top of page

401 resultaten gevonden

  • Pius X College Rijssen haakt in volle vaart aan bij STO Twente met focus op digitale geletterdheid

    79e23c94-d8a3-49e1-b303-24997d8660f7 Pius X College Rijssen haakt in volle vaart aan bij STO Twente met focus op digitale geletterdheid Pius X College Rijssen haakt actief aan bij STO Twente voor de periode 2025 t/m 2028. De specifieke insteek die Pius X College hierbij kiest is digitale geletterdheid. Dirk Nolte is de bevlogen en actieve techniekdocent én zij-instromer: “Ik ben heel hands-on, benoem uitdagingen en werk concreet en projectmatig naar een praktisch eindresultaat toe. Praten is okay, maar je moet je plannen ook gericht naar de praktijk vertalen. Soms mis ik dat in het onderwijs.” Gemotiveerde zij-instromer Dirk werkte eerder in de grafische en metaalsector en is zowel op het werk als thuis altijd met techniek bezig: “Ik heb een oldtimer MGA uit 1960 gerestaureerd, volgde smeedcursussen en ben vrijwillige brandweerman. Ook heb ik veel met de jeugd en ben ik coach van het damesteam hockey van mijn dochter.” In 2019 stapte Dirk over naar het onderwijs als Technisch Onderwijs Assistent (TOA): “In 2019/2020 rondde ik de TOA-opleiding af en haalde ik mijn instructeursdiploma. Vervolgens vroeg de school of ik voor de klas wilde staan als techniekdocent, stond ik inderdaad een jaar voor de klas om het te ervaren en rondde ik voor de recente herfstvakantie mijn opleiding tot tweedegraads PIE docent af.” Inmiddels staat Dirk als techniek brede docent voor de klas. Alsof Dirk niet druk genoeg is, werkt hij ook als mentor, samen met zijn collega van Beeldende Vorming. Advies voor mogelijke zij-instromers techniek Dirk is op Pius X College Rijssen nu aan het werk als techniekdocent voor de onderbouw voor zowel mavo en havo als vwo: “Onze school heeft STO-gelden gekregen voor de techniekprofielen en de andere leerlingen hebben daar natuurlijk ook voordeel van.” Binnenkort start Dirk zijn opleiding voor tweedegraads scheikundedocent: “Tien jaar geleden had ik niet kunnen drómen nu techniekdocent en mentor te zijn. Wat ik andere technici wil zeggen die ook zij-instromer willen worden, maar nog twijfelen? Het is minder moeilijk en zwaar om met leerlingen om te gaan dan menigeen denkt. Met humor, een bepaalde lichtvoetigheid én echte interesse in je leerlingen kom je in een heel mooi vak terecht.” Praktische en projectmatige aanpak Dirk heeft een heldere benadering voor techniekonderwijs: “Ik ben heel hands on, benoem uitdagingen en werk concreet en projectmatig naar een praktisch eindresultaat toe. Praten is okay, maar je moet je plannen ook gericht naar de praktijk vertalen. Soms mis ik dat in het onderwijs. Dat projectmatige werken heb ik geleerd in mijn tijd in het bedrijfsleven. Een STO-project zie ik in feite als een bedrijfsmatige order. Wat heb ik nodig? Hoe kom ik daar en wie heb ik nodig? Dit betekent bijvoorbeeld ook dat ik voor STO-projecten heel gericht begrotingen maak, offertes aanvraag en scherp ben op de inkoop. Daarbij stel ik altijd de vraag: hebben we dit voor ons STO-project écht nodig? In het bedrijfsleven was ik daar ook scherp op. Met die bedrijfsmatige en projectmatige aanpak kunnen we heel veel geld besparen. Daar komt bij: je werkt dan altijd met een onderbouwde aanpak die je goed kan presenteren aan de directie.” Upgraden technieklokaal naar Technolab Het Technieklokaal van Dirk wordt momenteel met geld van STO Twente aangepast: “Ook dit project vlieg ik projectmatig aan. Daarmee timmer je vooraf alles netjes dicht en weet iedereen waar we het over hebben. Zo voorkom je de reflex in het onderwijs dat de financiën voor een project achteraf op tafel komen.” Het huidige technieklokaal krijgt een upgrade naar een Technolab. Dirk: “Op de donderdag willen we dit vernieuwde lokaal uitroosteren voor specifiek de functie van Technolab.” Dirk laat bijvoorbeeld de tafels aanpassen zodat de robotjes er niet afvallen en laat een grote, praktische techniekkast maken waarin hij alle techniekmaterialen netjes kan wegzetten: “De inspiratie hiervoor deed ik op bij CSG Reggesteyn. Al deze aanpassingen, en nog meer, heb ik dankzij STO Twente kunnen financieren.” Dirk werkt nauw samen met zijn collega Jesse. Hij is docent D&P en de feitelijke beheerder van het Technolab: “Jesse is wat jonger en helemaal opgegroeid met VR en digitale informatica.” Focus op digitale geletterdheid Dirk en zijn collega’s en de directie hebben goed nagedacht over de specifieke educatieve insteek voor het Technolab: “Pius X College kiest hierbij bewust voor de focus op digitale geletterdheid. Denk aan VR, 3D printen, laser snijden en een stukje programmeren zoals voor robots. In het Technolab zijn de leerlingen bijvoorbeeld nu al aan de slag met Dash robotjes vanuit het gesubsidieerde project RobotWise. Hiermee leren ze kleine robotjes programmeren om bepaalde routes af te leggen. We houden natuurlijk ook aandacht voor de oudere technieken, maar proberen deze te vertalen naar en te koppelen aan nieuwe technologie. Bijvoorbeeld de bestaande soldeertafel behoudt gewoon zijn vertrouwde functie in het Technolab.” Ook is Dirk projectleider van twee STO-projectgroepen: “We willen volop inzetten op het maken van specifieke lesprogramma’s voor techniek en technologie. Het idee is om deze lessen in een Teams-omgeving te plaatsen zodat alle STO-scholen binnen de subregio Rijssen – Holten hier centraal uit kunnen putten. Neem de Waerdenborch en CSG Reggesteyn; die hebben al veel ervaring met VR en Pius X Rijssen zou daar dan uit kunnen putten.” Prikkelen en stimuleren Tot slot heeft Dirk een filosofie: “Je kunt niet álle leerlingen alles leren over nieuwe technologie, maar je kunt hen wel zelf laten ervaren wat er wat dat betreft allemaal op hun pad komt. Daarbij prikkelen we hen ook om zelf toepassingen te bedenken, zoals voor het programmeren van drones. We beschikken nu zelfs over drones met een thermocamera. Wat kun je daarmee in je latere werkleven doen? Die inspiratie en dat prikkelen tot nadenken via praktijkopdrachten over technologie kunnen we de leerlingen in ons vernieuwde Technolab bieden.” MENU

