Doorzoek deze website
464 resultaten gevonden
- VMBO netwerkdag 2026 was warm en leerzaam
3b1c0038-0916-4c27-9c28-1d798e31736c VMBO netwerkdag 2026 was warm en leerzaam In een zinderende hitte organiseerde SMEOT op 26 juni haar jaarlijkse VMBO-netwerkdag. Dit keer ging de reis niet met de bus naar locaties buiten Twente, maar hield SMEOT het binnen de twentse grenzen. De conclusie van de bijna 50 enthousiaste deelnemers? Ook binnen Twente is voor het vmbo nog héél veel te ontdekken én te netwerken. Innovatieve aftrap bij Achterbosch Machinebouw Alle deelnemers verzamelden zich ’s morgens bij Achterbosch Machinebouw in Denekamp. Na de gastvrije ontvangst met, hoe kan het ook anders, krentewegge, gaf dit innovatieve bedrijf een mooie presentatie van haar activiteiten. Roy Achterbosch startte in 1994 met werkzaamheden aan huis en vond al snel een grotere werkplaats bij een lokale boer op het erf. Na meerdere verhuizingen is het bedrijf vanaf 2020 hypermodern gevestigd aan de Dieselweg in Denekamp. De specialisaties? Machinebouw, Engineering, CNC Draaien, CNC Frezen, CNC Buigen, Lassen, Service en NC Walsen. Altijd een oplossing die aansluit op de vraag van het bedrijf Roy Achterbosch en zijn collega’s presenteerden Achterbosch op een overtuigende wijze: “Soms zoekt een klant een robot die met precisie plantjes verwerkt. Of een werktuig waarmee je hydraulische cilinders test. Of een machine voor nauwkeurig afval scheiden. De vragen die opdrachtgevers bij ons neerleggen zijn steeds verschillend. Maar het antwoord vinden opdrachtgevers op dezelfde plek…bij Achterbosch in Denekamp!” De klantgroepen vallen in drie categorieën uiteen: tuinbouw, machinebouw en industriële toelevering. Roy: “Met onze nuchtere kijk op zaken, is geen uitdaging ons te gek. We vinden altijd weer een oplossing die aansluit op de vraag van de klant.” Steeds meer aantrekkingskracht op jongeren Bij Achterbosch werk je met de nieuwste machines en technieken. Geen stoffige werkplaats, maar een frisse omgeving waar je kunt groeien en leren. Samen bouwen gedreven technici aan slimme machines en strakke producten. De vlakke organisatie spreekt steeds meer jongeren aan: met een jong team, korte lijnen en voortdurend de focus op innovatie. Bij Achterbosch krijg je vrijheid, verantwoordelijkheid én gave projecten. Of je nu zij-instromer bent of ervaren vakman: zij zoeken mensen die willen máken. Gericht investeren in technische jeugd vanuit STO Twente Uiteraard investeert Achterbosch Machinebouw ook in de technische jeugd en is zij een enthousiaste partner van STO Twente. Ze doen mee met de Techniek Expeditie van TCC Potskampstraat en verzorgen het aftrapmoment Verspaningstechniek TCC, locatie Denekamp. Ook ontvangen zij leerlingen voor bedrijfsbezoeken. Eveneens is Achterbosch actief lid van de Vrienden van de Verspaning van SMEOT. Leuk weetje: Werner Scheuten, praktijkdocent SMEOT en mede-organisator van de VMBO-netwerkdag 2026, werkte eerder ook bij Achterbosch! Gedetailleerde rondleiding Na de inleiding splitsten de deelnemers zich op in drie groepen en kregen een gedetailleerde rondleiding. De bedrijfsruimten zijn groot, schoon, ruim opgezet met een keur aan eersteklas bewerkingsmachines. Roy Achterbosch: “Werk je hier en heb je een idee? Dan geven we dat altijd aandacht en ruimte, of je nu een stagiair bent van 19 jaar of een ervaren specialist. Elk idee, elk initiatief is welkom. Dat maakt ons ook een gewilde werkgever voor jonge technici uit de regio.” Lunch, rondrit en…afsluitende barbecue! Vervolgens gingen alle deelnemers op eigen gelegenheid naar de locatie van Actief Twente in het nabij gelegen Beuningen. Daar wachtte een heerlijk lunch met onder andere soep en een broodje kroket en frikadel. Door het mooie weer werd dit verorberd op het gezellige buitenterras. Daarna werd de groep in drie deelgroepen gesplitst en stonden er E-Choppers, fat bikes, en elektrische steps klaar voor een ontspannen puzzelrit door het fraaie landschap, met twee tussenstops voor een drankje en een ijsje. Eenmaal terug wachtte de deelnemers een riante barbecue! Kortom, een sfeervolle, superwarme én leerzame VMBO-netwerkdag 2026. De organisatie vanuit SMEOT bedankt, evenals uiteraard Achterbosch voor alle gastvrijheid en inspiratie! MENU
- Twentse PIE docenten scholen zich intensief bij op regiobijeenkomst Platform PIE
4a9791da-dbd9-472a-8502-9ba62d6fbfd6 Twentse PIE docenten scholen zich intensief bij op regiobijeenkomst Platform PIE PIE-docenten uit Twente krijgen vanuit het landelijke Platform-PIE de kans om zich verder te ontwikkelen in hun technische docentschap. Op donderdag 18 juni organiseerden Platform-PIE regio 2 en regio 3 een gezamenlijke regiobijeenkomst. PIE-docent Erwin Geerdink van het Alma College vertegenwoordigde de regio waar ook STO Twente met PIE onder valt. Het dagprogramma was veelzijdig en leerzaam. Erwin: “Wat de PIE-docenten hier opsteken vertalen ze rechtstreeks naar het onderwijs van hun leerlingen.” Compleet dagprogramma Erwin Geerdink is werkzaam als docent Produceren, Installeren en Energie (PIE) en vervult de rol van regiocoördinator voor regio 2 (Overijssel en Gelderland-Oost) binnen het Platform PIE, de belangenorganisatie voor docenten in de metaal-, elektro- en installatietechniek. Erwin: “Dit keer kozen we voor een uitgebreid programma, waarbij deelnemers zowel in de ochtend als in de middag konden aansluiten, of beide. Met een gevarieerd aanbod van workshops en een bedrijfsbezoek was er volop gelegenheid om nieuwe kennis op te doen, ervaringen uit te wisselen en inspiratie op te halen voor het techniekonderwijs.” Veelzijdig programma De deelnemers, waaronder meerdere PIE-docenten uit Twente, konden zich inschrijven voor de volgende onderdelen: Basiscursus EasyRelais E4 verzorgd door Eaton, Presentatie van nieuwe lesstof en praktijkopdrachten verzorgd door Brink Techniek, Basisworkshop keuzevak Slimme Technologie (Arduino) verzorgd door Platform-PIE of een bedrijfsbezoek aan Hollander Techniek in Apeldoorn. Erwin: “Door de combinatie van praktijkgerichte workshops en de mogelijkheid om een kijkje in het bedrijfsleven te nemen ontstond een waardevolle verbinding tussen onderwijs en techniekpraktijk.” EasyRelais E4 workshop: mooi leermoment Erwin noemt een aansprekend voorbeeld van mooie leermomenten: “De EasyRelais E4 workshop van Eaton was heel nuttig. Dit onderdeel zit ook in het examen van onze PIE-leerlingen. De varianten die de meeste vmboscholen hiervan nu inzetten faseren uit. Bij vervanging kunnen ze alleen de nieuwe variant aanschaffen: de EasyRelais E4. Die werkt nét even anders, zoals met een gekoppelde laptop, en dit is goed uitgelegd aan de deelnemende PIE-docenten, dankzij de inzet van Eaton. 