top of page

421 resultaten gevonden

  • Noordik Vroomshoop waardeert REMO als inhoudelijke partner voor het populaire Keuzevak Robotica

    3baef168-0a77-4a40-b74f-2b0533c6caa5 Noordik Vroomshoop waardeert REMO als inhoudelijke partner voor het populaire Keuzevak Robotica Vanuit STO Twente werkt Het Noordik Vroomshoop constructief samen met REMO in Rijssen. Drie groepen van acht derdejaars PIE-leerlingen gaan een aantal woensdagochtenden naar REMO voor het Keuzevak Robotica. Eric Raanhuis, Docent Produceren, Installeren en Energie en Kartrekker Sterk Techniekonderwijs: “Op dit vakgebied is REMO beter uitgerust met apparatuur en ondersteuning dan het Noordik Vroomshoop. Daarnaast kampen wij met personeelskrapte, waardoor deze samenwerking voor ons, en vooral ook voor de leerlingen, zeer waardevol is. Nieuw: Keuzevak Robotica Rudy Horck is coördinator VO & instroom bij REMO: “Naast de coördinerende taken geef ik ook ondersteuning bij de lessen en, indien nodig, geef ik de lessen zelf samen met een docent. REMO werkt al langer samen met het Noordik Vroomshoop, en dan speciaal op het terrein van de technische keuzevakken. Recent hebben we daar de samenwerking voor het Keuzevak Robotica aan toegevoegd.” Eric Raanhuis: “Noordik Vroomshoop heeft wel een technolab voor kennismaking met robotica maar niet de volgende stap naar industriële robotica. Er vertrok bij het Noordik Vroomshoop een instructeur voor dit type keuzevakken, en gelukkig kunnen wij dit nu inhoudelijk met REMO voor het Noordik Vroomshoop opvangen. Zij hebben de middelen, capaciteit en instructiemogelijkheden om onze leerlingen deze ervaring wel mee te geven.” Rudy regelt ‘t! Rudy regelt de organisatie voor het keuzevak, samen me de vmbo-school, en zorgt dat alles klaarstaat en wordt uitgevoerd zoals afgesproken. Sterker nog: Rudy haalt en brengt de leerlingen met vervoer van REMO. Eric Raanhuis: “Voor het Noordik Vroomshoop is dit een grote logistieke zorg minder.” De leerlingen van Het Noordik Vroomshoop komen ’s morgens. Er zijn 3 groepen van acht leerlingen, elke groep gaat vier keer naar REMO. REMO heeft vanuit haar vakexpertise een nuttige inbreng in wat zij de leerlingen in dit keuzevak leren. Rudy: “Uiteraard wel in goed overleg met het Noordik Vroomshoop. We laten de leerlingen concrete opdrachten uitvoeren, en geven daarvoor eerst gerichte instructie. Kortom, de optelsom van een stukje theorie, praktische uitleg en vervolgens zelf aan de slag gaan.” Momenteel ontdekken de leerlingen hoe zij een robot op basis van een eenvoudige programmering leren om blokjes van A naar B te bewegen en te stapelen. Rudy: “Het betreft hier specifiek een cobot, een eenarmige robot die steeds vaker in productieomgevingen in de maakindustrie ingezet wordt. De leerlingen leren dus technologie bedienen die zij terugzien in bijvoorbeeld maakbedrijven in hun eigen omgeving.” Eric Raanhuis: “Dat sluit precies aan bij de doelen van STO Twente.” Raakvlakken met belevingswereld PIE-leerlingen Rudy merkt dat het Keuzevak Robotica de PIE-leerlingen van het Noordik Vroomshoop erg aanspreekt: “We zien dat zaken als digitalisering, robots, cobots en geautomatiseerde besturing rechtstreeks hun interessesfeer raken. Met dit keuzevak spelen we in op dé actuele belevingswereld van de jeugd.” Deze groep leerlingen met deze interesse is momenteel ook het best vertegenwoordigd in het reguliere mbo-onderwijs binnen REMO, legt Rudy uit. Het keuzevak Robotica wordt volledig gegeven door docenten van REMO. Eric Raanhuis: “Dit haalt een stuk druk en planning weg bij het Noordik Vroomshoop zelf. Als ik de leerlingen vraag hoe zij het ervaren bij REMO reageren ze enthousiast. Ze gaan er met plezier naartoe. Ik denk dat ze op voorhand geen verwachtingen hebben, maar ze vinden het sowieso heel leuk om met moderne technologie aan de slag te gaan.” Advies aan geïnteresseerde vmbo-scholen Welk advies heeft Rudy voor andere vmbo-scholen binnen STO Twente die ook hun leerlingen het Keuzevak Robotica willen aanbieden? “Praat met ons en zet met REMO eerst goed op een rij wat je school precies wil met het Keuzevak Robotica. Uiteraard kunnen wij hier inhoudelijk in adviseren.” Naast de inhoud is ook de planning van het Keuzevak belangrijk, benadrukt Rudy: “REMO wil haar reguliere mbo-onderwijs uiteraard ook gewoon doorgang laten vinden. We hebben geen speciale dag beschikbaar om de agenda leeg te vegen voor een keuzevak. Maar in overleg is er altijd wel iets mogelijk, als we dit met de scholen maar tijdig inplannen.” Eric Raanhuis: “Goede communicatie helpt hierin enorm. Heb ik bijvoorbeeld met REMO gebeld? Dan mail ik daarna aan de betrokkenen een kort verslagje van de afspraken en acties. Door die aandacht voor de communicatie merk ik dat het samen inhoudelijk en organisatorisch optuigen van het keuzevak eigenlijk vanzelf gaat.” En als een keuzevak is afgerond bij REMO, zoals het Keuzevak Robotica? Rudy: “In overleg met de school is er altijd een goede afspraak te maken of we de leerlingen een bepaald certificaat meegeven.” MENU