  • Bedrijfsleven meets onderwijs

    2feac0c2-99e1-479f-b1fc-31aaea86d575 Bedrijfsleven meets onderwijs Het Alma College werkt veel samen met bedrijven voor de techniekprofielen. Vanuit die bedrijven kwam het verzoek om eens echt ín de lessen te mogen komen kijken. Ook bedrijven zijn namelijk benieuwd hoe het op het vmbo werkt in een concrete lessituatie, zoals bij PIE, BWI en M&T. Daar kunnen ze van leren, is hun insteek, voor bijvoorbeeld nog betere keuzevakken, bedrijfsbezoeken en (snuffel)stages. Dus organiseerde het Alma College de eerste in een serie ‘Bedrijfsleven meets onderwijs’! Oprecht benieuwd naar belevingswereld vmbo-leerlingen De bedrijven zijn benieuwd naar de concrete opdrachten die de vmbo-leerlingen uitvoeren en welke lesstof daaraan is gekoppeld, legt Erik van Bunnik uit. Hij organiseerde dit eerste bezoek samen met zijn collega Kirsten Lejeune: “Naast de inhoudelijke kant van het profielonderwijs wilden ze ook graag gewoon eens sfeer komen proeven. Het gaat om bedrijven die vaak ook onze stagiaires ontvangen. Soms worstelen ze met de vraag hoe je tegenwoordig met deze leerlingen omgaat. Wat beweegt hen? Hoe spreek je hen aan?” Marleen Peddemors van Canisius Tubbergen is de kartrekker voor de bedrijven in de regio namens STO Almelo eo. Erik: “Zij heeft aangegeven welke bedrijven we voor deze eerste editie van ‘Bedrijfsleven meets onderwijs’ zouden kunnen uitnodigen. Heel laagdrempelig: dus kom eens bij alle profielen kijken, ook de technische, als de leerlingen gewoon aan het werk zijn met hun instructeurs en docenten.” In gesprek met de leerlingen De eerste lichting bedrijven die op bezoek kwam telde 12 gemotiveerde bedrijven. Zij zijn al aangehaakt en betrokken bij Sterk Techniekonderwijs, bijvoorbeeld met keuzevakken, workshops, bedrijfscarrousels en masterclasses. Erik: “In twee groepen hebben de bedrijven alle acht profielen op het Alma College ín de klas of het praktijklokaal bezocht. We hebben in het kort uitgelegd wat de profielen inhouden en wat er gedaan wordt. Leuk was om te zien dat de geïnteresseerde vertegenwoordigers van de bedrijven ook daadwerkelijk met de leerlingen in gesprek gingen. Met vragen als: waarom koos je bijvoorbeeld voor BWI? Wat vind je leuk aan dit profiel en ook: wat voor een werkstuk ben je nu precies aan het maken?” Bijzonder om te zien was dat de leerlingen benieuwd waren naar het hoe en waarom van de bedrijfsbezoeken en open en eerlijk vertelden over hun motieven, lessen, werkstukken én toekomstdromen, benadrukt Erik. Ontspannen en constructieve sfeer Erik geeft een voorbeeld: “Bij BWI waren de leerlingen een steiger aan het opbouwen. De mensen uit het bedrijfsleven waren positief verrast over het hoge praktische gehalte van wat de leerlingen bij onder andere het profiel BWI leren.” Een nieuw inzicht voor de bedrijven was dat vmbo-leerlingen het beste gedijen als ze de kans krijgen een nieuwe vaardigheid, zoals een steiger bouwen, stap-voor-stap kunnen ontdekken: “Ze zagen in dat je het beste uit vmbo-leerlingen haalt door een opdracht sámen met hen op te pakken, hen rustig te bevragen waarom ze bepaalde keuzes maken in een leerproces, en hen niet als een politieagent te benaderen.” De bedrijven concludeerden dat er tijdens de lessen veel rust was en de leerlingen goed geïnstrueerd waren, met hun eigen ‘ding’ bezig waren en ruimte voelden voor eigen initiatief. Dit alles in een ontspannen sfeer. Erik: “Dat specifieke inzicht kan de bedrijven weer helpen als ze deze leerlingen over de vloer krijgen voor een keuzevak, stage of bedrijfsbezoek, of als zij bij ons op school een gastles geven.” Ook meer verbinding tussen de bedrijven Uiteraard konden de bedrijven onderling in gesprek over hun ervaringen en verwachtingen. Hoewel de bedrijven ’s morgens apart van elkaar binnenkwamen, elkaar wel of niet kennend, liepen ze allemaal pratend met elkaar de school weer uit. Erik: “Het bezoek aan onze school heeft daarmee ook de band tussen de bedrijven verstevigd.” Rouleren binnen scholen De bedoeling is dit soort collectieve bezoeken drie keer per jaar te organiseren en waar bedrijven zich voor kunnen inschrijven. Erik: “We gaan dan rouleren met de bezoeken over de vmbo-scholen die meedoen binnen STO Almelo en omstreken.” MENU

