434 resultaten gevonden
- Nieuw keuzevak ‘Het groene machinepark’
9c86d7a5-b272-4766-ade0-c6f0968ec522 Nieuw keuzevak ‘Het groene machinepark’ Ook in de groensector wordt heel veel techniek toegepast, terwijl misschien niet iedereen zich dat realiseert. Daarom biedt de STO subregio Almelo e.o. vanaf dit schooljaar 2022-2023 het keuzevak ‘Het groene machinepark’ aan. “Daarmee krijgen veel meer leerlingen de kans dit keuzevak te volgen en maken we de groene techniekvijver opnieuw groter. Want ook in de groensector ontwikkelt zich een schreeuwend tekort aan technici”, aldus docenten Simon Damink en Herman Scholten. Slim uitwisselingsconcept op woensdagmiddag Niet elke vmbo-school kan alle technische keuzevakken geven. Onder de vlag van STO Twente hanteert een aantal vmbo-scholen in Almelo e.o. hiervoor een slim roulatiesysteem. Simon Damink, docent BWI Alma College: “Leerlingen volgen een keuzevak op een vmbo-school in de regio die hiervoor met lesmateriaal en ervaren docenten het beste is geëquipeerd. Alle deelnemende vmbo-scholen hebben hiervoor op de woensdagmiddag collectief de keuzevakken op hetzelfde moment geroosterd.” Concreet gaat het dit schooljaar om het Zone.college, het Noordik College en het Alma College. Herman Scholten, docent, decaan en stage-coördinator op het Zone.college: “Deze drie scholen wisselen hun techniekleerlingen steeds meer uit om hen de kans te geven deel te nemen aan een groeiend aantal technische keuzevakken.” Nieuw: keuzevak ‘Het groene machinepark’ Goed nieuws is dat het aantal technische keuzevakken in gestaag tempo uitbreidt. Herman Scholten: “In dit nieuwe schooljaar 2022 - 2023 introduceren we het keuzevak ‘Het groene machinepark’ op het Zone.college in Almelo. Een logische keuze want het Zone.college biedt het Profiel Groen aan en valt onder de techniekparaplu van STO Twente. Heel nuttig, want in de vaak wat onderbelichte groensector is ook heel veel techniektalent nodig én van harte welkom. Een aantal leerlingen vanuit het Noordik is in september gestart met dit keuzevak. Tijdens het volgen van hun keuzevak, van september tot en met eind januari, leren zij gezamenlijk met leerlingen vanuit het Zone.college.” Herman Scholten: “Nu we het keuzevak ‘Het groene machinepark’ regio breed aanbieden, krijgen veel meer leerlingen de kans dit te volgen en maken we de personeelsvijver voor later groter. Want ook in de groensector zien we een schreeuwend gebrek aan technici.” Selectie op interesse Het gaat om leerlingen die hiervoor in nauw overleg met hun docent PIE Eric Raanhuis van het Noordik Vroomshoop zijn geselecteerd op zowel interesse als motivatie. Simon: “De leerlingen zijn geselecteerd door de lob- of vakdocent, op basis van loopbaangesprekken. Zo komen we er samen achter waar hun interesses liggen. Eric geeft hen les en heeft hen dan ook zelf voorgedragen.” Herman: “Ook komen ze bij het Zone.college op gesprek om hun motivatie te toetsen. Voor het groenvak selecteren we graag echt enthousiaste leerlingen.” En hebben ze het keuzevak op een collega-vmboschool uiteindelijk doorlopen? Dan staat dat uiteraard netjes vermeld op hun diploma. Elke week de vinger aan de pols Uiteraard houden de techniekdocenten van alle betrokken vmboscholen in Almelo e.o. de vinger nauwgezet aan de pols. Herman: “Simon en ik zijn beiden de aanspreekpersonen en dat geldt ook voor onze collega’s Erik van Bunnik, Erwin Geerdink en Eric Raanhuis. De lijntjes zijn heel kort, we hebben wekelijks overleg. Zo werken we binnen STO Twente intensief en constructief met elkaar samen.” Advies voor andere subregio’s van STO Twente Herman en Simon hebben een praktijkadvies voor andere subregio’s van STO Twente die dit vernieuwende concept van keuzevakken ook willen introduceren. Herman: “Zorg eerst dat alle deelnemende scholen een gemeenschappelijk moment op het rooster plannen waarop de keuzevakken worden gepland voor deze 4e jaars vmbo-leerlingen. En verder: start met een klein aantal leerlingen om eerst alles goed in te regelen en te organiseren. Vooral door gerichte loopbaan- en reflectiegesprekken kom je er samen met de leerling al snel achter waar de interesses liggen. We merken inmiddels dat er steeds meer belangstelling is bij de leerlingen om keuzevakken op collega-vmboscholen in de regio te volgen.” Door die microstart blijf je goed met de leerlingen en docenten in gesprek en kun je het concept, als alles loopt, geleidelijk opschalen, benadrukt Herman. Simon: “Ook moet je als vmbo openstaan voor vernieuwing. Op een andere vmboschool gaat het misschien anders dan je gewend bent, maar sta daarvoor open. Misschien kom je dilemma’s tegen, maar durf daarin door te zetten.” MENU
- Drie PIE-leerlingen doen vervroegd examen én zijn geslaagd
f156c3ac-8ca9-4300-98d1-2601ca44091d Drie PIE-leerlingen doen vervroegd examen én zijn geslaagd Tara, Guido en Robin zijn PIE-leerlingen op De Waerdenborch in Holten en kregen onlangs de kans om eerder examen te doen als beloning voor hun harde werk. Ze mochten een jaar eerder dan hun leeftijdsgenoten hun examen afleggen, een gedurfde stap die hun vastberadenheid en toewijding aan hun vakgebied benadrukt. Hoewel vervroegd examen op zich geen unicum is - het komt vaker voor bij havo/vwo - is het voor vmbo zeker wel bijzonder! STO Twente is super trots op deze leerlingen! Goed voorbereid Tara, Guido en Robin waren voorbereid en wisten wat er van hen verwacht werd, Mentor Camilla Mensink, die al drie jaar in het voortgezet onderwijs werkt, was zelf verrast door deze opmerkelijke prestatie. Zij benadrukt dat deze drie specifieke leerlingen buitengewoon gedreven zijn, altijd actief betrokken zijn bij de lessen en uitblinken in zelfstandigheid. "Ze hebben echt inzicht in wat ze aan het doen zijn. Dat zie je terug tijdens het examen. Altijd een paar stapjes vooruit denken. Dat heeft hen echt geholpen om hier nu te komen," aldus Camilla. Guido: ruime voorsprong Guido heeft een ruime voorsprong op het gebied van metaal en installatietechniek. Stroom aanleggen en lassen zijn bijvoorbeeld zaken die hem van nature makkelijk afgaan. In zijn werk op het melkveebedrijf van zijn oom heeft hij al de nodige uren op het land en in de stal doorgebracht, ervaring die hij goed kon gebruiken in het PIE-profiel. Guido, die al als vijfjarige op de boerderij rondliep, vindt het een uitdaging om processen te verbeteren en tools makkelijker te maken voor het dagelijkse werk. "Ik vind vooral die afwisseling echt leuk! Laatst heb ik een nieuwe bekapbox gemaakt. Dat is een box waarmee we de klauwen van de koeien knippen. De oude die we hadden, werkte niet zo goed. Nu ik een nieuwe heb gemaakt, kunnen we sneller werken en zo veel tijd besparen." De ervaring die hij heeft opgedaan, heeft hem zeker geholpen bij het doorlopen van de opdrachten van PIE. Robin: actief bezig zijn Robin weet al wat hij volgend jaar gaat doen: stage lopen! De mail met het verzoek voor een stage is al verstuurd. Hij pakt het direct aan, dat is zijn devies. "Ik houd ervan om actief te zijn, met mijn handen te werken, gewoon doen. PIE was het perfecte profiel daarvoor." Na zijn tijd op De Waerdenborch