410 resultaten gevonden
- Vmbo-leerlingen PIE bezoeken voor het eerst stagemarkt
5727abb7-dad9-4d95-acb8-a67760b21283 Vmbo-leerlingen PIE bezoeken voor het eerst stagemarkt Elk jaar organiseren ROC van Twente en SMEOT samen een stagemarkt. Techniekstudenten uit het mbo maken rechtstreeks kennis met stagebedrijven. Dit jaar kende deze stagemarkt in september een noviteit: voor het eerst bezochten ook derdejaarsleerlingen PIE van het C.T. Stork College in Hengelo de stagemarkt. Tom Blaauwgeers van C.T. Stork College: “Nuttig, want aan het eind van dit schooljaar gaan ze stage lopen.” Hans Fokke: “C.T. Stork College en SMEOT werken al langer goed samen voor de profielmodules en keuzevakken onder de vlag van STO Twente. Maar ook derdejaarsleerlingen PIE gaan op stage. Zo is het idee ontstaan ook hen uit te nodigen voor deze stagemarkt. Van groot belang, want de derdejaarsleerlingen PIE van C.T. Stork College moeten aan het eind van hun derde schooljaar stage lopen bij een techniekbedrijf.” Oriënteren op beroepsbeelden Op deze stagemarkt kunnen de PIE-leerlingen zich oriënteren op welke beroepsbeelden er zijn in de constructie, mechatronica en verspanende industrie Hans benadrukt dat het hier niet bij blijft: “Dit schooljaar komen deze PIE-leerlingen ook naar SMEOT voor het volgen van hun profielmodules. Om precies te zijn: Bewerken & Verbinden en Besturen & Automatiseren.” Tom: “Die profielmodules baseren we op een doorlopend programma voor specifiek de woensdagmiddag. En nu maken zij tijdens de stagemarkt ook nog eens kennis met bedrijven in de sectoren Metaal, Mechatronica en Verspaning. Een soort voororiëntatie richting hun stage die zij moeten kiezen.” Gerichte loopbaanoriëntatie-opdracht De leerlingen lopen niet zomaar rond, maar bezoeken de stagemarkt op grond van een gerichte loopbaanoriëntatie-opdracht. Tom: “Er staan bedrijven klaar met stands en de leerlingen hebben een mapje met vragen bij zich die ze gezamenlijk hebben voorbereid met hun mentor. Zo kunnen ze kennismaken, vragen stellen en zich een beeld vormen. Ze bezoeken in totaal negen bedrijven, drie per genoemde sector. De winst? Ze krijgen in korte tijd een indruk van wat deze techniekbedrijven doen en wat dit de leerlingen met een stage kan bieden. Een extra winstpunt is dat de leerlingen in de praktijk kunnen brengen wat zij tijdens de loopbaanoriëntering leren: gespreksvoering met de stagebedrijven.” Reactie standhouder De Spiraal en Tribelt uit Haaksbergen waren twee bedrijven die deelnamen aan de stagemarkt: “We vinden dit heel nuttig. Vooral ook om wij bij deze editie van de stagemarkt rechtstreeks in contact komen met PIE-leerlingen uit het vmbo. Dat kunnen toch onze toekomstige collega’s zijn! In onze beide bedrijven zijn we ook bezig om snuffelstages voor vmbo-leerlingen in het leven te roepen.” Enkele reacties van leerlingen Na het kennismaken met de bedrijven stond er gastvrij drinken klaar voor de leerlingen. Eenmaal weer onder elkaar kwamen de tongen al snel los: “Ik wist niet dat er zo veel techniekbedrijven zijn!” “Best spannend om een bedrijf iets te vragen, maar we deden het samen, dus dat viel mee.” “Het duizelt mij nu wel. Maar ik ga rustig met mijn ouders en techniekdocent overleggen waar ik het beste stage kan lopen. De bedrijven hebben mij wel op ideeën gebracht.” “Gaaf dat er ook hele moderne technieken te zien waren!” “Mijn vader werkt ook bij dat bedrijf!” MENU
- Pilot Keuzevak Duurzame Energie geeft nieuwe energie!
11cb81f4-1c4f-497a-9d69-ca7d259687f3 Pilot Keuzevak Duurzame Energie geeft nieuwe energie! De STO-subregio Almelo e.o. is volop actief met een pilot voor het Keuzevak Duurzame Energie. Hierin werken Erwin Geerdink, docent PIE aan Het Noordik, en zijn onderwijscollega’s nauw samen met het installatiebedrijf Hoppenbrouwers Techniek uit Almelo: “Wellicht kunnen we volgend schooljaar ook leerlingen voor dit keuzevak laten kiezen die niet per se een technisch profiel volgen.” Hoe zijn jullie tot het Keuzevak Duurzame Energie gekomen? Erwin: “Ons STO-activiteitenplan biedt diverse mogelijkheden voor keuzevakken, ook binnen PIE. Er is een landelijke lijst met 17 bestaande keuzevakken techniek waaruit je kunt kiezen. Eerder deden we dat al met het Keuzevak Koudetechniek. Dit hebben we samen met het bedrijf Airco Joop in Almelo gerealiseerd. Voor het Keuzevak Duurzame Energie klopten we succesvol aan bij installatiebedrijf Hoppenbrouwers Techniek uit Almelo. Hun werkveld ís duurzame energie. Zij doen bijvoorbeeld veel met warmtepompen en installaties voor warmteterugwinning.” Hoe heb je inhoud gegeven aan het nieuwe Keuzevak Duurzame Energie? Erwin: “Voor elk keuzevak zijn vastliggende eindtermen geformuleerd. De docenten PIE helpen met hun kennis en bronnen Hoppenbrouwers een inspirerende lessenreeks te laten maken. Dit voorwerk resulteerde in door hen zelf samengestelde theorielesstof en praktijkopdrachten. Die hebben onze leerlingen in het bedrijf uitgevoerd. Zoals werken en meten aan een warmtepomp en het ophangen en aansluiten en inbedrijfstellen van radiatoren.” Zijn de leerlingen nog ergens anders op bezoek geweest? Erwin: “Er waren in totaal vier lessen voor de leerlingen. Voor de laatste les zijn de leerlingen naar een woongebouw geweest van TMZ, een wooncomplex voor bejaarden in Almelo. Daar loopt een langdurig project om dit pand volledig te verduurzamen. Daar konden ze alle systemen die de duurzame energievoorzieningen regelen