434 resultaten gevonden
- Eerste FarmBot op CSG Reggesteyn in werking
99bb11c1-c35d-409b-bd0d-dcee65a09685 Eerste FarmBot op CSG Reggesteyn in werking Docenten van PIE en HBR op CSG Reggesteyn in Rijssen sloegen de handen ineen en bouwden recent de eerste FarmBot. Ook het Groen Praktijkonderwijs sloot aan. Een FarmBot is een uniek concept voor de vmbo-leerlingen om aan de slag te gaan met moderne technologie in de landbouw. Ofwel: smartfarming! Linda van Gelder is Docent Technolab op CSG Reggesteyn: “We leven in een wereld van constante vernieuwingen, niet alleen op het gebied van techniek en technologie, maar ook hoe wij ons eten zien en ervaren. Op Reggesteyn willen wij onze leerlingen hiermee voorbij de basis laten kijken en hen stimuleren om grenzen te verleggen, ook na hun opleiding. Banen worden steeds meer geautomatiseerd, ook de agrarische banen die onze vmbo-leerlingen mogelijk later krijgen. Met die technologie willen we onze leerlingen nu al in aanraking brengen, waaronder smartfarming. Dit fenomeen rukt op, ook in onze regio. Bij smartfarming zijn nagenoeg alle facetten van zaadjes planten tot en met oogsten geautomatiseerd. Om de leerlingen hiermee daadwerkelijk in aanraking te brengen, hebben we dankzij STO Twente een FarmBot kunnen aanschaffen en is inmiddels in werking.” FarmBot: een geautomatiseerde landbouwmachine Een FarmBot is een geautomatiseerde landbouwmachine: “De basis is een houten bak met aarde. Daarin planten de leerlingen bijvoorbeeld kruiden. De FarmBot maakt gebruik van hardware die zich over de bak kan verplaatsen om zo op de millimeter precies zaadjes te planten, deze zaadjes water te geven, het vochtigheidsniveau van de aarde te detecteren en onkruid te verwijderen. Daarnaast maakt de FarmBot gebruik van een camera om het onkruid te detecteren en om de gezondheid van de plantjes bij te houden.” Smart moestuin De leerlingen creëren hiermee, onder begeleiding, in feite een ‘smart’ moestuin en kunnen deze bewerken met de bijgeleverde app. Een unieke manier om vmbo-leerlingen te betrekken bij landbouw en technologie. Linda: “Veel leerlingen hebben geen idee hoe hun voedsel groeit. Door er nu zelf mee aan de slag te gaan, krijgen ze ook die kennis als vanzelf mee.” De leerlingen bedienen de FarmBot zelf. Linda: “Wij programmeren voor en leggen het uit. Als de FarmBot eenmaal draait, kunnen zij deze helemaal zelf ontdekken en onderhouden. Daar leren ze heel veel van.” Samenwerking tussen profielen Het mooie is dat er meerdere profielen samenwerken op dit technologieproject, vooral Machiel Dijkslag, docent Horeca, Bakkerij en Recreatie (HBR), Patrick Kleijn, docent Produceren, Installeren en Energie (PIE) en Hans Mulder van het Groen Praktijkonderwijs. Machiel: “Momenteel testen we, samen met leerlingen, uit wat het beste geschikt is voor de FarmBot, zoals paprikaplantjes, dille, rucola en basilicum.” Patrick Klein, docent PIE: “Er zit heel veel techniek in een FarmBot. Vanuit PIE zijn we vooral betrokken als technisch ondersteuner bij het opzetten van de FarmBot inclusief alle benodigde wateraansluitingen, slangetjes, leidingen en meer. Het is een proef, we lopen tegen kinderziekten op, dus verbeteren wij onszelf hierin stap voor stap omdat we gaandeweg dit traject ook nieuwe inzichten opdoen. Met als doel uiteindelijk het afleveren van een goed werkende FarmBot. Neem circulariteit, ook belangrijk voor onze leerlingen. We denken erover het benodigde water op te vangen met een regenton. Hier ligt weer een link met het vak Aardrijkskunde. Ook overwegen we de installatie van een zonnepaneel om de FarmBot van energie te voorzien.” Ook aantrekkelijk voor meiden Linda: “De FarmBot staat nu nog op ons schooldak, maar we gaan deze verhuizen naar de groenkas op ons binnenplein. Sterker nog, er komen twee FarmBots in te staan, plus een Hydrophonics systeem waarmee de PIE-leerlingen een compleet watersysteem bouwen.” Patrick: “Nu staat de farmbot nog op het dakterras en we hopen volgend jaar, samen met Hans Mulder van Groen Praktijkonderwijs in samenwerking met HBR en PIE, een mooie groene groenkas neer te zetten. Want een plek ín de groenkas beschermt de ingezaaide producten tegen bevriezen. Opnieuw een verbreding omdat we in dit project daarmee dus ook het Praktijkonderwijs meenemen. Kortom, we combineren meerdere profielen en de kennis van de docenten met als doel samen een lesprogramma voor de FarmBot te draaien.” Linda: “We hopen met dit soort schone technologie meer meiden te interesseren om in een kas te willen werken of bij een tuiniersbedrijf via de afdeling Groen op onze Pro school.” Iedereen betrekken Hoe is deze samenwerking tussen de profielen eigenlijk ontstaan? Machiel: “Linda voedt ons met goede ideeën op het vlak van techniek en technologie zoals met de FarmBot. Daarmee inspireer je de collega’s in je eigen profiel. Vervolgens zoek je in je school collega’s binnen de andere profielen die ook willen samenwerken. STO draait erom dat je iedereen op je school betrekt, informeert, elkaar stimuleert en elkaar zo verder brengt.” Linda: “Mijn doel is de betrokken docenten en afdelingen te koppelen en vervolgens kan ik het loslaten.” Patrick: “Klopt, Linda is hierin onze verbinder.” Aan de slag! Na de zomer gaan de leerlingen bij het profiel HBR aan de slag met de FarmBot. Linda: “We hopen dan een mooie, veelzijdige groene kas te hebben, met onder andere de FarmBot. De leerlingen komen hierin op de lange termijn