top of page

410 resultaten gevonden

  • Jaarlijkse Netwerkdag STO Enschede belicht Techniek Tastbaar en AI

    3ad101cb-4fd3-4cdf-a6b9-9c88c60651af Jaarlijkse Netwerkdag STO Enschede belicht Techniek Tastbaar en AI STO Enschede organiseerde haar jaarlijkse Netwerkdag op woensdag 18 juni. Een hoge opkomst en een uitdagend programma zorgden voor mooie conclusies. Projectleider Ronald Rondeel kijkt er tevreden op terug: “De ideeënuitwisseling voor nu én voor de bestendiging van STO Twente na 2028 was inspirerend.” Inkijkje in nut en noodzaak van Techniek Tastbaar Na zijn openingswoord gaf Petra Lambert van Techniek Tastbaar een inzicht in nut en noodzaak van Techniek Tastbaar, waar ook STO Enschede al meerdere keren enthousiast aan meedeed. Techniek Tastbaar telt op dit moment in heel Nederland meer dan 153.000 bezoekers op 38 verschillende locaties, met in totaal 2400 deelnemende bedrijven en 820 deelnemende opleiders. In vogelvlucht somde Petra de voordelen op voor vmbo-leerlingen die Techniek Tastbaar bezoeken: “Ze gaan van praten over techniek naar dóen, techniek wordt zichtbaar in plaats van onzichtbaar, en onbekendheid met techniek zetten we om in ervaringen met techniek.” Ook gaf Petra de deelnemende scholen en bedrijven tips mee voor een nog beter resultaat met Techniek Tastbaar: “Pas het event goed aan binnen je school, sluit aan op lopende thema’s zoals de 7 werelden van techniek, en integreer het in je LOB-programma.” Opbrengsten voor PO- en VO-leerlingen Tot slot splitste Petra tussen PO en VO uit wat Techniek Tastbaar vmbo-leerlingen oplevert: “PO-leerlingen krijgen vertrouwen door hun ervaringen met techniek. Ze doen dingen waar ze blij van worden en ontdekken dat ze veel meer kunnen dan ze denken. VO-leerlingen ontdekken dat sommige activiteiten best heel leuk en interessant zijn om te doen. Ze verbazen zichzelf dat het techniek ís! In één moeite door zien ze welke bedrijven er in hun regio actief zijn. En voor alle leerlingen geldt: als je ervaringen kunt vergelijken, dan kun je betere keuzes maken.” Niet voor niets organiseert STO Enschede een nieuwe Techniek Tastbaar, en wel op 10 oktober 2025. Gevolgen van AI en ChatGPT voor technisch beroepenveld Vervolgens gaf Casper de Jong van TechYourFuture een inkijkje in wat AI en ChatGPT onder andere betekenen voor de technische bedrijven waar veel van de nu nog jonge vmbo-leerlingen gaan werken. De implicaties zijn stevig volgens een rapport van de SER. Casper: “AI, robots en industrialisatie nemen het over, de oude manier van werken is verleden tijd. Technische bedrijven die hierin achterblijven? Exit! De vraag is niet of technische bedrijven hierin meegaan, maar hoe snel. We gaan naar augmented werken: Tech maakt je beter of vervangt je. We gaan werken in 3D-simulaties, want de realiteit is te langzaam. Door AI bepalen straks de klanten alles en de machines voeren uit. En wie niet digitaal samenwerkt, werkt straks nergens meer.” Good practices Tot slot discussieerden de deelnemers in groepjes, onder leiding van een docent, over twee STO-thema’s: “Versterken uitwisseling vakkennis en -vaardigheden in samenwerking met bedrijven en instellingen” en “Buitenschools leren in samenwerking met mbo, bedrijfsvakscholen, bedrijven en instellingen.” De vele goede ideeën die deze discussies opleverden worden binnenkort met alle deelnemers gedeeld. Eén van de goede suggesties? Organiseer een STO-netwerkdag voor decanen zodat zij veel beter en gerichter over techniekstudies kunnen adviseren! Tot slot werd er gezellig met elkaar genoten van een buffet en ging de ideeënwisseling nog een tijdje door! Opnieuw een geslaagde Netwerkdag van STO Enschede in een volop actieve regio. MENU

  • “Vmbo-basis leerlingen inspireer je voor techniek door gewoon te dóen”

    8464b609-1c45-41ef-871d-362866864e3c “Vmbo-basis leerlingen inspireer je voor techniek door gewoon te dóen” Ynske van der Meulen is een bevlogen docent natuur en techniek op de Waerdenborch in Holten. Zij is supertrots op haar vmbo basis klas 2. Samen met hen maakte Ynske een TWIK (Tegen de Wind In Karretje). Het filmpje daarvan ging viraal op LinkedIn en is meer dan 76.000 keer bekeken. En aan de hand daarvan is zij uitgenodigd om in Den Helder met de klas te komen kijken naar een echt kampioenschap voor ‘tegen-de-wind-in-karretjes’. Ynske haalt graag het uiterste uit haar leerlingen: “Ik wilde laten zien dat ook basis-leerlingen tot heel veel in staat zijn.” Vmbo-leerlingen hebben speciale kwaliteiten In haar vrije tijd deed Ynske vrijwilligerswerk op een vmbo-school. Van het één kwam het ander en nu staat ze alweer twintig jaar voor de klas: “Basis leerlingen leren anders, en dat is niet verkeerd, want hoe je leert mag nooit een issue zijn over het niveau. De ene doet er wat langer over dan de andere. Ik zie het als mijn missie om uit deze kinderen het uiterste te halen en het stempel dat zij meekregen weg te halen. Ze hebben andere kwaliteiten, en ik vind het een uitdaging die maximaal te benutten.” Leren door te voelen, te kijken en te doen Ynske merkt dat het Technolab op de Waerdenborch in Holten veel losmaakt bij deze leerlingen: “Zij zijn van aard doeners en de werkplaats werkt als een magneet op hen. Vmbo-leerlingen willen voelen, kijken en doen en vervolgens leren, en dat kan hier prima. Dat betekent dat ik bij de basis-leerlingen minder nadruk leg op het behalen van theoretische leerdoelen. Ik merk dat basis-leerlingen veel liever van een werkstuk leren wat zij en anderen eraan hebben in het dagelijkse leven.” Ynske werkt als ‘flexibele schil’ docent en doet daardoor op meerdere scholen indrukken op: “Dat bevalt mij prima. Ik mag bij meerdere scholen in de keuken kijken en bouw daardoor ook veel techniekkennis op. Uiteindelijk profiteren ook de leerlingen hiervan.” Techniek? Denken in mogelijkheden Op LinkedIn kreeg Ynske veel reacties op het filmpje. De leukste? ‘Vmbo is top’. De docente natuur en techniek is beduusd door alle aandacht van het filmpje dat ze nietsvermoedend online zette: “Ik wilde laten zien dat de leerlingen tot veel in staat zijn. Er moeten niet alleen negatieve verhalen zijn over het vmbo”. Ook schreef iemand: “Een TWIK is een mooie metafoor voor hoe om te gaan met tegenslagen”. Dat hoort volgens Ynske bij haar vak: “Techniek is in oplossingen denken. Niet in problemen. Dat zeg ik ook altijd tegen de leerlingen. Die insteek is ook buiten de techniek handig in het verdere leven. Het gaat om denken in mogelijkheden.” Uitnodiging als groot compliment Naar aanleiding van het filmpje is de klas nu uitgenodigd om te kijken bij de Racing Aeolus, een evenement in Den Helder waarin grote voertuigen het tegen de wind opnemen: “Dat is een groot compliment voor de leerlingen. Zij voelen hiermee: we hebben het goed gedaan en staan in de picture. Ook kreeg ik veel berichten van andere leerkrachten die ook graag met het tegenwindproject in de weer willen.” Fan van STO Twente Ynske draagt Sterk Techniekonderwijs Twente een warm hart toe: “Als techniekdocenten zijn wij het visitekaartje voor STO. Het is goed als onze beroepsgroep meegaat met de nieuwe technieken die onze leerlingen later in het bedrijfsleven gaan tegenkomen. Dat past heel goed bij de nieuwsgierige aard van techneuten.” MENU