bekijken, in lijn met de eerdere lessen.” Hebben de leerlingen een gevoel bij Duurzame Energie? Erwin: “Toch wel ja. Ze weten dat we van het gas af moeten en doorgronden de functie van zonnepanelen en ook elektrische auto’s. Je merkt dat het leeft en dat er thuis over wordt gesproken. Wel vinden we het belangrijk dat leerlingen die kiezen voor dit keuzevak ook daadwerkelijk gemotiveerd zijn en interesse hebben in dit onderwerp.” Wat is jouw rol? Erwin: “Ik ben coördinerend en organiserend actief voor dit keuzevak in de STO-regio Almelo e.o.. Ook heb ik collega-docenten geënthousiasmeerd om hun leerlingen hiervoor warm te laten lopen. Wel zien we dat we ons met het Keuzevak Duurzame Energie vooral richten op jongens en meisjes die het techniekprofiel kozen. Wellicht kunnen we volgend schooljaar ook leerlingen voor dit keuzevak laten kiezen die niet per se een technisch profiel volgen. Dat maakt de vijver waar we in kunnen vissen alleen maar groter. Het keuzevak staat open voor alle vmbo-scholieren in de regio Twente, we denken hierbij met name aan de D&P leerlingen." Welke conclusies trekken jullie uit deze pilot? Erwin: “Techniekbedrijven zijn tegenwoordig heel druk, door het vele werk en de krappe arbeidsmarkt. Daarom vinden het heel bijzonder dat Hoppenbrouwers Techniek, ondanks al hun drukke werk, toch hiervoor de tijd probeerde te vinden. Ook zijn vmbo-leerlingen Basis en Kader nieuw voor hen. De motivatie moet bij deze leerlingen soms nog groeien. Knap om te zien was hoe de medewerkers van Hoppenbrouwers Techniek hier flexibel mee omgingen. Het onderwijs is uiteindelijk niet hun kerntaak. Deze pilot, en misschien nog een tweede pilot, geeft ons richting om het Keuzevak Duurzame Energie in het schooljaar 2022 – 2023 in z’n volledigheid neer te leggen bij Hoppenbrouwers Techniek. Hierover zijn we met elkaar nog in overleg.” MENU
- Keuzevak Koudetechniek actief ondersteund door NVKL
43fddc02-c6f4-462e-8659-98cf6d3500c2 Keuzevak Koudetechniek actief ondersteund door NVKL Een aantal vmbo-scholen in Twente biedt, samen met NVKL, het keuzevak koudetechniek aan. zoals de STO subregio’s Almelo e.o. en Enschede. NVKL is de brancheorganisatie voor luchtbehandeling en koude- en klimaattechniek. Zij waren weliswaar bij de aftrap in 2019 geen officiële partner van STO Twente, maar hun positieve inzet voor het keuzevak Koudetechniek valt daar ondertussen wel onder. Brenda Witzier werkt bij de NVKL als projectmanager onderwijs en arbeidsmarkt: “De vmbo-leerlingen leren heel veel op school, maar het is waardevol als zij ook in de praktijk ervaren wat koudetechniek kan bieden. De onbekendheid met de mogelijkheden is nog groot. Daar helpen we ook graag de vmbo-scholen bij die onder de vlag van STO Twente samenwerken.” Warm laten lopen voor koudetechniek Voor het keuzevak Koudetechniek voor het vmbo heeft NVKL een complete lesmethode ontwikkeld. Deze lesstof kent een integratie in digitale lesmethoden zoals het veelgebruikte Elodigitaal. Mede daardoor heeft koude- en klimaattechniek een vaste plek gekregen of gaat die krijgen op inmiddels bijna 50 vmbo-scholen in Nederland waaronder in Twente. Brenda: “We hopen dat leerlingen die op het vmbo kennis hebben gemaakt met koudetechniek voor een vervolgopleiding op het mbo in de koudetechniek kiezen. De lesmethode laat vmbo-leerlingen kennismaken met ons mooie vak. Door hier actief mee bezig te zijn, verwachten we een grotere doelgroep te bereiken dan voorheen.” Waarom is deze inzet op meer instroom in de lijn vmbo-mbo voor NVKL belangrijk? Brenda: “In 2020 werkten er ongeveer 65.000 medewerkers in onze branche. We hebben berekend dat we in 2030 87.500 mensen nodig hebben. Bijvoorbeeld de groei van warmtepompen is hier debet aan, maar onder andere ook de toegenomen vraag naar koeling vanuit de industrie. Ook de vervangingsvraag in het monteursbestand groot door de vergrijzing. Opgeteld hebben we heel veel nieuwe (service)monteurs en engineers nodig.” Urgentie van meer instroom Brenda is bij NVKL werkzaam als projectmanager onderwijs en arbeidsmarkt: “Deze functie geeft de urgentie aan die wij voelen bij meer instroom. We zijn een relatief kleine branche en moeten zelf actief ons onderwijs genereren, daarom hebben we mede ons opleidings- en expertisecentrum GO° in Ede opgericht. Een aantal ROCs in Nederland geeft de opleiding koeltechniek en die helpen we met leermiddelen. Ook met hun docenten overleggen we regelmatig. Maar we besteden ook veel aandacht aan koudetechniek via vooral het keuzevak Koudetechniek.” Complete lesmethode De complete lesmethode die aan de scholen, zoals ook het vmbo, wordt aangeboden, bestaat uit lesmateriaal in boekvorm of e-learning, voorzien van animaties en filmpjes. De stof gaat in op de werking van een koudesysteem, met daarin vijf praktijkopdrachten voor de leerlingen. Daarnaast worden docenten ondersteund met bijvoorbeeld toetsvragen, een training en materialenlijst, Ook voor de schooldirectie, ouders en leerlingen is informatie beschikbaar. Bij het afsluiten van het keuzevak met een positief resultaat ontvangt de leerling een NVKL-certificaat. Brenda: “Vorig jaar zijn de vmbo-leermiddelen weer eens goed tegen het licht gehouden en aangepast. Afgelopen zomer is een nieuwe opdracht toegevoegd als alternatief voor de blikjeskoeler; het maken van een mini-ijsbaantje.” Een tip: scholen kunnen een subsidie aanvragen die samen met het O&O fonds wordt uitgegeven om een start te kunnen