434 resultaten gevonden
- STELdag 2025 met De Sumpel schot in de roos
56cfef16-c18d-4c70-b211-62577f48ee52 STELdag 2025 met De Sumpel schot in de roos De subregio Almelo e.o. organiseerde op woensdag 5 februari opnieuw een geslaagde STEL-dag. Nieuw bij deze editie was dat STO-partner ROC van Twente enthousiast aansloot en De Sumpel gastvrij openstelde, als opvolger van de eerdere STEL-locatie bij Heracles. Het voetbalstadion biedt helaas geen ruimte meer door een nieuwe grasmat. Brugklassers van alle scholen in Almelo en omgeving maakten op De Sumpel en in IISPA actief en (sportief) kennis met alles wat techniek en technologie hen te bieden heeft. Lekker zelf aan de slag! Circa 670 Almelose brugklassers maakten door de STEL-dag op een veelzijdige manier kennis met de thema’s rondom ‘STEL’. Dit staat voor Sport en beweging, Techniek en technologie, Energie en duurzaamheid en Leefstijl en gezonde voeding. Initiatiefnemer Henk Bos, decaan aan Alma College, was wederom de organisator, dit jaar voor het eerst samen met het ROC in Almelo. Henk Bos: “De afgelopen jaren bleek de combinatie van techniek, sport, voeding en nieuwe technologieën een gouden vondst. Leerlingen kunnen zelf aan de slag en dat slaat aan. Zeker als je daarbij ook nog een grote groep enthousiaste collega’s hebt die de gehele dag de activiteiten begeleiden.” Meerdere momenten in aanraking met techniek en technologie Henk: “Ze hoeven echt niet allemaal aan het eind van jaar twee voor techniek en technologie te kiezen, als ze er maar mee in aanraking zijn geweest. Dat is precies wat de STEL-dag hen aanreikt.” Henk hanteert een mooi motto dat ook direct over de hele linie binnen de STEL-dag terug te vinden is: “Je kunt áán techniek of mét techniek werken. Neem de sport, daarin kun je je trainingsarbeid digitaliseren en je prestaties optimaliseren. Je werkt dan niet aan techniek, maar met techniek. Als we dat de leerlingen tijdens de STEL-dag laten ervaren, hebben we al heel veel bereikt.” Henk schetst ook graag het grotere plaatje: “Naast deze STEL-dag maken de leerlingen ook nog kennis met bedrijven uit de techniek en technologie tijdens Techniek Tastbaar. Twee mooie events in leerjaar 1, vervolgens kijken ze in leerjaar 2 bij bedrijven binnen. De leerlingen komen dus op meerdere momenten in aanraking met techniek en technologie waaronder deze STEL-dag.” De Sumpel direct enthousiast Henk: “Met de deelname van De Sumpel maakten de leerlingen nu ook kennis met de harde technieken, een verruiming van hun beeld van wat er allemaal mogelijk is. Toen ik het idee voor hun deelname aandroeg, reageerden zij direct enthousiast.” Henk benadrukt dat alles voor De Sumpel uiteraard nieuw was: “Maar ze hebben zich organisatorisch heel snel aangesloten, waarvoor onze dank. We hopen in hen een duurzame partner te vinden voor toekomstige edities van de STEL-dag, want met De Sumpel kunnen we tijdens de STEL-dag de brugklassers nu alvast een doorkijkje naar het mbo van ROC van Twente geven.” Vier disciplines opengesteld Swenja Bruinink, planner Team Mobiliteit op ROC van Twente, locatie De Sumpel: “Voor mij was de STEL-dag helemaal nieuw. Henk Bos heeft dit samen met Aletta Bijsterveld, manager onderwijs Team Mobiliteit geïnitieerd. We zien allemaal in dat de toekomst ligt bij deze doelgroep. We hebben op 5 februari vier disciplines op gebied van Techniek en Technologie opengesteld: Mobiliteit (waaronder fietstechniek, (bedrijfs-) autotechniek en truck & vervoer), Transport & Logistiek, Elektrotechniek en ICT. Ieder team presenteerde meerdere workshops en/of doe-activiteiten. Hiermee lieten we de leerlingen op een speelse manier zien welke beroepen er zoal zijn binnen techniek en waar het overal wordt ingezet. Alle leerlingen kregen zo op één STEL-dag alle facetten bij ons van techniek en technologie op het mbo mee.” Techniek en technologie zijn overal In de IISPA konden de leerlingen op vier locaties onder meer drones besturen, een interactieve sportwand testen en Mbots in elkaar zetten. Bij De Sumpel gingen de leerlingen onder andere aan de slag met het uitlezen van e-bikes, simulatoren en VR. Henk: “Zoals Swenja al vertelde, verdeelde De Sumpel hun deelname over vier colleges die ieder vier hele mooie activiteiten presenteerden aan de leerlingen.” Door de samenwerking met ROC van Twente maakten de leerlingen tijdens deze editie ook kennis met ‘harde’ techniek. Henk: “Zo laten we zien dat techniek en technologie overal aanwezig is. Een mooie opbrengst voor de ruim 670 leerlingen die deelnamen op 5 februari.” Bereidwillige medewerking ROC van Twente Het ROC in Almelo werkt al lang samen met Sterk Techniekonderwijs Almelo e. o. en toch is dit ook nieuw voor het ROC. Aletta Bijsterveld is manager onderwijs Team Mobiliteit en werkte graag mee vanuit De Sumpel: “We zijn gevraagd om ons gebouw open te stellen en te laten zien wat we aan techniekopleidingen in huis hebben. Onder het motto 'wat je niet weet, kun je niet kiezen' hoop ik dat leerlingen iets ontdekken waar ze enthousiast van worden. Dat geldt voor de techniek, maar ook voor bijvoorbeeld duurzaamheid. We hebben treinsimulatoren en de leerlingen konden vliegen met drones, sleutelen aan e-bikes en pc's repareren. Het hele spectrum van techniek op De Sumpel kwam voorbij.” Robert Herman van Bouwmensen Almelo was present in de IISPA, samen met een collega: “Met VR laten we de leerlingen hier in 5 minuten en in ongeveer 10 stappen een digitaal demohuisje bouwen. We tonen ook hier graag ons gezicht en hopen zo de jeugd te stimuleren voor techniek en technologie in de bouw.” Lisenka van Midden van het Canisius Tubbergen: “Wij lieten de leerlingen Mbots over een circuit bewegen, met Ipads als controllers.” Coen Holtmaat: “We inspireerden de leerlingen in IISPA een dag lang met technologie, zoals met drones vliegen. Wat bijzonder is? Ze ontdekken technologie die zij thuis, in hun dagelijkse leven, eigenlijk niet zien.” MENU
