top of page

401 resultaten gevonden

  • Girls Day van De Waerdenborch biedt veel uitdaging voor gemotiveerde meiden

    d3231cc5-16c0-4067-ae32-611491e04117 Girls Day van De Waerdenborch biedt veel uitdaging voor gemotiveerde meiden Ietsje later dan de landelijke Girls’ Day vertrok op 3 juni een bus met enthousiaste meiden van De Waerdenborch Goor en Holten naar De Gieterij van ROC van Twente in Hengelo. Op het programma stond een carrousel met drie workshops, gegeven door mbo-docenten én ondersteund door leerlingen van De Gieterij. Opvallend was de rustige en geconcentreerde sfeer waarin de meiden aan de slag gingen met de drie workshops. Of, zoals één leerling het samenvatte: “Met alleen meiden iets technisch doen is ook weleens leuk.” Verhoogde motivatie door actieve deelname De 29 meiden uit leerjaar 1 vmbo werden verdeeld zodat ze de drie verschillende workshops in roulatie konden volgen: Elektrotechniek, Werktuigbouw/mechatronica en een kennismaking met het vak BWI in het naast De Gieterij gelegen Techniekhuis. De meiden werden begeleid door Ynske van der Meulen en Edwin Dangremond, beiden docent Natuur & Techniek. Maar ook Technolab beheerders Bram Bosch en Koen Vehof ondersteunden waar zij maar konden. Ynske: “Verleden jaar hebben we geïntroduceerd dat meiden zich actief moesten opgeven voor Girls’ Day en zo werkte het dit jaar opnieuw. Als resultaat zie je dan een verhoogde motivatie.” Workshop Elektrotechniek: solderen én stroom ontdekken Gert-Jan Fisscher is bij ROC van Twente docent aan het College voor Metaal, Elektro & Installatietechniek: “In onze workshop laten we de meiden elektrotechniek ontdekken. Ze solderen een digitale dobbelsteen, met een kleine, voorgeprogrammeerde processor. Deze stuurt de lampjes aan die de getallen (ogen) op de dobbelsteen vormen. Deze dobbelsteen is ontwikkeld door onze studenten en de meiden konden het resultaat van hun werk trots mee naar huis nemen.” Ook mochten de meiden aan de slag met schakelingen uit een gele koffer maken die speciaal ontworpen is door het ROC. Door middel van metalen handjes en een meidenkring werd er een levende stroomkring gemaakt. De opgetelde leerervaring volgens Gert-Jan? “Leren solderen en ook: wat is stroom? Wat is spanning? Over solderen gesproken: meiden hebben hiervoor een meer dan gemiddelde aanleg door een fijnere motoriek in onder andere de toppen van hun vingers, legt Gert-Jan uit. Student Ype is net afgestuurd voor technicus engineering aan ROC van Twente, met de focus op elektronica. Hij hielp de deelnemers aan de workshop. Ype: “Naast techniek is het ook heel leuk om zo aan kennisoverdracht te kunnen doen.” Workshop werktuigbouw/mechatronica De workshop werktuigbouw/mechatronica bood een mooie combinatie van metaal en elektra. Edwin Dangremond, docent N&T onderbouw op de Waerdenborch. “De leerlingen maakten in deze workshop een discolicht. Ze ontdekten heel praktisch werken met elektronica zoals een netsnoertje aansluiten met ook de bewerking strippen en een blokje aansluiten. Ook werktuigbouwtechnisch gingen ze aan de slag zoals met gaatjes aftekenen en die vervolgens boren.” Op school kregen de leerlingen hierop al een soort voorbereiding. Edwin: “Op De Waerdenborch zijn ze ook al bezig met dit soort bewerkingen, alleen met metaal werken ze nu tijdens deze Girls’ Day voor het eerst.” Ook Edwin viel de rustige aanpak en toewijding van de meiden op. Welk belang ziet Edwin van Girls’ Day? “Het biedt toch een wat laagdrempeligere gelegenheid om met techniek en technologie kennis te maken, je merkt veel saamhorigheid onder de deelnemende meiden.” Ook twee meiden van de havo! Twee meiden die deelnamen aan deze Girls’ Day zitten niet op het vmbo. Zij komen van de havo/vwo (leerjaar 1) van De Waerdenborch en volgen het vak Onderzoek & Ontwerpen (O&O) Zij hadden ook zin om mee te gaan en zij gingen enthousiast in op de uitnodiging van Ynske: “Er was plek voor hen over, dus waarom niet? Hoe meer meiden we voor techniek interesseren, hoe beter.” En deze twee leerlingen zelf? “Ook wij hebben belangstelling voor techniek. We zijn doeners en houden niet van stilzitten.” Kennismaken met het vak BWI in het Techniekhuis De workshop bij het Techniekhuis bestond uit twee delen. De leerlingen volgden eerst een puzzeltocht door het Techniekhuis met allerlei bouwgerichte vragen. Zoals: Waar dient een fundament voor? Of: Waarom draag je een helm op de bouw? Goed nieuws: de scores op deze vragen vielen heel hoog uit, met veel leerlingen die álle vragen goed hadden. Deel twee bestond uit meiden uit diverse leerjaren van de bouwopleiding in het Techniekhuis. Zij gaven uitleg aan de vmbo-girls over hoe je gebouwen via een computerprogramma leert ontwerpen. zoals een woning, bedrijfspand of bushalte. Kelsey Groot Roessink is middenkaderfunctionaris Bouw & Infra namens ROC van Twente in het Techniekhuis: “We wilden de meiden zo meegeven dat je in je functie in de bouw niet per se op de steigers in de uitvoering staat. Er is veel meer mogelijk.” Een eye opener voor veel meiden die denken dat je in de bouw per definitie bouwhandelingen uitvoert zoals zagen en metselen, met een helm op en in weer en wind. Kelsey: “Een gebouw digitaal ontwerpen is schoon werk waarin techniek en creativiteit heel mooi samenkomen.” Ideeën opgedaan voor eigen Technolabs Bram Bosch is beheerder van het Technolab van de Waerdenborch in Goor, en gedeeltelijk ook voor het Technolab in Holten, samen met Koen Vehof: “Dit is mijn eerste Girls’ Day en speciaal voor de gelegenheid heb ik mijn nagels gelakt! Ook voor mij is deze Girls’ Day heel inspirerend, ROC van Twente had echt haar best gedaan om mooie workshops te bedenken. Bijvoorbeeld de dobbelsteen die de leerlingen maakten in de workshop Elektrotechniek vind ik ook een perfecte opdracht om te integreren in onze Technolabs in Goor en Holten.” Bram vindt Girls’ Day een waardevol fenomeen: “De technieksector staat open voor jongens en meiden. Maar we zien nog wel steeds dat getalsmatig vooral mannen zich aanmelden voor techniek. Daarom vind ik het waardevol om een dag te blijven uittrekken om meiden te interesseren voor techniek.” Al met al een super geslaagde Girls’ Day Opgeteld? Uitdagende workshops, enthousiaste meiden, hulpvaardige docenten en studenten in De Gieterij én mooie werkstukken. MENU

  • Word jij onze nieuwe technisch instructeur met een PDC op zak?

