monitoren op mbo Tom: “Op het vmbo worden er al veel gesprekken met leerlingen gevoerd ten aanzien van hun keuze voor een vervolgopleiding. Maar ook zie ik een goede gelegenheid voor dit soort gesprekken als zij eenmaal op het mbo zitten. De kernvraag in mijn ogen is dan: wat maakt nou dat je hier bent? Met als doel: de beste keuze en de beste plek voor de vmbo-leerling.” Leo: “99% van de vmbo-leerlingen die bij opleidingsbedrijf Installatiewerk (IW) instroomt behaalt zijn of haar diploma.” Jan Willem: “We zien nagenoeg geen uitval van vmbo-leerlingen die in het Techniekhuis Twente hun vervolgopleiding techniek doen. Dat geeft aan hoe potentieel belangrijk deze doelgroep is voor de technische sector.” MENU










