top of page

Doorzoek deze website

464 resultaten gevonden

  • Verdieping Keuzevak Drones bereidt vmbo bovenbouw verder voor op beroepenveld

    ec18224c-7f9d-4bd7-8712-d72ccd637c07 Verdieping Keuzevak Drones bereidt vmbo bovenbouw verder voor op beroepenveld Het Noordik in Vroomshoop startte vanaf de eerste schoolweek in januari, doorlopend tot en met 10 april, met het verdiepte Keuzevak ‘Dronetechniek 1, vliegen met een drone in een beroepssituatie’. Zes weken lang op de woensdagmiddag school-overstijgend verzorgd door gastdocent Peter Weideman van het Almelose Omnis College. Peter: “We staken in op puur het plezier mét en algemene kennis óver drones.” Peter heeft dit keuzevak naar ‘the next level’ getild, op weg naar een écht certificaat voor de leerlingen. Om dit doel te bereiken is onder andere een heuse digital classroom aan het keuzevak toegevoegd. Peter: “In feite creëren we hiermee een doorlopende leerlijn voor drones.” Van vrijblijvend naar verdiepend Eerder lag met dit keuzevak de focus op het kennismaken met drones. Peter: “Voorop stond om leerlingen de interessante gadget-waarde van drones te laten ervaren. Maar de ontwikkelingen lieten zich niet tegenhouden. We geven inmiddels bijvoorbeeld masterclasses op het gebied van dronetechniek. Langzaamaan ontstond de visie om dit steeds serieuzer en professioneler in te bedden. Vooral gevoed door de insteek dat ook het bedrijfsleven steeds meer met drones gaat werken en vmbo-leerlingen drones dus later in hun werk gaan tegenkomen.” De diepte in op basis van bijpassende kerndoelen Met het keuzevak voldeden Peter en zijn drone-collega’s aan alle kerndoelen, maar behaalden de leerlingen nog niet hun certificaat. Daar is inmiddels hard aan gewerkt. Peter: “We gaan nu in de bovenbouw de diepte in op basis van bijpassende kerndoelen. We kiezen dus voor een verdieping en meer formalisering met als concreet doel het door de derde- en vierdejaars leerlingen behalen van het basiscertificaat A1/A3, gebaseerd op meer onderliggende theorie. Wij werken hiermee in de bovenbouw langzaamaan toe naar beroepsmatig dronevliegen. Daarmee zijn deze leerlingen nóg beter voorbereid op de talloze nieuwe beroepssituaties met drones.” Peter geeft een sprekend voorbeeld: “Denk aan dakdekkers die met een drone een dak inspecteren en zo niet zelf risicovol het dak op moeten.” Bijzonder is dan ook dat de leerlingen bij dit vernieuwde keuzevak in de buitenlucht met een lichte variant drones mogen vliegen. Peter: “Die vlieg je zonder brevet en ook met die lichte buitenvariant kunnen we onze vmbo-leerlingen al goed warm laten lopen, uiteraard onder toezicht.” Volgend jaar mogelijk uitbreiding naar samenwerking beroepenveld Peter is voornemens volgend jaar partijen uit het beroepenveld te polsen om hun praktijkinbreng mee te nemen naar het keuzevak: “Denk bijvoorbeeld aan de brandweer. Maar daarvoor willen we ook ons lesarsenaal graag uitbreiden, zoals drones met warmtebeeldcamera’s.” Over het algemeen nemen vooral leerlingen PIE deel aan het keuzevak. Peter: “Maar ook leerlingen uit andere profielen zijn meer dan welkom, al was het maar om hun horizon te verbreden.” Nieuw is ook dat vanaf januari 2024 leerlingen van het Canisius uit Tubbergen dit keuzevak volgen op de woensdagmiddag. Peter: “We tellen op dit moment vier leerlingen van Het Noordik uit Vroomshoop en vier leerlingen van het Canisius. We merken nu al dat de inhoudelijke uitbreiding van dit keuzevak hen enorm motiveert.” Samenwerking met UAV+ Om dit‘next level’ voor dit keuzevak in de bovenbouw een goed fundament te geven, ging Peter in zee met UAV+. Peter: “Op internet vind je meerdere aanbieders van drone-certificaten. Maar we wilden het lesgeven, de theorie én het examineren meer gewicht geven. We zijn uitgekomen bij François Coppens, Drone coördinator RPA-L FI van UAV+. Alles in die aanpak is erop gericht onze leerlingen écht de diepte in te laten gaan.” Impact drones nog onderschat François benadrukt dat veel vmbo-scholen nu nog onderschatten wat de impact van drones gaat worden op het (technisch) beroepenveld: “In alle facetten van onze maatschappij gaat dit doordringen. Ik voorspel dat het leveren van pakketten via drones naar verzamelhubs in steden de normaalste zaak van de wereld gaat worden. Daarmee worden vooral vmbo-leerlingen super belangrijk, want al die systemen moeten onderhouden worden.” Nieuw: digital classroom François Coppens is de originele schrijver van het keuzevak Dronetechniek: “Drie jaar geleden heb ik dit voor het vmbo in het leven geroepen.” François geeft de theorie, opleidingen en andere ondersteuning voor de leerlingen van Peter Weideman via UAV+: “Daarvoor zet ik een digitale classroom op inclusief eveneens digitale theorie. In feite een elektronische leeromgeving en daarin staat inmiddels overzichtelijk, gecentraliseerd én geactualiseerd al ons lesmateriaal voor drones dat wij in de afgelopen jaren hebben ontwikkeld. Goed om te melden is dat we heel veel lesmateriaal hebben voorzien van extra toepassingsvoorbeelden. Daardoor maken de vmbo-leerlingen veel gemakkelijker de koppeling tussen theorie en toepassing.” De docent kan leerlingen toevoegen aan deze digitale lesomgeving. De leerling logt vervolgens in en begint in zijn of haar eigen tempo met het lesmateriaal. Op de achtergrond kan de docent de leerling volgen en ondersteunen waar nodig.” Voor Peter en zijn leerlingen ligt hierbij de focus op verdieping én het gestaag toewerken naar het behalen van het brevet. De examinering van de leerlingen van dit keuzevak verloopt via een andere organisatie: Drones4: “Dit is dus netjes gescheiden, zoals dit ook hoort”, benadrukt François. Planning Peter: “Het keuzevak loopt nu tot 10 april. Eind maart. Begin april hoop ik de eerste leerlingen het certificaat voor A1/A3 dronevliegen te kunnen overhandigen en we zien nu al heel veel enthousiasme bij de leerlingen!” MENU