- Vmbo zou voor technologie nog meer kunnen samenwerken
63320d13-191a-437e-8c6f-1bcef1d6fdfe Vmbo zou voor technologie nog meer kunnen samenwerken Rob te Riele is aangesteld als STO regioleider Rijssen – Holten. Graag stellen we onze nieuwe STO-collega voor: “Ik vervul al jarenlang de functie van directeur op De Waerdenborch. Eerst als locatiedirecteur vestiging Goor, vervolgens circa tien jaar directeur HAVO/VWO en de laatste twee jaar ben ik directeur organisatie. Nu focus ik op mijn werk als regioleider Rijssen – Holten voor Sterk Techniekonderwijs Twente.” Grondige voorbereiding Technologie vormt geen onderdeel van de achtergrond van Rob: “Tegelijkertijd onderschrijf ik het enorme belang van aandacht hiervoor in het vmbo, en eigenlijk in de gehele maatschappij. Het is cruciaal dat wij daar een compleet nieuwe en jonge generatie vertrouwd mee maken. Daarom ben ik erg enthousiast over STO en ben ik mijzelf momenteel fanatiek en grondig aan het inlezen, dat is mijn aard bij een nieuwe uitdaging. Er is enorm veel documentatie voorhanden waar ik mij in kan verdiepen. Dat vind ik essentieel, ook om mij de terminologie eigen te maken, want ik geef graag leiding door heel goed op de hoogte te zijn van de inhoud.” Rob constateerde dat er niet echt een afgebakende functieomschrijving voor regioleider STO Twente ligt: “Dat biedt aan de ene kant veel vrijheid, maar als je er, zoals ik nu, vanaf 0 induikt zou enig houvast wel praktisch zijn.” Aandacht voor borging en continuering Een belangrijk item voor Rob is hoe we met elkaar alle STO-activiteiten in de scholen in de regio borgen en continueren mocht de subsidiestroom eind 2028 stoppen: “Het onderwijs wordt geacht met allerlei subsidieprogramma’s inhoudelijk mee te doen, en die ook te continueren als de geldstroom stopt. Een aanname die niet vanzelfsprekend is, maar het is wel noodzakelijk om hier met elkaar goed over na te denken. Vooral vanuit mijn bestuurlijke achtergrond in het onderwijs zie ik de urgentie van die borging en continuering, dat zou voor STO na 2028 een vanzelfsprekendheid moeten zijn. Dit maak ik tot een belangrijk agendapunt in mijn werk als STO regioleider Rijssen – Holten.” Werk samen waar het kan en moet Rob constateert een hoofdzakelijk demografisch bepaalde daling in de twentse leerlingenaantallen: “Dat heeft ook gevolgen voor de technische profielen in het vmbo. Dit roept de vraag op of we deze profielen op scholen staande kunnen houden zónder dat de scholen hierin onderling samenwerken. Ik roep op tot het constructieve gesprek met een open vizier op samenwerking, ook op technologisch gebied en in de technische vmbo-profielen.” Rob geeft voorbeelden: “Rijssen en Holten hebben al jarenlang beide een Technasium, met daaromheen een compleet netwerk. Ook werken Holten en Rijssen al goed samen in de regionale opleidingsscholen en zitten we in het samenwerkingsverband voor passend onderwijs. Ik heb geen enkele reden om aan te nemen dat we dit soort intensieve samenwerkingen op ook technologisch gebied tussen Rijssen en Holten niet zouden kunnen realiseren.” Overlappende activiteiten efficiënter op elkaar afstemmen Ook op het gebied van technologie-onderwijs zouden we overlappende activiteiten nog efficiënter op elkaar kunnen afstemmen, vindt Rob: “Het is onze taak om onze leerlingen in deze regio gezamenlijk te voorzien van een passend aanbod op alle onderwijsafdelingen, expliciet ook op technologie. Dat slaagt alleen in een goede, regionale samenspraak.” Rob noemt de Achterhoek waar ze al langer met krimp te maken hebben, ook in technologie-onderwijs: “Het kan nuttig zijn om ons oor in dit soort regio’s te luister te leggen en te leren van hun ervaringen.” Graag op de achtergrond actief Wat houdt Rob in zijn vrije tijd bezig? “Ik speel al heel lang altviool in meerdere orkesten. Een instrument dat je nooit prominent hoort, maar mist als het niet speelt. Zo zit ik zelf als persoon ook in elkaar. Ik ben niet heel nadrukkelijk aanwezig en graag op de achtergrond ondersteunend actief. Maar áls ik dan iets zeg, dan doet dat ertoe. Da’s niet arrogant bedoeld, maar een typering die anderen vaak over mijzelf geven. Verder lees ik graag en veel en ben ik sportief actief met fietsen, wandelen en spinning.” MENU
- Subregio Oldenzaal presenteert resultaten en blikt vooruit
081a03d2-489b-4f36-a124-119b60fd9af5 Subregio Oldenzaal presenteert resultaten en blikt vooruit In de subregio Oldenzaal is er tussen 2020 en 2024 enorm veel bereikt vanuit STO Twente. Wout Ensink gaf op 24 januari een presentatie van de resultaten voor de collega’s vanuit een heldere infographic. Hiervoor was veel belangstelling: “De energie en het enthousiasme in ons team is groot! Zonder de inzet en het harde werk van al onze collega’s was dit nooit gelukt. We zijn super trots op wat we hebben bereikt en gaan vol vertrouwen en motivatie verder.” Meervoudige verantwoording Wout: “We hebben flinke stappen gezet met STO Twente, en het is goed en extra motiverend om af en toe het net op te halen en met elkaar de concrete resultaten te delen. Daarnaast: STO is een subsidie vanuit de overheid, dus betekent het delen van resultaten ook een stukje verantwoording naar de maatschappij toe, evenals de directe omgeving waarmee we samenwerken zoals met de bedrijven.” Inbedding al geregeld gerealiseerd Wout en zijn collega’s zien een opmerkelijk fenomeen: “Een doel voor ná 2028 is om allerlei activiteiten van STO standaard in te bedden in ons lesprogramma. Nú