maken met het keuzevak. Brenda: “Daarmee halen de vmbo-scholen genoeg materialen en middelen in huis om de praktijkopdrachten voor een groep van ongeveer acht leerlingen twee jaar te kunnen uitvoeren.” Online meeting voor vmbo-docenten Brenda: “Er zijn nu bijna 50 vmbo-scholen in Nederland die iets doen met koeltechniek, ook in Twente. Een aantal vmbo-docenten gaf aan dat zij het leuk zou vinden om eens in een online meeting bij elkaar te komen. Met als doel informatie uit te wisselen over het keuzevak Koudetechniek, de veranderingen in koeltechnisch Nederland, ideeën over opdrachten of toetsen te delen en nieuwe ontwikkelingen te bespreken. Deze online meeting was gepland op maandag 13 november. Gewoon om eens uit te proberen of de docenten dat handig zouden vinden.” Meerdere docenten PIE namen hier aan deel, ook vanuit STO Twente. Ook Eric Raanhuis, docent PIE op het Noordik en kartrekker STO Almelo e.o., nam daaraan deel. Brenda: “De deelnemende docenten hadden goede suggesties om de leermiddelen voor het keuzevak Koudetechniek nog beter te laten aansluiten bij de belevingswereld van de leerlingen. Vanaf 2024 gaan we met die suggesties concreet aan de slag.” Hulp bij vinden van passende bedrijven Vmbo-scholen die met het keuzevak Koudetechniek aan de slag willen, kunnen ook terugvallen op de NVKL om in hun schoolomgeving lidbedrijven te vinden om daar samen mee het keuzevak Koudetechniek uit te voeren. Brenda: “Daar is veel behoefte aan want ook vmbo-scholen vinden het vaak lastig om de bijpassende koeltechnische bedrijven te vinden.” Bijvoorbeeld de STO subregio Enschede werkt voor het keuzevak Koudetechniek samen met NVKL lidbedrijven Emondt Koeltechniek en Pool Koudetechniek. En de STO subregio Almelo e.o. bouwde inmiddels een goede band op met het bedrijf Airco-Joop. Het allerleukste voor de leerlingen is natuurlijk wanneer zij eens bij een koeltechnisch bedrijf in de werkplaats aan praktijkopdrachten kunnen werken.” Docententrainingen voorjaar 2024 De eerstvolgende NVKL vmbo-docententraining vindt plaats in het voorjaar van 2024, ook daar kunnen docenten van de deelnemende scholen vanuit STO Twente zich voor aanmelden. Deze vindt plaats in het opleidingscentrum GO° in Ede. Brenda: “Bij voldoende belangstelling willen we in 2024 eveneens weer een ééndaagse opfristraining voor docenten houden die de algemene training al hebben gevolgd. Heb je hier belangstelling voor? Meld je dan gerust aan.” MENU
- Jaarlijkse studiereis STO Twente start energiek bij Groningse Gasunie
4e924437-cd17-415b-9b8b-af210356d767 Jaarlijkse studiereis STO Twente start energiek bij Groningse Gasunie De jaarlijkse en inmiddels derde studiereis van STO Twente was wederom geslaagd! Na eerder het zuiden en westen van Nederland bezocht te hebben, organiseerde programmamanager Marieke Rinket dit keer een super afwisselend programma met bezoeken aan vier totaal uiteenlopende organisaties in Noord-Nederland. 35 STO-collega’s uit alle vijf de subregio’s, voornamelijk docenten, deden op 7 en 8 november frisse en vernieuwende indrukken op. Maar ook het onderling netwerken leverde tal van nieuwe verbindingen op. In de bus en daarbuiten werden de nodige foto’s en appjes met STO-tips en -tricks uit de eigen subregio’s uitgewisseld. Nieuwe deelnemers Naast vooral techniekdocenten, reisden ook Hans Fokke van SMEOT mee, inmiddels een bewezen partner van STO Twente. Maar ook maakten alle deelnemers kennis met Els Veenhoven, de nieuwe STO projectleider van De Waerdenborch. Inmiddels haken in de subregio Rijssen - Holten ook Pius X en De Fruytier meer aan bij STO Twente, en Dirk Nolte vertegenwoordigde voor de eerste keer Pius X. Ook Rien Flinterman reisde voor het eerst mee namens Twickel Delden evenals Sander Scholten van Twickel Borne. Beide scholen zijn verbonden aan de subregio Hengelo. Warm onthaal bij Gasunie De eerste stop op 7 november was bij het hoofdkantoor van de N.V. Nederlandse Gasunie in Groningen, ook wel de Apenrots genoemd vanwege de bijzondere architectuur. De ontvangst was warm en gastvrij en Richard Aarts van de Gasunie gaf een inspirerende presentatie. Enkele eye openers voor STO Twente? Gasunie boort en levert geen gas, maar is volledig gespecialiseerd in al het werk daartussen. Gasunie legt, inspecteert en onderhoud veilige gasnetwerken, een wereld op zich! Met verbazing hoorden de STO-collega’s dat er in ons relatief kleine landje inmiddels zo’n 14.000 kilometer aan gasleiding onder de grond ligt, op zo’n 1,8 meter diepte. Vanuit een centrale commandopost, auto’s én rondvliegende helikopters wordt dit netwerk nauwgezet gemonitord. Richard: “Ooit bespeurde onze helikopter vanuit de lucht een rondreizend circus dat haar superlange tentpennen vervaarlijk dicht bij de gasleidingen in de grond sloeg. De helikopter landde naast de verbaasde circusmedewerkers en de collega’s van de Gasunie konden ter plekke erger voorkomen.” Werkkansen op alle technische niveaus Richard benadrukte dat er voor technici op alle niveaus enorme kansen liggen binnen de Gasunie. Als sprekend voorbeeld liet hij zien welk zwaar en verantwoordelijk werk de lassers doen van Gasunie. Richard: “Zij lassen de gasleidingen voor in de grond aan elkaar. Een minuscuul gaatje door een niet volwaardige las kan lekkage veroorzaken met potentieel rampzalige gevolgen. De eigen lassers van Gasunie zijn dé toppers in hun vak!” Maar er liggen nog veel meer werkkansen, ook voor technische mbo’ers. Of