  • Subregio Oldenzaal presenteert resultaten en blikt vooruit

    081a03d2-489b-4f36-a124-119b60fd9af5 Subregio Oldenzaal presenteert resultaten en blikt vooruit In de subregio Oldenzaal is er tussen 2020 en 2024 enorm veel bereikt vanuit STO Twente. Wout Ensink gaf op 24 januari een presentatie van de resultaten voor de collega’s vanuit een heldere infographic. Hiervoor was veel belangstelling: “De energie en het enthousiasme in ons team is groot! Zonder de inzet en het harde werk van al onze collega’s was dit nooit gelukt. We zijn super trots op wat we hebben bereikt en gaan vol vertrouwen en motivatie verder.” Meervoudige verantwoording Wout: “We hebben flinke stappen gezet met STO Twente, en het is goed en extra motiverend om af en toe het net op te halen en met elkaar de concrete resultaten te delen. Daarnaast: STO is een subsidie vanuit de overheid, dus betekent het delen van resultaten ook een stukje verantwoording naar de maatschappij toe, evenals de directe omgeving waarmee we samenwerken zoals met de bedrijven.” Inbedding al geregeld gerealiseerd Wout en zijn collega’s zien een opmerkelijk fenomeen: “Een doel voor ná 2028 is om allerlei activiteiten van STO standaard in te bedden in ons lesprogramma. Nú al zien we dat dit voor een aantal onderdelen geldt, en dat is goed nieuws.” Wout geeft enkele sprekende voorbeelden: “Neem de bijna dagelijkse bezoeken van basisscholen aan ons Technolab. Ook is het al heel gewoon dat technische bedrijven gedurende het hele schooljaar gastlessen geven. Voor PIE is dit inmiddels de normaalste zaak van de wereld en bij BWI en M&T komt die beweging nu ook op gang.” Eveneens een goede zet bleek het volgen van een deel van een keuzevak bij het bedrijf waar een leerling ook stage loopt: “Dat loopt inmiddels al voor het zoveelste jaar geruisloos.” Juist die inbedding was een extra reden voor de bijeenkomst op 24 januari stelt Wout: “Door deze inbedding zien collega’s het vaak niet meer als iets uitzonderlijks. Tijdens de bijeenkomst konden we nog eens uitlichten dat we vanuit STO met hele mooie opbrengsten bezig zijn.” Willekeurige greep uit de resultaten Zonder hiermee recht te doen aan álle mooie resultaten van STO Oldenzaal lichten we er enkele willekeurig uit: 8950 leerlingen van 37 basisscholen uit de regio Oldenzaal bezochten het Technolab, 16 bedrijven verzorgen jaarlijks gastlessen, 400 derdejaars leerlingen per jaar verkennen technische beroepen bij bedrijven, 44 leerlingen van Praktijkonderwijs voltooiden technische leerdoelen en ontvingen hun welverdiende certificaat en 84 leerlingen ontdekten vervolgonderwijs bij Techniekhuis Twente, SMEOT en ROC Sumpel. Technische lokalen en middelen zijn gemoderniseerd, een nieuwe pneumatiek straat is in gebruik genomen, elektrische voertuigen maken deel uit van het onderwijs en de lasersnijder wordt ingezet bij de lessen van BWI . Wil je álle resultaten uit de periode 2020-2024 weten? Check dan even de bijgaande Infographic! Blik vooruit STO Oldenzaal heeft uiteraard ook gewerkt aan goede ideeën voor de tweede tranche van STO Twente (2025 t/m 2028). Wout: “De nieuwe planvorm kent uiteraard een continuering van de mooie activiteiten en ontwikkelingen die nog aandacht vragen, zoals middelen en manuren om de voortgang te borgen.” Daarnaast hebben Wout en zijn STO-collega’s gekeken naar nieuwe ideeën. Wout: “Weliswaar zijn de doelstellingen voor de tweede periode gelijk gebleven, toch wisten we nieuwe ideeën te bedenken. Zoals meer dan voorheen nieuw onderwijs ontwikkelen, dus écht nieuwe keuzevakken. Ik noem bijvoorbeeld het Keuzevak Water, techniek en duurzaamheid, een mix van techniek en ons profiel Groen.” Het TCC heeft geen MVI-licentie. Wout: “Maar wel gaan we hier keuzevakken voor ontwikkelen zoals het Keuzevak ICT en het Keuzevak Robotica. Of neem onze oriëntatie op de ontwikkeling van het Keuzevak Edelmetaal. Dat heeft een link naar creatieve techniek zoals sieraden maken. Het idee kwam van onze afdeling PIE, heel origineel meegedacht!” Ook noemt Wout de mogelijke ontwikkeling van het Keuzevak Elektrische Karts. Jongeren helpen om bewuste keuze te maken Nieuw is dat STO Oldenzaal in de tweede tranche de docentenstages gaat oppakken: “Voor ons is dat nieuw, waarbij docenten niet enkele uren, maar meerdere dagen stage lopen bij een technisch bedrijf. Bedoeld om kennis en nieuwe ideeën op te doen die zij vervolgens fris uit de praktijk de klas in kunnen brengen.” Ook noemt Wout alle ontwikkelingen in XR: “Hier trekken we ook in de komende jaren Twente-breed in op.” Tussen 2025 t/m 2028 zet STO Oldenzaal ook gericht in op de koppeling tussen technisch onderwijs en maatschappelijke thema’s. Gloednieuw is de verkenning of STO Oldenzaal bepaalde cursussen van de bedrijfsvakscholen zoals SMEOT ook kan aanbieden in de onderbouw: “Daarmee willen we deze jongeren in klas 2 zo vroeg mogelijk een doorkijkje meegeven naar het vervolgonderwijs ná het vmbo. Hiermee willen we bereiken dat deze jongeren een nog bewustere keuze maken voor een technisch profiel in klas 3 en 4. Door deze bewustere keuze willen we de uitstroom in bepaalde technische profielen in klas 3 en 4 indammen.” Nóg vroeger het basisonderwijs bereiken Graag noemt Wout ook het succesvolle Technolab: “We gaan nu ook opdrachten ontwikkelen voor groep 5 en 6, om er nog eerder bij te zijn. Groep 6 is al in werking voor een aantal basisscholen en met groep 5 draaien we binnenkort een pilot. In de periode 2025 t/m 2028 gaan we dat regulier inbedden.” Een aanpassing die in de tijd dichtbij ligt, is dat STO Oldenzaal Techniek Tastbaar al in de editie van 2025 ombuigt naar een eigen versie getiteld TechniekExpeditie. Last but not least: een activiteit die voortzetting krijgt én verdient is het aanbieden van cursussen techniek voor leerlingen van het Praktijkonderwijs, benadrukt Wout. MENU