heeft hij zijn plannen al gemaakt. Hij gaat verder met vervolgonderwijs, met als richting Transport & Logistiek. Hij volgt het pad van zijn vader, die hem al op zevenjarige leeftijd meenam in de vrachtwagen. Eerst het examen halen, maar hij heeft er alle vertrouwen in dat het goed zal gaan. Tara: de enige dame in het gezelschap Tara is de enige dame in het gezelschap: "Ik ben opgegroeid met veel jongens om me heen", vertelt Tara. Voor haar was de wereld van PIE al bekend terrein. Als bewoner van een boerderij is gereedschap, zoals een kolomboor, haar niet vreemd. "Ik ben blij dat ik voor PIE heb gekozen. Ik vond de praktijk leuker dan de theorie, al is het natuurlijk belangrijk om ook de nodige kennis op te doen. Maar voor mij zat die kennis al in mijn bagage. Dat heeft me geholpen bij het doorlopen van de lesstof, denk ik." Wat Tara vooral waardeert aan het vervroegde examen is de extra vrije tijd die ze komend schooljaar zal hebben. Die tijd zal ze uiteraard nuttig besteden. Maatwerk Hoe die extra vrije tijd precies wordt ingevuld, is maatwerk. Zo zoekt De Waerdenborch voor de ene leerling een stage en onderzoekt school voor de andere leerling wat de mogelijkheden zijn om alvast te kunnen beginnen aan het mbo. PIE-docent Uilko Spijker: "Het is ontzettend fijn voor deze leerlingen dat ze een beter beroepsbeeld krijgen en daardoor eerder kunnen ontdekken wat ze precies willen. Op deze manier hebben deze leerlingen een groot voordeel bij het maken van een passende studiekeuze.” Vervroegd examen: voor vmbo zeker wel bijzonder! Hoewel vervroegd examen op zich geen unicum is - het komt vaker voor bij havo/vwo - is het voor vmbo zeker wel bijzonder! Niet alle leerlingen komen hiervoor in aanmerking. Examensecretaris Manon Semmekrot zegt: "We kijken heel goed naar de individuele leerling en naar wat hij of zij laat zien. Voor ons vereist een vervroegd examen zeker de nodige extra inzet, maar dat geldt ook voor de leerling. Als we er vertrouwen in hebben dat een leerling het aankan, doen wij er bij De Waerdenborch alles aan om dat mogelijk te maken." En het eindresultaat? Alle drie deze kanjers zijn geslaagd…van harte gefeliciteerd namens Sterk Techniekonderwijs Twente. MENU
- Praktische workshop Artificial Intelligence (AI) voor vmbo-docenten
ea43f4a8-bb83-4ccc-b724-8be8a35b617e Praktische workshop Artificial Intelligence (AI) voor vmbo-docenten Artificial Intelligence (AI) rukt op. STO Twente verdiept zich in de toepassing van AI op het technisch vmbo. Baanbrekend leren (Sterk Techniekonderwijs Almelo e.o.) organiseerde op 19 oktober een workshop over AI, met de focus op ChatGPT 4.0. Deze werd gegeven door Casper de Jong van Hogeschool Saxion en TechYourFuture. Kirsten Lejeune is onderwijsassistent op het Alma College. Zij organiseerde de workshop, samen met haar collega Erik van Bunnik: “ChatGPT kan ons tijd besparen die we vervolgens kunnen investeren in het lesgeven zélf. Er is heel veel mee mogelijk in het onderwijs, maar het is ook onze taak hier verantwoord mee om te gaan.” Het betrof een praktische workshop voor de docentenprofessionalisering vanuit Baanbrekend Leren. Komend jaar gaan er meerdere workshops volgen. Hoge opkomst De workshop werd gegeven in een zaaltje van Hof88 in Almelo. Kirsten: “We hadden een super goede opkomst van circa 40 deelnemers. Het is een mix van docenten en onderwijsassistenten. Ik deed de inleiding en Casper de Jong gaf vervolgens de workshop. Hij is zeer geïnteresseerd in de onderwijstoepassingen van AI en onderzoekt deze vanuit Hogeschool Saxion op allerlei manieren.” Marieke Rinket deed als programma manager namens STO Twente mee: “Dit is een zeer actueel onderwerp en ook STO Twente verkent de mogelijkheden van AI en ChatGTP in het bijzonder.” Kirsten: “De workshop was bewust praktisch ingestoken en de deelnemers konden concreet aan de slag. We weten van andere trainingen dat de deelnemers door die praktische benadering het geleerde ook veel beter onthouden.” Doel workshop: onderzoeken mogelijkheden Kirsten: “Artificial Intelligence is tamelijk ongrijpbaar. Wat is het en wat kun je ermee? Toch willen we in dit stadium onderzoeken hoe AI is toe te passen in de lessen op het technisch vmbo. Hoe je het ook wendt of keert: AI is de toekomst, en ook nu is er al superveel mee mogelijk.” Wel veranderen de mogelijkheden met AI in sneltreinvaart, benadrukt Kirsten: “Eerder zou Casper de workshop in juni geven en door omstandigheden is deze verplaatst naar oktober. Ondanks dit korte tijdbestek tussen juni en oktober moest Casper zijn inleiding alweer inhoudelijk aanpassen door de razendsnelle ontwikkelingen. Daardoor was hij in staat om ons de allerlaatste stand van zaken op het terrein van AI uit te leggen.” Tijd besparen Casper: “Met ChatGPT kunnen docenten bijvoorbeeld volwaardige meerkeuzetoetsen genereren, over elk gewenst onderwerp. Ze worden dan gelijk voorzien van een antwoordmodel en zijn gelabeld met een moeilijkheidsgraad.” Kirsten vult aan: “Dit is een heel praktisch voorbeeld van een toepassing die we direct kunnen inzetten. Dat gaat ongelooflijk veel tijd schelen. De bespaarde tijd kunnen we dan aan lesgeven besteden.” Natuurlijk moet er wel gecheckt worden of de inhoud klopt. Inzetbaar om te variëren met lessen Ook geeft ChatGPT docenten wat meer ruimte om te variëren in hun lessen, stipt Kirsten aan: “Scholen werken veelal met een methode waarin de lessen vrij vastomlijnd omschreven staan. Maar om wat meer afwisseling in je lessen te krijgen, kun je een bepaalde les ook eens met ChatGPT maken. Daar zijn inmiddels complete lesvoorbereidingsformulieren voor in te vullen, of in te laten vullen. Vervolgens levert ChatGPT jou de bijpassende les aan. Dit werkt tijdbesparend, maar ook hier geldt vooralsnog: controleer als docent altijd het opgeleverde resultaat vanuit ChatGPT. Alle deelnemers gingen mega-enthousiast naar huis, ook de deelnemers die eerst misschien wat sceptisch waren. We hebben ons doel met deze training daarmee behaald.” Ook interesse? Mochten andere subregio’s van Twente ook een dergelijke trainingen AI willen organiseren met Casper de Jong? Neem dan contact op met Casper via c.h.w.dejong@saxion.nl . MENU
- Belang van goed getimed exitgesprek