  • Severfield Steel Construction support PIE leerlingen in project stokkenvanger

    5eba2056-17b7-4fc5-9d8c-8f080a473310 Severfield Steel Construction support PIE leerlingen in project stokkenvanger Het actieve Profiel PIE van CSG Reggesteyn voert vanuit haar vestiging in de Rijssense Kampus regelmatig techniekprojecten uit met het regionale bedrijfsleven. Patrick de Kleijn, docent PIE en Ton Schelfhorst, docent-afdelingsleider PIE locatie Kampus Rijssen zijn hier de drijvende krachten achter. Neem het uitdagende project stokkenvanger, samen met het Rijssense bedrijf Severfield Steel Construction, voorheen Voortman Steelgroup. Jan Nijkamp en Wessel Voortman van Severfield: “De leerlingen leren niet alleen heel veel over metaaltechniek van Severfield, maar ook hoe je vanuit een project met een bedrijf samenwerkt, communiceert en samen eventuele hobbels in het project oplost. Heel nuttig voor hun latere loopbaan in de techniek.” Volop hulp vanuit Severfield Vanuit Severfield helpen twee medewerkers de leerlingen bij de realisatie van het project Stokkenvanger. Jan Nijkamp is manager productie, Wessel Voortman is samensteller in de werkplaats en teamleider van de zaterdagploeg. Jan: “Ik heb al jaren contact met Patrick en hij benaderde mij voor een samenwerking. Zo kwam het project voor de stokkenvanger naar boven en heb ik materialen geregeld en onze tekenkamer ingeschakeld. We zijn druk bij Severfield en werken in twee ploegen. Toch maken we graag tijd vrij voor het technisch talent dat enthousiast meewerkt aan dit stokkenproject van CSG Reggesteyn. Zij zijn onze toekomst. Zo nemen we leerlingen van minimaal 15 jaar al op in onze zaterdagploeg onder leiding van Wessel. Daar doen ze basaal werk. Willen ze doorgroeien en de metaal in? Dan krijgen ze op zaterdag ook de kans het vak te leren. Wessel schenkt dan bijvoorbeeld aandacht aan lassen en samenstellen.” Wessel: “De leerlingen die aangeven er gemotiveerd voor te zijn krijgen alle begeleiding en mogen de werkplaats in, constructies helpen samenstellen en stukje aflassen.” Combinatie van metaal, besturing en software Een projectgroepje van vier gedreven PIE-leerlingen construeert een grootformaat stokkenvanger. Een bekend spel waarbij stokken aan een balkconstructie hangen, willekeurig vallen en een deelnemer razendsnel moet proberen de vallende stokken te vangen voordat deze op de grond kletteren. Er komt veel bij kijken: een stevige staalconstructie waar de stokken aan kunnen hangen én een digitaal besturingssysteem inclusief programmering waardoor de stokken één voor één en zo verrassend mogelijk vallen. De 14-jarige Arefin Ahmed is de projectleider van dit groepje leerlingen. Onlangs werd hij zelfs Nederlands kampioen lassen voor het vmbo en praktijkonderwijs! Arefin: “Severfield levert de materialen en de tekening. Wij gaan aan de slag en we kunnen Wessel Voortman van Severfield gewoon direct bellen als we vragen hebben. Ook leer ik al op kleine schaal hoe het werkt in een metaalbedrijf.” Patrick de Kleijn: “Met dit bedrijfsproject maakt dit groepje leerlingen nu de stap van individuele kleine werkstukjes naar een groot gezamenlijk werkstuk met meer uitstraling, heel leerzaam. Ook haalt dit het niveau van de hele PIE-klas omhoog.” Support als het even tegenzit Arefin en zijn medeleerlingen krijgen volop projectondersteuning vanuit Severfield. Wessel komt regelmatig langs bij PIE op de Kampus om mee te kijken en eventuele hobbels samen met de leerlingen te nemen. Wessel: “We liepen constructief een keer ergens tegenaan; de constructie bleek te licht en wankelde. Ik ben gaan kijken, heb de tekening en materialen aangepast en de leerlingen konden weer door. Daar leren zij ook van.” Bijzonder om te melden is dat de dochter van Patrick de Kleijn, een vwo-leerlinge, het elektronische besturingssysteem van de stokkenvanger en de softwarematige programmering mede voor haar rekening neemt. Patrick: “Ze heeft heel veel zin in technische praktijkervaring en is super enthousiast om die op te doen via dit project.” Volop steun vanuit Severfield Wessel komt zelf ook uit het vmbo: “Wat ik de leerlingen van nu meegeef, is dat het uiteindelijk draait om durven vragen. Dus bij een techniekbedrijf aankloppen en vragen of ze een plek voor je hebben. Doet een leerling dat niet? Dan komt die niet snel bovendrijven.” Jan: “We hebben vijf tot zes leermeesters bij Severfield, die krijgen de tijd om deze jonge techniektalenten te onderwijzen en ook op te voeden. In één moeite door hebben ze dan eveneens een vertrouwenspersoon waarmee ze kunnen sparren.” Patrick: “Wessel nodigen we ook uit voor ouderavonden zodat de ouders zelf zien dat iemand uit het bedrijfsleven zich écht belangeloos hard maakt voor de techniektoekomst van hun kinderen.” Patrick heeft nog een belangrijke aanvulling: “Dit project dekt heel goed de eindtermen voor de leerlingen af en ze leren meer dan alleen individueel werkstukjes maken.” Arefin: “Dit werkstuk is groter én een bedrijf kijkt mee. Dan las je toch nóg beter en gemotiveerder, echt op de millimeter.” Concrete deadline voor oplevering Het doel is de stokkenvanger kant-en-klaar werkend op exact 4 juni op te leveren. Jan: “We gaan de stokkenvanger als attractie neerzetten op onze familiedag van Severfield op 14 juni. Dit project heeft door dit concrete einddoel voor de leerlingen dus ook een deadline. Naast de toepassing van metaaltechniek, en overleg met ons, leren ze ook hoe je omgaat met tijdsdruk in een projectplanning.” Wessel: “Op een eerdere open dag voor het onderwijs hadden we een stokkenvanger gehuurd en die trok enorm veel aandacht, ook van kinderen. Door dit project hebben we er straks zelf een en kunnen we ‘m vaker inzetten waardoor ook Severfield als een voor jonge leerlingen aantrekkelijk metaalbedrijf onder de aandacht komt.” Jan: “Voorheen hadden we onder de naam Voortman heel veel regionale bekendheid. Door de overname heten we nu Severfield en die naam is minder bekend. Door samen te werken zoals op dit project voor de stokkenvanger, en de inzet daarvan straks op open dagen, werken we ook aan onze naamsbekendheid als technisch leerbedrijf.” MENU

  • Gedegen voorbereiding door STO Oldenzaal op gloednieuwe TechniekExpeditie

    46e32661-5fa1-40f0-959a-4bccce852d4f Gedegen voorbereiding door STO Oldenzaal op gloednieuwe TechniekExpeditie Op 11 april organiseert de subregio STO Oldenzaal op het Twents Carmel College Potskampstraat de eerste editie van haar TechniekExpeditie. Dit is de gloednieuwe Oldenzaalse variant op Techniek Tastbaar gehuld in een compleet nieuwe identiteit. Omdat een goede voorbereiding het halve werk is, nodigden Kim Koehorst en haar team de deelnemende bedrijven uit om op 11 maart alvast organisatorisch de ‘techniekhorloges’ gelijk te zetten. Méér dan 1000 scholieren op expeditie! In een vlotte presentatie nam Kim de bedrijven mee in de voorbereiding op TechniekExpeditie. Het organiserende team met Daniek Scholten, Jos van Helden, Ineke Leeuw en uiteraard Kim Koehorst zelf werd voorgesteld. Ook nuttig: Kim zette nog even de horloges gelijk voor alle bedrijven waarom STO Oldenzaal de TechniekExpeditie eigenlijk organiseert. Kim: “TechniekExpeditie streeft naar het inspireren en verbinden van jongeren met de wereld van techniek. TechniekExpeditie neemt op 11 april meer dan 1000 scholieren tussen de 10 en 16 jaar mee in de wereld van techniek en technologie. Zij gaan op expeditie naar de technische bedrijven uit de regio Oldenzaal en omstreken.” Ook ouders zijn belangrijke doelgroep Maar liefst 50 enthousiast deelnemende technische bedrijven hebben voor deze jonge doelgroep een praktische en aansprekende doe-activiteit bedacht waarbij zij gaan ervaren welke technieken en technologieën zij toepassen. Met als doel dat zij een nieuw technisch talent bij zichzelf ontdekken of enthousiast worden voor een bepaald beroep. Kim: “In de middag verwachten we ook weer veel kinderen met hun ouder(s) verzorger(s). Een deel van deze kinderen is zelfs in de ochtend/begin van de middag al geweest ,maar willen graag nog een keer komen omdat ze nog lang niet klaar waren met ontdekken, ervaren en doen. Van groot belang, want ouders hebben nog steeds een grote stem in de studie- en beroepskeuze van hun kinderen.” Gloednieuwe website voor TechniekExpeditie Vol trots presenteerde Kim de deelnemende bedrijven de gloednieuwe website voor de TechniekExpeditie ( www.techniekexpeditie.nl ). Op deze frisse, kleurrijke en overzichtelijke site vinden zowel leerlingen, ouders/verzorgers en docenten alsook deelnemende of geïnteresseerde bedrijven alles wat zij moeten weten over de TechniekExpeditie op 11 april, én uiteraard latere edities. Bijvoorbeeld voor wie dit wil weten, zijn alle deelnemende bedrijven met hun logo genoemd. Klik je op een logo? Dan beland je direct op de website van het bedrijf zelf. En om alvast in de sfeer te komen biedt deze actuele site talloze mooie en inspirerende foto’s van eerdere edities. Op naar 11 april! Na de presentatie liepen de bedrijven mee de school in om met de begeleidende docenten per profiel hun toegewezen plek voor de TechniekExpeditie te zien en door te spreken op de organisatorische details. De deelnemende bedrijven zijn fysiek verdeeld over de technieklokalen van M&T (met buitenlocatie), PIE (deels Technolab/kantine/gang) en BWI en in de kantine. Eén van de deelnemende bedrijven zei het na afloop treffend: “Dankzij de prima voorbereiding door STO Oldenzaal hebben ook wij er zin in om op 11 april onze schouders eronder te zetten en de TechniekExpeditie tot een succes te maken!” Kom jij ook naar de TechniekExpeditie? De TechniekExpeditie vindt plaats vrijdag 11 april van 11.00 – 19.00 uur op Twents Carmel College, hoofdingang locatie Potskampstraat Oldenzaal. Iedereen is welkom! Leerlingen, ouders/verzorgers, docenten en uiteraard alle STO-collega’s uit heel Twente! MENU