  • STO Twente | Sterk Techniekonderwijs

    19 Twentse vmbo-scholen werken intensief samen binnen het landelijk programma Sterk Techniekonderwijs STERK TECHNIEK- ONDERWIJS TWENTE MENU STERK TECHNIEKONDERWIJS STEVIGE IMPULS VOOR TWENTSE VMBO'S Door supersnelle ontwikkelingen in de techniek groeit de vraag naar technisch geschoolden in Twente. Gesteund door het landelijke subsidieprogramma Sterk Techniekonderwijs speelt het Twents technisch vmbo-onderwijs doelgericht in op deze grote uitdaging. Vmbo-scholen slaan handen ineen 19 Twentse vmbo-scholen werken intensief samen binnen het landelijk subsidieprogramma Sterk Techniekonderwijs (2020 – 2023) . Zo ontstond Sterk Techniekonderwijs Twente. Ook het basis- en speciaal onderwijs haken aan evenals opleidingspartners en ROC van Twente. Samen bouwen we hiermee voort op al bestaande regionale samenwerkingen en netwerken. Vanuit een centraal activiteitenplan pakken wij een aantal thema’s regionaal op. Terwijl tegelijkertijd de vijf subregio’s hun eigen accenten kunnen zetten. Deze vijf subregio’s binnen de Regio Twente zijn: Hengelo, Oldenzaal, Enschede, Rijssen/Holten en Almelo ofwel… hoera! LAATSTE NIEUWS Twente goes Techno 2025 trekt ruim 100 leerlingen van CT Stork College In de derde week van november was het weer tijd voor Twente goes Techno. Ruim 800 2e en 3e jaars leerlingen van het voortgezet onderwijs (vmbo, havo, vwo, praktijkonderwijs) bezochten twee bedrijven waar techniek en technologie een belangrijke rol spelen. Ook CT Stork College uit Hengelo doet hier graag aan mee. Alle klassen 2 met in totaal ruim 100 leerlingen hebben verspreid over twee ochtenden bedrijven bezocht en kregen een bijzonder inkijkje in de toegepaste technologie. In totaal werken er 40 bedrijven mee aan Twente goes Techno 2025 om de scholieren te laten zien hoe belangrijk techniek en technologie zijn en vooral hoe leuk het is om hiermee te werken! > STO Enschede verwelkomt Opel Rocks-e als veilig en realistisch lesmateriaal Het profiel M&T van het Bonhoeffer College in Enschede schafte met hulp van STO Twente een spiksplinternieuwe Opel Rocks-e aan, onlangs officieel geïnstalleerd in het praktijklokaal van M&T. Michel Nolsen, docent in opleiding M&T en Techniek is er razend enthousiast over: “Nu kunnen we de leerlingen op een veilige en aanschouwelijke manier kennis laten maken met alles wat er ín een auto komt kijken bij elektrisch rijden. Van groot belang, want dit komen ze gegarandeerd later tegen in hun stage of werk in de automotive.” > Technolab Jacobus Fruytierschool in Rijssen verbindt traditionele en nieuwe technologie met geïntegreerde opdrachten De Jacobus Fruytierschool in Rijssen onderging recent een ingrijpende metamorfose. Ruimtes werden aangepast aan nieuwe onderwijseisen, onder andere de aula werd een uitnodigend Onderwijs Leer Centrum (OLC) en diverse labs kregen een goed ingerichte plek. Eén van deze nieuwe labs is het Technolab. Robert Kleppe is Teamleider en projectleider Sterk Techniekonderwijs: “In ons nieuwe Technolab brengen we heel bewust traditionele en innovatieve technieken samen en integreren wij deze in overkoepelende opdrachten.” > HBR op CSG Reggesteyn realiseert veelzijdige upgrade samen met STO Twente Het profiel Horeca, Bakkerij en Recreatie (HBR) op CSG Reggesteyn voerde samen met STO Twente een aantal gerichte upgrades uit. Uiteraard met de focus op techniek en technologie. Een schoolvoorbeeld van de verbreding van profielen, naast de ‘harde techniek’, die STO voorstaat voor de periode 2025 t/m 2028. > House of Skills neemt leerlingen basisonderwijs en voortgezet onderwijs mee in procestechniek House of Skills is een enthousiaste partner van Techkwadraat Twente. In mei van dit jaar stelden zij gastvrij hun deuren open voor de eerste regiobijeenkomst. Op donderdag 25 november organiseerde House of Skills een verdiepende bijeenkomst voor VO-docenten om samen te ontdekken wat House of Skills ook de aan Techkwadraat Twente deelnemende VO-scholen kan bieden. Zoals kant-en-klare workshops met praktische opdrachten voor maximaal contextrijk onderwijs. > Opleiding Praktisch Bouwmanagement ideaal voor praktisch ingestelde havisten We zien het steeds vaker: havisten die na het behalen van hun diploma eigenlijk niet door willen naar het hbo. Ze zijn praktisch en minder puur theoretisch ingesteld. Zij werken liever met hun handen dan in de collegebanken te zitten. Ook hebben ze vaak een talent voor techniek en technologie. Bouwmensen Almelo springt hier sinds kort op in met de mbo niveau 4+ opleiding Praktisch Bouwmanagement. Decanen van aan Techkwadraat Twente deelnemende havo-scholen kunnen deze nieuwe mogelijkheid voortaan ook adviseren aan hun praktisch ingestelde havisten. > SKOLO vliegt Wetenschap en Techniek veelzijdig, gestructureerd en door de schoolleiders ondersteund aan Techkwadraat Twente en Kids4Twente zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Sterker nog: beide programma’s kunnen deelnemende basisscholen synergetisch versterken! Onderzoekend en Ontwerpend Leren (OOL) vormt hierin misschien wel dé verbindende schakel. Reden voor onder andere Stichting Katholiek Onderwijs Losser en Overdinkel (SKOLO) om aan meerdere samenhangende W&T-trainingen van Kids4Twente deel te nemen én voortdurend bij de leerkrachten en schoolleiders het vuur voor W&T en OOL brandend te houden. > Praktische materialen voor integratie leesbevordering en technologie binnen thematisch werken Veel PO-scholen gaan concreet aan de slag met de integratie van lezen (leesmotivatie, leesbevordering) en technologie binnen thematisch werken. Techkwadraat Twente helpt hen daarbij, dankzij de onderzoeksinzet van Martine Gijsel. In dit artikel wijst zij geïnteresseerde scholen de weg naar kant-en-klaar toepasbare materialen. Martine: “Er is onder andere een uitgewerkte lessenreeks beschikbaar, en meer. We kunnen leerkrachten ondersteunen door middel van professionalisering.” > Met Techkwadraat Twente geven we het vak Onderzoek en Ontwerpen een stevig fundament mee vanuit ons nieuwe Technasium Het Bataafs Lyceum in Hengelo doet mee met Techkwadraat Twente. Al bij de start heeft deze vo-school haar zaken goed op de rit, zoals het samen met het bedrijfsleven aanvliegen van het vak Onderzoek & Ontwerpen (O&O). Graag deelt deze school haar ideeën en initiatieven, bijvoorbeeld BL-Business voor de inhoudelijke connectie tussen bedrijven en leerlingen. Gerdi Haverkamp is biologiedocente, mentor, coördinator BL-Business en Havo-P en Technator voor het Technasium: “Technologische bedrijven zien doorgaans het belang om mee te werken, samen met scholen, aan de nieuwe generatie medewerkers. Ook vergroten zij hun naamsbekendheid door met een vo-school als de onze samen te werken. Het belang ligt dus niet alleen bij de school.” > MEER NIEUWS

  • STO Twente aan tafel bij webinar ‘Versterk uw techniekteam met hybride professionals'