3b640bfd-3327-44cd-8e36-9ac12a9f9591 Belang van goed getimed exitgesprek Leerlingen op het vmbo interesseren voor techniek is een topprioriteit van STO Twente. Met die eenmaal gewekte interesse is het vervolgens dé uitdaging om hen ook op het mbo voor een technische vervolgopleiding te laten kiezen. Verslag van een vruchtbare discussie tussen twee directieleden van een mbo-opleiding uit de praktijk die hier praktische ideeën voor hebben én Tom Blaauwgeers, projectleider Sterk Techniekonderwijs regio Hengelo: “Het uiteindelijke doel is: de beste keuze en de beste plek voor de vmbo-leerling.” Jan Willem Aardema van Bouwschool Twente: “We zien nagenoeg geen uitval van vmbo-leerlingen die hier hun mbo-opleiding voor een bouwberoep volgen. Dat geeft aan hoe potentieel belangrijk deze doelgroep is.” Twentse jongeren technisch passend opleiden Leo Benneker is in het Techniekhuis Twente verantwoordelijk voor de installatietechnische opleidingen vanuit Opleidingsbedrijf Installatiewerk (IW). Jan Willem Aardema is dit vanuit Bouwschool Twente voor de bouwberoepen timmerman, metselaar en tegelzetter. Ook ROC van Twente is gehuisvest in het Techniekhuis Twente, evenals de Schildersvakopleiding Hengelo. Hun centrale insteek? Mbo-onderwijs en technisch bedrijfsleven onder één technisch goed uitgerust dak samenbrengen. Bedoeld om Twentse jongeren goed opgeleid en met vakdiploma’s voor te bereiden op de regionale economie. Gemêleerde toestroom Jan Willem Aardema: “De toestroombevordering van techniekleerlingen vanuit het vmbo naar het mbo is een grote uitdaging. Neem Bouwschool Twente in het Techniekhuis Twente. Dit schooljaar noteren we zo’n 60 nieuwe leerlingen, 25 meer dan verleden schooljaar. Op zich is dit goed nieuws. Echter, van die 60 leerlingen komen er 17 vanuit BWI uit de vijf toeleverende vmbo-scholen in ons verzorgingsgebied. 14 leerlingen van die 60 hebben een andersoortige vmbo-vooropleiding zoals administratie of zorg. De rest is zij-instroom, zoals afstromers uit mbo 4, afgebroken havo, andere werkervaring en zelfs hbo’ers die na een jaar stoppen met hun opleiding en alsnog voor de praktische mbo-3 route kiezen om in het technisch bedrijfsleven te komen. Dus van die 60 komen er 31 leerlingen (17+14) vanuit het vmbo, de rest kent een diverse achtergrond. Dat baart ons enigszins zorgen. Vroeger was vmbo-mbo dé koninklijke route en vanuit ons perspectief zien we dit kantelen.” Samenwerking vanuit STO Twente belangrijker dan ooit Leo Benneker: “PIE geeft ongeveer een gelijk beeld. Dit schooljaar hebben we bijna 20 leerlingen uit het vmbo, meer dan bij BWI. En ten opzichte van verleden jaar betekent dit een stijging van 12 leerlingen. Daar zijn ook wij blij mee. Circa 75% van de toestroom naar IW komt vanuit het vmbo, de rest is zij-instromer. Ook die verhouding kan beter, denk ik.” Tom Blaauwgeers: “Die getallen bewijzen dat onze nieuwe samenwerking vanuit STO Twente heel belangrijk en actueel is om die toestroom vanuit het vmbo naar het technisch mbo te intensiveren.” Eén-op-één met leerlingen in gesprek Jan Willem: “Dé absolute kernvraag: waarop zijn de keuzes van vmbo-leerlingen voor de techniek gebaseerd? Op basis van die informatie kunnen we wellicht iets kunnen bedenken om meer invloed uit te oefenen op de keuzes van leerlingen aan het eind van hun vmbo-periode. Mijn aanbeveling om dit te bereiken is om eerder met leerlingen BWI en ook PIE een persoonlijk en diepgaand exitgesprek te voeren. Die thermometer moet er veel meer in. Met als kernvraag waarop leerlingen gedurende hun vmbo-opleiding de keuze baseren om wel of niet voor de bouw, installatietechniek of schildersector te kiezen. Ik denk dat we daarvan heel veel kunnen leren.” Nog veel onbenut techniektalent Leo: “Ik heb nu ook twee TL-leerlingen, één bijvoorbeeld vanuit het groen, dus je ziet dat leerlingen uit alle richtingen instromen. Ook daar zit nog veel onbenut techniektalent. Veel leerlingen doen PIE en als ze eenmaal voor de keuze staan om hun vervolgopleiding te kiezen, zie je dat circa de helft een niet-techniekrichting kiest. Dat tij moeten we zien te keren. Inderdaad, tijdig met deze leerlingen op het vmbo in gesprek gaan, één-op-één, juich ik toe.” Jan Willem: “Ook ben ik heel benieuwd naar de rol van de ouders in dit keuzetraject.” Ook blijven monitoren op mbo Tom: “Op het vmbo worden er al veel gesprekken met leerlingen gevoerd ten aanzien van hun keuze voor een vervolgopleiding. Maar ook zie ik een goede gelegenheid voor dit soort gesprekken als zij eenmaal op het mbo zitten. De kernvraag in mijn ogen is dan: wat maakt nou dat je hier bent? Met als doel: de beste keuze en de beste plek voor de vmbo-leerling.” Leo: “99% van de vmbo-leerlingen die bij opleidingsbedrijf Installatiewerk (IW) instroomt behaalt zijn of haar diploma.” Jan Willem: “We zien nagenoeg geen uitval van vmbo-leerlingen die in het Techniekhuis Twente hun vervolgopleiding techniek doen. Dat geeft aan hoe potentieel belangrijk deze doelgroep is voor de technische sector.” MENU
- Keuzevak Koudetechniek actief ondersteund door NVKL
43fddc02-c6f4-462e-8659-98cf6d3500c2 Keuzevak Koudetechniek actief ondersteund door NVKL Een aantal vmbo-scholen in Twente biedt, samen met NVKL, het keuzevak koudetechniek aan. zoals de STO subregio’s Almelo e.o. en Enschede. NVKL is de brancheorganisatie voor luchtbehandeling en koude- en klimaattechniek. Zij waren weliswaar bij de aftrap in 2019 geen officiële partner van STO Twente, maar hun positieve inzet voor het keuzevak Koudetechniek valt daar ondertussen wel onder. Brenda Witzier werkt bij de NVKL als projectmanager onderwijs en arbeidsmarkt: “De vmbo-leerlingen leren heel veel op school, maar het is waardevol als zij ook in de praktijk ervaren wat koudetechniek kan bieden. De onbekendheid met de mogelijkheden is nog groot. Daar helpen we ook graag de vmbo-scholen bij die onder de vlag van STO Twente samenwerken.” Warm laten lopen voor koudetechniek Voor het keuzevak Koudetechniek voor het vmbo heeft NVKL een complete lesmethode ontwikkeld. Deze lesstof kent een integratie in digitale lesmethoden zoals het veelgebruikte Elodigitaal. Mede daardoor heeft koude- en klimaattechniek een vaste plek gekregen of gaat die krijgen op inmiddels bijna 50 vmbo-scholen in Nederland waaronder in Twente. Brenda: “We hopen dat leerlingen die op het vmbo kennis hebben gemaakt met koudetechniek voor een vervolgopleiding op het mbo in de koudetechniek kiezen. De lesmethode laat vmbo-leerlingen kennismaken met ons mooie vak. Door hier actief mee bezig te zijn, verwachten we een grotere doelgroep te bereiken dan voorheen.” Waarom is deze inzet op meer instroom in de lijn vmbo-mbo voor NVKL belangrijk? Brenda: “In 2020 werkten er ongeveer 65.000 medewerkers in onze branche. We hebben berekend dat we in 2030 87.500 mensen nodig hebben. Bijvoorbeeld de groei van warmtepompen is hier debet aan, maar onder andere ook de toegenomen vraag naar koeling vanuit de industrie. Ook de vervangingsvraag in het monteursbestand groot door de vergrijzing. Opgeteld hebben we heel veel nieuwe (service)monteurs en engineers nodig.” Urgentie van meer instroom Brenda is bij NVKL werkzaam als projectmanager onderwijs en arbeidsmarkt: “Deze functie geeft de urgentie aan die wij voelen bij meer instroom. We zijn een relatief kleine branche en moeten zelf actief ons onderwijs genereren, daarom hebben we mede ons opleidings- en expertisecentrum GO° in Ede opgericht. Een aantal ROCs in Nederland geeft de opleiding koeltechniek en die helpen we met leermiddelen. Ook met hun docenten overleggen we regelmatig. Maar we besteden ook veel aandacht aan koudetechniek via vooral het keuzevak Koudetechniek.” Complete lesmethode De complete lesmethode die aan de scholen, zoals ook het vmbo, wordt aangeboden, bestaat uit lesmateriaal in boekvorm of e-learning, voorzien van animaties en filmpjes. De stof gaat in op de werking van een koudesysteem, met daarin vijf praktijkopdrachten voor de leerlingen. Daarnaast worden docenten ondersteund met bijvoorbeeld