top of page

Doorzoek deze website

464 resultaten gevonden

  • Petje af voor Naomi’s Girlpower in de techniek

    f40290a8-3460-4439-bdbf-ff4f7095dc0a Petje af voor Naomi’s Girlpower in de techniek Vmbo-leerlingen interesseren voor techniek is een belangrijk doel van STO Twente. En als een leerling vervolgens ook nog eens besluit in techniek dóór te gaan op het mbo, dan viert Twente een mooi resultaat. Want de doorlopende leerlijn verdient alle aandacht. Naomi Vossebeld is hiervan een schitterend voorbeeld en ze gaat er zeker komen. Wel moest zij behoorlijk wat persoonsgerichte tegenwerking op haar stage overwinnen. Want meisjes in de techniek? Daar is helaas nog niet écht iedereen van overtuigd. Maar die hindernis nam Naomi heel moedig. Bewuste keuze voor Mechatronica In 2020 slaagde de inmiddels 18-jarige Naomi Vossebeld voor haar diploma PIE op het C.T. Stork College in Hengelo. Naomi meldde zich vervolgens aan om via de BOL-route Mechatronica te studeren op ROC van Twente. Naomi: “Hier leer je onder andere bewegende systemen maken. Vooral het maken van een bewegende robot vind ik erg interessant. Je werkt met veel verschillende technieken, van lassen tot en met besturen met luchtdruk.” Door corona had Naomi eerst bijna geen les: “Twee uur per week praktijk en de andere lessen allemaal online.” Nu de maatregelen voorbij zijn heeft Naomi het goed naar haar zin op de opleiding.” Waarom koos zij eigenlijk voor Mechatronica? “Omdat ik graag met mijn handen wil werken met iets wat ik leuk vind. Werktuigbouwkunde is voor mij te groot. Kleinere techniek vind ik het leukste. Ik heb helemaal zelf deze keuze gemaakt. Ik wist in de derde van het vmbo al dat ik Mechatronica wilde studeren. Maar ik ben wel opgegroeid met technische beroepen in de familie om mij heen.” Uitval op stage Bij de opleiding hoort een stage. Op ROC van Twente zijn meisjes dun gezaaid in het vak Mechatronica. Dus eenmaal op stage keken sommige werknemers toch nog vreemd van Naomi op: “In mijn geval waren dit mannen die geen vrouw in het team wilden.” Naomi was de eerste vrouw die in de fabriek hands on werkte, vandaar: ”Mijn zelfvertrouwen werd in een hoekje gedrukt en ik belandde in een neerwaartse spiraal. Zowel op school maar ook thuis.” Naomi neemt inmiddels deel aan een traject genaamd JIT. Een speciaal programma voor studenten die dreigen uit te vallen om verschillende redenen. Naomi: “Zelf noemen ze dit ook een wel een time-out voor studenten.” Genoeg Girlpower voor een frisse herstart Naomi: “JIT leert je oefeningen om je zelfvertrouwen te verbeteren, maar daar volg je ook wel gewone vakken. Je leert met elkaar omgaan op een uitgebreide manier.” Naomi heeft veel steun gehad van haar familie en vrienden in deze moeilijke periode. Gelukkig heeft Naomi een fikse dosis girlpower: ”Ik zit nu in de tweede jaar van de opleiding Mechatronica en na de zomervakantie start ik vol goede moed weer opnieuw in de tweede jaar.” Gelukkig kent Naomi ook positieve stage-ervaringen. In het derde en vierde jaar van het vmbo liep zij met veel plezier stage bij Thales. “Hier had ik de tijd van mijn leven.” Naomi hoopt dat zij ook in haar derde en vierde jaar van de Mechatronica-opleiding weer stage kan lopen bij Thales. In de drie klassen met ongeveer 20-25 leerlingen per groep zitten nu drie meisjes. Maar in het jaar dat Naomi weer opnieuw het tweede jaar volgt, is zij de enige vrouw: “Maar dat vind ik helemaal niet erg.” Heerlijk werken aan een eindstuk Naomi volgt de vakken Besturingstechniek, Elektrotechniek, Constructie en Bedrijfskunde. “Je leert van alles en nog wat bij Mechatronica. Maar op het mbo leer je met grotere machines werken en ook wat preciezer. Ook gaaf is het werken met robots en je leert ook computerprogramma’s te maken.” Wat vindt Naomi het leukste? “Ik vind de werkplaats het allerleukste. Ik sta het liefst aan de werkbank. Het eindstuk maken vind ik het fijnste van het proces. Van een stuk blok metaal een klein ‘dingetje’ draaien. Laat mij maar alles in elkaar zetten.” En wat wil Naomi na haar studie? “Ik wil richting Thales, het bedrijf waar ik met zo veel plezier stage heb gelopen. Je kunt daar ook verschillende werkzaamheden verrichten, heel afwisselend.” Techniek voor vmbo’ers? Naomi raadt het aan Naomi zou zeker jongeren op het vmbo aanraden om de techniek in te gaan: “Want je bent bezig iets te maken wat je later in de praktijk ziet werken. Denk maar eens aan een telefoon. Hoe leuk is het dat je eraan meewerkt om zoiets te maken? Je leert ook samenwerken want je doet veel in projecten. Je wordt ingedeeld in een groep zodat je met iedereen wel een keer samenwerkt en dus niet alleen met de mensen die jij zelf uit zou kiezen.” Er zijn heel veel “schone” beroepen in de techniek, benadrukt Naomi: “Techniek en vieze vingers gaan niet altijd samen!” Naomi vindt het een goed idee dat vmbo-leerlingen eerst op het mbo gaan kijken voordat ze zich aanmelden bij ROC van Twente: “Zo weet je wat je gaat leren en krijg je een inzicht in wat je op het mbo doet. Ik vind het belangrijk dat jongeren en vooral meisjes weten dat het nog wel een mannenwereld is.” Overgang viel mee De overgang van vmbo naar mbo viel Naomi mee: “Ik vond het niet heel moeilijk, los van de coronatijd. Alleen moet je wel wennen aan de langere lesdagen. Ook werk je op het mbo veel zelfstandiger. Je moet hier veel meer eerst zelf proberen tot een oplossing te komen. En trouwens studenten die het zorgprofiel hebben kunnen ook op het mbo met techniek aan de slag.” Bovendien wordt ook in de zorg met heel veel technologie gewerkt, van rolstoel tot hartmachines en protheses. Toekomst in techniek Naomi ziet haar toekomst zeker in de techniek: “Maar ik zou het ook heel leuk vinden om, naast het werk, bijvoorbeeld gastlessen te geven bij het bedrijf waar ik dan werk. Dan wel aan mensen vanaf de middelbare school en ouder. Ik zou dan tegen studenten van de middelbare school zeggen dat een techniekbedrijf ook hele mooie kanten heeft, vooral ook voor meisjes en dat het heel leuk is.” MENU

  • De combinatie Technolab en Maakboek biedt alle ruimte voor de interesse van elke leerling