  • Masterclass Kartrekker: inspirerende combi van denken en doen

    c0842f9c-75d5-4890-bbd2-021e6a9fdfdc Masterclass Kartrekker: inspirerende combi van denken en doen Dit voorjaar organiseerde STO Twente twee Masterclasses voor haar vmbo-docenten, projectleiders en teamleiders. Hierin krijgen zij heel praktisch de vaardigheden aangereikt voor het versterken van de kwaliteit van toekomstbestendig technisch beroepsonderwijs. De tweede drukbezochte Masterclass Kartrekker vond plaats op 20 mei. Gegeven door Maria Hendriks en ondersteund door Maaike Vervoort. Een gevarieerde mix van theorie, filmpjes, voorbeelden en inspirerende oefeningen in groepjes en ook: concrete tools en handvatten. Een verbindende factor tijdens de Masterclass was de interactieve inzet van de lessonup app. Veel vragen bij ontwikkeling van nieuw techniekonderwijs Maria Hendriks is sinds 2015 Academic Director TechYourFuture. Eveneens is zij Academic Director Master Leren en Innoveren en kerndocent Innoveren en Veranderen. Helder zette zij het doel van de Masterclass Kartrekker uiteen: “Het doeltreffend en duurzaam samenwerken aan nieuw techniekonderwijs binnen STO Twente met collega’s uit de school en in de regio, en ook met partners van buiten, blijkt vaak een uitdaging. Hoe begin je en hoe houd je iedereen betrokken? Wat zorgt ervoor dat je van een klein begin tot een duurzame vernieuwing komt? Wat zijn achterliggende opvattingen die succesvolle vernieuwing in teams en netwerken bepalen? En wat betekent dit voor je eigen handelen als docent, projectleider en teamleider? De deelnemers werden als kickoff uitgenodigd om in setjes van twee aan elkaar te vertellen wat zij inmiddels op onderwijsgebied al bereikt hebben vanuit de doelstellingen van STO Twente. “Zet je je netwerk in voor onderwijsvernieuwing? Dan spelen drie facetten van je netwerk een rol: dichtheid, wederkerigheid en centralisatie” Veelzijdige opbrengst In deze Masterclass gingen de docenten in hun rol als kartrekker aan het werk met het samenwerken in teams en netwerken om nieuw techniekonderwijs te ontwikkelen. Ook kregen zij concrete tools om deze samenwerking nog beter te benutten. De opbrengst was veelzijdig. De kartrekkers maakten kennis met de wijze waarop leren en innoveren in teams en netwerken plaatsvindt. Ook brachten zij hun eigen professionele netwerk in kaart en werden zij gestimuleerd na te denken over hoe je dat kunt opbouwen en onderhouden voor kennisdeling en samenwerken. Eveneens maakten zij kennis met een model om weerstand en betrokkenheid beter te begrijpen en ook passende interventies te benutten. “Technische onderwijsverandering loopt langs drie stappen: adoptie, implementatie en institutionalisering” Ontdek je eigen verandervoorkeuren Ook leerzaam was de speelse manier waarop de deelnemers hun eigen verandervoorkeuren leerden kennen én die van hun team/netwerk. Via de lessonup app konden de deelnemers aangeven welk type onderwijsinnovator zij in zichzelf herkenden: een ziener van kansen, een praktisch gerichte ondernemer of meer het type dat goed is in het incorporeren van het bij onderwijsinnovatie behorende gedragsrepertoire. De meeste deelnemers herkenden zich in de eerste twee typen onderwijsinnovators. De psychologie van veranderen Eén van de eye openers van de Masterclass Kartrekker was een filmpje van veranderexpert Ben Tichelaar. Hij legde transparant uit hoe een geslaagde onderwijsverandering is gebaseerd op twee pijlers: anders denken en vervolgens anders doen. Beide facetten kunnen niet zonder elkaar. Ook benadrukte Ben dat elke vernieuwing, ook in het techniekonderwijs, altijd klein begint. Je start en vervolgt met kleine stapjes. Samen bouwen aan een beweging Klein beginnen en vervolgens samenbouwen aan een beweging die steeds groter wordt is een andere manier om naar verandering te kijken en om innovaties in de praktijk te kunnen versterken. Dit perspectief bouwt voort op het werk van Suzanne Verdonschot: “Van kleine doorbraak naar grootschalige vernieuwing”. Suzanne onderscheidt drie activiteiten die mensen ondernemen als ze bouwen aan een beweging, namelijk: verbreden, verdiepen en vernieuwen. Een uitdagende doe-activiteit tijdens de Masterclass was het in groepjes beantwoorden van vragen vanuit een setje kaartjes op het vlak van onderwijsvernieuwing, houding daarin, verwachtingen van elkaar en de manier van samenwerken daarin. Strategieën die deelnemers (kunnen) gebruiken om te verbreden en te verdiepen stonden daarbij ventraal. “Doeltreffend en duurzaam samenwerken aan nieuw techniekonderwijs? ‘Change is a process, not an event’.” Inventarisatie onderwerpen nieuwe Masterclasses Tot slot konden de deelnemers stemmen op mogelijke onderwerpen voor nieuw te organiseren STO Twente Masterclasses in het schooljaar 2022 – 2023. Een korte sessie waarin met veel enthousiasme op een keur aan onderwerpen werd gestemd, van keuzevakken tot onderwijstechnologie. Tot slot werd aan alle deelnemers een certificaat van deelname uitgereikt, ook voor hun eventuele deelname aan de vorige Masterclass Onderwijsontwerpen. MENU

  • Workshop Digitale Didactiek: hoe zet je online tools in om je lessen te verbeteren?’

    2570c7a4-8172-4b0a-b350-a999028b291e Workshop Digitale Didactiek: hoe zet je online tools in om je lessen te verbeteren?’ Docenten van STO Twente waren op vrijdag 17 februari van harte welkom bij de Workshop Digitale Didactiek. De gastvrije organisator? Het Edulab van ROC van Twente aan de Hengelose Gieterij. Een inspirerende middag lang werden circa 15 deelnemers vanuit STO Twente ondergedompeld in digitale didactiek: les geven met behulp van moderne media en technologie. Ofwel: hoe zet je online tools in om je lessen te verbeteren? De gedreven docenten Bas Heerink en Christiaan van Meurs gaven vooral de Twentse docenten PIE, BWI, Zorg & Welzijn en MVI tal van ideeën mee. Lekker zelf aan de slag Bas Heerink is AR en VR expert in het Edulab van ROC van Twente: “In onderwijsland komt steeds meer technologie beschikbaar. Die kun je gebruiken om ook jouw techniekles beter te maken. In deze workshop Digitale Didactiek reikten we de deelnemers niet alleen een aantal Edulab Approved online tools aan; ook leerden wij hen hoe je deze kunt inzetten om je didactiek te versterken.” Bas zag veel interesse bij de docenten: “Ook merkte ik dat ze best wel verrast waren. Kijk, veel van wat zij doen draait om techniek en technologie en de mogelijkheden die technologie biedt. Daarbij ligt hun focus op het lesgeven óver technologie. Terwijl deze workshop juist ging over lesgeven met behúlp van technologie. Daarbij richten wij op ons didactiek, ongeacht de opleiding. Dus is deze workshop net zo relevant voor andere docenten uit andere richtingen dan alleen techniek.” Focus op vier leeractiviteiten Bas richtte zich in de workshop op vier leeractiviteiten en hoe je die synchroon online en offline kunt aanbieden. Dit zijn het activeren van voorkennis, het geven van een instructie, het gebruik van toetsing als leer- en oefenstrategie en tot slot: leerlingen actief laten werken. Uiteraard gingen de deelnemers lekker zelf aan de slag. Ook kregen zij de kans een tool van hun keuze nader te onderzoeken. Ter plekke konden de docenten dus hun eigen les ontwerpen met de inzet van deze tools.” Bas zag veel positieve reacties van de deelnemers: “We hebben een aantal tools laten zien waarvan ook de techniekdocenten heel goed gebruik kunnen maken in hun lessen. Bijvoorbeeld het C.T. Stork College is bij BWI aan het kijken of ze ThingLink kunnen gaan gebruiken. Bas: “Daar kwamen in de workshop de meeste reacties op. Leerlingen kunnen daarmee 360 graden foto’s van bijvoorbeeld een bouwplaats maken en verrijken met extra informatie. Daar maak je een instructie heel visueel mee.” Reactie deelnemers Jeroen ten Asbroek, docent media, vormgeving en ICT op het Stedelijk Alpha in Enschede: “Goed gedaan met deze workshop! Wederom was het verwonderend om deel te nemen. De denkwijze over het inzetten van digitale tools voor instructie, verwerking en automatiseren is erg inspirerend.” Marcel Vaneker is docent en Projectcoördinator Sterk Techniek Onderwijs bij De Waerdenborch in Holten en Goor: “Een hele nuttige workshop die ook interessant werd gepresenteerd. Het is bijzonder dat ROC van Twente docenten ondersteunt vanuit het Edulab. Een praktische stimulans voor ons als vmbo-docenten om een start te maken met de inzet van deze digitale tools zoals ThingLink. Echter, te vaak gebeurt er met dit soort nieuwe mogelijkheden te weinig in de waan van de dag. Je moet er in het onderwijs echt tijd voor vrij kunnen maken om ermee aan de slag te gaan. Bedoeld om het vervolgens concreet in te kunnen zetten in je lessen. Neem je er alleen kennis van en ga je er niet praktisch mee aan de slag? Dan is dat gewoon zonde.” Een digitaal walhalla Pascal ter Braak is docent techniek bij het C.T. Stork College in Hengelo en deelnemer aan deze workshop: “Ten eerste was het leuk om te zien dat alle afdelingen binnen techniek waren vertegenwoordigd in deze workshop. Ik kende al veel tools, en was eerder al op eigen initiatief op bezoek geweest in het Edulab. Ik ervaar alle mogelijkheden die in de workshop werden aangereikt als een walhalla en keek ik ook uit naar deze workshop. De middag was leerzaam en de adviezen die werden gegeven zijn ook wetenschappelijk onderbouwd. En het leuke was: we gingen aan de slag met een aantal aangereikte apps. Op het C.T. Stork College is digitale geletterdheid rondom nieuwe technologie een actueel onderwerp. Eén van de pijlers daarbinnen is computational thinking en dat passen we op school momenteel toe voor het maken van een website. Daarbij bleek een door het Edulab aangereikte app heel nuttig en die heb ik op school direct toegepast. Daarmee reik ik de leerlingen een manier van leren en werken aan die ánders is dan voordoen in de klas. Bij dit laatste zijn niet alle leerlingen gebaat en dankzij deze specifieke app kan ik iets visueels laten zien en alle leerlingen daarin meenemen.” Ook handig vindt Pascal de manier waarop Edulab de apps op haar website presenteert en uitlegt: “Dat is prima te gebruiken in een lessituatie.” Gewoon tijd voor vrijmaken! De Twentse collega’s kregen alle kans écht te onderzoeken welke tools zouden passen bij hun technieklessen. En ook: hoe je die vervolgens zo resultaatgericht mogelijk kan inzetten. Marieke Rinket, programmamanager STO Twente: “Wat de deelnemende docenten inderdaad aangaven was dat de waan van de dag vaak maakt dat ze toch weer doorgaan op de oude manier. Je hierin verdiepen en een tool ‘vullen’ voor gebruik in de lessen kost tijd en energie. Wellicht kunnen we dat gezamenlijk vanuit STO Twente oppakken, zodat docenten samen met collega’s van andere scholen hiermee concreet aan de slag kunnen.” MENU