    117cfa19-6359-479e-839a-cb8b80af497a Word jij onze nieuwe technisch instructeur met een PDC op zak? STO Twente biedt heel veel kansen aan vmbo-leerlingen en ook aan hun techniekdocenten. Maar wist je dat STO Twente ook de rode loper uitrolt voor (aankomend) technisch instructeurs die hun Pedagogisch-Didactisch Certificaat (PDC) willen halen? Behoor je tot die doelgroep of heb je die droom? Grijp nu je kans en begin in het najaar aan de studie waarmee jij in je onderwijsloopbaan het verschil gaat maken! Wat is een Pedagogisch-Didactisch Certificaat (PDC)? Een Pedagogisch-Didactisch Certificaat is een bewijs dat een (aankomend) instructeur pedagogisch en didactisch bekwaam is om praktijklessen te geven in het vmbo. Een leertraject waarbij je kennis en vaardigheden opdoet op het gebied van pedagogiek en didactiek. Je vakkennis heb je natuurlijk al, maar met het PDC leer je hoe je die kennis zo goed en aantrekkelijk mogelijk overbrengt op vmbo-leerlingen. Voor wie is het PDC onmisbaar? Ben je nu instructeur in het vmbo? Bij techniek of bij een andere afdeling? En wil je naar jouw ‘next level’? Dan sta je met het officiële PDC een stuk sterker in je job. Of misschien werk je al op een vmbo, bijvoorbeeld als onderwijsassistent, en wil je technisch instructeur worden door de opleiding te volgen. Ook dan is het PDC jouw springplank naar een mooie uitbouw van je loopbaan. Dan is er nog een derde groep die we ook graag prikkelen om hun PDC te behalen: technici die nu in een bedrijf werken en graag de stap naar het technisch vmbo-onderwijs willen maken als instructeur. Jouw start met het behalen van je PDC maakt je al direct extra gekwalificeerd én gewild. Wist je dat je met het PDC op zak ook kunt doorleren voor docent? Is de opleiding zwaar? Het tijdbeslag is goed te doen, geven eerdere deelnemers aan. Het gaat om circa 20 bijeenkomsten. Je volgt de opleiding samen met een groep gelijkgestemden. Je hebt pauzes, eet na elke les samen en bouwt daardoor support en contacten in het technisch onderwijs op. Je wisselt onderling kennis en ervaringen uit en ondersteunt elkaar bij het huiswerk. En wat de één niet weet, weet de ander altijd wel. Locatie, tijdbeslag en kosten Hogeschool Windesheim verzorgt de opleiding, waarschijnlijk op het C. T. Stork College in Hengelo. Dus in de regio, met relatief weinig reistijd. De lessen starten aan het eind van de middag en lopen door tot aan het begin van de avond. Ook eet je dus gezellig samen. De inbreuk op je normale werktijd is daarmee minimaal. En de kosten? 0 euro, want STO Twente neemt alle kosten voor het behalen van jouw PDC-certificaat voor haar rekening. · De start van de opleiding is afhankelijk van het aantal aanmeldingen, maar waarschijnlijk na de herfstvakantie 2025. · Wil je meedoen? Meld je dan aan voor 1 september zodat wij alles kunnen regelen. · Er volgt nog een informatiebijeenkomst voordat de opleiding begint. Wil je eens met iemand praten die het PDC al op zak heeft? Dat kan! Mail even met Marieke Rinket, programma manager STO Twente, en zij koppelt je aan een instructeur die graag al je vragen beantwoordt. Wat moet je werkgever doen? Uiteraard heb je de support van je werkgever nodig. Tien tegen één dat deze ook enthousiast is. Heeft je werkgever vragen over het PDC-traject? Ook die beantwoordt Marieke Rinket graag. Heb je vragen? Hier vind je meer info: www.windesheim.nl/opleidingen/deeltijd/cursus/pedagogisch-didactisch-certificaat-voor-instructeurs . Ook Marieke Rinket kan je verder helpen. marieke.rinket@stotwente.nl MENU