  • Technolab Enschede maakt switch naar vraaggestuurd aanbod voor PO

    a3488a13-0891-4ba3-9c42-c8cf9126f9fb Technolab Enschede maakt switch naar vraaggestuurd aanbod voor PO Het Technolab in Enschede verwelkomde een nieuwe beheerder. Zijn naam is Stephan van Gool. Ook voerde het Technolab een koerswijziging door. Voortaan werkt het Technolab vraaggestuurd samen met het PO en externe experts, en niet langer aanbod gestuurd. Een van de professionals die vanuit het onderwijs betrokken is bij deze ontwikkeling, is Sanne Bouwhuis. Zij is leerkracht van groep 5 op basisschool De Regenboog in Enschede en daarnaast W&T-coördinator. Vanuit haar rol als W&T coördinator is Sanne lid van de werkgroep PO/VO van STO Twente. Volgens Sanne begint goed techniekonderwijs bij verwondering: “Alles begint bij de nieuwsgierigheid van je leerlingen, en het Technolab kan daar een praktisch vervolg aan geven.” Gezamenlijke werkgroep PO en Technolab Deze nieuwe aanpak is één van de resultaten van de veel nauwere band die recent is opgebouwd vanuit een gezamenlijke werkgroep van het Enschedese PO en het Technolab van de STO-subregio Enschede. Op 21 januari hield deze werkgroep één van zijn meerdere bijeenkomsten voor het PO in het Technolab. Stephan: “Bedoeld om de nieuwe werkwijze uit te leggen, maar ook om de behoefte op het vlak van techniek en technologie te peilen bij het PO.” In 2025 werkte Stephan bij Tetem in Enschede, met haar focus op digitale cultuur en maakcultuur: “Een zeer waardevolle ervaring die ik nu ook kan inzetten. Daarvoor heb ik 15 jaar in het bedrijfsleven gewerkt onder andere bij Thales en Vredestein. In de periode daarvoor ben ik vanuit het bedrijfsleven als zij-instromer gestart in het VO als docent Techniek en Nask.” Koppeling tussen klaslokaal en Technolab Ook het Technolab in Enschede staat boordevol nieuwe technologie. Stephan: “Da’s mooi, maar we stappen af van het aanbieden van kant-en-klare opdrachten aan het PO gekoppeld aan een specifieke technologie. Ons Technolab gaat veel meer de koppeling maken met PO-onderwijs.” Sanne Bouwhuis: “Tijdens de bijeenkomst van 21 januari hebben we de PO-scholen meegenomen in het vraaggestuurd onderwijs. Scholen in het PO zijn steeds drukker bezig om het bedrijfsleven te koppelen aan thema’s waar je als leerkracht mee bezig bent in de klas. Zo ook binnen het onderzoekend en ontwerpend leren (OOL). Hier start je ook vanuit de nieuwsgierigheid van leerlingen. Met hun enthousiasme en vragen ga je aan de slag met de fasen van Onderzoekend en Ontwerpend Leren. We zien dat scholen steeds meer het OOL willen aansluiten op de belevingswereld van de leerlingen, zo ook bedrijven en organisaties uit de buurt van de leerlingen. Maar deze koppeling is voor leerkrachten soms lastig om te maken. Helemaal wanneer het gaat om contacten leggen en het voorzien van materialen. Hier komt het Technolab bij om de hoek kijken. Onze samenwerking met het Technolab én het inmiddels aangehaakte bedrijfsleven begint eigenlijk in de klas. Onderzoekend en Ontwerpend Leren is opgebouwd uit fases. De fases van het onderzoek opzetten en het maken van schetsen kunnen we prima op school doen, maar voor het daadwerkelijk uitvoeren lopen de leerkrachten geregeld tegen een praktisch struikelblok aan.” Uitleg vraaggestuurde aanpak Ook het Technolab in Enschede beschikt over een breed scala aan nieuwe technologieën. “Dat is mooi,” zegt Stephan van Gool, “maar we stappen af van het automatisch aanbieden van kant-en-klare opdrachten aan het primair onderwijs, gekoppeld aan één specifieke technologie. Het Technolab gaat werken vanuit de inhoudelijke koppeling met het PO en hun wensen.” Die benadering sluit goed aan bij ontwikkelingen in het primair onderwijs, ziet Sanne Bouwhuis. Zij was onder meer betrokken bij de bijeenkomst van 21 januari, waarin PO-scholen zijn meegenomen in deze manier van werken. “Scholen in het primair onderwijs zijn steeds actiever bezig om het bedrijfsleven te koppelen aan thema’s die in de klas spelen,” vertelt Sanne. “Dat zie je ook terug binnen OOL. Je start vanuit de nieuwsgierigheid van leerlingen: hun vragen en enthousiasme vormen het vertrekpunt om aan de slag te gaan met de verschillende fases van dit leerproces.” Daadwerkelijke uitvoering ideeën Scholen proberen het onderzoekend en ontwerpend leren steeds meer te verbinden met de belevingswereld van leerlingen, bijvoorbeeld door samen te werken met bedrijven en organisaties uit hun eigen omgeving. “Die koppeling is voor leerkrachten alleen niet altijd eenvoudig,” legt Sanne uit. “Zeker niet als het gaat om het leggen van contacten, het regelen van materialen of het inzetten van de juiste technische kennis. Veel technische toepassingen en machines zijn simpelweg niet beschikbaar op school, of vragen om specialistische expertise. Het Technolab kan hierin ondersteunen door zowel de technische faciliteiten als de vakinhoudelijke begeleiding te bieden, zodat ideeën uit de klas daadwerkelijk uitgevoerd kunnen worden.” Last wegnemen bij leerkrachten Sanne geeft een concreet voorbeeld: “Schateiland is een PO-school die de pilot voor vraaggestuurd onderwijs in relatie tot het Technolab heeft uitgevoerd, ik was daar ook bij betrokken als W&T coördinator. De groepen 7 (er zijn 3 groepen 7 geweest) van Schateiland kwamen op de proppen met het thema ‘Stoom’. Uiteraard kun je daarover in de klas heel veel vertellen. Maar op een gegeven moment moeten de leerlingen vanuit OOL daadwerkelijk fysiek iets gaan onderzoeken over stoom. In samenwerking met de school is het Technolab hierin betrokken met als insteek Stoom en de werking daarvan concreet te maken in het Technolab.” Stephan nodigde vervolgens iemand uit om daadwerkelijk een stoommachine en zijn werking te laten zien aan de leerlingen, in de rol van expert. Stephan: “Met de nieuwe vraaggestuurde aanpak en samenwerking willen we meer de last voor de concrete uitvoering bij de leerkracht wegnemen. Voor die fase van het OOL kunnen de PO-scholen in Enschede en omgeving dus voortaan een beroep doen op ons Technolab. Wij kunnen daar experts van buitenaf bij betrekken als dat nodig is, en de praktische uitvoering voorzien van maatwerk.” Ook samenwerking binnen thema ‘Architect van je eigen huis’ Sanne noemt nog een voorbeeld van vraaggestuurde samenwerking: “Op de Regenboog hebben we nu in groep 7 en 8 het thema ‘Architect van je eigen stuk land’. Leerlingen ontwerpen daarin een eigen huis en gaan uiteindelijk ook aan de slag met het realiseren van dat ontwerp. Dat laatste is in de klas alleen lastig te organiseren. Met een grote groep leerlingen, een beperkte ruimte en het werken met materialen en gereedschappen zoals zagen, loop je al snel tegen praktische en veiligheidsgrenzen aan. Juist dan is het waardevol om de expertise, faciliteiten en begeleiding van het Technolab in te schakelen, zodat leerlingen hun ontwerp op een veilige en realistische manier kunnen uitvoeren.” Precies op dat punt kan het Technolab het verschil maken, vult Stephan van Gool aan. “PO-scholen kunnen zulke vragen dus rechtstreeks bij het Technolab in Enschede neerleggen. Wij ondersteunen vervolgens bij de praktische uitvoering, bijvoorbeeld in het Technolab zelf of in onze aanpalende techniekruimte. Soms past een externe locatie beter bij de vraag, zoals een werkplaats waar met stoom wordt gewerkt of een techniekmuseum. Als er elders een geschiktere plek is, dan is dat altijd bespreekbaar. De uitvoering kan dan onder onze begeleiding plaatsvinden.” Altijd een maatwerk-afweging Sanne: “Het voorwerk voor het thema doen de leerkrachten dus in de klas, samen met de leerlingen. Zoals bij het thema ‘Architect van je eigen stuk land’: welke eisen gelden er voor je eigen huis? Waar plan je de stopcontacten en meer? Vervolgens maken ze dit voor de leerlingen concreet met de ondersteuning van het Technolab. Kortom, zij spelen praktisch in op onze vraag.” Uiteraard speelt de technologie die het Technolab nu biedt nog steeds een rol. Stephan: “Die staat er niet voor niets. We zullen altijd eerst nagaan of de bestaande technologie de PO-scholen kan helpen om de praktische opdracht te realiseren.” Stephan haakt nog even praktisch aan bij het thema ‘Architect van je eigen huis’: “In ons Technolab hebben we Tinkercad en dat is geknipt voor de leerlingen van dit project. Vervolgens kunnen ze dit bij ons in het klein printen met een 3D printer.” Sanne: “Als leerkracht ben je niet altijd bewust bezig met dit soort technieken. Juist deze inspiratie vanuit Stephan en het Technolab is heel waardevol en we vullen elkaar hierin goed aan.” Aansluiting op nieuwe kerndoelen Mens & Natuur Sanne stipt de nieuwe kerndoelen aan die voor Mens & Natuur zijn vrijgegeven: “Die kerndoelen gaan veel over het maken van technische constructies en het werken met bepaalde materialen. Dat soort specifieke activiteiten zijn gewoonweg lastig om in je eigen klaslokaal te realiseren. Tegelijkertijd moet je als leerkracht wel aan die nieuwe kerndoelen voldoen. Dus met ook díe vragen kan het PO de hulp inschakelen van het Technolab in Enschede. Daarbij zou het natuurlijk optimaal zijn als dit aansluit op het thema waarmee je in de klas bezig bent. Ook geeft ons dit nu de gelegenheid om leskaarten te ontwikkelen die focussen op het aanleren door de leerlingen van bepaalde technieken en technologie, samen met het Technolab.” Stephan: “Het Technolab biedt veel ervaring en creativiteit en wij beschikken over genoeg technisch inzicht om de PO-scholen hierin te ondersteunen. Neem een brug bouwen met de leerlingen. Dat kan eenvoudig met bijvoorbeeld spaghetti of papier. Vanuit het Technolab weten wij redelijk handige alternatieven te bedenken die voor een leerkracht wellicht lastiger zijn om uit te voeren in het eigen klaslokaal.” Mooie rol voor experts uit de praktijk En de rol van het bedrijfsleven? Stephan: “Die kun je vooral nu nog zien als een expert die we inschakelen en die de PO-leerlingen laat kennismaken met een beroep in samenhang met het thema. Neem het thema ‘Stoom’, dat we eerder noemden. Daar hebben we voor de leerlingen een expert in het bouwen van stoommachines voor ingevlogen.” Sanne: “Voor ons thema ‘Dierentuin’ kwam een dierenarts op bezoek die de leerlingen veel heeft uitgelegd over dierenverzorging en tegelijkertijd ook een stukje beroepsbeeld gaf.” Advies voor PO-scholen: begin bij de nieuwsgierigheid van leerlingen Volgens Sanne begint vraaggestuurd werken altijd in de klas. “Je start met een thema dat echt aansluit bij de belevingswereld van je leerlingen. Een onderwerp dat hen raakt, verrast en vragen oproept. Juist die nieuwsgierigheid is de motor van vraaggestuurd werken. Als leerlingen zelf willen weten hoe iets zit, zijn ze gemotiveerder, denken ze dieper na en nemen ze meer eigenaarschap over hun leerproces. Dat is waar het om draait.” Ze illustreert dit met een voorbeeld uit haar eigen praktijk. “Op dit moment werken we met het thema ‘Op wereldsafari’ . We verkennen samen verschillende landen en elk groepje kiest een land waar zij zelf nieuwsgierig naar zijn. Vanuit die nieuwsgierigheid ontstaan vanzelf technische vragen: hoe worden huizen daar gebouwd, waarom kiezen mensen voor bepaalde vormen of materialen en hoe zorg je dat een huis stevig blijft of beschermd is tegen hitte en regen? Dat zijn vragen die uitnodigen tot ontwerpen en onderzoeken.” Daarna ligt de stap naar het Technolab voor de hand, legt Sanne uit. “Wanneer je samen met je leerlingen tot een concrete, behapbare en realistische ontwerp- of onderzoeksvraag bent gekomen, kun je de aansluiting zoeken met het Technolab in Enschede. In het Technolab beschikken we over de juiste materialen, gereedschappen en technische expertise om ideeën ook echt te realiseren. Leerlingen kunnen daar bijvoorbeeld werken met hout, constructiematerialen of digitale ontwerptools. Zo wordt een ontwerp niet alleen een tekening op papier, maar een tastbaar en technisch onderbouwd eindproduct.” Sanne benadrukt het belang van de houding van de leerkracht. “Neem een open en enthousiaste houding aan waarin alle vragen van leerlingen ertoe doen. Als leerlingen zich serieus genomen voelen, durven ze groter te denken. En precies dát maakt vraaggestuurd werken zo krachtig.” Ook samenwerking met onderbouw vmbo verdiepen Tot slot maakt Stephan een belangrijke opmerking: “We hebben het nu, en terecht, veel over de samenwerking met het PO. Maar we gaan ook, samen met de docenten van de onderbouw op onze eigen vmbo-scholen de samenwerking verdiepen. Het Technolab wil initiatieven ontwikkelen die de docenten beter in het Technolab kunnen uitvoeren dan in hun eigenlijke les, van PIE en BWI tot en met ook vakken als wiskunde en meer. We gaan die samenwerking breed aan.” MENU