    0a7f6c31-8340-4383-926c-4afe3c8c6078 De combinatie Technolab en Maakboek biedt alle ruimte voor de interesse van elke leerling Sinds het najaar van 2023 gebruiken CSG Reggesteyn en De Waerdenborch het Maakboek, door Steamlabs ontwikkeld in opdracht van deze twee scholen voor voortgezet onderwijs. Maakboek is ontworpen om leerlingen van groep 7 en 8 van de basisscholen te enthousiasmeren voor techniek en technologie. De Waerdenborch deelde exemplaren uit aan alle leerlingen van groep 7 en 8 van de Holtense basisscholen die op bezoek komen in het Technolab van De Waerdenborch. Nu, een behoorlijk aantal maanden later, halen we het net op: hoe werkt het Maakboek in de praktijk? Koen Vehof is de beheerder van het Technolab in Holten: “De combinatie Technolab en Maakboek biedt alle ruimte voor de interesse van elke leerling.” Hoe werkt het Maakboek? Koen: “Maakboek telt drie thema’s, met per thema praktische doe-opdrachten met uitleg. De drie thema’s zijn: Digitale vaardigheden, Natuurkundige verschijnselen en Techniek & Technologie. Ook heeft het Maakboek een stickervel. Is een opdracht door een leerling uitgevoerd? Dan kan de leerkracht dit voor de leerling markeren met een sticker op de voortgangskaart. Hiermee bouwt de leerling dus een portfolio op en zie je in één oogopslag wat de leerling allemaal heeft gedaan op het vlak van wetenschap en techniek. Ieder Maakboek is dus persoonlijk. En heel veel proefjes kun je ook prima thuis doen.” Ook een voordeel: moeten de leerlingen voor een proefje ergens inloggen? Dan wijst het Maakboek direct de weg naar gratis accounts voor allerlei ondersteunende programma’s. Kunnen de leerlingen het Maakboek houden? “Zeker! Dat is het hele idee. Het leuke is: het boek wordt steeds dikker en dikker. Stel, ze maken zelf bioplastic? Dan plakken ze het resultaat daadwerkelijk in het boek. Dit persoonlijke portfolio kunnen ze altijd bij zich houden en meenemen als ze naar het voortgezet onderwijs gaan.” Tot slot zit er bij het Maakboek ook een programmeerliniaal. Hoe verhouden de opdrachten in Maakboek zich tot het Technolab? Koen: “De basisscholen kunnen de opdrachten doen waar en wanneer ze maar willen. Voor de meeste opdrachten zijn huis-tuin-en-keuken spulletjes voldoende. Tegelijkertijd biedt ons Technolab materialen om in een soort workshop-vorm met het Maakboek aan de slag te gaan. Als een basisschool hiervoor langskomt, leg ik daarvoor de materialen klaar en kunnen de leerlingen en hun leerkracht zelf besluiten welke opdrachten ze daarmee willen doen.” Hebben de basisscholen veel ondersteuning nodig bij het gebruik van het Maakboek? Koen: “Je moet de basisscholen hierin wel een beetje op weg helpen. Het idee van het Maakboek is dat de leerlingen er zelfstandig mee leren werken. Als we voor hen materialen klaarleggen in het Technolab in relatie tot het Maakboek, dan zien we dat dit stimulerend werkt. De leerlingen zoeken hierin zelf hun weg op basis van hun interesse. Ook helpt het als de leerlingen, als ze met het Maakboek aan de slag gaan, al vaker in het Technolab zijn geweest. Ze hebben dan geleerd vrij te mogen kiezen waarmee ze aan de slag willen gaan.” Wat heeft jullie Technolab geleerd van het Maakboek? Koen: “Weten leerlingen eenmaal hoe het werkt? Dan vinden ze het enorm leuk om er zelf mee aan de slag te gaan. Wel hebben we geleerd dat je steeds nieuwe en korte opdrachten uit het Maakboek moet voorbereiden en daarvoor de materialen en technologie klaar hebt liggen. Het is heel leuk om te zien dat ze vervolgens hun eigen interesses volgen. De ene leerling is liever actief met de handen bezig en de ander vergroot graag zijn of haar digitale vaardigheden. De combinatie Technolab en Maakboek biedt daarvoor alle ruimte.” Heb je een tip voor andere basisscholen van STO Twente die ook met Maakboek willen starten? Koen: “Het is voor het succes van Maakboek heel belangrijk dát je al goede contacten onderhoudt met de basisscholen in je verzorgingsgebied. Wat ons in Holten hielp, is dat er al goede afspraken lagen om W&T-onderwijs vorm te geven via Zwaluwstaarten, nu genaamd Wereldverwondering, voor groep 7 en 8 in het Technolab. Alle aangesloten basisscholen zijn allemaal op hetzelfde moment bezig met dezelfde thema’s, het hele jaar door. Synchroon daaraan bieden wij in het Technolab passende workshops aan. Als je niet samen die start hebt met het basisonderwijs, met alle neuzen in dezelfde richting, dan moet je meer moeite doen om de basisscholen binnen te krijgen in je Technolab.” MENU

  • Veel STO initiatieven slagen omdat we samen het vuurtje warm houden

    4b9474d5-aaa2-4bee-84ee-164cac01b75a Veel STO initiatieven slagen omdat we samen het vuurtje warm houden Bart Veelers is in september Marjolein Wolbers opgevolgd als adjunct-directeur van de techniekprofielen van het TCC aan de Potskampstraat. In de bijbehorende werkportefeuille kwam ook de functie van regioleider STO voor de subregio Oldenzaal mee. Bart: “Van alle STO-collega’s in Oldenzaal kan ik alleen maar enthousiast worden.” Bart heeft 14 jaar ervaring op het TCC aan de Potskampstraat: “Ik was eerder examensecretaris en vmbo-docent profiel HBR. Met techniek zelf had ik weinig ervaring, tegelijkertijd zag ik vanaf de zijlijn, ook door STO Twente, allerlei mooie dingen gebeuren. Ook in de gesprekken met collega-docenten over onderwijsontwikkeling, en in mijn werk als examensecretaris, kreeg ik mee hoe de techniekprofielen en bijbehorende leerdoelen zich ontwikkelden. Ik start dus met een goed beeld van de techniekprofielen en STO Twente. Wat ook helpt, is dat ik bij HBR op dezelfde manier les heb gegeven zoals dat in de techniekprofielen gebeurt: praktisch, met gerichte instructies en stages. De raakvlakken met mijn ervaring zijn er dus wel.” Nieuwe periode 2025 t/m 2028 STO Twente staat op de drempel van de nieuwe periode 2025 t/m 2028. Hoe kijkt STO Oldenzaal naar die komende periode? Bart: “We mogen vaststellen dat we al een hele actieve subregio zijn. Ik ben in een warm bad terechtgekomen als ik zie waar we nu staan en de ontwikkeling voor de komende jaren. Onze ervaren projectleider Wout Ensink en Marjolein Wolbers hebben in de regio aan de wieg gestaan. Met Wout heb ik elke week overleg en elke keer word ik enthousiast van hoe we zaken aanpakken en uitvoeren.” Ook noemt Bart de goede samenwerking met de basisscholen en de onderbouwlocaties van het TCC onder de hoede van Christel Mollink en Kim Koehorst: “Van deze én alle andere STO-collega’s kan ik alleen maar enthousiast worden.” In januari staat een aftrapmoment voor de nieuwe periode 2025 t/m 2028 gepland met alle collega’s die binnen STO Oldenzaal actief zijn. Bart: “Een goed moment om hen één-op-één te betrekken en de successen te vieren. Dit ondersteunen we door concrete voorbeelden en data over deelnemersaantallen aan onze activiteiten te presenteren.” Inbedding én uitbreiding Inbedding van alle STO-activiteiten ná 2028 is een belangrijke activiteit. Bart: “We kunnen constateren dat we een aantal STO-activiteiten inmiddels hebben ingebed in ons reguliere onderwijsprogramma. Neem de aftrapmomenten voor keuzevakken met bedrijven; die zitten nu al standaard in ons onderwijssysteem. We sparren veel met elkaar om te kijken hoe we alles wat we nu ontwikkelen na 2028 gecontinueerd krijgen. Iedereen is daarmee bezig. Tegelijkertijd gaan we in de nieuwe periode kijken of we de keuzevakken kunnen verbreden of nog uitdagender kunnen maken. Ook willen we docentenstages gaan oppakken voor onze collega’s in het technisch mbo of technisch bedrijfsleven. We willen hen de ruimte geven om nieuwe methoden en technieken te ontdekken, of hun pedagogische kwaliteiten verder te ontwikkelen.” Invloeden van buiten Wat enorm motiverend meehelpt, constateert Bart, is dat de techniekcollega’s ook echt actief meedenken over wat een toevoeging zou kunnen zijn op het huidige techniekaanbod. Bart: “Ook de samenwerking met bedrijven zien we steeds sterker worden. Of neem de workshop over de HoloLens die Christel Mollink en Bjorn Klein Gunnewiek op 7 februari in het Technolab geven voor de andere Twentse STO-collega’s. Er gebeurt elke week wel wat en we openen daarmee ook de deuren voor contacten, invloeden en inspiratie van buiten de school. Heel mooi om te zien.” Succes met Technolab Bart noemde al het actieve Technolab van Oldenzaal. Bart: “Dat draait echt op de toewijding en inzet van de collega’s in het Technolab. Elke keer onderzoeken zij, zoals met nieuwe workshops, hoe het Technolab interessant blijft voor de leerlingen zodat we hen ook echt aangesloten houden. Ook hierin spelen Christel Mollink, Kim Koehorst en Wout Ensink een grote rol. Zij proberen constant de basisscholen aangehaakt te houden evenals onze onderbouwlocaties en Praktijkonderwijs.” Van recentere aard is de samenwerking met de Praktijkhavo waarvan de leerlingen ook naar onze techniekprofielen komen. Bart: “Opgeteld heel veel initiatieven die slagen omdat er collega’s achteraan zitten en deze activiteiten warm houden.” Verbreding profielen Bart juicht ook de verbreding van STO Twente binnen de profielen Z&W, E&O en HBR toe. Hij noemt graag een concreet voorbeeld: “Binnen HBR gaan de leerlingen aan de slag met een Botanibox. Met behulp van technologie kunnen zij in de naaste toekomst hun eigen groenten en kruiden kweken in een klimaatkast. Ook het profiel Groen aan de Potskampstraat gaat hiermee aan de slag. Kortom, de verbreding in de komende jaren pakken we veelzijdig op.” MENU

