
Maaike Hagedoorn, nieuwe regioleider Almelo eo koerst op collectief leiderschap
Maaike Hagedoorn, locatiedirecteur van het Canisius in Tubbergen, is Jan van der Meij opgevolgd als regioleider van STO Almelo eo. Voor de nieuwsbrief van STO Twente zet zij graag haar visie uiteen: “In de komende periode werken we toe naar een meer collectieve vorm van leiderschap. In gezamenlijkheid gaan we de talenten en expertise van elke STO-collega nog gerichter waarderen en inzetten.”
Waardevolle inzet van Jan van der Meij
Maaike benadrukt dat Jan van der Meij veel ontwikkelingen in gang heeft gezet. Maaike: “Daar zijn inmiddels mooie resultaten mee bereikt. Jan heeft de afgelopen jaren een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling en versterking van het technisch onderwijs in de subregio Almelo eo. We bedanken Jan voor zijn inzet, betrokkenheid en waardevolle bijdrage.”
Nog meer waardering voor ervaring en expertise STO-collega’s
In de komende periode werkt de subregio toe naar een collectieve vorm van leiderschap: “Ik mag dan nu de regioleider zijn, maar veel collega’s zetten zich al jaren 100% in voor STO en hebben veel ervaring opgedaan en resultaten bereikt. Mijn leiderschap focust op het gezamenlijk benoemen en nog verder versterken en inzetten van hun individuele en professionele kracht. We willen veel meer gezamenlijk de talenten en ervaringen van elke collega nóg gerichter voor STO inzetten.” Dit betekent ook, benadrukt Maaike, dat de feedback van alle STO-collega’s aan waarde wint: “Deze collega’s doen waardevolle ervaringen op in het veld. Daar gaan we goed naar luisteren, ieders inbreng is gelijkwaardig. Vervolgens gaan we volledig mee in de toepassing van deze ervaring. Kortom, vertrouwen en warmte geven aan de STO-collega’s die hun werk al ontzettend goed doen.”
Eén focus: jong technisch talent behouden voor de regio
Sinds 2015 is Maaike directeur van het Canisius Tubbergen: “Daarvoor was ik teamleider en zelf kom ik uit de bètatechnische hoek. Met techniek heb ik altijd iets gehad. Het mooie van onze regio is dat we als scholen samenwerken, omringd door bereidwillige techniekbedrijven. Alle betrokkenen, ook deze bedrijven, zijn er compleet van doordrongen dat het van groot belang is dat we jong technisch talent voor onze regio behouden. Door onze hechte samenwerking hierin realiseren we een hoge uitstroom richting techniek.” Maaike is heel blij met deze tomeloze inzet van alle stakeholders: “Zowel het PO en MBO alsook de grotere als kleinere techniekbedrijven, want ook de tweede groep bedrijven heeft er belang bij dat ons technisch talent in de regio blijft.”
Scholen delen en dragen één gezamenlijke visie
Er is nog een ander mooi winstpunt van de inzet van STO tijdens de afgelopen jaren, ziet Maaike: “We hebben een subregio met meerdere STO deelnemende vmbo-scholen. Die scholen zijn de afgelopen jaren concreet en aantoonbaar naar elkaar toegegroeid. Het eigen belang per school is 100% vervangen door een gezamenlijke visie en beweging. Ik vind dat een enorm sterk resultaat. Ook door de inzet van mijn voorganger Jan van der Meij zijn concurrerende scholen veel meer gaan samenwerken, eveneens met het bedrijfsleven. We hebben onder andere bereikt dat collega’s op elkaars school lesgeven, het PO met leerlingen op de vmbo scholen komt en er zijn veel leerlingen die op de vaste woensdagmiddag een keuzevak techniek volgen op een andere vmbo-school. En door de intense samenwerking met het bedrijfsleven bereiken we ons doel dat onze regio één groot klaslokaal wordt voor technische vmbo-leerlingen. De scholen gunnen elkaars plek hierin, want uiteindelijk gunnen we dit sámen de leerlingen.”
