top of page

445 resultaten gevonden

  • Belangstellende minister ervaart techniekonderwijs op Twents Carmel College

    054d912a-0683-4dfc-9ee1-198781f1b1e5 Belangstellende minister ervaart techniekonderwijs op Twents Carmel College Op uitnodiging van Twente Board bracht Mariëlle Paul, demissionair minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs, op 14 november een werkbezoek aan basisschool de Telgenborch in Almelo en Twents Carmel College (TCC) in Oldenzaal. Het centrale thema? De veelzijdige kennismaking met techniekonderwijs in de regio Twente. Op TCC werd de minister ontvangen door onder andere Marjolein Wolbers, adjunct directeur TCC, Raymond Nijenhuis, directeur TCC en Wout Ensink, projectleider STO subregio Oldenzaal. Na de eerste kennismaking ontving de minister een heldere uitleg over de actieve en gerichte inzet van TCC op de techniekprofielen. Rondleiding Direct hierna kreeg de minister een rondleiding langs de techniekprofielen PIE, BWI en M&T op het Onderwijsplein. Zeer geïnteresseerd ging zij in gesprek met zowel leerlingen als docenten. Uiteraard liet TCC ook het Technolab zien aan de minister, dé magneet voor het po en vo om kennis te maken met de laatste stand van technologie. Extra aantrekkelijk was dat op dat moment ook daadwerkelijk een basisschool met haar leerlingen actief was in het Technolab. Wout Ensink stipte aan dat inmiddels al 5000 bezoekers uit het primair onderwijs aan de slag gingen in het Technolab. Dit is mogelijk gemaakt dankzij Sterk Techniekonderwijs. Grote betrokkenheid De detailvragen van de minister tijdens de rondleiding gaven aan dat zij zeer betrokken is bij alle activiteiten rondom instroombevordering voor techniek in het vmbo. Ook stelde zij gericht vragen over de aanpak van TCC. Zoals investeren in moderne lesapparatuur, het aantrekken van extra (hybride) onderwijstalent, de directe samenwerking met het technisch bedrijfsleven evenals de inzet op meer meisjes in de techniekprofielen. Gespreksronde Na de rondleiding ging de minister aan tafel in gesprek met alle betrokkenen over onder andere STO Twente, Praktijkhavo/Technasia, Hybride Leren en de verbinding onderwijs en bedrijfsleven. In een levendige discussie werd één ding duidelijk: dankzij Sterk Techniekonderwijs is TCC in staat gebleken om tal van activiteiten te ontwikkelen voor haar techniekonderwijs en instroombevordering. Aan bod in de discussie kwam onder andere de voorgenomen verbreding van de inzet van STO op niet alleen de ‘harde’ profielen, maar ook op bijvoorbeeld het profiel Zorg & Welzijn. Gebaat bij structurele gelden Tot slot vroeg de minister wat TCC nodig zou hebben om al haar activiteiten voor instroombevordering voor techniek op peil te houden. Marjolein Wolbers gaf hier helder antwoord op: “We zouden zeer gebaat zijn bij structurele gelden voor ons techniekonderwijs. Hiermee houden we in stand wat we nu hebben bereikt én kunnen we nieuwe activiteiten ontwikkelen en inbedden.” Tot slot dankte de Twente Board minister Mariëlle Paul voor haar bezoek en oprechte interesse. TCC kan terugkijken op een gevarieerd en inhoudelijk zeer betrokken werkbezoek. Graag bedanken we ook de leerlingen van HBR voor hun gastvrije bediening met koffie en thee én zelfgemaakte lekkernijen. Op hun cv kunnen zij zetten dat zij de minister hebben bediend! MENU

  • "Wij willen zoveel mogelijk technologie concreet implementeren in ons vmbo-onderwijs"