  • Nieuwe middelen voor technische profielen TCC werken motiverend, praktijkgerichter en uitdagend voor leerling en docent

    79045a49-6f19-44ef-be7d-f5c2f8963377 Nieuwe middelen voor technische profielen TCC werken motiverend, praktijkgerichter en uitdagend voor leerling en docent De STO subregio Oldenzaal schafte dankzij STO Twente tal van middelen aan om het techniekonderwijs te verbeteren voor de profielen PIE, BWI en M&T. Wat is er precies op het Twents Carmel College (TCC) vernieuwd? Wat merken de leerlingen hiervan? En helpt dit de doelen van STO beter realiseren? Drie docenten PIE, BWI en M&T geven hun visie nu STO Twente enkele jaren op streek is en een nieuwe subsidieperiode voor de deur staat. Actief geïnvesteerd Nico Kuipers is vakgroep voorzitter van de afdeling Mobiliteit & Transport van TCC: “Ik ben verantwoordelijk voor het Techniekplein van M&T en geef ook les. Verder doe ik aan onderwijsontwikkeling en ben ik verantwoordelijk voor de goede onderlinge samenwerking met alle collega’s in het belang van de leerlingen.” Peter Löwik: “Ik ben ook vakgroep voorzitter, maar dan voor BWI en voor dit profiel tevens actief als docent. Op TCC draai ik nu mijn tweede jaar en werkte ik eerder 17 jaar bij CSG Reggesteyn in Rijssen. We hebben de laatste twee jaar veel geïnvesteerd in BWI om deze afdeling tot bloei te laten komen, bijvoorbeeld in nieuwe machines zoals een lasersnijder en meer. Dit werpt inmiddels zijn vruchten af, want het aantal leerlingen bij BWI neemt toe evenals het aantal meiden daarbinnen, ook een belangrijke doelgroep van STO Twente. We merken dat deze investeringen écht werken.” Maurits Westerik is vakgroep voorzitter PIE en vervult binnen PIE dezelfde taken als Peter en Nico binnen hun profiel. Aanstelling instructeur geeft vernieuwingsruimte Maurits: “Toen STO Twente startte is voor de afdeling PIE een CNC kantbank aangeschaft. Nu zijn we bezig met vernieuwingen zoals freesmachines, en het moderniseren van het Technieklokaal met nieuwe werkbanken. Ook laten we bepaalde machines frisser ogen door een verfbeurt evenals een vernieuwd en opgefrist entree tot het Technieklokaal waardoor je écht ziet dat je de afdeling PIE betreedt.” Ook noemt Maurits het aantrekken van een instructeur, mogelijk gemaakt door STO Twente. Maurits: “Deze brengt niet alleen actuele bedrijfskennis mee voor de leerlingen. Als de instructeur aan het werk is met de leerlingen is er ook tijd beschikbaar om te investeren in het lokaal. Het vrijmaken van iemand en daar tijd aan geven om het Technieklokaal te moderniseren zien we als een enorme aanwinst. Dan merk je écht de concrete resultaten van vernieuwing.” Eigen elektrische auto voor M&T De afdeling M&T van Nico kreeg dankzij STO Twente onder andere een elektrische auto: “Vanuit STO Twente hebben we veel nieuwe middelen voor op ons Mobiliteitsplein aan kunnen schaffen. Daardoor sluit ons onderwijs veel meer aan op wat het beroepenveld nú en in de naaste toekomst vraagt. Een mooi voorbeeld is een eigen elektrische auto voor onderwijs in een ontwikkeling die inmiddels in de automotive niet meer is weg te denken en waarin we de leerlingen nu mee kunnen nemen.” Ook Nico noemt de voordelen van de toevoeging van een instructeur aan het Mobiliteitsplein: “Die wordt gedeeltelijk gefinancierd vanuit STO Twente. Dit geeft ons ruimte en capaciteit om daadwerkelijk met de vernieuwingen in ons vak aan de slag te gaan. Materiaal aanschaffen is mooi, maar dit moet je ook instructief kunnen inzetten in het onderwijs. Dit betekent dat je het moet inbedden. Daarbij is de rol van de instructeur van belang omdat wij als docenten niet altijd de tijd en gelegenheid hebben om al het onderwijs concreet inzetbaar te maken.” Inhaalslag of sprong voorwaarts? Peter: “Met de nieuwe middelen maken we sowieso een sprong voorwaarts. Het helpt je concreet om je techniekonderwijs anders neer te zetten.” Maurits: “Ik zie het voor PIE eveneens als een inhaalslag. We hadden namelijk ook een wensenlijstje van apparatuur die aan vervanging toe was. Je hebt noodzaak en luxe en een aantal zaken moest echt vervangen worden vanuit noodzaak. Nu updaten we de uitstraling van het lokaal, het aanzien van het profiel. Want ook de visuele aantrekkelijkheid, zoals een modernere entree, speelt voor leerlingen en hun ouders een rol. Daar hebben we gelukkig ook budget voor dankzij STO Twente.” Verband tussen machines en toename leerlingen BWI Peter gaf eerder al aan een verband te zien tussen de aanschaf van technische middelen en de toename van het aantal gemotiveerde leerlingen bij BWI: “Kijk ik bijvoorbeeld naar profieldeel 4 voor Design en Decoratie, dan zijn de mogelijkheden dankzij de nieuwe apparatuur veel aantrekkelijker voor de leerlingen. Met onze nieuwe lasersnijder maak ik eerst een tekst. De leerlingen kunnen die vervolgens penselen. Dankzij de lasersnijder krijg ik dit voorbeeld voor de leerlingen direct strak en mooi. Hierdoor is voor de leerlingen een deel van het eindresultaat al sneller en beter zichtbaar. We zien gewoon dat dit motiverend werkt. Wel kost dit tijd, maar we hebben bij BWI een heel bevlogen team met vijf docenten en een instructeur. Wij vullen elkaar in dat team aan alle kanten aan, nu ook nog eens extra gestimuleerd door de nieuwe middelen van STO. Vooral sinds het afgelopen jaar varen we in dit team niet allemaal op onze eigen boot, maar zijn we veel meer één schip. Samen worden we steeds sterker. Het gebruik van de nieuwe machines helpt enorm bij die teamvorming.” Goede zet: kick off keuzevak PIE Het profiel PIE introduceerde eerder het fenomeen waarbij het technische bedrijfsleven letterlijk op bezoek komt om ook aanschouwend les te geven bij de officiële aftrap van een keuzevak. Maurits: “Dat werkt heel aanstekelijk voor zowel de leerlingen en het bedrijfsleven als het team van PIE. Dat is het mooie van STO Twente, daardoor hebben we de tijd om dit soort initiatieven op te pakken, naast het geven van lessen.” Oproep: benut de mogelijkheden van STO Nico is blij met de elektrische auto voor M&T. Is het een moeilijk traject om dat van wens naar werkelijkheid te tillen? Nico: “Nee, zeker niet. Mijn advies? Maak gebruik van de mogelijkheden van STO tot en met 2028. Zodat je niet achteraf denkt: hadden we als school maar dit of dat gedaan. Maar goed, zorg bij je aanvraag wel altijd voor een degelijke onderwijskundige onderbouwing.” Peter: “De laatste jaren hebben we bij BWI zoveel mogelijk ingezet op opdrachten die aansluiten bij de werkelijkheid, dus het levensecht leren. Maken de leerlingen een houtskeletwandje? Dan is dat direct op ware grootte. Ook daarbij helpen alle STO-investeringen in nieuwe bewerkingsapparatuur enorm. Hiermee bereiden we hen optimaal voor op mbo niveau 2, 3 en ook 4.” Technisch vmbo: mooie tijd om rustig de juiste keuzes te maken Nico: “De jonge leerling op het vmbo wil heel graag met de handen aan het werk en dat kan uitgebreid in onze praktijklokalen die dankzij STO Twente steeds beter ingericht worden. In die technisch rijke omgeving hebben de leerlingen twee jaar kunnen nadenken over wie ze zijn en wat ze willen. Haal je techniek op het vmbo weg, of versmal je dat? Dan is deze leerling twee jaar ouder en moet dan alsnog de juiste keuzes maken. Met onze profielen en goed ingerichte praktijklokalen kan dat prima op het vmbo. Zij ervaren wat wel en niet past bij hun interesse en vaardigheden. Op basis daarvan maken zij een gerichte keuze voor een technische vervolgopleiding op het ROC.” MENU