Toekomstgericht onderwijs, binnen en buiten het lokaal
Graag gaat Maaike hier wat dieper op in: “Onze regio kenmerkt zich door sterke samenwerking en verbinding tussen scholen en de vele betrokken organisaties en bedrijven. Jongeren verdienen alle kansen om hun talenten te ontdekken en te ervaren hoe waardevol techniek is voor hun toekomst. Ik kijk ernaar uit om samen met al onze partners te blijven bouwen aan toegankelijk, toekomstgericht onderwijs, binnen en buiten het lokaal, waarbij het welzijn én het leren van onze jongeren altijd voorop staat."
Twentse inslag helpt
De Twentse manier van elkaar helpen draagt ook bij aan het succes van STO in de subregio Almelo eo, ziet Maaike: “De nuchterheid, noaberschap én de wil van Twentse technici om hun vakkennis door te geven, draagt hier enorm aan bij. Dit verklaart ook de hoge aantallen vrijwilligers uit de bedrijven en andere sectoren in onze regio die zich in willen zetten voor STO. Op onze beurt nemen we al deze vrijwilligers serieus en volwaardig mee. We merken daarbij dat er ook nauwelijks tot geen ordeproblemen met de leerlingen zijn. Dit wordt wellicht verklaard door de twentse inslag waarbij de leerlingen aanvoelen dat zij van al die mensen kunnen leren om zelf vooruit te komen.”
Bewezen route van interesse naar gerichte keuze
De STO-subregio Almelo eo hanteert een succesvolle route. Maaike: “De kennismaking met techniek voor onze leerlingen begint vaak al op het PO door het bezoeken van masterclasses. Het kennismaken verloopt laagdrempelig voor vmbo-leerlingen, zoals met een bezoek aan een bedrijf, ons Talent Event of de STELdag. In de onderbouw maken de leerlingen dan al kennis met allerlei bedrijven, organisaties, techniek en mogelijkheden. Vervolgens lopen ze op enig moment stage en maken ze ook kennis met bedrijven waar ze zelf niet zo snel aan zouden denken, of al kennen via de ouders, familie of buren. We laten ze dus bréder kennismaken dan daar waar dit voor de hand ligt. Opgeteld door deze ervaringen komen ze er zo heel praktisch achter wat wel en niet bij hen past. Dát is super belangrijk.”
Succes tekent zich af in mbo
Eveneens draagt deze aanpak bij aan het succes van deze leerlingen als zij vervolgens naar het mbo gaan. Maaike: “Ons onderzoek wijst uit welke leerlingen in de techniek succesvol zijn in het eerste jaar van het mbo. We zien dan dat onze leerlingen, door hun eerdere veelzijdige kennismaking met techniek in de praktijk, het over het algemeen goed doen in het eerste jaar van het mbo. Juist die eerdere techniekervaring buiten de schoolbanken helpt hen de goede keuze te maken als zij van het vmbo naar het mbo gaan.”
Visie op verduurzaming
Eén van de doelen van STO Twente in de laatste tranche is om alle activiteiten en ontwikkelingen duurzaam in te bedden voor ná 2028. Hoe kijkt Maaike daarnaar? “De komende twee jaar gaan we scherp beoordelen wat we doen, wat werkt en wat we daarvan willen behouden en vasthouden. In ieder geval houden we onze visie daarop vast. Alle samenwerkingen die we inmiddels gevonden hebben, voelen nu al als heel natuurlijk en ingebed aan. Aan de continuering daarvan hoeven we niet te twijfelen. Maar we moeten ook realistisch zijn en samen met álle scholen, ook het PO en MBO én aangesloten bedrijven, beoordelen wat we zó waardevol vinden voor de leerlingen, dat we dat ook na 2028 samen blijven aanbieden. Want dat is waar we het uiteindelijk voor doen: de leerlingen.”