  • STO Enschede organiseert Speeddate

    67dfb2e5-e948-489c-8812-29124ad5ec65 STO Enschede organiseert Speeddate Op 14 november organiseerde STO Enschede aan de Wethouder Beverstraat in Enschede de allereerste Speeddate voor hun tweedejaars vmbo-leerlingen. Zij gingen in vier rondes persoonlijk in gesprek met bijna 50 bedrijven waarvan een groot deel uit de techniek. Welke beroepen bieden die bedrijven? Wat moet je daarvoor kunnen? De leerlingen hadden zich prima voorbereid en samen met hun ouders/verzorger(s) stelden zij enthousiast vragen en er ontstonden hele mooie gesprekken. Een betere LOB-activiteit is er niet met deze waardevolle samenwerking tussen onderwijs en het bedrijfsleven! Je profiel kiezen? Altijd een uitdaging Tweedejaars vmbo-leerlingen staan voor een belangrijke keuze: welk profiel kiezen zij? Vaak een lastige keuze die een stuk gemakkelijker wordt als zij kennismaken met de concrete beroepen die bij een profiel passen. Tijdens de Speeddate vertelden zo’n 50 beroepsbeoefenaars uit de regio wat hun beroep inhoudt en welke opleiding zij hiervoor volgden, van kapster en webdesigner tot timmerman. Er kwamen allerlei beroepen aan bod waaronder, vanuit de gedachte achter STO Twente, uiteraard ook veel technische beroepen. Floor de Vries van de organisatie: “We hebben ook de ouders/verzorger(s) van onze leerlingen uitgenodigd om zich hier als beroepsbeoefenaar te presenteren. Opgeteld kregen we uiteindelijk zelfs meer aanmeldingen van bedrijven dan we voor hen plaats hadden. Naast technische beroepen nodigden we ook bedrijven uit bijvoorbeeld de zorg en het groen uit, en meer. We wilden de leerlingen een zo breed mogelijk beeld geven van welk beroep precies bij welk profiel past, ook de technische profielen. De leerlingen hebben eerst op de dag zelf met hun mentor een voorbereidende LOB-opdracht uitgevoerd zoals het bedenken van hun voorkeuren en vragen. De leerlingen schreven zich vooraf in voor beroepen die hen aanspreken.” Buddies voor bedrijven Yvonne Paf is decaan op het Stedelijk Alpha. Als kick-off van de Speeddate ontving zij op 14 november alle deelnemende bedrijven en koppelde hen ter plekke aan een buddy, ofwel een docent van één van de twee scholen. De buddy’s begeleidden de beroepsbeoefenaren naar de klasruimte van hun speeddate en bleven stand-by voor eventuele hulp en ondersteuning. De speeddates boden een kleine setting met per speeddate zo’n 1 tot maximaal 4 leerlingen. Dit gaf de leerlingen vertrouwen om voluit vragen te stellen, en dat deden zij! Enkele veel gestelde vragen? ‘Bent u in dienst bij een bedrijf of bent u ondernemer?’ De leerlingen kregen duidelijk uitleg over wat het betekent als je ‘eigen baas’ bent. Ook een veel gestelde vraag was: ‘Wat verdient u in uw beroep?’ Het antwoord van diverse bedrijven bracht de leerlingen soms een beetje van hun stuk: ‘Per jaar?’, vroegen sommige leerlingen. ‘Nee, per maand’, antwoordden dan de bedrijven. Enthousiaste reacties bedrijven Bijvoorbeeld Gerben Hilbrink is freelance allround foto- en videograaf vanuit zijn bedrijf Benger Foto. Hij gaf vanuit het perspectief van het profiel MVI uitleg over hoe hij in zijn vak fotograaf én uiteindelijk ondernemer werd: “Ook ik ben op het vmbo begonnen, de theoretische leerweg! En nu verdien ik een goede boterham. Dus dat kan beslist ook weggelegd zijn voor deze leerlingen, want net als ik doen zij graag iets met hun handen en zitten zij niet graag achter een bureau. Laat mij maar tien keer vallen en daarvan leren, en die houding herken ik ook bij de vmbo-leerlingen tijdens deze speeddate. Als je een passie hebt voor iets dan kun je er ook komen.” Ideale setting Daphne en Bart vertegenwoordigden Rijschool Brunen: “Wij vertelden de geïnteresseerde leerlingen wat het beroep van rijinstructeur inhoudt en hoe je het wordt. Rijinstructeur is een beroep waar ze zelf misschien niet zo snel aan denken, maar dat ook vmbo-leerlingen een mooie toekomst kan bieden.” Ook SMEOT gaf technische beroepenvoorlichting. Hans Fokke, coördinator vmbo/mbo onderwijs: “Deze setting is ideaal, met voor ons maximaal één tot twee leerlingen. Dan kun je daadwerkelijk hun vragen beantwoorden. Ook kwamen met bijna alle kinderen bij ons de ouders/verzorger(s) mee. Eveneens was onze technisch instructeur van PIE erbij, Derk Hofsink. Hij had vmbo-leerlingen eerder in een groepssetting meegemaakt, maar was positief verrast door hoe zij hun interesse in deze veel kleinere setting toonden. Ook de ouders/verzorger(s) stelden vragen. Er waren leerlingen bij die al behoorlijk goed weten wat zij willen en hopelijk hebben we met onze antwoorden op hun vragen het laatste zetje gegeven om voor een technisch beroep te kiezen.” Veel ouders/verzorger(s) Opvallend was het aantal ouders/verzorger(s) dat op uitnodiging van de scholen meekwam naar de speeddates. Niet alleen zij, maar ook een behoorlijk aantal opa’s en oma’s. Eén ouder zei: “De jeugd heeft tegenwoordig zoveel keuze, het is heel goed dat de bedrijven hier concreet uitleggen wat een baan betekent én wat de voor- en nadelen zijn van een bepaalde job. Ik zag bij mijn zoon dat het nu veel meer ging leven. We gaan het er samen thuis over hebben en kunnen nu een betere profielkeuze maken.” Zorgvuldig voorbereiding Het organiserende team bestond uit Manon Hilverda, Renate Velthuis, Floor de Vries en Yvonne Paf. Zij regelden een zorgvuldige voorbereiding en de enthousiaste aanwezigheid van bijna 50 bedrijven. Ook Ronald Rondeel, projectleider STO Enschede deed mee: “Ik ben zelf ook maar even aan de slag gegaan deze middag om het beroep grafisch vormgever onder de aandacht te brengen!” Yvonne Paf: “De eerste indrukken van deze eveneens eerste Speeddate zijn positief. De deelnemende bedrijven ontvingen een leuke goodiebag met ook een evaluatieformulier om te analyseren hoe zij het hebben ervaren en hoe we het de volgende keer nog beter kunnen aanpakken.” MENU