    d2558d3e-c0c2-4eeb-b57f-bd9a5c4eb7db "Wij willen zoveel mogelijk technologie concreet implementeren in ons vmbo-onderwijs" Een belangrijk fundament onder STO Twente zijn de talloze enthousiaste techniekdocenten in de vijf subregio’s. Eén daarvan is Emiel Dikkers. Hij is docent Technologie & Toepassing aan Het Noordik in Almelo: “Juist door te dóen, maak je leerlingen enthousiast voor techniek. Daar speelt het nieuwe vak Technologie & Toepassing een grote stimulerende rol in, nu nog als pilot. “Wij willen zoveel mogelijk technologieën concreet implementeren in ons vmbo-onderwijs. Alleen zo maken leerlingen écht kennis met de vele mogelijkheden zoals die van vooral schone techniek. Daarmee proberen we het beeld te kantelen.” Technologie & Toepassing: nieuw schoolexamenvak In 2024 worden de gemengde leerweg en de theoretische leerweg samengevoegd tot één nieuwe leerweg. Alle leerlingen in deze nieuwe leerweg volgen dan, naast avo-vakken, een praktijkgericht programma. In het kader hiervan is Technologie & Toepassing een nieuw schoolexamenvak voor de GL en TL. Momenteel wordt dit vak met 24 pilotscholen ontwikkeld. Het vak laat leerlingen kennismaken met alle sectoren waarin technologie een rol speelt. Aan de hand van een praktische opdracht zoals het ontwerpen van een leskist, het bouwen van een escaperoom of het bedenken van hulpmiddelen waarmee ouderen langer thuis kunnen wonen, oriënteren leerlingen zich op hun toekomst. Emiel Dikkers: “Het Noordik in Almelo is één van de pilotscholen voor Technologie & Toepassing en draait nu in het derde jaar mee.” Bedenken én maken Bij Technologie & Toepassing zijn leerlingen met levensechte opdrachten van het bedrijfsleven of maatschappelijke instellingen uit de regio bezig, met een variatie in toepassingsvormen van technologie. Emiel: “Wij bieden dit als verplicht vak aan alle leerlingen aan die in het derde en vierde leerjaar PIE en BWI hebben gekozen. Deze leerlingen zoeken aan de hand van een casus of een probleemstelling van een bedrijf samen naar een oplossing. Er zit zowel onderzoek als concreet iets maken in. Ik probeer dit als docent breed aan te vliegen waardoor de leerlingen echt het gevoel hebben dat alles wat zij bedenken zij ook daadwerkelijk proberen te realiseren.” Mooie praktijkprojecten Eén van de bedrijven waarmee inmiddels is samengewerkt is bijvoorbeeld Heutink in Rijssen, leverancier van schoolmiddelen. Emiel: “Zij krijgen een nieuw magazijn in Nijverdal van 12 meter hoog. De leerlingen hebben meegedacht over hoe Heutink haar jaarlijkse artikelinventarisatie op grote hoogte efficiënter kan inrichten. Ze bedachten een drone met daaronder een QR-code scanner via wifi. Bij een ander project hebben de leerlingen een duurzame zaklamp ontwikkeld voor buitentoiletten in Wit-Rusland; die houten wc’s in een grasland hebben geen verlichting. De leerlingen kwamen onder andere met het idee van kleine zonnepanelen op deze wc’s die ’s avonds hun opgebouwde energie kunnen inzetten voor verlichting.” De essentie is dat de leerlingen hun eigen ideeën in de groep inbrengen, samen het beste idee selecteren en dit ook groepsgewijs realiseren. Leerlingen leren dus niet alleen iets bedenken en daarna maken, maar ook samenwerken. Heel belangrijk, het bedrijfsleven in Almelo is erg betrokken binnen STO. De leerlingen krijgen een goed en inhoudelijk kijkje bij verschillende techniekbedrijven.” Doorgezet, ondanks corona Emiel merkt nu al dat Technologie & Toepassing de interesse voor vmbo-leerlingen voor techniek aanwakkert: “Leerlingen komen bij Technologie & Toepassing binnen in het derde jaar. Het is weliswaar verplicht, maar bijvoorbeeld leerlingen BWI komen daarmee ook in aanraking met elektrotechniek. En bij Zorg & Welzijn kunnen we met de technologie voor zorgdomotica aan de slag. Allemaal technieken buiten hun comfortzone en in het begin vinden ze het ingewikkeld, want ze hebben er niet voor gekozen. Maar we zien dat hoe dieper en breder ze in de materie gaan, des te leuker ze het gaan vinden. Vooral hun eigen oplossingen realiseren vinden ze fantastisch. Ze moeten ook presenteren, het liefst bij de deelnemende bedrijven zelf, en dan zie je ze echt groeien en trots zijn.” Combinatie van kennis en gedrevenheid Tot slot schetst Emiel zichzelf als docent Technologie & Toepassing: “Uiteraard moet je iets hebben met techniek en technologie. Van veel vlakken op deze terreinen weet ik wel iets. Maar het gaat vooral ook om motivatie en inzet. ’s Avonds een puur uurtjes extra inzet plegen voor je lessen doe ik graag. Onlangs kwamen twee oud-leerlingen langs met een mooie cijferlijst van hun huidige techniekopleiding. Gewoon, om even bij te babbelen. Die binding ervaar ik als een mooi compliment.” Kortom, Emiel pakt als docent andere rollen op binnen de onderwijsorganisatie. Zoals de aanvraag van subsidie, ontwikkeling nieuw lesmateriaal, projectorganisatie en meer. De docenttaak is daarmee aan het verschuiven en brengt een nieuwe dynamiek met zich mee. Leerlingen merken dat direct en doen graag mee. In de aanstelling van een docent wordt nu al meegenomen wat voor kwaliteiten iemand inbrengt om ook de techniekvernieuwing door te zetten. Connectie met regionale themabijeenkomst nieuwe leerweg Eerder dit jaar organiseerde STO Twente een themabijeenkomst over de nieuwe leerweg. Hieruit bleken, naast Technologie & Toepassing, meerdere creatieve mogelijkheden om dit technisch aan te vliegen. Interesse? Neem contact op en wij zenden u het artikel: communicatie@stotwente.nl . Emiel Dikkers, docent Technologie & Toepassing: MENU