  • Bevlogen techniekdocent Camilla Mensink zet in op verfrissende aanpak op meerdere fronten

    ff3caf30-6361-4b1b-bf2e-882aeb68db58 Bevlogen techniekdocent Camilla Mensink zet in op verfrissende aanpak op meerdere fronten Camilla Mensink is docent PIE én zij-instromend docent in opleiding voor BWI op de Waerdenborch in Holten. Zij is super actief binnen STO Twente. Creatieve ideeën voor instroombevordering zet zij, samen met haar collega’s én bedrijven, om in concrete acties. Zoals de inmiddels geslaagde pilot voor het Keuzevak Lassen, samen met het bedrijf Aebi Schmidt. Ook introduceerde Camilla het idee van een persoonlijk traject bij bedrijven voor een leerling als deze helemaal wild is van één technisch aspect en daar volop de diepte mee wil ingaan. Wel komt Camilla nog steeds veel obstakels tegen voor meisjes in de techniek: “Als rolmodel zie ik dat ik hen als vrouwelijk docent over de streep help trekken. Blijkbaar zoeken meiden toch die zekerheid en ik kan een voorbeeld voor hen zijn.” Het resultaat daarvan? “Op dit moment hebben we vier meiden in het profiel PIE en bij BWI zelfs een hele klas met meiden bij het keuzevak. Ook in het profiel BWI zien we een groei van het aantal meiden.” Lassen: van pilot tot keuzevak Verleden jaar publiceerde deze nieuwsbrief van STO Twente over een interessante pilot. Twee leerlingen PIE van de Waerdenborch in Holten, waaronder een meisje, leerden in hun examenjaar in zes weken de fijne kneepjes van het lassen bij Aebi Schmidt. Deze verkennende pilot bleek een succes en inmiddels hebben twee andere leerlingen dit ook medio maart met succes afgerond, nu op basis van een uitgewerkt plan van 9 weken. De leerlingen mogen al meewerken aan de producten die ze maken. De grote motor achter dit keuzevak, samen met haar techniekcollega’s, is Camilla Mensink, docent PIE én zij-instromer BWI: “Inmiddels hebben we dit keuzevak ook toegevoegd aan het PTA, dus de leerlingen kunnen het nu officieel afronden en meenemen naar hun examen. Ook willen we dit uitbreiden met het keuzevak plaat- en constructiewerk, in samenwerking met een ander bedrijf in Holten. We merken vanuit de leerlingen dat daar veel vraag naar is omdat leerlingen enthousiast vertellen over wat ze hebben gedaan bij de bedrijven.” Camilla noemde al dat er in de pilot een meisje meedeed: “Het is altijd spannend om te zien hoe dit in een technisch bedrijf valt, vaak toch een mannenwereld. Bij Aebi Schmidt is dat heel goed begeleid, ook dankzij de korte lijnen. Zij zien in dat het om de leerlingen gaat, en dat vinden wij natuurlijk ook. Dat geeft een heel positief gevoel in de samenwerking.” Kay was een van de twee recente deelnemers aan het keuzevak bij Aebi Schmidt: “Hartstikke leuk! Je leert er heel veel én werkt met de modernste lasmiddelen.” Ook Stef koos voor dit keuzevak: “Ik heb veel nieuwe lastips geleerd van de mensen die er daar elke dag mee werken. Ook de mensen zelf waren heel gezellig.” Individuele leertrajecten ontwikkelen Een keuzevak in de lucht houden vergt uiteraard een bepaald aantal leerlingen om het levensvatbaar te maken en te houden. Camilla: “Maar regelmatig hebben we in leerjaar 3 en 4 heel gedreven leerlingen die een enorm specifieke techniekinteresse hebben waar zij helemaal voor willen gaan: nu, straks in hun mbo-studie en later in hun werk. Voor deze talentvolle leerlingen is het niet haalbaar om daarvoor helemaal naar een andere regio te fietsen. Holten ligt wat dat betreft geografisch toch wat decentraal. Gedreven leerlingen in leerjaar 3 kunnen vervroegd examen doen, zodat ze in leerjaar 4 de ruimte krijgen om één dag in de week met een bedrijf mee te lopen.” Camilla geeft een voorbeeld van een leerling die zich wil specialiseren in grondboringen: “Hij is heel gedreven en loopt voor op de lesstof. Maar grondboringen is een specifiek onderwerp en daar kunnen we niet meteen een keuzevak voor aanbieden. Als alternatief heb ik voor hem een persoonlijk traject aangemaakt. Elke dinsdag loopt hij mee bij Oolbekkink Grondboringen in Holten. Geen officieel keuzevak, en toch krijgt zo’n leerling de kans ervaringen op te doen op een heel specifiek interesseterrein.” Efficiënt als het eenmaal loopt Camilla geeft aan dat dit persoonlijke leertraject in het begin wat investering kost om het op te zetten: “Heb je eenmaal de structuur daarvan te pakken met een plan en een contractje? Dan heb je alleen nog maar werk aan de leerling en het bijpassende bedrijf dat daarin wisselt.” Of neem PIE-leerling Koen, nu in zijn examenjaar. Camilla: “Hij wil beslist door in domotica en voor hem hebben we een individueel leertraject ontwikkeld bij de Domoti Factory in Rijssen. Doordat hij in leerjaar 3 zijn examen heeft gedaan, kon hij in leerjaar vier elke dinsdag mee met het bedrijf.” Wel geeft Camilla aan dat dit soort leerlingen stevig moet staan in de basisvakken. Koen: “Mijn persoonlijk leertraject is precies wat ik ervan verwacht had. Nu werk ik bij Domoti Factory mee als elektricien en loodgieter. Ik ga op pad met hoofdmonteurs naar projecten en leer daar heel veel in de praktijk, ook over hoe je met elkaar overlegt over het werk en samenwerkt. Ik ben heel blij dat ik deze keuze heb gemaakt.” De mix van meiden en jongens maakt het makkelijker Camilla is een dochter van een aannemer, werkte in die sector en ging vervolgens de kant op van de elektrotechniek: “In die tijd voelde ik veel weerstand, ook bij mbo-docenten, en moest ik mij als vrouw extra bewijzen. Maar waarom moet ik mij als vrouw in de techniekwereld extra bewijzen?” Camilla groeide door naar de installatietechniek, maar merkte op projecten dat zij benadeeld en zelfs geïntimideerd werd. Uiteindelijk stapte Camilla over naar het techniekonderwijs: “In het techniekonderwijs kan ik nu als vrouw een rolmodel zijn. Dat is een heel ander perspectief en hoef ik mij niet meer te bewijzen. We hebben dit jaar op De Waerdenborch maar liefst vier meiden bij PIE, echt geweldig. Die meiden bij ons geven wel aan dat mijn rol hier als vrouwelijk PIE-docent eraan bijdroeg dat ze besloten voor PIE te kiezen. Hierdoor wordt het ook normaal dat er steeds meer meiden voor techniek kiezen, de sneeuwbal gaat rollen.” Het bijkomende voordeel juist van meiden in een profiel als PIE, is dat het heel veel positieve dingen doet met de sfeer in de groep, benadrukt Camilla: “Plus dat je naar de buitenwereld laat zien, van ouders tot en met medewerkers van stagebedrijven, dat het normaal is als er dames in de techniek studeren en werken. Het is op De Waerdenborch inmiddels heel gewoon dat er jongens én meiden voor het profiel PIE kiezen.” Geen voorstander van gerichte techniekcampagnes voor meiden Camilla is zich bewust van de discussie of we via gerichte en aparte promotiecampagnes meer meiden de techniek in moeten krijgen, of juist meiden en jongens als één groep moeten benaderen. Camilla: “Ik ben geen voorstander van een aparte campagne, in mijn ogen is het beter om hierin meiden en jongens gelijk te benaderen én te behandelen. Ik zie het aan de meiden bij PIE en BWI, die willen net zo behandeld worden als de jongens. Want juist als zij als meisje opvallen in de techniek en op een voetstuk gezet worden, is in mijn ogen de kans groter dat ze daardoor vervolgens benadeeld worden. Gelijk behandeld worden voelt voor hen en mij gewoon veiliger.” Blijven ontwikkelen Camilla blijft zichzelf ook graag ontwikkelen: “Inmiddels ben ik ook zij-instromer BWI, want naast mijn docentschap voor PIE wil ik ook docent BWI worden. Het profiel BWI is ook voor mij compleet nieuw en hierin kan ik mij ontwikkelen.” Bij BWI heeft Camilla nu zelfs één klas vol met meiden bij het keuzevak! Camilla: “Fantastisch om te zien dat ook in het profiel BWI het aantal meiden toeneemt. Het beeld dat zij hebben dat ook BWI een mannenwereld zou zijn, is aan het kantelen. Ook hier probeer ik een rolmodel te zijn MENU