  • REMO opent volledig uitgerust PIE lokaal

    f3723a02-f083-4f54-b657-5b8cd33e41c1 REMO opent volledig uitgerust PIE lokaal REMO West-Twente, gevestigd op de Kampus in Rijssen, opende recent haar gloednieuwe PIE-afdeling. In het eigentijdse en ruime souterrain, met veel daglicht en een eigen toegang voor de leerlingen, staan een modern uitgerust machinepark en gereedschappen klaar voor PIE-leerlingen en hun docenten. Voor langere tijd is deze PIE-afdeling vier dagen in de week gereserveerd voor CSG Reggesteyn die dit huurt. Op vrijdag staat deze PIE-ruimte open voor elke andere Twentse vmbo-school. Denk bijvoorbeeld aan de STO-vmbo’s in Holten, Almelo, Vroomshoop of Vriezenveen. Breed inzetbaar Gerrit Schalk, directeur REMO West-Twente: “Uiteraard heeft CSG Reggesteyn vier dagen in de week als eerste de beschikking over ons PIE-lokaal. Maar op basis van bijvoorbeeld het cafetaria-model nodigen we ook andere vmbo-scholen uit hiervan gebruik te maken op vrijdag. Of, als Reggesteyn misschien eens minder leerlingen heeft voor de PIE-ruimte, wij dit mogelijk aanvullen met PIE-leerlingen van andere vmbo-scholen. Ook willen we inzetten op zij-instromers en bijscholen van technici op basis van het concept van een Leven Lang Ontwikkelen. We hebben op 800 m2 fors geïnvesteerd in apparatuur en gereedschappen. Van draaibanken, knipscharen, wals en lascabines tot en met boormachines en nieuwe werkplekken voor elektra, grotendeels gloednieuw. Het bedrijfsleven, de achterban van REMO, heeft hierin fors geïnvesteerd. Eind december is alles technisch rond. Het is een volwaardig PIE-lokaal, met ook een theorieruimte. Alle profieldelen uit PIE zijn hier uit te voeren. Aansluitend zijn alle verdiepende keuzedelen bij de afdelingen van REMO zelf te volgen, denk aan mechatronica en warmtepompen. Dit past bij het STO-concept van doorlopende leerlijnen en betekent een mooie kruisbestuiving vanuit het vmbo met onze eigen mbo-afdelingen.” Eigen coördinator STO/instructeur afdeling PIE REMO heeft een eigen instructeur aangesteld voor het PIE-lokaal. Gerrit: “Dit is Rudy Horck in de functie van coördinator STO/instructeur afdeling PIE. Hij is voor alle vmbo-scholen, ook CSG Reggesteyn, het eerste aanspreekpunt. Alles is nog nieuw, dus we moeten met elkaar nog ervaren hoe en langs welke lijnen het gaat lopen. Na de kerstvakantie zal Rudy langsgaan bij alle vmbo-scholen waar wij contact mee hebben. Op 26 januari 2023 hebben we vanuit Remo West-Twente een open dag en daar betrekken we uiteraard ons gloednieuwe PIE-lokaal bij. Die dag valt mooi samen met de open dag van Reggesteyn.” REMO bestaat dankzij de deelnemende bedrijven. Zoals gezegd investeerden zij in de inrichting van het nieuwe PIE-lokaal. Gerrit: “Ook zij juichen een nog sterkere connectie met het vmbo toe. We hebben de leerlingen daardoor eerder en beter in beeld en daar profiteren uiteindelijk de bedrijven van.” Coördinator STO/instructeur afdeling PIE Rudy Horck is de laatste maanden vooral druk geweest met de inrichting van het PIE-lokaal met nieuwe apparatuur en de verhuizing, rond de herfstvakantie, van de PIE-inrichting van Reggesteyn naar REMO: “Nu kom ik eraan toe om mij mijn nieuwe rol als coördinator STO/instructeur afdeling PIE meer eigen te maken. Ik kom uit de commercie in het technisch bedrijfsleven en het onderwijs is nieuw voor mij. Hier kan ik weer hands on aan de slag! Maar ik kende REMO al wel door inrichtingsopdrachten die we deden vanuit mijn vorige baan. Vooral ga ik de contacten met Reggesteyn onderhouden en bezoeken coördineren, evenals voor andere vmbo-scholen die belangstelling hebben. Zowel naar buiten toe als intern word ik coördinator voor de invulling van het PIE-lokaal en de ondersteuning.” Intensief betrokken bij inrichting Ton Schelfhorst is docent PIE op Reggesteyn: “Ons hele PIE-team komt met leerlingen PIE hier naartoe. We hebben hier ook een eigen kantoor met goed zicht op alle werkzaamheden in het PIE-lokaal. We zijn op een prettige manier vanaf het prille begin betrokken geweest bij de inrichting en opzet van dit PIE-lokaal. Van eerste tekening tot en met wat we nu zien. De insteek is de grondgedachte dat het goed werkt als je het technisch vmbo fysiek dichtbij het technisch mbo zet. Daardoor kun je de doorlopende leerlijnen met elkaar versterken, een belangrijk doel van STO Twente.” Even wennen, inmiddels overtuigd Ton geeft aan dat het even wennen was om op CSG Reggesteyn het eigen PIE-lokaal te verlaten. “Je bent toch benieuwd of je de binding met je school houdt. Maar ik ben overtuigd geraakt door de fraaie, open, lichte ruimte met een eersteklas inrichting. Ik ben nu heel blij met dit PIE-lokaal en het voelt inmiddels goed. Ik denk ook dat het past in de algemene ontwikkeling dat technische vmbo-scholen meer gebruikmaken van de mogelijkheden van het technisch mbo om elkaar met doorlopende leerlijnen nog meer te versterken.” Overigens, ook voor BWI kunnen vmbo-scholen al een aantal jaren terecht bij Bouwmensen die ook gevestigd is in Kampus, voor zowel profiel- als keuzedelen. Meer weten? Neem gerust contact op met Rudy Horck via 06 45 53 64 96 of via 0548 – 51 51 52. Mailen kan ook: r.horck@remo-wt.nl MENU