  • Masterclass Voeding & Techniek: zelf zien, doen, ervaren én op reis

    c9bffc98-cf63-45d0-96cd-9066443b344e Masterclass Voeding & Techniek: zelf zien, doen, ervaren én op reis Het ministerie ziet de komende jaren voor STO graag een verbreding naar meer profielen. Het Zone.college voor groenonderwijs in Almelo sorteert daar al op eigen initiatief op voor met de Masterclass Voeding & Techniek voor leerlingen van het basisonderwijs. Twee keer 25 leerlingen van twee basisscholen doorliepen de driedelige cyclus voor deze Masterclass, inclusief een bedrijfsbezoek aan het Duitse Emsflower. Docenten Jeroen Kleinsmann en Marc- Jan Hengstman zijn hierbij nauw betrokken: “Op kleine schaal leren de kinderen zelf wat er komt kijken bij duurzame voedselproductie op grote schaal. We hopen bij hen hiermee luikjes te openen.” Jeroen is betrokken bij STO Twente: “Ik heb 20 jaar ervaring in het basisonderwijs. Daardoor passen de Masterclasses die het Zone.college ontwikkelt en geeft voor het basisonderwijs goed bij mij. Vanuit die ervaring kan ik deze helpen ontwikkelen. We richten deze Masterclasses op groep 7 en 8, een enkele keer op groep 6.” Eén van de Masterclasses is die voor Voeding & Techniek: “We willen daarmee jonge leerlingen zelf laten ervaren dat techniek en voedselproductie nauw verbonden zijn.” Opgebouwd uit drie delen Deze Masterclass bestaat uit drie delen die goed op elkaar aansluiten, legt Jeroen uit: “We starten met een kant-en-klaar lespakket waarmee de leerlingen eerst op hun eigen basisschool aan de slag gaan. Dit bestaat uit een bakje zand, zaden en een doseerspuitje voor water. Na het zaaien in verschillende potjes moeten de leerlingen de potjes gevarieerd water geven: zes potjes één keer in de week 20 milliliter water, zes potjes twee keer in de week dezelfde hoeveelheid water en tot slot zes potjes die elke dag 20 milliliter water door de leerlingen krijgen ingespoten.” Deel twee: aan de slag op het Zone.college Vervolgens komen de leerlingen naar het Zone.college voor deel twee van de Masterclass. Jeroen: “We bekijken samen welke manier van water geven de beste groei laat zien. Daarbij leren wij de kinderen allerlei variabelen te betrekken zoals het weer, de temperatuur en de neerslag.” Vervolgens maakt Jeroen met de leerlingen de sprong naar bijvoorbeeld de grootschalige tomatenkweek in kassen: “Ze ontdekken hoeveel water er komt kijken bij deze professionele kweek, maar vooral ook hoeveel op grote schaal die genuanceerde waterverschillen helpen uitmaken om een oogst te laten slagen. En als je één zo’n plant exact de juiste hoeveelheid water wilt geven, dan leg ik hen uit hoe complex dit is als je die maatwerk-aanpak wilt uitvoeren voor kassen met duizenden tomatenplanten.” Leren werken met Neuron Makeblock Ook bekijkt Jeroen met de po-leerlingen een filmpje over de moderne techniek in de voedselproductie. Denk aan drones die over landbouwgrond vliegen om de stand van zaken te monitoren. Deze meten bijvoorbeeld de hoeveelheid organische stoffen en stikstof in de bodem. Zo laten we de leerlingen zelf zien dat landbouw met heel veel techniek gepaard gaat. Na dit filmpje maken de leerlingen zelf een mini-beregeningsinstallatie. Deze stellen ze digitaal in met een Neuron Makeblock. Die simuleert een dergelijke opstelling voor grote groenkassen. De leerlingen programmeren zelf hoeveel water er naar ingezaaide bakjes wordt toegevoerd en meten het vochtgehalte.” Deze activiteit wordt uitgevoerd in de GMEC van het Zone.college, een mobiele bus vól met innovatieve techniek waarmee de leerlingen kennis kunnen maken. Jeroen: “De leerlingen ontdekken spelenderwijs hoe je met zo min mogelijk water een zo hoog mogelijke voedselproductie realiseert. Ze zien dus de economische kant hiervan, maar ook de duurzame aspecten. Mochten ze later in het groen gaan werken, dan spelen beide factoren een belangrijke rol.” Ook leerzaam: met een laserprinter produceren de leerlingen plantenstekers. Op deze manier maken ze door dit zelf te doen ook kennis met deze nieuwe technologie. Indrukwekkend bedrijfsbezoek Het derde deel van de Masterclass Voeding & Techniek bestaat uit een bedrijfsbezoek: “We zijn met de leerlingen op reis gegaan naar het Duitse bedrijf Emsflower in Emsbüren. Een bijzonder innovatief en ook duurzaam groenbedrijf voor de teelt van groenten, perk- en potplanten, met maar liefst 88 hectare aan kassen. Tijdens een rondleiding zagen de leerlingen hier op grote schaal én geautomatiseerd in werking wat zij zelf in deel 1 en 2 van deze Masterclass geleerd hadden. Indrukwekkend bijvoorbeeld was een zelf door Emsflower ontwikkelde stekrobot. Deze zet een stekje ongekneusd in een potje, 2200 per uur, en dat met zo’n zes van die stekrobots op een rij.” Ook zagen de leerlingen hoe elke Gerbera zijn eigen vochtmeter heeft voor de juiste hoeveelheid vocht. Emsflower wekt haar eigen energie duurzaam op, ook heel interessant voor de leerlingen. Jeroen: “Dit bedrijfsbezoek was een mooie afsluiting van de driedelige cyclus waarop de Masterclass Voeding & Techniek is gebaseerd.” Plannen voor toekomst De driedelige cyclus van de Masterclass Voeding & Techniek zal in het schooljaar 2023-2024 een aantal keer aangeboden worden aan basisscholen uit de STO subregio Almelo. MENU

  • Samen de horloges gelijkzetten tijdens startbijeenkomst STO subregio Rijssen Holten

    3f02508b-2e8e-4686-ba0c-5d406e2fd0f1 Samen de horloges gelijkzetten tijdens startbijeenkomst STO subregio Rijssen Holten De STO subregio Rijssen-Holten organiseerde op 2 oktober de aftrap voor het Sterk Techniek Onderwijs schooljaar 2024-2025. Voor deze startbijeenkomst stelde Heutink in Nijverdal, leverancier van lesmateriaal, gastvrij haar auditorium ter beschikking. Doel? Terugkijken op STO Twente, kennismaken met elkaar én starten met het plannen voor de nieuwe periode 2025 t/m 2028. Maximaal aantal deelnemende vmbo-scholen De startbijeenkomst werd geopend door Marije Teunis-Top, directeur onderwijs op De Waerdenborch. Op inspirerende wijze legde zij het doel uit én benadrukte dat in de tweede STO-periode 2025 t/m 2028 ook de scholen PiusX en Jacobus Fruytier scholengemeenschap maximaal zullen aanhaken bij de STO subregio Rijssen – Holten. Dit als welkome aanvulling op de al enige jaren binnen STO zeer actieve scholen De Waerdenborch in Holten en Goor en CSG Reggesteyn in Rijssen. Kortom, nog meer gebundelde slag- en daadkracht door een maximaal aantal deelnemende vmbo-scholen. Veelzijdige uitleg Na Marije gaf Dennis Boshoeve een presentatie. Hij is unitleider projecten op Reggesteyn in Rijssen en Nijverdal. Eveneens is Dennis projectleider Sterk Techniekonderwijs. Dennis keek eerst terug op de STO-jaren 2019 t/m 2024 en gaf vervolgens een kijk op Sterk Techniekonderwijs schooljaar 2024/2025. Waarbij Dennis antwoord gaf op vragen als: Waar staan we nu en waar willen we naartoe? Werkgroepen Een goede beslissing van de STO subregio Rijssen – Holten is om voor de nieuwe planvorming voor STO een aantal gerichte werkgroepen in te stellen. Deze vier werkgroepen focussen op diverse speerpunten binnen STO Twente. Zoals oriëntatie- beeldactiviteiten PO, oriëntatie- en beeldactiviteiten VO, (door)ontwikkelen Technolabs en Buitenschools leren voor leerlingen. Dennis liet de werkgroepleiders zich kort voorstellen zodat iedereen nu een naam en een gezicht heeft bij de werkgroepen. Aanvullend zijn er nog vier werkgroepen in het leven geroepen. Zoals voor techniek in het curriculum een werkgroep voor de technische profielen PIE, BWI en M&T, een tweede voor verbreding van techniek in Z&, E&O en HBR, een derde voor vmbo-tl en een vierde werkgroep voor de techniek in het curriculum van de onderbouw. Tot slot is er ook een werkgroep in het leven groepen voor de professionalisering van docenten. Voorstellen sleutelfiguren Dennis sloot af met het voorstellen van de vier STO-projectleiders uit de regio Rijssen-Holten: Marien van Driel namens Jacobus Fruytier, Dirk Nolte namens PiusX en Joke Lankamp namens CSG Reggesteyn. Er komt ook een nieuwe projectleider voor De Waerdenborch. Tot slot lichtte Dennis allerlei procedurele en administratieve processen toe in relatie tot STO, zoals hoe de deelnemers kunnen budgetteren met een goede verantwoording van personele en materiële kosten. MENU

