
XR is een hulpmiddel dat lesmaterie en de daaraan gekoppelde leerervaringen kan vergemakkelijken
Christel Mollink en Bjorn Klein Gunnewiek zijn vanuit het Technolab van TCC Potskampstraat volop actief met XR. Hoe vlogen zij dit bij de start aan? Wat ervaren zij als de valkuilen en juist ook versnellers van XR op een vmboschool? Christel en Bjorn: “XR is nog niet opgenomen in de syllabussen voor de profielen. Op het moment dat dit wel het geval zou zijn, dan zijn docenten misschien meer genegen XR te integreren in de lessen. Dat zou XR op het vmbo een enorme push geven.”
Hoe zijn jullie in je Technolab gestart met XR? Christel: “Toen we het Technolab inrichtten zijn we bewust klein gestart, met in eerste instantie drie VR-brillen. Ook namen we de tijd om eerst heel goed na te denken over wat we daarmee wilden bereiken. In het begin was het spielerei, maar dat voelde niet goed. Dé oplossing daarvoor was om concrete opdrachten bij VR te bedenken en die uit te bouwen tot workshops. Vervolgens schaften we HoloLenzen aan. We zagen daarin een toegevoegde waarde op de VR-brillen. Kortom, ons ervaringsadvies zou zijn om XR stapsgewijs te ontdekken en toe te passen.”
Is het nodig dat je schooldirectie XR support met beleid en financiën?
Bjorn: “We schreven een goed plan voor ons Technolab en de financiën kwamen vanuit STO Twente.” Christel: “Dat klopt, maar het is wel fijn als je schooldirectie tijd beschikbaar zou stellen om lessen, opdrachten en workshops voor XR te kunnen ontwikkelen, en ook om zelf al doende nieuwe kennis te ontwikkelen.”
Hoe krijg je de docenten mee voor XR?
Bjorn: “Wil je vanuit het Technolab XR inzetten in lessen búiten het Technolab? Dan gaat dat heel veel vergen van de docenten die ermee aan de slag gaan in hun klas, is onze ervaring. Zij moeten zich eerst de technieken eigen kunnen maken, zoals een VR-bril, voordat zij deze kunnen inzetten, onderschat dat niet. Doordat wij in het Technolab al veel hebben ontwikkeld, kunnen wij de docenten daarmee helpen in hun reguliere klaslokaal, dat geeft deze docenten wellicht direct een bepaalde voorsprong. Tegelijkertijd benadrukken we ook hoe belangrijk het is dat alle docenten tijd krijgen om zich te verdiepen in XR.”
Jullie ontwikkelen veel zelf. Hoe borg je die kennis voor andere collega’s?
Bjorn: “Ik ben intrinsiek gedreven, verdiep mij graag in XR en ontwikkel zelf veel van de bijbehorende software. Daar zit een risico in, dus sturen wij heel sterk en structureel op het delen van deze kennis. We ontwikkelen veel samen, en op die manier deel je direct de kennis. Tegelijkertijd kun je niet álles wat je doet met XR op papier zetten. Voor je het weet heb je een update en werkt je eerdere beschrijving niet meer. Eventuele hindernissen lossen we samen op, waardoor de kennis gewaarborgd blijft.”
Een kwestie van meekijken en gewoon doen Christel: “Met de HoloLens en Infento Discovery Kit gaan leerlingen onze demontabele quad verder in elkaar bouwen. Dat doen zij op basis van Dynamic Guides die Bjorn zelf heeft gemaakt. Momenteel ontwikkelen we een nieuwe workshop voor in de kunststofstraat voor de onderbouw van het vo. Daar zetten we de HoloLens ook voor in, ook weer op basis van door Bjorn ontwikkelde guides. Bjorn draagt hierin van meet af aan zijn kennis over, dus nu ben ik ook aan het leren om die Dynamic Guides te maken. Een kwestie van meekijken en gewoon doen. Samen daarin optrekken is heel belangrijk, ook als je nieuwe workshops ontwikkelt, zoals nu voor de kunststofstraat.” Bjorn: “Momenteel doe ik mee met een XR-opleiding bij Bouwmensen Almelo waarbij ik een digitale werkplaats specifiek voor BWI leer programmeren. Daar doen meerdere BWI-docenten aan mee, en zo kan het goed werken om specifiek profielgericht met XR in je praktijklokaal aan de slag te gaan."