    6ae3e23c-3993-4923-9fa7-04f0ffcd788f STO Twente aan tafel bij webinar ‘Versterk uw techniekteam met hybride professionals' Op woensdag 19 januari organiseerde Sterk Techniekonderwijs landelijk een interessante en gestreamde livediscussie met als thema ‘Versterk uw techniekteam met hybride professionals”. Gastspreker was onder andere Hans Meinders. Hij is adjunct-directeur van het Twents Carmel College (TTC) Oldenzaal en projectleider/penvoerder bij STO Twente. Ook gaf de Twentse Hybride professional Jelmer Vos zijn visie vanuit de praktijk. Eén van de doelen van STO Twente is het werven van meer docenten en begeleiders. Het concept van de hybride professional draagt hieraan bij. Dit is een ervaren professional die in het technisch bedrijfsleven werkt én zijn of haar kennis doorgeeft aan leerlingen op school. Resultaten onderzoek “Hybride professionals in de techniek” Als inleiding presenteerde Monique Ridder van Hogeschool Windesheim de resultaten van het TechYourFuture-onderzoek “Hybride professionals in de techniek”. Haar presentatie ging uiterst praktisch in op drie concrete vragen: hoe hybride professionals het technisch bedrijfsleven en technisch beroepsonderwijs met elkaar verbinden en wat de waarde daarvan is en hoe de school- en de bedrijfsorganisatie de positie van hybride professionals aantrekkelijk kunnen maken. En tot slot: hoe scholen en technische bedrijven kunnen samenwerken om hybride professionals aan te trekken en te behouden? Drie belangrijke tips Onderstaand drie belangrijke tips uit het onderzoek voor wie ook hybride professionals wil werven én behouden: • Zet in op hun expertise op basis van co-teaching en gastdocentschap. • Zorg voor aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden en biedt de hybride professional een geleidelijke route aan naar docentschap in plaats van de reguliere 4-jarige opleiding. • Vanuit de HRM-discipline is het advies om als school je HRM-beleid aan te passen aan de komst van hybride professionals door hen te ondersteunen, stimuleren, uit te dagen en te waarderen. “Grensgangers” “Grensgangers”, die term viel bij dit STO LIVE-webinar meerdere malen om hybride professionals te omschrijven. Het laat zien dat de rol van deze hybride professionals een duidelijk andere is (of zou moeten zijn) dan die van andere, niet-hybride docenten en technische werknemers. En daar ligt ook hun meerwaarde; op het grensvlak van school en bedrijf zorgen ze ervoor dat ervaring en expertise naar beide kanten meer gaat stromen. Hybride professionals in Twente Hans Meinders vertelde hoe de STO-regio Twente hybride professionals inzet in het vmbo-onderwijs: “Kijk je naar de opdracht van Sterk Techniekonderwijs dan kan een hybride professional hier daadwerkelijk invulling aan geven. De hybride professional zien wij als een additionele functie, en is niet bedoeld als oplossing voor de tekorten aan docenten techniek. Het vormt veel meer een nadrukkelijke stimulans om nog meer kwaliteit in je school te brengen. Ook geeft de hybride professional verlaging van de werkdruk van je eigen techniekdocenten. We positioneren de hybride professional dus náást de docent techniek en niet in plaats van. Dit betekent dat je wel heel goed met je zittende docenten bespreekt wat exact de taken en rol zijn van de hybride professional. Het is dus van belang om mogelijke weerstand weg te nemen. Het is ook niet zo dat de hybride professional de techniekdocenten inhoudelijk vervangt, maar ze kunnen elkaar wel aanvullen.” Voorbeelden uit de praktijk Hybride professional Jelmer Vos is werkzaam bij Selo in Hengelo als lasser en samensteller van machines. Jelmer geeft een dagdeel in de week onderwijs op het Twents Carmel College: “Die meerwaarde zie ik als heel positief. Een bedrijfsprofessional zit dagelijks in het beroep en kent de laatste ontwikkelingen, methoden en apparatuur. Die specifieke kennis kan hij of zij rechtstreeks de school in meenemen, als aanvulling op de meer algemene kennis die de techniekdocent overbrengt. Wat ik theoretisch aan de leerlingen uitleg in het technieklokaal van het TCC kan ik ter plekke direct aan hen demonstreren. Je merkt dat dit een extra impuls geeft aan hun motivatie. Veel leerlingen hebben al een bijbaantje in de metaaltechniek en laten mij hun werkstukken zien. Ook daar kan ik dan direct feedback op geven. Daarnaast breng ik mijn kennis over op de docenten techniek. Die kennis nemen zij ook direct weer mee in hun lessen. En vergeet niet: ik leer heel veel van de docenten over hoe je met leerlingen omgaat! De kennisoverdracht werkt daarmee beide kanten op.” Eveneens benadrukt Jelmer dat hij de leerlingen ook al mee kan nemen in wat het betekent om in een bedrijf te werken. Jelmer: “Ik ben er blanco ingestapt en stond overal voor open. Mijn kernopdracht was om nieuwe lastechnieken de school in te brengen. De leerstof en werkstukken zijn al helder uitgeschreven. Ik kon dus direct vrij makkelijk instappen, dat hielp enorm. Mijn rol van hybride professional was vanaf de start duidelijk.” Goede ingangen in technische bedrijven Hans Meinders: “Wij hebben als onderwijs graag goede ingangen in het technisch bedrijfsleven, maar waar begin je? Via je hybride professionals realiseer je die contacten op een heel praktische en natuurlijke manier bij de bedrijven waar zij werken. Een ander programmaonderdeel van STO is meer techniekonderwijs voor leerlingen binnen de techniekbedrijven zelf realiseren, zoals door het geven van keuzevakken voor vmbo-leerlingen in die bedrijven. Via je hybride professionals heb je daarvoor direct een goede ingang.” Hans bracht vervolgens een belangrijk punt naar voren: “Om van de meerwaarde van de hybride professional te profiteren, is wel enige flexibiliteit gevraagd, van zowel school en bedrijf als van de hybride professional zelf. Bedrijven hebben vaak snel wisselende orderportefeuilles en kunnen een werknemer die ook hybride professional is, misschien even acuut niet missen. Als je die flexibiliteit in de samenwerking tussen bedrijf en school weet te borgen, van beide kanten, dan ben je spekkoper. Een ander aspect is dat scholen soms twijfelen of ze de hybride professional op termijn kunnen betalen. Ik benadruk dat het hier gaat om structurele gelden voor het techniekonderwijs waarop scholen beleid voor de lange termijn kunnen baseren. Zij kunnen het concept van de hybride professional dus verduurzamen.” Jelmer: “Op haar beurt investeert ook mijn werkgever Selo hier met plezier in. Niet om daar direct zelf de vruchten van te kunnen plukken, maar misschien motiveren we jongeren extra om voor techniek te kiezen en profiteert de hele Twentse arbeidsmarkt daarvan. We kijken dus nadrukkelijk naar het maatschappelijke belang voor de regio.” Zelf kijken? De livestream is terug te zien via deze link: https://www.sterktechniekonderwijs.nl/nieuws/terugblik-sto-live-versterk-uw-techniekteam-met-hybride-professionals MENU