  • Experiment PIE BWI: de stand van zaken

    99c5f6f9-a983-4e26-8e3c-5fc955d7e63b Experiment PIE BWI: de stand van zaken Het vmbo is volop in beweging en landelijk experimenteert een aantal vmbo-scholen momenteel onder leiding van OCW met nieuwe vormen en inhoud van het onderwijs zoals het huidige experiment PIE/BWI. Wat betekent specifiek dit experiment voor leerlingen en scholen en welke inzichten leveren ze op voor het technisch vmbo? Graag vat de nieuwsbrief van STO Twente de belangrijkste conclusies samen uit het STO-webinar ‘Doorontwikkeling van het vmbo’ op 28 januari. De belangrijkste conclusie? De leerling krijgt nog meer ruimte voor eigen keuzes en sluit beter aan bij het regionale beroepenveld. Betere aansluiting, meer motivatie Het experiment PIE/BWI is een initiatief van het ministerie van OCW waarbij landelijk zo'n 25 vmbo-scholen de profielen Produceren, Installeren en Energie (PIE) en Bouwen, Wonen en Interieur (BWI) combineren. Leerlingen volgen twee profielmodules met keuze uit zes keuzevakken uit beide richtingen, door de scholen zelf samengesteld. Het geeft hen de ruimte om het beroepsgerichte programma in te vullen, passend bij de regio en de school. Het centraal schriftelijk en praktisch examen (cspe) vervalt, en de leerlingen sluiten af met schoolexamens die de scholen zelf samenstellen. Het doel? Onderzoeken of een minder rigide en meer flexibel programma de aansluiting op vervolgopleidingen (mbo) en de motivatie van leerlingen verbetert. De inzet is om de leerlingen zeer divers maatwerk te leveren, aansluitend op de specifieke uitdagingen van hun regionale arbeidsmarkt. Flexibiliteit Scholen hebben meer ruimte om een eigen programma samen te stellen, waarbij de focus ligt op het behouden van kwaliteit en het verhogen van de motivatie van leerlingen. Leerlingen kunnen afwijken van de standaardprogramma's door zelf keuzes te maken uit profieldelen en keuzevakken. Het proces wordt nauwlettend gevolgd om ervaringen te verzamelen voor de toekomst van vmbo-programma's. Ervaringen van de aan het experiment deelnemende vmbo-scholen: · De leerlingen en ouders begrijpen het systeem PIE/BWI en zien er de flexibele mogelijkheden van in. · Het geeft leerlingen langer de kans om in leerjaar 3 bredere ervaringen op te doen voor hun uiteindelijke keuze. · Voor de leerlingen ontstaan betere routes om goed aan te sluiten op de omgeving. · De druk van het cspe is er niet in dit experiment; de daardoor in leerjaar 4 ontstane tijd en ruimte is bruikbaar om de leerlingen nog beter te laten aansluiten op de MBO-opleidingen. · Er komt in examentijd veel minder capaciteitsdruk op de BWI- en PIE-lokalen. Dit geeft de deelnemende scholen gemiddeld acht weken extra tijd om te verbreden en te verdiepen in de zes keuzevakken. · Door de combi PIE/BWI is er makkelijker te schakelen met de beschikbare docenten. · De stagebedrijven die deelnemen aan STO begrijpen de voordelen en passen hier hun inzet vrij gemakkelijk en flexibel aan. Speciale eisen aan eindoordeel? Maar hoe organiseren de scholen hun eindoordeel van de leerlingen op basis van de twee moduleprofielen? Hoe valideer je dat? BWI en PIE raken bij de deelnemende scholen steeds meer verweven, ook met de betrokken bedrijven. De laatste groep kun je ook laten meekijken bij een afsluitende proeve van bekwaamheid, het proces en het eindproduct met cijfers helpen beoordelen. Kortom, als vervanger van het cspe moet je als school wel een centrale, inhoudelijke afsluiting borgen, met de juiste impact door de leerlingen en omgeving. Kortom, leerlingen die deelnemen aan het experiment doen geen cspe in het beroepsgerichte programma. Echter, de lat waarover ze moeten springen ligt zeker niet lager dan bij scholen die niet meedoen met het experiment. Wat is exact de meerwaarde? Nu hebben de vmboscholen die niet meedoen aan het experiment nog steeds de vier profielmodulen en kunnen met de keuzevakken cross-overs maken. Met andere woorden: biedt het huidige systeem niet al genoeg ruimte? De aan het experiment deelnemende vmbo-scholen zijn echter duidelijk over de meerwaarde van het experiment PIE/BWI. Het gaat niet over versmallen, maar verbreding waar dit kan én specialisatie waar de leerling dit echt wenst. De leerling krijgt nog meer ruimte voor eigen talenten, interesses en keuzes, is de conclusie van de deelnemende vmbo-scholen. Vervolg Vanwege positieve ervaringen wordt het experiment met flexibele profielen uitgebreid naar andere sectoren onder andere HBR/Z&W. MENU