  • Niverplast ontvangt STO Twente en benadrukt belang van technisch vmbo

    daa71791-4842-4fd8-b520-689a450040ef Niverplast ontvangt STO Twente en benadrukt belang van technisch vmbo 25 Twentse STO-collega’s werden op vrijdag 21 maart hartelijk verwelkomd bij Niverplast in Nijverdal voor het tweede STO Café van dit jaar. Niverplast investeert intensief in jong technisch talent en werkt al enkele jaren nauw samen met STO Twente. Anne Poortman zet zich samen met haar collega Aniek Olde Kalter bij Niverplast in voor het welzijn, werkgeluk en de professionele ontwikkeling van alle medewerkers: “We kijken niet naar je afkomst, maar naar je talent!” Volautomatische verpakkingsmachines en -lijnen Niverplast ontwerpt en produceert vanuit haar opvallende ronde pand aan de Baruch Spinozastraat in Nijverdal volautomatische verpakkingsmachines en -lijnen voor klanten wereldwijd. De focus ligt op de laatste fase van productieprocessen, dus waar dozen worden opgezet en voorzien van een zak om deze vervolgens te vullen met het product en daarna af te sluiten. Daar komen helemaal geen handen meer aan te pas. De machines van Niverplast, met innovatieve technologieën, klaren automatisch de klus. En het leveren van een passende zak? Die doet Niverplast er gewoon bij! Veelzijdig actief met STO Twente Niverplast werkt al enkele jaren nauw samen met STO Twente. Anne: “Onze collega’s komen uit een straal van circa 50 kilometer rondom Nijverdal. Dat betekent dat we samenwerken met de subregio Rijssen-Holten, maar ook met de andere STO-subregio’s in Twente.” Zo deed Niverplast eerder mee aan Girls’ Day en liet Niverplast een BLIQ-filmpje maken waardoor vmbo-leerlingen op een aantrekkelijke manier zien welke techniek en technologie Niverplast toepast. Waarom maakt Niverplast zoveel tijd en capaciteit vrij voor het technisch vmbo? Anne: “Uiteindelijk zit daar onze toekomst. We hebben veel collega’s die eerder het vmbo hebben afgerond en doorstroomden naar het technisch mbo, voor ons een zeer belangrijke doelgroep.” Alle ruimte om je te ontwikkelen Als organisatie, maar ook als werkgever, kiest Niverplast voor een onderscheidende aanpak. Alles draait om het ruim baan geven aan technisch en ander talent. Gelijkwaardigheid en respect zijn belangrijke kernwaarden Anne: “Niverplast heeft een speciale visie op de manier waarop zij is georganiseerd. We zijn sterk opgedeeld in compacte teams. Elk team heeft een soort van natuurlijk leider. Dat kan de ene keer een collega-monteur zijn en de andere keer een collega-engineer. Die leidinggevende rol in zo’n team heeft niets te maken met het opleidingsniveau dat je hebt, en álles met je kwaliteiten. Dit betekent dat ook voormalige vmbo leerlingen hier hun technische functie kunnen aanvullen. Niverplast biedt veel ruimte voor stages en deelt in-house via de Niverplast Academy alle kennis met collega’s en klanten. Ruim, schoon en opvallend rustig Op vrijdag 21 maart zette Niverplast de deuren wagenwijd op voor het STO Café! Na de hartelijke ontvangst volgde een heldere bedrijfspresentatie en kregen alle deelnemers in groepjes een rondleiding door het bedrijf. Alles ademt techniek en technologie in een ruim ongezette, schone en opvallend rustige werkomgeving. Technici werken in een lichte, prettige omgeving en iedereen is gelijk. Heb je een goed technisch idee bij Niverplast? Dan maakt het niet uit wie je bent of welke functie je hebt. Er werken momenteel 40 vrouwen bij Niverplast, van monteur tot marketing. En ook elk meisje kan bij Niverplast worden wat ze wil. Niverplast…bedankt! Na de rondleiding wachtte er voor alle deelnemers een drankje en hapje op het buitenterras en werd er samen met Anne Poortman en Aniek Olde Kalter nagepraat over alle indrukken. STO Twente bedankt Niverplast voor het gastvrije en inspirerende STO Café! MENU