zoals Richard het letterlijk zei: “Van het controleren van een oliepeil tot en met het maken van ontwerpen in CADCAM.” En doorgroeien in technische functies bij de Gasunie? Daar was Richard zelf een sprekend voorbeeld van: “Ik heb in mijn technische werk met alle technische aspecten van de Gasunie kennis mogen maken.” Visie op geleidelijke energietransitie Uiteraard kwamen er veel vragen van de deelnemers over hoe Gasunie zich positioneert in de energietransitie. Immers ’van het gas af’ is al jarenlang een doel van de overheid. Richard: “Onze visie? Binnen de energietransitie blijft aardgas voorlopig nog een energiebron van betekenis. Daarnaast moeten er meer CO2-neutrale gassen komen. Op weg naar 2050 richt Gasunie zich op groen gas, waterstof, warmte met warmtenetten en afvang en opslag van CO2. Ook gaan we de energienetten voor gas en elektriciteit meer met elkaar laten samenwerken. Kortom, het wordt wat ons betreft en/en én langs de geleidelijk weg.” Hoofdkantoor: Organische architectuur De gastvrije ontvangst kreeg een korte en krachtige afronding met een rondleiding door een bijzondere pand van de Gasunie. Richard: “Het hoofdkantoor van de N.V. Nederlandse Gasunie in Groningen is gebouwd volgens de uitgangspunten van de 'organische architectuur'. De natuur is de voornaamste inspiratiebron van de architect. Het bouwwerk wordt als een derde huid gezien. Na de eigen huid en de tweede ‘huid’ van kleding, biedt een gebouw de mens een volgende beschermingslaag tegen de buitenwereld.” Dit humane ontwerp is bijzonder veel kracht bijgezet door in het ontwerp nergens een harde hoek van 90 graden toe te passen. Gasunie bedankt! Na de inleiding en de rondleiding verraste de Gasunie alle deelnemers aan de studiereis met een gave waterfles. Gasunie, bedank voor de gastvrijheid! MENU
- Reggesteyn: veelzijdige inzet VR brillen in het onderwijs
2f7e1c56-d5c4-450e-8985-623c8959864a Reggesteyn: veelzijdige inzet VR brillen in het onderwijs Op Reggesteyn zetten ze steeds vaker VR-brillen in voor de technische vakken. Waar het aan het begin nog ‘spannend’ gevonden werd om zo’n nieuwe techniek te gebruiken tijdens de lessen, weten de collega’s binnen Reggesteyn het VR-team steeds beter te vinden. Samen nadenken over nieuwe mogelijkheden binnen lessen. Dat is toch fantastisch! Heel belangrijk: de VR-bril is niet het doel van de les, maar een middel om het doel te bereiken. Ook ingezet bij Zorg & Welzijn Tijdens lessen van Zorg & Welzijn zet Reggesteyn de VR-brillen ook steeds vaker in. Hoe leerzaam is het om leerlingen die later bij de kinderopvang willen werken, de wereld door de ogen van een peuter te laten zien?! De leerlingen kijken naar een video waarop zij alles zien op peuterhoogte. Het is met een 360 graden camera gefilmd, waardoor zij de hele ruimte om zich heen kunnen zien. Welk gevaren zie je? Hoe moet een volwassene je benaderen als hij/zij in gesprek gaat met een peuter? In de gegeven opdracht moesten de leerlingen niet alleen naar de video kijken, maar hier ook gerichte kijkvragen over beantwoorden. Brede inzet De VR-brillen zijn voor de technische vakken en Zorg & Welzijn, maar Reggesteyn wil deze zoveel mogelijk wil benutten. Daarom zijn in de afgelopen periode de VR-brillen ook ingezet tijdens een muziekles samen met de app ‘Drum legend’. Drum legend is een muziekritmespel met meerdere drumgameplay-opties. In de ‘Drum Maestro-modus’ kun je een banddrummer simuleren, verschillende drumvaardigheden leren en je favoriete muziek spelen. In de ‘Rhythm Rush-modus’ daag je jezelf uit met moeilijkere nummers en streef je naar hogere scores. Het is niet alleen voor de collega’s vreemd om ineens zo’n VR-bril in te zetten tijdens de les, maar ook voor de leerlingen. Toen de leerlingen de bril voor de eerste keer opzetten, waren ze verwonderd. Zo’n andere wereld, waarbij ze de echte wereld even vergaten. Meer lessen met VR gepland Na de kerstvakantie stond de volgende VR-les gepland: boksen tijdens de gymles. De app Fit-XR zal hiervoor gebruikt worden. De afgelopen periode zijn mooie samenwerkingen ontstaan, waarbij nieuwe technologieën zijn toegepast tijdens de lessen. Hopelijk komen er nog veel meer mooie samenwerkingen voor de toekomst die geborgd worden en jaarlijks terugkeren. MENU
- Praktische materialen voor integratie leesbevordering en technologie binnen thematisch werken
1b445adc-8020-403f-a1a0-fd3b6d0a712e Praktische materialen voor integratie leesbevordering en technologie binnen thematisch werken Veel PO-scholen gaan concreet aan de slag met de integratie van lezen (leesmotivatie, leesbevordering) en technologie binnen thematisch werken. Techkwadraat Twente helpt hen daarbij, dankzij de onderzoeksinzet van Martine Gijsel. In dit artikel wijst zij geïnteresseerde scholen de weg naar kant-en-klaar toepasbare materialen. Martine: “Er is onder andere een uitgewerkte lessenreeks beschikbaar, en meer. We kunnen leerkrachten ondersteunen door middel van professionalisering.” Mogelijke meerwaarde nieuwe technologie voor taalonderwijs Martine Gijsel is Lector Taal en Technologie bij het Lectoraat Vernieuwend Onderwijs aan de Academie Pedagogiek & Onderwijs van Hogeschool Saxion: “Iedereen, ook PO-leerlingen en hun leerkrachten, hebben dagelijks en inmiddels onontkoombaar te maken met de opkomst van nieuwe technologie, waaronder AI. Tegelijkertijd weten we nog niet veel van hoe en onder welke omstandigheden deze ontwikkelingen wel of niet