  • Meer mogelijk met VR vanuit gecentraliseerd VR Expertteam

    86c8e026-cb0c-4363-9bb2-61eb08ffc651 Meer mogelijk met VR vanuit gecentraliseerd VR Expertteam Met VR komt er veel op je school af. Hoe organiseer je dit? CSG Reggesteyn in de STO subregio Rijssen - Holten pakte dit praktisch aan en stelde een slagvaardig VR Expertteam samen. Hoe werkt dat en wat zijn de voordelen? Een inhoudelijk gesprek met Marloes Spijkerman, Tamara Berentschot en Emiel Velnaar: “Door de focus van ons VR Expertteam komt VR structureel van de grond.” Uren en faciliteiten vrijspelen Tamara, docent Zorg & Welzijn: “Enkele jaren geleden hebben wij de XR-cursus bij Ewout Warringa gevolgd, van HoloLenzen en VR-brillen tot en met 360 graden camera’s. We leerden in één keer heel veel en waren direct super enthousiast. De uitdaging was tijd. We staan alle drie voor de klas, dus hoe pak je dat aan? We kregen één lesuur per week om dit op te pakken, bepaalden onze visie en zijn lesmateriaal gaan ontwikkelen. We zijn gewoon gestart en de klassen ingegaan. Het enthousiasme bij de docenten en leerlingen was enorm, maar we hadden duidelijk meer tijd nodig om VR goed op de kaart te zetten, want uiteindelijk deden we nog heel veel in eigen tijd.” Samen tijd op hetzelfde moment in rooster Marloes, docent Nederland: “We kregen vervolgens drie uur tijd, voor alle drie tegelijkertijd in ons rooster en toen konden we doorpakken.” Die gezamenlijke drie uur vormt nog steeds de basis van het VR Expertteam. Marloes: “Het is inderdaad cruciaal dat alle leden van het VR Expertteam op hetzelfde moment uren hiervoor hebben, dan kun je met VR ook daadwerkelijk samen fysiek aan de slag en meters maken. We zijn tijdens deze uren in een apart kantoortje samen aan het werk met VR, dat helpt enorm. Met ons eigen VR Expertteam hebben we dus uren en faciliteiten vrijgespeeld om docenten daadwerkelijk te betrekken en samen met hen lessen te ontwikkelen. Uiteindelijk is het de taak van ons VR Expertteam om onze specifieke kennis over te brengen op docenten, zodat het VR Expertteam uiteindelijk een ondersteunende rol krijgt. Kortom, zorg dat je VR Expertteam een officiële status krijgt, want dan kun je uren en faciliteiten vrijspelen. Ook helpt het dat het VR Expertteam zich gericht presenteert met een eigen e-mailadres.” Bewuste verbreding profielen Het VR Expertteam telt bewust ook deelnemers van buiten de harde profielen zoals vanuit de AVO-vakken, vanuit de verbreding die STO in de periode 2025 t/m 2028 voorstaat. Marloes: “Alle drie geven we les in vakken buiten de technische profielen. We zagen in dat we ook in onze lessen VR konden inzetten om onze lessen nog interessanter te maken.” Tamara: “Bijvoorbeeld Aardrijkskunde en Geschiedenis zijn fantastische vakken om VR bij in te zetten. Op CSG Reggesteyn is bijvoorbeeld het keuzedeel ‘dirigeren’ gekoppeld aan VR. Hiervoor wordt de app Maestro ingezet. Na de theorielessen over dirigeren volgt een interactieve en innovatieve afsluiting: een sessie met de VR-bril. Met behulp van de app ‘Maestro’ kunnen de leerlingen in een virtuele omgeving een orkest dirigeren. Of denk aan de koppeling met digitale geletterdheid.” Emiel Velnaar is docent lichamelijke opvoeding: “We hebben een app aangeschaft genaamd All-in-0ne Sports. Die geeft mijn leerlingen de kans om heel veel soorten sporten te beoefenen met een VR-bril. Heb je een leerling die moeite heeft met bewegen? Geen probleem, niemand ziet dat, want die leerling is op dat moment met de VR-bril op in zijn of haar eigen wereld.” Het VR-Expertteam kijkt ook naar de toekomst: “Onze school blijft zich inzetten voor innovatieve onderwijsontwikkelingen en kijkt uit naar verdere samenwerkingen tussen technologie en andere vakken!” Naast de verbreding naar de andere profielen, speelt VR uiteraard ook een rol in de technische vakken. Zo volgt een techniekdocent momenteel de XR programmeercursus voor BWI-docenten bij Bouwmensen Almelo. Ook handig: introductie-event Een ander geslaagd idee is dat het VR Expertteam van CSG Reggesteyn ter introductie van XR en VR een event organiseerde waarbij de leerlingen zich laagdrempelig konden inschrijven voor workshops, georganiseerd door en op CSG Reggesteyn. Tamara: “Hiermee creëer je in je school een fysiek startpunt met VR voor iedereen. Ook hebben we veel steun gehad van ons ICT-team op school om alles voor VR goed en gebruiksvriendelijk in te stellen, zoals een stabiele WiFi-verbinding. Veel scholen worstelen met VR door een instabiele WiFi en daardoor brokkelt het enthousiasme al snel af. Dat hebben wij van meet af aan goed ingeregeld.” Duidelijke afbakening tussen VR en het Technolab Veel vmboscholen brengen VR onder bij hun Technolab. Het VR Expertteam heeft daar een andere visie op. Marloes: “VR komt vanuit ons VR Expertteam en vervolgens inspireren wij onze docenten om dit in te zetten. Leg je je VR neer in je Technolab als centrale aanstuurder dan moeten de docenten daar zelf naartoe om hiermee aan de slag te gaan. Dat is veel werk voor hen en kan drempels oproepen. Daardoor komt VR minder van de grond. Onze aanpak is anders: wij benaderen en enthousiasmeren docenten voor VR in hun lessen. Daarmee voorkomen we ook dat VR ondersneeuwt in de vele andere technologieën die het Technolab biedt.” Moet je software voor VR inkopen of zelf ontwikkelen? Tamara: “We zoeken eerst naar software die al voorhanden is. Er is via internet al heel veel gratis materiaal beschikbaar, vooral 360 graden video’s op YouTube. Daardoor hebben we nog maar twee apps echt moeten aanschaffen, die we overigens ook heel veel gebruiken. Het zelf laten ontwikkelen van software is gewoon enorm duur, dus kijken wij heel goed rond naar wat er al bestaat en wat we aan kunnen passen naar onze lessen. Daarmee benaderen en inspireren we collega-docenten om die bestaande virtuele mogelijkheden in te zetten.” Marloes: “Inmiddels werkt het door ons enthousiasme en inzet ook andersom. Docenten benaderen het VR Expertteam, reiken een lesonderwerp aan en dan gaan we samen op zoek naar al beschikbare software en apps. Op die manier besparen we heel veel geld zoals voor dure licenties.” Veel opzoeken. zelf uitpluizen en zelf testen Ook het VR Expertteam moet en wil uiteraard bijblijven met alle ontwikkelingen op het terrein van VR. Hoe doen zij dat? Emiel: “Gewoon heel veel opzoeken, zelf uitpluizen en zelf testen. Wat werkt wel en wat werkt niet? Daarom zijn we zo blij met de drie voor het VR Expertteam vrijgespeelde uren, anders kom je hier niet gericht aan toe.” Tamara: “We zijn enthousiast en zien echt de meerwaarde van VR in de lessen. Daardoor heb en houd je ook de drive om jezelf continu op dit vlak te willen blijven ontwikkelen.” Tamara: “Ook een advies: begin gewoon én doe dat op kleine schaal. Leer daarvan en vervolgens kun je rustig uitbreiden.” Emiel: “Met een simpele app of video kun je in je klas al heel kleinschalig starten.” MENU