met zowel fysieke als digitale ervaringen in aanraking. Met als doel om problemen op te lossen, samen te werken en te communiceren. Competenties die hen maximaal voorbereiden op het latere werkveld in de steeds meer geautomatiseerde agrarische sector.” Patrick: “Ook voorzie ik een blijvende inbreng van onze PIE-leerlingen om de HBR-leerlingen met de FarmBot te ondersteunen.” Link met Technolab Eveneens ligt er een mooie link vanuit dit project met het Technolab van CSG Reggesteyn: “Ons Technolab is gebaseerd op de ‘7 werelden van techniek’ en één daarvan is Voeding & Natuur. Leerlingen uit het basisonderwijs willen we onder andere aanbieden dat zij bij ons in het Technolab aan de slag gaan met de Neuron e-modules van Makeblock. Hiermee kunnen deze jonge leerlingen, onder begeleiding, een watersysteem programmeren en aanleggen. De leerlingen krijgen een uitleg over de FarmBot en gaan vervolgens zelf aan de slag: hoe maak je dit en welke onderdelen heb je daarvoor nodig? Met dit soort activiteiten betrekken we niet alleen meer profielen bij het Technolab, maar ook de leerlingen vanuit het basisonderwijs.” Patrick: “Dit soort projecten draagt bij aan de doorlopende leerlijnen waar STO Twente ook op inzet.” Oogst in eigen huis bereid en geserveerd Uiteindelijk levert de FarmBot een oogst op. Machiel: “Die verwerken de leerlingen van HBR in gerechten én serveren we in ons schoolrestaurant. Een aansprekend voorbeeld voor de leerlingen van circulariteit! Vanaf het komende schooljaar kunnen geïnteresseerden hiervoor op de maandag- en woensdagmiddag reserveren.” Ook benadrukt Machiel de samenwerking met het Technolab: “Eerst dacht ik: wat moet HBR met het Technolab? Want onze leerlingen werken vooral ambachtelijk met de handen. Nieuwe technologie zie je niet zo in ons profiel, maar met de FarmBot is dat inzicht wel aan het landen, en dat is ook belangrijk voor het beroepsbeeld van onze HBR-leerlingen. We leven in 2023 en ook vanuit HBR omarm ik graag voor mijn leerlingen alle technologische vernieuwingen, want die gaan ze uiteindelijk later in hun werk tegenkomen.” MENU
- Regio Hengelo | STO Twente
STO SUBREGIO HENGELO MENU STO SUBREGIO HENGELO De subregio Hengelo heeft uiteraard een duidelijke verbintenis met techniek, Hengelo wordt niet voor niks één van de technieksteden van Twente genoemd. In Hengelo is de techniek goed vertegenwoordigd in het bedrijfsleven en wij als C.T. Stork College zijn één van de leveranciers van vakmensen. Het C.T. Stork College is de school van de trotse makers, leerlingen die graag leren, maar niet per se uit de boeken. Wij leiden leerlingen op binnen de technische profielen BWI en PIE, maar daarvoor laten wij leerlingen kennismaken met techniek en technologie in de onderbouw. Stevig netwerk bedrijven Een verbinding met het bedrijfsleven is daarbij essentieel en we hebben dan ook een netwerk van ruim 50 bedrijven die ons ondersteunen op verschillende vlakken. Een ander kenmerk van de subregio Hengelo is Hengelo Goes Techno, waarbij leerlingen uit klas 2 kennismaken met technische bedrijven tijdens bedrijfsbezoeken. Denkt u iets te kunnen betekenen voor het techniekonderwijs in Hengelo? Neemt u dan contact met ons op! Onderstaand vindt u onze gegevens. Volg ook de socials van regio Hengelo DEELNEMENDE SCHOLEN C.T. Stork College Hengelo PARTNERS SMEOT Het Techniekhuis Onderdeel van ROC van Twente (Installatiewerk Nederland, Bouwschool Twente, Schildersvakopleiding). CONTACTGEGEVENS Regioleider Benno Hams b.hams@ctstorkcollege.nl Projectleiders Tom Blaauwgeers t.blaauwgeers@ctstorkcollege.nl Cindy te Raa c.teraa@ctstorkcollege.nl SUBREGIO HENGELO
- Workshop Smeden benadrukt hedendaags belang van ambachtelijke technieken
2debb949-6649-44d3-80e6-25c201c6dee8 Workshop Smeden benadrukt hedendaags belang van ambachtelijke technieken STO Twente draait vooral om moderne techniek en technologie. Met docenten die de laatste stand van zaken enthousiast overbrengen op hun vmbo-leerlingen. Maar STO regioleider Benno Hams houdt er een originele visie op na. Hij organiseerde voor de techniekdocenten van C.T. Stork College en SMEOT een ééndaagse smeedcursus op het buitenterrein van SMEOT in Hengelo: “De collega’s zijn voortdurend met technologie bezig, met de focus op nieuw, nieuw, nieuw. Daardoor dreigt de kennis van oude ambachten te verdwijnen zoals smeden en daarom deze workshop.” Benno: “We werken veel en goed samen met SMEOT. Samen maak je toch het onderwijs. Met deze workshop smeden verstevigen we de band, ook tussen de vmbo- en mbo-docenten.” Eerst kregen de deelnemers tekst en uitleg over de oorsprong van het smeden. Benno: “Ook is uitgelegd en voorgedaan hoe je een smeedvuur opbouwt en waar je allemaal rekening mee moet houden tijdens het ambachtelijke proces van smeden.” Als opdracht gingen de deelnemers aan de slag om uit een ijzeren staaf uiteindelijk een sierlijk mes met lemmet te smeden. Ook nu nog smeedwerk gevraagd De docent was de rasechte fries Floris Foekema, zelfstandige smid en docent smeden: “Ik heb eerder op een basisschool gewerkt als leerkracht. Die pedagogische kennis komt mij in dit soort lessen heel goed van pas, ook nu ik les geef aan volwassenen. Ik leg niet alleen de techniek zelf uit, maar ook de achtergrond waarom technieken in het vak van smid zijn zoals deze zijn. Het smeedwerk van nú zit ‘m vooral in restauratiewerk en hele specifieke opdrachten, bijvoorbeeld een vervangingsonderdeel in een