al zien we dat dit voor een aantal onderdelen geldt, en dat is goed nieuws.” Wout geeft enkele sprekende voorbeelden: “Neem de bijna dagelijkse bezoeken van basisscholen aan ons Technolab. Ook is het al heel gewoon dat technische bedrijven gedurende het hele schooljaar gastlessen geven. Voor PIE is dit inmiddels de normaalste zaak van de wereld en bij BWI en M&T komt die beweging nu ook op gang.” Eveneens een goede zet bleek het volgen van een deel van een keuzevak bij het bedrijf waar een leerling ook stage loopt: “Dat loopt inmiddels al voor het zoveelste jaar geruisloos.” Juist die inbedding was een extra reden voor de bijeenkomst op 24 januari stelt Wout: “Door deze inbedding zien collega’s het vaak niet meer als iets uitzonderlijks. Tijdens de bijeenkomst konden we nog eens uitlichten dat we vanuit STO met hele mooie opbrengsten bezig zijn.” Willekeurige greep uit de resultaten Zonder hiermee recht te doen aan álle mooie resultaten van STO Oldenzaal lichten we er enkele willekeurig uit: 8950 leerlingen van 37 basisscholen uit de regio Oldenzaal bezochten het Technolab, 16 bedrijven verzorgen jaarlijks gastlessen, 400 derdejaars leerlingen per jaar verkennen technische beroepen bij bedrijven, 44 leerlingen van Praktijkonderwijs voltooiden technische leerdoelen en ontvingen hun welverdiende certificaat en 84 leerlingen ontdekten vervolgonderwijs bij Techniekhuis Twente, SMEOT en ROC Sumpel. Technische lokalen en middelen zijn gemoderniseerd, een nieuwe pneumatiek straat is in gebruik genomen, elektrische voertuigen maken deel uit van het onderwijs en de lasersnijder wordt ingezet bij de lessen van BWI . Wil je álle resultaten uit de periode 2020-2024 weten? Check dan even de bijgaande Infographic! Blik vooruit STO Oldenzaal heeft uiteraard ook gewerkt aan goede ideeën voor de tweede tranche van STO Twente (2025 t/m 2028). Wout: “De nieuwe planvorm kent uiteraard een continuering van de mooie activiteiten en ontwikkelingen die nog aandacht vragen, zoals middelen en manuren om de voortgang te borgen.” Daarnaast hebben Wout en zijn STO-collega’s gekeken naar nieuwe ideeën. Wout: “Weliswaar zijn de doelstellingen voor de tweede periode gelijk gebleven, toch wisten we nieuwe ideeën te bedenken. Zoals meer dan voorheen nieuw onderwijs ontwikkelen, dus écht nieuwe keuzevakken. Ik noem bijvoorbeeld het Keuzevak Water, techniek en duurzaamheid, een mix van techniek en ons profiel Groen.” Het TCC heeft geen MVI-licentie. Wout: “Maar wel gaan we hier keuzevakken voor ontwikkelen zoals het Keuzevak ICT en het Keuzevak Robotica. Of neem onze oriëntatie op de ontwikkeling van het Keuzevak Edelmetaal. Dat heeft een link naar creatieve techniek zoals sieraden maken. Het idee kwam van onze afdeling PIE, heel origineel meegedacht!” Ook noemt Wout de mogelijke ontwikkeling van het Keuzevak Elektrische Karts. Jongeren helpen om bewuste keuze te maken Nieuw is dat STO Oldenzaal in de tweede tranche de docentenstages gaat oppakken: “Voor ons is dat nieuw, waarbij docenten niet enkele uren, maar meerdere dagen stage lopen bij een technisch bedrijf. Bedoeld om kennis en nieuwe ideeën op te doen die zij vervolgens fris uit de praktijk de klas in kunnen brengen.” Ook noemt Wout alle ontwikkelingen in XR: “Hier trekken we ook in de komende jaren Twente-breed in op.” Tussen 2025 t/m 2028 zet STO Oldenzaal ook gericht in op de koppeling tussen technisch onderwijs en maatschappelijke thema’s. Gloednieuw is de verkenning of STO Oldenzaal bepaalde cursussen van de bedrijfsvakscholen zoals SMEOT ook kan aanbieden in de onderbouw: “Daarmee willen we deze jongeren in klas 2 zo vroeg mogelijk een doorkijkje meegeven naar het vervolgonderwijs ná het vmbo. Hiermee willen we bereiken dat deze jongeren een nog bewustere keuze maken voor een technisch profiel in klas 3 en 4. Door deze bewustere keuze willen we de uitstroom in bepaalde technische profielen in klas 3 en 4 indammen.” Nóg vroeger het basisonderwijs bereiken Graag noemt Wout ook het succesvolle Technolab: “We gaan nu ook opdrachten ontwikkelen voor groep 5 en 6, om er nog eerder bij te zijn. Groep 6 is al in werking voor een aantal basisscholen en met groep 5 draaien we binnenkort een pilot. In de periode 2025 t/m 2028 gaan we dat regulier inbedden.” Een aanpassing die in de tijd dichtbij ligt, is dat STO Oldenzaal Techniek Tastbaar al in de editie van 2025 ombuigt naar een eigen versie getiteld TechniekExpeditie. Last but not least: een activiteit die voortzetting krijgt én verdient is het aanbieden van cursussen techniek voor leerlingen van het Praktijkonderwijs, benadrukt Wout. MENU
- Vmbo docent PIE aan de slag als omgekeerde hybride docent
8a4fd8e7-b173-4922-ae78-48318c64685a Vmbo docent PIE aan de slag als omgekeerde hybride docent Arnold Prinsen is al langere tijd docent PIE op het C.T. Stork College: “Mooi werk dat ik ook graag blijf doen. Maar ik was ook toe aan een nieuwe uitdaging.” Na overleg met SMEOT en teamleider Benno Hams van C.T. Stork kreeg Arnold een aantrekkelijk aanbod: “Drie jaar lang ga ik twee dagen in de week in het Skills Center van SMEOT aan de slag, en de drie andere dagen blijf ik gewoon docent PIE aan het C.T. Stork College.” Hiermee draagt Arnold op een bijzondere manier bij aan de zo gewenste doorlopende leerlijn vmbo-mbo! Uitstapje voor langere tijd Arnold: “Ik heb eerder in het mbo lesgegeven en nu al jaren in het technisch vmbo. Als persoon heb ik uitdagingen nodig. Benno opperde vanuit STO Twente de mogelijkheid om eens rond te gaan kijken op een technische mbo-school. Na wat overleg kwam Arnold uit op een periode van minimaal drie jaar: “Een jaar is te kort, dan ben je net gewend en ingewerkt. Nu heb ik een langere horizon.” Overzichtelijke