  • STO-partner REMO West-Twente ontvangt steeds meer vmbo-leerlingen

    b235b580-889a-494a-94b5-9d81e7dbf72f STO-partner REMO West-Twente ontvangt steeds meer vmbo-leerlingen REMO West-Twente in Rijssen werkt samen met ROC van Twente en biedt technische BBL-opleidingen op mbo-niveau 2, 3 en 4 aan. Variërend van opleidingen Mechatronica en Metaalbewerken tot en met Duurzame installaties. REMO West-Twente is van meet af aan een sterke samenwerkingspartner van STO Twente. Hoog tijd voor een tussenbalans. Anniek van Buren werkt als marketingadviseur voor REMO West-Twente: “Het souterrain van REMO West-Twente gaan we compleet inrichten als PIE-lokaal. En straks, in ons Experience Center, gaan we leerlingen interactief inspireren om voor techniek en technologie te kiezen.” Sterke samenwerking REMO West-Twente werkt binnen de subregio Rijssen- Holten vooral nauw samen met de vmbo-afdelingen van CSG Reggesteyn in Rijssen en Nijverdal, OSG De Waerdenborch in Goor en Holten en Jacobus Fruytier Scholengemeenschap in Rijssen. Anniek: “Samen maken we ons sterk om techniek nog meer te promoten bij de vmbo-leerlingen. Dat start met leerlingen nog beter meegeven wat techniek en technologie precies zijn én welke mogelijkheden daarbinnen voor hen liggen. We merken dat Sterk Techniekonderwijs Twente een enorme impuls heeft gegeven aan het onderling nog verder aantrekken van de banden.” Techniekconcentratie in Kampus Rijssen REMO West-Twente is inmiddels compleet gehuisvest in Kampus Rijssen. Anniek: “De verbouwing is nog niet helemaal afgerond, maar Kampus Rijssen wordt dé plek voor innovatief vakmanschap in Twente, met vooral een groot accent op techniek. Ook zijn hier Bouwmensen Rijssen en ROC van Twente gehuisvest. Daarnaast werken we vanuit Kampus Rijssen ook intensief samen met onderwijspartners OT&L en InfraVak.” Compleet ingericht PIE-lokaal Goed nieuws is dat het souterrain van REMO West-Twente compleet wordt ingericht als PIE-lokaal: “CSG Reggesteyn is één van de partners die hier sowieso gebruik van gaat maken. De vmbo-leerlingen Techniek van deze STO-school gaan hier hun volledige opleiding volgen. Ook gaan we SG De Waerdenborch en Jacobus Fruytier Scholengemeenschap uitnodigen hier met hun techniekleerlingen projecten uit te voeren.” Inmiddels al tal van samenwerkingen vmbo-mbo “We nodigen nú al leerlingen uit”, benadrukt Anniek: “Verleden jaar bijvoorbeeld hebben vier vmbo-leerlingen van CSG Reggesteyn en OSG De Waerdenborch bij REMO West-Twente meegedraaid in een pilot voor het leren verspanen en een opdracht op dat specifieke terrein uitgevoerd. Bemoedigend is dat we vervolgens zagen dat drie van deze leerlingen na het vmbo daadwerkelijk is doorgestroomd naar de opleiding verspanen. Vorig schooljaar hadden we geen instroom voor verspanen en nu vijf leerlingen. Die leerlingen gaven aan dat zij door de eerdere kennismaking met verspanen daar enorm enthousiast van werden. We zien dus echt de positieve gevolgen van STO Twente!” Stimulerende verdieping voor vooroplopende leerlingen Anniek: “Van De Waerdenborch hebben we tien leerlingen, verspreid over een aantal weken op bezoek gehad waarin zij, samen met onze docenten, werkten aan het bouwen van een step. Bedoeld om hen nóg meer uit te dagen in het metaalvak. Docenten willen hen dan iets extra’s bieden en vragen ons of zij bij REMO West-Twente kunnen meelopen. Daar staan wij graag voor open. Wij hebben hier alle faciliteiten om dit soort leerlingen nog meer uit te dagen en verdiepend te laten kennismaken met metaal bewerken. Zoals bijvoorbeeld het bouwen van een grote en robuuste step. En wat zo leuk is: eenmaal af hebben deze leerlingen hun projectstep geschonken aan én gepresenteerd op hun voormalige basisscholen. De leerlingen en leerkrachten daar krijgen zo in één moeite door mee hoe leuk en interessant techniek kan zijn.” Digitaal inspireren in Experience Center Ook interessant voor de vmbo-leerlingen is de komst en verdere invulling van een uitdagend Experience Center in Kampus. Anniek: “Hier willen we vooral vanuit allerlei digitale mogelijkheden een inspirerende interactie op gang brengen tussen leerlingen uit het vmbo en Kampus. Alles is hier in principe mogelijk, zoals Virtual Reality. De insteek is dat we de leerlingen eerst interactief laten kennismaken met techniek en technologie en hen vervolgens in het PIE-lokaal écht aan de slag laten gaan. Kortom, het Experience Center is meer digitaal en het PIE-lokaal meer fysiek gericht, zoals lassen en installaties aanleggen. We overleggen nu nauw met alle bij Kampus betrokken partners welke digitale interactiviteit het beste de interesse kan opwekken.” Van belang: basismotivatie voor techniek Tot slot heeft Anniek een suggestie: “Het risico met al onze mogelijkheden, ook digitaal en dergelijke, is dat we door leerlingen vooral gezien worden als vermaak. We zien dat we de beste resultaten met vmbo-leerlingen bereiken, als zij in de basis gemotiveerd zijn voor techniek en willen ontdekken wat daarin voor hen allemaal mogelijk is. Dat zij nog niet exact weten welke techniekrichting zij willen volgen, dat begrijpen we heel goed; ze zijn nog erg jong. Maar hoe beter de vo-scholen hun vmbo-leerlingen selecteren op hun daadwerkelijke interesse, hoe beter REMO West-Twente die vlam bij hen kan ontsteken.” MENU

  • 15-jarige Fabian gegrepen door keuzevak Verspaningstechniek

    ab42e63d-6d86-4dfd-b1dc-5ba9c1221643 15-jarige Fabian gegrepen door keuzevak Verspaningstechniek Fabian is één van de vijf leerlingen uit de eerste groep die vanaf april 2021 het keuzevak Verspaningstechniek volgden bij VDL ETG Almelo. Hij is 15 jaar en zit in het vierde jaar vmbo Basis op het Almelose Erasmus: “Mijn docent vroeg of ik mee wilde doen met dit nieuwe keuzevak. Ik dacht: waarom niet? Op school was ik niet echt goed met elektrotechniek. Maar toen introduceerde mijn docent mij in de wereld van metaal en dat vond ik vanaf het allereerste moment meteen geweldig.” “Het sprak mij aan om in een techniekbedrijf nieuwe dingen te leren. Wel dacht ik eerst dat het saai zou zijn, maar al snel vond ik het zó leuk dat ik besloot er verder mee te gaan. Wat mij het meeste aansprak? Echt met de machines van VDL ETG Almelo aan de slag gaan. Rekenen vind ik leuk, en dat is belangrijk in dit werk. Maar met mijn handen werken vind ik ook fantastisch. In metaalbewerking doe je beide. De praktijkbegeleider Kevin van de Worp heeft alles heel goed uitgelegd en voorgedaan. Daarna mocht je zelf aan de slag met metaalbewerkingen. Die manier van leren sprak mij aan. Ook mooi vind ik de twee rondleidingen die ik door het bedrijf heb gehad. Die geven je een goed beeld van waar je eigenlijk bent en wat ze daar doen.” Gemotiveerd door als BBL’er Het is nu het plan dat Fabian volgend schooljaar als BBL’er doorgaat bij VDL ETG Almelo: “Het vak van metaalbewerking vind ik echt geweldig, vooral omdat ik in de praktijk kon zien en zelf beleven wat het betekent. Ik ga als BBL’er leren bij het bedrijf én ik ga naar de bedrijfsvakschool SMEOT. En als ik klaar ben? Dan wil ik heel graag bij VDL ETG Almelo blijven werken!” MENU