van meerwaarde kunnen zijn in specifiek het taalonderwijs in het PO. Kortom, we zien kansen en bedreigingen door deze razendsnel groeiende ontwikkelingen.” Dé kernvraag voor het onderzoek vanuit het lectoraat van Martine is hoe technologie het taalonderwijs kan verbeteren. Martine: “Waar is het een verrijking in het taalonderwijs in aanvulling op de leerkracht?” Maar ook deze onderzoeksvraag is cruciaal: “Wat moeten we onze PO-leerlingen leren over alle technologische ontwikkelingen? Dan heb je het specifiek over digitale geletterdheid.” Concrete materialen beschikbaar Naast dit belangrijke en lopende onderzoek reikt Martine PO-scholen inmiddels ook praktische ondersteuning aan met kant-en-klare materialen voor de integratie van leesbevordering en technologie binnen thematisch werken. Martine: “Dit past goed binnen de doelen van Techkwadraat Twente. Deze zijn specifiek ontwikkeld vanuit de bredere context van W&T, ofwel het onderzoekend leren op de basisschool. Met als insteek de vraag hoe je al je activiteiten vanuit W&T kunt verbinden aan je doelen in het taalonderwijs. Dit is een super actueel thema als je kijkt naar de nieuwe concept kerndoelen. Hierin is heel duidelijk de verbinding te zien tussen alle verschillende leergebieden in het PO. W&T zorgt voor een betekenisvolle context van het taalonderwijs, bevordert de relatie tussen taal en denken én helpt beter beklijven bij de leerlingen wat er ook op het vlak van technologie wordt geleerd.” Win-win situatie door koppeling leergebieden De materialen die Martine vanuit het lectoraat aanreikt kunnen leerkrachten helpen om de twee genoemde leergebieden aan elkaar te koppelen. Concreet? Martine: “Als een leerkracht een onderzoekende les voorbereidt en uitvoert, helpen deze materialen er een win-win situatie van te maken door de taalontwikkeling op de juiste momenten te verweven met onderzoekend leren. De winst? Technologie krijgt alle aandacht en tegelijkertijd ook de zo gewenste taalontwikkeling, zowel mondeling taal alsook schrijven en lezen. Dit kan de leesvaardigheid en de motivatie om te lezen ten goede komen.” Martine geeft een herkenbaar voorbeeld: “Stel, een PO-leerling voert een praktisch experiment uit vanuit W&T, raakt nieuwsgierig en wil er meer over lezen. De leerkracht kan daar dan een relevant stuk tekst voor de leerling aan koppelen zodat deze al lezend beter leert begrijpen wat hij of zij ziet.” Getipt door Martine: concrete links naar praktische materialen Wil je met de ontwikkelde materialen waar Martine en haar collega’s aan gewerkt hebben, concreet aan de slag in de klas? De uitgewerkte lessenreeksen en hulpkaarten vind je via https://www.techyourfuture.nl/producten/lessenreeks-taal-en-technologie/ . Martine: “Deze materialen kunnen leerkrachten ook helpen bij het voorbereiden én uitvoeren van taalgerichte W&T- lessen. Zoals: waar moet ik op letten en welke vragen kan ik stellen? De lessen hebben we samen met de onderwijspraktijk ontworpen en laten zien hoe je je mondelinge taalvaardigheid en W&T in je lessen met elkaar kunt verweven. Ook hebben we onderzocht hoe leerkrachten het lezen van teksten kunnen verbinden met W&T-activiteiten.” Meer hierover is te lezen in Gijsel, M., Hotze, A., & Knoef, M. (2021). Lezen, experimenteren, begrijpend lezen. Hoe begrijpend leesonderwijs en W&T-onderwijs elkaar kunnen versterken. Tijdschrift Taal, 11(18), 18-22. Aanvullend materiaal Ook tipt Martine een onderzoeksproject van de Hogeschool van Amsterdam waar zij bij betrokken is en dat ook concrete materialen oplevert, zoals een complete lessenserie: https://www.hva.nl/projecten/2023/9/minds-on-taal en https://minds-on.nl/ . Eveneens nuttig: - Een special over dit onderwerp die is verschenen bij het Tijdschrift Meertaal : https://www.saxion.nl/binaries/content/assets/onderzoek/meer-onderzoek/wetenschap-en-techniek-in-het-onderwijs/meertaal-katern-artikel-p6en7.pdf - De brochure https://ktwt.nl/wp-content/uploads/sites/40/2015/07/Taal-in-de-context-van-wt.pdf en https://repository.ubn.ru.nl/bitstream/handle/2066/161854/161854.pdf Ook leerkrachten ervaren voordelen van integratie Niet alleen helpen deze materialen de leerlingen. Martine: “Er is nog een voordeel. Er moet veel tijd uitgaan naar de basisvaardigheden zoals taal. Leerkrachten worstelen daarmee. Door de koppeling tussen taal en technologie help je leerkrachten de verbindingen leren inzien tussen wat beide gebieden gemeen hebben. Daardoor kunnen zij hun onderwijstijd nog beter inzetten, ook voor technologie-onderwijs.” Eveneens pleit Martine ervoor dat W&T-coördinatoren op basisscholen de handschoen oppakken om te komen tot de integratie van taal- en leesvaardigheid en W&T, bijvoorbeeld binnen thematisch werken: “Door het aan te vliegen vanuit de vakinhoud en de betrokken inhoudelijk geïnteresseerden ontstaat meer draagvlak en voorkom je dat de verantwoordelijkheid vooral bij de taalcoördinator ligt.” Lopend onderzoek naar AI en digitale geletterdheid Daarnaast is Martine als onderzoeker ook bezig met ontwikkelingen op het gebied van AI en digitale geletterdheid. Martine: “We willen onder andere onderzoeken hoe AI het leesbegrip kan ondersteunen. Hoe kunnen we met bepaalde prompts leerlingen helpen om tot dieper begrip te komen als zij teksten lezen?” Martine doet hiertoe een oproep: “Basisscholen die meedoen met Techkwadraat Twente en interesse hebben in dit thema, nodig ik uit om mee te denken over dit onderwerp. Met als doel om samen te onderzoeken hoe AI de leerkrachten kan ondersteunen om hun leerlingen tot een beter leesbegrip te laten komen.” Wil je inderdaad als basisschool participeren in toekomstig AI-onderzoek? Stuur Martine dan een mailtje via m.a.r.gijsel@saxion.nl . MENU