  • Unieke werkwijze STO-subregio Almelo e.o.: vanuit verbinding vernieuwen

    1cf06ace-f444-4d6c-8cd0-2027d1ee62be Unieke werkwijze STO-subregio Almelo e.o.: vanuit verbinding vernieuwen De subregio Almelo e.o. is volop actief met het realiseren van STO-activiteiten. De grote kunst is om bij deze activiteiten visie en uitvoering naadloos bij elkaar te krijgen. Ofwel: plan & praktijk op één lijn. Extra uitdagend voor de subregio Almelo e.o. omdat er hier veel vmbo-scholen meedoen met STO. Om hier grip om te krijgen, creëerde deze subregio drie werkgroepen gekoppeld aan drie strategielijnen. Verticaal komen hierin visie en uitvoering samen. Zonder ruis en in direct contact met alle betrokkenen. Wellicht een praktische blauwdruk voor andere STO-regio’s. Patric Wigman, regioleider STO subregio Almelo e.o.: “Alles binnen STO start met een visie. Ondersteund door ons zogeheten Merkkompas hebben we daarom eerst deze visie ontwikkeld. Die geeft antwoord op deze kernvraag: hoe zien wij onze toekomst op basis van de stevige impuls van de financiële STO-middelen? Echter, visie creëer je vanuit leiderschap terwijl je activiteiten, plannen en budgetten vanuit het management creëert. We kozen voor een heldere opdeling in drie overzichtelijke, herkenbare strategielijnen op basis van drie doelstellingen.” Strategielijn 1 is de doorlopende leerlijn po-vmbo, met bijvoorbeeld de activiteit dat po-leerlingen alvast het vmbo kennismakend bezoeken. Strategielijn 2 is de regionale samenwerking tussen de drie O’s. Daar vallen ook STO-activiteiten onder zoals netwerken met het bedrijfsleven. Patric: “Die strategielijn borgt dat wij met de juiste partners onze ideeën verder uitwerken.” Strategielijn 3 staat voor een adaptief onderwijssysteem voor techniek. Patric: “Wil je in het technisch onderwijs iets bereiken? Dan moet je het huidige onderwijssysteem baanbrekend openbreken. ‘Baanbrekend leren’ is dan ook ons overkoepelende thema op de lange termijn voor alle STO-activiteiten in de subregio Almelo e.o.. Vanuit deze strategielijn gaan we met besturen van vmbo’s, mbo’s en bijvoorbeeld wethouders Onderwijs rond de tafel. Het mooie is dat we alle directeuren van de aan STO deelnemende vmbo’s al naar gelang hun affiniteit verdelen over de overleggen die horen bij deze drie strategielijnen.” Patric geeft nadrukkelijk aan dat deze aanpak gestoeld is op het kernthema dat hij eerder noemde: “Vanuit verbinding vernieuwen”. Inspiratievolle voorbeelden Patric geeft een concreet voorbeeld: “Ik sprak een bouwdocent die voor een keuzedeel wilde samenwerken met bouwbedrijf De Groot Vroomshoop. Echter, hij kende daar alleen de contactpersoon voor stages. Vanuit ons model had ik op basis van de visielijnen al goede contacten opgebouwd met de directie van De Groot Vroomshoop. Daardoor lagen er met de directie vergaande strategische afspraken over hun medewerking op dit vlak. Vanuit die stevige basis kon ik vervolgens deze bouwdocent rechtstreeks met het juiste directielid verbinden.” Gieni Nijkamp, projectorganisatie STO subregio Almelo e.o. heeft nog een voorbeeld: “Onze complexe opbouw in de STO-regio Almelo e.o. hebben we omgeturnd naar voordelen. De kartrekkers, mensen van de werkvloer en docenten wilden heel graag een overstijgend uitwisselingsprogramma op basis van keuzevakken. Het is ons gelukt om de woensdagmiddag voor alle deelnemende vmbo’s tot techniekmiddag te benoemen. Leerlingen volgen hun keuzevak op een deelnemende vmbo in onze regio die dit keuzevak geeft. Dit opent voor alle leerlingen de deur om elk keuzevak te kunnen volgen, ze hoeven alleen maar op woensdagmiddag naar deze school toe fietsen.” Patric: “De strategielijnen die ik eerder schetste, hebben voor dit mooie project dus de weg geplaveid, zo concreet is het.” Geen project, maar een transitie Gieni Nijkamp: “Wij vliegen STO niet aan als een project vanuit het bekende watervalmodel, maar als een organische transitie, een beweging. We volgen dan ook een specifiek verandermodel. Op basis hiervan plannen en zetten wij stappen, zoals het creëren van een noodzaak. Neem strategielijn 3 voor het creëren van adaptief onderwijs. Dat bereik je niet met een project dat je stap-voor-stap uitvoert, maar wel door het te beschouwen als een transitie die je gelijkwaardig doormaakt met alle betrokkenen. Omdat we dit vanuit één visie en strategie aanvliegen, ontstaan er doelstelling- overstijgende samenwerkingsverbanden binnen onze complexe subregio Almelo e.o en overstijgen we daarmee ook het activiteitenplan. Daardoor zijn we inmiddels een stap verder dan het activiteitenplan is vormgegeven, in de vorm van een transitie en niet een project.” MENU

  • Ambachtelijke technieken en digitale wereld ontmoeten elkaar

    f6a00f90-cad0-4018-be7e-2f2b19752f6d Ambachtelijke technieken en digitale wereld ontmoeten elkaar C. T. Stork College en SMEOT sloegen de handen ineen met het Museum Hengelo. Circa 380 leerlingen uit groep 7 en 8 van acht basisscholen gingen tussen 19 mei en 11 juni aan de slag vanuit het museumthema ‘Beroepen: toen, nu en straks’. De insteek? Basisschoolleerlingen eigenhandig kennis laten maken met zowel oude als nieuwe beroepen en technieken. Leuk om te zien was dat zowel bij de ambachtelijke als digitale bewerkingen bij veel leerlingen het puntje van de tong uit de mond stak van concentratie. Voorafgaand aan de praktijkopdrachten ontvingen de basisscholen ter voorbereiding kant-en-klaar lesmateriaal. Je weg vinden in een snel veranderende technische wereld Eudard Moen is Hoofd Educatie van Museum Hengelo: “In vroegere tijden werd alles met de hand en eenvoudige gereedschappen gedaan. Bijvoorbeeld een timmerman werkte met zaag, hamer en schaaf. Het was ambachtelijk werk. Nu zijn er machines, robots en cobots die het routinewerk overnemen, sneller zijn en minder fouten maken. Zelfs het nadenken wordt overgenomen door AI. Die permanente veranderingen in vooral technische beroepen is ook ingrijpend voor basisschoolleerlingen die na het vmbo een beroepsopleiding kiezen. In het project ‘Beroepen: toen, nu en straks’ nemen we de leerlingen mee op reis om zelf te ervaren hoe het werken vroeger ging, hoe het nu gaat en wat hen te wachten staat in de toekomst. Ze leren dat ook zij specifieke eigenschappen en technische vaardigheden kunnen ontwikkelen om zich te handhaven in een steeds (sneller) veranderende wereld.” Astrid Plaggenmars is leerkracht groep 8 op basisschool IKC De Hunenborg: “Wij vinden het heel belangrijk om onze leerlingen zowel ambachtelijke als moderne technieken te laten ervaren voor hun beeldvorming. Voorafgaand aan het bezoek aan C.T. Stork College hebben we een voorbereidende les gegeven in de klas, inclusief video, dat werd allemaal netjes aangereikt.” Drie soorten werkstukken maken De lessen onder de vlag van ‘Beroepen: toen, nu en straks’ over de ontwikkeling van het ambacht tot moderne beroepsuitoefening zetten de leerlingen ambachtelijk én modern-industrieel aan het werk. Het museum vond het C.T. Stork College en het SMEOT bereid om deze praktijkervaring te organiseren. De basisschool leerlingen gingen verspreid over enkele weken in 17 groepen aan de slag met praktische opdrachten bij zowel SMEOT als de afdelingen PIE en BWI bij C.T. Stork College. Deze praktijkervaring was een aanvulling op de video-introductie van het ambachtelijk werken op school en een met een PowerPoint-presentatie geleid leergesprek met de leerlingen. Bij SMEOT maakten zij een ventilatortje op zonne-energie en ontdekten de leerlingen de handelingen, gereedschappen en machines die hiervoor in de metaalbewerking nodig zijn. Bij Produceren, Installeren & Energie (PIE) maakten de leerlingen een klokje op een plastic ondergrond . De facetten van metaalbewerking die hiervoor nodig zijn kregen ze letterlijk in de vingers, maar dan met plastic. Een veel zachter, en daardoor veiliger en makkelijker verwerkbaar materiaal. De leerlingen bij PIE maakten ook een pennenhouder door zelf te lassen. Ook hebben zij de moderne variant van lassen geoefend middels de virtuele lassimulator. Bij Bouwen, Wonen en Interieur (BWI) maakten de leerlingen een houten pennenhouder . Specifiek hiervoor kwam het complete spectrum van bewerkingen aan bod. Van puur handmatige houtbewerkingen zoals boren, lijmen en nieten tot en met het zelf maken van een profiel met een digitaal aangestuurde tafelfrees, een logo in het hout branden met een lasersnijder, hun naam uit een stickervel met een snijplotter snijden en een kennismaking met de virtuele spuitcabine bij BWI met een VR-bril op. Leuk om te zien was dat zowel bij de ambachtelijke als digitale handelingen bij veel leerlingen het puntje van de tong uit de mond stak. Nieuwe inzichten voor jeugd Geffrey Buld, instructeur techniek en BWI: “Je merkt dat deze jonge leerlingen nog niet goed weten wat al onze moderne machines en technologie inhouden. Ze komen er hier eigenhandig achter hoe deze machines het zware werk verlichten. Ondanks dat ze er misschien wat angst voor hebben door hun onwennigheid zie je dat ze het toch heel snel oppakken. Dat is het mooie van de jeugd, ze gaan ook door deze soort lessen inzien dat techniek en technologie hen best wel kan helpen in hun leven. Bijzonder om te zien dat dit besef door dit soort initiatieven bij hen groeit.” Tot slot noemt Geffrey nog een ander belangrijk voordeel: “Niet al deze basisschoolleerlingen gaan naar het vmbo. Geen probleem, want ook op andere niveaus hebben we steeds meer mensen nodig die met hun handen kunnen werken, zoals havisten!” MENU