  • Geslaagde nieuwe opzet Bedrijvendag Goor en Holten

    95572041-dd02-41bd-bc1d-e960c9154c90 Geslaagde nieuwe opzet Bedrijvendag Goor en Holten Op donderdag 13 oktober maakten de leerlingen van De Waerdenborch in zowel Holten als Goor kennis met het technische bedrijfsleven. Door een gloednieuwe opzet lag het bezoek dit jaar zo goed mogelijk in de individuele interessesfeer van elke leerling. Eerdere jaren bezochten zij de bedrijven in groepjes, nu was het rooster voor het eerst zoveel mogelijk aangepast aan hun individuele wensen. Hoe? Het voorbereidende boekje en keuzeproces koppelden voor de leerlingen drie elementen slim aan elkaar: de 7 Werelden van Techniek, de bedrijven binnen elke wereld én de concrete beroepen die daarin mogelijk zijn. Interesses prikkelen De Bedrijvendag Goor en Holten is bedoeld voor de leerlingen om hen te stimuleren na te denken over de vakken en opleidingen die zij de komende jaren kunnen kiezen. Marcel Vaneker, projectleider STO voor De Waerdenborch: “Waar liggen hun interesses en welke mogelijkheden zijn er op dat gebied? De insteek is de leerlingen ervan te doordringen dat zij invloed hebben op hun toekomst.” Voorbereiding Tijdens de mentorlessen kregen de leerlingen een voorbereidende opdracht en maakten zij een test: Welke van de 7 Werelden van Techniek past het beste bij elke leerling individueel? Marcel: “De uitkomst leidde de leerlingen in het boekje direct naar de aan de Bedrijvendag deelnemende bedrijven. Ingedeeld op de 7 Werelden van Techniek presenteerden deze bedrijven zich in dit boekje aan de leerlingen. Zij lazen niet alleen om welke bedrijven het gaat en binnen welke techniekwereld het bedrijf valt: ook zagen zij hun interesse direct gekoppeld, aan beroepen! Elke leerling kon vervolgens voor de morgen van 13 oktober twee bedrijven kiezen en bezoeken. Ook hadden de leerlingen zich hierop voorbereid met vragen. Eenmaal in de bedrijven kregen zij een rondleiding en presentatie.” Presentatie Vervolgens verwerkten de leerlingen hun individuele ervaringen in een presentatie. Al direct de dag ná de presentatie, op vrijdag 14 oktober, gaven zij in hun klas met een groepje een presentatie over de bedrijfsbezoeken. Marcel: “Zij deelden hun ervaringen over het bedrijf, wat ze ervan opgestoken hebben, hoe dit bedrijf met technische toepassingen werkt én hoe zij het zelf zouden vinden om in zo’n omgeving te werken.” MENU

  • STO Enschede bereidt zich in de rust voor op de tweede helft van de STO voetbalwedstrijd