  • Stagemarkt biedt alle kans op laagdrempelige snuffelstages

    f6256fca-51d9-4d2d-a24d-42427997ba2d Stagemarkt biedt alle kans op laagdrempelige snuffelstages Opnieuw organiseerde SMEOT/ROC van Twente een drukbezochte stagemarkt op dinsdag 24 september 2024. Op de locatie van SMEOT waren naast de eigen BBL ook de BOL-studenten en studenten niveau 4 van de Gieterij welkom. Evenals volwassen zij-instromers en inburgeraars die zich richten op de wereld van de metaalindustrie. Vooral bijzonder vanuit het perspectief van STO Twente was dat ook circa 100 vmbo-leerlingen leerjaar 3 uit Hengelo, Enschede en Almelo e.o. langskwamen voor het zoeken én vinden van een snuffelstage. Geslaagde switch van havo naar vmbo Neem bijvoorbeeld Sander, hij zat eerst op de havo en koos bewust voor het profiel PIE op C.T. Stork College: “Op mijn vorige school moest ik urenlang stilzitten en ik ben liever bezig. Nu zit ik op mijn plek op het technisch vmbo. Naar welk soort bedrijf ik wil voor een snuffelstage? Mijn vader maakt scheepsdeuren voor marineschepen, zo’n soort bedrijf lijkt mij gaaf om stage te lopen. Het is best spannend om hier de bedrijven aan te spreken, want misschien ga je er later wel werken. Dus wil ik wel een goede indruk maken. Ik heb al met enkele bedrijven hier een leuk gesprek gehad.” Selecteren voor snuffelstage Albert Meeuwissen, directeur SMEOT: “We hebben de vmbo-leerlingen tijdig uitgenodigd zodat hun komst naar de stagemarkt door de scholen uit de STO Twente subregio’s goed was in te plannen.” De vmbo-leerlingen konden kennismaken met maar liefst 120 technologische bedrijven voor het vinden van een snuffelstage: “Maar er was belangstelling van nog veel meer bedrijven. We hebben alle lokalen en ruimten evenals ons Skills Centre benut voor de presentatie van de bedrijven.” Eerste, échte kennismaking met bedrijfsleven Werner Scheuten, praktijkdocent SMEOT: “Het vinden van een snuffelstage is voor vmbo-leerlingen heel belangrijk. Het is uiteindelijk toch hun eerste, echte kennismaking met het bedrijfsleven, dus dat moment moet optimaal zijn. Wat we veel zien, is dat een snuffelstage leidt tot een zaterdagbaantje en dat de leerlingen van daaruit doorleren in de techniek en uiteindelijk bij het bedrijf van hun snuffelstage een volledige stage gaan lopen.” Extra duwtje in de rug Denise van Beilen is bij ROC van Twente docent Nederlands en Burgerschap en studieloopbaanbegeleider. Zij speelde een grote rol in de organisatie van de stagemarkt: “Dit is een laagdrempelig event voor studenten en vmbo-leerlingen om in contact te komen met bedrijven. Andersom is de stagemarkt voor bedrijven ideaal om in korte tijd met de nieuwe, jonge generatie kennis te maken. Speciaal voor studenten en leerlingen die een extra duwtje in de rug nodig hebben, kunnen we ondersteuning bieden door bijvoorbeeld bij de deelnemende bedrijven een goed woordje voor hen te doen. De deelnemende bedrijven kunnen onderling netwerken en bovendien komen ook alle docenten en praktijkbegeleiders makkelijk met elkaar in contact.” Aandacht voor vmbo is terecht Denise juicht het toe dat SMEOT ook veel aandacht schenkt aan vmbo-leerlingen: “Neem Hans Fokke, hij is heel druk bezig met het voor de vmbo-scholen verlagen van de drempel en het met hen goede netwerkcontacten opbouwen. Belangrijk, want de techniekstudenten die wij op ROC van Twente krijgen zijn veelal begonnen in het vmbo in een technische richting. Zo zijn we heel blij met het Skills Center van SMEOT waarin de vmbo-leerlingen heel veel krijgen uitgelegd, mensen leren kennen en alvast de sfeer op het mbo kunnen proeven. Kiezen ze eenmaal voor SMEOT/ROC van Twente? Dan ervaren ze daardoor een veel lagere drempel.” Begeleiding vanuit school Onno Wiggers, docent PIE C.T. Stork College kwam ook op bezoek met zijn leerlingen. Hoe heeft hij zijn leerlingen hierop voorbereid? Onno: “Ik heb hen uitgelegd wat de stagemarkt is, en ook wat er te doen is, te zien is én wat natuurlijk het voordeel is voor de leerlingen. Mijn leerlingen gaan in april 2025 drie weken op snuffelstage naar een technisch bedrijf. Dus praten we op school nu al wel over stages en wat dat betekent. Hier krijgen ze de kans om laagdrempelig een praatje aan te knopen met bedrijven.” Reactie deelnemende bedrijven De Spiraal en Tribelt zijn twee bedrijven uit Haakbergen van één moederbedrijf. Waarom stonden zij, ondanks hun drukke werk, met plezier op de stagemarkt? Kas van Benthem: “Hier komen alle niveaus bij elkaar: vmbo en mbo. Ook wij merken dat het steeds lastiger is om aan medewerkers te komen die geïnteresseerd zijn in techniek. Daarom zijn we hier om jongens en meiden te interesseren voor techniek.” Merle Meulenkamp: “Zelf ben ik dus ook werkzaam bij een techniekbedrijf en ik vind het belangrijk om ook meisjes op het vmbo te interesseren voor techniek.” Begin van hun ontdekkingstocht Ook Ronald Rondeel uit STO Enschede kwam naar de stagemarkt met zijn vmbo-leerlingen: “Uit Enschede namen we uit leerjaar drie zo’n 35 leerlingen mee. Graag benadruk ik het belang van snuffelstages in de techniek. Onze leerlingen ervaren een hoge drempel om zomaar, vanuit school of thuis, een bedrijf te benaderen voor een snuffelstage. Hier komen ze direct in contact met heel veel bedrijven en ervaren zij die drempel niet. Deze leerlingen staan aan het begin van de ontdekkingstocht van wie ze zijn en wat zij willen. Deze stagemarkt helpt hen hierbij met goede praktijkvoorbeelden en uitnodigende gesprekken. Kijk, ik benadruk graag de v en de m van vmbo: voorbereidend en middelbaar. Dus leerlingen oriënteren zich breed op hun toekomst en de stagemarkt is daar een prima plek voor. Ook om misschien te ontdekken wat ze niet willen, maar dan hebben ze wel de kans om gehad alle mogelijkheden goed te onderzoeken.” Ook ROC van Twente is betrokken STO-partner Jorris Poffers, Manager Onderwijs bij het College voor Technologie binnen team Metaal van ROC van Twente: “Ik ben sinds 1 januari 2024 officieel de opvolger van Herman Tijhuis, een bekende partner binnen STO Twente. Het is heel belangrijk dat de leerlingen die richting techniek gaan alvast kennismaken met SMEOT. Zoals de sfeer en hoe het werkt bij SMEOT. Dit is in het belang van zowel de vmbo-leerlingen, de mbo-studenten als de bedrijven. Om die kennismakingen een zetje te geven, gingen de vmbo-leerlingen en mbo-studenten de stagemarkt op met een opdracht. Zoals noteren wie ze hebben gesproken, wat ze van de bedrijven vonden en welke vragen ze hebben gesteld. Ook moesten ze een cv aanleveren. Kortom, een breed opgestelde oriëntatie waarbij er ook van de kant van de vmbo-leerlingen en mbo-studenten inzet werd verwacht.” Joris benadrukt tot slot het belang van de samenwerking tussen ROC van Twente en STO Twente: “STO is een landelijk en heel sterk programma dat leerlingen al vanaf het basisonderwijs betrekt bij techniek. Die vroege start juichen wij als ROC van Twente heel erg toe. Sterker nog: binnen het team Metaal van ROC van Twente heb ik een collega die een hele dag per week met STO Twente bezig is. In samenwerking met SMEOT voeren we ook meerdere STO-activiteiten uit op de Gieterij en bij SMEOT in Hengelo.” MENU

