Doorzoek deze website
464 resultaten gevonden
- Techkwadraat Twente beweegt van aanvraag naar ontmoeting
dabdc7e0-f8d0-4d78-a134-0e11583706ce Techkwadraat Twente beweegt van aanvraag naar ontmoeting Medio januari is de subsidieaanvraag voor Techkwadraat Twente ingediend. Hier is hard aan gewerkt door Marieke Rinket, projectleider Techkwadraat VO en Mirjam Nijhuis, projectleider Techkwadraat PO. Ondanks het krappe tijdpad konden ze voor de aanvraag putten uit de veelzijdige en creatieve input van de contactpersonen van de PO-besturen en VO-scholen. Dit enthousiaste meedenken is een veelbelovend signaal voor het vervolg. Graag geven Marieke en Mirjam een update. Techkwadraat in het kort In de eerste fase van Techkwadraat 2025-2028 stelt de overheid 129 miljoen euro beschikbaar voor het uitvoeren van plannen voor technologieonderwijs. Mirjam: “De middelen zijn voor activiteiten voor leerlingen in het basisonderwijs, speciaal onderwijs, vmbo-tl, havo en vwo.” De start van de uitvoering van goedgekeurde plannen in de regio’s valt samen met de start van het schooljaar 2025/2026. Marieke en Mirjam: “We hebben alle vertrouwen dat de subsidie midden juni wordt toegekend en pakken de voorbereiding alvast in het voorjaar op. Zodat we straks in het nieuwe schooljaar voortvarend kunnen starten.” Stichting KOE is de penvoerder voor Techkwadraat Twente. Wil je meer weten over Techkwadraat? https://techkwadraat.nl/ Fantastische kans Techkwadraat is een fantastische kans voor alle scholen en vooral ook hun leerlingen, benadrukt Mirjam: “Neem het PO: hun leerlingen krijgen hiermee de kans om veel meer technologie búiten de deuren van hun eigen school te ontdekken, in de echte wereld. Dit gaat bijdragen aan de keuzes die zij voor zichzelf gaan maken en dat is toch fantastisch? Tegelijkertijd halen de PO-scholen dankzij de steun van Techkwadraat nog meer de buitenwereld naar binnen. Het biedt alle ruimte voor zowel PO- als VO-scholen om veel meer met bedrijven en instellingen hun technologie-onderwijs doelgericht vorm te geven.” Het gemak van voorbereidend werk De werkwijze is helder: de PO- of VO-school bedenkt welke activiteiten hun leerlingen helpen om technologie te ontdekken en kiest die activiteiten uit een helder menu van activiteitenlijnen en/of specifieke activiteiten. Vervolgens haakt de school relevante partners aan om de gekozen activiteiten in een motiverende en verrijkende omgeving te ontwikkelen en/of uit te voeren. Marieke: “We hebben daarvoor medio januari een breed activiteitenplan ingediend waarin iedere school z’n eigen wensen zo veel als mogelijk in terug kan vinden. Dit biedt de scholen rust, want niet elke activiteit hoeft helemaal vanaf nul te worden bedacht en georganiseerd. Hun deelname biedt een mooie kans om bijvoorbeeld een activiteit met technologie die ze al ondernemen onder de vlag van Techkwadraat Twente verder uit te bouwen, te verbreden of te laten groeien. Ze hoeven dus niet elke keer het wiel opnieuw uit te vinden. Je kiest altijd activiteiten die passen bij de wensen van de individuele scholen.” Scholen die meedoen werken daar waar het nodig is samen in hun subregio (Hengelo, Oldenzaal, Enschede, Rijssen-Holten, Almelo (HOERA)) en daarnaast zijn er activiteiten voor de gehele regio Twente. Handige link met STO Twente Marieke benadrukt hoe nuttig het is dat de structuur van STO Twente er al stevig ligt: “De scholen kunnen vanuit Techkwadraat Twente aansluiten en desgewenst uitbouwen wat er al bestaat vanuit STO Twente. De subsidieverstrekker benadrukt die samenwerking ook.” Maar er is nóg een mooi voordeel van de samenwerking tussen STO Twente en Techkwadraat Twente. Mirjam: “Veel basisscholen doen al mee met STO Twente, met de focus op het VMBO. Techkwadraat richt zich aanvullend ook op PO-leerlingen die naar het VMBO-TL, HAVO of VWO gaan. Op alle niveaus maken PO- en VO-leerlingen dus kennis met technologie, niet alleen vanuit het perspectief van vakmanschap. Een enorme verbreding van het vervolgonderwijs en beroepsbeelden. Dit versterkt de complete technieklijn. Super leuk en innovatief want de PO-leerlingen zien rolmodellen buiten en in de school. Zij ontdekken in een