- Ontmoet Rick Ardesch: Bedrijfsmakelaar STO-subregio Enschede
8d2832c1-7b50-43d9-8d69-6bda24056991 Ontmoet Rick Ardesch: Bedrijfsmakelaar STO-subregio Enschede Op 1 november treedt Rick Ardesch in dienst bij de STO-subregio Enschede als Bedrijfsmakelaar, een gloednieuwe functie binnen deze subregio: “Mijn voornaamste prioriteit is het leggen van duurzame verbindingen tussen scholen en bedrijven. Een prachtige functie, waar ik enorm blij mee en dankbaar voor ben, om deze te mogen vervullen.” Waarom krijgt dit werk extra aandacht in jouw persoon? “Het is belangrijk dat we de leerlingen techniek realistisch aanleren. De samenwerking met het technisch bedrijfsleven is daarvoor essentieel. Samen met alle STO-collega’s gaan we ervoor om techniek en technologie duurzaam op de kaart te zetten in onze regio. Enschede heeft veel moois te bieden en dat dragen we steeds meer en beter uit. Zien we met z’n allen het gezamenlijke belang voor de toekomst? Dan zal er veel mogelijk worden in onze regio om talent te behouden voor de stad en de regio. En ook om aantrekkelijk te worden voor mensen buiten onze regio. Daar ga ik me hard voor maken.” Wat zullen je activiteiten worden? “Ik ga mij vooral bezighouden met het verbinden tussen de scholen en de bedrijven. Bij de scholen gaat het dan om het Stedelijk Vakcollege en het Bonhoeffer College. Maar in het kader van de doorlopende leerlijn besteden we uiteraard ook graag aandacht aan de basisscholen in onze regio. Er zijn al door de STO-collega’s in Enschede allerlei verbindingen gelegd met het bedrijfsleven en ik hoop daar met mijn eigen input op door te kunnen werken. Er zijn zoveel mooie mogelijkheden en kansen in onze regio. Aan mij mede de taak om dit zichtbaar te gaan maken. Ook benadruk ik dat we eveneens graag verbindingen aangaan vanuit de subregio Enschede met de meer kleinere bedrijven in de regio. De grotere bedrijven weten we steeds beter te bereiken, maar ook de kleinere bedrijven zijn voor ons heel interessant. Ook bij hen kom ik graag langs. Ik ben heel benieuwd naar de visie en instromingswensen van deze groep. Waar een (gezamenlijke) wil is, is altijd een weg te vinden.” Wat is je achtergrond? Welke connectie heb je met techniek(onderwijs)? ”Ik ben sinds 1999 docent in het speciaal onderwijs voor SOTOG en ben van 2010 tot en met 2016 werkzaam geweest voor de gemeente Enschede voor de projecten: Oog voor Talent, Beroepsvizier en Twente goes Techno. Via Twente goes Techno heb ik kennisgemaakt met parels van technische bedrijven in onze stad en regio. Daar mogen we trots op zijn.” Wat vind je de kracht van STO Twente? “ Ik mocht bij meerdere projecten voor instroombevordering betrokken zijn. De kracht van STO is de lange termijnvisie en de overheid die dit eveneens op de langere termijn ondersteunt met subsidie. Een tweede kracht vind ik de samenwerking tussen de scholen zelf. Vroeger waren dat vooral elkaars concurrenten, nu werken ze binnen de subregio Enschede samen. Binnen de techniek hebben ze elkaar inmiddels gevonden. Al met al zie ik dus heel veel mogelijkheden. Dat geeft perspectief.” MENU
- STO Twente krijgt een technisch zusje genaamd Techkwadraat
19ec2100-4a6c-48ca-90d1-89ed5b636b3f STO Twente krijgt een technisch zusje genaamd Techkwadraat Het zal niemand ontgaan zijn: Sterk Techniekonderwijs krijgt een zusje: Techkwadraat. STO Twente ontvangt hier veel vragen over. Hoewel het programma Techkwadraat zich nog in een heel pril stadium bevindt, proberen we toch jullie vragen te beantwoorden. Wat ís Techkwadraat? In de eerste fase van Techkwadraat 2025-2027 stelt de overheid 129 miljoen euro beschikbaar voor het uitvoeren van plannen voor technologieonderwijs. Dit op basis van het interventiekompas voor leerlingen in het basisonderwijs, speciaal onderwijs, vmbo-tl, havo en vwo. De start van de uitvoering van goedgekeurde plannen in de regio’s valt samen met de start van het schooljaar 2025/2026. Wie komt in aanmerking? Regionale consortia bestaande uit basis- en voortgezet onderwijsscholen (vmbo-tl, havo en vwo) mét bedrijven, bibliotheken, musea, technohubs en meer. Hoe verhoudt Techkwadraat zich tot Sterk Techniekonderwijs? Voor leerlingen in het vmbo (bb/kb/gl) voorziet het programma Sterk Techniekonderwijs al in financiële middelen en structurele aandacht voor techniekonderwijs. Techkwadraat vult dit programma aan door te focussen op het primair onderwijs en de overige voortgezet onderwijssoorten (vmbo-tl, havo, vwo). Hoe kan Techkwadraat in Twente profiteren van STO Twente? Het Techkwadraat-programma krijgt als eis mee dat activiteiten niet dubbel bekostigd of gesubsidieerd worden in relatie tot STO. De ministeriële boodschap is daarmee dat Techkwadraat nauw dient samen te werken met STO en voortbouwt op wat er door STO al is bereikt. Gelukkig is STO Twente erin geslaagd een stevige structuur neer te leggen, inclusief tal van activiteiten en contacten Die is prima te benutten voor en door Techkwadraat. Tijdpad Als eerste fase geldt dat de consortia, onder andere bestaande uit po- en vo-scholen, zich uiterlijk 17 oktober aanmelden. Voorkeur voor bewezen Twentse model In een recente eerste startbijeenkomst over Techkwadraat voor de provincie Overijssel gingen de potentieel aan Techkwadraat deelnemende partijen in groepjes in overleg. Al direct vormde zich spontaan een Twentse overleggroep. Vertegenwoordigers van STO Twente duidden hierin hoe goed het werkt als je je Twente-breed organiseert, met eveneens behoorlijk zelfstandige subregio’s. De consensus na dit informele overleg was, dat de potentieel aan Techkwadraat in Twente deelnemende partijen zich ook willen organiseren conform dit model. Wat hierbij helpt, is dat Marieke Rinket, programmamanager STO Twente, voor Techkwadraat is aangesteld als regio-ondersteuner Techkwadraat voor Twente en de Achterhoek. Benieuwd? Kijk op www.techkwadraat.nl MENU