toetsvragen, een training en materialenlijst, Ook voor de schooldirectie, ouders en leerlingen is informatie beschikbaar. Bij het afsluiten van het keuzevak met een positief resultaat ontvangt de leerling een NVKL-certificaat. Brenda: “Vorig jaar zijn de vmbo-leermiddelen weer eens goed tegen het licht gehouden en aangepast. Afgelopen zomer is een nieuwe opdracht toegevoegd als alternatief voor de blikjeskoeler; het maken van een mini-ijsbaantje.” Een tip: scholen kunnen een subsidie aanvragen die samen met het O&O fonds wordt uitgegeven om een start te kunnen maken met het keuzevak. Brenda: “Daarmee halen de vmbo-scholen genoeg materialen en middelen in huis om de praktijkopdrachten voor een groep van ongeveer acht leerlingen twee jaar te kunnen uitvoeren.” Online meeting voor vmbo-docenten Brenda: “Er zijn nu bijna 50 vmbo-scholen in Nederland die iets doen met koeltechniek, ook in Twente. Een aantal vmbo-docenten gaf aan dat zij het leuk zou vinden om eens in een online meeting bij elkaar te komen. Met als doel informatie uit te wisselen over het keuzevak Koudetechniek, de veranderingen in koeltechnisch Nederland, ideeën over opdrachten of toetsen te delen en nieuwe ontwikkelingen te bespreken. Deze online meeting was gepland op maandag 13 november. Gewoon om eens uit te proberen of de docenten dat handig zouden vinden.” Meerdere docenten PIE namen hier aan deel, ook vanuit STO Twente. Ook Eric Raanhuis, docent PIE op het Noordik en kartrekker STO Almelo e.o., nam daaraan deel. Brenda: “De deelnemende docenten hadden goede suggesties om de leermiddelen voor het keuzevak Koudetechniek nog beter te laten aansluiten bij de belevingswereld van de leerlingen. Vanaf 2024 gaan we met die suggesties concreet aan de slag.” Hulp bij vinden van passende bedrijven Vmbo-scholen die met het keuzevak Koudetechniek aan de slag willen, kunnen ook terugvallen op de NVKL om in hun schoolomgeving lidbedrijven te vinden om daar samen mee het keuzevak Koudetechniek uit te voeren. Brenda: “Daar is veel behoefte aan want ook vmbo-scholen vinden het vaak lastig om de bijpassende koeltechnische bedrijven te vinden.” Bijvoorbeeld de STO subregio Enschede werkt voor het keuzevak Koudetechniek samen met NVKL lidbedrijven Emondt Koeltechniek en Pool Koudetechniek. En de STO subregio Almelo e.o. bouwde inmiddels een goede band op met het bedrijf Airco-Joop. Het allerleukste voor de leerlingen is natuurlijk wanneer zij eens bij een koeltechnisch bedrijf in de werkplaats aan praktijkopdrachten kunnen werken.” Docententrainingen voorjaar 2024 De eerstvolgende NVKL vmbo-docententraining vindt plaats in het voorjaar van 2024, ook daar kunnen docenten van de deelnemende scholen vanuit STO Twente zich voor aanmelden. Deze vindt plaats in het opleidingscentrum GO° in Ede. Brenda: “Bij voldoende belangstelling willen we in 2024 eveneens weer een ééndaagse opfristraining voor docenten houden die de algemene training al hebben gevolgd. Heb je hier belangstelling voor? Meld je dan gerust aan.” MENU
- Techniek Tastbaar 2023: meer bedrijven en nóg betere doe-opdrachten
e2428b0e-e606-452d-a211-2725da24a749 Techniek Tastbaar 2023: meer bedrijven en nóg betere doe-opdrachten In 2022 organiseerde de STO subregio Enschede voor het eerst een drukbezochte en geslaagde Techniek Tastbaar. De tweede editie vond inmiddels plaats op 13 oktober 2023. Uiteraard liet de organisatie ook dit keer niets aan het toeval over en werd ook deze tweede editie een groot succes! Een positief leerpunt van de eerste editie werd dit keer goed opgepakt: de betere doorstroom van de vele bezoekers! Bij leerlingen, ouders/begeleiders en bedrijven is een evaluatie afgenomen door Paul Nederstigt en vier leerlingen. Met een gemiddeld cijfer van een 7,8 waar de STO subregio Enschede heel trots op mag zijn! Verbreding bedrijven over volle breedte techniek en technologie Namen in 2022 vooral bedrijven deel uit de ‘harde profielen’ van de techniek: de editie 2023 kende een bewuste verbreding. Ronald Rondeel, STO projectleider Enschede: “Voor deze tweede editie verwelkomden we techniek- en technologiebedrijven uit de volle breedte. Een gericht speerpunt, passend bij het beleid van de minister om ook aanpalende profielen bij STO te laten aanhaken zoals Zorg & Welzijn. De verdeling was nu gelijkwaardiger dan bij onze eerste editie van Techniek Tastbaar.” Overigens deden er verleden keer 33 bedrijven mee en nu met 43 bedrijven, dus substantieel meer. Ronald: “Niet omdat we uit zijn op schaalvergroting, maar omdat we over de volle breedte hebben geworven. We mochten ruim 1700 bezoekers verwelkomen, van leerlingen en hun begeleiders tot en met betrokken ouders.” Meer aandacht voor leerlingen Jos Doppen, docent BWI: “Ik zorgde bij de BWI afdeling dat alle daar deelnemende bedrijven zich goed konden installeren. Ook hielp ik mee om de leerlingenstromen langs BWI te geleiden. Mijn indruk van Techniek Tastbaar is heel positief. De editie van verleden jaar telde wel héél veel bezoekers, met de aanpassingen voor deze editie hebben we veel meer tijd om aandacht te schenken aan de leerlingen.” ROC van Twente ‘in the mix’! Uiteraard was ook ROC van Twente present, zij zijn een belangrijke samenwerkingspartner van STO Twente. In hun stand stonden twee studenten van de mbo-opleiding Podium- en evenemententechnicus paraat om vmbo-leerlingen alles te laten ontdekken over geluid en licht in onder andere de entertainment sector. Via een professioneel mengpaneel mochten zij hun eigen mix maken van een grote discohit van de Bee Gees! Hogeschool Saxion Ook Hogeschool Saxion was aanwezig met een robothond die door alle bezoekers heen liep. Een blikvanger van jewelste! Student Sander bediende de robothond: “Ik studeer mechatronica en de robothond is een samenwerking tussen de opleiding forensisch onderzoek van Saxion en de Politieacademie. De robothond heeft een hele gevoelige sensor die explosieven kan detecteren.” Zelf zat Sander ook ooit op het vmbo: “Daarna ging ik naar het mbo en nu het hbo. Techniek heb ik altijd heel leuk gevonden en ik vind het heel leuk ook jonge leerlingen op het vmbo daar enthousiast voor te maken.” Aan de gang met een inbraaksysteem! Henk van den Noort van Van der Molen Beveiligingstechniek was actief aanwezig tijdens Techniek Tastbaar: “Bij dit bedrijf ben ik service- en onderhoudstechnicus. Waarom we op Techniek Tastbaar staan? We zijn druk met ons eigenlijke werk, toch nemen we graag de moeite om hier de jeugd te inspireren voor techniek. Waarom? Techniek is inmiddels overal in onze maatschappij, maar we hebben te weinig mensen in de techniek. Die moeten we toch gaan vinden en binden. Hoe mooi is het dan dat we de jeugd hiervoor kunnen ontmoeten en inspireren tijdens Techniek Tastbaar! We hebben een hele leuke doe-opdracht meegenomen: een inbraaksysteem waarmee ze aan de gang moesten, heel spannend. Hiermee konden de leerlingen kaarten winnen voor FC Twente. Wanneer bij mij vroeger het kwartje viel voor techniek? Dat is mij meegegeven door mijn ouders. Tegenwoordig is dat steeds minder en is het belangrijk dat we leerlingen bereiken via een event als