constructie De constructie waaronder Arnold werkt is voor alle partijen heel overzichtelijk: “Op maandag en vrijdag geef ik instructie op SMEOT en op dinsdag, woensdag en donderdag blijf ik gewoon actief als docent PIE op C.T. Stork College. Juist die combinatie vind ik prettig.” Arnold geeft nu les in het Skills Center van SMEOT: “Ook is het de bedoeling dat ik de kant van Mechatronica op ga, omdat de klassen daarvoor bij SMEOT vrij vol zitten. Mijn achtergrond is elektrotechniek, en ik kan wel zeggen dat daar nog steeds mijn hart ligt. Elektrotechniek is een belangrijk onderdeel Mechatronica. We koersen op een dag Skills Center en een dag Mechatronica. En als ik iets niet weet, dan vraag ik het mijn collega’s bij SMEOT, ik leer daar elke dag!” Brede mix van leerlingen Arnold is blij met de brede mix van leerlingen die hij vanuit deze constructie lesgeeft: “Uiteraard geef ik nu les aan mbo-studenten, maar er komen door STO Twente steeds meer vmbo PIE leerlingen langs op het SMEOT om daar specifieke opdrachten uit te voeren. En momenteel begeleid ik tijdelijk BOL 4 leerlingen die hun opdracht in het Skills Center uitvoeren. Eigenlijk ben ik nu actief met alle niveaus en dat past ook wel bij de nieuwe uitdaging die ik zocht.” Veelzijdig bijspijkeren Om volledig geëquipeerd te zijn voor het vereiste lesniveau op SMEOT investeerde Arnold ook veel avonduren in zijn eigen opleiding: “Eerst de opleiding MIG/MAG lassen bij SMEOT. Daarna heb ik de TIG-opleiding afgerond. En het mooie is: van mijn nieuwe kennis op dit terrein profiteren ook direct de leerlingen PIE op het C.T. Stork College.” Binnenkort start Arnold met het opnieuw behalen van zijn inmiddels verlopen VCA basisveiligheid: “Ik loop dan gewoon mee met de opleiding die SMEOT hiervoor geeft aan haar studenten.” Ervaring met beide werelden Hoe kijkt Arnold inmiddels terug op zijn eerste ervaringen? “Tot nu toe brengt het mij wat ik verwachtte. Je merkt wel dat de leerlingen die vanuit het vmbo doorstromen naar SMEOT ineens een snelle groei in volwassenheid doormaken. Ze zijn rustiger en gemotiveerder. En dan zit daar vaak maar een zomervakantie van zes weken tussen ná hun vmbo-examen én hun komst hier. Heel bijzonder om te zien. Ik denk ook wel dat meespeelt dat ze na het vmbo een bewuste keuze maken voor techniek op het mbo en dat dit bijdraagt aan hun motivatie. Het is heel mooi dat ik beide werelden nu mag meemaken vanuit mijn werk in het technisch vmbo en SMEOT.” Bijdrage aan doorlopende leerlijn vmbo-mbo Eigenlijk is Arnold hiermee een soort ‘omgekeerde’ hybride docent: “De ervaring, technieken en nieuwe inzichten die ik op SMEOT opdoe neem ik rechtstreeks mee naar mijn lessen op C.T. Stork College. Ook kan ik die nieuwe inzichten en ontwikkelingen vanuit SMEOT veel beter overbrengen op mijn vmbo-leerlingen, want ik leer de bredere achtergronden kennen. Ook zijn de lijntjes veel korter, vooral ook met de leerlingen, van de praktische aanwezigheid tot en met de opdrachten en beoordelingen. Opgeteld werkt dit veel prettiger en praktischer, bijvoorbeeld als de leerlingen PIE van C.T. Stork College weer komen booglassen bij SMEOT.” Hiermee draagt Arnold op een bijzondere manier bij aan de zo gewenste doorlopende leerlijn vmbo-mbo! MENU
- Belangstellende minister ervaart techniekonderwijs op Twents Carmel College
054d912a-0683-4dfc-9ee1-198781f1b1e5 Belangstellende minister ervaart techniekonderwijs op Twents Carmel College Op uitnodiging van Twente Board bracht Mariëlle Paul, demissionair minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs, op 14 november een werkbezoek aan basisschool de Telgenborch in Almelo en Twents Carmel College (TCC) in Oldenzaal. Het centrale thema? De veelzijdige kennismaking met techniekonderwijs in de regio Twente. Op TCC werd de minister ontvangen door onder andere Marjolein Wolbers, adjunct directeur TCC, Raymond Nijenhuis, directeur TCC en Wout Ensink, projectleider STO subregio Oldenzaal. Na de eerste kennismaking ontving de minister een heldere uitleg over de actieve en gerichte inzet van TCC op de techniekprofielen. Rondleiding Direct hierna kreeg de minister een rondleiding langs de techniekprofielen PIE, BWI en M&T op het Onderwijsplein. Zeer geïnteresseerd ging zij in gesprek met zowel leerlingen als docenten. Uiteraard liet TCC ook het Technolab zien aan de minister, dé magneet voor het po en vo om kennis te maken met de laatste stand van technologie. Extra aantrekkelijk was dat op dat moment ook daadwerkelijk een basisschool met haar leerlingen actief was in het Technolab. Wout Ensink stipte aan dat inmiddels al 5000 bezoekers uit het primair onderwijs aan de slag gingen in het Technolab. Dit is mogelijk gemaakt dankzij Sterk Techniekonderwijs. Grote betrokkenheid De detailvragen van de minister tijdens de rondleiding gaven aan dat zij zeer betrokken is bij alle activiteiten rondom instroombevordering voor techniek in het vmbo. Ook stelde zij gericht vragen over de aanpak van TCC. Zoals investeren in moderne lesapparatuur, het aantrekken van extra (hybride) onderwijstalent, de directe samenwerking met het technisch bedrijfsleven evenals de inzet op meer meisjes in de techniekprofielen. Gespreksronde Na de rondleiding ging de minister aan tafel in gesprek met alle betrokkenen over onder andere STO Twente, Praktijkhavo/Technasia, Hybride Leren en de verbinding onderwijs en bedrijfsleven. In een levendige discussie werd één ding duidelijk: dankzij Sterk Techniekonderwijs is TCC in staat gebleken om tal van activiteiten te ontwikkelen voor haar techniekonderwijs en instroombevordering. Aan bod in de discussie kwam onder andere de voorgenomen verbreding van de inzet van STO op niet alleen de ‘harde’ profielen, maar ook op bijvoorbeeld het profiel Zorg & Welzijn. Gebaat bij structurele gelden Tot slot vroeg de minister wat TCC nodig zou hebben om al haar activiteiten voor instroombevordering voor techniek op peil te houden. Marjolein Wolbers gaf hier helder antwoord op: “We zouden zeer gebaat zijn bij structurele gelden voor ons techniekonderwijs. Hiermee houden we in stand wat we nu hebben bereikt én kunnen we nieuwe activiteiten ontwikkelen en inbedden.” Tot slot dankte de Twente Board minister Mariëlle Paul voor haar bezoek en oprechte interesse. TCC kan terugkijken op een gevarieerd en inhoudelijk zeer betrokken werkbezoek. Graag bedanken we ook de leerlingen van HBR voor hun gastvrije bediening met koffie en thee én zelfgemaakte lekkernijen. Op hun cv kunnen zij zetten dat zij de minister hebben bediend! MENU
