top of page

Met Techkwadraat Twente geven we het vak Onderzoek en Ontwerpen een stevig fundament mee vanuit ons nieuwe Technasium

Het Bataafs Lyceum in Hengelo doet mee met Techkwadraat Twente. Al bij de start heeft deze vo-school haar zaken goed op de rit, zoals het samen met het bedrijfsleven aanvliegen van het vak Onderzoek & Ontwerpen (O&O). Graag deelt deze school haar ideeën en initiatieven, bijvoorbeeld BL-Business voor de inhoudelijke connectie tussen bedrijven en leerlingen. Gerdi Haverkamp is biologiedocente, mentor, coördinator BL-Business en Havo-P en Technator voor het Technasium: “Technologische bedrijven zien doorgaans het belang om mee te werken, samen met scholen, aan de nieuwe generatie medewerkers. Ook vergroten zij hun naamsbekendheid door met een vo-school als de onze samen te werken. Het belang ligt dus niet alleen bij de school.”

Bewuste focus op Bèta 

Joanne Duijvestijn is locatieleider en teamleider bovenbouw: “Wij zijn een school voor havo en vwo, met ook vwo plus onderwijs. Van oudsher is ons bèta onderwijs sterk ontwikkeld. Vanaf januari 2026 worden wij formeel Technasium. De lat voor dit officiële predicaat ligt behoorlijk hoog en op de weg naar deze erkenning hebben we onder andere een aantal docenten opgeleid voor het vak O&O.” Joanne’s collega Gerdi Haverkamp is er daar één van. Joanne: “Voor ons Technasium is zij onze coördinator, ofwel Technator. Ons Technasium past geografisch ook goed in Hengelo als van oudsher een technische stad.” Gerdi: “We zijn hiernaartoe gegroeid door een jarenlange focus op Bèta en technologie. Met onze leerlingen zijn we eerste partnerschool van de UT en veel van onze leerlingen stromen door naar de UT. In de bovenbouw bieden we Havo-P aan, daarin draaiden we eerder mee als ontwikkelschool.”


Techkwadraat voorziet Technasium van stevig fundament 

Het Bataafs Lyceum sluit aan op Techkwadraat Twente met haar havo, Havo-P, vwo en vwo Plus. Hoe zien zij dit nieuwe programma? Joanne: “Voor ons is Techkwadraat Twente een mooie mogelijkheid om een deel van alles wat we gaan doen voor Technasium makkelijker te laten verlopen. Techkwadraat komt daarmee voor ons op een mooi moment en gebruiken we ter versterking van wat we al doen met technologie, ook vanuit het perspectief van de daarmee gemoeid gaande kosten en tijd. Techkwadraat Twente is voor ons een mooie stimulans om daar ook daadwerkelijk tijd in te kúnnen steken. Hiermee blijven we weg van een vluchtige benadering en kunnen we het stevig neerzetten.” Gerdi: “Dankzij Techkwadraat Twente kunnen we ons nu ook oriënteren op de concrete inrichting, vormgeving en benodigde hardware en technologie voor ons Technasium lokaal. Denk aan 3D printers en een laser cutter.”


Voldoende alternatieven voor Technasium 

Welk advies hebben Joanne en Gerdi voor vo-scholen die geen Technasium zijn, maar wel het vak O&O willen inrichten rondom dit gedachtegoed? Gerdi: “Zij kunnen ook O&O aanbieden in de onderbouw en in de bovenbouw is er Havo-P. Dit zijn vakken met een praktijkgericht programma, waarbij je leerlingen kennis laat maken met mogelijke werkvelden, beroepen en bedrijven. Een hele waardevolle route.” Joanne: “Of neem scholen die deel uitmaken van het Wetenschapsoriëntatie Nederland (WON)-netwerk, gericht op wetenschappelijke voorbereiding van vwo-leerlingen. Ook mag je Natuur, Leven en Technologie (NLT) als vak aanbieden in de bovenbouw, met een mooie vakintegratie en veel praktijk.”