machine dat niet meer is te krijgen. Het is mooi dat STO Twente de huidige techniekdocenten ook met hun eigen handen kennis laat maken met het ambacht van smeden, want ook een smid blijft nodig. Het mooie is: bij een ambacht als smeden zie je altijd de handtekening van de ambachtsman terug, in moderne technologie is dat eigenlijk niet meer zo.” Positieve reacties deelnemende docenten Pascal ter Braak: “Eerlijk gezegd had ik geen idee wat ik hiervan moest verwachten, maar het is ontzettend gaaf om te doen. Het gehamer is heel fysiek, maar dat is ook een deel van de aantrekkingskracht. Je moet je koppie er wel bij houden, want elke handeling en slag die je uitvoert heeft effect. Het is in de praktijk toch wel heel anders dan je op tv weleens ziet. Niks digitaal, maar gewoon ambachtelijk vakwerk maken.” Onno Wiggers: “Een oud-collega van mee deed dit werk vroeger ook, als hobby en werk. Dus ik had het weleens gezien, maar zelf doen is toch anders!” Wim Boellen: “Het valt best tegen om zelf iets te smeden. Mijn stuk ijzer bijvoorbeeld had ik te lang in het vuur liggen en dan valt er niets meer aan te hameren en te vormen. Dan moet je opnieuw beginnen en heel goed de kleur van het vuur in de gaten houden. Alleen bij de juiste kleur van het vuur is het ijzer gereed om het te bewerken. Ook de fysieke inspanning zijn we niet meer gewend.” MENU
- Zes vmbo’s in subregio Almelo e.o. leiden gezamenlijk technische specialisten op voor Cricut maker
437e06f3-3ccc-447e-9e65-8104bda389ef Zes vmbo’s in subregio Almelo e.o. leiden gezamenlijk technische specialisten op voor Cricut maker Twentse vmbo-docenten professionaliseren zich onder de vlag van STO Twente steeds meer bij op het gebied van nieuwe technologie. De subregio Almelo e.o. kiest hierbij zoveel mogelijk voor een gecentraliseerde aanpak. Erik van Bunnik & Kirsten Lejeune, verantwoordelijk voor docentprofessionalisering in de subregio Almelo: “We trainen onze docenten het liefst gezamenlijk als het gaat om de inzet van nieuwe technologie. Het mes snijdt aan meerdere kanten: dit is efficiënter en versterkt ook nog eens de onderlinge band tussen de aan STO Twente deelnemende vmbo-scholen. Het gezamenlijk professionaliseren scheelt een dure externe trainer per school, en je kunt maatwerk leveren.” De winst is duidelijk, benadrukt Kirsten: “Na deze trainingsdag heeft elke deelnemende school één technisch aanspreekpunt voor het gebruik van de Cricut maker en ook het oplossen van storingen.” Door de onderlinge goede verhoudingen kregen we van collega Marc-Jan van het Zone.college de mogelijkheid voorgedragen van deze training. Zo leiden we samen en met elkaar op.” Focus op leren bedienen en onderhouden van Cricut Erik: “Alle zes vmbo-scholen in de subregio e.o. beschikken inmiddels voor hun Technolab over een Cricut, een soort printer waarmee je ook kan snijden. Niet alleen papier, maar ook stoffen zoals vinyl, leer en andere (bijzondere) materialen. Onder de vlag van docentprofessionalisering van STO Twente hebben wij dit georganiseerd voor alle geïnteresseerde docenten van de zes vmbo-scholen. Concreet mondde dit uit begin januari in één trainingsdag in het Technolab van het Alma College. De insteek van deze lesdag? Hoe bedien je nu zo’n printer? Hoe los je het op als een stof vast komt te zitten? Hoe plaats je nieuwe printerkoppen? Eigenlijk kwamen alle basale handelingen voorbij om de printer te kunnen bedienen én te onderhouden, een groot succes.” De winst is duidelijk, benadrukt Erik: “Na deze trainingsdag heeft elke deelnemende school één technisch aanspreekpunt voor het gebruik en ook het oplossen van storingen. Deze trainingsdag was specifiek gericht op het opleiden van, zeg maar, de ‘technische dienst’ voor de Cricut voor elke school.” Aansluiting bij serie praktische workshops Eerder in deze nieuwsbrief publiceerden we over een serie praktische workshops vanuit STO Almelo e.o. voor docenten om nieuwe technologie in slechts twee uur onder de knie te krijgen. Deze serie herhaalt zich in 2024 met enige regelmaat in Studio 15 in Almelo. Kirsten: “Vanaf 2024 maakt ook een workshop Cricut hiervan deel uit. Deze is, evenals de andere workshops, vrij toegankelijk voor alle professionals binnen STO Twente.” Overzicht alle praktische workshops Kijk voor alle praktische workshops voor nieuwe technologie, zoals over Cricut of vliegen met drones, op https://www.baanbrekendleren.nl/docent-vo voor het programma in 2024. Wegens groot succes is de workshop voor de Cricut in maart al volgeboekt, maar voor de workshop in februari is nog plek. Vanaf februari volgt er elke maand een training voor de Cricut en de andere workshops. Voor exacte data is het advies om de bovenstaande link regelmatig te openen en naar de voortdurend geactualiseerde workshopdata te kijken. Om lesuitval zoveel mogelijk te voorkomen biedt STO Almelo e.o. de workshop(s) zo gespreid mogelijk aan. Daardoor kun je je altijd inschrijven op een dag die jou het beste past. Lekker thuis oefenen! Heb je deelgenomen aan de praktische workshop voor de Cricut? Dan hebben Erik en Kirsten nog een mooie verrassing: “We hebben een extra Cricut aangeschaft. Op aanvraag kunnen docenten die mee naar huis nemen op basis van een roulatie-/uitleensysteem. Ideaal om thuis in alle rust al het geleerde zelf nog meer onder de knie te krijgen door naar hartenlust te experimenteren. Want juist door zelf meters te maken met nieuwe technologie krijgt je deze pas écht voor de volle 100% onder de knie.” MENU