  • Technolab De Waerdenborch Goor combineert oude en nieuwe wereld

    7622c388-e522-45a7-b41d-e495362183b2 Technolab De Waerdenborch Goor combineert oude en nieuwe wereld Meerdere scholen binnen STO Twente hebben inmiddels een Technolab. Ook de vestiging van De Waerdenborch in Goor is trots op haar Technolab, in een goed werkbare fysieke combinatie met het Technieklokaal. Tot nu toe stond de vestiging van De Waerdenborch in Goor niet echt in de schijnwerpers van STO Twente. Daarom geven we onze STO-collega’s in Goor met hun Technolab/Technieklokaal met plezier een platform in onze nieuwsbrief! De beheerder maakt het verschil Een Technolab kan nog zó mooi zijn ingericht; het zijn de beheerders ervan die er hun ziel en zaligheid in leggen en voor de leerlingen echt het verschil maken. Neem Bram Bosch, de beheerder van het Technolab in Goor. Hij is bevlogen en ziet ook nog eens kans twee dagen per week het Technolab van De Waerdenborch in Holten te ondersteunen als beheerder, samen met de vaste beheerder hier, Koen Vehof. Van onderwijsassistent naar instructeur Hoe komt Bram eigenlijk in de wereld van Technolabs verzeild? “Ik ben eerder op een andere school in Enschede onderwijsassistent geweest, specifiek voor Zorg & Welzijn en HBR. Vorig jaar ben ik in die functie gestart op De Waerdenborch bij Natuur & Techniek en Zorg & Welzijn. Techniek gaat mij goed af en De Waerdenborch vroeg mij vervolgens om beheerder te worden van het Technolab in Goor. Naast techniek, kan ik hierin ook mijn liefde voor ICT kwijt. Daarom heb ik deze functie als instructeur volmondig aanvaard en inmiddels heb ik heel veel leuke ervaringen opgedaan.” Veelzijdigheid werkt inspirerend Bram ervaart dat hij heel veel van zichzelf in het Technolab kan leggen: “Vooral onze bewust gekozen combinatie van het Technolab vol met nieuwe technologie met ons al bestaande Technieklokaal spreekt mij enorm aan. Beide techniekwerelden, van boren in hout en metaal tot en met 3D printen komen hierin voor de leerlingen tastbaar, zichtbaar en werkbaar samen, en dat ook nog eens fysiek heel dicht bij elkaar. Geeft een docent vakles in het Technieklokaal? Dan vind ik op een natuurlijke wijze mijn rol, daarin de docent ondersteunend.” Nog meer integratie met vakkenpakketten Bram benadert het Technolab graag als een soort mediatheek: “Ik zie het beslist niet als een verzameling losse gadgets. Natuurlijk, ik ondersteun de leerlingen bij het gebruik van de technologie, zoals hoe je een 3D printer gebruikt. Maar tegelijkertijd heb ik de vrijheid om leuke activiteiten te bedenken voor de leerlingen om hen allerlei materialen te laten uittesten. Het is voor mij extra leuk om binnen deze vrijheid zelf aan de slag te kunnen als instructeur.” Een voorbeeld? De leerlingen in leerjaar 1 maken in het vak Natuur & Techniek onder andere een strandzeiler op miniformaat. Bram: “Daarin komen voor de leerlingen heel veel technieken samen zoals metaal- en hout- tot en met kunststofbewerking. Ook leren ze goed meten en monteren.” Bram pleit ervoor om de mogelijkheden van het Technolab nog meer te integreren in de vakkenpakketten: “Zoals bij Natuur & Techniek, daarbinnen zou de vaste plek van het Technolab nog beter kunnen en daar werken we momenteel aan.” Stevigere inzet op basisscholen Bram weet hoe belangrijk het is om de PO-scholen uit Goor in het Technolab te krijgen, in lijn met de doelen van STO Twente, maar dat is niet altijd zo gemakkelijk. Bram: “Volgend jaar gaan we hier nog meer energie in steken. De basisscholen zijn enthousiast, maar soms is het nog een uitdaging om hen over de drempel te krijgen voor het Technolab.” Bram vermoedt de oorzaak: “Basisscholen denken vaak dat er een heleboel werk bij komt als ze naar het Technolab komen, maar het is juist andersom; we nemen hen al het werk uit handen en regelen het bezoek tot in detail. Ook betekent hun komst met hun leerlingen naar ons Technolab dat ze een stuk efficiënter en meer inhoudelijk aan de verlangde inzet op W&T voldoen.” Op de uitkijk voor nieuwe technologieën Het Technolab in Goor biedt al veel technologieën, maar nieuwe technologieën zijn altijd welkom. Bram: “Ons collega-Technolab in Holten schafte onlangs een cobot aan, een robotarm, maar daar moeten we uiteraard zelf een lessenpakket bij maken. Pittig, maar je werkt dan meteen wel heel praktisch aan je eigen ontwikkeling, ook een doel van STO.” Bram sprak bij een bedrijf onlangs een oud-collega van zijn vorige school in Enschede: “Zij hebben inmiddels een pop-up podcaststudio in hun Technolab. Heel eigentijds, en leerlingen gebruiken hier technologie om ook iets concreet te maken, namelijk content! Deze technologie in ons Technolab kun je perfect koppelen aan vakken als Nederlands, Engels en Maatschappijleer. Je maakt dan geen opstel, maar leert een verhaal te vertellen achter een microfoon, ook goed voor de persoonlijke ontwikkeling van leerlingen. Plus het leren bewerken daarvan tot een kant-en-klare podcast. Dit past ook in de verbreding van het Technolab naar andere vakken, zoals ook STO graag ziet in de periode 2025 t/m 2028.” MENU

  • Landelijk STO webinar trekt belangrijke conclusies over AI in techniekonderwijs

    e63ca6b7-a604-4fb9-837e-560d4cbf185e Landelijk STO webinar trekt belangrijke conclusies over AI in techniekonderwijs Veel regio’s willen AI toepassen in hun techniekonderwijs, maar hoe? Een landelijk STO-webinar over de toepassing van AI belichtte het gebruik van AI van verschillende kanten, zoals ook de didactiek en het ict-beleid rond het gebruik van AI in de school. STO Twente nam inhoudelijk deel aan AI webinar Extra bijzonder: in het webinar kwamen ook betrokkenen bij STO Twente aan het woord! Te gast waren onder andere Ewout Warringa, docent BWI en ICT bij het Vechtdal College in Hardenberg en een frequente AI-adviseur binnen STO Twente. Evenals namen deel aan de discussietafel Marloes Spijkerman en Tamara Berentschot van het VR Expertteam van CSG Reggesteyn in Rijssen. Zij hebben ervaring met het gebruik van digitale tools in hun STO-onderwijs, maar ook met het enthousiast maken van docenten en leidinggevenden voor de toepassing van AI en met beleid rond het gebruik van AI. Samenvatting belangrijkste conclusies over AI in techniekonderwijs: Nu en straks · VR- en XR-brillen maken momenteel technologisch een enorme ontwikkeling door. Straks kun je tegen je bril praten en krijg je bruikbare informatie op grond van die vraag gepresenteerd in je bril. · De toekomstige werkgevers van onze vmbo-leerlingen werken inmiddels steeds meer met XR en VR. Lessituaties en leerdoelen · Probeer na het wegebben van de wow-factor van het gebruik van de nieuwe technologie, de interesse van leerlingen vasthouden door VR en XR daadwerkelijk in je curriculum in te bedden , gekoppeld aan concrete leerdoelen. Een goed voorbeeld? Via een speciale app kunnen leerlingen Z&W zelf ervaren hoe het is om een demente bejaarde te zijn. · XR en VR zijn een goed alternatief voor fysieke, externe lessituaties waarbij je niet met een grote groep leerlingen kunt komen opdagen zoals op een bouwplaats. · Het is lastig om álle leerlingen tegelijk met XR en VR aan de slag te laten gaan. Advies van Reggesteyn: ga met een klein groepje met XR en VR aan het werk , en laat de andere leerlingen een andersoortige opdracht uitvoeren. · Belangrijk: zoek niet een leerdoel bij je VR en XR, maar draai het om: selecteer eerst een specifiek leerdoel en zoek daar een bijpassende app en software bij. · Sta je nog aan de start? Begin klein en bouw uit op grond van je ervaringen. · Je kunt niet alleen als docenten enthousiast zijn; je hebt ook je directie nodig voor visie en de langdurige strategische inbedding van VR en XR in je school. Apps & ICT · Externe software voor XR en VR matcht vaak niet met specifieke leerdoelen. STO Twente geeft haar techniekdocenten nu de gelegenheid om via workshops zelf specifieke leeromgevingen voor VR en XR te ontwikkelen zoals een virtuele bouwplaats voor BWI. · Lukt het je intuïtief niet om je binnen 5 minuten een app voor VR of XR eigen te maken ? Laat die dan voor wat het is. · Voor probleemloos werkend XR en VR moet je sterk en stabiel wifi in je hele schoolgebouw organiseren. Vaak breekt de geslaagde toepassing van XR en VR af op slecht bereik en haperingen. · Veel software en apps voor XR en VR zijn in het Engels en dat kan lastig zijn voor de leerlingen. Besteed aandacht aan de Engelse begrippen voordat ze aan de slag gaan met XR en VR. Dan koppel je heel praktisch een Engelse les aan het vervolgens om leren gaan met een virtuele lessituatie. Opbrengsten · Onderzoek wijst uit dat door onderdompeling van leerlingen in XR en VR hun leerretentie stijgt , ook door de personalisatie van het leren. · XR en VR gebruik je niet om je ambachtelijke technieken eigen te maken, maar veel meer om de volgordelijkheid in technische en bouwprocessen te leren doorgronden , zoals het virtueel leren plaatsen van een keuken. VR Expertteam Marloes en Tamara hebben op CSG Reggesteyn een VR Expertteam opgericht. Dit telt bewust ook deelnemers van buiten de harde profielen zoals vanuit de AVO-vakken, vanuit de verbreding die STO in de periode 2025 t/m 2028 voorstaat. Op CSG Reggesteyn is bijvoorbeeld de muziekles via de app Maestro gekoppeld aan VR. Na de theorielessen over dirigeren volgt een interactieve en innovatieve afsluiting: een sessie met de VR-bril. Met behulp van de app ‘Maestro’ kunnen de leerlingen in een virtuele omgeving een orkest dirigeren. Of denk aan de koppeling met digitale geletterdheid. Een ander geslaagd idee is dat het VR Expertteam van CSG Reggesteyn ter introductie van XR en VR een event organiseerde waarbij de leerlingen zich laagdrempelig konden inschrijven voor workshops, georganiseerd door en op CSG Reggesteyn. Marloes en Tamara: “Met een eigen VR Expertteam kun je uren en faciliteiten vrijspelen om docenten daadwerkelijk te betrekken en samen met hen lessen te ontwikkelen. Uiteindelijk is het de taak van het VR Expertteam om hun specifieke kennis over te brengen op docenten, en ook de medewerkers van het Technolab, zodat het VR Expertteam uiteindelijk een ondersteunende rol krijgt.” MENU