leeftijdscategorie waarin zij daarvoor nog ontvankelijk zijn, wat er specifiek met technologie voor hen mogelijk zou kunnen zijn, ongeacht hun uitstroomniveau naar het VO.” Mooie kansen voor VMBO-TL, HAVO en VWO Marieke haakt aan vanuit haar projectleiderschap voor het VO: “Ook voor het VMBO-TL, HAVO en VWO liggen er mooie kansen. Er is een bewuste beweging gaande waarin we ook de leerlingen uit deze richtingen veel meer kennis willen laten maken met technologie. Techkwadraat Twente gaat hun scholen daar heel praktisch en gericht in meenemen. Ook kunnen VO-scholen die al een technologie-activiteit ondernemen in het kader van Sterk Techniekonderwijs Twente die nu eenvoudig uitbreiden met hun leerlingen van de HAVO en het VWO.” Bewezen organisatievorm De Twentse samenwerking voor Techkwadraat is geografisch geënt op het model voor STO Twente. De deelnemers zijn 169 PO- en 30 VO-scholen. Deze doen mee vanuit de praktische subregio’s zoals ook STO Twente die hanteert: Hengelo, Oldenzaal, Enschede, Rijssen/Holten en Almelo (HOERA). Marieke: “Hierbinnen gaat Techkwadraat Twente zowel regionaal als subregionaal samenwerken. Elke subregio benoemt een ontwikkelteam.” De subregio’s bestaan uit basis- en voortgezet onderwijsscholen mét bedrijven, bibliotheken, musea, technohubs en meer. Mirjam: “De bedoeling is dat de deelnemende scholen in de menukaart van de activiteiten(lijnen) kijken waaraan ze deel willen nemen, passend bij de visie en de ontwikkelingen van de school op dit moment. Ook denken de scholen na hoe ze deel willen nemen, bijvoorbeeld intensief bij de ontwikkeling van de betreffende activiteit of meer bij de uitvoering. Vervolgens bekijken we welke activiteiten samen ontwikkeld kunnen worden met andere scholen binnen de subregio of, wanneer het effectief lijkt, in de regio. We gaan zeker ondersteuning bieden bij deze organisatie.” Volgend jaar uw basisschool aansluiten kan altijd nog Is uw basisschool nu niet aangesloten bij Techkwadraat Twente? Geen probleem. In november kunt u alsnog aansluiten. Uw school heeft dan geen drie, maar twee jaar recht op subsidie. We gaan elkaar ontmoeten! Na alle ideeënvorming voor de aanvraag zelf gaan we elkaar ook ontmoeten! Marieke: “Eind maart - begin april organiseren we vijf subregio bijeenkomsten. Vooral bedoeld voor alle PO- en VO-scholen uit dezelfde subregio om kennis te laten maken met elkaar. Tijdens deze subregio bijeenkomsten is er nog alle ruimte voor nieuwe of aanvullende wensen en ideeën. Dus kom en brainstorm mee!” Nog voor de februari-vakantie ontvangen alle deelnemers een uitnodiging voor hun specifieke subregio bijeenkomst. Mirjam: “Houd je email in de gaten. We kijken uit naar jullie komst.” Regionale bijeenkomst: duidelijke afspraken Na alle subregionale bijeenkomsten volgt er in de eerste helft van mei een gezamenlijke regionale bijeenkomst voor heel Techkwadraat Twente. Marieke: “Op deze regionale bijeenkomst maken alle scholen kennis met de bedrijven en instellingen die zijn aangesloten bij Techkwadraat Twente. Dan maken we afspraken met elkaar over de organisatie van Techkwadraat Twente en inzet van scholen, subregio’s en de regio.” Ook voor deze regionale bijeenkomst volgt nog een uitnodiging. Mirjam: “Het doel is dat deelnemende scholen in mei weten wat hen te wachten staat zodat zij dit in alle rust mee kunnen nemen in de formatie- en jaarplanning voor schooljaar 2025/2026.” Vragen? Benader de juiste contactpersoon Een specifiek aspect van Techkwadraat is dat zowel het PO als het VO meedoet. Zij hebben ieder een geheel eigen manier van organisatie en cultuur. Wat betekent dat als de deelnemende scholen een vraag hebben over Techkwadraat Twente? Mirjam: “Daar willen we graag heel duidelijk in zijn. Marieke en ik zijn altijd benaderbaar als het om de inhoud en de (sub)regionale organisatie gaat, zowel door het PO als het VO. Hebben de deelnemende PO-scholen een vraag over de organisatie binnen hun bestuur? Dan is de contactpersoon binnen hun schoolbestuur de aangewezen persoon. Voor dit soort procesvragen kan het VMBO-TL, HAVO en VWO terecht bij de contactpersoon van hun eigen schoollocatie.” Communicatie Zodra de subsidie officieel is toegekend zal Techkwadraat Twente alle ontwikkelingen communiceren via een eigen nieuwsbrief. Nu al kunnen geïnteresseerden ons op LinkedIn volgen via https:// www.linkedin.com/company/techkwadraat-twente MENU