  • Profiel PIE van CSG Reggesteyn vliegt samenwerking met bedrijven structureel aan

    b03dd989-b980-439c-ba02-1cc2ae82b055 Profiel PIE van CSG Reggesteyn vliegt samenwerking met bedrijven structureel aan De afdeling PIE van CSG Reggesteyn is gehuisvest in Kampus Rijssen. Ton Schelfhorst en Patrick de Kleijn zetten hier alles-op-alles om een succes te maken van het profiel PIE. Een belangrijk facet hierin is de nauwe en duurzame samenwerking met de omliggende techniekbedrijven: “Wij leren van de bedrijven en de bedrijven leren van ons. Alleen dan koers je op een duurzame samenwerking”, aldus de gedreven Ton en Patrick. Ton Schelfhorst: “We hebben regelmatig wilde ideeën voor een samenwerking en benaderen hiermee de bij STO aangesloten bedrijven. We hebben inmiddels een soort kernteam van bedrijven waarmee we goed en intensief samenwerken. Het gaat ons om een goede en duurzame relatie en niet af en toe een ad hoc project. Zo geven bijvoorbeeld de professionals van DomotiFactory een viertal gastlessen bij ons over slimme technologie. Ook zijn we met Aqua+ bezig om een project bij ons neer te zetten.” Patrick: “We koersen op maximaal twee bedrijfsprojecten per jaar, dan blijft het behapbaar.” Goede samenwerking met Van de Brink Staalbouw Nijverdal Ook noemt Ton graag de al jarenlang goede samenwerking met Van de Brink Staalbouw Nijverdal. Ton: “Elk jaar realiseren we samen een project. Eerder maakten onze PIE-leerlingen samen met dit bedrijf bijvoorbeeld een kleine kraanwagen. En momenteel helpt Van den Brink Staalbouw ons met de materialen en tekeningen voor een ijscokar. Twee van hun medewerkers begeleiden onze gemotiveerde leerlingen PIE bij het realiseren van deze ijscokar, uiteraard ook onder de begeleiding van ons als docenten.” Alle begeleiding Via internet is een oud onderstel van een bakfiets aangeschaft. Patrick: “Onze PIE-leerlingen haalden die uit elkaar en bouwen dit onderstel stapsgewijs om naar een gloednieuwe ijscokar. Hiervoor is het nodig dat zij de constructie verzwaren. Van den Brink Staalbouw levert alle materialen en de leerlingen leren van tekening lezen door de perfecte voorbereiding vanuit het bedrijf. Zij hebben het project volledig voor onze leerlingen voorbereid en in ruil maken wij een ijscokar.” Ton: “De leerlingen krijgen eerst een bedrijfsbezoek zodat zij zich een goed beeld kunnen vormen van hun nieuwe samenwerkingspartner.” Werkwijze bedrijf in het klein Het enthousiasme onder de PIE-leerlingen voor dit project is gigantisch, bij de start van de les vliegen ze erop, benadrukken Patrick en Ton: “Het is een metalen constructie en met de materialen en bijbehorende specifieke manier van assembleren van profielen leren de leerlingen direct ook de manier van construeren zoals Van den Brink die zelf ook toepast in haar levensgrote bouwconstructies, maar dan uiteraard in het klein. Daarmee heeft de ijscokar straks ook een representatieve waarde voor het bedrijf.” Uiteraard werken de leerlingen met circulaire materialen, een extra leerpunt!” Handig: gezamenlijke app De leerlingen uit leerjaar 3 zijn ingedeeld in een team met ook een projectleider. Zij leren daardoor in één moeite door projectmatig werken. Patrick: “We hebben een gezamenlijke app voor dit ijscokar project met daarin ook de twee medewerkers van Van den Brink . Dat helpt enorm. De leerlingen ontdekken gaandeweg hoe belangrijk het is om correct met alle betrokken geledingen binnen het deelnemende bedrijf te communiceren.” De medewerkers komen regelmatig langs om materialen te brengen, de voortgang te monitoren en vragen van de leerlingen te beantwoorden. “Hun inzet is fantastisch”, benadrukken Ton en Patrick. Afspraken leren nakomen De lijntjes met het bedrijf zijn heel kort. Patrick: “Van den Brink zit overal strak in. Ze leveren op tijd en komen alle afspraken na, ook in dit ijscokar project. Voor onze PIE-leerlingen is dat heel leerzaam, want op hun beurt leren zij nu hoe belangrijk het is dat zij ook hun afspraken nakomen richting het bedrijf.” Het project kent diverse oplevermomenten en tijdens een recente open dag is het project zoals het op dát moment klaar was getoond aan de bezoekers. In dit licht benadrukt Patrick graag het volgende: “Nu maken de leerlingen vooral nog promotiematerialen in de bedrijfsprojecten. We willen ernaartoe dat de projecten ook eindproducten opleveren die daadwerkelijk inzetbaar zijn in onze onderwijslocaties.” Van belang: goede afspraken maken Patrick benadrukt hoe belangrijk het is om goede afspraken te maken als je als vmbo samenwerkt met een technisch bedrijf: “Het project is uiteindelijk van Van den Brink Staalbouw. Zij gaan het eindresultaat gebruiken voor bijvoorbeeld hun feestelijke events. Op onze beurt mogen wij straks desgewenst de kant-en-klare ijscokar inzetten voor promotie, zoals tijdens onze open dagen en dergelijke.” Ook van belang: alle werkzaamheden die de PIE-leerlingen voor de ijscokar moeten verrichten dekken alle vereisten en leerdoelen voor het aanstaande examen meer dan voldoende af. Inmiddels is ook een PIE-project gestart met het bedrijf Severfield Steel Construction uit Rijssen. Hiermee gaan de PIE-leerlingen een ingenieuze stokkenvanger maken waarover later meer! Enthousiaste reactie leerlingen Jan, Arefin en Mees doen mee in het team voor de bouw van de ijscokar. Mees: “Een heel gaaf project, we zijn écht iets aan het doen met onze handen. Iets totaal anders dan de hele dag achter de computer zitten.” Jan: “Ik leer in dit project ontdekken wat ik wel en niet kan. Het is veelzijdig werk, zoals bouten en moertjes vastzetten, lassen en aftekenen.” Mees: “Ook hebben we veel geleerd over samenwerken. Je leert elkaar aanspreken op dingen die misschien beter kunnen.” Arefin: “Het is heel leuk om mee te mogen werken met zo’n groot project dat ook echt ánders is. Een ijscokar maken is een mooie uitdaging. We werken er lang aan en straks is het klaar, dat vind ik geweldig.” Arefin wil later onderwaterlasser worden. Jan wil graag de grond-, weg- en waterbouw in: “Dan heb ik toch alvast bij PIE en in dit project een stukje kennis en inzicht over metaal meegenomen.” MENU

  • Girls’ Day activeert twee belangrijke doelen STO Twente

    9c300c94-4f95-4636-be7c-3f0b19872810 Girls’ Day activeert twee belangrijke doelen STO Twente Meisjes in de techniek zijn onmisbaar! Doekle Terpstra van Techniek Nederland benadrukte dit door recent te stellen dat zij cruciaal zijn om het tekort aan instroom op te vangen. De jaarlijkse Girls’ Day zet dit doel van STO Twente kracht bij. Meerwaarde STO Girls’ Day raakt maar liefst twee kernactiviteiten van STO Twente: oriëntatie op technologie en beeldvorming & beroepsoriëntatie. Dit jaar digitaal door corona, maar het enthousiasme en de inzet waren er niet minder om. Wendy Pereira-Smit is docent en coördinator Bèta Challenge Programma bij Bonhoeffer College Geesinkweg in Enschede. Dit jaar werd er op haar school wederom deelgenomen aan Girls’ Day. Dit is een landelijke en jaarlijks terugkerende activiteit van VHTO Expertisecentrum genderdiversiteit in bèta, techniek en IT: “Normaal gesproken gaan de meisjes naar de deelnemende bedrijven toe, gaan aan de slag met activiteiten én ontmoeten, als het kan, een vrouwelijk rolmodel. Maar door corona verliep dit nu online. Digitaal namen alle meisjes uit klas 1 en 2 (GTL) deel. Zij namen een kijkje bij een aantal eveneens enthousiaste techniekbedrijven: Hiber, Groen & Aldenkamp, Turner & Townsend, Installatiewerk N-H, IVO Rechtspraak en de Luchtverkeersleiding Nederland (NVNL). Ook een opleidingsorganisatie nam deel: Techniekhuis Twente.” Onverwacht voordeel digitale aanpak Toch kwam er een onverwacht voordeeltje om de hoek kijken door de online-aanpak. Wendy: “Normaal gesproken gaan de meiden bij één bedrijf op bezoek. Maar omdat het nu digitaal verliep kwamen zij ineens in contact met maar liefst 7 techniekbedrijven, ook buiten de regio. Dat gaf deze Girls’ Day een bijzonder tintje.” Ook was de onderlinge variëteit aan bedrijven groot. “Met IVO Rechtspraak hadden we bijvoorbeeld een deelnemer die vanuit ICT regelt dat alles rondom rechtspraak digitaal veilig verloopt. En ook een organisatie als Luchtverkeersleiding Nederland (NVNL) gaf de meisjes een onverwacht perspectief op de mogelijkheden van techniek. Girls’ Day is heel belangrijk voor de loopbaanoriëntatie van meisjes.” Goede wisselwerking Wendy: “Na de landelijke aftrap namen de leerlingen deel aan online gastlessen met de bedrijven. Die hadden de bedrijven goed en aantrekkelijk voorbereid zoals met interactie in de vorm van een quiz. Deze gastlessen gaven een goed beeld van de beroepspraktijk en vooral hoe leuk het is om te werken in de technische en technologische sector en hoe belangrijk bèta, techniek en IT zijn voor de samenleving. Op hun beurt stelden de deelnemende meisjes tal van vragen.” Wendy is duidelijk: “Niet altijd vinden de meisjes de getoonde beroepen direct interessant, maar dat ze leren op een andere manier naar de mogelijkheden van techniek te kijken, vinden ze zonder uitzondering supertof. Vooral door corona dringt dit besef extra door, van de ontwikkeling van vaccins tot en met IT die het makkelijker maakt om thuis te werken en ook de beveiliging van video calls.” Dank aan VHTO & collega’s VHTO zorgt voor de landelijke coördinatie en bemiddelt tussen scholen en bedrijven zodat de juiste partijen in contact met elkaar komen. En zeker met dank aan de decaan en docenten van het Bonhoeffer College: “We hadden nu met meer bedrijven van doen en de decaan heeft gecoördineerd dat collega-docenten deze bedrijven digitaal hebben begeleid. Ook hebben we er een loopbaanoriëntatieopdracht (LOB) aan gekoppeld. Zodat de meisjes de ervaringen met Girls’ Day direct meenemen in zowel hun beeldvorming als concreet in hun dossier. De drempel om te gaan werken in een omgeving die als technisch gezien wordt, is bij deze meisjes verlaagd. Wij kijken alweer uit naar Girls’ Day 2022!” MENU