  • Twentse PIE leerlingen succesvol bij laswedstrijden

    a325df5b-3d1f-4e76-831b-9ac456707590 Twentse PIE leerlingen succesvol bij laswedstrijden Eind februari en begin maart vonden de regionale vmbo- en praktijkscholen laswedstrijden plaats, georganiseerd door het Nederlands Instituut voor Lastechniek (NIL). Opnieuw wisten meerdere Twentse vmbo-leerlingen succesvol door te dringen tot deze spannende regionale wedstrijden. Als klap op de vuurpijl stroomden twee van hen door naar de landelijke finale op 11 maart bij SMEOT én…wonnen! Lionne Horst van TCC Postkampstraat Oldenzaal werd tweede in de categorie TIG lassen en Arefin Ahmed werd zelfs eerste in deze categorie namens CSG Reggesteyn! Hoge eisen De kandidaten kregen tijdens de landelijke finale op 11 maart 1,5 uur tijd om het werkstuk te lassen en daarna schoon te maken. Tijdens het lassen hielden NIL-examinatoren toezicht, ook op het veilig werken, en zij voerden de beoordeling uit. Eveneens zagen zij toe op een correct verloop van de wedstrijd. Om mee te dingen naar een 1ste, 2de of 3de prijs moesten de werkstukken in ieder geval voldoen aan de exameneisen voor Niveau 1 MAG. Super trots ! Lionne Horst is leerling profiel PIE op het Twents Carmel College Potskampstraat Oldenzaal. Op 20 februari verzekerde Lionne haar finaleplaats voor deze landelijke laswedstrijd op 11 maart tijdens de regionale voorronde in Rotterdam. Hier won zij namens de regio Oost al veelbelovend de eerste plaats van de regionale wedstrijd voor TIG lassen. Deze regionale wedstrijd viel in Lionne’s voorjaarsvakantie, maar tot in haar vingertoppen gemotiveerd reisde zij, samen met haar moeder, toch af naar Rotterdam. Jos van Helden is de docent PIE van Lionne: “Op de dag zelf van de regionale voorronde ben ik ook naar Rotterdam gegaan om Lionne te steunen.” Tijdens de landelijke finale op 11 maart nam Lionne het op tegen de winnende vmbo-leerlingen uit andere regio’s. Een mooie tweede plaats voor Lionne in deze landelijke finale is haar schitterende resultaat en het Twents Carmel College Potskampstraat Oldenzaal is super trots op Lionne! Vervolgopleiding in constructie Lionne: “Toen ik bij mijn stagebedrijf Wilbers Werkstätten kwam, hebben ze mij direct achter het lasapparaat gezet. Vanaf dat moment heb ik heel veel in de praktijk geleerd.” Tijdens de landelijke finale was Lionne best wel wat gespannen: “Op een gegeven moment liep niet alles zoals ik wilde, en had ik nog maar een kwartier de tijd voor een aantal werkzaamheden. Toch heb ik alles net op tijd afgekregen.” Lionne is écht door het metaalvak gegrepen en start volgend jaar een mbo-vervolgopleiding bij SMEOT in Hengelo: “Daar ga ik constructie doen. Dat betekent drie dagen stage lopen en twee dagen naar school. Mijn stage hoop ik dan ook bij Wilbers Werkstätten te kunnen lopen.” Lionne wil graag blijven lassen, is erdoor gegrepen: “Maar het kan zomaar zijn dat ik over tien jaar iets anders doe.” Leerling CSG Reggesteyn landelijk winnaar TIG-lassen CGS Reggesteyn trok met twee leerlingen van het profiel Produceren, Installeren en Energie (PIE) naar de regionale laswedstrijd voor vmbo-leerlingen bij ROC Noorderpoort in Groningen. Voor TIG-lassen deed Arefin mee en Mees deed mee voor het MAG-lassen. Beiden zijn geslaagd voor hun praktijkdiploma niveau 1. Als kers op de taart werd Arefin eerste bij het TIG-lassen. Dit betekende dat hij op 11 maart in de finale stond bij SMEOT in Hengelo. Hier presteerde hij wederom geweldig en ging er met de eerste prijs vandoor en werd Nederlands kampioen TIG-lassen! Volop begeleiding gekregen Reggesteyn is uiteraard trots op haar winnende leerling: “Arefin is een gepassioneerde jongen die al toen hij bij PIE binnen kwam zei: “Ik wil onderwater lasser worden”. Deze insteek en zijn inzet hebben zich dubbel en dwars uitbetaald. Las-specialisten Wim, Stan en Henri zijn druk geweest om de jongens de kneepjes van het vak te leren en om ze klaar te stomen voor dit kampioenschap.” Erasmus praktijkonderwijs, Canisius Tubbergen en Noordik Vroomshoop Ook twee leerlingen van Het Erasmus praktijkonderwijs namen deel aan de voorronde van het Nederlands Kampioenschap lassen voor het vmbo. Huub uit de 2e klas haalde zijn praktijkcertificaat MIG/MAG niveau 1. Tim uit de 4e klas haalde ook zijn praktijkcertificaat én plaatste zich voor de finale door in Groningen tweede te worden. Op het Noordik in Vroomshoop heeft het lassen ook een prominente plek in het programma. Erik Raanhuis: “Twee leerlingen van ons, Thijs en Jarno, namen voor de discipline MAG deel aan de regionale laswedstrijden in Groningen. Door hun deelname hebben ze het praktijkgedeelte van het NIL examen reeds behaald. Het theoriegedeelte doen ze dan in samenwerking met Hofman Staalbouw. We hopen dit jaar 4 leerlingen aan een NIL diploma te helpen. Doordat we veel samenwerken met SMEOT hebben we dezelfde lastafels geplaatst die ook bij de SMEOT staan.” Ook Canisius Tubbergen deed mee aan de regionale wedstrijd in Groningen met hun leerlingen Jaap en Ryan voor het MAG lasproces onder leiding van docent Frans Stevelink. Kortom, Twente was op alle fronten uitstekend vertegenwoordigd! MENU

  • Succesvolle afronding PDC opleiding Sterk Techniekonderwijs Twente

    f96a242c-7993-4c6d-b313-e5609850e136 Succesvolle afronding PDC opleiding Sterk Techniekonderwijs Twente Op 12 februari vond op C.T. Stork College de feestelijke diploma-uitreiking plaats voor de eerste lichting van de PDC-opleiding. Dit opleidingstraject voor het Pedagogisch Didactisch Certificaat is onder de vlag van STO Twente voor de eerste keer bij C.T. Stork Hengelo in house georganiseerd. Windesheim verzorgde de opleiding inhoudelijk. Het PDC is bedoeld om onder andere (parttime) zijinstromers vanuit de techniek naar het Twentse technisch vmbo-onderwijs de vereiste pedagogisch-didactische vaardigheden mee te geven. Docent Marius Splinter: “De cursisten hebben een professionele én persoonlijke ontwikkeling doorgemaakt.” Bevlogenheid en passie Bijvoorbeeld Hans de Roo van Timmerij Hardenberg behaalde zijn PDC. Benno Hams: “Hans is naast twee dagen instructeur op school ook ZZP’er in de bouw. Om dan in de avonduren nog een studie te volgen, dat valt vaak niet mee. Hans geeft daarmee zijn bevlogenheid en passie voor het onderwijs aan, en dat zien we terug in de praktijklessen en in zijn relatie met de leerlingen.” Een mooie kans Ook Peter van der Weiden volgde de opleiding voor het PDC. Hij is conciërge op C.T. Stork College: “Ik zocht meer uitdaging en heb interesse in ander soort werk. Benno Hams bood mij de kans het PDC te behalen. De opleiding is mij heel goed bevallen. Als conciërge ga ik continu en intensief om met jongeren. De opleiding voor het PDC heeft mij geleerd dat je af en toe, in de omgang met jongeren, op je tong moet bijten en je geduld bewaren. Het is geven en nemen met leerlingen, de opleiding gaf mij daar nieuwe inzichten in. Weer in de schoolbanken zitten was pittig, maar ik hield een strak schema aan om alle theorie tussen de lessen door bij te houden en verslagen zo snel mogelijk uit te werken om achterstand proberen te voorkomen. Maar we hadden een fantastisch leuke groep studenten en een goede docent die de groep goed aanvoelde.” Doorgroeien naar docentschap Eveneens Geffrey Buld behaalde zijn PDC: “Ik werk op C.T. Stork College en ben verantwoordelijk voor het lesgeven in digitale geletterdheid. Daarnaast ben ik instructeur bij BWI in de bovenbouw en Techniek in de onderbouw. Ik werk 11 jaar in het onderwijs, begon als onderwijsassistent, en voel mij enorm aangetrokken tot het technische gedeelte in het onderwijs. Graag enthousiasmeer ik jongeren om voor techniek te kiezen of voor iets wat daarmee te maken heeft. Daarvanuit had ik de ambitie om door te groeien van onderwijsassistent naar instructeur. In die laatste functie mag je leerlingen ook alleen begeleiden, voor mij de aanleiding om voor het PDC-traject te kiezen.” Geffrey zelf vond de opleiding meevallen voor wat betreft zwaarte: “Veel lesstof herkende ik uit mijn praktijk en gaf mij de bevestiging dat ik al op de goede weg was, vooral vanuit pedagogisch perspectief. Uiteraard deed ik ook nieuwe inzichten op, vooral op het stukje didactiek. Hoe begeleid je een leerling op de juiste manier en breng je deze vakinhoudelijk naar een hoger niveau?” Geffrey wil graag doorgroeien naar het docentschap: “Deze opleiding was daar de voorbereiding op. Graag wil ik ook als docent de leerlingen enthousiasmeren voor de technische beroepskeuzes.” Verzorgd door Windesheim De opleiding werd in huis bij C.T. Stork College door Windesheim verzorgd in de persoon van Marius Splinter, hij is onder andere docent PDG: “De focus vanuit didactiek lag op het leren doorgronden van actieve werkvormen. Ofwel: hoe leren leerlingen in het vmbo? Vanuit pedagogiek keken we naar hoe het leren aansluit bij individuele of groepen leerlingen, bijvoorbeeld op basis van hun leerstijl.” De deelnemers brachten allemaal hun eigen achtergrond en motivatie mee om het PDC onder de vlag van Sterk Techniekonderwijs Twente te willen halen.” Marius: “Dat maakt deze PDC-opleiding extra uitdagend, met mijn insteek om de lesstof op het niveau van de specifieke cursist aan te bieden. Ook met het achterliggende idee dat als deze geslaagden les gaan geven zij op hun beurt óók te maken krijgen met leerlingen met wisselende niveaus, achtergronden en motivatie. Dat is juist wat onderwijs, ook voor het PDC, zo leuk maakt: hoe kun je elke cursist maximaal persoonlijk begeleiden?” Een facet van de cursus was het onderwerp communicatie. Marius: “Bij technici is dat gemiddeld wellicht een iets grotere uitdaging dan bij andere beroepsgroepen. Tegelijkertijd is dit essentieel om als een goede techniekinstructeur in het technisch vmbo aan de slag te kunnen gaan.” Professionele én persoonlijke ontwikkeling Marius is ervan overtuigd dat het overgrote deel van de geslaagden daadwerkelijk het geleerde uit deze cursus gaat toepassen: “Naast een onderwijskundige ontwikkeling voor hun professioneel handelen hebben zij ook een persoonlijke ontwikkeling doorgemaakt. Alle deelnemers hebben namelijk heel hard aan zichzelf gewerkt vanuit de achtergrond van het PDC. Kortom, breder leren kijken naar de wereld om je heen. Dit hebben ze nodig om een goede technisch instructeur te worden met een bewust oog, zoals ik al noemde, voor alle verschillende leerlingen die je tegenkomt.” MENU