- Keuzevak Bouw en Woonrijp Maken slaagt door goede samenwerking
63e370f2-67e3-40e2-a3a1-6db0acd72d43 Keuzevak Bouw en Woonrijp Maken slaagt door goede samenwerking Bouw- en Woonrijp Maken is een gloednieuw keuzevak van het Canisius in Tubbergen. Centraal staat de samenwerking met het opleidingsbedrijf InfraVak in Holten en de bedrijven Kruse Groep uit Geesteren, Aannemersbedrijf Gerwers uit Tilligte en Gebr. Poppink uit Reutum. Maar liefst drie bedrijven werken voor dit keuzevak collegiaal samen. InfraVak is dé vakopleider, samen met het ROC van Twentein de grond-, weg en waterbouwsector (GWW). Marleen Peddemors is vanuit het Canisius de drijvende kracht achter dit keuzevak: “De drie bedrijven, InfraVak, ROC van Twente en het Canisius hebben er heel bewust voor gekozen om het mooie infravak sámen uit te dragen.” Verbreden vanuit D&P Marleen Peddemors legt het systeem achter dit keuzevak enthousiast uit: “We zijn een pilot begonnen met zeven leerlingen in de derde klas, en dat aantal is ook echt de limiet. Onze school biedt alleen het profiel D&P aan. Maar daarbinnen laten we de leerlingen allerlei uitstapjes maken naar de profielen BWI, Groen, PIE en meer. Daar past onze inzet op dit keuzevak ook goed bij. De leerlingen die voor het keuzevak Bouw- en Woonrijp kiezen werken graag met de handen en willen richting loonwerk, het hoveniersvak, werken als kraanmachinist of grond-, weg- en waterbouw. Dit keuzevak geeft hen nét het juiste opstapje om zich inhoudelijk goed te kunnen oriënteren. Bij hun daadwerkelijke vervolgstudie in welke richting van infra dan ook, geeft dit deze leerlingen alvast een zachtere landing.” Introductie én verdieping De leerlingen krijgen in totaal zeven lessen. Marleen: “De introductie vond plaats bij de InfraVak in Holten door Henk Roessink van het ROC van Twente. Daar kregen ze les over veiligheid en konden ze proeven en ruiken aan alle facetten van de infra. Vooral bedoeld om al enthousiasme te kweken.” Na deze introductie gingen de leerlingen twee keer aan de slag bij elk van de drie deelnemende bedrijven, dus zes bedrijfsbezoeken in totaal. ‘Grondige’ aanpak Bij Kruse Groep lag de focus op boren en grondonderzoek. Bij hun tweede bezoek aam Kruse Groep hebben de leerlingen bepaalde opdrachten uitgezet en uitgelezen met een laser. Ook leerden ze rechte hoeken en piketten uitzetten. Eveneens leerzaam: onze Nederlandse bodem ligt vol met leidingen, je kunt niet overal zomaar de spade in de grond zetten. Marleen: “De leerlingen leerden met een zogeheten CLIC-systeem vast te stellen waar er bijvoorbeeld water- en gasleidingen liggen onder de grond.” Veelzijdig aan de slag Bij Gerwers mochten de leerlingen mee naar een bouwproject in Hengelo, netjes gebracht in een taxibusje. Marleen: “Hier gingen de leerlingen concreet aan de slag met rioolaanleg en ontdekten zij hoeveel nauwkeurigheid daar bij komt kijken. Ook leerden ze welke soorten grond je allemaal tegen kunt komen, van leem en zand tot en met klei. En vooral ook: hoe gedraagt die grond zich als je daar in en op gaat bouwen?” Bij het tweede bezoek aan Gerwers lag het accent op het werk rondom duikers, zoals het plaatsen van platen en het nauwkeurig voorbewerken met een graafmachine.” Tot slot brachten de leerlingen twee bezoeken aan Gebr. Poppink in Reutum: “Naast grondwerk leerden de leerlingen hier ook van alles over straatwerk.” Afsluiting bij InfraVak Marleen: “Tot slot organiseren we in juli een afsluiting van het keuzevak Bouw- en Woonrijp Maken bij InfraVak. Uiteraard nodigen we hier de ouders ook voor uit. De leerlingen presenteren dan wat zij hebben geleerd bij de verschillende bedrijven. Elk groep leerlingen geeft een presentatie over één van de drie deelnemende bedrijven. Van belang ook als reflectie naar de bedrijven toe: is er bij de leerlingen overgekomen wat zij voor ogen hebben gehad?” Ook belangrijk: InfraVak vertelt de leerlingen en hun ouders ook welke vervolgopleidingen er mogelijk zijn. Goede samenwerking met alle partners Bij de meeste keuzevakken werkt een school samen met één bedrijf, maar voor dit keuzevak Bouw- en Woonrijp Maken slaagde het Canisius erin om maar liefst drie bedrijven te betrekken. Marleen: “Tijdens ons Talent Event in oktober 2023 werkten we ook al samen met deze bedrijven, dus die basis lag er al. Alle drie de bedrijven heb ik ons plan uitgelegd voor dit keuzevak. Wat dan helpt, is dat bij deze bedrijven ook al leerlingen van het Canisius stage lopen. De bedrijven, InfraVak, ROC van Twente en het Canisius hebben er heel bewust voor gekozen om het mooie en toekomstrijke infravak sámen uit te dragen. De bedoeling was om leerlingen én kennis te laten maken én warm te maken voor ons vak. We hebben het hele programma dan ook samen in elkaar gezet en de eindtermen gewaarborgd.” Pedagogisch-didactische ondersteuning Marleen: “Ook hebben we de bedrijven ondersteuning aangeboden bij het pedagogisch-didactisch goed onderbouwen van de bedrijfsbezoeken. Maar de bedrijven deden het fantastisch door de theorie heel goed uit te leggen vanuit de praktische invalshoek. Bijvoorbeeld Peter Gerwers legde heel goed uit dat je op de bouwplaats áltijd oogcontact moet maken en houden met de mensen op de machines. Vervolgens brachten ze dat op de bouwplaats bij de leerlingen heel praktisch in de praktijk door te vragen aan de leerlingen: “Wat moet je altijd doen op de bouwplaats?” Dat soort tips uit