Wat is de relatie tussen de vmbo syllabussen en XR?
Bjorn: “XR is nog niet opgenomen in de syllabussen voor de profielen. Op het moment dat dit wel het geval zou zijn, dan zijn docenten misschien meer genegen XR te integreren in de lessen. Uiteindelijk met als doel de leerling in jaar vier voor te bereiden op het examen waarbij het duidelijk is wat een leerling met XR concreet moet kunnen. Zitten daar moderne technologieën niet in, zoals een stukje robotisering? Dan motiveert dit misschien de docenten minder om het zich eigen te maken en kunnen ze het ook niet in hun lessen inzetten.” Christel: “Maar het opnemen van XR in syllabussen zou ook kunnen gelden voor de niet-technische vakken. Een voorbeeld? Er is een direct toepasbare app over het Anna Frank Huis voor geschiedenislessen. Toch merk je nog dat docenten de weg naar ons niet altijd vinden of op voorhand misschien denken dat XR niet past in hun lesprogramma. Dit zou nog beter van de grond kunnen komen.”
Is het Technolab eigenlijk de meest logische plek om XR in onder te brengen?
Christel: “In onze ogen misschien wel. Leg je XR bij de introductie direct en rechtstreeks bij een profiel neer? Dan ontbreekt het deze docenten misschien aan de ruimte en tijd om zich hierin goed te verdiepen. We gebruiken XR structureel en dagelijks in ons Technolab. Daardoor centraliseren we ook al onze opgebouwde kennis op een locatie waar de nieuwste technologie toch al het hoofdthema is. De profielen zijn vervolgens van harte welkom om zich samen met ons die kennis eigen te maken.” Bjorn: “XR rechtstreeks bij een profiel neerleggen zou misschien niet altijd de beste route zijn.”
Kun je XR misschien ook relativeren?
Bjorn: “Wellicht wel, we moeten XR niet altijd zien als een heilig middel. Het kan een hulpmiddel zijn dat ándere technische materie en de daaraan gekoppelde leerervaringen, kan vergemakkelijken. Kijk, je moet leerlingen altijd eerst de basisvaardigheden bijbrengen, zoals metaalbewerking. Daar kan een VR-bril of HoloLens bij helpen, maar eerst moet je daadwerkelijk leren zagen, vijlen, schuren en meer. Die fysieke ervaring van wat bijvoorbeeld een vijl op ijzer doet, is en blijft onmisbaar. Of het daadwerkelijk leren aanvoelen van een trilling in een draaibank. XR kan hierin ondersteunen, zoals met een VR-bril leren hoe je een werkstuk inspant in een werkbank, maar het werkt niet andersom: vaardigheden proberen te leren via XR en deze vervolgens niet fysiek in de praktijk brengen.” Christel: “Als docent zou je kunnen kiezen tussen fysieke leerervaringen, virtuele leerervaringen of een mix daarvan. Een VR-bril is bijvoorbeeld heel geschikt om je leerlingen virtueel mee te nemen in de technische processen in een fabriek om daar vervolgens in je les fysiek op in te gaan.”
Tot slot: kijk landelijk goed rond, ook binnen STO
Bjorn heeft tot slot een advies: “Docenten die zich willen verdiepen in XR geef ik de tip om ook landelijk goed rond te kijken. Misschien is er elders in het land een collega-docent die XR al toepast en waar je te rade kan gaan. Uiteraard delen we ook heel veel informatie binnen STO Twente, zoals nu ook met deze speciale nieuwsbrief. Zoek daarin de verbinding met elkaar, en daarmee kun je voorkomen dat je met elkaar het wiel opnieuw uitvindt.”