- Workshop Zorgtechnologie voor docenten STO Twente
39590c7c-63f8-488a-8cc6-fcd15b078e0e Workshop Zorgtechnologie voor docenten STO Twente Ook in de zorg rukt de technologie op. De inzet van Technologie binnen Zorg & Welzijn verschilt op dit moment erg per school. Zo biedt een aantal scholen het aan als verplicht keuzevak en andere scholen zijn nog verkennend in de mogelijkheden. Daarom was de workshop Zorgtechnologie bij de Almelose Technologie & Zorgacademie (TZA) Twente op 10 november voor alle deelnemers een ideaal moment voor ideeën en inzichten. Veel vragen Over het invoeren van zorgtechnologie in het profiel Zorg & Welzijn leven onder de scholen veel vragen. Zoals hoe je technologie in de zorg op een praktische manier in de lessen integreert. Hoe motiveer je collega’s die weinig met techniek hebben om zorgtechnologie te integreren in hun lessen? Iris Davina-Hudepohl is senior docent maatschappelijke zorg aan ROC van Twente en Adviseur Leren en Academie aan de Technologie & Zorg Academie Twente (TZA). TZA is een officiële samenwerkingspartner van STO Twente. Iris leidde de workshop aan de hand van een inspirerend programma. Samenwerking TZA en STO Iris legde de mogelijkheden van TZA uit als het aankomt op het ondersteunen van docenten bij de integratie van zorgtechnologie in het profiel Zorg & Welzijn. De TZA en STO Twente gaan gezamenlijk werken aan de doorlopende leerlijn vmbo-mbo-werkveld, ondersteund door nieuw (digitaal) lesmateriaal voor het vmbo: modulair en casus gerelateerd via de zogeheten kenniskring onderwijs van de TZA. Volop faciliteiten bij TZA Twente Iris: “Ook kunnen docenten gebruikmaken van de ruimten bij de TZA. Eveneens mogen de vmbo-scholen de TZA-materialen lenen op basis van onze Probeerservice. Dit lenen voorkomt dat scholen technologie aanschaffen die zij niet eerst zelf hebben kunnen doorgronden op werking en toepassing in de lessen.” Omdat de vmbo-scholen via STO Twente lid zijn van TZA staat de Probeerservice voor hen open. Ook levert TZA hier handige toolkits bij en leskaarten zijn in ontwikkeling. Een tip van Iris: “Maak fictieve karakters (persona’s) voor de leerlingen om de toepassing van zorgtechnologie voor mensen van vlees en bloed levend te maken.” Enkele conclusies Enkele conclusies voor de deelnemers aan de workshop? Laat de leerlingen eerst gewoon eens kennismaken met zorgtechnologie. Inspireer, maak het leuk, laat dingen zien en meemaken en steek het niet te hoog in. Want het woord zorgtechnologie lijkt nu nog te vaak een afschrikkende werking te hebben op jonge vmbo-leerlingen. In bijvoorbeeld de profieluren kun je de leerlingen warm laten lopen voor het keuzedeel zorgtechnologie. Of kom eens met je leerlingen de escaperoom bij TZA in Almelo proberen! Een spannende manier om spelenderwijs alle zorgtechnologie te ontdekken. Ook luidt het advies om zorgtechnologie op het vmbo modulair in te richten en aan te bieden met afgeronde stappen en doelen. Kijk ook goed waar het mbo al mee bezig is als het gaat om zorgtechnologie en probeer daar vanuit de gedachte van de doorlopende leerlijn op aan te sluiten. Blijf wel bij je eindtermen voor het vmbo en een stukje herhaling kan voor de leerlingen geen kwaad. Oproep: blijf met elkaar in contact Ter afronding gaf Michiel Groot Koerkamp van Emagine een demonstratie van de mogelijkheden van Virtual Reality (VR) in een zorgomgeving. Alle scholen binnen STO Twente beschikken inmiddels over VR-brillen. Michiel noemde een nieuw en landelijk initiatief dat voornemens is vrij toegankelijke VR content voor het profiel Zorg & Welzijn te ontwikkelen. Tot slot riep Marieke Rinket, programma manager STO Twente, de deelnemers aan de workshop op om binnen de diverse subregio’s van STO Twente met elkaar in contact te blijven en informatie met elkaar uit te blijven wisselen over de integratie van technologie in het profiel Zorg & Welzijn. Haar advies? Ga ook gewoon concreet bij elkaar op de scholen kijken. Om dit