- Interview met André Jansen (VMO), lid Stuurgroep STO Twente
495f3b61-c61f-44f0-81ec-b94817896f5d Interview met André Jansen (VMO), lid Stuurgroep STO Twente André Jansen is namens de Verenigde Maakindustrie Oost (VMO) actief in de Stuurgroep van STO Twente. In het dagelijks leven is hij directeur-eigenaar van het Hengelose High Tech Maintenance Nederland B.V.: “Je moet ruimte maken voor en tijd investeren in jong technisch talent.” André Jansen is namens de Verenigde Maakindustrie Oost (VMO) actief in de Stuurgroep van STO Twente. In het dagelijks leven is hij directeur-eigenaar van het Hengelose High Tech Maintenance Nederland B.V.: “Je moet ruimte maken voor en tijd investeren in jong technisch talent.” Invloed corona Ook de Twentse maakindustrie heeft last van corona. André: “Onze sector weet niet wat er op haar afkomt. Wel zie ik dat de Twentse maakbedrijven nog redelijk druk zijn. Er ís een krimp, maar minder dan gedacht en we zien zelfs wat herstel. We hopen dat een verdere teruggang uitblijft en dat we richting 2021 kunnen gaan opbouwen.” Doorpakken in plaats van praten André maakt graag deel uit van de Stuurgroep van STO Twente: “Ik loop al wat jaren mee en weet uit eigen ervaring en de geluiden bij collega’s dat de aanwas van jong technisch talent beter kan. Dit maken we inmiddels al tientallen jaren mee en het wordt steeds actueler. Nu kun je twee dingen doen: daar jaren over praten óf proberen daar een concrete bijdrage aan te leveren. Ik koos bewust voor het tweede vanuit mijn functie als bestuurder bij de VMO.” Grote gedrevenheid André is ondernemer pur sang en werkt nu binnen STO Twente ook samen met onderwijs en overheid. Hoe ervaart hij dit? “De samenwerking is nog pril, door corona vertraagd. We hebben geprobeerd digitaal te blijven samenwerken, maar je creëert dan minder stootkracht. Maar dat zal elke STO-regio in Nederland waarschijnlijk zo ervaren. Ik heb er alle vertrouwen in dat dit gaat komen, ik heb een zeer goede indruk van het team. De collega’s uit zowel Overheid als Onderwijs zijn heel gedreven dit tot een succes te maken. Dat doet mij als vertegenwoordiger van het bedrijfsleven goed.” Investeren in stagiaires André: “Bij High Tech Maintenance Nederland B.V. hebben we eigenlijk altijd stagiaires lopen, in de regel studenten van het niveau MBO 4. STO Twente richt zich heel nadrukkelijk op het VMBO, toch zie ik voordelen om de jeugd al zo vroeg mogelijk in hun opleiding te interesseren voor techniek. Hoe eerder en beter je dit doet, hoe groter de kans dat deze studenten eenmaal op het MBO daadwerkelijk kiezen voor techniek. Daar komt bij: ik heb eigenlijk over het algemeen hele goede ervaringen met jeugdige studenten die bij ons stage lopen, hoewel je in de publieke opinie andere geluiden kunt horen. We moeten daarbij de hand in eigen boezem steken, want vaak verwacht het technisch bedrijfsleven dat een stagiair alles ook maar meteen beheerst. Hoe reëel is dat? Je zult als technisch bedrijf ruimte en tijd moeten investeren in het begeleiden van je stagiaires. Uiteindelijk rendeert dat, maar je hebt daar een visie voor nodig op de iets langere termijn.” Kijk over lokale grenzen heen Sterk Techniek Onderwijs Twente is een grote regio met vijf sub regio’s. Wat kan daarin een verbindende succesfactor zijn? André: “Ik zie dat alle sub regio’s van STO Twente er goed van zijn doordrongen dat het economische bestaansrecht van Twente voor een heel groot gedeelte is geworteld in de maakindustrie, met uiteraard subtiele verschillen per sub regio. Rijssen-Holten heeft bijvoorbeeld de focus op bouwnijverheid terwijl in Hengelo de maakindustrie vanuit de metaal sterk is vertegenwoordigd. Maar samen staan zij sterk en zien zij elkaars belangen. De kunst is dat de aan STO Twente deelnemende scholen en lokale overheden ook óver die lokale grenzen kijken en vanuit één sterk Twente samenwerken. Ik heb daar alle vertrouwen in.” Cruciaal: leren samenwerken Het programmaplan van STO Twente telt 12 activiteiten. Waar gaat het technische hart van André als eerste naar uit? “Tijdens mijn eigen opleiding luisterde je naar je leraar en werd de stof daarna getoetst. Waar ik nu heel enthousiast van word, is dat de huidige jeugd heel sterk multidisciplinair leert samenwerken in projecten. Ze leren direct als team functioneren. De jeugd is daarin veel verder dan wij dat vroeger waren. Ze worden aangesproken op een breed scala van specifieke kennis en kunde, een manier van studeren waar ze later in het bedrijfsleven direct veel profijt van hebben. Ook dé uitdaging is om jonge VMBO’ers onder de arm mee te nemen in de wereld van techniek zodat later hun overgang naar het ROC van Twente veel voorspoediger verloopt. De mogelijkheden om te investeren in goede technische leermiddelen zoals draai- en freesbanken en ook bijvoorbeeld HoloLenzen, maakt dit mogelijk. Allemaal dankzij de inzet en steun van Sterk Techniek Onderwijs Twente!” MENU