- "Wij willen zoveel mogelijk technologie concreet implementeren in ons vmbo-onderwijs"
d2558d3e-c0c2-4eeb-b57f-bd9a5c4eb7db "Wij willen zoveel mogelijk technologie concreet implementeren in ons vmbo-onderwijs" Een belangrijk fundament onder STO Twente zijn de talloze enthousiaste techniekdocenten in de vijf subregio’s. Eén daarvan is Emiel Dikkers. Hij is docent Technologie & Toepassing aan Het Noordik in Almelo: “Juist door te dóen, maak je leerlingen enthousiast voor techniek. Daar speelt het nieuwe vak Technologie & Toepassing een grote stimulerende rol in, nu nog als pilot. “Wij willen zoveel mogelijk technologieën concreet implementeren in ons vmbo-onderwijs. Alleen zo maken leerlingen écht kennis met de vele mogelijkheden zoals die van vooral schone techniek. Daarmee proberen we het beeld te kantelen.” Technologie & Toepassing: nieuw schoolexamenvak In 2024 worden de gemengde leerweg en de theoretische leerweg samengevoegd tot één nieuwe leerweg. Alle leerlingen in deze nieuwe leerweg volgen dan, naast avo-vakken, een praktijkgericht programma. In het kader hiervan is Technologie & Toepassing een nieuw schoolexamenvak voor de GL en TL. Momenteel wordt dit vak met 24 pilotscholen ontwikkeld. Het vak laat leerlingen kennismaken met alle sectoren waarin technologie een rol speelt. Aan de hand van een praktische opdracht zoals het ontwerpen van een leskist, het bouwen van een escaperoom of het bedenken van hulpmiddelen waarmee ouderen langer thuis kunnen wonen, oriënteren leerlingen zich op hun toekomst. Emiel Dikkers: “Het Noordik in Almelo is één van de pilotscholen voor Technologie & Toepassing en draait nu in het derde jaar mee.” Bedenken én maken Bij Technologie & Toepassing zijn leerlingen met levensechte opdrachten van het bedrijfsleven of maatschappelijke instellingen uit de regio bezig, met een variatie in toepassingsvormen van technologie. Emiel: “Wij bieden dit als verplicht vak aan alle leerlingen aan die in het derde en vierde leerjaar PIE en BWI hebben gekozen. Deze leerlingen zoeken aan de hand van een casus of een probleemstelling van een bedrijf samen naar een oplossing. Er zit zowel onderzoek als concreet iets maken in. Ik probeer dit als docent breed aan te vliegen waardoor de leerlingen echt het gevoel hebben dat alles wat zij bedenken zij ook daadwerkelijk proberen te realiseren.” Mooie praktijkprojecten Eén van de bedrijven waarmee inmiddels is samengewerkt is bijvoorbeeld Heutink in Rijssen, leverancier van schoolmiddelen. Emiel: “Zij krijgen een nieuw magazijn in Nijverdal van 12 meter hoog. De leerlingen hebben meegedacht over hoe Heutink haar jaarlijkse artikelinventarisatie op grote hoogte efficiënter kan inrichten. Ze bedachten een drone met daaronder een QR-code scanner via wifi. Bij een ander project hebben de leerlingen een duurzame zaklamp ontwikkeld voor buitentoiletten in Wit-Rusland; die houten wc’s in een grasland hebben geen verlichting. De leerlingen kwamen onder andere met het idee van kleine zonnepanelen op deze wc’s die ’s avonds hun opgebouwde energie kunnen inzetten voor verlichting.” De essentie is dat de leerlingen hun eigen ideeën in de groep inbrengen, samen het beste idee selecteren en dit ook groepsgewijs realiseren. Leerlingen leren dus niet alleen iets bedenken en daarna maken, maar ook samenwerken. Heel belangrijk, het bedrijfsleven in Almelo is erg betrokken binnen STO. De leerlingen krijgen een goed en inhoudelijk kijkje bij verschillende techniekbedrijven.” Doorgezet, ondanks corona Emiel merkt nu al dat Technologie & Toepassing de interesse voor vmbo-leerlingen voor techniek aanwakkert: “Leerlingen komen bij Technologie & Toepassing binnen in het derde jaar. Het is weliswaar verplicht, maar bijvoorbeeld leerlingen BWI komen daarmee ook in aanraking met elektrotechniek. En bij Zorg & Welzijn kunnen we met de technologie voor zorgdomotica aan de slag. Allemaal technieken buiten hun comfortzone en in het begin vinden ze het ingewikkeld, want ze hebben er niet voor gekozen. Maar we zien dat hoe dieper en breder ze in de materie gaan, des te leuker ze het gaan vinden. Vooral hun eigen oplossingen realiseren vinden ze fantastisch. Ze moeten ook presenteren, het liefst bij de deelnemende bedrijven zelf, en dan zie je ze echt groeien en trots zijn.” Combinatie van kennis en gedrevenheid Tot slot schetst Emiel zichzelf als docent Technologie & Toepassing: “Uiteraard moet je iets hebben met techniek en technologie. Van veel vlakken op deze terreinen weet ik wel iets. Maar het gaat vooral ook om motivatie en inzet. ’s Avonds een puur uurtjes extra inzet plegen voor je lessen doe ik graag. Onlangs kwamen twee oud-leerlingen langs met een mooie cijferlijst van hun huidige techniekopleiding. Gewoon, om even bij te babbelen. Die binding ervaar ik als een mooi compliment.” Kortom, Emiel pakt als docent andere rollen op binnen de onderwijsorganisatie. Zoals de aanvraag van subsidie, ontwikkeling nieuw lesmateriaal, projectorganisatie en meer. De docenttaak is daarmee aan het verschuiven en brengt een nieuwe dynamiek met zich mee. Leerlingen merken dat direct en doen graag mee. In de aanstelling van een docent wordt nu al meegenomen wat voor kwaliteiten iemand inbrengt om ook de techniekvernieuwing door te zetten. Connectie met regionale themabijeenkomst nieuwe leerweg Eerder dit jaar organiseerde STO Twente een themabijeenkomst over de nieuwe leerweg. Hieruit bleken, naast Technologie & Toepassing, meerdere creatieve mogelijkheden om dit technisch aan te vliegen. Interesse? Neem contact op en wij zenden u het artikel: communicatie@stotwente.nl . Emiel Dikkers, docent Technologie & Toepassing: MENU