de praktijk zijn al fantastisch voor de leerlingen.” En het mooie is: alle bedrijven en ROC van Twente en InfraVak hebben inmiddels toegezegd om vólgend jaar opnieuw vol mee te doen met dit keuzevak. Er is zelfs al belangstelling vanuit andere InfraVak scholen in den lande. Reactie InfraVak Kim Wever-Brinkman is bij InfraVak verantwoordelijk voor marketing en communicatie: “Het is voor InfraVak de eerste keer dat we met een school zó intensief samenwerken met drie bedrijven voor een keuzevak. Wel willen we dit soort initiatieven heel graag uitbreiden naar meerdere scholen, want de samenwerking met het Canisius en de bedrijven bevalt ons heel goed. We hebben hiervoor drie bedrijven bij elkaar gebracht en zelf vinden zij het ook heel leuk en belangrijk om hier tijd en aandacht aan te besteden. Het kost hen uiteraard tijd en energie, maar we proeven nu al dat de bedrijven volgend jaar zó weer mee zouden doen met dit keuzevak Bouw- en Woonrijp Maken. Voor ons heel belangrijk, want ook infratechniek heeft te maken met een geringere instroom van jong talent. We moeten steeds meer doen om dezelfde instroom op peil te houden. Onze lid-bedrijven zoeken allemaal BBL-leerlingen, maar we kunnen niet aan de vraag voldoen. Daarom steken we graag ook energie in STO Twente. We wáren al actief in het vmbo en nu ook meer met STO Twente. Infratechniek is toch nog een onbekende sector voor de jeugd. We gaan al naar scholen, geven voorlichting en workshops en organiseren excursies. Maar met dit nieuwe keuzevak Bouw- en Woonrijp Maken krijg je ze veel directer en gerichter binnen.” MENU
- VR Expertteam CSG Reggesteyn brengt technologie naar vak muziek
4ccd4d2f-688e-4143-8a33-d0cb185af991 VR Expertteam CSG Reggesteyn brengt technologie naar vak muziek Virtual Reality (VR) krijgt op twentse vmboscholen veel aandacht, ondersteund door Sterk Techniekonderwijs Twente. Ook scholengemeenschap Reggesteyn uit de subregio Rijssen – Holten is hiermee volop bezig. Deze actieve STO-school kent zelfs een eigen VR-Expertteam bestaande uit Marloes Spijkerman, Tamara Berentschot en Emiel Velnaar. Geheel in lijn met de gedachte van STO Twente dat technologie breder ingezet kan worden in het vmbo dan alleen voor de harde techniekprofielen gingen zij met VR aan de slag bij…muziek!” Technisch en technologisch onderwijs verrijken Marloes, Tamara en Emiel: “Wij zoeken voortdurend naar innovatieve manieren om ons technologisch onderwijs te verrijken. Een mooi voorbeeld hiervan is de recente samenwerking tussen het VR-Expertteam en het vak muziek!” Hoe dit werkt? Leerlingen die de keuzemodule 'dirigeren' hebben gevolgd, kregen een unieke kans om hun opgedane kennis op een bijzondere manier in de praktijk te brengen. Marloes, Tamara en Emiel leggen de insteek enthousiast uit: “Tijdens de module 'dirigeren' hebben de leerlingen zich eerst verdiept in de theorie achter het dirigeren. Ze voerden verschillende oefenspellen uit waarbij ze oefenden met hard/zacht en met de inzet bij een muziekstuk. En ook: wanneer krijg je een groep tegelijk aan het spelen/zingen/klappen?” Interactieve en innovatieve afsluiting Na deze theorielessen was het tijd voor een interactieve en innovatieve afsluiting: een sessie met de VR-bril. Marloes, Tamara en Emiel: “Met behulp van de app ‘Maestro’ konden de leerlingen in een virtuele omgeving een orkest dirigeren. Dit bood hen de kans om hun geleerde technieken direct toe te passen en te ervaren hoe het is om voor een groot ensemble te staan. De VR-technologie maakte het mogelijk om realistische feedback te krijgen op hun bewegingen, waardoor ze hun vaardigheden ter plekke verder konden aanscherpen.” Enthousiast over innovatieve leermethode Docenten en leerlingen waren enthousiast over deze innovatieve leermethode. “Het is geweldig om te zien hoe technologie en muziek elkaar kunnen versterken. De VR-bril geeft een extra dimensie aan de beleving en maakt het dirigeren levensecht”, besluit het VR-Expertteam. En ook heel belangrijk natuurlijk: “Ook de leerlingen waren onder de indruk!” Deze samenwerking tussen het VR-Expertteam en het vak muziek laat zien hoe virtual reality kan bijdragen aan een dynamische en interactieve leerervaring. Het VR-Expertteam kijkt ook naar de toekomst: “Onze school blijft zich inzetten voor innovatieve onderwijsontwikkelingen en kijkt uit naar verdere samenwerkingen tussen technologie en andere vakken!” MENU
- Leerlingen werken voor kratracer succesvol samen met techniekbedrijf
f97abacf-f8c8-4e0d-93eb-1e42d7d14e92 Leerlingen werken voor kratracer succesvol samen met techniekbedrijf De afdeling PIE van C.T. Stork College en BST Servicegroep, beide uit Hengelo, zijn begin dit jaar voor het eerst een samenwerking gestart. De leerlingen uit klas 3 bouwen op donderdagmiddag onder begeleiding van zowel PIE docent Arnold Prinsen als Tim Weijenborg, stagiair bij BST Servicegroep, aan een stoere kratracer. Eerder berichtte deze nieuwsbrief over de start van dit bijzondere project. Hoe verloopt het bouwen en het samenwerken? STO Twente ging polshoogte nemen in het PIE-lokaal van C.T. Stork College. Hoe staat het project ervoor? Arnold: “De leerlingen bouwen de kratracer nu op. Alle laswerkzaamheden en het constructiewerk zijn afgerond. De halffabrikaten zijn in principe af. Nu assembleren ze alles in elkaar tot een eindproduct, tot en met de banden en lagers.” Lopen de leerlingen ergens tegenaan? Arnold: “Zeker! Daar leren ze van. Zoals tekening