proces te helpen faciliteren gaan TZA en STO Twente inzetten op een professionele leergemeenschap voor docenten Zorg & Welzijn. De gezamenlijke wens is om per STO subregio (Hengelo, Oldenzaal, Enschede, Rijssen-Holten en Almelo) één tot twee Tech ambassadeur(s) op te leiden. Zij gaan een coördinerende rol vervullen, niet enkel tussen en binnen hun scholen en de TZA, maar kunnen ook verbindingen leggen naar zorginstellingen in hun subregio. Meer weten over de Technologie & Zorg Academie Twente (TZA)? Kijk op www.tza.nu en volg de Digitour, je doorloopt dan ook aantrekkelijke casussen. Of maak een afspraak voor het Living Lab van TZA Twente. Iris: “In het Living Lab bieden we ook docenten van vmbo-scholen en hun leerlingen een fysieke omgeving aan om onze producten voor zorgtechnologie zelf uit te proberen.” En natuurlijk verwelkomt de al eerder genoemde Probeerservice van TZA Twente de collega’s van onze deelnemende vmbo-scholen. Tot slot: alle deelnemers aan de workshop kregen een certificaat van deelname toegezonden. MENU
- Tweede Profiel meets Profiel concretiseert nieuwe suggesties voor activiteiten
e01ea74c-1bf7-43fd-b409-65341ed0cf89 Tweede Profiel meets Profiel concretiseert nieuwe suggesties voor activiteiten Na een succesvolle eerste bijeenkomst in november vorig jaar vond in maart een tweede Profiel meets Profiel bijeenkomst plaats. Doel? De ideeën uit de eerste bijeenkomst verder concretiseren voor de definitieve planvorming voor de tweede STO-periode. Opnieuw hoge opkomst De conclusie na een uur brainstormen op 8 maart? De eerste STO-periode heeft veel opgeleverd en er zijn ook lessen geleerd. Voor de tweede STO-periode 2025 t/m 2028 buitelen de concrete ideeën zelfs nog talrijker over elkaar heen. De opkomst voor deze tweede bijeenkomst was opnieuw hoog: meer dan 40 docenten en instructeurs schoven discussiërend aan. Samenvatting resultaten vorige bijeenkomst Marieke gaf eerst een inspirerende samenvatting van de resultaten van de eerste ‘Profiel meets Profiel’ bijeenkomst in november 2023. Enkele kernpunten: de deelnemers zijn trots op gerealiseerde samenwerkingen met onder andere bedrijven en het basisonderwijs, zowel binnen de subregio’s als subregionaal overstijgend. Maar ook enkele mooie successen met hybride docenten worden gewaardeerd. Bij de in de vorige sessie genoemde wensen noemt men vooral een nóg betere samenwerking, verdere professionalisering en de aanschaf van meer materialen en apparatuur. Ook zoeken de deelnemers voortdurend naar ontwikkeltijd voor activiteiten voor STO Twente. Eveneens een wens was meer bezetting en ondersteuning in de klas. Opvallend was het noemen van mobiele Technolabs om de technologie zelf naar de scholen te brengen. Plus de wens tot meer profiel overstijgend onderwijs. Tot slot bleek er behoefte aan meer regionale bijeenkomsten zoals voor trainingen, onderlinge intervisiebijeenkomsten en ook: het meer delen van aanschafte (les)materialen. Dit laatste is vooral bedoeld om niet per subregio voortdurend het wiel opnieuw uit te vinden. En uiteraard: de verduurzaming van alle huidige en toekomstige inzet voor ná 2028! Nieuwe ideeën verder concretiseren De opdracht voor de tweede meeting was uitnodigend: welke bestaande/nieuwe en vooral concrete activiteiten verdienen volgens de docenten en instructeurs een plek in het nieuwe STO-plan 2025 t/m 2028? En hoe kunnen we samen de ideeën daarvoor uit de eerste bijeenkomst nog verder concretiseren? Per activiteit bedachten de deelnemers een korte beschrijving van de activiteit, welke partijen zij daarvoor nodig hebben en vooral ook: wat zij willen bereiken voor de leerlingen met deze activiteit? Extra aandachtspunt: verbreding profielen Een belangrijk aandachtspunt voor die nieuwe periode is verbreding van STO over ook andere profielen zoals Zorg & Welzijn, Economie & Ondernemen en Horeca, Bakkerij en Recreatie. Echter, dan is het wel een expliciete eis van het Ministerie dat de ingediende aanvraag met de toepassing van technologie in deze profielen te maken moet hebben. De lopende inzet op zorg & technologie en de samenwerking daarvoor met TZA Twente is hiervan een mooi voorbeeld. Ook benadrukte Marieke