  • Profiel PIE van CSG Reggesteyn vliegt samenwerking met bedrijven structureel aan

    b03dd989-b980-439c-ba02-1cc2ae82b055 Profiel PIE van CSG Reggesteyn vliegt samenwerking met bedrijven structureel aan De afdeling PIE van CSG Reggesteyn is gehuisvest in Kampus Rijssen. Ton Schelfhorst en Patrick de Kleijn zetten hier alles-op-alles om een succes te maken van het profiel PIE. Een belangrijk facet hierin is de nauwe en duurzame samenwerking met de omliggende techniekbedrijven: “Wij leren van de bedrijven en de bedrijven leren van ons. Alleen dan koers je op een duurzame samenwerking”, aldus de gedreven Ton en Patrick. Ton Schelfhorst: “We hebben regelmatig wilde ideeën voor een samenwerking en benaderen hiermee de bij STO aangesloten bedrijven. We hebben inmiddels een soort kernteam van bedrijven waarmee we goed en intensief samenwerken. Het gaat ons om een goede en duurzame relatie en niet af en toe een ad hoc project. Zo geven bijvoorbeeld de professionals van DomotiFactory een viertal gastlessen bij ons over slimme technologie. Ook zijn we met Aqua+ bezig om een project bij ons neer te zetten.” Patrick: “We koersen op maximaal twee bedrijfsprojecten per jaar, dan blijft het behapbaar.” Goede samenwerking met Van de Brink Staalbouw Nijverdal Ook noemt Ton graag de al jarenlang goede samenwerking met Van de Brink Staalbouw Nijverdal. Ton: “Elk jaar realiseren we samen een project. Eerder maakten onze PIE-leerlingen samen met dit bedrijf bijvoorbeeld een kleine kraanwagen. En momenteel helpt Van den Brink Staalbouw ons met de materialen en tekeningen voor een ijscokar. Twee van hun medewerkers begeleiden onze gemotiveerde leerlingen PIE bij het realiseren van deze ijscokar, uiteraard ook onder de begeleiding van ons als docenten.” Alle begeleiding Via internet is een oud onderstel van een bakfiets aangeschaft. Patrick: “Onze PIE-leerlingen haalden die uit elkaar en bouwen dit onderstel stapsgewijs om naar een gloednieuwe ijscokar. Hiervoor is het nodig dat zij de constructie verzwaren. Van den Brink Staalbouw levert alle materialen en de leerlingen leren van tekening lezen door de perfecte voorbereiding vanuit het bedrijf. Zij hebben het project volledig voor onze leerlingen voorbereid en in ruil maken wij een ijscokar.” Ton: “De leerlingen krijgen eerst een bedrijfsbezoek zodat zij zich een goed beeld kunnen vormen van hun nieuwe samenwerkingspartner.” Werkwijze bedrijf in het klein Het enthousiasme onder de PIE-leerlingen voor dit project is gigantisch, bij de start van de les vliegen ze erop, benadrukken Patrick en Ton: “Het is een metalen constructie en met de materialen en bijbehorende specifieke manier van assembleren van profielen leren de leerlingen direct ook de manier van construeren zoals Van den Brink die zelf ook toepast in haar levensgrote bouwconstructies, maar dan uiteraard in het klein. Daarmee heeft de ijscokar straks ook een representatieve waarde voor het bedrijf.” Uiteraard werken de leerlingen met circulaire materialen, een extra leerpunt!” Handig: gezamenlijke app De leerlingen uit leerjaar 3 zijn ingedeeld in een team met ook een projectleider. Zij leren daardoor in één moeite door projectmatig werken. Patrick: “We hebben een gezamenlijke app voor dit ijscokar project met daarin ook de twee medewerkers van Van den Brink . Dat helpt enorm. De leerlingen ontdekken gaandeweg hoe belangrijk het is om correct met alle betrokken geledingen binnen het deelnemende bedrijf te communiceren.” De medewerkers komen regelmatig langs om materialen te brengen, de voortgang te monitoren en vragen van de leerlingen te beantwoorden. “Hun inzet is fantastisch”, benadrukken Ton en Patrick. Afspraken leren nakomen De lijntjes met het bedrijf zijn heel kort. Patrick: “Van den Brink zit overal strak in. Ze leveren op tijd en komen alle afspraken na, ook in dit ijscokar project. Voor onze PIE-leerlingen is dat heel leerzaam, want op hun beurt leren zij nu hoe belangrijk het is dat zij ook hun afspraken nakomen richting het bedrijf.” Het project kent diverse oplevermomenten en tijdens een recente open dag is het project zoals het op dát moment klaar was getoond aan de bezoekers. In dit licht benadrukt Patrick graag het volgende: “Nu maken de leerlingen vooral nog promotiematerialen in de bedrijfsprojecten. We willen ernaartoe dat de projecten ook eindproducten opleveren die daadwerkelijk inzetbaar zijn in onze onderwijslocaties.” Van belang: goede afspraken maken Patrick benadrukt hoe belangrijk het is om goede afspraken te maken als je als vmbo samenwerkt met een technisch bedrijf: “Het project is uiteindelijk van Van den Brink Staalbouw. Zij gaan het eindresultaat gebruiken voor bijvoorbeeld hun feestelijke events. Op onze beurt mogen wij straks desgewenst de kant-en-klare ijscokar inzetten voor promotie, zoals tijdens onze open dagen en dergelijke.” Ook van belang: alle werkzaamheden die de PIE-leerlingen voor de ijscokar moeten verrichten dekken alle vereisten en leerdoelen voor het aanstaande examen meer dan voldoende af. Inmiddels is ook een PIE-project gestart met het bedrijf Severfield Steel Construction uit Rijssen. Hiermee gaan de PIE-leerlingen een ingenieuze stokkenvanger maken waarover later meer! Enthousiaste reactie leerlingen Jan, Arefin en Mees doen mee in het team voor de bouw van de ijscokar. Mees: “Een heel gaaf project, we zijn écht iets aan het doen met onze handen. Iets totaal anders dan de hele dag achter de computer zitten.” Jan: “Ik leer in dit project ontdekken wat ik wel en niet kan. Het is veelzijdig werk, zoals bouten en moertjes vastzetten, lassen en aftekenen.” Mees: “Ook hebben we veel geleerd over samenwerken. Je leert elkaar aanspreken op dingen die misschien beter kunnen.” Arefin: “Het is heel leuk om mee te mogen werken met zo’n groot project dat ook echt ánders is. Een ijscokar maken is een mooie uitdaging. We werken er lang aan en straks is het klaar, dat vind ik geweldig.” Arefin wil later onderwaterlasser worden. Jan wil graag de grond-, weg- en waterbouw in: “Dan heb ik toch alvast bij PIE en in dit project een stukje kennis en inzicht over metaal meegenomen.” MENU