  • De Sumpel bemiddelt graag tussen technisch vmbo en bedrijven in de mobiliteit

    7504d219-eab9-40ef-ae71-fb844c031195 De Sumpel bemiddelt graag tussen technisch vmbo en bedrijven in de mobiliteit Sinds vorig schooljaar is het keuzevak Autoschade en Spuiten als pilot succesvol ingevoerd, bijvoorbeeld Canisius Tubbergen is hier actief mee. Een geslaagd initiatief waarin twee schadeherstelbedrijven plus De Sumpel van ROC van Twente en brancheorganisatie OOC samenwerken. Aletta Bijsterveld is Manager Onderwijs Team Mobiliteit, College voor Bouw & Vervoer van De Sumpel in Almelo: “Graag wil ik de vmbo-scholen van STO Twente uitnodigen om een dergelijk keuzevak, samen met ons, ook op te zetten voor bedrijfswagentechniek en fietstechniek. ”Bedrijven willen hieraan graag meewerken.” Geslaagd keuzevak Autoschade en Spuiten Aletta blikt graag nog even terug op het nieuwe keuzevak Autoschade en Spuiten: “Ook De Sumpel sloot enthousiast aan, want wij bieden op mbo-niveau de vervolgopleiding voor autoschadehersteller en autospuiter. In goed overleg is alles doorgesproken en vastgelegd. Zoals: wat zijn de eindtermen? Waar moeten we met dit keuzevak allemaal aan voldoen? Maar ook noem ik graag het enthousiaste bedrijfsleven, want de deelnemende schadeherstelbedrijven zetten zich hier voor de volle 100% voor in. Zij willen hier veel voor doen.” Groei in aantal leerlingen Op 25 juni 2024 vond voor de eerste keer de afsluitende theorietoets plaats bij ROC van Twente, met ook een presentatie van alles wat de leerlingen hebben gedaan en geleerd. Hun werkstuk presenteerden zij aan hun ouders, met een officieel certificaat ter afronding. Aletta: “De meerwaarde hiervan is dat de leerlingen en hun ouders fysiek naar De Sumpel komen en alvast de mbo-sfeer in de praktijk proeven en daadwerkelijk zien welke opleidingen wij bieden in de mobiliteit. Dat werkt drempelverlagend voor vervolgkeuzes.” Aletta vermoedt dat het recent toenemend aantal studenten op De Sumpel voor Autoschade en Spuiten juist door het nieuwe keuzevak op het vmbo is gegroeid. Verbreden keuzevakken mobiliteit Aletta zou het toejuichen als dergelijke keuzevakken ook in het leven geroepen worden voor fietstechniek en bedrijfswagentechniek: “Die wens krijg ik van bedrijven uit de bedrijfswagentechniek, maar zal zeker ook binnen de branche voor fietstechniek spelen. Neem bedrijfswagentechniek: wij werken samen binnen het samenwerkingsverband genaamd de Truck Academy. Ook zij zijn heel gedreven en bijvoorbeeld inzetbaar voor gastlessen in het vmbo. Zij zien in dat hoe eerder je leerlingen in het vmbo warm laat lopen voor bedrijfswagentechniek, hoe groter de kans dat zij voor deze richting kiezen.” Goede contacten met techniekbedrijven Aletta geeft aan dat het team Mobiliteit een goed netwerk heeft van bedrijven in de fietstechniek en bedrijfswagentechniek: “Daarbinnen kunnen wij bedrijven en onderwijs op zowel persoonsniveau als inhoudelijk met elkaar koppelen. Vanuit deze goede en intensieve connecties met dealers van bedrijfswagens is door hen gevraagd of ik binnen STO Twente kan navragen of hier belangstelling voor is. Mochten scholen belangstelling hebben dan vervult De Sumpel hierin van harte de scharnierfunctie tussen deze bedrijven en de vmbo-scholen. Denk niet alleen aan het inhoudelijk helpen optuigen van een keuzevak, maar ook aan gastlessen en bedrijfsbezoeken.” Direct in contact met relevante beslissers Aletta: “We kunnen de persoonlijke contacten helpen leggen en de samenwerking voor ook deze nieuwe keuzevakken op gang helpen brengen. Daarmee komen de scholen direct in contact met de relevante beslissers in het bedrijfsleven. Dit bespaart hen veel uitzoekwerk en blijft hun vraag niet steken bij bijvoorbeeld een klantenservicebalie.” Wel benadrukt Aletta dat er onder het concreet uitvoeren van een deel van een keuzevak binnen De Sumpel een gedegen inhoudelijke en financiële onderbouwing van zowel STO als ROC van Twente moet liggen. Veelzijdige samenwerking met STO Twente Naast keuzevakken werkt De Sumpel ook op andere manieren samen met STO Twente. Aletta: “Dit jaar stelden we voor het eerst onze deuren open tijdens de STEL-dag georganiseerd vanuit de STO subregio Almelo eo. We mochten toen honderden vmbo-leerlingen ontvangen.” Ook noemt Aletta de al langer succesvol lopende samenwerking met CSG Reggesteyn in Rijssen: “Wij ontvangen hun vmbo-leerlingen Mobiliteit & T Transport op De Sumpel. Onze mbo-studenten leren deze leerlingen een aantal mobiliteitstechnieken. Tegelijkertijd past dit in de leerdoelen voor onze studenten waarbij ze leren presenteren en iets uitleggen aan een ander. Dat moeten ze later in hun werk ook kunnen toepassen. Dit jaar is er ook belangstelling om deze samenwerking en aanpak uit te breiden naar de opleiding Bedrijfswagentechniek en Schadeherstel en spuiten.” Ook TCC Potskampstraat Oldenzaal voerde inmiddels een keer een gezamenlijke onderwijsactiviteit uit met De Sumpel. Heeft jouw vmbo-school belangstelling voor samenwerking met De Sumpel? Neem dan gerust contact op met Aletta Bijsterveld, De Sumpel 4-6, 7606 JJ Almelo, a.bijsterveld@rocvantwente.nl . MENU