  • Techniek Tastbaar Oldenzaal: deelnemende bedrijven blikken positief terug

    99ccc850-e85c-4c93-940b-8f4a04367ff4 Techniek Tastbaar Oldenzaal: deelnemende bedrijven blikken positief terug Wat een spektakel! Op vrijdag 31 maart streek Techniek Tastbaar voor de tweede keer neer op Twents Carmel College locatie Potskampstraat. Maar liefst 37 Oldenzaalse bedrijven deden hun uiterste best om leerlingen uit het po en vo te boeien met de meest uiteenlopende techniek en technologie. Dit keer zetten we in ons STO-artikel de spotlight op een aantal deelnemende bedrijven. Uiteraard danken we álle bedrijven die enthousiast deelnamen aan Techniek Tastbaar! Facadis: de wereld achter sloten geopenbaard Raymond Tenvenne is productieleider bij Facadis uit Oldenzaal: “Wij engineeren, produceren en monteren gevelelementen voor nieuwbouw- en renovatieprojecten in de utiliteits- en woningbouw door heel Nederland. De jeugd heeft de toekomst, ook in de techniek. Dus maken we hier heel graag tijd en collega’s voor vrij. Veel jongelui willen doorleren in de ict, maar daarmee bouw je niet iets tastbaars. Daarom lieten we tijdens Techniek Tastbaar graag zien welke kansen er nog meer liggen in de bouw. In onze stand bouwden de leerlingen een deurslot en bijpassende deurkruk in een deur. Zo kregen ze inzicht in wat er allemaal aan techniek in een deur zit als je deze deur opendoet.” Siers Groep: kijkje onder de grond via HoloLens en tablet Jurgen Loohuis is uitvoerder in hoofdleidingen bij Siers Groep met het hoofdkantoor in Oldenzaal: “Wij leveren een compleet pakket aan diensten binnen de ondergrondse infra. Wij leggen alle denkbare leidingen onder straten aan voor nutsbedrijven zoals stroom, gas en internet. Techniek is altijd in ontwikkeling, ook bij ons. We bieden graag een plek binnen onze organisatie voor stagiaires en BBL’ers. Ons infrawerk voor gas, water en elektra speelt zich af onder de grond en is dus onzichtbaar, terwijl er bizar veel leidingen onder de grond kunnen liggen.” Twan Schipper, coördinator bij Siers Groep: “We hebben voor Techniek Tastbaar een speciale mat laten ontwerpen met een HoloLens. Daarmee kunnen de leerlingen onder de mat kijken en krijgen zij een beeld van alle kabels die er onder de grond liggen. De HoloLens gebruiken we zelf ook bij ons werk om kabels en leidingen te detecteren en te lokaliseren.” Riwo Engineering: balanceren met de Stresstest Fleur Huirne uit Eibergen volgt op ROC van Twente de opleiding Elektrotechniek niveau 4: “Ik zit in mijn laatste jaar en loop stage op de software-afdeling bij Riwo Engineering uit Oldenzaal.” Dit bedrijf doet actief mee met STO Twente. Fleur: “Bij Riwo doorloop ik mijn eindopdracht en dan hoop ik dat ik deze zomer mijn diploma heb gehaald. Mijn interesse voor techniek? Die had ik al heel jong, ik vind het leuk om het resultaat te zien van techniek die je zelf hebt gemaakt. Vroeger op school bouwde ik ook al allerlei technische dingen.” Geswitcht van zorg naar techniek Fleur: “Eerst koos ik voor een opleiding in de zorg, maar na twee jaar heb ik toch de overstap gemaakt naar techniek en dat bevalt mij eigenlijk heel erg goed.” Voor Techniek Tastbaar ontwikkelde Fleur een voor de leerlingen onweerstaanbare gadget op basis van een pd-regeling. Zij moesten via een besturing een bal in een buis op een bepaalde hoogte in balans zien te houden.” Niet voor niets had Fleur dit stukje techniek ‘De Stresstest’ gedoopt. Fleur ontwierp hiervoor alles zelf, compleet met buis, regelbare ventilator en sensor die de afstand tot de bal kon meten. Lewis Seating Systems: goede band met Praktijkonderwijs Marcel Kamphuis is orthese adviseur bij Lewis Seating Systems uit Oldenzaal: “Voor mensen met een beperking en/of in revalidatie maken wij zittingen en rugleuningen op maat. Dit extreme maatwerk leveren wij aan bedrijven die onze producten vervolgens inbouwen in hun onderstellen zoals rolstoelen. Daardoor kunnen mensen veel comfortabeler en langer in een rolstoel zitten. In ons werk komen veel technieken en materialen samen en dat tonen we de leerlingen tijdens Techniek Tastbaar graag. Vaak is het niet bekend hoeveel techniek er bij onze orthese-oplossingen komt kijken.” Tussen Lewis Seating Systems en het Praktijkonderwijs van het TCC bestaan inmiddels goede banden: “We zijn geïnteresseerd in leerlingen uit het Praktijkonderwijs. Die kunnen technisch bijzondere talenten hebben en die helpen wij graag ontwikkelen. Lewis Seating Systems gaat hen plekken bieden in een goede samenwerking met de praktijkbegeleiders van TCC.” Machinefabriek Westerhof: nieuwste lasprocessen voor leerlingen Bram van Olst is constructiebankwerker, lasser en cobotlasser bij Machinefabriek Westerhof uit Denekamp: “Wij maken met plezier tijd vrij om de jeugd onze techniek te laten ontdekken. We stonden op Techniek Tastbaar met een lascobot, de nieuwe generatie in lassen. De leerlingen maken dus meteen kennis met de laatste stand van zaken als het gaat om de techniek in ons vakgebied. Met lascobots kun je lasprocessen automatiseren, een veiligere manier van werken. Uiteraard mochten de leerlingen, onder begeleiding, lassen in onze stand tijdens Techniek Tastbaar.” Hoe Bram zelf ooit enthousiast werd voor techniek? “Die liefde heb ik van mijn ouders meegekregen, mijn vader zat ook in de metaal. Ik liep met hem mee en toen wist ik: hier wil ik zelf ook in door.” Waterstofauto Green Team UT: grote publiekstrekker Het Green Team van UT gaf acte de présence tijdens Techniek Tastbaar met haar waterstofauto. Sara is lid van dit team, studeert Technische Geneeskunde, en gaf samen met een collega-studente de vele nieuwsgierige leerlingen antwoord op al hun vragen. De waterstofauto bleek een grote publiekstrekker, ook voor de ouders van de leerlingen. Sara: “In onze stand mochten de leerlingen zelf waterstof maken, uiteraard met uitleg over wat waterstof eigenlijk ís.” Heel belangrijk: nieuwsgierige kinderen! Sara: “Ik twijfel of ik een nóg technischere studie wil doen dan Technische Geneeskunde. Een jaar lid zijn van het Green Team van de UT leek mij een goede manier om te ervaren hoe dat zou zijn. We staan hier met het Green Team op Techniek Tastbaar om bij jonge leerlingen proberen de vonk over te brengen voor techniek. Wanneer bij mij ooit het kwartje voor techniek viel? Dat is toch wel vanuit thuis heel erg meegegeven. Mijn ouders hebben beiden scheikundige technologie gestudeerd en mij thuis altijd geattendeerd op allerlei coole toepassingen van techniek. Dat gevoel nu op de leerlingen tijdens Techniek Tastbaar overbrengen vind ik heel leuk. Je ziet dat sommige kinderen het heel gaaf vinden om te snappen hoe iets werkt. De eigen nieuwsgierigheid van kinderen is ook heel belangrijk om hen te inspireren meer te willen gaan doen in techniek.” Deelnemende bedrijven nóg meer betrekken Kim Koehorst was projectleider van het organiserende team: “De tweede editie van Techniek Tastbaar Oldenzaal was meer dan geslaagd. Veel leerlingen uit zowel po als vo raakten niet uitgekeken! Graag bedanken we de bedrijven voor hun tomeloze inzet. We hopen volgend jaar opnieuw op hen te kunnen rekenen. We richten ons graag op de lokale (mkb) bedrijven en willen hen in hun kracht laten staan. Daarmee laten we de leerlingen ook zien welke mogelijkheden, dichtbij huis, er allemaal zijn voor hun toekomst.” Een bewuste actie voor de tweede editie van Techniek Tastbaar was om de deelnemende bedrijven nog meer te betrekken bij het voortraject, zoals met een uitnodiging voor een drukbezochte netwerkmiddag, voorafgaand aan Techniek Tastbaar. Kim noemt ook graag de collega’s uit het organiserende team: “Jan van Hannen, coördinator afdeling Techniek, José Keupink, docente en psychodiagnostisch medewerkster en Lotte Huijsman voor de communicatie. Wout Ensink steunde ons op de achtergrond.” MENU