  • Subregio Oldenzaal presenteert resultaten en blikt vooruit

    081a03d2-489b-4f36-a124-119b60fd9af5 Subregio Oldenzaal presenteert resultaten en blikt vooruit In de subregio Oldenzaal is er tussen 2020 en 2024 enorm veel bereikt vanuit STO Twente. Wout Ensink gaf op 24 januari een presentatie van de resultaten voor de collega’s vanuit een heldere infographic. Hiervoor was veel belangstelling: “De energie en het enthousiasme in ons team is groot! Zonder de inzet en het harde werk van al onze collega’s was dit nooit gelukt. We zijn super trots op wat we hebben bereikt en gaan vol vertrouwen en motivatie verder.” Meervoudige verantwoording Wout: “We hebben flinke stappen gezet met STO Twente, en het is goed en extra motiverend om af en toe het net op te halen en met elkaar de concrete resultaten te delen. Daarnaast: STO is een subsidie vanuit de overheid, dus betekent het delen van resultaten ook een stukje verantwoording naar de maatschappij toe, evenals de directe omgeving waarmee we samenwerken zoals met de bedrijven.” Inbedding al geregeld gerealiseerd Wout en zijn collega’s zien een opmerkelijk fenomeen: “Een doel voor ná 2028 is om allerlei activiteiten van STO standaard in te bedden in ons lesprogramma. Nú al zien we dat dit voor een aantal onderdelen geldt, en dat is goed nieuws.” Wout geeft enkele sprekende voorbeelden: “Neem de bijna dagelijkse bezoeken van basisscholen aan ons Technolab. Ook is het al heel gewoon dat technische bedrijven gedurende het hele schooljaar gastlessen geven. Voor PIE is dit inmiddels de normaalste zaak van de wereld en bij BWI en M&T komt die beweging nu ook op gang.” Eveneens een goede zet bleek het volgen van een deel van een keuzevak bij het bedrijf waar een leerling ook stage loopt: “Dat loopt inmiddels al voor het zoveelste jaar geruisloos.” Juist die inbedding was een extra reden voor de bijeenkomst op 24 januari stelt Wout: “Door deze inbedding zien collega’s het vaak niet meer als iets uitzonderlijks. Tijdens de bijeenkomst konden we nog eens uitlichten dat we vanuit STO met hele mooie opbrengsten bezig zijn.” Willekeurige greep uit de resultaten Zonder hiermee recht te doen aan álle mooie resultaten van STO Oldenzaal lichten we er enkele willekeurig uit: 8950 leerlingen van 37 basisscholen uit de regio Oldenzaal bezochten het Technolab, 16 bedrijven verzorgen jaarlijks gastlessen, 400 derdejaars leerlingen per jaar verkennen technische beroepen bij bedrijven, 44 leerlingen van Praktijkonderwijs voltooiden technische leerdoelen en ontvingen hun welverdiende certificaat en 84 leerlingen ontdekten vervolgonderwijs bij Techniekhuis Twente, SMEOT en ROC Sumpel. Technische lokalen en middelen zijn gemoderniseerd, een nieuwe pneumatiek straat is in gebruik genomen, elektrische voertuigen maken deel uit van het onderwijs en de lasersnijder wordt ingezet bij de lessen van BWI . Wil je álle resultaten uit de periode 2020-2024 weten? Check dan even de bijgaande Infographic! Blik vooruit STO Oldenzaal heeft uiteraard ook gewerkt aan goede ideeën voor de tweede tranche van STO Twente (2025 t/m 2028). Wout: “De nieuwe planvorm kent uiteraard een continuering van de mooie activiteiten en ontwikkelingen die nog aandacht vragen, zoals middelen en manuren om de voortgang te borgen.” Daarnaast hebben Wout en zijn STO-collega’s gekeken naar nieuwe ideeën. Wout: “Weliswaar zijn de doelstellingen voor de tweede periode gelijk gebleven, toch wisten we nieuwe ideeën te bedenken. Zoals meer dan voorheen nieuw onderwijs ontwikkelen, dus écht nieuwe keuzevakken. Ik noem bijvoorbeeld het Keuzevak Water, techniek en duurzaamheid, een mix van techniek en ons profiel Groen.” Het TCC heeft geen MVI-licentie. Wout: “Maar wel gaan we hier keuzevakken voor ontwikkelen zoals het Keuzevak ICT en het Keuzevak Robotica. Of neem onze oriëntatie op de ontwikkeling van het Keuzevak Edelmetaal. Dat heeft een link naar creatieve techniek zoals sieraden maken. Het idee kwam van onze afdeling PIE, heel origineel meegedacht!” Ook noemt Wout de mogelijke ontwikkeling van het Keuzevak Elektrische Karts. Jongeren helpen om bewuste keuze te maken Nieuw is dat STO Oldenzaal in de tweede tranche de docentenstages gaat oppakken: “Voor ons is dat nieuw, waarbij docenten niet enkele uren, maar meerdere dagen stage lopen bij een technisch bedrijf. Bedoeld om kennis en nieuwe ideeën op te doen die zij vervolgens fris uit de praktijk de klas in kunnen brengen.” Ook noemt Wout alle ontwikkelingen in XR: “Hier trekken we ook in de komende jaren Twente-breed in op.” Tussen 2025 t/m 2028 zet STO Oldenzaal ook gericht in op de koppeling tussen technisch onderwijs en maatschappelijke thema’s. Gloednieuw is de verkenning of STO Oldenzaal bepaalde cursussen van de bedrijfsvakscholen zoals SMEOT ook kan aanbieden in de onderbouw: “Daarmee willen we deze jongeren in klas 2 zo vroeg mogelijk een doorkijkje meegeven naar het vervolgonderwijs ná het vmbo. Hiermee willen we bereiken dat deze jongeren een nog bewustere keuze maken voor een technisch profiel in klas 3 en 4. Door deze bewustere keuze willen we de uitstroom in bepaalde technische profielen in klas 3 en 4 indammen.” Nóg vroeger het basisonderwijs bereiken Graag noemt Wout ook het succesvolle Technolab: “We gaan nu ook opdrachten ontwikkelen voor groep 5 en 6, om er nog eerder bij te zijn. Groep 6 is al in werking voor een aantal basisscholen en met groep 5 draaien we binnenkort een pilot. In de periode 2025 t/m 2028 gaan we dat regulier inbedden.” Een aanpassing die in de tijd dichtbij ligt, is dat STO Oldenzaal Techniek Tastbaar al in de editie van 2025 ombuigt naar een eigen versie getiteld TechniekExpeditie. Last but not least: een activiteit die voortzetting krijgt én verdient is het aanbieden van cursussen techniek voor leerlingen van het Praktijkonderwijs, benadrukt Wout. MENU