  • PWS Almelo scoort met praktische begeleiding leerlingen PIE

    9e208d93-f52f-4322-959b-8d10d4b5e306 PWS Almelo scoort met praktische begeleiding leerlingen PIE De STO-subregio Almelo e.o. bewijst dat samenwerken met techniekbedrijven helemaal niet ingewikkeld hoeft te zijn. Neem Erik van Bunnik, docent PIE van Alma College. Hij overlegde twee keer met Peter Willems, directeur/eigenaar PWS Almelo in Almelo. De eigenaar zag het direct zitten om jonge vmbo-leerlingen Produceren, Installeren en Energie (PIE) over de vloer te krijgen. Erik: “Geen ingewikkelde plannen en hoge ambities, maar gewoon heldere afspraken en direct aan de slag. Want dat zijn onze leerlingen ook: praktische jongens en meiden die iets willen dóen. PWS Almelo snapt dat.” Al direct een stagiair Recent maakten meerdere PIE-leerlingen bij PWS Almelo kennis met het ruime vak van metaalbewerking. PWS Almelo is een constructiebedrijf voor staal, roestvast staal en aluminium. De jeugd interesseren voor techniek? Zó kan het dus, met een enthousiaste ondernemer en docent PIE die elkaar vonden in hun gezamenlijke doel én praktische aanpak. Erik en Peter benadrukken de doelgerichte samenwerking. Voor we het wisten stonden de leerlingen hier daadwerkelijk in de werkplaats!” Een van de leerlingen is inmiddels al stagiair. De 14-jarige Marcel loopt stage bij PWS Almelo: “Ik zit op het Alma College en mocht hier in een klein groepje komen kijken en iets maken. De medewerkers van PWS Almelo waren heel enthousiast over hun vak en werk. Mijn docenten kende PWS Almelo ook al goed. Dat gaf mij het vertrouwen om hier stage te lopen. De stage zelf is ongeveer hoe ik het had verwacht. Het meeste leer ik van mijn collega’s hier. Mijn droom later? Lasser worden van constructies en voor gebouwen.” Laagdrempelig, eenvoudig en gewoon: dóen Peter werkt al behoorlijk wat jaren samen met onder andere Erik van Bunnik, docent PIE op het Alma College: “Samen willen we de jeugd enthousiast maken voor het metaalvak. Een zoektocht waarbij ik met allerlei partijen praat, ook met het meer op groentechniek gerichte Zone.college. Kijk, die leerlingen zijn nog maar heel jong, hè. Hoe kunnen zij nou enig idee hebben van wat er bij een techniekbedrijf gebeurt? Met Erik heb ik daarom een praktijkles voor de leerlingen op ons bedrijf samengesteld. Gewoon, heel eenvoudig en laagdrempelig. Eerder is Alma College hier geweest met meer dan tien leerlingen per keer. Maar met die groepsgrootte kun je niet echt met de leerlingen iets dóen, want daar gaat het om. Dus besloten we de bezoeken vanuit het Alma College te organiseren met groepjes van maximaal vier tot vijf leerlingen. Daar kun je echt mee aan de slag.” PWS Almelo: super allrounders in het metaal Peter Willems zit zijn hele leven in de metaal: “Ik ben nu 53 en heb mijn bedrijf PWS Almelo nu 33 jaar, dus reken maar uit. Al op jonge leeftijd maakte, repareerde en laste ik al allerlei dingen voor boeren in de buurt. Alles met techniek vond ik gigantisch interessant.” PWS Almelo telt nu gemiddeld acht medewerkers: “We zijn super allrounders. Van trappen, bordessen en balustrades tot en met staalconstructies, zoals voor onze eigen bedrijfshal.” Goed contact met vmbo-scholen Ook Peter merkt dat het lastig is om allround technici te vinden die het werk bij PWS Almelo aankunnen: “De huidige arbeidsmarkt is heel moeilijk. We hebben geluk dat er bij ons veel jonge medewerkers rondlopen, ook afkomstig van het Alma College. We onderhouden graag goede contacten met vmbo-scholen voor jonge aanwas. We ontvangen techniekstudenten die vanuit het vmbo naar het mbo gaan en de BBL-opleiding volgen, met open armen.” Altijd behoefte aan slimme lassers Peter: “We hebben hier recent vijf keer zo’n klein groepje op bezoek gehad. We laten hen zien hoe een bedrijf in elkaar steekt en werkt, maar uiteraard gaan ze ook de werkplaats in waar het echte metaalwerk plaatsvindt. Neem onze fiber lasersnijder, daarmee kun je zowel een plaat als profielen laseren. We laten de leerlingen de toekomstmogelijkheden daarmee zien en hoe modern het metaalvak kan zijn.” Peter benadrukt dat er weliswaar nieuwe technologie toetreedt, maar dat er in het metaal-mkb, vooral bij de kleinere allround bedrijven zoals PWS Almelo, altijd ruimte zal blijven voor het ambachtelijke handwerk: “Daar zullen we altijd goede lassers voor nodig hebben die een tekening kunnen lezen, slimme vakmensen dus.” Peter benadrukt dat ook de meiden van harte welkom zijn voor een stage bij PWS Almelo: “Eerder hebben we hier een meisje op stage gehad en daarna is zij in het metaalvak doorgegaan.” Stage laat álle facetten zien, ook de mindere Erik: “We mochten hier dus met enkele groepjes op bezoek komen. Twee weken later viel het beslismoment voor de stage. Zes van de 18 leerlingen vroegen aan mij of ze niet bij PWS Almelo stage mochten lopen. Dan zie je dus hoeveel positieve indrukken deze praktische bedrijfsbezoeken opleveren.” Uit de deelnemers is de 14-jarige Marcel nu vanuit het Alma College twee weken stage te lopen bij PWS Almelo. Peter: “Hij mag gewoon meewerken, dus maakt hij alle facetten mee. Het ene moment is het leuker dan het andere, maar dat is óók de werkpraktijk waarmee we hen kennis willen laten maken. Voor jonge leerlingen is het nogal een eye opener dat ze voor hun werk de hele dag moeten staan, met ook geen tijd meer voor hun telefoon tussendoor!” Uiteraard koppelt Peter met Erik terug hoe de ervaringen zijn tijdens de stage. Samen met vakmensen aan de slag Na de inleiding en rondleiding laten Peter en zijn collega’s de leerlingen werkstukken maken van metaal, onder andere met lassen en bijvoorbeeld de inzet van de haakse slijper. Peter: “We maken daar met elkaar graag een paar uurtjes per bezoek voor vrij. Dan ervaren ze hoe het écht is als je bijvoorbeeld aan de slag gaat met TIG lassen. We laten hen, weliswaar in vogelvlucht, alle verschillende lasprocessen zien én ze mogen het zelf ook even doen. Dit keer niet met de docent ernaast, maar nu met de vakman uit de dagelijkse praktijk.” Uiteraard hanteert PWS Almelo alle vereiste veiligheidsmaatregelen als de jonge leerlingen over de vloer komen. Je kunt trots zijn op je metaalwerk Peter realiseert zich dat deze leerlingen nog in het derde jaar zitten: “Ze moeten nog een tijd door in het onderwijs. Maar we hopen bijvoorbeeld dat ze door de praktische kennismaking met PWS Almelo aan ons denken als ze eenmaal aan een stage toe zijn. Als ze hier een half uur zijn pik je er al de talenten met interesse uit, zó belangrijk is het dus om leerlingen in je bedrijf te ontvangen.” Peter realiseert zich dat nu nog veel leerlingen bij techniek denken aan computers: “Maar wij hopen ze de ogen te openen dat je in het metaalvak echt iets kunt máken wat ook nog zichtbaar is voor iedereen.” Het bewijs daarvan levert PWS Almelo zelf met een aantal mooie en in de publieke ruimte zichtbare projecten in Almelo. Zoals de brug voor gemeentehuis in Almelo en al het leuningwerk voor de tunnelwand van de Wierdensestraat, het Mans Kapbaarg Mozaïek. Peter: “Als je bij ons werkt, maak je dus werk dat je in je leefomgeving nog heel lang ziet en waar je trots op kunt zijn. Dat geven we de PIE-leerlingen ook mee bij hun overweging om voor het metaalvak te kiezen.” Het voordeel van snel schakelen Erik en Peter benadrukken tot slot de praktische samenwerking: “Kort en efficiënt overleggen en afspraken maken. Dit is wat echt werkt om concreet een samenwerking aan te gaan.” Peter: “Ik sta ervoor open deze samenwerking nog verder uit te breiden. Mijn nieuwe idee? Een skelter maken met de leerlingen waarbij ze voor de verschillende onderdelen langs meerderde techniekbedrijven moeten. Zoals bij PWS Almelo voor het samenstellen van het frame en het vervolgens bij een ander bedrijf maken van wielen aan dat frame. De leerlingen komen daarmee met meerdere techniekbedrijven in aanraking vanuit één project.” MENU

Zoek

bottom of page