dat de aanvraag vmbo-breed zal zijn: dus ook activiteiten voor de praktijkgerichte vakken zijn welkom! Uiteraard werd de deelnemers gevraagd de ideeën voor activiteiten te scharen onder één van de vier STO-doelstellingen voor de komende jaren. Korte presentaties ideeën Na een uur stevig brainstormen gaf elke groepje een korte presentatie. Enkele highlights? Meer ontwikkeltijd om samen met collega’s uit de regio nieuw onderwijs te maken en samen te leren, ontwikkeling van regiobrede keuzevakken, aanschaffen van nieuw technologisch materiaal en materieel, aanschaf en inzet van ‘STO-bussen’ voor vervoer leerlingen, meer samenwerking met het mbo en bedrijfsleven, en nog veel meer. Hoe gaat het nu verder? Tussen maart en de zomervakantie is er volop planvorming gaande in de vijf subregio’s van STO Twente voor de periode 2025 t/m 2028. Op 1 mei moeten alle subregio’s hun conceptplannen klaar hebben. Vervolgens worden in mei/juni deze vijf conceptplannen vertaald naar één STO-Twente breed plan ter beoordeling van de minister. Uiteindelijk wordt na de zomer de officiële aanvraag ingediend, op tijd voor de deadline van eind september. MENU
- Gastles elektrotechniek ROC van Twente helpt techniek op de kaart zetten
0910d8c7-37fa-4f23-8eae-70be85bbbc77 Gastles elektrotechniek ROC van Twente helpt techniek op de kaart zetten Donderdag november kwam ROC van Twente naar Het Noordik in Vroomshoop voor gastlessen Elektrotechniek voor de derde- en vierdejaars PIE-leerlingen. Dit initiatief ontstond vanuit het recente STO-café bij ROC van Twente. Gert-Jan Fisscher is docent én vmbo-coördinator bij ROC van Twente. Hij gaf de gastlessen, samen met twee van zijn leerlingen: “Ik wil dat de leerlingen een eerlijk beeld van de materie en de opleidingsmogelijkheden krijgen.” Vernieuwde opleiding Technicus Engineering ROC van Twente legt steeds meer verbindingen met het vmbo. Voor STO Twente is ROC van Twente dan ook een belangrijke partner. Gert-Jan: “Ik draag er graag aan bij om de jeugd op het Twents vmbo te interesseren voor elektrotechniek, met als achterliggend doel doorlopende leerlijnen te creëren. Eerder hadden we binnen ROC van Twente vier Technicus Engineering opleidingen in de richting van Elektrotechniek, Werktuigbouwkunde, Installatietechniek en Mechatronica. Die zijn nu gebundeld in één opleiding en de verschillende techniekrichtingen worden in modules aangeboden. De eerstejaars die van het vmbo komen krijgen in het eerste jaar dus alle facetten van techniek mee. Bedoeld om hen een gerichte keuze te laten maken waarin zij zich in jaar twee willen specialiseren, met fantastische opleidingen, goede docenten en enthousiaste leerlingen.” Zelf ontwikkelde demokoffers Tijdens het STO Café op 29 september jl. bij ROC van Twente toonde Gert-Jan aan de docenten van STO Twente zijn grote trots: “Een gele koffer met elektromaterialen om zelf allerlei praktijkopdrachten te kunnen doen en een zilveren koffer specifiek voor het programmeren van de praktijkopdrachten. Deze koffers heb ik met mijn collega-docenten tijdens de coronaperiode ontwikkeld en concreet gemaakt, samen met mijn eerstejaars leerlingen.” Hiermee kunnen de leerlingen heel praktisch proeven van een stuk elektrotechniek. Uit deze demonstratie tijdens het STO Café kwam rechtstreeks het verzoek van Eric Raanhuis om een gastles te komen geven op zijn school. Eric is docent PIE aan Het Noordik en kartrekker voor Sterk Techniekonderwijs Twente in de regio Almelo e.o.. Spelenderwijs ontdekken Op donderdag 23 november toog Gert-Jan, samen met zijn praktijkkoffers, naar de gastles voor de derde en vierde jaars PIE-leerlingen van Het Noordik: “Je moet heel scherp krijgen wie je voor je hebt in je gastles. Deze PIE-leerlingen wéten al wat PIE en techniek is en via enkele controlevragen achterhaal ik snel wat hun niveau is. Daar baseer ik vervolgens mijn gastles op. Ik start met concreet laten zien wat spanning is en dat stroom altijd rond moet lopen in een gesloten circuit. Vervolgens laat ik de leerlingen aan de slag gaan met de praktijkkoffers. Ze mogen maken wat ze willen uit het begeleidende boekje, of zelf iets verzinnen. Dat alles onder één voorwaarde: dat de stroom van plus naar min loopt. Hoe? Dat maakt niet uit: door een zoemer, lampje, schakelaar of meer. Doordat de leerlingen mogen maken wat ze zelf bedenken zie je ze vervolgens heel ijverig aan de slag gaan. Dat is precies waar de koffers voor zijn bedoeld: vrij experimenteren.” Hulp van twee studenten ROC van Twente Als side kicks had Gert-Jan ook twee studenten van zijn eigen opleiding meegenomen naar Het Noordik: “Twee enthousiaste jongens uit het derde jaar die het leuk vinden om te helpen. We namen ook een soldeeroefening mee. Onze studenten hebben ooit een dobbelsteen met een microprocessor met programma, baterijhouder en ledjes ontwikkeld. Die ledjes vormen samen de ogen van de dobbelsteen. Leg je daar twee vingers op en maak je daarmee elektrotechnisch een verbinding, dan gaat de dobbelsteen ineens knipperen, rollen, staat ‘ie stil en geeft hij alle ogen van de dobbelsteen in een willekeurige volgorde weer. Dit werkstukje vergt soldeerwerk op een klein printje en dat hebben de leerlingen gedaan onder begeleiding van onze twee studenten.” Gelijkwaardigheid onder leerlingen Wat hebben de leerlingen van elkaar geleerd? Gert-Jan: “Ik stimuleer alle leerlingen elkaar vragen te stellen over elkaars opleidingen. Wat vinden ze goed en wat kan er beter? Daarmee hoop ik te bereiken dat de leerlingen een eerlijk verhaal krijgen aangereikt, want onderling vertellen de leerlingen van vmbo en mbo elkaar gewoon de waarheid. Dat aspect van de gastles vind ik ook heel belangrijk.” Eric Raanhuis: “Het was beslist een leuke en zinvolle gastles. Het was leuk om te zien hoe onze leerlingen reageerden op de ROC-studenten die maar enkele jaren ouder zijn.” Inmiddels zijn er voor de gastles van Gert-Jan ook concrete contacten gelegd met de Waerdenborch in Holten en C.T. Stork College in Hengelo. Ook zin in een gastles elektrotechniek? Heeft jouw vmbo-school ook zin in een gastles Elektrotechniek vanuit ROC Van Twente? Gert-Jan: “Ik sta overal voor open. In overleg is er veel mogelijk, mijn doel is om techniek op de kaart te zetten.” En de praktijkkoffers van Gert-Jan? “Die produceren we niet voor derden, maar elke vmbo-docent techniek mag het ontwerp bij mij opvragen om de koffers zelf te produceren.” Meer weten over de koffer? https://www.rocvantwente.nl/over-ons/nieuws/2022/05/Team-Innovatie-Prijs-2022-van-ROC-van-Twente.html MENU
- Bevlogen techniekdocent Camilla Mensink zet in op verfrissende aanpak op meerdere fronten
ff3caf30-6361-4b1b-bf2e-882aeb68db58 Bevlogen techniekdocent Camilla Mensink zet in op verfrissende aanpak op meerdere fronten Camilla Mensink is docent PIE én zij-instromend docent in opleiding voor BWI op de Waerdenborch in Holten. Zij is super actief binnen STO Twente. Creatieve ideeën voor instroombevordering zet zij, samen met haar collega’s én bedrijven, om in concrete acties. Zoals de inmiddels geslaagde pilot voor het Keuzevak Lassen, samen met het bedrijf Aebi Schmidt. Ook introduceerde Camilla het idee van een persoonlijk traject bij bedrijven voor een leerling als deze helemaal wild is van één technisch aspect en daar volop de diepte mee wil ingaan. Wel komt Camilla nog steeds veel obstakels tegen voor meisjes in de techniek: “Als rolmodel zie ik dat ik hen als vrouwelijk docent over de streep help trekken. Blijkbaar zoeken meiden toch die zekerheid en ik kan een voorbeeld voor hen zijn.” Het resultaat daarvan? “Op dit moment hebben we vier meiden in het profiel PIE en bij BWI zelfs een hele klas met meiden bij het keuzevak. Ook in het profiel BWI zien we een groei van het aantal meiden.” Lassen: van pilot tot keuzevak Verleden jaar publiceerde deze nieuwsbrief van STO Twente over een interessante pilot. Twee leerlingen PIE van de Waerdenborch in Holten, waaronder een meisje, leerden in hun examenjaar in zes weken de fijne kneepjes van het lassen bij Aebi Schmidt. Deze verkennende pilot bleek een succes en inmiddels hebben twee andere leerlingen dit ook medio maart met succes afgerond, nu op basis van een uitgewerkt plan van 9 weken. De leerlingen mogen al meewerken aan de producten die ze maken. De grote motor achter dit keuzevak, samen met haar techniekcollega’s, is