  • Toptrajectweek: toppers aan de slag met technologie

    c4e15cad-731a-4cb7-84da-5e5486772be9 Toptrajectweek: toppers aan de slag met technologie Toptraject is een doorlopende leerroute vmbo-mbo-hbo voor ambitieuze en praktisch ingestelde vmbo'ers die via het mbo een hbo-diploma willen halen. Het ontwikkelen van een technologische leerlijn binnen het Toptraject is onderdeel van het activiteitenplan van STO Twente. Eind maart deden leerlingen van C.T. Stork College Hengelo mee aan de Toptrajectweek. Een deel van deze week waren ze te gast bij ROC de Gieterij. Hun uitdaging? Ontwerp een infographic en bouw een ouderwetse T65 telefoon om naar een wonderfoon! De Wonderfoon is een telefoon waarop oudere mensen met dementie muziek kunnen afluisteren. Centraal stond het leren van vaardigheden en competenties zoals samenwerken, kritisch leren denken en onderzoeken. Link met STO Docenten Liset Kolste en Nicole de Mönnink zijn binnen C.T. Stork College de aanjagers voor het Toptraject: “Beiden nemen we deel aan de ontwikkelgroep Technologie in het Toptraject. Met als doel technologie zichtbaarder neer te zetten binnen het Toptraject, daar ligt de link met STO Twente.” De insteek van de recente Toptrajectweek? “Vanuit het perspectief van techniek moeten de leerlingen buiten hun comfortzone leren treden.” Focus op vaardigheden Toptraject start voor alle leerlingen in leerjaar 3 in het vmbo. C.T. Stork College neemt hierin ook periode 1 van leerjaar 4 mee: “In die periode beslissen de docenten samen met leerlingen of ze met het Toptraject door willen gaan. Waar we vooral op inzetten tijdens de Toptrajectweek is het ontwikkelen van vaardigheden. Want leerlingen die het Toptraject doorlopen vallen hier vaak op uit als zij eenmaal op het hbo zijn beland. Om dit te helpen voorkomen zetten we in op allerlei projecten. Concreet betreft dit drie projectweken in leerjaar drie en een projectweek in leerjaar vier. De vaardigheden waar we in deze weken op inzetten zijn vooral samenwerken, plannen, presenteren en reflecteren. Vaardigheden die zij later in het werkveld nodig hebben, en niet alleen in de techniek.” De leerlingen mochten eerst ‘solliciteren’ Liset en Nicole: “We proberen altijd een maatschappelijk relevant thema te kiezen waar mensen in de directe omgeving van de school van kunnen profiteren.” In de Toptrajectweek kregen de twee klassen 3TL de opdracht een Wonderfoon te bouwen en te vullen met muziek voor de bewoners van TriviumMeulenbeltZorg (TMZ). De hele toptrajectweek stond hiervan in het teken, en op 22, 23 en 24 maart maakten de leerlingen, verdeeld in teams, de Wonderfoon concreet op ROC de Gieterij. De benodigde ouderwetse draaischijf telefoons zijn ingekocht bij stichting Wonderfoon, met een kant-en-klaar pakketje onderdelen en instructie op papier. Liset en Nicole: “De deelnemende leerlingen ‘solliciteerden’ vooraf schriftelijk op een bepaalde functie in de teams (zorg, techniek of planner/organisator). Bijvoorbeeld de leerlingen die kozen voor een deelname aan een team vanuit hun interesse in de zorg deden in de Toptrajectweek muziekonderzoek bij TMZ.” Ideaal voor oudere mensen met dementie Liset en Nicole: “De Wonderfoon is een telefoon waarop oudere mensen met dementie muziek kunnen afluisteren. Per nummer van de draaischijf draaien zij een ander muziekje tevoorschijn uit hun eigen jeugd, vaak uit de jaren ’50 en ’60 van de vorige eeuw. Deze muziek staat op een SD-card ín de Wonderfoon.” Heel bijzonder is dat de leerlingen zelf bedachten dat Twente inmiddels ook allochtone bewoners kent met dementie. Speciaal voor deze groep maakten enkele leerlingen een Wonderfoon met Turkse muziek uit hun jeugd inclusief bedieningsinstructie. Liset en Nicole: “Zelfstandig voerden zij onderzoek uit naar welke muzieknummers dat zouden moeten zijn en hoe de specifieke Turkse doelgroep hierop zou reageren, geweldig toch? Eveneens onderzoeken zij of we de Wonderfoon misschien nog in meer talen gaan maken.” Overhandiging aan gebruikers Op vrijdag 24 maart, ter afsluiting van de Toptrajectweek, vond de presentatie plaats aan twee teamleiders van TriviumMeulenbeltZorg (TMZ) in Hengelo. Liset en Nicole: “Zij ontvingen de gemaakte Wonderfoons uit handen van de leerlingen voor gebruik door hun bewoners. Inclusief een door de leerlingen zelf gemaakte activerende instructie over hoe de Wonderfoon te gebruiken en welk thema aan welke Wonderfoon is verbonden.” Ook medewerkers van ROC van Twente woonden de presentatie bij. Samenwerking met partners Het was niet enkel het ROC waarmee CT Stork samenwerkte in deze Toptrajectweek. “Het Toptraject bezochten de leerlingen Medisch Spectrum Twente en Saxion. Bedoeld om hen een kijkje in de keuken te geven buiten de school; wat gebeurt daar op technisch vlak? Zo hebben ze bij het MST in de kelder alle technische installaties bekeken zoals voor stroomvoorziening, klimaatsysteem en waterzuivering, evenals de generatoren als de stroom uitvalt. Dit geeft hen het inzicht dat een ziekenhuis meer is dan alleen een bed met verplegenden en dat geen enkel ziekenhuis kan draaien zonder techniek.” En om de Wonderfoon goed te kunnen programmeren deden de leerlingen in de bibliotheek van Enschede mee met een muziekquiz. Bij Saxion kregen ze een kijkje in een hbo-onderwijsinstelling: “Goed voor hun beeldvorming. We hebben onder andere op de afdeling Zorg uitleg gekregen over Zorg & Technologie. En op de afdeling Werktuigbouw hebben ze alle machines mogen bekijken en ermee werken.” Bereidwillige medewerking ROC van Twente Deze Toptrajectweek is een samenwerking tussen het ROC van Twente en het C.T. Stork College. Ronald van der Burg: “Vanuit het ROC hebben we bedacht om de Wonderfoon te bouwen met leerlingen. Ik ben, namens het ROC, actief betrokken geweest bij de organisatie van de week. Ook de rondleidingen en de excursie naar het MST zijn georganiseerd vanuit het ROC. Vanuit het ROC scharen we dit project onder het project ‘Kun jij het maken?’. Binnen dit project werken zorgstudenten en techniekstudenten al dan niet interdisciplinair samen aan het ontwikkelen van zorgtechnologie.” ROC van Twente is partner van STO Twente, en koerst graag op een doorlopende leerlijn vmbo - mbo. Hoe staat Ronald daarin? “Ik sluit regelmatig aan bij STO-overleggen met de focus op de doorlopende leerlijn vmbo-mbo-hbo. Daar ben ik zeker een voorstander van. Met dit project ervaren de leerlingen al een beetje de sfeer en manier van werken in het mbo. Dat is alleen maar positief.” Pilot: toptraject ook voor vmbo kaderleerlingen Goed nieuws! Het plan is opgevat om ook vmbo kaderleerlingen aan het Toptraject te laten deelnemen in een iets gewijzigde vorm. Nu is dat nog een pilot bij het Alma College en het Stedelijk Alpha aan de Wethouder Beversstraat. Wordt vervolgd! Link naar de opdracht: https://maken.wikiwijs.nl/194185/Toptraject__Zorg_en_Technologie#!page-7436919 MENU