16 PIE-docenten namen hieraan deel, verdeeld over twee dagdelen.” Basisworkshop keuzevak Slimme Technologie (Arduino) Leuk om te melden is dat Erwin Geerdink zelf de Basisworkshop keuzevak Slimme Technologie (Arduino) gaf: “Dit keuzevak geef ik inmiddels zes jaar. In de lesstof zit uiteraard de gedachtengang van mijn ervaring uit het bedrijfsleven en de vertaling naar onze leerlingen. Dan raak je vaak net iets beter de daadwerkelijke praktijk en toepassing. Tijdens deze workshop heb ik de eerste les uit dit keuzevak gegeven. De docenten hebben dus ook daadwerkelijk handmatig geprogrammeerd op TinkerCAD (simulatie) en op de Arduino zelf. Zo ontdekten ze zelf waar je zowel als docent als leerling tegenaan loopt.” Erwin betrok hierbij bewust alle recente ontwikkelingen rondom AI: “Daarmee haken we aan bij de actualiteit die nu eenmaal een feit is in het bedrijfsleven m.b.t. programmeren en gebruik AI. Ook helpt het de docent en leerling om snel allerlei technische uitdagingen op te lossen. Het keuzevak wordt makkelijker om te geven, omdat AI de uitdagende problemen, waar je kennis voor nodig had, oplost”. Alvast inspelen op ontwikkelingen Erwin: “In de toekomst gaat er veel veranderen in het vmbo. De leerlingenaantallen nemen af. Binnen nu en tien jaar komt er een omslag. Jeroen de Weger is de Teamleider vmbo bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Hij hield eerder een presentatie voor alle regio-coördinatoren van Platform-PIE zoals ik. Wat wij belangrijk vinden is dat de harde techniek gehandhaafd blijft. Ook bestaat de visie om op vmbo-scholen meer de uitstroomprofielen te bieden die passen bij de scholen in de onmiddellijke omgeving. Al die ontwikkelingen starten nu al met het op peil houden van de vakkennis van ook de twentse PIE-docenten zoals met deze regiobijeenkomst.” Presentatie van nieuwe lesstof en praktijkopdrachten Van een andere aard, maar ook belangrijk, was de presentatie van nieuwe lesstof en praktijkopdrachten verzorgd door Brink Techniek. En: “De PIE-syllabus is nu meer modulair opgezet. De vier profielen boden eerder overlap. Nu vind je bijvoorbeeld in profiel 2 alle metaal gerelateerde lesstof. Die verschuivingen geven meer helderheid. Brink Techniek heeft voor profieldeel 3 nieuwe lesstof gemaakt voor hun practicum, inclusief instructiepanelen, en gaf daar uitleg over. De vmbo-scholen zijn vrij daar gebruik van te maken.” Gezamenlijke lunch Tijdens de gezamenlijke lunch, uitstekend verzorgd door het Jacobus Fruytier College in Apeldoorn, was er ruimte voor ontmoeting, netwerken en het delen van actuele ontwikkelingen binnen het Platform-PIE. Erwin: “Daarnaast was ook Adriaan de Graaff, voorzitter van Platform-PIE, aanwezig om vragen van deelnemers te beantwoorden en in gesprek te gaan over de toekomst van het techniekonderwijs.” Geslaagde bijeenkomst Erwin: “Wij kijken terug op een geslaagde bijeenkomst met betrokken deelnemers, interessante workshops en waardevolle gesprekken. Juist deze momenten van kennisdeling en samenwerking dragen bij aan het versterken van het PIE-onderwijs in Nederland en uiteindelijk profiteren onze PIE-leerlingen hier rechtstreeks van.” Alle deelnemers, workshopgevers, gastlocatie en betrokken partners bedankt voor hun bijdrage aan deze dag! MENU
- Netwerkbijeenkomst onderwijs en bedrijfsleven subregio Rijssen Holten: samen kom je verder
a1abe7b4-680a-4c44-a8df-582898e2432c Netwerkbijeenkomst onderwijs en bedrijfsleven subregio Rijssen Holten: samen kom je verder Op 25 juni organiseerde de STO-subregio Rijssen – Holten een drukbezochte en inspirerende netwerkbijeenkomst met als thema: 'Samen kom je verder'. Zo’n 50 deelnemers uit het bedrijfsleven, onderwijs, maatschappelijke organisaties en de gemeente werden gastvrij ontvangen door InfraVak in Rijssen, één van de organisaties waar deze subregio nauw mee samenwerkt om de doelen van STO te helpen realiseren én verduurzamen. Geslaagde besteding van subsidiegelden Na een warm welkom door relatiebeheerders Barbara Smith en Martine Hagedoorn nam projectleider Dennis Boshoeve ons mee in de besteding van de subsidiegelden. Nog belangrijker: hij liet zien welke mooie resultaten deze samenwerking al heeft opgeleverd. En die zijn er zeker! Dennis: “In onze subregio hebben we inmiddels drie technolabs en een techniek+ lokaal. De PO-scholen in onze regio maken gebruik van de faciliteiten en deze leerlingen komen daardoor eerder in aanraking met techniek.” Hogere uitstroom techniek dan landelijk Ook noemde Dennis het sterke Netwerk scholen – bedrijven – bedrijfsvakscholen: “Inmiddels een herkenbaar aanspreekpunt met alle activiteiten in kaart en een gezamenlijke jaaragenda. We organiseren relevante activiteiten bij en met bedrijven. Inmiddels zien we een hoge uitstroom naar technische vervolgopleidingen. Om precies te zijn: ruim 30% van onze leerlingen in de STO-subregio Rijssen-Holten gaat naar een technische vervolgopleiding terwijl dit landelijk 20,4% bedraagt. Eveneens zijn we erin geslaagd om technologie binnen niet-technische profielen toe te voegen.” Inkijkje in Infravak Daarna gaf Sander Gerdes van InfraVak een inkijkje in hun organisatie. InfraVak biedt diverse opleidingen binnen de infra aan zoals vakman GWW, waterbouwer, stratenmaker, machinist en middenkaderfunctionaris. Dit verloopt onder andere via BBL-opleidingen, de nadruk ligt hierbij op werken. InfraVak is dan de werkgever, maar de student werkt bij een van de aangesloten wegenbouwbedrijven. Sander: “De theorielessen worden gegeven door een ROC, de lessen worden afgewisseld met praktijkopdrachten in de ruime hal van InfraVak in Rijssen. In de winterperiode ga je vaker naar school dan in de rest van het jaar.” Ook lichtte Sander op enthousiaste wijze het keuzevak 'Bouw- en woonrijp maken' voor vo-scholen toe: “Een mooie kans om leerlingen al vroeg kennis te laten maken met de wereld van de infra.” Benieuwd naar de mogelijkheden voor jouw vmbo-school? Neem dan gerust contact op met Kim Brinkman of Iris Hampsink bij Infravak. Staalcampus®: BBQ Challenge De Staalcampus® in Nijverdal is een leer- en doe-omgeving van Brink Staalbouw en is opgericht om talent te laten groeien, vakkennis te borgen en te blijven vernieuwen. Onder begeleiding van ervaren collega’s gaan studenten bezig met echte projecten. Van opname en werkvoorbereiding tot calculatie, planning, montage en oplevering. Jan Dirk Vossebelt lichtte de Staalcampus® nader toe op de netwerkbijeenkomst: ”Bij de Staalcampus® slaan we de handen ineen met scholen om leerlingen te inspireren voor een toekomst in de staalbouw, ook vmbo-leerlingen.” Vervolgens vertelde Jan Dirk over de BBQ Challenge: “Tijdens de Staalcampus® BBQ Challenge bouwen leerlingen een BBQ van staal en zetten zij een eigen actie op om geld op te halen voor een goed doel. De challenge draait om techniek, samenwerken en verantwoordelijkheid nemen – van lassen tot organiseren en verkopen.” De BBQ Challenge vindt plaats van maandag 31 augustus t/m vrijdag 4 december 2026. Geslaagd IJscokar project Ook kwam het recent afgeronde ijscokar project in de presentatie van Jan Dirk voorbij: “De PIE-leerlingen van Reggesteyn op de Kampus bouwden een complete ijscokar, samen met de Staalcampus® van Brink Staalbouw, A3 Koel- en Vriestechniek en Marnix Sign. Een leerzame samenwerking voor de PIE-leerlingen tussen school en technisch bedrijfsleven.” En hoe leuk was het dat die ijscokar er ook daadwerkelijk stond, gevuld met heerlijk ijs dankzij Ben & Jerry's. Dank daarvoor! Pak je agenda! Tijdens de afsluitende netwerkborrel werd nog volop nagepraat en nieuwe contacten gelegd of aangehaald. En voor wie dit naar meer smaakt? Op 29 september vindt op De Waerdenborch een LOB event plaats, en de STO-subregio Rijssen – Holten organiseert 9 oktober de nieuwe editie van Techniek Tastbaar, wederom op de Kampus in Rijssen! MENU