  • Twentse techniekdocenten leren XR brillen zelf programmeren

    0cec7c5a-8394-46a5-82e8-371eaa9253f4 Twentse techniekdocenten leren XR brillen zelf programmeren Bouwmensen Almelo is een actieve partner van STO Twente. Al geruime tijd past Bouwmensen Almelo XR-brillen succesvol toe in haar mbo-lessen. Robert Herman: “Niet voor praktische vaardigheden zoals leren zagen, maar vooral om virtueel de juiste volgorde in bouwhandelingen te leren, zoals met stelopdrachten. XR is voor de leerlingen een inspirerend alternatief voor de theorie uit een boekje.” Robert kwam vorig jaar op het idee om hun XR-ervaring via een serie workshops nu ook over te brengen op de STO-techniekdocenten van BWI: “De vmbo-docenten kunnen straks zelf hun digitale bouwplaats programmeren en hun leerlingen hierin aan het werk zetten.” Docent Simon Damink, docent BWI op het Alma College, is de kartrekker vanuit het vmbo. XR: vaste factor in beroepenveld Even voor de duidelijkheid: XR moeten we niet verwarren met VR, waarbij je door je bril niks meer van je eigen omgeving ziet. Een XR-bril heeft camera’s op de voorkant waardoor er educatieve ‘spelelementen’ in de bestaande lesomgeving verschijnen. Robert: “Een voorbeeld waarbij de brillen in het beroepenveld van BWI al gebruikt worden, is materiaal laten zien door middel van de bril. In de praktijk zie je dat bedrijven die opdrachten proberen binnen te halen maar al te graag aan de opdrachtgever willen laten zien wat ze aan techniek en materiaal allemaal in huis hebben. Meenemen is vaak niet mogelijk of erg kostbaar, daarvoor is een XR-bril een uitkomst. Daarom is het belangrijk deze techniek al in het technisch vmbo te onderwijzen, want de vmbo-leerlingen van nu gaan daar later in het beroepenveld gegarandeerd mee te maken krijgen. Maar ook in lessituaties is het heel praktisch, ook voor leerlingen die zonder enige bouwkennis instappen. Spelenderwijs leren ze bouwopdrachten in de goede volgorde uitvoeren.” Uniek: zelf leren programmeren In de workshops leren docenten van de twentse vmbo-scholen niet alleen hoe ze om moeten gaan met een XR-bril, maar ook (in de basis) hoe ze deze moeten programmeren en interactief kunnen maken. Bart Kok en Tim Moelard van Connec2, het softwarebedrijf uit Almelo dat de cursus bij Bouwmensen verzorgt, zijn gezamenlijk met de docenten een virtuele bouwplaats met materiaal aan het programmeren. Robert: “Wanneer deze klaar is, is het aan de BWI-leerlingen om de bouwplaats tijdens de les op school in te richten en een bouwopdracht daadwerkelijk met de juiste materialen en in de goede volgorde uit te voeren. De digitale bouwplaats is interactief, dus de voorwerpen die je met je bril ziet kun je oppakken en verplaatsen. Docenten kunnen door middel van een tv-scherm, of door zelf ook een bril op te zetten, meekijken.” Niet meer gebonden aan externe digitale lesomgevingen Robert: “Door hun nieuwe kennis via deze workshops zijn techniekdocenten niet meer gebonden aan in beton gegoten en vaak dure digitale lesomgevingen van externe partijen.” Iedere maand is er voor de twentse STO-docenten op vrijdag een workshop XR-brillen bij Bouwmensen in Almelo. Robert: “Vanuit onze eigen bouwachtergrond focust de workshops voornamelijk op BWI-docenten uit Twente die willen leren omgaan met een XR-bril.” Robert benadrukt dat inmiddels ook vanuit andere technische profielen dan BWI docenten aansluiten: “Het idee is naar een digitale BWI-bouwplaats toe te werken, als XR-lesomgeving, maar misschien passen we dit einddoel gaandeweg bij naar een ook voor de andere technische profielen bruikbare XR-lesomgeving.” Brede verspreiding kennis Robert: “Kennis die de twentse vmbo-docenten nu tijdens de workshops opdoen kunnen zij binnen hun eigen school doorgeven zodat XR-brillen ook bij andere lessen gebruikt kunnen worden.” Neem bijvoorbeeld Bjorn Klein Gunnewiek van het Technolab van TCC Potskampstaat in Oldenzaal. Hij doet met de workshops mee onder andere met het idee om zijn opgedane kennis vervolgens onder de techniekdocenten op TCC Potskampstraat te verspreiden. De serie workshops loopt zowel in het huidige schooljaar, vanaf september 2024, als in het aanstaande schooljaar 2025-2026. Met naar schatting één workshop per maand, een langdurig traject dus. Robert: “Begrijpelijk, want de docenten leren écht zelf een digitale lesomgeving programmeren, dus ‘onder de digitale motorkap’.” Meebewegen met ervaringen Wel houdt Robert de deur open voor inhoudelijke ontwikkelingen: “Het is een eerste pilot, dus wellicht gaan we de workshops in 2025-2026 verbreden of anders inrichten, op basis van de ervaringen die we nu opdoen. Misschien maken we een mix van fysieke en digitale workshops. We staan overal voor open op grond van de ervaringen die we nu opdoen.” MENU