  • Talent Event Tubbergen: een doorslaand succes

    8e612585-1c22-4b05-afc0-4ddb5bd49d79 Talent Event Tubbergen: een doorslaand succes Op 13 oktober sloegen STO Almelo e.o./Baanbrekend leren, Canisius Tubbergen en TOF Onderwijs de handen ineen voor het Talent Event. Een succesvolle dag waarop ruim 100 bedrijven meer dan 500 leerlingen uit het basisonderwijs en 400 leerlingen uit het voortgezet onderwijs hebben geïnspireerd met uitdagende doe-opdrachten. Alle vmbo-profielen en richtingen kwamen aan bod, met uiteraard ook techniek en technologie. Zowel binnen als buiten was er veel te doen en te ontdekken voor leerlingen, leerkrachten, docenten maar ook ouder(s) en/of verzorger(s). Het doel? Leerlingen laten ontdekken waar hun talenten liggen en ontdekken welke mogelijkheden er zijn op het gebied van studie en werk. Een goede start met de basisscholen ’s Ochtends kwamen er ruim 500 leerlingen van groep 6, 7 en 8 van de basisscholen uit Tubbergen en omstreken. Bij de bedrijven konden zij aan de slag met praktische doe-opdrachten. MBO Vakschool SMEOT liet bijvoorbeeld leerlingen onder begeleiding een prachtige muurplanthanger buigen en lassen. “Voor mama!” riep een enthousiaste leerling toen ze trots naar het resultaat van haar laswerk keek. Coördinator vmbo/mbo-onderwijs bij SMEOT Hans Fokke: “De lasopdracht hebben we samen met Descotech Metal uit Weerselo bedacht. En we gebruiken de lasapparatuur van het Canisius, dat is heel fijn”. Bedrijven deden ontzettend hun best om leerlingen te inspireren. De inmiddels gepensioneerde Tonnie Freriksen was ook de hele dag aanwezig bij SMEOT om te helpen. “Ik ben dan wel gepensioneerd, maar ik vind het leuk om kinderen ons prachtige vak te leren. Ook omdat er een groot tekort is aan nieuw talent.” Ook ouders enthousiast Uiteraard waren ouders ook welkom tijdens het Talent Event. Zoals een moeder die ’s morgens meekwam met haar kind van Basisschool St. Alphonsus school uit Mariaparochie: “Ik help de school met het vervoer naar het Talent Event en kijk hier uiteraard ook belangstellend rond. Zelf zit ik ook in het onderwijs als intern begeleider op een andere basisschool en heb eerder events zoals deze meegemaakt. Wat mij opvalt, is dat dit Talent Event grootschalig is en veel keuze voor de leerlingen biedt uit bedrijven die echt praktische doe-opdrachten aanbieden, heel leuk.” Odyle Hams is leerkracht in het basisonderwijs op basisschool De Wiekslag: “Ik ben hier met mijn leerlingen. Het is fantastisch! Het is voor de kinderen heel mooi om te zien wat ze allemaal na de basisschool en middelbare school kunnen gaan doen. Want vaak weten kinderen niet wat ze zelf allemaal zouden kunnen en wat de mogelijkheden zijn. Tijdens het Talent Event kunnen ze dat op één dag ontdekken!” Betrokkenheid van alle deelnemers Leah Masselink, Coördinator PR en Communicatie voor Baanbrekend leren en STO Almelo e.o.: “Ik heb Marleen Peddemors ondersteund bij het organiseren van het Talent Event. Het was mooi om te zien hoe enthousiast iedereen is en hun best doet in de samenwerking. Alle scholen van TOF Onderwijs komen bijvoorbeeld met hun leerlingen naar het Talent Event, dat is wel even een organisatie. Daarnaast is de betrokkenheid vanuit ondernemers uit Tubbergen en omstreken ook heel hoog. Iedereen heeft echt zijn beste beentje voorgezet vandaag.” Aandacht voor alle sectoren Marleen: “Wat enorm hielp, is dat ik alle bedrijven persoonlijk heb benaderd. Vanaf de zomervakantie was ik geen avond thuis, maar het resultaat is er ook naar. Alle technische profielen hebben uiteraard aandacht gekregen, maar ons Talent Event is zo breed mogelijk ingezet. We boden bedrijven en instellingen aan vanuit alle vmbo-profielen (behalve maritiem): Zorg en Welzijn, Economie en Ondernemen, Media, Vormgeving en ICT, Dienstverlening en Producten en Groen, Mobiliteit en Transport, Bouwen, Wonen en Interieur, Produceren, Installeren en Energie en Horeca, Bakkerij en Recreatie. Ondersteund bij bedenken doe-opdrachten Ook zijn de bedrijven heel praktisch ondersteund bij het bedenken van aansprekende doe-opdrachten. Marleen: “Dan heb je het over écht omdenken. De bedrijven zijn heel goed in hun dagelijkse werk, maar tijdens het Talent Event zijn ze eigenlijk leerkracht en moeten ze samenwerken met de leerlingen. Bedrijven vinden dat een uitdaging en daar hebben we hen heel praktisch bij geholpen. Per profiel hebben we voorafgaand aan het Talent Event met heel veel bedrijven bij elkaar gezeten om hen hierin te begeleiden.” Een combinatie van inspiratie en gewoon doen Marleen Peddemors, kartrekker en netwerker bij STO Almelo e.o. en stagecoördinator en docent bij Canisius Tubbergen organiseerde het Talent Event. “Leerlingen mochten zelf kiezen binnen welke branche ze hun talent wilden ontdekken. Elke leerling volgde meerdere workshops, daarmee kregen ze de tijd om met praktische opdrachten aan de slag te gaan.” Succes door combi van inspireren en aanpakken De combi van het inspireren en aanpakken was een succesformule voor het Talent Event. ’s Ochtends was druk bezocht. ’s Middags tussen 14.30 en 17.30 uur was er vrije inloop, voor iedereen die het leuk en interessant vond om te komen kijken. Hier maakten vooral leerlingen samen met hun ouder(s)/verzorger(s) gebruik van. Marleen vertelt: “Door het bezoek aan het Talent Event hebben alle leerlingen hopelijk een beter beeld gekregen van welke soort bedrijven er zijn in de gemeente Tubbergen en wat ze daar kunnen doen. Dat helpt hopelijk bij toekomstige keuzes voor een studie of loopbaan.” Leerlingen hielpen mee Tijdens het Talent Event waren ook leerlingen van Canisius Tubbergen aan het helpen. Sietze uit leerjaar 3: “Ik doe zelf de mavo. Het is heel leuk om vandaag te helpen. Het is goed dat ze ontdekken waar ze talent voor hebben of wat ze later willen worden. Wat ik later wil worden? Ambulancebroeder!” Samenwerkende bedrijven Marleen noemt ook graag dat een aantal bedrijven elkaar vond in een samenwerking voor het Talent Event: “Zoals vier fietsenzaken: Noppers Aangenaam fietsen, Pegge Tweewielers, Sloot2Wielers en Gast Tweewielers. Zij hebben het samen opgepakt om fietstechniek te presenteren. En het leuke is: Bart Oude Hendriksman van Noppers Aangenaam fietsen en Hidde van Pegge Tweewielers zijn oud-leerlingen van het Canisius! Hidde Frielink: “We doen dit samen en verdelen de doe-opdracht. Ik laat bijvoorbeeld zien hoe je een band afhaalt en Bart laat dan zien hoe je de band plakt. Zo vul je elkaar heel goed aan.” Bart Oude Hendriksman: “In de fietsenwereld is het heel druk. Maar daarom staan we ook hier om de kinderen actief te interesseren voor het vak van fietstechniek. Ook om op termijn meer fietsenmakers het vak in te krijgen.” Brede oriëntatie Joost Buurke is teamleider vmbo-bovenbouw bij het Canisius: “Het is belangrijk dat zowel po- als vo-leerlingen met alle mogelijkheden kennismaken. We willen hen de kans geven zich breed te oriënteren op hun toekomst, vooral als zij uiteindelijk naar het mbo gaan. Dat kan alleen als je hen een goed beeld geeft van de mogelijkheden zoals tijdens het Talent Event.” MENU