- Praktische inzichten en handvatten voor meer meiden in de techniek
c44ff3a2-bf8d-4e90-9090-c3a27458ce66 Praktische inzichten en handvatten voor meer meiden in de techniek STO Twente inspireert graag meiden voor techniek. Maar hoe vlieg je dat succesvol aan? Annabel Essink is onder andere Projectmedewerker STO vanuit de Waerdenborch. Zij volgde de leergang kansengelijkheid voor alle leerlingen in Sterk Techniekonderwijs bij VHTO. Om voor meer gelijkheid in de techniek te zorgen, moet je meiden eigenlijk ongelijk behandelen. Met extra aandacht en stimulering zorg je uiteindelijk voor meer gelijkheid in de sector. VHTO VHTO (Voor Haar Technische Ontwikkeling) voert activiteiten uit om de participatie van meisjes en vrouwen in bètawetenschap, techniek en ICT in Nederland te vergroten. VHTO richt zich daarbij op de hele keten van primair onderwijs, voortgezet onderwijs, bèta/technische en ICT-opleidingen in het middelbaar beroeps- en het hoger onderwijs tot en met de arbeidsmarkt. Techniek is van iedereen. Toch wordt slechts 16,6% van de technische banen vervuld door vrouwen. Dat is niet alleen een gemiste kans voor meiden en vrouwen, maar ook voor de samenleving als geheel. VHTO werkt aan een toekomst waarin talent leidend is met als doel: 40% vrouwen in techniek en IT in 2040. Meiden inspireren tot onafhankelijke keuzes Meiden op het vmbo met een technische aanleg vinden het vaak lastig om voor techniek te kiezen. De cursus van VHTO gaf mij goede adviezen en handvatten om specifiek meiden met een technische aanleg te stimuleren en te ondersteunen om dit verder te ontwikkelen en daadwerkelijk voor techniek te kiezen. In plaats van dat zij, ondanks hun aanleg, gaan voor wat voor de hand ligt of is opgelegd door vooroordelen of wat de maatschappij, ouders en docenten zeggen. De cursus leert vooroordelen te zien en te doorbreken. Met als doel dat meiden een onafhankelijke keuze kunnen maken en daadwerkelijk hun hart volgen als dat bij techniek ligt. Je leert het verschil zien tussen wat de leerling zelf écht denkt en wat er al haar hele leven over techniek tegen haar gezegd is. We moeten in het onderwijs werken aan het doorbreken van genderstereotypen. Ofwel: wat is door de omgeving opgelegd aan een leerling tegenover wat haar oprechte interesse is. Door meer meiden kansen te geven in de techniek én jongens in de zorg trek je dit gelijk. Extra aandacht en stimulering vereist We zijn er nog niet, de meiden zijn nog steeds een minderheid in de technieksector. Ze hebben extra handvatten en aandacht nodig om dit gelijk te trekken. Om voor de gewenste gelijkheid te zorgen, moet je ze eigenlijk ongelijk behandelen, dus met extra aandacht en stimulering om naar die gelijkheid toe te werken. Doen we dit niet? Dan houden we de huidige situatie in stand. Oftewel, even heel kort door de bocht: jongens in de techniek en meisjes in de zorg. Praktische inzichten Als leerlingen niet bekend zijn met iets vallen ze terug op stereotype keuzes. Het is daarom belangrijk om ervoor te zorgen dat ze zich breed interesseren. Als je niet 'stuurt' gaan mensen kiezen wat ze kennen. Daarbij is het belangrijk om regelmatig rolmodellen tegen te komen. Hierdoor vergroot je de kans dat je deze stereotype denkbeelden kunt doorbreken. Toepassingen binnen STO Twente We zijn in Twente al goed op weg, maar er is altijd verbetering mogelijk. Tips? Ga je met je leerlingen naar een bedrijf vraag dan altijd naar de deelname van een vrouwelijk rolmodel vanuit het bedrijf. Tegelijkertijd zien we dat techniek nog steeds voornamelijk een mannenomgeving is en technische bedrijven hebben niet alleen moeite om vrouwen te vinden, maar ook om die vervolgens te behouden. Er is nog steeds veel uitstroom uit de techniek van vrouwen. Voor vrouwen in de techniek is het heel belangrijk dat zij een klik hebben met hun collega’s. Aandacht voor inclusiviteit op de werkvloer is daarom belangrijk. Het begint op school Vrouwen zijn gebaat bij een gelijkwaardige behandeling. Daar kunnen we op school al wat aan doen. Veel docenten doen hier al erg hun best voor, maar je zou kunnen kijken of er aandacht kan komen voor onbewuste vooroordelen. Het is de uitdaging voor docenten om een stimulerende leeromgeving te creëren zodat ook meiden kunnen ontdekken of techniek iets voor hen is. Het zou tof zijn wanneer STO Twente een cursus voor docenten kan aanbieden om dit onderwerp onder de aandacht te brengen. Rol voor bedrijven Ook bedrijven kunnen een rol spelen om meiden met aanleg voor techniek inderdaad voor deze richting te laten kiezen. Wat kunnen zij doen, naast vrouwelijke rolmodellen mee laten doen bij bedrijfsbezoeken? Hele simpele dingen zoals posters in de kantine met afbeeldingen van vrouwen weghalen (wanneer die er hangen) en vrouwentoiletten installeren (wanneer die er niet zijn) of in ieder geval het urinair in een hokje plaatsen en niet open in de ruimte. Ook kunnen bedrijven zorgen voor meer inclusie op de werkvloer. Door bijvoorbeeld gericht vrouwelijke medewerkers te werven en cursussen aan het personeel aanbieden. Wanneer een incident zich voordoet, daar direct op inspelen en actief beleid maken op hoe het anders zou moeten. Wanneer voorkomen niet heeft geholpen. Ook technische bedrijven zouden een inclusievere samenstelling van hun medewerkersbestand concreet in hun beleid moeten opnemen. MENU
- Project IJscokar bundelt onderwijs en bedrijven voor rijke ervaring PIE leerlingen