  • Jong technisch talent moet je meenemen in het hele verhaal

    379438a0-38ac-4aad-a732-7cc711d34526 Jong technisch talent moet je meenemen in het hele verhaal Jan Mulder is Teamleider Bouwplaatsmedewerkers bij Koopmans Bouwgroep. Een tekort aan bouwvakkers merkt hij direct op de steigers. Daarom maakt hij met plezier tijd vrij voor STO Twente. Zoals onlangs voor de brainstorm voor 2025 t/m 2028 tijdens de partnerbijeenkomst van STO Twente. Jan Mulder: “Op de korte termijn hebben we, denk ik, de gewenste resultaten al behaald. Nu moeten visie en actie ontwikkelen voor de lange termijn. Dat moeten we bereiken in de periode 2025 t/m 2028.” Continu opleiden Koopmans heeft meerdere vestigingen in Nederland. Jans standplaats is Enschede, maar hij werkt door heel Nederland voor Koopmans, al 37 jaar! Ook Koopmans moet veel inzet plegen om jong technisch bouwtalent te vinden. Jan: “We hebben van 2009 tot en met 2013 een ingrijpende bouwcrisis meegemaakt. 70.000 bouwvakkers verlieten de sector en keerden niet terug. We hebben ondanks die crisissen altijd geprobeerd het aantal leerlingen op peil te houden, maar dat is om begrijpelijke redenen niet altijd gelukt. Maar toch: zo lang als wij bestaan leiden we jonge leerling-timmerlieden op.” Goed nieuws: leerling timmervrouw "We zijn nauw in contact met middelbaar onderwijsinstituten", geeft Jan aan. Een paar collega’s van Jan geven, naast hun werk bij Koopmans, ook les in Bouwkunde op mbo-niveau 4 in de avonduren. Jan: “Ook verzorgen we gastlessen. We onderhouden goede contacten met hogescholen door heel Nederland, waaronder Hogeschool Saxion, Windesheim en HAN en we hebben continu zo’n 15 mbo- en hbo-studenten lopen voor hun stage. Eveneens tellen we continu tussen de vijf en acht leerling-timmerlieden en -metselaars. Je moet een beetje door de waan van de dag heen kunnen kijken om dit soort activiteiten te kunnen en willen ontplooien. Nogmaals: een investering in de toekomst.” Mooi nieuws is dat bij Jan recent een 17-jarige leerling-timmervrouw is gestart op een bouwproject. Stijging aantal leerlingen Inmiddels ziet Jan positieve ontwikkelingen in de bouw: “Het aantal leerlingen neemt weer duidelijk toe, niet alleen bij de timmer- en metselopleidingen, maar ook in de installatietechniek. Vanuit mijn functie heb ik goede contacten met de opleidingsbedrijven zoals de Bouwmensen en Bouwschool Twente. Bij het laatste opleidingsbedrijf neem ik deel aan de klankboardgroep. Ook doe ik mee met het speeddaten met de nieuwe instroom. Ik kan mij niet voorstellen dat die hogere instroom niet te maken heeft met al het goede werk van STO Twente, zoals met de mooie formule Techniek Tastbaar. Dat moet zijn invloed hebben. Onze afspraak intern is helder: waar we bouwen, daar leiden we ook de leerlingen op. Twentse leerlingen leiden we dus in Twente op.” Vinden én binden Ook een belangrijk facet legt Jan uit, is dat je leerlingen meeneemt in je hele bedrijfsverhaal: “Zoals bedrijfskleding, uitnodigen voor een introductiedag voor nieuwe medewerkers, deelname aan Koopmans Young Talent en ook meenemen naar bedrijfsfeestjes en sportieve bedrijfsevents. De kunst is om jonge leerlingen er vanaf dag één helemaal bij te laten horen. Want het gaat niet alleen om jong technisch talent werven via onder andere STO Twente, maar hen eveneens zó te begeleiden tijdens het leertraject dat je hen ook bindt.” Investering in lange termijn Jan Mulder maakte met plezier tijd vrij voor de partnerbijeenkomst van STO Twente op 16 mei: “Onze inzet voor STO Twente is duidelijk een investering voor de lange termijn. Zo doen we ook volledig overtuigd mee met Techniek Tastbaar in de diverse subregio’s van STO Twente én de rest van Nederland. Een gaaf concept waarbij het niet om Koopmans gaat, of de bouw, maar expliciet om de jeugd die nog een keuze moet maken. Het is geweldig om die jonge kinderen binnen te zien komen, met aan het eind van de dag hun handen vol met alle techniekspullen die zij mee mogen nemen. Vaak zijn ze ook heel trots op wat ze hebben gedaan en geleerd met de doe-opdrachten. Als ze na een bezoek aan Techniek Tastbaar denken dat techniek niks voor hen is, dan is dat in feite ook een keuze. Maar die hebben ze dan weloverwogen gemaakt. Ik kan het niet staven, maar het kan niet anders of de activiteiten van STO Twente inspireren de jeugd in de goede richting.” Meedenken tijdens partnerbijeenkomst Jan deed op 16 mei mee met de brainstorm van de partnerbijeenkomst van STO Twente op ROC van Twente. Jan vertelt enthousiast over een idee dat hij daar opperde: “Ik noem dat graag, zonder mijzelf af te vragen of dit wel of niet mogelijk is. We weten nu wat we in de periode 2020 t/m 2024 vanuit STO hebben gedaan. Ook weten we inmiddels nagenoeg wat we gaan doen van 2025 t/m 2028. Maar dé grote uitdaging is om, als daarna de subsidie wegvalt, te voorkomen dat alle opgebouwde activiteiten stoppen. Ik pleit er voor om nu al heel veel inzet te plegen op de structurele inbedding van alle mooie initiatieven die we in deze jaren vanuit STO Twente ontwikkelen. Dat vergt dat de bedrijven en het onderwijs elkaar nog meer gaan opzoeken om samen te bereiken dat je ook na 2028 met deze activiteiten door kunt gaan zonder subsidie, misschien wel vanuit een soort vanzelfsprekendheid. Op de korte termijn hebben we, denk ik, de gewenste resultaten al behaald. Nu moeten we visie en actie ontwikkelen voor de lange termijn. Dat moeten we bereiken in de periode 2025 tot en met 2028.” MENU

  • Slim: docenten groepsgewijs opleiden tot XR expert

    7c82474f-928f-449d-986b-04fdd1100e98 Slim: docenten groepsgewijs opleiden tot XR expert Extended Reality (XR) is een paraplu-term voor Virtual Reality (VR), Augmented Reality (AR) en Mixed Reality (MR). Hiermee is in techniekonderwijs oneindig veel mogelijk. Dat besef is ook binnen STO Twente breed doorgedrongen. Echter, het risico bestaat dat XR blijft hangen op het niveau van een aanlokkelijk speeltje. De kunst is juist om XR in je onderwijs structureel in te bedden in je curriculum vanuit een stevige visie en beleid. Breed gedragen binnen de school en beleidsmatig gemonitord voor een lange tijd. Die stap kan de STO subregio Rijssen - Holten nu zetten door de training van een grote groep XR experts, afkomstig van zowel CSG Reggesteyn als de Waerdenborch. Scholen bundelen krachten De STO subregio Rijssen-Holten heeft een aantal XR experts opgeleid via meerdere bijeenkomsten, georganiseerd door Ewout Warringa van XR Learning. Hij is een expert in XR met visie en heel veel contacten, een actieve pionier. Marcel Vaneker van SG De Waerdenborch: “Wij wilden graag XR experts opleiden en XR in ons onderwijs inbrengen. Maar hoe pak je dat aan? We kwamen in contact met Ewout, hij had een veelzijdige training opgezet. De scholen Reggesteyn en de Waerdenborch hebben de krachten gebundeld en een groep samengesteld van docenten uit beide scholen vanuit ook verschillende secties.” De winst van twee scholen laten samenwerken tijdens de training tot XR-expert? Marcel: “Een betere samenwerking, ook tussen de vmbo-scholen in de STO regio én daardoor een platform om ervaringen en kennis uit te wisselen.” Meer binding, begrip en enthousiasme Marcel: “Als je een hele klas met XR wil laten werken, dan vraagt dat toch wel wat van een docent. Dat kan docenten afschrikken. Juist door de training tot XR expert te organiseren voor een gerichte groep docenten creëer je veel meer binding, begrip en onderlinge kennisuitwisseling. Veel van onze collega’s staan te trappelen om XR te ervaren, niet alleen binnen de techniekvakken, maar bijvoorbeeld ook een gymdocent, docent aardrijkskunde en kunstdocent. We zien dat er ook weer nieuwe geïnteresseerde docenten zijn die XR in hun vak willen inzetten. Met XR kun je extra laten zien dat techniek overal is. Dus kun je XR op alle vakgebieden inzetten zoals ook binnen Zorg en Welzijn. Dat sluit aan bij de verbreding die de minister voor de tweede periode van STO voor ogen heeft.” Actueel issue: Visie/beleid en onderzoek De meerdere trainingen werden afwisselend op de deelnemende scholen gegeven en behandelden achtereenvolgend vier onderwerpen. Maarten Scholten: “We kregen de laatste stand van zaken aangereikt op het vlak van hardware, content, didactische skills en ook visie/beleid en onderzoek.” Marcel: “Extended Reality heeft een enorme meerwaarde voor het leren. Echter, het gaat niet alleen om de aanschaf van de hardware, de juiste content en de didactische skills. Net zo belangrijk is dat vanuit elke laag in de schoolorganisatie iemand meedenkt over visie/beleid en onderzoek. Het is essentieel dat je die elementen in je school voor XR goed neerzet voor het geslaagd toepassen ervan, ook op de langere termijn. Dat betekent dat je de docenten gericht begeleidt en ondersteunt bij de implementatie en toepassing van XR vanuit een gerichte visie en beleid. Twee kernvragen spelen hierin een rol: waar gaan we naartoe binnen de scholen met XR? En hoe gaan we dit met elkaar gestructureerd en duurzaam inzetten?” Visiebijeenkomst voor lange termijn Na de trainingen/opleiding voor de XR experts werd ook gekeken naar de lange termijn. Ewout heeft hiervoor speciaal een visiebijeenkomst georganiseerd. Daar was de Belg Carl Boel (Co-founder Dexr, Founder Virtual Learning is Reality en PhD-Researcher Universiteit Gent) online aanwezig om zijn kijk en ervaring te delen. In Vlaanderen heeft het ministerie van onderwijs het belang van VR in de school al beschreven. Ook gaf Cor De Ridder in deze bijeenkomst uitleg over de ontwikkelingen met XR binnen het profiel BWI en als afsluiting was er een praktische workshop van Freek Teunen over de mogelijkheden van Wintor AR Tours binnen het onderwijs. Gericht geïnvesteerd in hoge aantallen VR-brillen Maarten: “Wij horen met XR bij de innovators. Voor zover wij weten is alleen de STO-regio Rijk van Nijmegen actief met het trainen van XR experts via een groep docenten. Wat ons ook uitzonderlijk maakt als subregio Rijssen – Holten binnen STO Twente is dat we de beschikking hebben over 140 VR brillen. Elke VR-Expert heeft een eigen VR bril. Daarnaast heeft elke vestiging van de Waerdenborch en Reggesteyn een set van 30 VR brillen, zodat een docent met de hele klas in één keer in VR een bezoek kan brengen aan een bouwplaats, autofabriek, het Louvre of het Anne Frankhuis. De docent krijgt hierbij de eerste keren ondersteuning van een VR Expert. Dit versnelt het leerproces enorm en wordt ook als grote meerwaarde ervaren. Een grote investering, maar wel één die op korte termijn en lange termijn zijn vruchten gaat afwerpen. Niet alleen bij leerlingen, maar ook bij docenten.” Aansluiting bij bedrijfsleven Marcel Vaneker: “Ook sluiten we hiermee veel beter aan op de technische bedrijven waarmee we binnen STO samenwerken. Daar is XR vaak al gemeengoed. Bijvoorbeeld bouwbedrijf Haafkes uit Goor werkt hier al mee. Hiermee sluiten we met XR dus aan op de lijn vanuit school naar het technische bedrijfsleven.” Tot slot heeft Maarten een belangrijke tip voor andere vmbo-scholen: “Kijk heel goed naar welke licentie je afsluit voor de maatwerk applicaties en content voor je XR lessen. Check dat de licentie wordt onderhouden en vernieuwd en ook welke kosten hierbij komen kijken. Op grond hiervan kun je een goede afweging maken tussen of je als school zelf software en content wil laten ontwikkelen of een licentie koopt voor bestaande content en dit juist uitbesteedt.” MENU