Techniek Tastbaar.” UT presenteert waterstofauto Ook waren er twee studenten van de UT: Niels, hij studeert civiele techniek, en Daan, hij studeert data science. Zij trokken heel veel aandacht met een zelfgebouwde raceauto die op waterstof loopt: “We willen de leerlingen hier laten zien dat er heel veel toekomst zit in waterstof. Een duurzame manier van energie opwekken en maken. Interessant is dat waterstof potentie heeft voor verschillende functies in de techniek. Van raceauto tot en met duurzame vrachtwagen. Ook voor mbo’ers kunnen er veel banen gaan komen in Twente binnen de waterstofsector en toeleverende bedrijven.” Geslaagde aanpassingen Ronald: “Dit keer duurde Techniek Tastbaar van 10.00 – 17.00 uur. Ook speelden we meer in op een betere verdeling van de groepen leerlingen die ons bezochten. Eveneens hebben we de bedrijven voor deze editie nog beter geholpen om zich voor te bereiden op hun stand-presentatie en vooral de doe-opdracht die zij de bezoekende leerlingen aanboden. Bedrijven hebben daar echt support bij nodig en die hebben we hen veelzijdig geboden. Dat zagen we op 13 oktober ook echt terug in het niveau van de doe-opdrachten.” Mooie aansluiting bij Bèta challenge programma Wendy Smit is docent op het Bonhoeffer College en bezocht Techniek Tastbaar met haar klas: “Zij zijn eerste klas kaderleerlingen voor de beroepsgerichte leerweg. Vanuit het Bèta challenge programma maken de leerlingen al heel vroeg kennis met opdrachten uit het bedrijfsleven. Daar hoort Techniek Tastbaar bij en dit event sluit heel mooi aan op de lesbrief voor het Bèta challenge programma. Hoe gaaf is het dat ze hier met al die technieken kennis kunnen maken!” Wendy trok tijdens Techniek Tastbaar samen op met de mentor van haar klas, Hidde van der Vlist, docent biologie op het Bonhoeffer College: “Ik geef van origine biologie, maar gaf hiervoor ook natuurkunde, scheikunde en techniek. Techniek en technologie vind ik hartstikke tof. Hoe meer we dat in scholen een plek kunnen geven, hoe beter dit is voor de kinderen.” Ook leuk voor thuis… Bouke Klieverik is mede-eigenaar ROBO Metaal: “We staan met plezier op Techniek Tastbaar. Het is heel belangrijk dat we ook de jeugd blijven interesseren om met hun handen te werken en daarmee producten te maken zoals door te lassen. Wij dragen daar graag ons steentje aan bij om de jeugd hierbij te betrekken en enthousiast te maken. Wij hebben veel mbo-functies beschikbaar. Onze doe-opdracht tijdens Techniek Tastbaar? Bij ons konden ze poppetjes in elkaar draaien en lassen met boutjes en moertjes, zowel als sleutelhanger en als staand poppetje. Leuk ook om thuis te laten zien!” Spannend…Defensie! Zelfs het Ministerie van Defensie was paraat tijdens Techniek Tastbaar! Sergeant Brouwer: “Ook Defensie kent personeelstekorten. De laatste jaren hebben we op basis van nieuw budget mooie, nieuwe functies en mogelijkheden kunnen creëren. Daarvoor zijn we op zoek naar medewerkers, ook op mbo 1,2,3 en 4 niveau. Wij bieden hele avontuurlijke banen aan mét techniek. Tijdens Techniek Tastbaar hebben we heel mooi aan de leerlingen kunnen laten zien welke technische werkuitdagingen Defensie biedt.” Conclusie: Techniek leeft in Enschede! Ronald: “We kijken als organisatie van Het Stedelijk Alpha, Bonhoeffer College en het Zone.college terug op een geslaagde editie 2023 Techniek Tastbaar. We danken speciaal alle deelnemende bedrijven en instellingen voor hun inbreng en professionele deskundigheid. We kunnen maar één conclusie trekken: Techniek leeft in Enschede! MENU
- Instructeurs technisch onderwijs voor directe koppeling van leerlingen met technisch beroepenveld
8f7fbb15-20fb-49fe-a0a9-7bff1b214803 Instructeurs technisch onderwijs voor directe koppeling van leerlingen met technisch beroepenveld De STO subregio Oldenzaal heeft op het Twents Carmel College (TCC) instructeurs binnen de technische profielen PIE, BWI en M&T én een instructeur in het Technolab. Een belangrijke pijler onder Sterk Techniekonderwijs Twente. Wat brengen zij mee? Wat voegen zij toe voor de leerlingen? Hoe verbetert hun inzet het technisch onderwijs? Enthousiast vertellen zij het zelf: “De kern is dat je de klik met de leerlingen maakt en hen toont hoe het technisch beroepenveld werkt.” Veelzijdige achtergrond en ervaring De essentie van instructeurs is dat zij hun eerdere technische ervaring in het bedrijfsleven rechtstreeks de school in brengen. Welke ervaring is dat precies? Opvallend is de veelzijdige bedrijfsachtergrond van de vier praktijkinstructeurs. Giacomo Morsink, instructeur PIE: “Ik heb 30 jaar gewerkt bij de voorloper van Croonwolter&dros en alle facetten van elektrotechniek ervaren, van krachtinstallaties tot inbraakinstallaties.” Bjorn Klein Gunnewiek komt oorspronkelijk uit het groen: “Inmiddels ben ik instructeur in het Technolab van TCC.” Benno Grintjes is inmiddels vier jaar instructeur BWI en heeft er nog geen dag spijt van: “Daarvoor was ik ruim 25 jaar meubelmaker/ interieurbouwer. Met leerlingen omgaan is práchtig. Ik vind het mooi om het vak met de laatste technieken over te mogen brengen op de jeugd.” Gerard Oude Tijdhof, praktijkinstructeur M&T: “Ik heb 24 jaar in een garage gewerkt als monteur en als invallend werkplaatschef.” Functie in ontwikkeling De functie van instructeur lag in het begin niet tot in detail vast. Giacomo: “Gaandeweg is dat door ons uitgevonden, uiteraard in samenwerking en overleg met TCC.” Bjorn: “Het Technolab is een beetje een vreemde eend in de bijt omdat ik als instructeur vooral met basisschoolleerlingen bezig ben. Dit betekent dat ik in mijn werk veel aan ontwikkeling doe, zoals voor nieuwe workshops en lessen, én nieuwe dingen bedenken en maken.” Benno: “Toen ik hier kwam was het druk met het leerlingenaantal op het Techniekplein. De taak waarvoor ik in eerste instantie was aangenomen, breidde zich dan ook al snel uit. Al vlot gaf ik ook lessen, voor mij een sprong in het diepe. Ik kreeg de kans om het Technieklokaal naar mijn eigen inzichten te kneden.” Gerard kwam uit de automotive: “Ik heb ook 20 jaar op het Bonhoeffer College in Enschede gewerkt. Met de collega daar heb ik de lessen ingevuld en heel veel geleerd. Die kennis en ervaring kon ik meenemen naar TCC.” Pedagogisch-Didactisch Certificaat (PDC): pittig, maar te doen Een voorwaarde voor de aanstelling tot instructeur is het behalen van het Pedagogisch-Didactisch Certificaat (PDC). Dit belangrijke certificaat hebben alle instructeurs inmiddels op zak. Hoe hebben de instructeurs dit studietraject ervaren? Giacomo: “Het is te doen en waardevol. Je leert je activiteiten te baseren op de juiste pedagogisch-didactische basis. Wel was het voor mij een hele tijd terug dat ik in de schoolbanken zat. Het was wennen om weer veel lesboeken te lezen met compleet nieuwe stof. Het is veel lezen en veel werk, maar deze studie heeft een positieve impact gehad op mij.” Benno: “Het is wel te doen, maar ik sluit me volledig aan bij de woorden van Giacomo.” Laatste kneepjes van het techniekvak De essentie van het instructeur zijn, is dat deze voormalige werknemers de laatste stand van zaken uit het werkveld