lezen. Dat gaat weleens mis. Dan hebben ze met elkaar iets in elkaar gemonteerd en moet het weer uit elkaar. Daar balen ze van én tegelijkertijd leren ze hier heel veel van. Dit triggert hun vermogen om voor elke handeling eerst goed na te denken.” Wat is de rol van Tim Weijenborg van BST Servicegroep? Arnold: “Hij is vanuit BST Servicegroep de projectleider, zorgt dat de materialen besteld en aanwezig zijn, levert tekeningen en ondersteunt de leerlingen bij de uitvoering.” Het idee is dat de leerlingen projectmatig leren werken. Komt dat uit de verf? Arnold: “Jazeker, ze maken alle facetten mee zoals planning. Wel merk je dat ze gezien hun leeftijd heel erg bezig zijn met de praktische uitvoering. Van nature vinden ze dat interessanter.” Wat valt jou als docent op in dit project? Arnold: “De leerlingen zijn veel gemotiveerder dan bij de reguliere lesstof. Waarom? Ze zijn met een spannend project bezig, het bouwen van een kratracer. Ook vinden ze het fijn om langduriger met een groot project zoals dit bezig te zijn. Wel ben ik er heel druk mee, maar krijg er ook heel veel voor terug van de leerlingen. De motivatie is hoog en de sfeer goed.” Welke ervaringen heeft jullie bedrijf tot nu toe met dit project en C.T. Stork College? Tim Weijenborg: “We vinden samen alles ‘from scratch’ uit. Er is eigenlijk geen literatuur te vinden over de projectmatige samenwerking tussen het technisch bedrijfsleven en het vmbo. Daarmee is deze eerste keer heel leerzaam. Uiteraard neem ik mee dat dit leerlingen zijn en geen medewerkers in ons bedrijf of klanten. Soms loopt het project iets anders dan gedacht en met elkaar bekijken we hoe we dit zo praktisch mogelijk kunnen oplossen. Doorgaans willen ze te graag en te snel. Neem het frame van de kratracer. Dit is in verhouding een complex onderdeel. Daar moet je vooraf eerst goed naar kijken. Als je ‘m te snel in elkaar last, kun je veel andere bewerkingen niet meer doen zoals gaten persen. De leerlingen leren eerst de tekening goed te bekijken, een belangrijke les. Systematisch leren denken, daar gaat het om.” Wat willen we met dit project bereiken voor de leerlingen? Tim: “De kunst is er met de leerlingen niet te scherp en met te veel nadruk op targets en deadlines in te gaan. Het mooie van de kratracer is, dat alle bewerkingen erin zitten die een monteur moet beheersen. Zoals lassen, draaien, frezen en montage. Kijk, een leerling hoeft niet per se een draaier of lasser te worden, maar ze hebben er wel aan geroken. Komen ze later in hun werk een lasser of draaier tegen? Dan kunnen zij zich beter verplaatsen in die collega.” Arnold: “Dit project is een pilot. De insteek is dat vanaf volgend jaar meerdere leerlingen PIE in groepjes een kratracer gaan maken.” MENU
- Hybride professionals | STO Twente
Ben jij een bevlogen technisch specialist in het Twentse bedrijfsleven en wil jij graag jouw knowhow delen met jongeren die nog aan het begin staan van hun techniekcarrière? Waag dan de sprong en wordt hybride professional. HYBRIDE PROFESSIONALS STO TWENTE MENU Hybride professional: breng je vakkennis over op de jeugd Ben jij een bevlogen technisch specialist in het Twentse bedrijfsleven en wil jij graag jouw knowhow delen met jongeren die nog aan het begin staan van hun techniekcarrière? Waag dan de sprong en wordt hybride professional. Als hybride professional sta je met één been in het bedrijfsleven en met het andere in het onderwijs. Je werk combineer je dus met een baan in het onderwijs. Afwisseling, een nieuwe omgeving, leergierige leerlingen In jouw vak sta je bij je werkgever vooraan bij proces- en productinnovaties. De laatste technische ontwikkelingen ontdek jij als eerste. Door die kennis als hybride professional over te brengen in het technisch vmbo in Twente verrijk je de leerstof op een ongekende manier. En wat het jou brengt? Afwisseling, een nieuwe omgeving, leergierige leerlingen en het gevoel een extra maatschappelijke bijdrage te leveren. Jij bepaalt de invulling Aan jou de keuze hoe je aan de slag gaat als hybride professional: voor enkele uren of structureel één of meerdere dagen per week. Uiteraard in goed overleg met jouw werkgever. En aan jou de keuze waar, want in Twente werken 19 vmbo’s samen in Sterk Techniekonderwijs Twente. Door die overkoepelende aansturing is er voor hybride professionals altijd wel een uitdaging in hun eigen omgeving. Wat vraagt STO Twente van jou? Heb je geen lesbevoegdheid voor het vmbo? Ook dan ben je welkom als hybride professional. Jouw praktijkervaring is al waardevol genoeg voor al die jonge leerlingen in het vmbo die staan te trappelen om het vak van jou te mogen leren. VOLG ONS Op LinkedIn vind je ‘ Sterk Techniekonderwijs Twente ’. Volg dit actieve kanaal en je leest regelmatig interviews met hybride professionals die vertellen over hun ervaringen. INTERESSE? BEL OF MAIL! Marieke Rinket Programma manager Sterk Techniekonderwijs Twente marieke.rinket@stotwente.nl 06 15422163 KOM IN ACTIE
- Snuffelen aan lassen bij Hofman Staalbouw