Contacten leggen via ouders en bedrijvenmarkt Veel scholen vinden het best wel een uitdaging om contacten te leggen met het omliggende technologische bedrijfsleven voor vooral het vak O&O. Hoe pakt het Bataafs Lyceum dit op? Gerdi: “Daar heb je niet één oplossing voor, maar dit verloopt via meerdere kanalen, zoals via ouders met een eigen bedrijf en onze jaarlijkse bedrijvenmarkt. Die bedrijvenmarkt biedt alle leerlingen vanaf klas 3 de mogelijkheid via een speeddate aan tafel te gaan met mensen die in verschillende functies werken bij verschillende bedrijven in de regio Hengelo. De bedrijven vertellen wat hun bedrijf doet, wat zij daar doen, welke andere functies er zijn en welke opleiding nodig/handig is voor die functie.” Om mogelijke koudwatervrees bij collega-vo-scholen weg te nemen benadrukt Gerdi dat bedrijven over het algemeen graag meewerken: “Zij zien het belang in om mee te werken aan de nieuwe generatie medewerkers in technologische bedrijven. Ook vergroten zij hun naamsbekendheid door met een VO-school als de onze samen te werken.”


Aan de slag met echte bedrijfsmatige onderzoeksvragen 

Joanne stipt een cruciaal element aan: “Vanuit Technasium schrijf je projecten samen met bedrijven. Dat uitgangpunt sluit naadloos aan bij waartoe ook Techkwadraat opdracht voor geeft vanuit het vak O&O. Die projecten zijn niet bedacht of nagebootst, maar komen reëel uit de dagelijkse praktijk van deze bedrijven. Technasium hanteert daar een toepasselijke term voor: stinkende casussen.” Ofwel: de leerlingen halen bij de deelnemende bedrijven uit Hengelo en omgeving realistische onderzoeksvragen op. Gerdi: “Dit doen we vanuit het vak O&O. De leerlingen krijgen een kick off bij het bedrijf in kwestie, leren contact leggen en dóór te vragen in gesprekken met de bedrijven. Ook ervaren ze hoe het is om een diepgaande samenwerking aan te gaan met externe specialisten die zij hierbij betrekken in de rol van expert.” Wat is de rol van die expert? Gerdi: “De leerlingen kruipen in de huid van een externe expert. Zij lossen het gestelde probleem op, op de manier waarop de expert dit zou doen. Zij volgen als het ware het stappenplan van de expert. Deze aanpak weerspiegelt de realistische uitdagingen en manier van samenwerken in het werkveld waar zij later ook mee te maken krijgen.” Joanne: “De spelregel is dan ook dat het deelnemende bedrijf de door de leerlingen aangereikte oplossing serieus meenemen en daadwerkelijk in hun bedrijf proberen toe te passen. Misschien in aangepaste vorm, maar de oplossing wordt wel degelijk meegenomen in hun proces.”


Een goed idee: BL-Business 

Om deze manier van samenwerken vanuit het vak O&O praktisch te ondersteunen bedacht en introduceerde het Bataafs Lyceum het concept Bataafs Lyceum (BL) Business. Gerdi: “Met BL-Business brengen we bedrijven in contact met leerlingen die wel een portie extra uitdaging kunnen gebruiken. Het mes snijdt aan twee kanten; bedrijven kunnen laten zien wat zij doen en de leerlingen krijgen een kijkje in de keuken van dat bedrijf en kunnen hun honger naar extra kennis en ervaringen stillen. Deze aanpak valt daarmee binnen het spectrum van het vak O&O.” Maar daar blijft het met BL-Business niet bij, benadrukt Gerdi: “De leerlingen graven diep door in het bedrijf, overleggen met management en medewerkers en leggen samen een reële uitdaging op tafel. De leerlingen lossen die op en communiceren hiervoor intensief met het bedrijf in kwestie. Nogmaals: het zijn zogeheten ‘stinkende casussen’ in de terminologie van Technasium: reële uitdagingen die om een realistisch toepasbare oplossing vragen.” Overigens, het Bataafs Lyceum werkt niet alleen met bedrijven, maar ook met andere scholen samen. Joanne: “Zoals met het CT Stork College in een kunstproject genaamd Veelvlakken. Hun vmbo-leerlingen en onze leerlingen brachten samen een fantastisch kunstwerk technisch tot stand, meteen een leerzaam kijkje voor de leerlingen in elkaars belevingswereld.”