- Masterclass Voeding & Techniek: zelf zien, doen, ervaren én op reis
c9bffc98-cf63-45d0-96cd-9066443b344e Masterclass Voeding & Techniek: zelf zien, doen, ervaren én op reis Het ministerie ziet de komende jaren voor STO graag een verbreding naar meer profielen. Het Zone.college voor groenonderwijs in Almelo sorteert daar al op eigen initiatief op voor met de Masterclass Voeding & Techniek voor leerlingen van het basisonderwijs. Twee keer 25 leerlingen van twee basisscholen doorliepen de driedelige cyclus voor deze Masterclass, inclusief een bedrijfsbezoek aan het Duitse Emsflower. Docenten Jeroen Kleinsmann en Marc- Jan Hengstman zijn hierbij nauw betrokken: “Op kleine schaal leren de kinderen zelf wat er komt kijken bij duurzame voedselproductie op grote schaal. We hopen bij hen hiermee luikjes te openen.” Jeroen is betrokken bij STO Twente: “Ik heb 20 jaar ervaring in het basisonderwijs. Daardoor passen de Masterclasses die het Zone.college ontwikkelt en geeft voor het basisonderwijs goed bij mij. Vanuit die ervaring kan ik deze helpen ontwikkelen. We richten deze Masterclasses op groep 7 en 8, een enkele keer op groep 6.” Eén van de Masterclasses is die voor Voeding & Techniek: “We willen daarmee jonge leerlingen zelf laten ervaren dat techniek en voedselproductie nauw verbonden zijn.” Opgebouwd uit drie delen Deze Masterclass bestaat uit drie delen die goed op elkaar aansluiten, legt Jeroen uit: “We starten met een kant-en-klaar lespakket waarmee de leerlingen eerst op hun eigen basisschool aan de slag gaan. Dit bestaat uit een bakje zand, zaden en een doseerspuitje voor water. Na het zaaien in verschillende potjes moeten de leerlingen de potjes gevarieerd water geven: zes potjes één keer in de week 20 milliliter water, zes potjes twee keer in de week dezelfde hoeveelheid water en tot slot zes potjes die elke dag 20 milliliter water door de leerlingen krijgen ingespoten.” Deel twee: aan de slag op het Zone.college Vervolgens komen de leerlingen naar het Zone.college voor deel twee van de Masterclass. Jeroen: “We bekijken samen welke manier van water geven de beste groei laat zien. Daarbij leren wij de kinderen allerlei variabelen te betrekken zoals het weer, de temperatuur en de neerslag.” Vervolgens maakt Jeroen met de leerlingen de sprong naar bijvoorbeeld de grootschalige tomatenkweek in kassen: “Ze ontdekken hoeveel water er komt kijken bij deze professionele kweek, maar vooral ook hoeveel op grote schaal die genuanceerde waterverschillen helpen uitmaken om een oogst te laten slagen. En als je één zo’n plant exact de juiste hoeveelheid water wilt geven, dan leg ik hen uit hoe complex dit is als je die maatwerk-aanpak wilt uitvoeren voor kassen met duizenden tomatenplanten.” Leren werken met Neuron Makeblock Ook bekijkt Jeroen met de po-leerlingen een filmpje over de moderne techniek in de voedselproductie. Denk aan drones die over landbouwgrond vliegen om de stand van zaken te monitoren. Deze meten bijvoorbeeld de hoeveelheid organische stoffen en stikstof in de bodem. Zo laten we de leerlingen zelf zien dat landbouw met heel veel techniek gepaard gaat. Na dit filmpje maken de leerlingen zelf een mini-beregeningsinstallatie. Deze stellen ze digitaal in met een Neuron Makeblock. Die simuleert een dergelijke opstelling voor grote groenkassen. De leerlingen programmeren zelf hoeveel water er naar ingezaaide bakjes wordt toegevoerd en meten het vochtgehalte.” Deze activiteit wordt uitgevoerd in de GMEC van het Zone.college, een mobiele bus vól met innovatieve techniek waarmee de leerlingen kennis kunnen maken. Jeroen: “De leerlingen ontdekken spelenderwijs hoe je met zo min mogelijk water een zo hoog mogelijke voedselproductie realiseert. Ze zien dus de economische kant hiervan, maar ook de duurzame aspecten. Mochten ze later in het groen gaan werken, dan spelen beide factoren een belangrijke rol.” Ook leerzaam: met een laserprinter produceren de leerlingen plantenstekers. Op deze manier maken ze door dit zelf te doen ook kennis met deze nieuwe technologie. Indrukwekkend bedrijfsbezoek Het derde deel van de Masterclass Voeding & Techniek bestaat uit een bedrijfsbezoek: “We zijn met de leerlingen op reis gegaan naar het Duitse bedrijf Emsflower in Emsbüren. Een bijzonder innovatief en ook duurzaam groenbedrijf voor de teelt van groenten, perk- en potplanten, met maar liefst 88 hectare aan kassen. Tijdens een rondleiding zagen de leerlingen hier op grote schaal én geautomatiseerd in werking wat zij zelf in deel 1 en 2 van deze Masterclass geleerd hadden. Indrukwekkend bijvoorbeeld was een zelf door Emsflower ontwikkelde stekrobot. Deze zet een stekje ongekneusd in een potje, 2200 per uur, en dat met zo’n zes van die stekrobots op een rij.” Ook zagen de leerlingen hoe elke Gerbera zijn eigen vochtmeter heeft voor de juiste hoeveelheid vocht. Emsflower wekt haar eigen energie duurzaam op, ook heel interessant voor de leerlingen. Jeroen: “Dit bedrijfsbezoek was een mooie afsluiting van de driedelige cyclus waarop de Masterclass Voeding & Techniek is gebaseerd.” Plannen voor toekomst De driedelige cyclus van de Masterclass Voeding & Techniek zal in het schooljaar 2023-2024 een aantal keer aangeboden worden aan basisscholen uit de STO subregio Almelo. MENU