  • Kiezen vóór techniek door een andere ‘BLIQ’ óp techniek

    0ec600aa-0f55-4b8b-b4c7-0a43a1f3685e Kiezen vóór techniek door een andere ‘BLIQ’ óp techniek STO Twente laat tien zogeheten BLIQ-filmpjes maken, twee per subregio. De doelgroep zijn leerlingen die voor de stap naar het VO of hun profielkeuze staan, maar ook leraren en ouders. De boodschap? Kijk eens met een andere ‘BLIQ’ en ontdek dat techniek héél dichtbij, in je dagelijks leven een belangrijke rol speelt. Want verbazing is dé motivator om leerlingen te inspireren voor techniek te kiezen. NXtv, techplatform met inspirerende video’s BLIQ is het nieuwste programma van NXtv, een techplatform met inspirerende video’s. Wietske Nijhuis van NXtv: “Onderzoek bewijst dat leerlingen tussen 10 – 14 jaar geen goed beeld hebben van hoe techniek in alle facetten van hun dagelijkse leven een rol speelt. De BLIQ-filmpjes zijn speels opgebouwd: leerlingen lopen tegen een dagelijkse en herkenbare handeling of probleem aan, en verbazen zich over de werking daarvan. Vervolgens brengt een lokaal bedrijf als techniekheld direct de bijpassende oplossing of uitleg in beeld. Zoals voor gamen, appen, fietsen en swipen. Of hoe krijgt een zandwagen die door je dorp rijdt die loodzware laadbak zo moeiteloos omhoog? De kracht is vooral dat in de filmpjes echte vmbo-leerlingen meespelen in combinatie met eveneens echte lokale techniekbedrijven. Kortom, herkenbaar, dichtbij en overtuigend. Wietske: “We laten jonge mensen door deze speelse aanpak letterlijk met een andere ‘BLIQ’ naar techniek in hun dagelijkse leven kijken. Want verbazing is de beste motivator om hen te inspireren voor techniek te kiezen.” Videoplatform voor techniekpromotie BLIQ-filmpjes worden verspreid via social media, van Instagram en Facebook tot en met zelfs een eigen TikTok-account. Dus recht in het hart van de doelgroep. De hele serie staat vervolgens als programma op NXtv: een veilig videoplatform voor techniekpromotie, met ‘de 7 werelden van techniek’ als uitgangspunt. Terugkijken is dus heel eenvoudig. Leraren en mentoren vinden educatieve support op een speciale onderwijspagina op de website. Breed promoten Thaisa Rougoor: “Vanuit STO Twente werken we aan een promotieplan om straks onze Twentse BLIQ-filmpjes op vmbo’s onder de aandacht te brengen. Niet alleen via social media, maar ook in lessituaties zelf op de 19 vmbo’s die meedoen onder de paraplu van STO Twente.” Ook de STO-regio’s Rijk van Nijmegen, Noordwest Veluwe, Zwolle en Kampen lieten deze filmpjes maken. Thaisa: “Door met zoveel mogelijk STO-regio’s samen te werken brengen we veel verschillende branches en beroepen in de techniek onder de aandacht. Samen hebben we straks een flinke hoeveelheid filmpjes die docenten kunnen gebruiken in LOB- en voorlichtingsactiviteiten of als start van een activiteit op hun eigen vmbo.” Opnamen… gestart! Inmiddels zijn de opnamen voor de BLIQ-filmpjes voor STO Twente gestart. Met in totaal tien techniekbedrijven uit de vijf subregio’s. Van verschillende scholen zijn 10 leerlingen geselecteerd om mee te doen met deze filmpjes. Zij waren erg enthousiast om hieraan mee te doen en zij worden tijdens de campagne op de scholen ook actief ingezet. Lekker dichtbij huis dus en daardoor super herkenbaar. Thaisa: “Deze techniekbedrijven werken al nauw samen met STO Twente en vmbo’s in hun subregio. We geven hen met BLIQ de kans een specifiek facet te laten zien van hun techniek, met als doel om direct in te spelen op de belevingswereld van jonge leerlingen.” Op de eerste opnamedag voor STO Twente gingen drie bedrijven op camera: Braakhuis uit Borne, De Groot Vroomshoop en Trioliet uit Oldenzaal. Binnen hun bedrijf selecteerden zij hiervoor een aansprekend rolmodel. Aansluitend hierop werden een week later de vmbo-leerlingen gefilmd. Voor het bedrijf Trioliet presenteerde Manuela Heitkamp, een jonge vrouw uit hun bedrijf en werkzaam in de hydrauliek. Een perfect rolmodel om ook meiden aan te spreken om voor techniek te kiezen. De bedrijven aan het woord Jarno Kamphuis van de cilinderafdeling van Trioliet, de Oldenzaalse wereldspeler in voertechnieken & -systemen: “Zelf heb ik van mijn interesse in techniek mijn werk gemaakt. Met deze filmpjes hopen we nieuwe generaties jonge leerlingen voor een toekomst in de techniek te inspireren.” De Groot Vroomshoop bracht voor de filmopnamen zelfs een gave 3D printer mee. Mart Huis in ’t veld, werkvoorbereider Braakhuis: “Ook wij doen er alles aan om de jeugd ons bedrijf in te krijgen. Neem mijn jonge collega Nick die in het BLIQ-filmpje de werking achter frezen laat zien. Vanuit het vmbo en een BBL-traject is hij nu bij ons werkzaam.” Nick Bloemendaal: “Drie jaar geleden op het vmbo vond ik draaien en frezen heel leuk en kwam ik op de niveau 3 opleiding bij SMEOT. Ik rond nu mijn driejarige opleiding af bij Braakhuis. Het is fantastisch om nu in een BLIQ-filmpje andere jongeren te mogen inspireren.” Mart Huis in ’t Veld: “De beeldvorming rondom techniek is de grootste hindernis. Als we tot in detail laten zien hoe machtig mooi bijvoorbeeld draaien en frezen is, win je ook de jeugd.” Deelnemende bedrijven Naast Trioliet, Braakhuis en De Groot Vroomshoop werken aan de Twentse BLIQ filmpjes ook de volgende bedrijven mee: Exes Almelo, Müller Holten, Niverplast Nijverdal, Sensata Hengelo, Bonke Enschede, Emondt Enschede en Huisken Oldenzaal. Première De filmpjes zijn in juni/juli klaar en worden dan via een campagne op de scholen gepresenteerd. Uiteraard zendt STO Twente u de links door zodra deze er zijn! MENU