47db747f-d8ab-4dac-93e2-6d57e1660b6e Project IJscokar bundelt onderwijs en bedrijven voor rijke ervaring PIE leerlingen Het profiel PIE van Reggesteyn gunt haar leerlingen de allerbeste leerervaringen. PIE-docent Ton Schelfhorst: “Die realiseren we door het technisch bedrijfsleven rechtstreeks te betrekken bij de projecten van onze leerlingen. Zoals eerder het stokkenproject met Severfield, en nu het ijscokar project met de Staalcampus® van Brink Staalbouw, A3 Koel- en Vriestechniek en Marnix Sign. We doen dit op de Rijssense manier: korte lijnen en snel schakelen. Naast de techniek zelf geven we de PIE-leerlingen ook de verantwoordelijkheid voor de contacten met de deelnemende bedrijven. Daar leren ze heel veel van.” Van idee tot en met uitvoering Ton: “Mijn PIE-collega Patrick de Kleijn kwam met het idee van de ijscokar en ik voer het namens hem met de leerlingen en de deelnemende bedrijven uit. Ik onderhoud de benodigde contacten met de bedrijven en stuur de leerlingen aan. Graag benadruk ik dat de leerlingen veel vrijheid krijgen in dit project om naast techniek ook andere vaardigheden te ontwikkelen zoals initiatief nemen, overleggen en communiceren met bedrijven.” Tekeningen, staal en steun van Brink Staalbouw De PIE-leerlingen zijn gestart met een geschonken oude bakfiets inclusief onderstel. Ton: “Eerst ging die naar de lokale fietsenmaker omdat onder andere lagerpunten vastzaten, de trappers op orde moesten worden gebracht en meer. Dat kunnen we niet zelf.” Leerling Mees: “Er zat een elektrisch aangedreven wiel in. We moesten eerst een vervangend wiel vinden met dezelfde overbrenging.” Jan Dirk Vossebelt van de Staalcampus® van Brink Staalbouw: “Wij leverden de leerlingen een tekening voor de opbouw van de ijscokar en het hiervoor benodigde staal.” Leerlingen Mees en Jan werkten aan het project samen met klasgenoten. Mees: “Wij gingen aan de slag, zoals met het maken van een passende stalen opbouw voor de ijscokar. Brink Staalbouw stelde twee jonge collega’s, Geert en Koen, ter beschikking om ons te helpen. Ze kwamen langs of we hielden contact via WhatsApp voor onze vragen. Zij hielpen ons checken of alle onderdelen pasten en vervolgens met het in elkaar zetten. Daarna kon de constructie gecoat worden.” Waarom koppelde Brink Staalbouw juist Geert en Koen aan dit project? Jan Dirk: “Zij staan dicht bij de jeugd, maar ook dicht bij het vak. Voor het opleiden van technische jeugd halen we alles uit de kast. Collega’s die hun vak verstaan én met leerlingen om kunnen gaan. Niet alles staat op tekening en soms moet je in zo’n project ter plekke zaken bedenken en oplossen. Geert en Koen hielpen de leerlingen hiermee.” Leren samenwerken in een team De PIE-leerlingen gingen in teamverband aan de slag met de ijscokar. Jan: “Ik startte als projectleider, maar we hadden onderling al snel geen teamleider meer nodig omdat iedereen gewoon zijn taak uitvoerde. Als er iets tegenzat overlegden we snel samen, of met de deelnemende bedrijven. Heel handig was onze groepsapp om met Brink Staalbouw en de andere bedrijven te overleggen over materialen en ondersteuning op school. Wat we ervan geleerd hebben? Samenwerken, logisch nadenken en zorgen dat alle onderdelen van de ijscokar uiteindelijk goed in elkaar passen. Samen creatieve oplossingen zoeken voor technische problemen.” Een strakke planning was niet aan de orde in dit project. Jan Dirk: “De school heeft ook met andere zaken te maken zoals roosters en de examens van Mees en Jan en de andere leerlingen. Veel meer hebben we samen gekoerst op een technisch en visueel mooi eindresultaat.” Natuurlijk zat het ook weleens tegen. Jan en Mees: “Zoals het boren van verkeerde gaten in het materiaal. Dan overleg je samen en doe je het gewoon opnieuw. Dankzij de materialen van Brink Staalbouw was die ruimte er.” Ook bijdragen van A3 Koel- en Vriestechniek en Marnix Sign Naast het benodigde constructiewerk voor een passend onderstel kan de ijscokar uiteraard niet zonder een aluminium bak voor het ijs inclusief koelunit. Jan: “Die is geleverd door A3 Koel- en Vriestechniek uit Enter. Feitelijk een kant-en-klare oplossing met een stekker.” Mees: ”Wel was het een uitdaging voor ons om die koelkast in de diepte gezien passend te plaatsen en te monteren binnen de beperkte ruimte die we hebben in de ijscokar.” Wat goed smaakt en koelt, moet er uiteraard ook aanlokkelijk uitzien! Daarvoor haakte het Rijssense bedrijf Marnix Sign enthousiast aan. Marcel Schutten, bedrijfsleider Marnix Sign: “We voorzien de ijscokar van een feestelijke en kleurrijke belettering met ook de logo’s van de participanten, van Reggesteyn tot en met de deelnemende bedrijven. Signing is een vak apart, valt niet onder PIE en deze laatste afrondende handelingen laten de leerlingen met een gerust hart over aan Marnix Sign.” De Rijssense methode: één grote kruisbestuiving Hoe werd Marnix Sign bij dit project betrokken? Marcel: “Zoals het eigenlijk altijd in Rijssen werkt: van mond-tot-mond. Wat natuurlijk ook helpt, is dat ik de docent Ton Schelfhorst persoonlijk ken! Want zo werkt dat hier. Daarnaast doen we ook werk voor Reggesteyn en is A3 Koel- en Vriestechniek ook een klant van ons. Samen vind je elkaar dan al snel om de schouders onder dit technisch schoolproject te zetten, één grote kruisbestuiving. We hebben samen met de andere bedrijven en Reggesteyn goed en geslaagd gebrainstormd over onze gezamenlijke inzet.” Veelzijdig inzetbaar door alle deelnemers En als de ijscokar helemaal klaar is, inclusief fraaie signing? Dan kunnen alle betrokken bedrijven en uiteraard ook Reggesteyn deze bij toerbuurt inzetten, zoals bij bedrijfsdagen, events en open dagen van school. Marcel: “Voor die gelegenheid kunnen we de ijscokar voorzien van een eigen lay out en huisstijl voor de gebruiker in kwestie.” Jan Dirk: “Bij Brink Staalbouw willen we ‘m ook inzetten voor goede doelen, bijvoorbeeld om volgend jaar via NLdoet. We gaan er écht gebruik van maken.” Advies Tot slot, wat ziet Jan Dirk als een actie die we moeten ondernemen om meer jeugd voor techniek te interesseren? Jan Dirk: “Elkaar opzoeken, samenwerken tussen onderwijs en bedrijven, de leerlingen een mooie ervaring meegeven en gas erop!” Marcel: “Neem de jeugd daarbij ook mee in de voortdurende technische innovaties zoals automatisering en robotisering. Alleen al het robotlassen neemt een enorme vlucht. Al die innovaties gaan een vast onderdeel van hun toekomstige werk vormen en zouden we nu al in het technisch onderwijs mee moeten nemen.” Goed om te melden: Reggesteyn en haar bedrijfspartners staan inmiddels klaar voor een nieuw project van de Staalcampus® van Brink Staalbouw: de Barbecue Challenge!” Ton: “We doen er als school heel veel aan om de jeugd te interesseren voor PIE zoals met voorlichting en ook onze deelname aan deze challenge.” Leuk om te melden: ook De Waerdenborch uit Holten doet hieraan mee. Jan Dirk: “Die kar om de jeugd te interesseren moeten we de scholen niet alleen laten trekken, de techniekbedrijven moeten hierin ondersteunen, zoals door onze deelname aan Techniek Tastbaar.” Actief relatiebeheer Ton Schelfhorst: “In Martine Hagedoorn hebben we een actieve relatiebeheerder STO Rijssen/Nijverdal die de lijntjes naar de bedrijven uitzet en alle contacten onderhoudt.” En het goede nieuws? Jan en Mees zijn geslaagd voor hun vmbo-examen! Wat gaan ze doen? Jan: “Ik ga richting het buitenwerk en landbouw met de opleiding Groen, grond en groene infra. Ook daarin krijg je met techniek te maken.” Mees: “Ik ga de opleiding allround constructiewerker doen en daarna de buizenwereld in met onder andere gas- en koelleidingen.” MENU