    6e0c1e77-02fc-4e94-81c4-b726cb60cb41 STO Enschede bereidt zich in de rust voor op de tweede helft van de STO voetbalwedstrijd STO Enschede kwam in het schooljaar 2023 - 2024 goed op stoom. Een positieve ontwikkeling die werd bekrachtigd tijdens een drukbezochte netwerkbijeenkomst op 26 juni. Ronald Rondeel, projectleider STO Enschede: “We keken samen met de deelnemers terug én vooruit. Centraal stond de vraag: waar willen we naartoe, samen met onze partners?” De deelnemers vormden een gevarieerde mix van bedrijven, opleidingsbedrijven, basisscholen en docenten. Leerzaam was de conclusie uit de presentatie van Tim Post: “Benut voor je planvorming veel meer de wetenschappelijke inzichten rondom instroombevordering techniek.” Metafoor van voetbalwedstrijd Ronald verpakte zijn presentatie in een mooie metafoor, die van een EK voetbalwedstrijd: “2020 – 2023 was de eerste helft van STO. In 2024 zitten we in een brugjaar, de ‘rust, en 2025 t/m 2028 zal de tweede helft zijn. En zoals dat gaat, neem je in de rust in de kleedkamer de winstpunten én verbeterpunten door!” Positieve terugblik STO Enschede kan positief terugblikken op de eerste helft van de STO-voetbalwedstrijd. Ronald gaf in vogelvlucht de highlights: “Allereerst dank ik alle betrokkenen zoals de po-scholen en de bedrijven. We hebben van hen de afgelopen jaren veel gevraagd en zij hebben vervolgens ook veel geleverd. Daar hebben we heel veel waardering voor. Samen met onze partners maken we STO Enschede.” Puntsgewijs presenteerde Ronald enkele highlights: “Door al het werk is bij leerlingen niet alleen de interesse in techniek toegenomen, maar ook concreet het aantal leerlingen. Wat ook bijdraagt aan dit succes is het aanstellen van STO-contactpersonen binnen zowel de basisscholen als binnen het mbo zoals ROC van Twente.” Ook noemde Ronald het inmiddels sterke netwerk én de gerealiseerde verbindingen met alle andere vmbo-scholen in Enschede. Opmerkelijk positief is de landelijke stijging van instroom in het profiel BWI. Voor het komende schooljaar laat ook het profiel M&T in Enschede een stijging zien van het aantal leerlingen, datzelfde geldt ook voor MVI.” Succesvolle programma’s Ook vermeldde Ronald specifiek enkele succesvolle programma’s van STO Enschede: “Dan noem ik graag 7Tech en Techzone waarbij nauw wordt samengewerkt met het Zone.college. Ook de masterclasses voor het basisonderwijs en Techniek Tastbaar behoren inmiddels tot het bewezen instrumentarium van STO Enschede.” Voor de herfst, en dit is nieuw, staat er een speeddate op het programma tussen bedrijven en leerlingen en hun ouders. Ook het Technolab, na een wat rustige start, kent inmiddels veel meer toeloop uit zowel het basisonderwijs als het Stedelijk Alpha en het Bonhoeffer College. Ronald: “Wat hierbij extra zal helpen, is de komende introductie van een digitaal reserveringssysteem voor zowel interne als externe partijen.” Vier speerpunten voor komende jaren Ronald keek vervolgens vooruit naar de ‘tweede helft van de STO-wedstrijd’. Samengevat presenteerde hij hieruit vier speerpunten: “Een gedegen oriëntatieprogramma, het technisch en technologisch onderwijs verder vormgeven evenals het uitbreiden van de mogelijkheden voor alle vmbo-leerlingen.” Het vierde speerpunt is ook relevant gezien het gegeven dat STO eind 2028 zal ophouden. Ronald: “Dé uitdaging is om alles wat in de periode 2020 t/m 2028 zal zijn opgebouwd op basis van samenwerking te verstevigen en te verduurzamen voor ná 2028. Het is een heldere opdracht om daar nu al voor in actie te komen.” Ronald dankte expliciet Manon Schrijnemaekers voor haar ondersteuning bij de nieuwe planvorming. Interessante inleiding Tim Post Vervolgens gaf Ronald het woord aan Tim Post van Kids4Twente voor zijn presentatie ‘Samen sterker onderwijs.’ Hij is onderwijspsycholoog, adviseur en ontwikkelaar W&T-onderwijs, auteur en één van de drijvende krachten achter Kids4Twente. Deze organisatie biedt basisscholen en middelbare scholen in Twente doorlopende hulp bij het onderwijzen van wetenschap, technologie en duurzaamheid. De kern van Tims betoog? Werken alle activiteiten voor instroombevordering eigenlijk wel? Waarom zijn er zo ongelofelijk veel clubs voor instroombevordering? Kunnen we de krachten niet bundelen? En vooral: kijk met een wetenschappelijke bril naar de resultaten van instroombevordering en pas de bewezen onderzoekinzichten daaruit toe in je nieuwe planvorming. Het basisonderwijs is héél belangrijk Tims wetenschappelijk gefundeerde conclusie is om kinderen al in het basisonderwijs zoveel mogelijk met techniek en technologie in aanraking te brengen. Dáár worden interesses en talenten tot leven geroepen. Zijn kinderen eenmaal op het middelbaar onderwijs aangeland? Dan hebben zij hun voorkeuren vaak al bepaald en buig je die niet meer zo eenvoudig om. Tim pleitte voor de ontwikkeling van een ecosysteem voor instroombevordering techniek. Niet alleen voor STO Enschede maar voor heel Twente, met daarin alle relevante en actieve partners. Eveneens stipte Tim een integrale aanpak aan bestaande uit vijf facetten om instroom techniek structureel, gericht en op onderzoek gebaseerd aan te vliegen. Een aanpak waar STO Enschede nú al veel aan heeft voor haar planvorming 2025 t/m 2028! Tot slot stond er een warm en koud buffet klaar en wisselden de deelnemers inzichten, ervaringen én nieuwe ideeën voor STO Enschede uit. Onze Enschedese collega’s mogen terugkijken op een mooi activiteitenjaar 2023 – 2024 én volop mooie plannen voor de ‘tweede helft van de STO-voetbalwedstrijd! MENU

  • Feestelijk debuut project stokkenvanger PIE leerlingen op familiedag Severfield Steel Construction

    46f95af8-dad9-4bcc-987c-cf85e42e1640 Feestelijk debuut project stokkenvanger PIE leerlingen op familiedag Severfield Steel Construction Maandenlang werkte een groepje derdejaars leerlingen van het profiel PIE van CSG Reggesteyn aan de realisatie van een stokkenvanger. Hierbij werden zij intensief begeleid door het Rijssense bedrijf Severfield Steel Construction. In juni kreeg de stokkenvanger zijn primeur op de drukbezochte familiedag van Severfield. Trots zijn op resultaat Wessel Voortman is samensteller in de werkplaats en teamleider van de zaterdagploeg. Hij begeleidde de leerlingen in het project: “Tijdens de familiedag hebben heel veel bezoekers, vooral kinderen, het stokkenspel gespeeld. De leerlingen PIE mogen trots zijn op het resultaat!” Jan Nijkamp is manager productie bij Severfield Steel Construction: “Wij staan altijd open voor nieuwe projecten met de afdeling PIE van CSG Reggesteyn.” Grote aantrekkingskracht van ‘techniek in actie’ Het stokkenspel wordt handmatig bediend met een console en degene die dat doet beslist zelf welke stokken er vallen. De spelers moeten deze zien op te vangen voordat de stokken de grond raken. Wessel: “Grappig om te zien tijdens de familiedag was dat niet alleen veel kinderen het wilden spelen, maar dat zij ook graag het laten vallen van de stokken wilden bedienen voor hun meespelende ouders!” Opnieuw het bewijs dat ‘techniek in actie’ een grote aantrekkingskracht heeft. Wessel: “We hebben hier met plezier tijd voor gemaakt want deze leerlingen zijn onze toekomst!” Leren samenwerken Patrick de Kleijn is docent PIE van de leerlingen in het PIE-lokaal op Kampus: “Naast het uitvoeren van allerlei technische handelingen zoals lassen, hebben de leerlingen ook geproefd hoe het is om samen te werken, over problemen in het project te praten en deze op te lossen. Een goede ervaring alvast voor hun latere loopbaan.” Een voorbeeld? De eerste constructie was te wankel. De leerlingen namen zelf contact op met Wessel en een aangepaste, stevigere constructie was het resultaat. Een mooi stukje initiatief! Patrick: “Zo hebben ze zelf ervaren hoe het in het technisch bedrijfsleven werkt: een probleem signaleren en samen efficiënt een oplossing bedenken en uitvoeren.” Ook ontdekten de leerlingen hoe het was om naar de deadline van de familiedag van Severfield toe te werken. Wessel: “Op die dag moest de stokkenvanger er écht staan en dat is gelukt.” Boost voor communicatie skills Wessel: “Misschien waren deze leerlingen in het begin wat schuchter, maar al snel belden ze mij gewoon op als ze in het project ergens tegenaan liepen. In deze tijd van appjes is dat voor de leerlingen een positieve leerervaring.” Rens en Arefin waren twee PIE-leerlingen die meededen in het project. Rens: “Ik heb delen gelast en geholpen bij de opbouw van de stokkenvanger en het testen van de constructie.” Arefin: “We werkten onderling heel goed samen. Soms ging een leerling in ons project te snel met lassen. Je moet eerst de tekening heel goed bekijken. Als we dat tegen een medeleerling zeiden, pikte hij dat op. Zo leer je goed samenwerken en elkaar op een positieve manier aanspreken.” Ook leuk: de receptioniste van Severfield zei tegen de PIE-leerlingen dat ze het een mooi project vond! Op naar nieuwe projecten! Ook Jan Nijkamp gaf het project alle aandacht en support: “De communicatie tussen de leerlingen en ons ging goed los. Wessel heeft dat heel mooi begeleid. En het eindproduct? Top! Dit project is gelukt en super geslaagd. Dit geslaagde stokkenproject smaakt naar meer.” Patrick de Kleijn: “We zijn Severfield heel dankbaar dat zij zo bereidwillig hebben meegewerkt. In een nieuw project kunnen we misschien een stapje verdergaan en de PIE-leerlingen ook alvast betrekken bij het ontwerp van het product dat zij gaan maken, ook dat is een leerzaam traject. Wellicht kunnen we in een nieuw project de leerlingen eveneens meer betrekken op de aspecten kwaliteit en veiligheid, want ook dit laatste aspect is heel belangrijk. De stokkenvanger woog uiteindelijk meer dan 100 kilo met zware staaldelen. We kunnen de leerlingen op die manier nog meer hun verantwoordelijkheid meegeven voor hun eigen veiligheid. Niet alleen in een project als met Severfield, maar ook in het PIE-lokaal zelf.” MENU