  • Holtense STO-aanpak floreert door nauwe samenwerking vmbo en bedrijfsleven

    a3f0f23b-f84c-4bff-b9b6-ebc3752c08a6 Holtense STO-aanpak floreert door nauwe samenwerking vmbo en bedrijfsleven Het technisch bedrijfsleven is een cruciale partner voor STO Twente. De subregio Rijssen-Holten werkt bijvoorbeeld nauw samen met de Holtense Industrie Groep (HIG). Leerlingen van SG De Waerdenborch bezoeken de bedrijven van de HIG, docenten ontdekken er wat techniek in de praktijk betekent én de bedrijven komen op hun beurt kijken op het vmbo bij De Waerdenborch. Een prima voorbeeld van kennisuitwisseling tussen onderwijs en bedrijfsleven. Wim Jansen is directeur bij Bemei RVS Industrie B.V. in Holten en algemeen bestuurslid bij de HIG: “Dé kracht is dat je elkaar blijft ontmoeten en dat je de samenwerking tussen het vmbo en het technisch onderwijs weet te borgen. Daarom juichen we STO Twente toe. Dir programma leidt onherroepelijk tot patronen en allerlei spin off.” Techniek inmiddels met álle beroepen verweven Jan-Peter Müller is algemeen directeur/eigenaar van Müller Fresh Food Logistics BV en voorzitter van de HIG: “Elk lesvak op het vmbo kan een link hebben met het technisch bedrijfsleven, wij zien dat heel breed.” Wim: “Techniek is inmiddels met alle details van ons leven verweven, dus ook met elke soort baan. Kijk alleen maar naar de gezondheidszorg; da’s alleen maar techniek. De instroom van leerlingen in de techniek kan dus richting de harde techniek gaan, maar tegenwoordig ook richting nagenoeg elk ander beroep.” Maak je als werkgever maximaal zichtbaar bij de jeugd De leden van de HIG merken allemaal de te geringe instroom van techniektalent. Jan-Peter: ”Als werkgevers moeten wij ons heel nadrukkelijk laten zien. Je moet bijna het mooiste meisje van de klas zijn. Valt die zichtbaarheid terug? Dan kiezen leerlingen ook minder voor techniek, is mijn overtuiging. Die zichtbaarheid help je enorm door vmbo-leerlingen kennis te laten maken met de lokale bedrijven. Die nieuwsgierigheid wekken is cruciaal. Daarvoor werken wij in de Holtense regio dus duurzaam samen met SG De Waerdenborch.” Wim: “Het is voor ons belangrijk om al vanuit de springplank die het vmbo toch is, feeling te krijgen met jong techniektalent.” Steeds meer nadruk op softskills Marcel Vaneker is voor SG De Waerdenborch de projectcoördinator Sterk Techniekonderwijs: “In oktober bezochten onze leerlingen de bedrijven van de HIG. En in maart mochten onze docenten een kijkje komen nemen. Niet alleen techniekdocenten, maar álle docenten. Puur bedoeld om hen inzicht te geven in welk soort bedrijfsomgevingen onze vmbo-leerlingen uiteindelijk terechtkomen. En ook: welke vaardigheden verwachten deze bedrijven dat we onze leerlingen bijbrengen? Wat opvalt: de techniekbedrijven hebben er vertrouwen in dat ze jong talent het techniekvak zelf wel kunnen leren als ze er eenmaal werken. Steeds belangrijker worden de softskills waarvan het bedrijfsleven verwacht dat het vmbo die ontwikkelt bij de leerlingen: initiatief en verantwoordelijkheid nemen en leren samenwerken. Vooral met projectopdrachten op het vmbo kunnen we leerlingen deze softskills helpen bijbrengen.” Wim: “Het goed kunnen communiceren met klanten en collega’s wordt steeds belangrijker in onze maatschappij. Het feitelijke technische vakwerk leren we de jonge mensen wel in ons bedrijf, als hun leerbaarheid op orde is, uiteraard.” Jan-Peter: “Klopt, het zijn juist de softskills waarmee je het verschil maakt.” Blij met vmbo in regio Jan-Peter en Wim onderschrijven de focus vanuit STO Twente op het vmbo van harte. Wim: “Je kunt niet vroeg genoeg beginnen met kennismaken met het bedrijfsleven. Neem onze jaarlijkse roefeldag. Leerlingen komen langs en mogen leuke dingen doen.” Jan-Peter: “Het is van groot belang al in het basisonderwijs interesse voor techniek te ontwikkelen.” Wim: “Wij werken in onze bedrijven binnen de HIG graag met mbo’ers en we zijn ervan doordrongen die zij doorgaans vanuit het technisch vmbo zijn doorgestroomd, dáár begint het. Ook hopen we via stages jong technisch talent aan ons te binden. Op dit moment loopt in ons bedrijf bijvoorbeeld Maud stage, een mbo-studente mechatronica die ooit op het vmbo begon. We zijn er dan ook heel gelukkig mee dat wij met SG De Waerdenborch een vmbo-school in onze gemeente hebben, dat is van onschatbare waarde. Maar dat geldt ook voor bedrijfsschool REMO, wij hebben ons geconformeerd aan het afnemen van hun studenten. Wij bieden hun een werkgarantie. De samenwerking gaat zo beide kanten op.” Kies voor samenwerken op de lange termijn De match tussen wat het vmbo haar leerlingen leert en wat het technisch bedrijfsleven uiteindelijk nodig heeft, is op orde in Holten. Jan-Peter: “Maar het kan altijd nog beter, uiteraard. Dat borg je door als bedrijfsleven en onderwijs permanent samen op te trekken en in contact te blíjven. Eenmalige initiatieven zijn mooi, maar wij gaan voor de borging op de lange termijn. Daarom juichen we het meerjarenprogramma Sterk Techniekonderwijs van harte toe.” Wim: “Wat ook helpt, is dat je in je regio, zoals hier, een sterke traditie hebt om elkaar te steunen. Dat sociale weefsel is hier goed op orde.” Tegenbezoek gepland Zoals te lezen was, gingen zowel de leerlingen als hun docenten inmiddels op bezoek bij de leden van de HIG. Op 23 mei is het de beurt aan de bedrijven die lid zijn van de HIG om een kijkje te nemen bij SG De Waerdenborch! Marcel: “Het bedrijfsleven kan dan zien wat wij hebben opgehaald bij ons bezoek aan hen en hoe wij die nieuwe expertise in ons onderwijs toepassen. Ook laten we hen onze faciliteiten en mogelijkheden zien om te onderzoeken hoe we nog beter op elkaar kunnen aansluiten en elkaar zo versterken. Uiteraard maken ze ook kennis met onze bouwenbouw profielen zoals PIE en BWI en tonen we onze leerpleinen. Eveneens presenteren we graag het ontwerp van ons aanstaande Technolab.” MENU