de klas in brengen. Werkt dat ook zo? Giacomo: “Zeker! De handige kneepjes van het vak, maar ook de technische regels die gelden voor het vak van elektrotechniek, breng je één-op-één over op de leerlingen. Je ziet bij de leerlingen dat zij daar heel benieuwd naar zijn, en dat werkt ook motiverend.” Benno: “Veel elementen uit mijn eerdere werk in de houtbranche haal je nooit uit een theorieboek. Die moet je als leerling letterlijk voorgedaan krijgen van iemand met een langdurige bedrijfservaring.” Giacomo: “De docenten waarmee we binnen de profielen samenwerken zijn ontzettend goed, laat daar geen misverstand over bestaan, maar zij kennen de laatste kneepjes uit het vak niet altijd.” Techniek voortdurend koppelen aan beroepen Bjorn: “Vanuit mijn werkervaring kan ik de basisschoolleerlingen allerlei voorbeelden aanreiken van hoe je specifiek de technologie uit het Technolab kan inzetten, maar die praktijkvoorbeelden kan ik ook geven van metaal, lassen en autotechniek. Neem sensoren, hoe worden die in auto’s toegepast? Elke technologie die we in het Technolab presenteren weet ik wel te koppelen aan een beroep.” Bjorn geeft een voorbeeld: “We hebben een zelfrijdend robotje. We vragen aan de leerlingen hoe zij dit toegepast zouden zien in een beroep in de echte wereld. Dit soort vraagstelling over de koppeling tussen technologie en het beroepenveld slaat bij de leerlingen aan.” Volop waardering en werkplezier Voelen de instructeurs zich gewaardeerd door hun collega’s? Bjorn: “Ik heb altijd waardering gevoeld voor wat ik doe.” Giacomo: “Bij ons op het Techniekplein voel ik die waardering ook. De docenten zien in wat mijn praktische toevoegingen zijn aan de lessen, zoals de eerder genoemde fijne kneepjes van het vak. Ik heb geen moment spijt gehad van mijn overstap. Als je doet wat je leuk vindt, werk je geen dag meer in je leven. Ik beleef veel plezier aan mijn werk als instructeur. Eigenlijk meer dan ik ervan had verwacht, een prachtige fase in mijn loopbaan.” Bjorn: “Ik ga fluitend naar mijn werk en fluitend weer naar huis.” Benno: “De omgang met de leerlingen, daar word ik vrolijk van. Dat ik deel mag uitmaken van één van hun belangrijkste momenten van hun leven is toch geweldig.” Zelf ook bijblijven is belangrijk De instructeurs nemen veel werkervaring uit de praktijk mee, maar hoe houden zij de ontwikkelingen in hun eigen vak bij? Benno: “Ik heb weleens geopperd dat het goed zou zijn als je als instructeur stage kunt lopen bij een technisch bedrijf. Bijvoorbeeld een week verdeeld over een heel jaar, waarbij je binnen meerdere bedrijven meekijkt en meedraait.” Gerard: “Ik zit in de automotive en blijf bij met de ontwikkelingen door bijvoorbeeld thuis met auto’s te klussen. Ook hebben we bij M&T een elektrische auto aangeschaft, een enorme aanwinst. Om de leerlingen hier goed bij te kunnen begeleiden verdiep ik mij daar natuurlijk grondig in. Verder biedt TCC cursussen aan die ik graag volg.” Perspectief van leerlingen Kijken de leerlingen anders naar de instructeur dan naar de docent? Gerard: “Ik betwijfel of ze onze bedrijfsachtergrond altijd kennen.” Benno: “Soms zeggen de leerlingen plagerig tegen mij dat ik toch geen docent ben en antwoord ik dat ik uiteindelijk hetzelfde mag als een docent. Dan beginnen ze te lachen en zie je toch de waardering voor de praktische vakkennis die ik overdraag.” Gerard: “Ik heb zelf nooit een verschil ervaren in hoe de leerlingen mij zien.” Bjorn: “Het is ook een bepaalde doelgroep. Het is niet de insteek dat we hier vakmensen van ze maken. Daarvoor zijn de profielen te breed. Wel kunnen we hen enthousiasmeren en veel van de technische beroepen laten zien. Echte vakmensen worden ze op het mbo en op stage.” Een duwtje in de goede techniekrichting Benno: “Als ouders op een open dag komen, zeg ik dat ik hoop hun kinderen in de twee jaar op het Techniekplein mee te geven welke techniekrichting ze ongeveer in willen. Daar help ik hen mee. Vervolgens hoop ik dat ze over 20 jaar denken: wat heb ik toch een donders leuke tijd gehad op het Techniekplein van TCC met leuke leraren, een mooi diploma en wat was mijn vervolgkeuze in de techniek goed. Dit bespreek ik uiteraard ook heel vaak met de leerlingen die nu op het plein zijn. Ik vind dit één van de belangrijkste dingen in hun keuze. Ik wil er geen druk op leggen, maar wel meegeven hoe het werkt. Echt, dit is voor mij dé nummer 1 reden.” Probeer het gewoon een keer… Giacomo: “Misschien overwegen andere technici ook de overstap naar instructeur in het technisch vmbo. Maar wellicht houden negatieve denkbeelden hen tegen, zoals de werkdruk in het onderwijs waar je veel over hoort. Maar mijn ervaring is alleen maar positief, het is een prachtig vak. Twijfel je nog? Ga het gewoon eens proberen.” Gerard: “Mijn ervaring is dat de werkdruk minder is dan in het bedrijfsleven.” Benno: “Wie niet waagt, die niet wint. Volg je hart en gevoel.” MENU
- Siers Groep Oldenzaal vraagt om meer aandacht voor de ondergrondse infratechniek
63250181-bc6f-40e6-8116-59e333ac8237 Siers Groep Oldenzaal vraagt om meer aandacht voor de ondergrondse infratechniek Ook de Siers Groep is een actieve deelnemer aan STO Twente. Recent dachten zij bijvoorbeeld actief mee in de partnerbijeenkomst voor de plannen voor 2025 t/m 2028. Hoe kijken zij terug op de afgelopen STO-jaren? En wat vinden zij belangrijk voor de toekomst van STO Twente? Een gesprek met Kelly Oude Nijhuis en Kim Schurink van Siers Groep Oldenzaal: “De ondergrondse Infratechniek mag binnen het totale technische palet van STO Twente best meer aandacht krijgen.” Compleet pakket voor ondergrondse infratechniek Sinds de oprichting in 1964 is het familiebedrijf Siers Groep Oldenzaal B.V. uitgegroeid tot een professionele en vooruitstrevende organisatie op het gebied van ondergrondse infratechniek. Het bedrijf met meerdere vestigingen in Nederland levert een compleet pakket op het gebied van gas, water, elektra, telecom en warmte. Beiden betrokken bij STO Twente Kelly werkt bij Siers Groep als recruiter voor nieuwe medewerkers: “De samenwerking met STO Twente valt ook onder mijn werkzaamheden.” Kim: “Ik werk als hr-adviseur bij Siers Groep en ben ook verantwoordelijk voor onze mbo-leerlingen. Dit zijn de leerling-monteurs die in het werkveld, dus buiten in de praktijk, het infratechniekvak leren. Ook ben ik betrokken bij diverse initiatieven buiten Siers Groep die de werving van technische medewerkers versterken. STO Twente kan hier zeker in bijdragen.” Geografische afstand opleiding is een uitdaging Ook Siers moet volop inzetten op het vinden en binden van jong technisch talent. Kelly: “De vraag naar technische medewerkers is heel groot. Wat voor ons een extra uitdaging is, is dat jong technisch talent infratechniek niet direct op het netvlies heeft staan.” Kim: “Wij zijn o.a. gevestigd in Oldenzaal. De dichtstbijzijnde infratechniek-opleiding is op het Deltion College in Zwolle voor monteur gas, water, warmte of monteur laagspanningsdistributie. Helaas geeft het dichterbij gelegen ROC van Twente deze opleidingen niet. Dus bij Twentse vmbo-leerlingen is infratechniektechniek