  • Deelnemende bedrijven aan het woord

    9c60a7f5-850f-4105-b20d-74df286b1f91 Deelnemende bedrijven aan het woord Tijdens de partnerbijeenkomst op 16 mei dachten ook meerdere bedrijven constructief mee. Met twee ervan gaan we in dit artikel graag de diepte in: hoe kijken zij naar de samenwerking met STO Twente en welke mogelijkheden zien zij voor de komende STO-jaren? Clemens Veldhuis, directeur van Huima Specials B.V.: ‘’In de samenwerking tussen techniekbedrijven en STO Twente liggen nog tal van mogelijkheden die we beter kunnen benutten.” Clemens Veldhuis is directeur van Huima Specials B.V. uit Enschede. Al meer dan 75 jaar ontwikkelt en produceert Huima Specials hoogwaardige aandrijvingen en aandrijfcomponenten. Dit innovatieve bedrijf is actief in onder andere de kassenbouw, intensieve veeteelt, marine en offshore. Huima Specials participeert vanaf de prille start in STO Twente. Ook deed Clemens enthousiast mee met de partnerbijeenkomst van STO Twente op 16 mei. Waarom? Clemens: “Het belangrijk om veel energie te stoppen in STO Twente en dus ook in deze partnerbijeenkomst. Zowel voor de continuïteit van de maakindustrie alsook voor Huima Specials Zodat we in Nederland en dus ook in Twente over 10, 20 jaar nog steeds mooie, innovatieve producten kunnen maken met genoeg en goed opgeleide vakmensen.” Hybride instructeur vrijgemaakt Huima Specials haakte bij de start van STO Twente direct aan. Hoe verliep de samenwerking met STO Twente in de afgelopen jaren? Clemens: “Een heel mooi voorbeeld is dat een collega bij ons, een vakman in verspanen, één dag in de week als hybride instructeur les geeft op het Enschedese Bonhoeffer College. Dat is onze concrete bijdrage om vmbo-leerlingen nu al de fijne kneepjes van het vak van verspanen en frezen mee te geven. Of op z’n minst deze leerlingen te laten ervaren wat deze specialismen inhouden. Ook denken we regelmatig mee in allerlei brainstormsessies om het vmbo-onderwijs nog beter te laten aansluiten op de praktijk van wat het mkb in Twente, en eigenlijk in heel Nederland, nodig heeft.” Mogelijkheden beter benutten Wel denkt Clemens dat er nog meer gehaald kan worden uit de samenwerking tussen het Twentse technische bedrijfsleven en de scholen en opleidingsinstituten. Clemens: “Daar liggen nog tal van mogelijkheden die we beter kunnen benutten, maar het moet wel van twee kanten komen. Het bedrijfsleven zou nog meer stappen kunnen zetten om bij dit soort initiatieven aan te haken. Huima Specials is in ieder geval heel bewust bezig met het aanhaken bij dit soort initiatieven.” Creatieve inbreng voor ander soort stages Clemens deed mee met de brainstorm tijdens de partnerbijeenkomst op 16 mei. Welk idee bracht hij in? “Het belangrijkste en het eenvoudigst te realiseren idee is om de stages die scholen organiseren breder te maken. Dus, zoek de samenwerking met meerdere bedrijven die elk een bepaald aspect in de techniek bedienen. Zoals een bedrijf als wij dat bezig is met draaien en frezen, maar zoek er dan ook een bedrijf in de installatietechniek bij, of in de plaatbewerking of bankwerken. Daarmee krijgt je stage in korte tijd veel meer rendement voor de leerlingen omdat zij heel efficiënt kennismaken met meerdere kanten van de techniek. Dit vergroot de kans dat er iets tussen zit wat de vmbo-leerlingen aanspreekt.” Paul Wolbers van Vennegoor Installatie: “Het is essentieel dat we jonge technici met plezier naar hun werk laten gaan” Paul Wolbers is bij Vennegoor Installatie in Weerselo verantwoordelijk voor K.A.M. Hij nam met volle inzet deel aan de partnerbijeenkomst van STO Twente op 16 mei: “We hebben fantastische techniekvakgebieden in Twente. Vennegoor Installatie wil voor de volle 100% haar concrete bijdrage leveren om jongeren te enthousiasmeren om zich daarbij aan te sluiten. We steken daar vanuit ons bedrijf graag heel veel moeite en energie in en met plezier!” Breed meedoen Paul geeft concrete voorbeelden van die inzet: “ We hebben praktijklessen gegeven op het Twents Carmel College aan de Potskampstraat en doen mee met Techniek Tastbaar in Oldenzaal, Almelo en Hengelo. Maar ook zijn we present op de techniekmarkt op ROC van Twente. Alles waar we ons gezicht kunnen laten zien, daar sluiten we ons bij aan. Een bijkomend voordeel daarvan is dat leerlingen ons herkennen en bij ons stage willen lopen. Binnen Vennegoor hebben we heel veel techniekrichtingen onder één dak, dat maakt de keuze voor stagiairs ook al makkelijker. We steken veel energie in het vmbo en beginnen eigenlijk al in het basisonderwijs met het wekken van interesse voor techniek. We hebben in ons bedrijf een eigen innovatiecentrum ingericht. Leerlingen uit het basisonderwijs kunnen hier heel laagdrempelig en spelenderwijs kennismaken met techniek.” Tandje bij zetten STO Twente is al enkele jaren volop actief. Hoe kijkt Paul daarop terug? “We hebben geëvalueerd en vanuit Vennegoor Installatie vinden we wel dat de techniekbedrijven nog meer integratie kunnen vinden met STO Twente en dan specifiek nog meer verwevenheid met de vmbo-scholen. Neem het hybride leren: wij gaan naar de scholen of zij komen naar ons. Maar dit kan nog intensiever zodat we uiteindelijk samen voor Twente op één geïntegreerd verhaal uitkomen. Beide partijen kunnen nog een tandje bij zetten door meer het gesprek met elkaar op te zoeken. Tijdens het brainstormen bij de partnerbijeenkomst hebben we dit nog eens benadrukt. Niet alleen Vennegoor denkt dat, want uit de meerdere bedrijfsbijeenkomsten van de laatste tijd maak ik op dat meer bedrijven er zo over denken. Overigens vind ik het heel mooi om te zien dat ook veel andere techniekbedrijven zich voor STO willen blijven inzetten en met STO Twente in gesprek gaat over nog onbenutte kansen.” Eigen innovatiecentrum Vennegoor Installatie geeft in haar eigen bedrijf technische mbo’ers graag alle ruimte en kansen. Paul: “We hebben daar binnen ons bedrijf vele mooie voorbeelden van. Elke jonge techniekmedewerker willen we graag op de werkplek plaatsen waar hij of zij zich gelukkig voelt. Negen van de tien stagiaires bij ons krijgen uiteindelijk een leer-/arbeidsovereenkomst op basis van BOL of BBL en een loopbaanplanning.” Tot slot heeft Paul nog een aanbeveling: “We moeten niet alleen veel energie steken in het vmbo-leerlingen de techniek ín krijgen maar hen, eenmaal daar, ook zien te behouden. Heb je hen eenmaal binnen? Blijf deze jonge technici dan ook volop aandacht en begeleiding geven, anders verlies je hen uiteindelijk weer. Dit vergt onder andere een goede match met de praktijkbegeleider. Het is essentieel dat we jonge technici met plezier naar hun werk laten gaan. Dan komt het leren vanzelf wel.” MENU