  • Professionele lasfaciliteiten Alma College trekt leerlingen uit wijde omgeving

    da3a271a-72f2-4806-968c-7b8a0da979c0 Professionele lasfaciliteiten Alma College trekt leerlingen uit wijde omgeving Door STO Twente weten ook de vmboscholen in Almelo en omstreken SMEOT inmiddels goed te vinden voor het keuzedeel MIG/MAG lassen. De PIE-leerlingen leren bij SMEOT in een professionele omgeving de fijne kneepjes van het lasvak van ervaren instructeurs. Maar het kan ook andersom! Inmiddels komen instructeurs van SMEOT ook naar het Alma College voor het geven van het keuzedeel MIG/MAG lassen. Sterker nog: hier haken leerlingen van het Zone.college in één moeite door bij aan. Erik van Bunnik, docent PIE aan het Alma College: “Die flexibiliteit wordt mede mogelijk gemaakt door STO Twente.” Vijf splinternieuwe eersteklas lascabines Erik: “Wij beschikken inmiddels op de afdeling PIE bij het Alma College over vijf splinternieuwe eersteklas lascabines, met ook alle professionele apparaten en randapparatuur eromheen. Dus kwamen we met Hans Fokke van SMEOT tijdens hun netwerkdag in 2024 op het idee om onze leerlingen hier aan de slag te laten gaan, ondersteund door een instructeur van SMEOT. Dit scheelt de leerlingen heen en weer reizen naar Hengelo. Ook hoeven leerlingen van het Alma College niet meer naar het Noordik Vroomshoop voor het keuzedeel lassen.” Ook toestroom leerlingen Zone.college Het Alma College heeft dit keuzedeel MIG/MAG lassen inmiddels ingeroosterd op de woensdagmiddag. Erik: “Dit doen we al een tijdje succesvol voor alle technische keuzedelen waarbij de leerlingen naar de school gaan voor het keuzedeel waar hun interesse ligt. Het keuzedeel lassen valt hier nu ook onder. Dit komt goed uit, omdat we de vijf lascabines op de woensdagmiddag vrij hebben staan.” Met college Herman Scholten van het Zone.college heeft Erik wekelijks contact door het STO-project. Herman kreeg er lucht van dat de lascabines vrij stonden en zo ontstond voor de leerlingen dit mooie nieuwe initiatief. Erik: “Daardoor maken we het ook mogelijk voor leerlingen van het Zone.college om dit keuzedeel bij ons te komen volgen, daar zit momenteel een grote club die wil leren lassen. Hun opleiding richt zich op werken in de groene sector en lassen is dan vooral nodig voor reparaties van groenmachines. Die specifieke lasvaardigheden leren ze hier.” Op dit moment bestaat de groep uit acht leerlingen van het Zone.college en twee van het Alma College. Erik: “Zij hebben bewust en vanuit interesse voor dit keuzedeel MIG/MAG lassen gekozen.” In een nieuw schooljaar kunnen die aantallen uiteraard anders liggen. Hybride pool van techniekcollega’s De lasdocent van SMEOT die naar het Alma College komt is in principe een gepensioneerde lasinstructeur. Erik: “Deze instructeurs zijn weliswaar gepensioneerd, maar zitten in een hybride pool van techniekcollega’s. Zij hebben lang gewerkt in de wereld van metaal of mechatronica en hebben veel verstand van lassen. Zij komen met veel plezier de jeugd van Almelo en omstreken de fijne kneepjes van het lassen bijbrengen.” Erik benadrukt dat het bij deze leerlingen uit leerjaar 3 en 4 niet alleen om de lastechniek zelf draait: “Het gaat ook om vertrouwen kweken bij deze jonge leerlingen. We hebben ze eerst ontvangen, rondgeleid in de techniekhal, ook bij M&T en BWI, en laten hen zien waar de kantine is om hun broodje en drinken te kunnen halen. En ook waar de toiletten zijn en waar ze de jassen en tassen veilig achterlaten. Ook die randvoorwaarden om vertrouwen en rust te krijgen zijn belangrijk als je leerlingen vanuit een andere vmboschool binnen krijgt. We kregen van leerlingen dan ook terug: ‘Donders mooi in orde op het Alma College!’ Dat is toch heel leuk om te horen.” Goede intercollegiale samenwerking Ook rooster-technisch is de samenwerking goed doordacht. Erik: “De collega van het Zone.college geeft de ene week les aan klas drie, en dan komt klas vier hier. De week daarop draaien we dit om. Daardoor past alles rooster-technisch goed in elkaar. Nog een voordeel: de ene week krijgen de leerlingen goede detailtips voor lassen van SMEOT en de week daarop gaan ze daarmee in hun eigen school, onder begeleiding van hun eigen docent, aan de slag. De instructeur van SMEOT en de PIE-docent van het Zone.college, en uiteraard Alma College, hebben hierover onderling goed overleg.”’ Trots op lasfaciliteiten Erik en zijn collega’s zijn trots op de vijf professionele, ruime en lichte lascabines. Erik: “We hebben nu ook alle ondersteunende apparatuur en tools daaromheen goed op orde. Het feitelijke lassen is één handeling, maar in de voorbereiding moeten de leerlingen ook heel veel leren. Zoals schoonslijpen, leren aftekenen en het inspannen van het werkstuk, en het omgaan met een kolomboormachine. Dit alles bieden we hier nu compleet aan.” Goede push door STO Twente Erik benadrukt dat STO Twente een goede push aan dit soort samenwerkingen geeft: “Vier jaar geleden was een dergelijke samenwerking tussen vmbo-scholen en bedrijfsvakscholen ondenkbaar. Door STO Twente ontmoeten we elkaar onder andere in STO Cafés en tijdens studiereizen. Daardoor kijken we over de grenzen heen, leren andere scholen, en onder andere SMEOT, beter kennen. Dan ontstaat er vertrouwen in elkaar om dit soort samenwerkingen voor de lange termijn goed van de grond te tillen.” MENU