- Samen de horloges gelijkzetten tijdens startbijeenkomst STO subregio Rijssen Holten
3f02508b-2e8e-4686-ba0c-5d406e2fd0f1 Samen de horloges gelijkzetten tijdens startbijeenkomst STO subregio Rijssen Holten De STO subregio Rijssen-Holten organiseerde op 2 oktober de aftrap voor het Sterk Techniek Onderwijs schooljaar 2024-2025. Voor deze startbijeenkomst stelde Heutink in Nijverdal, leverancier van lesmateriaal, gastvrij haar auditorium ter beschikking. Doel? Terugkijken op STO Twente, kennismaken met elkaar én starten met het plannen voor de nieuwe periode 2025 t/m 2028. Maximaal aantal deelnemende vmbo-scholen De startbijeenkomst werd geopend door Marije Teunis-Top, directeur onderwijs op De Waerdenborch. Op inspirerende wijze legde zij het doel uit én benadrukte dat in de tweede STO-periode 2025 t/m 2028 ook de scholen PiusX en Jacobus Fruytier scholengemeenschap maximaal zullen aanhaken bij de STO subregio Rijssen – Holten. Dit als welkome aanvulling op de al enige jaren binnen STO zeer actieve scholen De Waerdenborch in Holten en Goor en CSG Reggesteyn in Rijssen. Kortom, nog meer gebundelde slag- en daadkracht door een maximaal aantal deelnemende vmbo-scholen. Veelzijdige uitleg Na Marije gaf Dennis Boshoeve een presentatie. Hij is unitleider projecten op Reggesteyn in Rijssen en Nijverdal. Eveneens is Dennis projectleider Sterk Techniekonderwijs. Dennis keek eerst terug op de STO-jaren 2019 t/m 2024 en gaf vervolgens een kijk op Sterk Techniekonderwijs schooljaar 2024/2025. Waarbij Dennis antwoord gaf op vragen als: Waar staan we nu en waar willen we naartoe? Werkgroepen Een goede beslissing van de STO subregio Rijssen – Holten is om voor de nieuwe planvorming voor STO een aantal gerichte werkgroepen in te stellen. Deze vier werkgroepen focussen op diverse speerpunten binnen STO Twente. Zoals oriëntatie- beeldactiviteiten PO, oriëntatie- en beeldactiviteiten VO, (door)ontwikkelen Technolabs en Buitenschools leren voor leerlingen. Dennis liet de werkgroepleiders zich kort voorstellen zodat iedereen nu een naam en een gezicht heeft bij de werkgroepen. Aanvullend zijn er nog vier werkgroepen in het leven geroepen. Zoals voor techniek in het curriculum een werkgroep voor de technische profielen PIE, BWI en M&T, een tweede voor verbreding van techniek in Z&, E&O en HBR, een derde voor vmbo-tl en een vierde werkgroep voor de techniek in het curriculum van de onderbouw. Tot slot is er ook een werkgroep in het leven groepen voor de professionalisering van docenten. Voorstellen sleutelfiguren Dennis sloot af met het voorstellen van de vier STO-projectleiders uit de regio Rijssen-Holten: Marien van Driel namens Jacobus Fruytier, Dirk Nolte namens PiusX en Joke Lankamp namens CSG Reggesteyn. Er komt ook een nieuwe projectleider voor De Waerdenborch. Tot slot lichtte Dennis allerlei procedurele en administratieve processen toe in relatie tot STO, zoals hoe de deelnemers kunnen budgetteren met een goede verantwoording van personele en materiële kosten. MENU
- Geslaagde nieuwe opzet Bedrijvendag Goor en Holten
95572041-dd02-41bd-bc1d-e960c9154c90 Geslaagde nieuwe opzet Bedrijvendag Goor en Holten Op donderdag 13 oktober maakten de leerlingen van De Waerdenborch in zowel Holten als Goor kennis met het technische bedrijfsleven. Door een gloednieuwe opzet lag het bezoek dit jaar zo goed mogelijk in de individuele interessesfeer van elke leerling. Eerdere jaren bezochten zij de bedrijven in groepjes, nu was het rooster voor het eerst zoveel mogelijk aangepast aan hun individuele wensen. Hoe? Het voorbereidende boekje en keuzeproces koppelden voor de leerlingen drie elementen slim aan elkaar: de 7 Werelden van Techniek, de bedrijven binnen elke wereld én de concrete beroepen die daarin mogelijk zijn. Interesses prikkelen De Bedrijvendag Goor en Holten is bedoeld voor de leerlingen om hen te stimuleren na te denken over de vakken en opleidingen die zij de komende jaren kunnen kiezen. Marcel Vaneker, projectleider STO voor De Waerdenborch: “Waar liggen hun interesses en welke mogelijkheden zijn er op dat gebied? De insteek is de leerlingen ervan te doordringen dat zij invloed hebben op hun toekomst.” Voorbereiding Tijdens de mentorlessen kregen de leerlingen een voorbereidende opdracht en maakten zij een test: Welke van de 7 Werelden van Techniek past het beste bij elke leerling individueel? Marcel: “De uitkomst leidde de leerlingen in het boekje direct naar de aan de Bedrijvendag deelnemende bedrijven. Ingedeeld op de 7 Werelden van Techniek presenteerden deze bedrijven zich in dit boekje aan de leerlingen. Zij lazen niet alleen om welke bedrijven het gaat en binnen welke techniekwereld het bedrijf valt: ook zagen zij hun interesse direct gekoppeld, aan beroepen! Elke leerling kon vervolgens voor de morgen van 13 oktober twee bedrijven kiezen en bezoeken. Ook hadden de leerlingen zich hierop voorbereid met vragen. Eenmaal in de bedrijven kregen zij een rondleiding en presentatie.” Presentatie Vervolgens verwerkten de leerlingen hun individuele ervaringen in een presentatie. Al direct de dag ná de presentatie, op vrijdag 14 oktober, gaven zij in hun klas met een groepje een presentatie over de bedrijfsbezoeken. Marcel: “Zij deelden hun ervaringen over het bedrijf, wat ze ervan opgestoken hebben, hoe dit bedrijf met technische toepassingen werkt én hoe zij het zelf zouden vinden om in zo’n omgeving te werken.” MENU