  • Brainport Eindhoven prikkelt ook de brains van STO Twente

    79d99306-af68-4796-b8f2-051a61f7d11d Brainport Eindhoven prikkelt ook de brains van STO Twente De tweede dag van de studiereis van STO Twente ging langs twee opmerkelijke organisaties: Brainport Eindhoven en Vencomatic in Eersel. Hoe uiteenlopend beide organisaties ook zijn; hun boodschap was opvallend eensluidend. Namelijk: investeer maximaal in het technisch vmbo en mbo, want de maakindustrie schreeuwt om vakmensen. Brainport Eindhoven: kennisintensieve maakindustrie Brainport Eindhoven ontving STO Twente op een uitdagende en gastvrije locatie: het Philips Stadion. Begrijpelijk, want Brainport is hoofdsponsor van PSV. Lianne van den Wittenboer is programmamanager onderwijs Brainport. Zij lichtte in vogelvlucht Brainport toe: “Brainport Eindhoven is een innovatief ecosysteem in Zuidoost-Brabant. Met een sterke hightech maakindustrie, een innovatieve designsector en een uniek samenwerkingsmodel. Deze kennisintensieve maakindustrie vervaardigt technisch complexe producten in kleine volumes. Daarnaast is er een levendige creatieve industrie met volop ruimte voor innovatieve startups. Circa 6500 toeleveranciers werken voor zes tot zeven hoog-innovatieve bedrijven zoals chipfabrikant ASML.” 60.000 extra mbo-banen verwacht De innovatieve houding in Brainport Eindhoven past ook prima bij de ondernemende visie van Twente. Lianne: “Onze praktische insteek? Ga met elkaar pionieren en kijk gewoon wat het wordt. Samenwerken is vanuit ons DNA gericht op de noodzaak om ook samen te overleven. Vooral in de laatste drie jaar maakt Brainport Eindhoven bewust de koppeling tussen hightech en maakindustrie. Sterker nog: 70% van de medewerkers van technische bedrijven is mbo geschoold. Er worden hier 60.000 extra banen (van mbo tot en met wo) verwacht waarvan twee derde mbo-banen, dus is de maakindustrie van groot belang. Daarom ons advies: stem je aanpak voor instroombevordering in de techniek af op het dna van je regio.” Lianne lichtte toe dat er van oudsher al heel veel gebeurt in Brainport Eindhoven op het vlak van instroombevordering in de techniek: “Toen STO kwam, hebben we dit programma bewust niet als een separate activiteit aangevlogen, maar ingebed in alle al bestaande stimuleringsprogramma’s voor techniekpromotie in Brainport Eindhoven. Zoals bedrijfsbezoeken, excursies binnen een bedrijf of het geven van gastlessen en challenges aan het basis- en voortgezet onderwijs. STO-ervaringen uit de dagelijkse docentenpraktijk Vervolgens gaf Stan Vissers een presentatie. Hij is hybride deeldocent Media, Vormgeving en ICT op SintLucas in Eindhoven. Eveneens is hij voor SintLucas één van de STO-coördinatoren. Stan is blij met STO, en deelde een aantal praktische ervaringstips: “De materialen die we hierdoor kunnen aanschaffen? Prima! Maar pas die dan wel consistent en over hele breedte toe in je lessen. En train álle collega’s in het gebruik ervan zodat iedereen op de hoogte is van alle mogelijkheden.” Ook Stan merkt dat het een uitdaging is om regio-breed te blijven samenwerken. Een andere tip van Stan? “ Zorg ervoor dat de bovenbouw minder knoppenkennis leert, en meer vaardigheden opdoet die ze nodig hebben in de buitenwereld. Dus leer vmbo-leerlingen omgaan met waar zij tegenaan lopen in bedrijven.” Verder moedigt Stan techniekdocenten aan zoveel mogelijk bij bedrijven te kijken: “Als docent kan je toch in de buitenwereld het beste proeven wat de meest ideale context is voor je lessen.” Hybride light Brainport Eindhoven werkt graag met hybride docenten. Stan is er nota bene zelf een! Echter, in deze regio hanteert men, naast het standaard concept voor de hybride docent, een aanvullend bijzonder concept: hybride light . Uiteraard maakt men daar hele goede afspraken over om de samenwerking tussen bedrijf en school naadloos af te bakenen. Lianne: “Hybride is altijd maatwerk en de cruciale vraag is wel: hoe ga je dit maatwerk opschalen?” Tot slot stipte Stan het belang aan van hun twee zogeheten matchmakers: “Ze komen uit het onderwijs. Zij koppelen de vragen vanuit de scholen aan de mogelijkheden van bedrijven. Vooral met als doel om context in je school naar binnen te halen. Een voorbeeld? Bepaalde lesstof zit nu niet meer in natuurkunde, maar is wel van belang als je bij ASML werkt. Dus kunnen die matchmakers die kennis alsnog de school in krijgen.” Hoe verbind je een voetbalclub met je techniekonderwijs? We zeiden het al: STO Twente was te gast in het PSV-stadion. Dus kwam ook aan de orde in de presentatie hoe je een voetbalclub als PSV kunt benutten als spil in je techniekonderwijs, zowel in het basisonderwijs als vmbo-onderwijs. Cindy Raaijmakers, projectleider van de PSV Brainport Scholenchallenge, gaf een mooie presentatie over hoe PSV zich verbindt met techniekonderwijs: “We hebben de leerlingen een PSV Brainport Scholenchallenge gegeven: hoe ziet het PSV-stadion er in 2030 uit? Alles kwam daarbij aan bod: mediawijsheid, digitale geletterdheid en uiteraard productontwikkeling. Kinderen uit groep 6 én 7 werden uitgedaagd om technologische oplossingen te bedenken voor vraagstukken op het gebied van energie, gezondheid, veiligheid, voeding en mobiliteit. De innovatieve ideeën presenteerden de kinderen op 24 mei in het Philips Stadion aan de vakjury. Er is toegewerkt naar een spannend eindevent en het voor groep 6 ontwikkelde lesmateriaal bleek ook heel geschikt voor het vmbo. Twee vliegen in één klap dus.” Cindy legt de kern van haar aanpak uit: pak een herkenbaar en afgebakend probleem samen op. En PSV zelf? Die was zeer verrast door de praktische en bruikbare ideeën van de basis-kader leerlingen.” Praktische conclusies Lianne sloot de bijeenkomst af met enkele praktische conclusies: · Meer leerlingen in de techniek? Dan helpt het niet hen techniek op te dringen. · Proberen de context van de regio te koppelen aan actuele en maatschappelijke uitdagingen die op hun levensweg komen. · Zet het met elkaar vinden van technische oplossingen centraal door het gewoon samen te probéren! · Er gebeurt al veel voor techniekleerlingen. De uitdaging? Hoe blijf je door de bomen het bos nog zien? · Blijf altijd structureel kennis met elkaar delen. · Stem je STO-aanpak af op het dna van je regio. · Tot slot: integreer techniek in ál je onderwijs. Rondleiding en lunch Een mooi sluitstuk was de rondleiding door het stadion van PSV en een gezellige lunch! Al met al een waardevolle ‘kennistransfer’! MENU

Zoek

bottom of page