vrij onbekend omdat zij er in hun opleiding of omgeving niet mee te maken krijgen. Daarom bieden we een leer-werktraject aan in ons bedrijf en betalen we de BBL-opleiding tot monteur/voorman. Dit leer-werktraject houdt in dat ze vier dagen per week bij ons werken en één dag naar school gaan. De leerling monteurs worden dan begeleid door onze eigen leermeesters. Onze operationeel directeur vindt het belangrijk dat we nieuwe leerlingen vinden en behouden. En het is daarom mooi dat we de samenwerking opzoeken met STO Twente." Het voordeel van een familiebedrijf Siers is een familiebedrijf. Kim: “De lijnen bij ons zijn ontzettend kort en de begeleiding is goed. We kennen lange dienstverbanden en houden daardoor technische kennis lang in huis. We zijn daardoor voor jong technisch talent een aantrekkelijk bedrijf, ook om te blijven leren en werken. We kennen onder eenmaal geworven jong technisch talent heel weinig verloop.” Technische mbo’ers krijgen binnen Siers kansen om zich te ontwikkelen. Kim: “We hebben bijvoorbeeld trajecten waarbij monteur/voormannen zich ontplooien richting de functie van uitvoerder of werkverantwoordelijke." Vrouwen zijn ook van harte welkom voor het infratechniekwerk. Kim: “We hebben momenteel een jonge vrouw als monteur aan het werk, zij is net klaar met haar opleiding. Wel blijft het moeilijk vrouwen te enthousiasmeren voor dit specifieke vak, maar het is zeker niet onmogelijk.” Kelly: “We deden onlangs ook enthousiast mee met Girls’ Day.” Samenwerking intensiveren Siers deed mee met allerlei STO-activiteiten zoals Techniek Tastbaar. Hoe kijken zij terug op de afgelopen STO-jaren? Kelly: “Die samenwerking verloopt heel goed. Techniek Tastbaar is bij scholen hier in de regio iedere keer prima geregeld. STO Oldenzaal wil graag met ons de samenwerking intensiveren en daardoor nam ik ook recent deel aan twee partnerbijeenkomsten, één bij TCC aan de Potskampstraat in Oldenzaal en één bij ROC van Twente." Bij de laatst genoemde bijeenkomst was Kim ook present. Kelly: “Bij de laatste bijeenkomst hebben we ervoor gepleit om binnen STO Twente meer aandacht te geven aan ondergrondse infratechniek.” Kim: “STO Twente zou de techniekfocus zeker mogen verbreden naar de ondergrondse infratechniek. En dat mag wat ons betreft door activiteiten in zowel het basisonderwijs als vmbo. Ook zouden we het toejuichen als de technolabs binnen STO Twente workshops ontwikkelen voor ondergrondse infratechniek.” Kelly: “Dé uitdaging is om de Twentse vmbo-leerlingen via STO Twente inzicht te geven in álle techniekmogelijkheden die er zijn zodat de keuze ook op infratechniek kan vallen. Als de leerlingen het niet zien, denken ze er later bij hun studiekeuze ook niet aan.” Kelly: “Wel is het een uitdaging om ons werk goed te tonen aan jong technisch talent. Ondergrondse Infratechniek vindt altijd buiten plaats én onder de grond.” Een advies voor STO Kim en Kelly hebben een voorstel voor STO: "In plaats van één dag Techniek Tastbaar, zou het geweldig zijn om jaarlijks een techniekweek te organiseren. Gedurende deze week staat techniek centraal en wordt elke dag een andere tak van techniek uitgelicht. Eerst krijgen de leerlingen uitleg over de verschillende soorten technieken, daarna gaan de leerlingen praktisch aan de slag. Bedrijven worden uitgenodigd om demonstraties en interactieve opdrachten te verzorgen. Dit zou de leerlingen een nog beter inzicht kunnen geven in de diverse technieken en de mogelijke toepassingen daarvan in hun toekomstige loopbaan. Reflectie na elke techniekdag is daarbij van groot belang, zodat leerlingen kunnen nadenken over wat ze hebben gezien, geleerd en wat ze daar eventueel in de toekomst mee kunnen doen. Verder is het essentieel dat leraren met enthousiasme over techniek spreken en niet alleen over hun eigen vakgebied. Hierdoor kunnen de leerlingen ook enthousiast worden en misschien wel de interesse in techniek vergroten. Deze punten zijn ook besproken tijdens de brainstormsessie van de recente partnerbijeenkomst." MENU
- Iedereen zou moeten kunnen beschikken over basale technische vaardigheden
a2c28ef2-84fc-4d2b-be5c-337bf0d9f5f2 Iedereen zou moeten kunnen beschikken over basale technische vaardigheden Selma Zwarteveen is locatiedirecteur van het Stedelijk Alpha Wethouder Beversstraat en daarnaast locatiedirecteur van het Stedelijk Zwering. STO Twente maakt onderdeel uit van haar portefeuille, en daar heeft Selma zowel professioneel als persoonlijk feeling mee: “Techniek en technologie zijn geschikte leerlijnen waarlangs we vmbo-leerlingen extra kunnen helpen om hun plekje in de vooral door technologie razendsnel veranderende maatschappij te vinden.” Eerder ervaring met STO Twente Selma deed al ervaring met STO Twente op toen zij voor het Almelose Erasmus werkte: “Uiteraard via Basis/Kader, maar we haakten ook bewust aan bij het Praktijkonderwijs. Ook daar zit veel talent voor techniek. Het Erasmus heeft inmiddels een Technolab voor het Praktijkonderwijs.” Het Bonhoeffer College en Het Stedelijk Alpha aan de Wethouder Beversstraat trekken eensgezind op onder de vlag van STO Enschede. Selma: “Deze sterke samenwerking ervaar ik zelf heel dichtbij in het constructieve STO-overleg met het Bonhoeffer College én uiteraard Ronald Rondeel, de projectleider van STO Enschede. We hebben samen dezelfde lijn te pakken en streven dezelfde doelen na.” Enorm veel techniekkansen in Enschede De vijf subregio’s binnen STO Twente kennen ieder hun eigen sociaal-demografische uitdagingen en dynamiek. STO Enschede is vooral een stedelijke regio. Wat betekent dit als je meer jongeren voor techniek wilt interesseren? Selma: “Enschede biedt om te beginnen enorm veel werkmogelijkheden in de techniek. Het perspectief op de arbeidsmarkt is groot en positief. Een mooie omgeving om je bij uiteenlopende bedrijven heel veel techniekkennis eigen te maken. Wel is het een uitdaging om ditzelfde bedrijfsleven bij STO te betrekken. Ook is het beeld dat je met techniek per definitie je handen vies maakt hardnekkig. Techniek op het vmbo staat lager in de orde dan de andere profielen. Jammer, want bijvoorbeeld een goede timmerman heeft een prima toekomst. Dé uitdaging is om jongeren enthousiast te krijgen voor beroepen waarin je áán technologie of mét technologie werkt.” Verbreding in tweede tranche STO Twente Selma is zeer blij met de verbreding naar ook andere profielen in de periode 2025 t/m 2028 van STO Twente: “Daarmee verruimen we de mogelijkheden enorm, kijk alleen al naar de toepassing van technologie in de zorg. Maar dat geldt net zo goed voor het profiel Economie en Ondernemen. Ik juich het toe dat STO Twente zich verbreedt, naast de focus op de harde techniekprofielen. Niet alle leerlingen hoeven te kiezen voor het feitelijk werken met technologie. Wel willen we in ieder geval dat zij de gedachtegang erachter leren kennen. Daarmee voorkomen we op z’n minst dat technologie hen afschrikt.” In aanraking met techniek op álle niveaus Selma noemt nog een ander argument: “Techniek en technologie zijn bij uitstek mooie en geschikte leerlijnen waarlangs we vmbo-leerlingen extra kunnen helpen om