- VCA Basis diploma verhoogt kans op leerrijkere vmbo stage
9d3fbb68-236c-49af-ad15-88bf955e7d9c VCA Basis diploma verhoogt kans op leerrijkere vmbo stage Leerlingen PIE en BWI lopen in het vierde jaar stage. Steeds meer stagebedrijven stellen de veiligheid van deze leerlingen voorop. Daarom biedt CT Stork College in Hengelo leerlingen uit leerjaar 3 op vrijwillige basis de kans om kosteloos het erkende VCA Basis diploma te halen. Verplicht voor alle uitvoerende vakmensen in de bouw. Tom Blaauwgeers: “Vervolgens kunnen ze in leerjaar 4 veilig naar hun stage, maken ze überhaupt meer kans op een stage, én hebben ze dit certificaat alvast op zak als zij doorstromen naar het technisch mbo. Dit draagt concreet bij aan de doorlopende leerlijn vmbo-mbo.” Deelname leerlingen op vrijwillige basis Vorig jaar was deze VCA training niet beschikbaar voor de toenmalige leerlingen uit leerjaar 3. Tom Blaauwgeers: “Daarom geven we ook deze huidige leerjaar 4 leerlingen nu de gelegenheid alsnog het VCA Basis diploma te halen. CT Stork College organiseert dit VCA-traject samen met SMEOT. Zij faciliteren het netwerk waarmee we deze training kunnen organiseren.” Tutorial Opleiding & Advies uit Hengelo geeft de daadwerkelijke VCA Basis opleiding op het CT Stork College zelf. Tom: “Het is vrijwillig omdat natuurlijk niet alle vmbo-leerlingen uit onze technische profielen kiezen voor een technische vervolgopleiding op het mbo.” In juni deden uit leerjaar 3 en 4 opgeteld maar liefst 51 leerlingen mee. VCA Basis diploma maakt vmbo-stage rijker Een stage op het vmbo is natuurlijk alleen leuk, leerzaam en interessant als je écht iets mag doen. Robert van Overbeek van Tutorial Opleiding & Advies: “Zonder VCA Basis diploma kan een leerling weliswaar bepaalde dingen doen en leren, binnen in de werkplaats. Echter, vanwege de veiligheidsrisico’s nemen technische bedrijven vmbo-stagiaires liever niet mee naar buiten toe, naar de echte bouwplaatsen waar het gebeurt of op pad met technische monteurs. Tenzij? Tenzij de leerling het erkende diploma VCA Basis op zak heeft. De stagebegeleider weet dan dat deze leerling een degelijke opleiding heeft gevolgd, veilig gedrag vertoont én risico’s op voorhand leert inschatten en melden. Dat maakt stages veel rijker voor vmbo-leerlingen, ze leren in de echte werkpraktijk de kneepjes van het vak. Stel, de stagebegeleider moet op een bouwplaats of op een installatieklus ineens naar een calamiteit? Dan kan deze de stagiaire met een gerust hart alleen laten in de wetenschap dat deze voldoende veiligheidsinzicht heeft.” Ook helpt het leerlingen makkelijker een vakantiebaantje te vinden bij technische bedrijven. VCA Basis in vogelvlucht VCA Basis (ook wel bekend als B-VCA) is een veiligheidscertificaat voor uitvoerende medewerkers in risicovolle sectoren. Het is een afkorting voor Veiligheid, Gezondheid en Milieu Checklist Aannemers – Basisveiligheid. Robert: “Het diploma bewijst dat je de basiskennis beheerst om veilig, gezond en milieubewust te werken. Met het VCA Basis-certificaat toon je aan dat je je bewust bent van de gevaren op de werkvloer en weet hoe je ongevallen kunt voorkomen.” Ook aandacht voor houding en inzet Drie gesplitste groepen met gemotiveerde derdejaars en vierdejaars leerlingen volgden op maandag 22 en dinsdag 23 juni de hele dag door VCA-lessen, gegeven door eveneens drie ervaren trainers van Tutorial Opleiding & Advies. Tom: “Lesgeven aan vmbo-leerlingen vergt een bepaalde aanpak. Wij zeggen: ‘zonder relatie geen prestatie’.” Robert: “Hier hebben we uiteraard onze docenten op geselecteerd, passend bij de doelgroep. Daar komt bij: de leerlingen hebben zich actief en vrijwillig opgegeven voor de VCA Basis-opleiding. Maar vrijwillig betekent niet vrijblijvend. We letten daarom ook sterk op hun houding en inzet.” VCA bestaat overigens in het vmbo als keuzevak. Tom: “Maar dan wordt het in de tijd gezien heel versnipperd aangeboden. Dat werkt niet voor onze leerlingen, daarom kiezen we nu voor de twee elkaar opvolgende volle lesdagen met direct daarna het examen.” Direct afsluitend examen Ter afsluiting vond op woensdag 24 juni het officiële examen plaats, afgenomen door STE Examenbureau. Ronald: “De opleiding is serieus en het examen officieel erkend.” De twee opleidingsdagen en het examen sluiten direct op elkaar aan. Ronald: “Des te actueler en frisser kunnen de leerlingen de opgedane kennis reproduceren.” Mocht een leerling zakken? Tom: “Dan biedt CT Stork Hengelo in overleg eenmalig kosteloos een herkansing aan, direct in de week erna.” Diplomavinkje scheelt op het technisch mbo Tom Blaauwgeers is de drijvende kracht achter de training en het examen voor de vmbo-leerlingen: “Het diploma blijft persoonlijk aan de leerling verbonden en is 10 jaar geldig. Het is verplicht om een VCA-diploma te behalen tijdens een technische mbo-opleiding. Als CT Stork College bieden wij deze mogelijkheid nu al tijdens de middelbare schoolperiode.” Robert van Overbeek: “Dat vinkje voor VCA Basis scheelt de leerlingen al veel werk als zij eenmaal op het technisch mbo zitten. Gaan ze inderdaad naar een ROC of het HBO? Dan moeten ze VCA VOL halen, maar hebben ze VCA Basis alvast op zak.” VOL staat voor Veiligheid Operationeel leidinggevenden. Uitslag examens Leerjaar 4 Examen: 20 leerlingen deelgenomen, geslaagd na examen 13 leerlingen. Herexamen: 7 leerlingen deelgenomen, geslaagd na herexamen 4 leerlingen. Herexamen eigen gelegenheid, wel betaald door school: 3 leerlingen deelgenomen, 2 leerlingen geslaagd na herexamen eigen gelegenheid. Totaal zijn er dus 19 van de 20 leerlingen geslaagd na 3 examenrondes. Mocht een leerling van leerjaar 4 niet zijn geslaagd na herexamen eigen gelegenheid, dan heeft hij/zij een voorsprong bij het te behalen VCA-diploma op het mbo. Leerjaar 3 Examen: 49 leerlingen deelgenomen, geslaagd na examen 25 leerlingen. Herexamen: 24 leerlingen deelgenomen, geslaagd na herexamen 5 leerlingen. Mocht een leerling van leerjaar 3 niet zijn geslaagd na herexamen, dan kan een leerling op eigen gelegenheid en kosten een herexamen aanvragen bij het STE-examenbureau. Wil je ook VCA-opleidingen in jouw STO-subregio organiseren? Tom Blaauwgeers weet hoe je dit ’t beste organiseert. Hij staat open voor al je vragen. MENU
- Workshops PO van TCC Potskampstraat zijn schot in de roos