  • Samen een escape room bedenken én realiseren? Alle technische vmbo-profielen doen mee!

    01ff8e3a-b7d1-4cd2-8f39-a1b8ecb14acc Samen een escape room bedenken én realiseren? Alle technische vmbo-profielen doen mee! Elk jaar maken scholieren van het Pius X College een escape room, ook dit jaar. Alle technische profielen van deze vmbo-school werken hierin schouder-aan-schouder samen. Van het vak D&P tot en met de profielen PIE en BWI. Heidie Wesselink-Vleerbos is praktijkdocent D&P. Ook geeft zij Natuurkunde: “D&P noemen wij in de school creatieve technologie. Door de escape room leren ze niet alleen profiel overstijgend meer van techniek, maar ook hoe leuk en leerzaam het is om samen te werken. Van belang als zij later in de techniek doorgaan.” Profiel overstijgend De relatie tussen het project voor escape rooms en STO Twente is helder. Heidie: “Om een escape room te bedenken en te maken komen alle technische profielen binnen onze school samen. Dit project is écht profiel overstijgend, dat maakt het extra bijzonder. Bijvoorbeeld in onze escape room voor dit jaar werken we liever niet met fysieke sloten, maar met magneten. Je voert als bezoeker bepaalde opdrachten uit en als die slagen gaat er een elektromagneet open en kun je door. De leerlingen van PIE hebben hiervoor de bekabeling aangelegd en de D&P leerlingen helpen hierbij. Dat geeft deze leerlingen een praktisch inkijkje in PIE. Ook was er een jongen die begon te schilderen voor een eerdere escape room. Hij ontdekte dat hij dat enorm leuk vond. Nu volgt hij de Schildersvakschool! Voor een eerdere escape room kozen we als thema ‘escape the plane’. De bezoekers moesten daarvoor hun koffers over een rolband vervoeren. Die werd door de leerlingen van BWI gebouwd in combinatie met de leerlingen van D&P.” Ook de website die bij de escape room hoort wordt door leerlingen ontworpen, evenals het maken van de flyers. Heidie benadrukt: “Want vergeet niet: het profiel MVI (Media, Vormgeving en ICT) is ook een technisch profiel. De ICT en de filmpjes die we in de escape rooms gebruiken worden door deze leerlingen gebouwd.” Techniek als rode draad Heidie: “Voor STO Twente ontwikkel ik voor de subregio Almelo e.o. meerdere projecten. Techniek is dé rode draad in al mijn werkzaamheden.” STO Twente wordt goed opgepakt binnen het Pius X College, merkt Heidie op: “De docenten haken heel praktisch aan en wat ook helpt, is dat de directie regelmatig polst in overleggen hoe we ervoor staan met STO. Ik word gestimuleerd om vooral niet vanuit techniekeilanden te denken en te doen, maar over grenzen te kijken. Een voorbeeld daarvan is ons jaarlijkse project escape room.” Technisch leren als verdienmodel Heidie: “Enkele jaren geleden kwamen we als tweede uit de bus in een internationale uitvind-wedstrijd. De geldprijs hebben we in overleg met de leerlingen geïnvesteerd in iets wat ook weer geld zou opleveren. Hoe? We bouwen elk jaar een escape room op school voor een echt publiek met elk jaar een wisselend thema. Medio november gaat die open en sluit net voor de kerstvakantie. Het geld dat de bezoekers betalen schenken we aan een goed doel. Vervolgens slopen we de escape room en bouwen we het jaar daarop een nieuwe escape room met eveneens een nieuw thema.” Inmiddels hebben de escape rooms een dermate hoog niveau bereikt dat externe partijen deze maar al te graag overnemen. Van dat geld bouwen de vmbo-leerlingen van het Pius X College het jaar daarop weer een nieuwe escape room. Vanaf 2022 vaste plek voor escape room Helaas, door corona, kon de gloednieuwe escape room dit jaar niet gespeeld worden. Heidie: “We stonden startklaar en alles was getest. En toen kwam het bericht dat buitenstaanders de school niet in mochten. We bewaren nu dit concept, met het thema kerstmis, voor volgend jaar.” In Almelo gaan de vmbo-scholen in 2022 samen in een nieuw schoolgebouw. Heidie: “In die nieuwe school krijgen wij ook een compleet nieuwe plek voor onze escape room. Prominent op de afdeling D&P komt een fysieke ruimte waar we voortaan onze escape room kunnen gaan bouwen. Dus direct grenzend aan ons praktijklokaal, daar zijn we heel blij mee.” Meer aandacht voor meiden Ook collega-docenten die in hun reguliere werk niet met techniek aan de slag zijn, doen mee, vertelt Heidie: “Zoals de docenten Nederlands die hebben meegebouwd. Daardoor gaat techniek door heel de school leven.” Heidie merkt in haar werk dat fijn-motorische technieken geschikt zijn voor meisjes: “Door zo’n leuk, praktisch en ook laagdrempelig en breed ingestoken project als de escape room komen ze hier toch mee in aanraking. Niet voor niets is meer meiden laten kiezen voor techniek één van de doelen van STO. Daar mag in mijn ogen nog meer aandacht voor komen.” Visie op meer instroom Tot slot heeft Heidie een heldere visie: “Als we techniek nog meer willen promoten, is het in mijn ogen van belang om vmbo-leerlingen opdrachten te geven om producten te maken die daadwerkelijk gebruikt gaan worden. Daarmee stimuleer je de interesse van de leerlingen. Dat zien we overduidelijk terug bij alle profielen die ieder hun eigen tastbare product opleveren voor de escape rooms. Plus: geef de leerlingen creatieve vrijheid en laat hen niet alles vanuit een dichtgetimmerde bouwtekening maken. Vooral meisjes worden hier enthousiast van, merk ik. Ook moet je leerlingen de kans geven om te falen, daar leren ze enorm van. Die combinatie zie ik als stimulans om meer leerlingen in het vmbo te laten kiezen voor techniek.” MENU