2f469529-8730-4f34-a61e-41eda91bd7f8 Snuffelen aan lassen bij Hofman Staalbouw Niets is Hofman Staalbouw uit Vroomshoop te veel om vmbo-leerlingen te motiveren voor een keuze voor techniek. Vooral voor het machtig mooie vak van lassen. Jan Tijhuis, de ervaren praktijkopleider bij Hofman Staalbouw is al lang en breed met pensioen, maar vol enthousiasme begeleidt hij samen met Dennis Bakker derdejaarsleerlingen van Het Noordik bij een eerste kennismaking met lassen. Dennis stuurt één van de twee werkplaatsen aan bij Hofman Staalbouw en is praktijkopleider. Tegelijkertijd leidt Jan Tijhuis twee toppers van Het Noordik op voor de NIL-Laswedstrijd 2024 voor vmbo- en praktijkscholen. Zowel jongens als meisjes Op 5 februari startte het kennismaken met lassen bij Hofman Staalbouw voor een gemotiveerd groepje vanen aantal derdejaars vmbo-leerlingen. Jan: “Dit zijn jongens én meisjes. Op een viertal ochtenden op maandag komen zij hier van halfelf tot halfeen.” Er zit een mooie cadans in. Jan: “Want na dit groepje krijgen we meteen twee nieuwe leerlingen voor een aantal ochtenden lassen.” Dennis Bakker, voorman in de werkplaats, is praktijkopleider. Jan Tijhuis: “Ik zet de lijntjes uit naar de vmbo-scholen en Dennis verzorgt de concrete begeleiding van de leerlingen. Samen tekenen we voor deze aanpak voor onze bedrijfsleerlingen die van ROC van Twente/SMEOT komen.” Dennis: “Het is goed geregeld door mijn werkgever. Ik mag ook echt tijd besteden aan jong lastalent uit het vmbo.” Focus op de basis Dennis: “We focussen op de basis. De leerlingen maken een concreet laswerkstuk met als insteek dat zij bepaalde lasposities leren: de zogeheten lasnaden PA en PB. PA staat voor lassen onder de hand en PB voor een staande hoeklas. Twee belangrijke lashandelingen die we hen bijbrengen. Ook leren we het lasapparaat zelf bijstellen. De ene leerling laat al snel een bepaalde structuur en strakheid zien. De andere leerling moet zich nog compleet ontwikkelen. We leren leerlingen ook om zelfstandig te werken, dus zelf na te denken over de aangereikte instructie. Dat helpt beter dan dat we deze leerlingen overladen door alles voor te doen. Uiteraard lopen we regelmatig langs voor ondersteuning”. Jan Tijhuis: “We belasten deze leerlingen niet met theorie, het gaat zuiver om het snuffelen aan lassen.” Oog voor lastalent Hofman Staalbouw is een gecertificeerd lasbedrijf en Het Noordik geeft hen alle vrijheid bij de inhoudelijke opbouw van de lessen. Het gaat niet alleen om het lassen zelf. Jan: “Ze maken ook kennis met hoe het eraan toegaat in een professionele organisatie die op niveau last. Het is geen schoolse omgeving en tien meter verderop zien de leerlingen onze lasprofessionals hun werk doen. Ook die collega’s kijken regelmatig vanuit de praktijk mee met de leerlingen.” De leerlingen Produceren, Installeren en Energie (PIE) van Het Noordik zijn geselecteerd op hun motivatie. Jan: “De sfeer is heel goed, ze komen hier maar al te graag en zijn leergierig. Als je 13, 14 jaar bent, is je talent voor lassen niet meteen zichtbaar. Daarom geven we leerlingen hier de kans dit heel proefondervindelijk te ervaren.” Concreet werkstuk Een goede lasser moet niet alleen gevoel voor techniek hebben: “Ook rust in je hoofd is belangrijk. Je moet het talent hebben om je te kunnen concentreren op dat ene stukje laswerk”, aldus Jan Tijhuis. “Ook daar letten we op bij deze jonge vmbo-leerlingen.” Wel zou Jan wat meer betrokkenheid van ouders willen zien: “Voor hun kinderen ligt er goedbetaald werk voorhanden als lasser. Als zij dat willen, leiden we ouders op een zaterdag graag rond.” Jan Tijhuis benadrukt dat ook ervaren lassers door kunnen groeien naar een leidinggevende of kwaliteit controlerende functie: “Dit vak biedt oneindig veel mogelijkheden.” Twee lastalenten doen mee met laswedstrijden NIL! Maar er is meer goed nieuws! Op 15 februari deden twee vierdejaars leerlingen van Het Noordik mee aan de voorronde voor de laswedstrijden van de NIL-Laswedstrijd 2024 voor vmbo- en praktijkscholen. Het gaat hier om Gijs Kleinjan en Valentino Ferraro. Jan: “Het Nederlands Instituut voor Lastechniek (NIL) is een onafhankelijke stichting die al meer dan 80 jaar de collectieve belangen behartigt van bedrijven, instellingen en personen die werkzaam zijn op het gebied van lassen, lijmen en andere permanente verbindingstechnieken. Het was voor 2024 de eerste selectiewedstrijd voor het Nederlands Kampioenschap vmbo- en praktijkscholen voor de regio Noord & Noord-Oost bij het Noorderpoort in Groningen. Ik ben al een aantal maanden de opleider van deze Vroomshoopse deelnemers. Het leuke is dat deze talenten boven zijn komen drijven uit het groepje derdejaars die we hier verléden jaar aan lassen lieten snuffelen. Zo werkt het dus. Dennis en ik zagen dat ze talent hadden. Samen werken we naar het niveau 1 NIL toe.” Het gaat om de persoonlijke groei Jan: “Tijdens de wedstrijd moesten ze hun skills laten zien met bijvoorbeeld lasstanden en lasnaadvoorbewerking. Het wedstrijdresultaat met deze kanjers? Allebei zijn ze voor het examen geslaagd en hebben met succes het poppetje gelast. Het theorie examen gaan ze in april doen samen met de leerlingen van Hofman Staalbouw.” Eric Raanhuis, docent PIE op Het Noordik en kartrekker techniekonderwijs: “Uiteindelijk gaat het ons om de persoonlijke groei van onze leerling en ongeacht het resultaat hebben we dat zeker bereikt.” Jan: “De bedoeling is dat deze leerlingen tevens hun NIL diploma lassen gaan halen en vanaf april sluiten zij aan bij onze eigen personeelstraining voor de theorie. In maart vindt bij SMEOT de landelijke finale plaats van de NIL-Laswedstrijd 2024 voor vmbo- en praktijkscholen.” Ook les voor praktijkinstructeur Ander goed nieuws is dat de praktijkinstructeur PIE van Het Noordik is gestart met de NIL-opleiding lassen. Jan Tijhuis: “Nico van Harten sluit in één