  • Interview met André Jansen (VMO), lid Stuurgroep STO Twente

    495f3b61-c61f-44f0-81ec-b94817896f5d Interview met André Jansen (VMO), lid Stuurgroep STO Twente André Jansen is namens de Verenigde Maakindustrie Oost (VMO) actief in de Stuurgroep van STO Twente. In het dagelijks leven is hij directeur-eigenaar van het Hengelose High Tech Maintenance Nederland B.V.: “Je moet ruimte maken voor en tijd investeren in jong technisch talent.” André Jansen is namens de Verenigde Maakindustrie Oost (VMO) actief in de Stuurgroep van STO Twente. In het dagelijks leven is hij directeur-eigenaar van het Hengelose High Tech Maintenance Nederland B.V.: “Je moet ruimte maken voor en tijd investeren in jong technisch talent.” Invloed corona Ook de Twentse maakindustrie heeft last van corona. André: “Onze sector weet niet wat er op haar afkomt. Wel zie ik dat de Twentse maakbedrijven nog redelijk druk zijn. Er ís een krimp, maar minder dan gedacht en we zien zelfs wat herstel. We hopen dat een verdere teruggang uitblijft en dat we richting 2021 kunnen gaan opbouwen.” Doorpakken in plaats van praten André maakt graag deel uit van de Stuurgroep van STO Twente: “Ik loop al wat jaren mee en weet uit eigen ervaring en de geluiden bij collega’s dat de aanwas van jong technisch talent beter kan. Dit maken we inmiddels al tientallen jaren mee en het wordt steeds actueler. Nu kun je twee dingen doen: daar jaren over praten óf proberen daar een concrete bijdrage aan te leveren. Ik koos bewust voor het tweede vanuit mijn functie als bestuurder bij de VMO.” Grote gedrevenheid André is ondernemer pur sang en werkt nu binnen STO Twente ook samen met onderwijs en overheid. Hoe ervaart hij dit? “De samenwerking is nog pril, door corona vertraagd. We hebben geprobeerd digitaal te blijven samenwerken, maar je creëert dan minder stootkracht. Maar dat zal elke STO-regio in Nederland waarschijnlijk zo ervaren. Ik heb er alle vertrouwen in dat dit gaat komen, ik heb een zeer goede indruk van het team. De collega’s uit zowel Overheid als Onderwijs zijn heel gedreven dit tot een succes te maken. Dat doet mij als vertegenwoordiger van het bedrijfsleven goed.” Investeren in stagiaires André: “Bij High Tech Maintenance Nederland B.V. hebben we eigenlijk altijd stagiaires lopen, in de regel studenten van het niveau MBO 4. STO Twente richt zich heel nadrukkelijk op het VMBO, toch zie ik voordelen om de jeugd al zo vroeg mogelijk in hun opleiding te interesseren voor techniek. Hoe eerder en beter je dit doet, hoe groter de kans dat deze studenten eenmaal op het MBO daadwerkelijk kiezen voor techniek. Daar komt bij: ik heb eigenlijk over het algemeen hele goede ervaringen met jeugdige studenten die bij ons stage lopen, hoewel je in de publieke opinie andere geluiden kunt horen. We moeten daarbij de hand in eigen boezem steken, want vaak verwacht het technisch bedrijfsleven dat een stagiair alles ook maar meteen beheerst. Hoe reëel is dat? Je zult als technisch bedrijf ruimte en tijd moeten investeren in het begeleiden van je stagiaires. Uiteindelijk rendeert dat, maar je hebt daar een visie voor nodig op de iets langere termijn.” Kijk over lokale grenzen heen Sterk Techniek Onderwijs Twente is een grote regio met vijf sub regio’s. Wat kan daarin een verbindende succesfactor zijn? André: “Ik zie dat alle sub regio’s van STO Twente er goed van zijn doordrongen dat het economische bestaansrecht van Twente voor een heel groot gedeelte is geworteld in de maakindustrie, met uiteraard subtiele verschillen per sub regio. Rijssen-Holten heeft bijvoorbeeld de focus op bouwnijverheid terwijl in Hengelo de maakindustrie vanuit de metaal sterk is vertegenwoordigd. Maar samen staan zij sterk en zien zij elkaars belangen. De kunst is dat de aan STO Twente deelnemende scholen en lokale overheden ook óver die lokale grenzen kijken en vanuit één sterk Twente samenwerken. Ik heb daar alle vertrouwen in.” Cruciaal: leren samenwerken Het programmaplan van STO Twente telt 12 activiteiten. Waar gaat het technische hart van André als eerste naar uit? “Tijdens mijn eigen opleiding luisterde je naar je leraar en werd de stof daarna getoetst. Waar ik nu heel enthousiast van word, is dat de huidige jeugd heel sterk multidisciplinair leert samenwerken in projecten. Ze leren direct als team functioneren. De jeugd is daarin veel verder dan wij dat vroeger waren. Ze worden aangesproken op een breed scala van specifieke kennis en kunde, een manier van studeren waar ze later in het bedrijfsleven direct veel profijt van hebben. Ook dé uitdaging is om jonge VMBO’ers onder de arm mee te nemen in de wereld van techniek zodat later hun overgang naar het ROC van Twente veel voorspoediger verloopt. De mogelijkheden om te investeren in goede technische leermiddelen zoals draai- en freesbanken en ook bijvoorbeeld HoloLenzen, maakt dit mogelijk. Allemaal dankzij de inzet en steun van Sterk Techniek Onderwijs Twente!” MENU

Zoek

bottom of page