Nauwgezet volgen van leerdoelen en curriculum

Hoe brengt het Bataafs Lyceum al haar initiatieven vanuit het vak O&O in lijn met de gestelde leerdoelen en het voorgeschreven curriculum. Gerdi: “We volgen de doelen en het curriculum van het Technasium. Een voorbeeld? De leerlingen in de onderbouw maken kennis met minimaal zes van de zeven werelden van techniek. We borgen dat we daarvoor projecten schrijven die deze doelen zoveel mogelijk afdekken. Dan heb je het ook over belangrijke vaardigheden als verslaglegging en presenteren. Voor mij is dit een behoorlijke stok achter de deur om bijvoorbeeld ook projecten te koppelen aan bedrijven in een sector waarin ik misschien minder bedrijfscontacten heb.” Techkwadraat beoogt inderdaad ook docentenontwikkeling op het vlak van technologie. Hoe ervaart Gerdi dit aspect? “Positief, ook door de komst van Technasium voelt dit voor mij als een paraplu. Alles komt nu samen waarbij we onderwijs aanbieden waarbij leerlingen met een Bèta-technische referentie aan de slag gaan, en ook hun vaardigheden ontwikkelen. Met als belangrijk doel om te ontdekken welke richting zij later in willen slaan; al deze zaken zijn waardevol en dragen ook bij aan mijn docentenontwikkeling.”


Leerlingen zijn scherpe graadmeter voor realistisch technologisch onderwijs 

Joanne: “We hebben ook drie andere docenten opgeleid voor het vak O&O. Ook zij ondervinden hiervan een enorme impuls waardoor je samen technologisch onderwijs vorm gaat geven. Het curriculum is weliswaar leidend, maar is niet in beton gegoten. We kijken heel scherp naar nieuwe technologische ontwikkelingen die we na een goede interne weging aan dit curriculum kunnen toevoegen. Je kunt vooral op technologisch gebied niet 10 jaar hetzelfde blijven doen, want het zijn je leerlingen die als eerste inzien dat het daaraan gekoppelde onderwijs niet langer de realiteit weerspiegelt, zoals de aansluiting op het beroepenveld. Als het niet echt of realistisch is, ruiken je leerlingen dat direct als eersten!”


Aandacht voor Havo-P 

Gerdi noemt bewust Havo-P: “Onze school was daarin ontwikkelschool en opgeteld maken al deze werkzaamheden dat ik mij beduidend breder kan ontwikkelen dan met alleen lesgeven.” Joanne gaat graag even in op Havo-P: “Ook bij onze havoleerlingen zien we jong talent dat toch liever praktisch met de handen bezig is. Leerlingen van onze havo, maar ook van het vwo, waarderen het enorm dat zij in het vak O&O praktisch bezig zijn, en dit maakt het voor hen gevoelsmatig ook logischer dat dit gepaard gaat met theoretische vakken. Neem Natuurkunde, dit wordt ook voor hen leuker als zij doorgronden waar je die kennis in kunt toepassen.” Gerdi noemt een concreet project: “Onze Havo-P-leerlingen ontwerpen een foodtruck en de leerlingen van Praktijkonderwijs ’t Genseler bouwen eraan mee. Je hoeft dus niet alleen met bedrijven samen te werken, maar kan dat ook doen met andersoortige  scholen. Heel leerzaam voor onze leerlingen, want als zij later in een technologische functie komen te werken, hebben ze al geproefd aan de soft skills die nodig zijn om met iedereen te kunnen samenwerken!”

bottom of page