moeite door aan bij de personeelstraining van Hofman Staalbouw, elke dinsdagmiddag en -avond. Aan het einde van dit schooljaar kan hij dan ook examen doen voor niveau 1NIL. Die kennis draagt hij vervolgens op Het Noordik weer over aan zijn leerlingen.” Want voor alle duidelijkheid: de gepensioneerde lasinstructeur Jan Tijhuis geeft ook nog les aan de leerlingen van de personeelstraining van Hofman zelf: “Hen proberen we niveau 1, 2 en 3 te laten bereiken.” In de wereld van het lassen zal altijd werk blijven, benadrukt Jan Tijhuis: “Natuurlijk, een stukje robotisering passen wij ook toe, maar altijd in combinatie met handmatig lassen. Die menselijke kwaliteit is niet geautomatiseerd na te bootsen.” Een tip: Praktijkonderwijs Tot slot heeft Jan Tijhuis een tip vanuit zijn hart: “Ik kom oorspronkelijk uit het Praktijkonderwijs. Daar zitten juweeltjes van talent tussen voor lassen. Wel hebben ze iets meer tijd en maatwerk nodig, maar dan komen zij er ook. Elke lasser die we voor Twente winnen is er één.” MENU
- Masterclass circulair bouwen raakt kinderen én docent
2ee4dd82-b0be-403b-8fd2-dceb84265ac4 Masterclass circulair bouwen raakt kinderen én docent Op de Praktijklocatie van het Erasmus in Almelo vond op 24 mei de masterclass circulair bouwen plaats. Leerlingen van basisscholen uit Almelo e.o. leerden er door hergebruik van materialen een duurzame lamp van karton te maken. Thea Bennink is docent schilderen Praktijkonderwijs OSG Erasmus: “We hopen hen hierdoor te interesseren voor de combinatie van duurzaamheid en techniek. En ook dat ze wat genuanceerder tegen techniek aankijken.” Onderdeel maken van de circulaire economie Deze masterclass heeft als doel kinderen al op jonge leeftijd onderdeel te maken van de circulaire economie. Thea: “De bijna 30 kinderen van groep 7 of 8 maakten van afvalmateriaal een lamp. Zo leren ze wat je allemaal met techniek kunt doen en hoe leuk dit is.” Het enige nieuwe materiaal was een kaarslampje met een batterijtje. Vervolgens mochten zij de lamp mee naar huis te nemen. Thea: “Voor hun ouders is dit ook interessant. Ze zien waartoe hun kind technisch in staat is en dit kan het gesprek openen om later gericht te kiezen voor techniek.” Goede voorbereiding De leerkrachten van de basisscholen van de deelnemende leerlingen gaven voorafgaand aan de masterclass een voorbereidende les over afvalverwerking, de circulaire economie en het hergebruiken van materialen. Dit lesmateriaal was kant-en-klaar te downloaden van www.baanbrekendleren.nl . Thea: “De leerlingen gingen in een vervolgles op de basisschool zelf aan de slag door zelf her te gebruiken materialen te verzamelen. Denk aan karton en draad om ribben te maken van de lamp. En een vetertje. Door deze twee lessen kwamen zij al goed voorbereid naar ons toe.” Inzet van innovatieve technieken Op het Praktijkonderwijs in de klas van Thea vond het praktische vervolg van de masterclass plaats. Thea: “De PO-leerlingen krijgen van een VO-leerling een demonstratie over figuurzagen met een figuurzaagmachine. Daarna volgde een demo over het lasersnijden van de twee houten onderdelen van de te maken lamp. Bij deze demo’s keken ze mee, want het waren te veel kinderen om dit allemaal zelf te doen. De PO-leerlingen zetten vervolgens hun eigen lamp in elkaar met de meegenomen ribben die ze eerder op de basisschool hadden gemaakt. Hierbij leerden ze hoe je karton kunt bewerken en hoe je hier een vorm op overbrengt. Ook leerden ze de lampenkap te versieren met oude tijdschriften. Als het goed is, valt dan het kwartje waarbij de leerlingen inzien waarvoor je de geleerde technieken kunt gebruiken. Dat draagt positief bij aan hun beeld van techniek, dat vaak nog wat beperkt of bevooroordeeld is. Ook krijgen ze een beter beeld van duurzaamheid en circulariteit omdat dit project 100% draait om de upcycling van de materialen die zij zelf meenemen.” Magisch moment Thea ziet wat het met de leerlingen doet: “Ze beginnen ergens mee, hebben nog niet echt een idee en ineens hebben ze een lamp! Een magisch moment waarbij we hopen dat ze inzien hoe gaaf techniek is. We leren ze ook dat als zij volwassen zijn en een huis gaan bouwen, dat dit met circulaire materialen kan. Je ziet dat deze leerlingen dit nu al inzien.” Een ander voordeel: in de masterclass wordt direct voldaan aan vier tot vijf kerndoelen van het basisschoolvak Wetenschap & Terchnologie, verankerd in het lesmateriaal. Dit ter ondersteuning van de docenten. Tot slot: de leerlingen krijgen een kijkje in het Praktijkonderwijs. Thea: “Tegen de basisschoolleerlingen heb ik gezegd dat hier de leerlingen zitten die later hun huizen gaan bouwen, zonnepanelen installeren en meer. Dan zie je ze kijken en het besef daalt in.” Docentontwikkeling Deze masterclass betekent ook een verrijking voor Thea zelf, een belangrijk doel van STO Twente: “Mijn vak is schilderen. Daar red ik het niet meer mee. Leerlingen willen meer, ze willen anders. Dankzij STO Twente maak ik ook mijzelf allerlei nieuwe technieken eigen. Neem de lasermachine; ik weet nu hoe die werkt. We haalden hier een VR bril binnen, prachtig! En vanuit mijn schildersvak wil ik strak meer naar de Sign-kant zodat de leerlingen met een plotmachine leren werken. Door STO Twente gaan mij de ogen open dat leerlingen straks ook in dit soort beroepen uitstromen. Dingen maken met de computer? Dat kunnen deze kinderen prima. Sterker nog: ze kunnen mij nog heel wat leren!” MENU