Camilla Mensink, docent PIE én zij-instromer BWI: “Inmiddels hebben we dit keuzevak ook toegevoegd aan het PTA, dus de leerlingen kunnen het nu officieel afronden en meenemen naar hun examen. Ook willen we dit uitbreiden met het keuzevak plaat- en constructiewerk, in samenwerking met een ander bedrijf in Holten. We merken vanuit de leerlingen dat daar veel vraag naar is omdat leerlingen enthousiast vertellen over wat ze hebben gedaan bij de bedrijven.” Camilla noemde al dat er in de pilot een meisje meedeed: “Het is altijd spannend om te zien hoe dit in een technisch bedrijf valt, vaak toch een mannenwereld. Bij Aebi Schmidt is dat heel goed begeleid, ook dankzij de korte lijnen. Zij zien in dat het om de leerlingen gaat, en dat vinden wij natuurlijk ook. Dat geeft een heel positief gevoel in de samenwerking.” Kay was een van de twee recente deelnemers aan het keuzevak bij Aebi Schmidt: “Hartstikke leuk! Je leert er heel veel én werkt met de modernste lasmiddelen.” Ook Stef koos voor dit keuzevak: “Ik heb veel nieuwe lastips geleerd van de mensen die er daar elke dag mee werken. Ook de mensen zelf waren heel gezellig.” Individuele leertrajecten ontwikkelen Een keuzevak in de lucht houden vergt uiteraard een bepaald aantal leerlingen om het levensvatbaar te maken en te houden. Camilla: “Maar regelmatig hebben we in leerjaar 3 en 4 heel gedreven leerlingen die een enorm specifieke techniekinteresse hebben waar zij helemaal voor willen gaan: nu, straks in hun mbo-studie en later in hun werk. Voor deze talentvolle leerlingen is het niet haalbaar om daarvoor helemaal naar een andere regio te fietsen. Holten ligt wat dat betreft geografisch toch wat decentraal. Gedreven leerlingen in leerjaar 3 kunnen vervroegd examen doen, zodat ze in leerjaar 4 de ruimte krijgen om één dag in de week met een bedrijf mee te lopen.” Camilla geeft een voorbeeld van een leerling die zich wil specialiseren in grondboringen: “Hij is heel gedreven en loopt voor op de lesstof. Maar grondboringen is een specifiek onderwerp en daar kunnen we niet meteen een keuzevak voor aanbieden. Als alternatief heb ik voor hem een persoonlijk traject aangemaakt. Elke dinsdag loopt hij mee bij Oolbekkink Grondboringen in Holten. Geen officieel keuzevak, en toch krijgt zo’n leerling de kans ervaringen op te doen op een heel specifiek interesseterrein.” Efficiënt als het eenmaal loopt Camilla geeft aan dat dit persoonlijke leertraject in het begin wat investering kost om het op te zetten: “Heb je eenmaal de structuur daarvan te pakken met een plan en een contractje? Dan heb je alleen nog maar werk aan de leerling en het bijpassende bedrijf dat daarin wisselt.” Of neem PIE-leerling Koen, nu in zijn examenjaar. Camilla: “Hij wil beslist door in domotica en voor hem hebben we een individueel leertraject ontwikkeld bij de Domoti Factory in Rijssen. Doordat hij in leerjaar 3 zijn examen heeft gedaan, kon hij in leerjaar vier elke dinsdag mee met het bedrijf.” Wel geeft Camilla aan dat dit soort leerlingen stevig moet staan in de basisvakken. Koen: “Mijn persoonlijk leertraject is precies wat ik ervan verwacht had. Nu werk ik bij Domoti Factory mee als elektricien en loodgieter. Ik ga op pad met hoofdmonteurs naar projecten en leer daar heel veel in de praktijk, ook over hoe je met elkaar overlegt over het werk en samenwerkt. Ik ben heel blij dat ik deze keuze heb gemaakt.” De mix van meiden en jongens maakt het makkelijker Camilla is een dochter van een aannemer, werkte in die sector en ging vervolgens de kant op van de elektrotechniek: “In die tijd voelde ik veel weerstand, ook bij mbo-docenten, en moest ik mij als vrouw extra bewijzen. Maar waarom moet ik mij als vrouw in de techniekwereld extra bewijzen?” Camilla groeide door naar de installatietechniek, maar merkte op projecten dat zij benadeeld en zelfs geïntimideerd werd. Uiteindelijk stapte Camilla over naar het techniekonderwijs: “In het techniekonderwijs kan ik nu als vrouw een rolmodel zijn. Dat is een heel ander perspectief en hoef ik mij niet meer te bewijzen. We hebben dit jaar op De Waerdenborch maar liefst vier meiden bij PIE, echt geweldig. Die meiden bij ons geven wel aan dat mijn