315e01cb-d8b4-4e50-b521-b59d0d8788c3 Workshops PO van TCC Potskampstraat zijn schot in de roos De STO-subregio Oldenzaal maakt wérk van de gewenste doorlopende leerlijn PO-VO. Zoals met uitdagende en creatieve workshops waarmee Milan Kempers, docent PIE in opleiding, langs de basisscholen in het voedingsgebied van TCC Potskampstraat trekt. Een succes! Voor deze nieuwsbrief keken we mee bij Milan’s workshop voor het maken van je eigen flipperkast. Milan: “Het enthousiasme van de leerlingen is aanstekelijk!” Al op jonge leeftijd inspireren voor techniek De workshops zijn voor de leerlingen uit groep 5 en 6. Milan: “Bedoeld om kinderen al op jonge leeftijd te inspireren voor techniek.” De workshops zijn gebaseerd op bestaande ideeën, maar door Milan verder verfijnd. Op 29 mei ging Milan opnieuw langs bij basisschool de Meander in Ootmarsum omdat deze grote basisschool meerdere groepen 5 en 6 telt. Milan: “De workshops zijn standaard op vrijdag, voor groep 6 in de ochtend en groep 5 in de middag. In de ochtend maken ze een flipperkast én leren ze de basisbeginselen van programmeren. In de middag maken de leerlingen van groep 5 een gemotoriseerd autootje.” Milan komt voor het technische deel: “Aangezien ik de leerlingen niet ken, is het wel een voorwaarde dat de leerkracht van de leerlingen erbij is voor het pedagogische deel.” Eerst introductie, dan aan de slag! De leerlingen kregen eerst een introductie en presentatie van Milan, zoals over veilig werken en goed omgaan met gereedschap. Ook legde Milan uit hoe de leerlingen hun eigen flipperkast konden maken. Op een houten plankje leggen ze een sjabloon voor de buitenste omtrek van de flipperkast, tikken daar spijkertjes in, verbinden de spijkertjes met elastiekjes en bakenen zo het speelveld af. Binnen dat speelveld maken ze vervolgens naar eigen creatief inzicht de obstakels die de flipperbal gaan tegenkomen, ook met spijkertjes verbonden met elastiekjes. Plus uiteindelijk ook de flippers zelf: twee ijslollystokje die op spanning worden gezet met elastiekjes en waarmee ze het balletje het speelveld in schieten. Uiteraard stimuleerde Milan de leerlingen ook om het houten speelveld naar eigen idee creatief te versieren. Positieve ervaringen Wat zijn Milan’s ervaringen? “De leerlingen zijn heel erg enthousiast. Ik heb nooit op een basisschool les gegeven en deze leerlingen zijn intrinsiek gemotiveerd, heel mooi om te zien. Je hoeft hen absoluut niet te motiveren om iets te doen. Tegelijkertijd leer ik hen écht iets concreet over de basistechnieken, maar ze hebben helemaal niet door dat ze met dat leerproces bezig zijn, dat gaat spelenderwijs. Neem groep 5, die leg ik uit wat een stroomkring is en hoe die werkt. Opnieuw spelenderwijs en met een filmpje erbij. De klas weet daardoor hoe het werkt, maar heeft eigenlijk niet door dat ze aan het leren zijn.” Meerdere talenten ontwikkelen De meiden en jongens gingen geestdriftig aan de slag met de flipperkast. Milan liep rond voor hulp evenals meester Joep van de leerlingen. Milan: “Het leuke van deze workshop is dat de leerlingen meerdere talenten tegelijk ontwikkelen: technisch inzicht, veilig leren omgaan met gereedschap zoals een hamer én hun flipperkast een creatief thema meegeven.” De basisscholen zijn enthousiast over de aangeboden workshops. Milan: “Door het drukke curriculum hebben ze zelf geen tijd en gelegenheid om techniek te geven. Wij nemen dat van hen over. Wat daarbij ook helpt, is dat de basisscholen zich heel gemakkelijk via onze website voor de workshops kunnen inschrijven, een laagdrempelig reserveringssysteem. Aan het begin van het schooljaar zenden we alle basisscholen een mailtje dat alle opties weer open liggen en zij zich kunnen inschrijven voor een vrijdag.” Ook PO enthousiast Meester Joep van groep 6 van De Meander: “Voor techniekles hebben we inderdaad weinig ruimte in ons basisonderwijs. Er liggen andere prioriteiten waardoor dit soort vakken helaas weinig aan bod komt. Dankzij deze workshops kunnen we daar alsnog aandacht aan besteden.” Milan koppelt op TCC Potskampstraat terug wat zijn ervaringen met de workshops zijn: “Onlangs gaf ik een presentatie over hoe de workshops gaan en hoe ze worden ontvangen. We blikken erop terug en stellen bij wat eventueel beter kan.” Geen verschil tussen meisjes en jongens Ziet Milan verschil tussen meisjes en jongens? Milan: “Beiden zijn eigenlijk even enthousiast, ik zie geen verschil. Wel merk je dat het ene kind iets meer affiniteit heeft met techniek dan het andere. Sommige kinderen hebben nog nooit een hamer in de hand gehad, andere kinderen hebben al een vogelhuisje gemaakt. Het leuke is dat we die verschillen door deze workshops gelijktrekken en alle kinderen ongeveer op dezelfde techniekbasis laten uitkomen.” MENU
- Bedrijfsbezoek Heutink toont leerlingen de connectie tussen logistiek mensenwerk en technologie
928ca9cb-a836-4a5a-b22f-a8b5f344bc10 Bedrijfsbezoek Heutink toont leerlingen de connectie tussen logistiek mensenwerk en technologie Ook het profiel E&O sluit aan bij STO Twente. De Waerdenborch geeft hier veelzijdig handen en voeten aan zoals met een bedrijfsbezoek aan Heutink in Nijverdal. Tijdens dit bezoek stond de logistiek van Heutink centraal, en ook de technologie die daarin steeds meer wordt toegepast. Herman Jansen is docent Economie & Ondernemen en coördinator beroepsgericht onderwijs. Hij en zijn collega’s namen 17 derdejaarsleerlingen basis/kader mee naar Heutink: “Bij Heutink combineren ze in hun grote logistieke operatie mensenwerk en robotisering. Het is belangrijk dat onze leerlingen daar nu al kennis mee maken.” Totaalleverancier voor onderwijs, kinderopvang en zorg Bij familiebedrijf Heutink staat inmiddels de derde generatie aan het roer met voor scholen leermiddelen, inrichting en ICT. De leerlingen werden hartelijk ontvangen en kregen een speelse en heldere inleiding over waar Heutink voor staat. Tim en Lars van Heutink stelden de leerlingen allerlei vragen en op hun beurt stelden de leerlingen beide gastheren actief vragen. De wederzijdse interesse in elkaar was groot. Zou het daarbij misschien geholpen hebben dat Lars oorspronkelijk uit het onderwijs kwam? Geoliede logistieke operatie De leerlingen kregen na de inleiding in twee groepen een rondleiding door het logistieke hart van Heutink. Hier spelen techniek en technologie een grote rol. Hoge en talloze stellingen met artikelen, draaiende transportbanden met dozen en barcodes en handscanners vormen het hart van de slimme logistieke operatie. Neem de handscanner: die voorkomt niet alleen fouten in de logistieke uitlevering, maar laat ook zien hoe elke medewerkers zijn of haar werk doet, en daar wellicht ondersteuning in nodig heeft. Bijzonder is dat Heutink volop automatiseert en robotiseert, maar de menselijke inbreng altijd zal handhaven, een mooie combinatie die ook van belang zal zijn voor onze huidige generatie vmbo-leerlingen. Immers, over enkele jaren kan hen dit soort werkomgevingen ook te wachten