  • Eisen aan jonge monteur installatietechniek nemen rap toe

    78f8a93b-b386-42a8-82b5-3a1937ba0312 Eisen aan jonge monteur installatietechniek nemen rap toe De regio Almelo e.o. versterkt voortdurend de banden met de techniekbedrijven waar zij mee samenwerkt. Hoe? Door er met een groep geïnteresseerde docenten op bezoek te gaan, vragen te stellen en de behoefte te peilen als het aankomt op vmbo-leerlingen techniek. Het thema van deze bezoeken luidt: ‘Onderwijs meets Bedrijfsleven’. Meer inzicht in installatietechniek In mei bezocht een enthousiaste groep docenten in één middag twee bedrijven in Almelo: ColPro en Engberink Technische Installaties, fysiek pal naast elkaar gelegen en ook samenwerkend op projecten. Docenten Hans de Groot en Erwin Geerdink hadden de organisatie prima voor elkaar. Hans en Erwin: “Het doel van de deelnemende docenten is om meer inzicht te krijgen in de installatietechniek en de mogelijkheden voor onze leerlingen in dit vakgebied. Dit beeld werd ook praktisch nog eens versterkt door de rondleidingen door ColPro en Engberink Technische Installaties.” Belangrijk om te melden is dat deze bijeenkomst samen met Innovatiehub Almelo werd georganiseerd, een voor STO Amelo e.o. belangrijke samenwerkingspartner én soepele schakel naar de techniekbedrijven in de regio. Inspirerende mix van presentaties De bijeenkomst vormde een inspirerende mix van presentaties door uiteraard Engberink en ColPro, maar ook door REMO en SMEOT. Engberink en ColPro benadrukten de vele mogelijkheden die zij technische mbo’ers bieden op niveau 2, 3 en 4. Bijvoorbeeld bij Engberink kun je dan denken aan functies als service- en onderhoudsmonteur, monteur werktuigbouwkunde maar ook kantoorfuncties zoals werkvoorbereider. REMO stipte nog eens aan dat haar eigen PIE-lokaal in de Kampus openstaat voor gebruik door álle Twentse vmbo-scholen. SMEOT benadrukte haar rol al BBL-opleider voor Metaal, Mechatronica en Verspaning. Eisen aan monteur installatietechniek nemen rap toe Interessant was de discussie tussen de deelnemende bedrijven en docenten. De kern? De rol en het belang van de installateur nemen door de energietransitie alleen maar toe. Gebouwen worden slimmer en moeten voldoen aan hogere duurzaamheidsnormen. Dit doet de vraag naar monteurs met kennis van W, E én ICT alleen maar groeien. Of, zoals Willem-Jan Fikken van Engberink het treffend formuleert: “Een monteur moet veel breder inzetbaar zijn en verstand hebben van elektrotechniek, werktuigbouwkundige installaties en ook een stukje loodgieterswerk.” Echter, dit betekent dat een monteur, en dat start al op het technisch vmbo, naast de harde techniek zich ook moet ontwikkelen op de ‘zachte’ factoren zoals flexibiliteit, probleemoplossend vermogen, zelfstandigheid en communicatieve vaardigheden. Interesseren voor installatietechniek? Een behoorlijke uitdaging Tegelijkertijd is het een behoorlijke uitdaging om de jeugd op het vmbo uit te leggen hoe mooi dit vak is en hoeveel kansen het biedt. De reden? Installatietechniek laat zich vaak moeilijk zien, het is veelal weggewerkt in gebouwen werkzaam. Terwijl het tegelijkertijd cruciaal is voor ons dagelijkse leven. Die relatieve ‘onzichtbaarheid’ voor jongeren doet juist het belang van samenwerking tussen het technisch vmbo en het installatietechnisch bedrijfsleven toenemen. Want tijdens (snuffel)stages, workhops, gastlessen en meer zijn het juist de bedrijven die écht kunnen laten zien hoe installatietechniek werkt! Zowel ColPro als Engberink gaf aan de samenwerking op deze vlakken met STO Almelo e.o. volledig te willen ontplooien, een mooi signaal! Na de rondleiding bij ColPro en Engberink werd er in het werkcafé afgesloten met een hapje en drankje. MENU

  • Lekker aan de slag tijdens geslaagde Techniek Carrousel Rijssen Holten

    51ed23cb-3703-4088-8b6a-d8bed2f94a61 Lekker aan de slag tijdens geslaagde Techniek Carrousel Rijssen Holten STO Rijssen-Holten nodigde in mei alle derdejaars tl-leerlingen in hun regio uit om deel te nemen aan de Techniek Carrousel. Op 14 mei waren de leerlingen van de Fruytier en de Waerdenborch welkom, en op 21 mei was het de beurt aan de tl-leerlingen van Reggesteyn en Pius X. Wat hen wachtte? Spannende workshops waarin ze direct zelf aan de slag mochten! Heerlijk, lekker zelf praktisch dóen Mirjam ten Brinke is decaan voor CSG Reggesteyn in Rijssen-Nijverdal en zorgde samen met haar onderwijscollega’s voor de organisatie: “Hoe gaaf is het voor tl-leerlingen om een ochtendje lekker praktisch aan de slag te kunnen? En ondertussen te ontdekken wat techniek hen allemaal te bieden heeft? Tijdens de Techniek Carrousel konden zij deelnemen aan leuke workshops op meerdere locaties. Vooraf hadden zij een flyer ontvangen met alle workshops en mochten zij hun favoriete top 3 doorgeven. Daar hebben we bij de daadwerkelijke toewijzing zo goed mogelijk rekening mee gehouden.” Ook veel docenten van de leerlingen kwamen mee en deden enthousiast met de workshops mee. Van hout tot zand! Welke workshops er waren? Bij Bouwmensen op de Kampus in Rijssen maakten de leerlingen onder begeleiding een houten insectenhotel. De handelingen die zij leerden waren boren, zagen en schroeven. Bij de workshop Infratechniek bij InfraVak Holten mochten de leerlingen in de praktijkhal lekker zelf aan de slag in de grond- en wegenbouw met professionele hulp van instructeurs. Al doende ontdekten zij wat er allemaal komt kijken bij het aanleggen van straten en rioleringen en het uitzetten van verschillende hoogtes en het besturen van een graafmachine. Van een lamp en logistiek tot en met slim bouwen Populair was ook de workshop TechLight bij REMO in de Kampus. In deze workshop leerden de leerlingen stap-voor-stap hoe je zelf een lampje maakt, met vooral het werken met metaal zoals buigen en vijlen. Daarna leerden zij hoe zij draden aan elkaar maken zodat het lampje écht gaat branden. Ook Opleidingscentrum Transport & Logistiek Rijssen-Holten (OT&L), gesitueerd vlakbij de Kampus, deed haar deuren gastvrij open voor de leerlingen. In hun gevarieerde workshop namen de leerlingen een kijkje in de wereld van Transport en Logistiek met een VR-Bril. Ze ontdekten de meest efficiënte manier van kratjes stapelen, een rijroute uitstippelen door Nederland én konden de binnenkant van een echte vrachtwagen bekijken. Bij de workshop Smart Building ontdekten de leerlingen hoe gebouwen worden bedacht én gebouwd. Zij leerden al doende hoe bouw, elektra en installaties samenwerken in een gebouw. Eveneens maakten de leerlingen kennis met gave, nieuwe technieken die nu al in de praktijk worden gebruikt. Enkele reacties van enthousiaste leerlingen: “Wow, ik hield voor het eerst een boor vast!” “Mijn zelfgemaakte lamp verberg ik thuis tot Vaderdag” “Het was super gaaf om in de truck te mogen zitten. Later voor mijn werk op een truck rijden wil ik misschien ook.” “Ik wist niet dat er achter muren en in plafonds in gebouwen zóveel draden liepen!” Al met al een geslaagd evenement Mirjam ten Brinke kijkt terug op twee geslaagde dagen voor de Techniek Carrousel: “Het verliep allemaal heel vlotjes, met bussen die de leerlingen heen-en-weer vervoerden. Het mooie weer zat mee en de leerlingen hadden er echt zin in. Op 14 mei ontvingen we circa 200 tl-leerlingen en op 21 mei ook nog eens 200 leerlingen, al met al een hoog aantal. We hopen hen voor techniek te hebben geïnspireerd bij hun profielkeuze.” MENU