  • Tips en voorbeelden voor de planvorming 2025 tot en met 2028

    3b5622cd-186a-4e8a-a0e6-3b1e75168565 Tips en voorbeelden voor de planvorming 2025 tot en met 2028 De subregio’s van STO Twente maken volop plannen voor de periode 2025 t/m 2028. 1 mei is een eerste deadline, voor conceptplannen, maar ook in de maanden daarna wordt er nog aan de nieuwe plannen gewerkt. Ter ondersteuning geeft dit artikel een aantal tis, tools én mooie voorbeelden van activiteiten in andere STO-regio’s in Nederland. Laat je inspireren! Overzicht VMBO Carrousels Vmbo carrousels zijn series praktische opdrachten die leerlingen uitvoeren op hun eigen school, bij een (leer)bedrijf en op het mbo. Elke carrousel heeft zijn eigen onderwerp, zoals voedseltechnologie, beton of mobiele werktuigen. Doel van de opdrachten op wisselende locaties is kennismaken met de 7 werelden van techniek, met beroepen en met verschillende technische opleidingen in de regio. De scholen, leerbedrijven, bedrijven en mbo-instellingen helpen met deze LOB-activiteit de leerlingen zich goed te voorbereiden op de keuze voor een vervolgstudie. https://www.techportal.nl/vmbo-carrousels Kid4Twente: samenwerken met basisonderwijs Kids4Twente daagt scholen in Twente uit met onderwijsontwikkeling op het snijvlak van wetenschap, technologie en duurzaamheid. wil je meer samenwerken met het basisonderwijs? Ook daarin helpt Kids4Twente je op weg. www.kids4twente.nl Meer meisjes in de techniek VHTO, Expertisecentrum Voor Haar Technische Ontwikkeling, lanceerde de campagne ‘fix the system, not the girls’ om aandacht te vragen voor hordes die meiden op hun weg naar techniek en IT kunnen tegenkomen. Wil je weten wat jij vanuit STO Twente kan doen om het systeem te fiksen? Kijk dan op www.vhto.nl/hordes Ook handig: www.wij-techniek.nl/meiden-in-de-techniek/ Laatste technologische trend in het onderwijs De belangrijkste technologische trends in het onderwijs vind je op: https://www.kennisnet.nl/publicaties/belangrijkste-technologische-trends-voor-het-onderwijs/?utm_source=nb231114&utm_medium=email&utm_campaign=techtrends Reflecteren samenwerking stakeholders De Samenwerkingstool op de landelijke site van STO https://www.sterktechniekonderwijs.nl/inspiratie/samenwerkingstool/ kan helpen om samen met betrokken stakeholders uit jouw subregio te reflecteren op de samenwerking van de afgelopen periode. Handig om te bepalen of extra aandacht of interventies nodig zijn en om afspraken te maken over het ‘hoe nu verder?’. Borging Hoe staat het met de borging in jouw subregio? Zijn we hierover tevreden? Denk bij het schrijven van je activiteitenplan alvast na hoe je gaat monitoren en evalueren. Graag geven we je enkele tips over monitoring en evaluatie zoals die aan de regio- en projectleiders van STO Twente al zijn gepresenteerd: · Wat wil je bereiken en hoe ga je dat evalueren (meetbaar of merkbaar)? · Hoe ga je dit vastleggen? · Wat doe je met de resultaten? · Wie gaat dat doen en welke ondersteuning heb je nodig? Leer van onderzoek en ervaringen van andere regio’s Elke subregio binnen STO Twente heeft ervaring opgedaan met de uitvoering van het programma en met succesvolle en minder succesvolle activiteiten. Ben je op zoek naar inspiratie vanuit andere regio’s? Kijk dan naar: www.sterktechniekonderwijs.nl/wp-content/uploads/sites/2/2024/03/Monitor-en-evaluatieonderzoek-Sterk-Techniek-Onderwijs-STO-2024.pdf Mooie voorbeelden van activiteiten in andere STO-regio’s in Nederland Graag geven we je een selectie van interessante activiteiten buiten STO Twente. Misschien brengen deze je op een idee voor Twente! Een visuele gids voor Sterk Techniek Onderwijs Apeldoorn/Epe: Ontdek onze praatplaat! Om het bewustzijn en begrip van techniekonderwijs te vergroten, heeft Sterk Techniek Onderwijs Apeldoorn/Epe een innovatieve praatplaat gelanceerd. Dit visuele hulpmiddel is ontworpen om het programma op een heldere en toegankelijke wijze te presenteren. www.sterktechniekonderwijs.nl/regio/apeldoorneo/nieuws/een-visuele-gids-voor-sterk-techniek-onderwijs-apeldoorn-epe-ontdek-onze-praatplaat/ Recyclemonster verbindt talenten van PO en VO in techniekonderwijs Een prikkelend techniekprogramma dat de mogelijkheden van de eigen klas overstijgt; dit was de motivatie van de leerkrachten basisonderwijs Roy Mol (SKOWF) en Jan Dekker (Allure). Echter, zij zijn werkzaam bij verschillende schoolbesturen. Tot voor kort bleek dit vaak een beperking bij het uitrollen of opschalen van technisch onderwijs. Binnen de netwerkorganisatie TechniekPact West-Friesland leerden zij elkaar en elkaars kwaliteiten beter kennen. https://www.sterktechniekonderwijs.nl/regio/techniekpactwestfriesland/nieuws/recyclemonster-verbindt-talenten-van-po-en-vo-in-techniekonderwijs/ Waardevolle samenwerking Saman met afdeling PIE van Pieter Zeeman Lyceum Dit schooljaar is bij de afdeling PIE van het Scholengroep Pontes Pieter Zeeman Lyceum het keuzevak Duurzame Energie toegevoegd aan het aanbod van keuzevakken. www.sterktechniekonderwijs.nl/regio/stozeeland/nieuws/waardevolle-samenwerking-saman-met-afdeling-pie-van-pieter-zeeman-lyceum/ Leerlingen Actief College maken Voorleesboom voor basisschool De leerlingen die het BWI-profiel volgen bij het Actief College in Oud-Beijerland krijgen in het derde leerjaar tweemaal een ‘vrije opdracht’. Daarbij mogen ze helemaal zelf kiezen wat ze gaan maken. Voorwaarde is wel dat ze zichzelf én de docenten uitdagen door iets te doen wat ze nog nooit gedaan hebben. www.sterktechniekonderwijs.nl/regio/hwengo/nieuws/leerlingen-actief-college-maken-voorleesboom-voor-basisschool/ West-Brabant Midden brengt balans tussen inhoud en gedrag Om de programmadoelen daadwerkelijk te behalen is er meer nodig dan alleen goede onderwijsinhoud. Sterk Techniekonderwijs regio West-Brabant Midden (Techniektalenten) besteedt daarom naast de implementatie van de ontwikkelde activiteiten en onderwijs, veel aandacht aan de voorwaarden die nodig zijn om succesvol te veranderen. www.sterktechniekonderwijs.nl/regio/westbrabantmidden/nieuws/west-brabant-midden-brengt-balans-tussen-inhoud-en-gedrag/ Wil je zelf op zoek gaan naar mooie voorbeelden uit andere regio’s? Brows dan door tientallen mooie praktijkvoorbeelden van je collega’s buiten Twente via www.sterktechniekonderwijs.nl/laatste-nieuws-uit-de-regio/ MENU