  • Melkrobot SMEOT vormt agrarisch beroepsbeeld bij vmbo leerlingen

    08649f5b-03e6-4493-b293-af119e7523cc Melkrobot SMEOT vormt agrarisch beroepsbeeld bij vmbo leerlingen Studenten bij SMEOT krijgen een zo breed mogelijk beroepsbeeld mee. Hans Fokke, coördinator vmbo/mbo onderwijs bij SMEOT: “Veel van onze studenten komen uit het buitengebied of nog specifieker: van agrarische bedrijven. De agrarische economie is en blijft belangrijk voor Oost-Nederland. Dit betekent dat SMEOT gericht inzet op agrarische robotisering met een groot accent op mechatronica en vooral pneumatiek.” Centraal hierin staat de onlangs vernieuwde melkrobot. Al meerdere vmbo-scholen uit de regio STO Twente kwamen hiermee kennismaken bij SMEOT vanuit de keuzevakken die zij volgen of omdat zij meedoen aan activiteiten vanuit Sterk Techniekonderwijs Twente. Agrarisch beroepsbeeld bij vmbo-leerlingen Hans: “Onze geavanceerde melkrobot is de laatste jaren veelvuldig gebruikt om het beroepsbeeld te schetsen en de link naar de mechatronica opleiding duidelijk te maken. Het accent hierbij lag op het kennismaken en promotie van pneumatiek in de verschillende profieldelen en keuzevakken die de Twentse vmbo-leerlingen bij ons volgen.” Al meerdere vmboscholen maken inmiddels gebruik van de mogelijkheid om bij SMEOT de melkrobot in te zetten als lesmiddel: leerlingen van het Canisius Tubbergen, CT Stork College, Bonhoeffer College, Alma College, Het Noordik Vroomshoop, Zone.college Enschede en Zone.college Almelo hebben kennis gemaakt van deze concrete toepassing van nieuwe technologie.. Hans: “Specifiek bij de vmbo-leerlingen focussen we met de melkrobot, en al haar mogelijkheden, heel sterk op het vormen van een breed beroepsbeeld als zij besluiten voor een studie mechatronica te kiezen.” Volop support van Lely De firma Lely ondersteunt SMEOT hierin al 5 jaar en de A3 melkrobot van Lely heeft in de lesomgeving vooral gezorgd voor herkenning en een beter beroepsbeeld. Die professionele samenwerking is nu officieel hernieuwd, ook in het belang van het Twentse vmbo. Op vrijdag 24 januari verlengde SMEOT officieel haar langdurige samenwerking met Lely, de internationale innovator in de agrisector. Na de installatie rond het jaar 2020 van de A3 melkrobot van Lely in het Skills Center van SMEOT werd deze recent vervangen door de nog innovatievere Lely A4 Astronaut melkrobot. Hans Fokke: “Dankzij Lely kunnen we ook vmbo-leerlingen de komende jaren een nóg actueler beroepsbeeld meegeven van de laatste innovaties in de agrarische sector op het gebied van melkrobots.” Speciaal ontwikkelde module SMEOT gaf hun docent Bennie Bosscher de opdracht om een gerichte onderwijsmodule te ontwerpen voor de Lely A4 Astronaut melkrobot. Hans: “Naast algemene informatie krijgen de leerlingen uiteraard een complete demonstratie van de werking. Deze module is in aangepaste vorm ook geschikt voor de vmbo-leerlingen die bij ons komen in het kader van keuzevakken die zij volgen of omdat zij meedoen aan activiteiten vanuit Sterk Techniekonderwijs Twente.” MENU

Zoek

bottom of page