  • Ambachtelijke technieken en digitale wereld ontmoeten elkaar

    f6a00f90-cad0-4018-be7e-2f2b19752f6d Ambachtelijke technieken en digitale wereld ontmoeten elkaar C. T. Stork College en SMEOT sloegen de handen ineen met het Museum Hengelo. Circa 380 leerlingen uit groep 7 en 8 van acht basisscholen gingen tussen 19 mei en 11 juni aan de slag vanuit het museumthema ‘Beroepen: toen, nu en straks’. De insteek? Basisschoolleerlingen eigenhandig kennis laten maken met zowel oude als nieuwe beroepen en technieken. Leuk om te zien was dat zowel bij de ambachtelijke als digitale bewerkingen bij veel leerlingen het puntje van de tong uit de mond stak van concentratie. Voorafgaand aan de praktijkopdrachten ontvingen de basisscholen ter voorbereiding kant-en-klaar lesmateriaal. Je weg vinden in een snel veranderende technische wereld Eudard Moen is Hoofd Educatie van Museum Hengelo: “In vroegere tijden werd alles met de hand en eenvoudige gereedschappen gedaan. Bijvoorbeeld een timmerman werkte met zaag, hamer en schaaf. Het was ambachtelijk werk. Nu zijn er machines, robots en cobots die het routinewerk overnemen, sneller zijn en minder fouten maken. Zelfs het nadenken wordt overgenomen door AI. Die permanente veranderingen in vooral technische beroepen is ook ingrijpend voor basisschoolleerlingen die na het vmbo een beroepsopleiding kiezen. In het project ‘Beroepen: toen, nu en straks’ nemen we de leerlingen mee op reis om zelf te ervaren hoe het werken vroeger ging, hoe het nu gaat en wat hen te wachten staat in de toekomst. Ze leren dat ook zij specifieke eigenschappen en technische vaardigheden kunnen ontwikkelen om zich te handhaven in een steeds (sneller) veranderende wereld.” Astrid Plaggenmars is leerkracht groep 8 op basisschool IKC De Hunenborg: “Wij vinden het heel belangrijk om onze leerlingen zowel ambachtelijke als moderne technieken te laten ervaren voor hun beeldvorming. Voorafgaand aan het bezoek aan C.T. Stork College hebben we een voorbereidende les gegeven in de klas, inclusief video, dat werd allemaal netjes aangereikt.” Drie soorten werkstukken maken De lessen onder de vlag van ‘Beroepen: toen, nu en straks’ over de ontwikkeling van het ambacht tot moderne beroepsuitoefening zetten de leerlingen ambachtelijk én modern-industrieel aan het werk. Het museum vond het C.T. Stork College en het SMEOT bereid om deze praktijkervaring te organiseren. De basisschool leerlingen gingen verspreid over enkele weken in 17 groepen aan de slag met praktische opdrachten bij zowel SMEOT als de afdelingen PIE en BWI bij C.T. Stork College. Deze praktijkervaring was een aanvulling op de video-introductie van het ambachtelijk werken op school en een met een PowerPoint-presentatie geleid leergesprek met de leerlingen. Bij SMEOT maakten zij een ventilatortje op zonne-energie en ontdekten de leerlingen de handelingen, gereedschappen en machines die hiervoor in de metaalbewerking nodig zijn. Bij Produceren, Installeren & Energie (PIE) maakten de leerlingen een klokje op een plastic ondergrond . De facetten van metaalbewerking die hiervoor nodig zijn kregen ze letterlijk in de vingers, maar dan met plastic. Een veel zachter, en daardoor veiliger en makkelijker verwerkbaar materiaal. De leerlingen bij PIE maakten ook een pennenhouder door zelf te lassen. Ook hebben zij de moderne variant van lassen geoefend middels de virtuele lassimulator. Bij Bouwen, Wonen en Interieur (BWI) maakten de leerlingen een houten pennenhouder . Specifiek hiervoor kwam het complete spectrum van bewerkingen aan bod. Van puur handmatige houtbewerkingen zoals boren, lijmen en nieten tot en met het zelf maken van een profiel met een digitaal aangestuurde tafelfrees, een logo in het hout branden met een lasersnijder, hun naam uit een stickervel met een snijplotter snijden en een kennismaking met de virtuele spuitcabine bij BWI met een VR-bril op. Leuk om te zien was dat zowel bij de ambachtelijke als digitale handelingen bij veel leerlingen het puntje van de tong uit de mond stak. Nieuwe inzichten voor jeugd Geffrey Buld, instructeur techniek en BWI: “Je merkt dat deze jonge leerlingen nog niet goed weten wat al onze moderne machines en technologie inhouden. Ze komen er hier eigenhandig achter hoe deze machines het zware werk verlichten. Ondanks dat ze er misschien wat angst voor hebben door hun onwennigheid zie je dat ze het toch heel snel oppakken. Dat is het mooie van de jeugd, ze gaan ook door deze soort lessen inzien dat techniek en technologie hen best wel kan helpen in hun leven. Bijzonder om te zien dat dit besef door dit soort initiatieven bij hen groeit.” Tot slot noemt Geffrey nog een ander belangrijk voordeel: “Niet al deze basisschoolleerlingen gaan naar het vmbo. Geen probleem, want ook op andere niveaus hebben we steeds meer mensen nodig die met hun handen kunnen werken, zoals havisten!” MENU

Zoek

bottom of page