  • STO project Veelvlakken brengt kunst en techniek samen

    e4caff79-5202-4f42-94bd-447bcebe6116 STO project Veelvlakken brengt kunst en techniek samen Elk STO-project is bijzonder, maar soms zit er iets héél unieks bij. Neem het C.T. Stork Hengelo. Onder begeleiding van de Hengelose kunstenaar Rinus Roelofs en docenten Peter van der Heijden en David Snoeij maakten leerlingen PIE en BWI een fantastisch ruimtelijk object, samen met havo-vwo leerlingen van het Bataafs Lyceum in Hengelo. Ofwel: Veelvlakken. Dit alles onder het motto ‘Wiskunde is inspiratie voor Kunst’. Techniek en creativiteit smolten in dit project moeiteloos samen. Het resultaat van hun noeste arbeid? Daarvoor opende op 8 februari een tentoonstelling van SchouwArt in de Schouwburg Hengelo genaamd ‘Veelvlakken’. Praktische vaardigheden van vmbo-leerlingen David Snoeij is natuurkunde docent op C.T. Stork College en geeft Technology & Toepassing: “De gemeente Hengelo vroeg kunstenaar Rinus Roelofs een project te doen met veelvlakken, en daar expliciet scholen bij te betrekken. Mijn collega Peter van der Heijden is docent Design & Technology aan het Bataafs Lyceum, pakte dit op en nodigde via Benno Hams ook vmbo-leerlingen van het C.T. Stork College bij het project uit. Waarom? Onze leerlingen PIE en BWI zijn de techneuten met de juiste praktische vaardigheden op het gebied van hout, machines en metaalbewerking.” Vaardigheden die onmisbaar bleken om de kunstwerken te kunnen realiseren. Van elkaar leren Peter benaderde David en samen pakten zij dit intensieve project als vrijwilliger op, benaderde leerlingen op het Bataafs Lyceum en C.T. Stork College, en maakte een aantal enthousiast om mee te doen: “Onder andere leerlingen van Technologie & Toepassing en leerlingen van BWI en PIE. Ook deden er leerlingen mee van de Master Class van het Bataafs Lyceum. Een heel gemêleerd gezelschap en dat is juist de kracht, ze leren heel veel van elkaar in een mix van theorie en praktijk.” Het resultaat? Peter: “Een bijzonder kunstwerk! Een figuur bestaande uit zorgvuldig in elkaar geschoven ruiten, bochten, driehoeken en vierkanten. Mooie driedimensionale vormen, gemaakt van zowel hout als metaal. Een van de kunstwerken is een soort landschap opgebouwd uit kleine onderdelen van uiteindelijk 7 meter lang en 2 meter breed, hangend in de lucht. Prachtig om te zien.” Peter bedankt graag de collega’s van BWI die er heel druk mee zijn geweest om al het benodigde hout op school te krijgen en de machines in te stellen. Ook bedankt hij SMEOT die ervoor zorgde dat er uiteindelijk ook nog een metalen kunstwerk gemaakt kon worden door metalen vlakken met een laser te snijden. Praktische bijdrage aan technische vorming Peter benadrukt dat het om een try-out gaat: “De leerlingen van C.T. Stork College hebben de door SMEOT gelaserde stalen vormen zelf in elkaar gezet, een heel precies werk. Wellicht, als dit project een vervolg krijgt, is er genoeg budget om de leerlingen van C.T. Stork College dit soort werk zelf te laten doen, zoals metalen delen uitlaseren en het benodigde laswerk te laten doen. Het is jammer dan onze leerlingen bij deze try-out hun lasvaardigheden niet in hebben kunnen zetten. Wel konden ze nu alvast goed oefenen met de onderdelen waarmee ze het kunstwerk uiteindelijk in elkaar hebben gezet, eerst van papier en daarna van hout en metaal.” Mozes is één van de leerlingen die aan het project Raakvlakken meedeed: “Ik zit in het derde jaar Gymnasium Masterclass op het Bataafs Lyceum. Het is enorm leuk om aan Raakvlakken mee te mogen doen, ik heb er veel van geleerd. Ook was het interessant om meer te zien van de Schouwburg. Het was erg leuk om ook eens met leerlingen van het technisch vmbo te kunnen samenwerken en daarmee een connectie te hebben. We hebben veel en goed samengewerkt. Tijdens de opening op 8 februari hebben een leerling van het Bataafs Lyceum én C.T. Stork College gesproken.” Heel veel geleerd Wat draagt dit project bij aan de technische vorming van de vmbo-leerlingen? Peter: “Ze hebben geleerd hoe je alle losse vormen in elkaar zet, daar leer je veel van voor je ruimtelijk-technische inzicht. De leerlingen T&T hebben vooral een verdieping gemaakt met het instellen en werken met de lasercutter voor de houten onderdelen. Al met al is het voor de leerlingen heel vakoverstijgend hoe we met elkaar aan dit project hebben gewerkt. Maar ook het helpen inrichten van de expositie zelf is leerzaam. Het is fantastisch voor onze vmbo-leerlingen om dit project Veelvlakken op hun cv te kunnen zetten.” Pluim voor vmbo-leerlingen Onderwijskundig is Veelvlakken voor Peter een uniek project: “Je merkt dat de deelnemende Kader-leerlingen echt in het zonnetje gezet worden en dat verdienen ze! Het is mooi om te zien hoe ze aanpakken, doorpakken en samenwerken met de leerlingen van het Bataafs Lyceum. En vergeet niet: ze hebben hier ook vrije tijd in gestoken.” Peter en David hebben het project Veelvlakken en de voortgang ervan gedeeld in de WhatsApp-groep met zijn collega’s, via social media, en voor een deel via de nieuwsbrief en de uitnodiging voor de expositie die hij in de school heeft opgehangen. Sterke samenwerking De tentoonstelling van SchouwArt in de Schouwburg genaamd ‘Veelvlakken’ is een samenwerking tussen leerlingen van C.T. Stork College, het Bataafs Lyceum, stichting Bernhards Ontmoeting en kunstenaar Rinus Roelofs. Adres: Beursstraat 44, Hengelo. Openingstijden: elke wo/vr/za tussen 12.00 – 16.00 uur. Vanaf 8 februari is Veelvlakken een maand te zien. Gratis toegankelijk! MENU

Zoek

bottom of page