hun plekje in de vooral door technologie razendsnel veranderende maatschappij te vinden. Doen we dat niet? Dan wordt het gat tussen hen en de maatschappij nog groter.” Aanvullend noemt Selma zowel de Regiodeal alsook Techkwadraat: “Daarmee betrekken we straks niet alleen de leerlingen van Basis en Kader, maar ook de leerlingen van vmbo-tl, havo en vwo bij het interesseren voor techniek en technologie. Het maakt niet uit op welk niveau je geschoold wordt; met de komst van de laatste twee initiatieven brengen we álle leerlingen in contact met techniek en technologie.” Inmiddels brug gebouwd naar bassischolen De basisscholen in Enschede zijn een belangrijke partij voor STO Enschede. Selma: “Projectleider Ronald Rondeel heeft daar enorm veel energie in gestopt. Met initiatieven zoals het succesvolle 7Tech zien we inmiddels dat ook de basisschoolleerlingen wel degelijk onze scholen vanonder de paraplu van Sterk Techniekonderwijs weten te vinden. Die brug is gebouwd en we krijgen concreet leerlingen uit groep 7 en 8 binnen.” Meer meiden Selma realiseert zich dat we ook meer meiden voor techniek willen inspireren. Maar lukt dat als we deze doelgroep voortdurend met aparte campagnes benaderen? Selma: “Meisjes zijn in de techniek met andere dingen bezig dan jongens. Onderzoek wijst uit dat jongens en meisjes op een verschillende manier leren. Meisjes, in het algemeen, hebben meer behoefte aan een stuk context en uitleg voordat ze met techniek aan de slag gaan. Je hoeft niet specifiek een apart programma voor meisjes op te zetten, maar kijk kritisch naar wat je jongeren aanbiedt vanuit de vraag of je daarin kunt differentiëren. Bijvoorbeeld: kun je een bepaald soort techniek in een andere vorm gieten voor meisjes dan voor jongens? Dat kan ik mijn ogen prima in dezelfde klas- en schoolsetting. We moeten dan wel in gesprek gaan met meisjes om te achterhalen waar hun specifieke interesses liggen, maar ook met jongens. Ik zie ook jongens in de techniek die een ander soort opdracht veel interessanter zouden vinden dan ze nu soms krijgen. Het gaat er dus om hoe je veel meer kijkt naar hoe je binnen je lessen voor zowel jongens als meisjes gedifferentieerd aandacht aan techniek kunt besteden. Uiteraard moet je hen dan als basis wel alle technieken leren, want daarmee komen ze ook in aanraking als ze met techniek verder gaan. Daarbij hoort ook dat we jongens en meisjes een eerlijk beeld schetsen van wat ze tegen gaan komen als ze kiezen voor techniek. Want ook in die sector kun je niet altijd alleen maar doen wat je leuk vindt.” Technische zelfredzaamheid voor iedereen Tot slot houdt Selma een pleidooi voor het iedereen aanleren van basale technische vaardigheden: “Die technische zelfredzaamheid vind ik heel belangrijk, voor meiden én jongens. Van het zelf een gat in een muur kunnen boren tot en met het plakken van een band en meubels in elkaar zetten. Kun je dat allemaal zelf? Dan ben je meer zelfredzaam en minder afhankelijk van anderen, ook al heb je niet voor een technisch beroep gekozen.” Selma beschikt zelf ook over die vaardigheden: “Ik heb audiovisuele technieken gestudeerd en les gegeven in grafimedia en ict. In mijn studie handvaardigheid heb ik veel met hout en metaal gewerkt. Ook zat ik voor mijn werk in de technische secties. Onlangs heb ik voor mijn zoon nog een bed ontworpen en gemaakt met de toepassing van steigerpijpen. Ik ervaar dus zelf hoe fijn het is om over die technische vaardigheden te beschikken.” MENU
- Leerlingen BWI oriënteren zich bij Schildersvakopleiding Techniekhuis
a2c565ef-1814-41bc-8ce6-8a62c016fb33 Leerlingen BWI oriënteren zich bij Schildersvakopleiding Techniekhuis Het Alma College pakt de beroepenoriëntatie voor Bouwen, Wonen en Interieur (BWI) super praktisch op met keuzevakken en bezocht met negen leerlingen BWI recent de Schildersvakopleiding in het Hengelose Techniekhuis. BWI docenten Simon Damink en Hans de Groot: “Het zijn derdejaars leerlingen. Met dit soort bezoeken geven we hen een zo breed mogelijk beeld mee en maken zij hun vervolgkeuze voor het mbo weloverwogen.” Ook technologie in schildersvak In het derde leerjaar volgen de leerlingen vier modules voor BWI. Simon: “Bij elke module willen we hen kennis laten maken met de bijhorende vervolgopleiding. De Schildersvakopleiding is er daar één van. De leerlingen klas 3 komen in de BWI-module design en decoratie bij de Schildersvakopleiding zodat zij zich oriënteren of zij dit in de keuzevakken een vervolg willen geven. Ze kunnen bij ons dan twee keuzevakken in het schilderen kiezen.” Techniek en technologie lijken misschien niet zo heel prominent aanwezig in het schildersvak, maar spelen daarin wel degelijk een rol. Voorbeelden zijn de opmars van hoogwerkers om veilig te schilderen en elektronische meetapparatuur om bijvoorbeeld het vochtigheidsgehalte van hout te meten. Of denk aan steeds meer geavanceerde voorbewerkings- en afwerkingsapparatuur. Aan de slag! De negen leerlingen BWI kregen een rondleiding en volop uitleg over hoe de mbo-opleiding voor de Schildersvakopleiding in elkaar steekt. Simon: “Uiteraard gingen ze ook aan de slag! In dit geval met decoratieve technieken zoals sponstechnieken. Dit maakt onderdeel uit van de BWI profielmodule Design & Decoratie.” Simon en Hans zagen ter plekke dat de leerlingen een nieuwe en interessante ervaring opdeden met het schildersvak: “Eenmaal terug op school hebben we daarop voortgeborduurd. Wat scheelt is dat we dankzij Sterk Techniekonderwijs Twente op het Alma College beschikken over onder andere moderne plotters. Daardoor kunnen wij een soort doorlopende ervaring creëren tussen wat de leerlingen buiten zien en wat er in onze school mogelijk is.” Meer uitstroomrichtingen Ook voor de andere uitstroomrichtingen zijn er voor de BWI-leerlingen bezoeken mogelijk. Hans de Groot: “Voor de oriëntatie op de uitstroomrichting meubel maken gaan we met de BWI-leerlingen naar Van Keulen Interieuwbouw in Nijverdal. En voor het echte restauratietimmerwerk nemen we de leerlingen mee naar stichting RIBO in Hengelo. Voor het bouwtimmeren en daken- en kapconstructies zijn we welkom bij de Bouwmensen Almelo. We proberen elk keuzevak te koppelen aan een bezoek aan een bedrijf of bedrijfsvakschool in de regio.” Belangrijk voor netwerk Simons en Hans hadden dit keer het vervoer zelf geregeld: “Normaal hebben we hiervoor een busje en hebben we logistiek zelf in de hand. Dat maakt het organiseren van dit soort externe leermomenten een stuk gemakkelijker. Ook dit is mogelijk door Sterk Techniekonderwijs Twente. Overigens, Sterk Techniekonderwijs Twente gaat ook over docentenprofessionalisering. Heeft Simon in het licht van dat doel iets aan dit soort bezoeken? “Zeker! Je komt over-en-weer bij elkaar. Heel nuttig om als techniekdocent je externe netwerk in stand te houden.” En Hans? “Je raakt in gesprek met de mensen uit het werkveld bij een bedrijf of een bedrijfsvakschool. Je loopt een middag mee en ervaart hoe de instructeurs van de bedrijfsvakscholen lesgeven. Daar doe ik altijd nieuwe inzichten op die ik vervolgens weer mee kan nemen naar mijn eigen lessen.” MENU