  • Keuzevak fietstechniek samen met fietswinkel geactualiseerd

    311958e2-d868-4057-8f03-104ffaec8811 Keuzevak fietstechniek samen met fietswinkel geactualiseerd De vmbo-scholen in de STO subregio Almelo e.o. sloegen de handen ineen: leerlingen kunnen nu elke woensdagmiddag op één van de scholen een keuzevak volgen. Zo komen er leerlingen van meerdere vmbo’s naar het Erasmus voor het keuzevak fietstechniek. Een vak met toekomst! Een mooi voorbeeld van kennisdeling en school-overstijgende docentprofessionalisering. Ook nog eens in samenwerking met het bedrijfsleven. Maarten Monninkhof en Paul Magendans zijn docenten Mobiliteit & Transport (M&T) op het Erasmus. Samen met collega-docent Simon Uiterwijk Winkel van het Zone.college én fietsbedrijf Giant Store Almelo verzorgen zij voor leerlingen van verschillende scholen uit Almelo e.o. het keuzevak fietstechniek. Maarten: “Het idee om binnen de subregio Almelo e.o. de keuzevakken schooloverstijgend aan te bieden komt voort uit Sterk Techniekonderwijs Twente. Ik juich dit enorm toe want de leerlingen kunnen zich veel beter oriënteren op alle keuzemogelijkheden, ook voor techniek. Met die aanpak motiveer je leerlingen intrinsiek en is het niet alleen de push van de ouders die hen voor techniek laat kiezen.” Simon: “Je ziet inderdaad dat leerlingen door deze aanpak overtuigd zelf kiezen voor fietstechniek.” Maarten: “Voor elke leerling van het profiel M&T op het Erasmus is fietstechniek een verplicht vak. Op dit moment tellen we op woensdagmiddag vier leerlingen van andere scholen: het Zone.college, Pius X en Mozaïek.” Deze scholen boden in eerste instantie fietstechniek niet aan, dus dit is voor hen een mooie kans. De leerlingen volgen dit keuzevak in hun examenjaar. Samen met fietsbedrijf lesstof geactualiseerd Al langere tijd wordt voor het keuzevak fietstechniek samengewerkt met een lokale fietswinkel: Giant Store Almelo. Maarten: “De eigenaar Jeffrey Eenkhoorn heeft zelf ook op het Erasmus gezeten, hoe leuk is dat? Hij levert ons onderdelen voor reparatie en vult die netjes aan.” Simon Uiterwijk Winkel van het Zone.college is een écht gespecialiseerde fietsdocent: “De fietstechniek neemt momenteel een enorme vlucht, kijk alleen maar naar de ontwikkelingen van de laatste tien jaar. Op basis van de huidige lesboeken op het Erasmus heb ik een lijst gemaakt van materialen en opdrachten die zeker toegepast moeten worden. Die lijst hebben we ook bij Jeffrey Eenkhoorn van Giant Store neergelegd, met de vraag: vind jij dit representatief voor wat je nu in je werkveld ziet?” Ook docenten getraind door Giant Store Almelo Jeffrey: “Ik heb hier vanuit mijn dagelijkse werkpraktijk scherp naar gekeken. De bril waardoor ik naar de lesstof keek is: leren ze eerst goed alle basistechnieken zoals een bandje verwisselen en een ketting afstellen? Hebben ze dat onder de knie dan kunnen ze verder.” Op een woensdagochtend zijn alle docenten en Jeffrey rond de tafel gegaan. Maarten: “Stof die niet meer relevant is in de dagelijkse praktijk van een fietswinkel, laten we nu achterwege. Tegelijkertijd heeft Jeffrey vanuit zijn praktijk een prima kijk op wat er nu actueel is. Die lesstof hebben we geactualiseerd en nemen we nu ook mee in het keuzevak fietstechniek, naast de lesboeken. Uiteraard, en dit benadruk ik graag, worden alle exameneisen gedekt.” Ook komt fietsondernemer Jeffrey een aantal keren langs om de docenten wegwijs te maken in de wat bijzondere fietstechnieken zodat Maarten en Paul die laatste stand van zaken ook weer op hun leerlingen kunnen overbrengen. Denk aan het afstellen van een derailleur. Een derailleur is een vorm van fietsversnelling en een onderdeel van een fiets waarmee tijdens het fietsen de fietsketting van het ene kettingwiel naar het andere kettingwiel kan worden gebracht, zodat het verzet van de fiets te beïnvloeden is. Meerdere voordelen Kortom, een mooi voorbeeld van gezamenlijk optrekken voor kennisdeling en school-overstijgende docentprofessionalisering. Plus het in samenwerking met het bedrijfsleven updaten van de inhoud van het fietsvak. Met als uitkomst het aanbieden van al deze mogelijkheden voor leerlingen die op de eigen school niet aanwezig zijn. Jeffrey: “Ik investeer graag in de jeugd, want zij zijn onze toekomst in de techniek voor Twente. We springen om dit talent en daar draag ik graag aan bij.” En de leerlingen? Die komen, als zij later op het ROC kiezen voor fietstechniek, maximaal voorbereid op het mbo aan. MENU

