
Techniekbedrijven staan te springen om onze Praktijkonderwijs leerlingen
Ralph Kolmschate is directeur PRO van Het Erasmus, Almelo. Een gewaardeerde en veelzijdig actieve deelnemer aan STO Twente vanuit de subregio Almelo eo. Ralph: “Voor onze leerlingen in het Praktijkonderwijs zie ik heel veel mogelijkheden vanuit STO Twente.”
Spannende tijden voor Praktijkonderwijs
Op het moment van dit interview was net bekend geworden dat het coalitieakkoord de aangekondigde bezuinigingen op het onderwijs terugdraait. Ralph: “Toch is het nog onduidelijk of essentiële zaken die wij in ons PRO onderwijs geïmplementeerd hebben doorgaan en in welke vorm en hoeveelheid. Het is dus nog heel spannend, juist omdat onze PRO-leerlingen en vaak ook hun persoonlijke omgeving, meer nodig hebben dan puur en alleen onderwijs.”
Praktijkonderwijs: leren door te dóen
Binnen PRO op het Erasmus kiezen de leerlingen in de derde klas tussen de profielen Techniek en Dienstverlening. Ralph duidt graag de kracht van PRO-leerlingen: “Onze PRO-leerlingen kunnen veel, maar hebben extra ondersteuning nodig, zoals vanuit ons tweejarig PRO vmbo-traject. Vooral sociaal-emotioneel gezien bereidt dit hen voor op het vmbo. Deze leerlingen krijgen in een kleine groep een lightversie van de stof op het vmbo, dus in ieder geval de basisvorming. We buigen hiermee het negatieve afstroomeffect om naar het positieve opstroomeffect. Dit laatste geeft de leerlingen een boost. Onze leerlingen leren door te doen.”
Veelzijdig actief binnen STO Twente
Ralph: “Vanuit het PRO onderwijs in Almelo leveren wij als school al enkele jaren een actieve bijdrage aan STO Twente. Concreet gaat het om het verzorgen van masterclasses voor leerlingen vanuit het primair onderwijs, het meewerken aan de organisatie van de STELdag evenals het actief bijdragen aan Techniek Tastbaar. Voor mij persoonlijk geldt dat ik als directeur fungeer als aanjager voor de portefeuille communicatie, vanuit die rol participeer ik ook in de regioleiding van STO Twente.”
Kansen voor hybride leren
Ralph is wat later aangehaakt bij STO Twente en ziet veel mogelijkheden voor zijn PRO-leerlingen: “Dan kijk ik vooral naar het hybride leren. Als school kan ik niet alles aanbieden en ik ben blij om te zien dat tussen de aan STO deelnemende scholen in Almelo eo het concurrentie-denken verdwijnt. Daardoor kunnen we met elkaar het belang van alle leerlingen, ook de PRO-leerlingen, voorop stellen. Hoe mooi is het dat, naar verwachting volgend jaar, onze PRO-leerlingen bij het Zone.college het keuzevak ‘De Groene Ruimte’ kunnen volgen? Of hen een werkbezoek laten brengen aan een autospuitbedrijf? Volgend jaar zetten we stappen waarbij ook wij als PRO-school participeren in dit hybride leren, een belangrijk item binnen STO Twente.”
Hernieuwde PRO-focus op techniek
Ralph erkent dat er in het verleden wat negatiever is gekeken naar techniek, ook binnen PRO: “Iedereen wilde de kant op van horeca, ondernemen en dienstverlening en meer, nog steeds mooie vakken. Echter, binnen ons PRO hebben we een revitalisatie uitgevoerd richting techniek. De kernvraag? Hoe komen we met ons techniekonderwijs dichter bij onze leerlingen en waar pakken we hun interesse mee? Dat heeft concreet zijn vruchten afgeworpen. Los van STO hebben we een Edulab geïmplementeerd, een soort klein Technolab. We hebben ons techniekonderwijs sterk verbreed, waardoor de leerlingen een rondgang maken langs ook de techniekmodules en alles kunnen proeven door te dóen. Dat heeft opgeleverd dat onze leerlingen inmiddels veel enthousiaster zijn geworden voor techniek.”
Perspectief vanuit techniekbedrijven
Eén van de winstpunten van de vernieuwde focus op techniek? Ralph: “De techniekbedrijven staan te springen om onze PRO-leerlingen.” Vergt het ook extra ondersteuning voor techniekbedrijven die PRO-leerlingen op stage krijgen? Ralph: “Absoluut. Onze stagedocenten gaan altijd mee bij het eerste stagegesprek, en ook wel vaker. Welke tools heeft het stagebedrijf nodig voor deze leerlingen en welke handvatten hebben deze leerlingen? Eén van de valkuilen is dat stagebedrijven hen te snel overvragen.” Ralph ziet dat binnen STO ook een mooie slag wordt gemaakt naar het professionaliseren van collega’s uit het technisch bedrijfsleven: “Wij bieden cursussen aan stagebedrijven aan, met onder andere uitleg over wat een PRO-leerling specifiek maakt en hoe je als stagebedrijf daar goed mee om kunt gaan. Zo helpen we de bedrijven te begrijpen welke leerling zij voor zich hebben en hoe zij de vertaalslag maken om hiermee om te gaan.”
Lijn PO-VO
Ralph gaf al aan dat zijn Praktijkonderwijs op het Erasmus masterclasses verzorgt voor leerlingen vanuit het primair onderwijs: “Deze PO-leerlingen gaan volledig in de geest van PRO aan de slag, en werken met hout in ons algemene technieklokaal. Ook gaan ze aan de gang in ons Edulab. Kijk, van nature komen er al PO-leerlingen op bezoek vanuit de basisscholen waar we al langlopende contacten mee hebben. Maar met de masterclasses krijgen we ook andere PO-scholen binnen die hun eventuele beeld van het PRO vervolgens al snel positief bijstellen. Als het kan, sluit ik aan bij deze masterclasses om even bij te praten met de begeleidende groep 8 leerkrachten. Deze aanpak helpt zowel de PO-leerlingen alsook ons.”
Maatschappelijk succesvol
Ralph heeft meerdere voorbeelden van PRO-leerlingen die zich uiteindelijk heel goed hebben ontwikkeld in het technisch bedrijfsleven. Ralph: “Zoals leerlingen in de techniek die inmiddels compleet zelfstandig machines of een klein team mogen aansturen. We hebben een oud-leerling die in Almelo een eigen bedrijfje is gestart. Wij kijken duurzaam naar onze inspanningen voor onze PRO-leerlingen: zijn ze gelukkig en kunnen zij zich redden? We krijgen nu PRO-leerlingen waarvan ik de ouders in de klas heb gehad. Dan zie je dat ze alle facetten om zich staande te houden in de maatschappij goed op orde hebben, da’s heel mooi om te zien. Zij zijn maatschappelijk succesvol en dat maakt mij trots.”
Aanbeveling voor STO
Heeft Ralph vanuit het Praktijkonderwijs nog een aanbeveling voor STO Twente? “Ik hamer op de verduurzaming van alles wat we bereiken met STO Twente voor ná 2028. Laten we er met elkaar voor zorgen dat STO Twente blijft bestaan, los van de subsidiestroom, zoals het behoud van het voor PRO zo belangrijke hybride leren, en ook zonder concurrentie tussen de scholen. Als ons dat opgeteld lukt, dan mag je spreken van een enorm succes.”