staan waarin zij om moeten gaan met allerlei logistieke technologie. Tip voor vakantiewerk Heutink beleeft in de zomer haar drukste periode als alle bestellingen voor het nieuwe schoolseizoen moeten worden uitgeleverd. Daar zijn heel veel extra handjes bij nodig, vooral ook van vakantiekrachten. Lars en Niels gaven de bezoekende leerlingen van De Waerdenborch mee dat ook zij van harte welkom zijn om te solliciteren voor een vakantiebaantje. Eén van hun meest overtuigende argumenten? “We betalen net iets beter dan Albert Heijn!” Heutink zei direct ‘ja’ Ook Barbara Smith haakte aan bij het bedrijfsbezoek aan Heutink. Zij is relatiebeheerder onderwijs en bedrijven: “Een ander bedrijf moest helaas op het laatste moment afhaken voor dit bedrijfsbezoek. Dankzij onze steeds sterkere banden met het bedrijfsleven in de STO-subregio Holten – Rijssen vonden we Heutink razendsnel bereid om onze leerlingen te ontvangen. Heutink zit nu in de drukste periode van het jaar, en hun agenda zat al helemaal vol, maar voor de STO-subregio Rijssen – Holten maakten zij direct ruimte. Dit zegt heel veel over de sterke banden tussen het vmbo en het bedrijfsleven in onze regio. Ons netwerk groeit en we zetten in op duurzame relaties met het bedrijfsleven. Dat werpt nu zijn vruchten af.” Een eye opener! Na de rondleiding kwam iedereen nog even samen in de ontvangstruimte en keken de leerlingen op een interessant bedrijfsbezoek terug. Of, zoals een leerling bij het weggaan zei: “Ik weet nu wat logistiek écht is, ik heb het met eigen ogen gezien.” MENU
- Monsterkasten bij BWI brengen theorie en praktijk dichter bij elkaar
933a8a01-e84c-4e38-9b10-0cca44d30b81 Monsterkasten bij BWI brengen theorie en praktijk dichter bij elkaar In het Kampus Experience Center in Rijssen krijgen leerlingen van het profiel BWI (Bouwen, Wonen en Interieur) techniekonderwijs op een manier die verder gaat dan boeken en beeldschermen. Met het project Monstermooi heeft de BWI-afdeling van CSG Reggesteyn vier modulaire monsterkasten ontwikkeld waarin materialen, voorbeelden en didactische modellen centraal staan. De kasten helpen leerlingen om theorie beter te begrijpen door deze direct te koppelen aan de praktijk. Met Monstermooi maakt het BWI-team van Reggesteyn techniekonderwijs tastbaar, zichtbaar en begrijpelijk. Breed gedragen Het concept voor Monstermooi werd ontwikkeld door BWI-docent Michiel Berentschot. Wat begon als een idee om techniekonderwijs tastbaarder te maken, groeide uit tot een gezamenlijk project van de BWI-afdeling van Reggesteyn. De verdere ontwikkeling, inrichting en toepassing binnen het onderwijs wordt gedragen door het gehele BWI-team, in samenwerking met Sterk Techniekonderwijs Twente en diverse regionale bedrijven. Techniekonderwijs in de Kampus Reggesteyn verzorgt haar techniekonderwijs vanuit het Kampus Experience Center in Rijssen. Hier zijn zowel het profiel BWI (Bouwen, Wonen en Interieur) als PIE (Produceren, Installeren en Energie) gevestigd. De aanwezigheid van beide techniekprofielen onder één dak zorgt voor een krachtige leeromgeving waarin onderwijs, bedrijfsleven en praktijk elkaar dagelijks ontmoeten. Leerlingen werken er met moderne faciliteiten en komen al vroeg in aanraking met de mogelijkheden binnen de technische sector. Daarnaast maken ook andere scholen en organisaties gebruik van de voorzieningen in de Kampus. Michiel: “Hierdoor ontstaan regelmatig samenwerkingen en uitwisselingen die bijdragen aan een breder beeld van techniek en vakmanschap.” Tastbaar leren De aanleiding voor Monstermooi lag in een ontwikkeling die veel scholen herkennen: steeds meer lesmateriaal wordt digitaal aangeboden. Hoewel digitale leermiddelen veel voordelen bieden, merkte het BWI-team dat leerlingen soms behoefte hebben aan een concretere verbinding tussen theorie en praktijk. "Techniek leer je niet alleen door te lezen of te kijken", geeft Michiel Berentschot aan. "Je moet materialen kunnen zien, voelen en ervaren. Juist dan krijg je begrip." Vanuit die gedachte ontstond het idee om de vier BWI-profielmodules zichtbaar en tastbaar te maken in de praktijkruimte. Met financiële ondersteuning vanuit STO Twente werd het plan uitgewerkt tot vier monsterkasten die rechtstreeks gekoppeld zijn aan de examenonderdelen van het profiel. Vier modules, vier kasten Elke kast vertegenwoordigt één van de vier BWI-modules: Bouwproces en Bouwvoorbereiding, Bouwen vanaf de Fundering, Hout- en Meubelverbindingen en Design en Decoratie. Michiel: “In de kasten zijn onder andere houtsoorten, steensoorten, dakmaterialen, verbindingen, gereedschappen, afwerkingsmaterialen en schaalmodellen opgenomen. Iedere module heeft bovendien een eigen herkenbare kleur, waardoor leerlingen direct zien bij welk onderdeel de materialen horen.” De opbouw is bewust praktisch gehouden. Aan de ene zijde bevinden zich de monsters, voorbeelden en didactische modellen. Aan de andere zijde hangen werktekeningen die onderdeel zijn van de doorlopende leerlijn binnen BWI. Michiel: “Dankzij magnetische systemen kunnen tekeningen, opdrachten en voorbeelden eenvoudig worden aangepast of uitgebreid.” Meer begrip voor de praktijk De monsterkasten worden actief ingezet tijdens de lessen. Leerlingen werken eerst aan opdrachten binnen de digitale leeromgeving en koppelen deze vervolgens aan de materialen en voorbeelden in de praktijkruimte. Volgens het BWI-team levert dat zichtbaar resultaat op. "We merken dat leerlingen sneller verbanden leggen. Begrippen die op een scherm soms abstract blijven, worden begrijpelijk zodra ze een materiaal daadwerkelijk in handen hebben", aldus Michiel. De aanpak sluit aan bij de onderwijsvisie van Reggesteyn, waarin contextrijk onderwijs een belangrijke rol speelt. Door theorie direct te verbinden aan herkenbare praktijksituaties wordt leren betekenisvoller en beter toepasbaar. Ook waardevol voor anderen De monsterkasten blijken niet alleen een meerwaarde te hebben tijdens reguliere lessen. Ze worden ook ingezet tijdens open dagen, ouderavonden en bezoeken van leerlingen uit de onderbouw. Michiel: “Bezoekers krijgen hierdoor snel inzicht in de inhoud van het profiel en de vaardigheden die leerlingen ontwikkelen. Materialen kunnen worden bekeken, vastgepakt en vergeleken, waardoor techniekonderwijs letterlijk tastbaar wordt.” De kasten bieden bovendien een duidelijk overzicht van de volledige BWI-leerlijn. Voor leerlingen, ouders en bezoekers wordt zichtbaar hoe de verschillende onderdelen van het profiel samenhangen en hoe wordt toegewerkt naar examen en beroepspraktijk. Samenwerking met bedrijven Een belangrijk onderdeel van het succes is de nauwe samenwerking met het regionale bedrijfsleven. Diverse bedrijven leverden materialen, kennis en ondersteuning bij de realisatie van de monsterkasten. Ook buiten Monstermooi is die samenwerking