  • Veilig meekijken met EV auto via slim spiegelpodium

    7fd5b16e-8abc-4e2e-9c52-563016a0a535 Veilig meekijken met EV auto via slim spiegelpodium Het profiel M&T van Twents Carmel College Potskampstraat investeert actief in de toekomst van motorvoertuigentechniek. Om de leerlingen nu alvast voor te bereiden op de elektrificatie van de automarkt kon M&T dankzij STO Twente investeren in een unieke spiegelopstelling van de elektrische auto waarover M&T beschikt. Gerwald Leusman, docent M&T: “De leerlingen kunnen nu meekijken naar de onderzijde van deze auto met daarin zichtbaar alle essentiële EV-componenten.” Inspelen op elektrificatie Gerwald: “Wij laten ons onderwijs voor het profiel M&T op TCC Potskampstraat graag maximaal aansluiten op wat het beroepenveld nú en in de naaste toekomst vraagt. Een mooi voorbeeld is onze eigen EV-auto voor onderwijs in een ontwikkeling die inmiddels in de automotive niet meer is weg te denken en waarin we de leerlingen meenemen vanuit het Keuzevak EV.” Deze EV-auto is eerder aangeschaft bij de firma Klein Gunnewiek. Samen met interieurbouwer, de “Verbouwformule” is het spiegelpodium voor de EV Twizy gerealiseerd. Meekijken via een…spiegel! Gerwald: “Al direct bij binnenkomst in ons M&T praktijklokaal valt het oog op onze elektrische auto die hier prominent staat opgesteld, een fraaie eyecatcher. Daar zit enorm veel elektronica in, maar hoe laat je de leerlingen dit zien? Deze elektrische auto is aan de onderkant compleet opengewerkt, de afdekbeplating hebben we verwijderd. Door deze auto hellend te plaatsen op een podium met daarin op de bodem een grote spiegel, kunnen de leerlingen via deze spiegel zien welke elektrische componenten in deze EV-auto zijn verwerkt. Met stickers op deze componenten worden deze benoemd, uiteraard in spiegelbeeld leesbaar. De leerlingen zien zo met eigen ogen wat bijvoorbeeld een hoog volt accu is. Veiligheid voorop De elektrische kabels die door de spiegel zichtbaar worden hebben een oranje kleur. Gerwald: “Daardoor leren de leerlingen dat als zij een oranje kabel tegenkomen in een voertuig dat daar hoogspanning op kan staan. Ook leren we hen hoe zij een EV-auto spanningsvrij kunnen maken. Veiligheid speelt in onze instructie in relatie tot EV-auto’s een hele grote rol.” Voor de goede orde: uit oogpunt van veiligheid in het praktijklokaal van M&T staat er op de EV-auto geen hoogspanning, maar de leerlingen leren wél de procedure voor het spanningsvrij maken. Passend binnen grotere upgrade Ook kreeg het praktijklokaal van M&T ruim rondom de opstelling van de elektrische auto een upgrade. Belijning, in verschillende kleuren vanaf de toegangsdeur leiden naar de verschillende leerzones op het plein. Zoals EV, mobiele werktuigen en transport. Daarnaast komen er actuele posters en banners aan de wanden. Gerwald: “Om dit alles te kunnen realiseren hebben we goed overleg gehad met de STO-projectleiding en het bedrijf de “Verbouwformule”. Verder zijn er staande werkplekken gecreëerd, langs de wanden, zodat de leerlingen kunnen werken aan practicum opdrachten. Ook kunnen de leerlingen hier gebruik maken van hun device, om bijvoorbeeld technische gegevens te kunnen raadplegen. Deze aanpassingen geven het praktijklokaal visueel een frisse aanblik, passend bij alle innovatieve activiteiten die we binnen M&T ontwikkelen.” MENU

  • Ambachtelijke technieken en digitale wereld ontmoeten elkaar

    f6a00f90-cad0-4018-be7e-2f2b19752f6d Ambachtelijke technieken en digitale wereld ontmoeten elkaar C. T. Stork College en SMEOT sloegen de handen ineen met het Museum Hengelo. Circa 380 leerlingen uit groep 7 en 8 van acht basisscholen gingen tussen 19 mei en 11 juni aan de slag vanuit het museumthema ‘Beroepen: toen, nu en straks’. De insteek? Basisschoolleerlingen eigenhandig kennis laten maken met zowel oude als nieuwe beroepen en technieken. Leuk om te zien was dat zowel bij de ambachtelijke als digitale bewerkingen bij veel leerlingen het puntje van de tong uit de mond stak van concentratie. Voorafgaand aan de praktijkopdrachten ontvingen de basisscholen ter voorbereiding kant-en-klaar lesmateriaal. Je weg vinden in een snel veranderende technische wereld Eudard Moen is Hoofd Educatie van Museum Hengelo: “In vroegere tijden werd alles met de hand en eenvoudige gereedschappen gedaan. Bijvoorbeeld een timmerman werkte met zaag, hamer en schaaf. Het was ambachtelijk werk. Nu zijn er machines, robots en cobots die het routinewerk overnemen, sneller zijn en minder fouten maken. Zelfs het nadenken wordt overgenomen door AI. Die permanente veranderingen in vooral technische beroepen is ook ingrijpend voor basisschoolleerlingen die na het vmbo een beroepsopleiding kiezen. In het project ‘Beroepen: toen, nu en straks’ nemen we de leerlingen mee op reis om zelf te ervaren hoe het werken vroeger ging, hoe het nu gaat en wat hen te wachten staat in de toekomst. Ze leren dat ook zij specifieke eigenschappen en technische vaardigheden kunnen ontwikkelen om zich te handhaven in een steeds (sneller) veranderende wereld.” Astrid Plaggenmars is leerkracht groep 8 op basisschool IKC De Hunenborg: “Wij vinden het heel belangrijk om onze leerlingen zowel ambachtelijke als moderne technieken te laten ervaren voor hun beeldvorming. Voorafgaand aan het bezoek aan C.T. Stork College hebben we een voorbereidende les gegeven in de klas, inclusief video, dat werd allemaal netjes aangereikt.” Drie soorten werkstukken maken De lessen onder de vlag van ‘Beroepen: toen, nu en straks’ over de ontwikkeling van het ambacht tot moderne beroepsuitoefening zetten de leerlingen ambachtelijk én modern-industrieel aan het werk. Het museum vond het C.T. Stork College en het SMEOT bereid om deze praktijkervaring te organiseren. De basisschool leerlingen gingen verspreid over enkele weken in 17 groepen aan de slag met praktische opdrachten bij zowel SMEOT als de afdelingen PIE en BWI bij C.T. Stork College. Deze praktijkervaring was een aanvulling op de video-introductie van het ambachtelijk werken op school en een met een PowerPoint-presentatie geleid leergesprek met de leerlingen. Bij SMEOT maakten zij een ventilatortje op zonne-energie en ontdekten de leerlingen de handelingen, gereedschappen en machines die hiervoor in de metaalbewerking nodig zijn. Bij Produceren, Installeren & Energie (PIE) maakten de leerlingen een klokje op een plastic ondergrond . De facetten van metaalbewerking die hiervoor nodig zijn kregen ze letterlijk in de vingers, maar dan met plastic. Een veel zachter, en daardoor veiliger en makkelijker verwerkbaar materiaal. De leerlingen bij PIE maakten ook een pennenhouder door zelf te lassen. Ook hebben zij de moderne variant van lassen geoefend middels de virtuele lassimulator. Bij Bouwen, Wonen en Interieur (BWI) maakten de leerlingen een houten pennenhouder . Specifiek hiervoor kwam het complete spectrum van bewerkingen aan bod. Van puur handmatige houtbewerkingen zoals boren, lijmen en nieten tot en met het zelf maken van een profiel met een digitaal aangestuurde tafelfrees, een logo in het hout branden met een lasersnijder, hun naam uit een stickervel met een snijplotter snijden en een kennismaking met de virtuele spuitcabine bij BWI met een VR-bril op. Leuk om te zien was dat zowel bij de ambachtelijke als digitale handelingen bij veel leerlingen het puntje van de tong uit de mond stak. Nieuwe inzichten voor jeugd Geffrey Buld, instructeur techniek en BWI: “Je merkt dat deze jonge leerlingen nog niet goed weten wat al onze moderne machines en technologie inhouden. Ze komen er hier eigenhandig achter hoe deze machines het zware werk verlichten. Ondanks dat ze er misschien wat angst voor hebben door hun onwennigheid zie je dat ze het toch heel snel oppakken. Dat is het mooie van de jeugd, ze gaan ook door deze soort lessen inzien dat techniek en technologie hen best wel kan helpen in hun leven. Bijzonder om te zien dat dit besef door dit soort initiatieven bij hen groeit.” Tot slot noemt Geffrey nog een ander belangrijk voordeel: “Niet al deze basisschoolleerlingen gaan naar het vmbo. Geen probleem, want ook op andere niveaus hebben we steeds meer mensen nodig die met hun handen kunnen werken, zoals havisten!” MENU

Zoek

bottom of page