- Positief resultaat Keuzevak Verspaningstechniek bij VDL ETG Almelo
35c3db8e-9bc7-432f-ae44-41a1bd26c162 Positief resultaat Keuzevak Verspaningstechniek bij VDL ETG Almelo Vanaf april 2021 ontving VDL ETG Almelo leerlingen van drie vmbo-scholen in Almelo voor het keuzevak Verspaningstechniek. De resultaten zijn inmiddels positief: van de eerste groep kozen twee leerlingen voor een vervolgtraject bij VDL ETG Almelo als BBL’er. Deze jonge Twentse talenten hebben we gewonnen voor de techniek! Vanaf april 2021 ontving VDL ETG Almelo leerlingen van drie vmbo-scholen in Almelo voor het keuzevak Verspaningstechniek. De resultaten zijn inmiddels positief: van de eerste groep kozen twee leerlingen voor een vervolgtraject bij VDL ETG Almelo als BBL’er. Deze jonge Twentse talenten hebben we gewonnen voor de techniek! Van technicus tot opleider Kevin van de Worp is fulltime Praktijkopleider Verspaning bij VDL ETG Almelo: “Ik ben vijf jaar in dienst bij VDL ETG Almelo, werkte twee jaar als CNC-frezer en inmiddels drie jaar als praktijkopleider verspaning.” Kevin heeft al veel ervaring en een aanvullende didactische cursus gevolgd: “Ik mag in ons bedrijf allerlei soorten mensen opleiden met verschillende leeftijden en achtergronden, dus doe ik ook veel op intuïtie. Ik leid collega’s uit het eigen bedrijf op, maar ook zij-instromers, omscholers en stagiaires. Ik kies de aanpak die bij een bepaalde persoon het beste werkt, elke leerling vraagt wat anders.” 14, 15 jaar: de ideale leeftijd om te snuffelen aan techniek Sinds april 2021 ontving VDL ETG Almelo leerlingen van drie vmbo-scholen in Almelo voor het keuzevak verspaningstechniek, verdeeld over tot nu toe twee groepen. De leerlingen komen van het Noordik, Erasmus en Pius X. Vanaf schooljaar 2022-23 gaan deze drie scholen samen verder als het Alma College: “Onze insteek is dat we de jeugd veel eerder willen laten zien wat het vak verspaningstechniek inhoudt. De ideale leeftijd daarvoor is 14, 15 jaar. Dan hebben deze jongens en meisjes nog de tijd om rond te snuffelen voordat ze een keuze moeten maken. Dus kwamen mijn collega Stefan Dries, Productieleider Mechanical Manufacturing, en ik op het idee om met het Almelose vmbo een samenwerking aan te gaan. De praktisch insteek? Het keuzevak Verspaningstechniek.” Met leerlingen van verschillende vmbo-scholen een gezamenlijk keuzevak bij een bedrijf uitvoeren, is voor de regio een nieuw initiatief. Praktijklessen met de nodige actie Kevin is enthousiast: “Deze leeftijd in je bedrijf krijgen is ook voor ons nieuw, laat staan voor de vmbo-leerlingen zelf. Zij hebben bijvoorbeeld nog nergens stagegelopen, alle indrukken voor hen zijn gloednieuw. Onze insteek is dat je het voor leerlingen van deze leeftijd interessant moet maken en houden. Dus voorzien we de praktijklessen van de nodige actie. Hun aandachtspanne is nog kort, als je ze te lang laat wachten, ben je hun aandacht kwijt. Voor mij als praktijkopleider is het ook leerzaam, want ik krijg van het omgaan met deze groep jongeren heel veel geduld. Ze hebben de tijd en aandacht nodig en die geven we hen ook met plezier.” Bemoedigende score Inmiddels heeft de eerste groep leerlingen het keuzevak afgerond, evenals de tweede groep. Kevin: “In eerste instantie verwachtten we geen wonderen. Uit de eerste groep staan twee van de vijf leerlingen open voor een BBL-traject bij ons. Hebben deze jongeren hun vmbo-diploma behaald? Dan krijgen ze een BBL-contract voor de opleidingsduur van drie jaar bij SMEOT. Ze werken bij VDL ETG Almelo, krijgen een salaris en bij bedrijfsvakopleiding SMEOT volgen zij drie jaar lang een opleiding. Het eerste deel is conventioneel (BBL2), en het tweede deel is CNC (BBL3). Dit vormt samen één opleiding. Overigens verzorgt SMEOT ook de theorie op locatie bij VDL ETG Almelo voor het keuzevak verspaningstechniek. Wij hebben zelf de opdrachten bedacht: een telefoonbak/-houder, een sieradenkistje en pennenhouder in de vorm van een slak. Deze werkstukjes kun je conventioneel of CNC-frezen.” Collegiale samenwerking Kevin benadrukt dat meerdere collega’s bij VDL ETG Almelo aan het keuzevak Verspaningstechniek bijdragen: “Uiteindelijk doe je het allemaal samen. Kijk, we willen natuurlijk graag dat deze vmbo-leerlingen het vak ontdekken en er bij ons graag in doorgaan. Maar het doel van dit keuzevak is net zo goed om leerlingen te laten ontdekken, of verspaningstechniek juist niets voor hen is. Dat klinkt wellicht vreemd, maar zo staan we erin. Want uiteindelijk willen we dat de meest gedreven leerlingen onze toekomstige collega’s worden.” Kevin en vooral Stefan Dries hebben richting de vmbo-scholen uit Almelo voor dit keuzevak contact met één centrale aanspreekpersoon. Het traject werd vanuit de scholen eerder begeleid door Eric Raanhuis en nu door Erik van Bunnik. Kevin: “Het plan is na de eerste twee groepen nieuwe groepen vmbo-leerlingen bij ons te verwelkomen.” Het traject is uitgebreid geëvalueerd. De opgedane kennis en ervaring worden meegenomen in de volgende groep leerlingen. Andere scholen ook welkom Eric van Bunnik: “Andere vmbo-scholen uit de regio met geschikte leerlingen zijn van harte welkom om ook mee te doen. Ze kunnen dan contact met mij opnemen via e.vanbunnik@piusx.nl MENU