zichtbaar. Michiel: “Leerlingen bezoeken regelmatig bedrijven in de regio, waaronder timmerfabrieken, interieurbouwers en toeleveranciers. Deze bezoeken geven een realistisch beeld van de beroepspraktijk en leiden regelmatig tot stageplaatsen of vervolgopleidingen binnen de technische sector.” Volgens het BWI-team laat Monstermooi zien wat mogelijk is wanneer onderwijs en bedrijfsleven gezamenlijk optrekken. Investeren in de toekomst van techniek Hoewel de technieksector onverminderd behoefte heeft aan vakmensen, krijgen scholen de komende jaren te maken met demografische ontwikkelingen waardoor het aantal leerlingen afneemt. Juist daarom vindt het BWI-team het belangrijk om techniekonderwijs zichtbaar, aantrekkelijk en betekenisvol te maken. Michiel: “Met Monstermooi is een leeromgeving ontstaan waarin leerlingen niet alleen leren voor een examen, maar vooral ontdekken wat techniek in de praktijk betekent. Door materialen te zien, te voelen en te ervaren wordt de afstand tussen theorie en werkelijkheid kleiner.” Of, zoals het project zelf treffend samenvat: ‘Monstermooi’ — tastbaar leren, blijvend onthouden’. MENU
- Keuzevak Domotica bij SMEOT verrijkt met ELO
77443b27-b190-4895-aea6-0377a1a59272 Keuzevak Domotica bij SMEOT verrijkt met ELO Het Stedelijk Alpha uit Enschede vindt in SMEOT een praktisch ingestelde partner voor het Keuzevak Domotica. De samenwerking loopt op rolletjes, helemaal nu recent een Elektronische Leeromgeving (ELO) is toegevoegd waarin ook SMEOT is aanhaakt. Ahmet Kemaloglu is docent PIE op het Stedelijk Alpha: “Onze school en SMEOT stemmen heel gedetailleerd de theorie en de praktijk op elkaar af, zoveel mogelijk per leerling. Dat maakt het Keuzevak Domotica extra waardevol.” Veel vraag naar domotica-specialisten Domotica staat voor al het geautomatiseerde gebouwenbeheer in een woonomgeving. Zoals het digitaal en op afstand je licht, zonnescherm en verwarming regelen. Ook in de utiliteit rukt domotica op, denk aan verpleeghuizen waarin dit soort technieken de zorgmedewerkers ontlasten. Domotica ontwikkelt zich razendsnel, benadrukt Ahmet: “De arbeidsmarkt staat te springen om technisch personeel, ook voor domotica.” Domotica: link met PIE-examen Besturen en Automatiseren Domotica is weliswaar een keuzevak, maar een groot deel van de inhoud maakt ook onderdeel uit van het PIE-examen, legt Ahmet uit: “Dit valt onder Besturen en Automatiseren. Het praktijkgedeelte oefen ik voor een deel op het Stedelijk Alpha en ook het theoretische deel doe ik zoveel mogelijk op school. Echter, bij SMEOT hebben ze de meeste faciliteiten voor domotica en zijn de leerlingen daar welkom voor een groot gedeelte van de praktijk. Denk aan pneumatiek waardoor de leerlingen echt leren werken met onder andere pneumatiekcilinders, luchtventielen, slangen en verschillende drukknoppen.” Hans Fokke coördinator vmbo onderwijs SMEOT: “Het Keuzevak Domotica is inderdaad officieel vastgelegd in het vmbo-curriculum. Wel hebben we vanuit SMEOT wat andere accenten gelegd. Immers, met onze mbo-opleidingen zijn we meer industrieel gericht vanuit mechatronica. Daarom hebben we aan het Keuzevak Domotica ook een stukje industriële besturing toegevoegd, bijvoorbeeld om machines vanuit een PLC-computer aan te sturen. Plus de toevoeging aan dit keuzedeel van het onderdeel pneumatiek, want dit wordt ook aangestuurd vanuit domotica in industriële omgevingen.” Van eenvoudig naar uitdagend Ahmet: “We reiken de leerlingen bij SMEOT een oefenschema aan en zij kunnen dit oefenschema van begin tot eind afwerken. Dat geldt ook voor het bedraden voor het pneumatiekgedeelte en een relais. De leerlingen maken een compleet bedradingsschema met daarop drukknoppen, lampen, zoemers en nog meer. Aan de hand van een tekening sluiten ze al die bedradingsschema’s aan. Hierna testen ze wat ze gebouwd hebben. Werkt alles? Dan starten ze met de volgende oefening. Ze beginnen op een laag niveau en na elke afgeronde oefening gaan ze naar de volgende, iets meer gecompliceerde oefening. Sommige leerlingen zijn zo snel klaar, dat we hen een extra oefening geven waar ze ook extra punten voor krijgen. Ze worden dus beloond voor deze extra prestatie.” Goede onderlinge afstemming Het Stedelijk Alpha is heel blij met SMEOT, onder andere voor de samenwerking voor het Keuzevak Domotica. Ahmet: “De onderlinge afstemming verloopt goed. Die samenwerking is een belangrijke schakel in de ontwikkeling van de doorlopende leerlijn zoals STO die graag ziet.” Het Keuzevak Domotica betekent dat de leerlingen twee periodes voor vier uur in de week naar SMEOT gaan. Het keuzevak wordt afgerond met een bedrijfsbezoek. Een pittige uitdaging voor veel leerlingen Leerlingen vinden domotica over het algemeen behoorlijk pittig, geeft Ahmet aan: “Sommige leerlingen snappen het heel snel en geven we extra uitdagingen. Veel andere leerlingen zijn hier niet zo snel in. Je moet er gevoel voor hebben. Daarom werken we hierin samen met SMEOT, een stukje op school en daarbuiten, zodat ook deze leerlingen de praktische vaardigheden beter en sneller oppakken. Onze vmbo-leerlingen leren dingen veel beter als zij die zelf met de hand kunnen oefenen, met de theorie hebben ze vaak meer moeite. Via een digitaal systeem op school kunnen zij de theorie lezen en vragen beantwoorden. Snappen ze vragen niet? Dan kunnen zij weer terug naar die eerdere theorie, de vragen alsnog beantwoorden en uiteindelijk een toets maken.” Gemak van Elektronische Leeromgeving (ELO) Voor Besturen en Automatiseren waaronder het Keuzevak Domotica valt, wordt gewerkt met een Elektronische Leeromgeving (ELO). [MR1] Ahmet: “Mijn collega’s bij SMEOT heb ik hierin toegang gegeven zodat zij in ELO zien welke theorie wij behandelen. Daaropvolgend kunnen zij dan het aansluitende praktijkgedeelte geven. Dankzij ELO zien SMEOT en ik waar elke leerling staat, waar het goed gaat en waar er nog verbeterpunten liggen. Ronny Terink is docent/instructeur bij SMEOT, hij houdt dat heel netjes bij. Gemiddeld probeer ik elke week een keer mee te gaan met de leerlingen zodat ik zelf ook kan zien waar ze mee bezig zijn bij SMEOT en hoever ze daarmee zijn. Dit stem ik af met Ronny waarna ik op grond van die afstemming de theorie op school vervolgens weer aansluitend kan oppakken.” Docentenprofessionalisering Een belangrijk doel van STO Twente is docentenprofessionalisering. Ahmet: “Op 18 juni nam ik deel aan een nieuwe cursus vanuit het Platform PIE. Daar leerden we de laatste technieken en materialen, zoals relais en PLC’s. We oefenden met de nieuwste versies hiervan en hoe je deze kunt programmeren en integreren in de lespraktijk. Als docent moet je je blijven ontwikkelen, anders loop je al heel snel achter. Vervolgens kan ik die laatste kennis weer meegeven aan mijn leerlingen in het Keuzevak Domotica.” MENU