- STO Enschede bereidt zich in de rust voor op de tweede helft van de STO voetbalwedstrijd
6e0c1e77-02fc-4e94-81c4-b726cb60cb41 STO Enschede bereidt zich in de rust voor op de tweede helft van de STO voetbalwedstrijd STO Enschede kwam in het schooljaar 2023 - 2024 goed op stoom. Een positieve ontwikkeling die werd bekrachtigd tijdens een drukbezochte netwerkbijeenkomst op 26 juni. Ronald Rondeel, projectleider STO Enschede: “We keken samen met de deelnemers terug én vooruit. Centraal stond de vraag: waar willen we naartoe, samen met onze partners?” De deelnemers vormden een gevarieerde mix van bedrijven, opleidingsbedrijven, basisscholen en docenten. Leerzaam was de conclusie uit de presentatie van Tim Post: “Benut voor je planvorming veel meer de wetenschappelijke inzichten rondom instroombevordering techniek.” Metafoor van voetbalwedstrijd Ronald verpakte zijn presentatie in een mooie metafoor, die van een EK voetbalwedstrijd: “2020 – 2023 was de eerste helft van STO. In 2024 zitten we in een brugjaar, de ‘rust, en 2025 t/m 2028 zal de tweede helft zijn. En zoals dat gaat, neem je in de rust in de kleedkamer de winstpunten én verbeterpunten door!” Positieve terugblik STO Enschede kan positief terugblikken op de eerste helft van de STO-voetbalwedstrijd. Ronald gaf in vogelvlucht de highlights: “Allereerst dank ik alle betrokkenen zoals de po-scholen en de bedrijven. We hebben van hen de afgelopen jaren veel gevraagd en zij hebben vervolgens ook veel geleverd. Daar hebben we heel veel waardering voor. Samen met onze partners maken we STO Enschede.” Puntsgewijs presenteerde Ronald enkele highlights: “Door al het werk is bij leerlingen niet alleen de interesse in techniek toegenomen, maar ook concreet het aantal leerlingen. Wat ook bijdraagt aan dit succes is het aanstellen van STO-contactpersonen binnen zowel de basisscholen als binnen het mbo zoals ROC van Twente.” Ook noemde Ronald het inmiddels sterke netwerk én de gerealiseerde verbindingen met alle andere vmbo-scholen in Enschede. Opmerkelijk positief is de landelijke stijging van instroom in het profiel BWI. Voor het komende schooljaar laat ook het profiel M&T in Enschede een stijging zien van het aantal leerlingen, datzelfde geldt ook voor MVI.” Succesvolle programma’s Ook vermeldde Ronald specifiek enkele succesvolle programma’s van STO Enschede: “Dan noem ik graag 7Tech en Techzone waarbij nauw wordt samengewerkt met het Zone.college. Ook de masterclasses voor het basisonderwijs en Techniek Tastbaar behoren inmiddels tot het bewezen instrumentarium van STO Enschede.” Voor de herfst, en dit is nieuw, staat er een speeddate op het programma tussen bedrijven en leerlingen en hun ouders. Ook het Technolab, na een wat rustige start, kent inmiddels veel meer toeloop uit zowel het basisonderwijs als het Stedelijk Alpha en het Bonhoeffer College. Ronald: “Wat hierbij extra zal helpen, is de komende introductie van een digitaal reserveringssysteem voor zowel interne als externe partijen.” Vier speerpunten voor komende jaren Ronald keek vervolgens vooruit naar de ‘tweede helft van de STO-wedstrijd’. Samengevat presenteerde hij hieruit vier speerpunten: “Een gedegen oriëntatieprogramma, het technisch en technologisch onderwijs verder vormgeven evenals het uitbreiden van de mogelijkheden voor alle vmbo-leerlingen.” Het vierde speerpunt is ook relevant gezien het gegeven dat STO eind 2028 zal ophouden. Ronald: “Dé uitdaging is om alles wat in de periode 2020 t/m 2028 zal zijn opgebouwd op basis van samenwerking te verstevigen en te verduurzamen voor ná 2028. Het is een heldere opdracht om daar nu al voor in actie te komen.” Ronald dankte expliciet Manon Schrijnemaekers voor haar ondersteuning bij de nieuwe planvorming. Interessante inleiding Tim Post Vervolgens gaf Ronald het woord aan Tim Post van Kids4Twente voor zijn presentatie ‘Samen sterker onderwijs.’ Hij is onderwijspsycholoog, adviseur en ontwikkelaar W&T-onderwijs, auteur en één van de drijvende krachten achter Kids4Twente. Deze organisatie biedt basisscholen en middelbare scholen in Twente doorlopende hulp bij het onderwijzen van wetenschap, technologie en duurzaamheid. De kern van Tims betoog? Werken alle activiteiten voor instroombevordering eigenlijk wel? Waarom zijn er zo ongelofelijk veel clubs voor instroombevordering? Kunnen we de krachten niet bundelen? En vooral: kijk met een wetenschappelijke bril naar de resultaten van instroombevordering en pas de bewezen onderzoekinzichten daaruit toe in je nieuwe planvorming. Het basisonderwijs is héél belangrijk Tims wetenschappelijk gefundeerde conclusie is om kinderen al in het basisonderwijs zoveel mogelijk met techniek en technologie in aanraking te brengen. Dáár worden interesses en talenten tot leven geroepen. Zijn kinderen eenmaal op het middelbaar onderwijs aangeland? Dan hebben zij hun voorkeuren vaak al bepaald en buig je die niet meer zo eenvoudig om. Tim pleitte voor de ontwikkeling van een ecosysteem voor instroombevordering techniek. Niet alleen voor STO Enschede maar voor heel Twente, met daarin alle relevante en actieve partners. Eveneens stipte Tim een integrale aanpak aan bestaande uit vijf facetten om instroom techniek structureel, gericht en op onderzoek gebaseerd aan te vliegen. Een aanpak waar STO Enschede nú al veel aan heeft voor haar planvorming 2025 t/m 2028! Tot slot stond er een warm en koud buffet klaar en wisselden de deelnemers inzichten, ervaringen én nieuwe ideeën voor STO Enschede uit. Onze Enschedese collega’s mogen terugkijken op een mooi activiteitenjaar 2023 – 2024 én volop mooie plannen voor de ‘tweede helft van de STO-voetbalwedstrijd! MENU