rol hier als vrouwelijk PIE-docent eraan bijdroeg dat ze besloten voor PIE te kiezen. Hierdoor wordt het ook normaal dat er steeds meer meiden voor techniek kiezen, de sneeuwbal gaat rollen.” Het bijkomende voordeel juist van meiden in een profiel als PIE, is dat het heel veel positieve dingen doet met de sfeer in de groep, benadrukt Camilla: “Plus dat je naar de buitenwereld laat zien, van ouders tot en met medewerkers van stagebedrijven, dat het normaal is als er dames in de techniek studeren en werken. Het is op De Waerdenborch inmiddels heel gewoon dat er jongens én meiden voor het profiel PIE kiezen.” Geen voorstander van gerichte techniekcampagnes voor meiden Camilla is zich bewust van de discussie of we via gerichte en aparte promotiecampagnes meer meiden de techniek in moeten krijgen, of juist meiden en jongens als één groep moeten benaderen. Camilla: “Ik ben geen voorstander van een aparte campagne, in mijn ogen is het beter om hierin meiden en jongens gelijk te benaderen én te behandelen. Ik zie het aan de meiden bij PIE en BWI, die willen net zo behandeld worden als de jongens. Want juist als zij als meisje opvallen in de techniek en op een voetstuk gezet worden, is in mijn ogen de kans groter dat ze daardoor vervolgens benadeeld worden. Gelijk behandeld worden voelt voor hen en mij gewoon veiliger.” Blijven ontwikkelen Camilla blijft zichzelf ook graag ontwikkelen: “Inmiddels ben ik ook zij-instromer BWI, want naast mijn docentschap voor PIE wil ik ook docent BWI worden. Het profiel BWI is ook voor mij compleet nieuw en hierin kan ik mij ontwikkelen.” Bij BWI heeft Camilla nu zelfs één klas vol met meiden bij het keuzevak! Camilla: “Fantastisch om te zien dat ook in het profiel BWI het aantal meiden toeneemt. Het beeld dat zij hebben dat ook BWI een mannenwereld zou zijn, is aan het kantelen. Ook hier probeer ik een rolmodel te zijn MENU
- Augmented Reality helpt BWI-leerlingen bij voorbereiding opdracht
310b0b02-7ab2-4be7-b3f1-ae7e2343ddff Augmented Reality helpt BWI-leerlingen bij voorbereiding opdracht Een strokenfundering is een fundering die onder draagmuren is gebouwd. De strokenfundering bestaat uit een dikke strook gewapend beton in een houten bekisting met zand eronder. Bouwschool Twente in het Hengelose Techniekhuis Twente leidt al langere tijd op voor deze nog steeds gangbare manier van bouwen. Ook voor vmbo-leerlingen van het C.T. Stork College vanuit het profiel BWI en onder de vlag van Sterk Techniekonderwijs Twente. Compleet nieuw is dat deze vmbo-leerlingen hun voorbereiding op deze opdracht op school voortaan digitaal én in 3D via een app in gang kunnen zetten. Op 8 februari maakten zij voor het eerst gebruik van deze primeur. Van platte tekening naar 3D Jan Willem Aardema van Bouwschool Twente: “De BWI-leerlingen van C.T. Stork College krijgen de opdracht om de bekisting voor een strokenfundering bij ons in het Techniekhuis Twente te komen maken. Deze praktijkopdracht wordt door hun eigen docent beoordeeld. Nieuw is dat we een digitale tool hebben ontwikkeld, waarmee ze al op school kennis kunnen nemen van de praktijkopdracht die hen in het Techniekhuis staat te wachten, op hun eigen mobiele telefoon. Die tool is een app. Hoe ze daarin komen? Op de papieren praktijkopdracht in de BWI-klas op het C.T. Stork College staat een QR-code. Scannen ze die? Dan zien ze vervolgens zowel de 2D- als 3D-tekening op hun mobiel, inclusief alle maatvoeringen en benamingen. Daardoor gaat de opdracht meer leven omdat ze in 3D zien wat er écht van hen wordt verwacht. Want in 3D kunnen ze de opdracht draaien, kantelen, vergroten en verkleinen. Zo zien ze op school al een model met daarbij alle details van de bekisting, inclusief de werkvolgorde, die ze vervolgens bij Bouwschool Twente daadwerkelijk gaan maken. Dit voorbereidingsproces bij C.T. Stork College wordt begeleid door de BWI-docenten Philip Unverzagt, Dennis Winters en Jasper Lucas. Op de telefoon blijft de applicatie actief en kunnen de leerlingen ook thuis laten zien wat ze in de praktijk gaan maken. Bij applicaties die alleen met een VR-bril werken is dat niet mogelijk. Dit is voor iedereen toegankelijk.” Uitbreiding naar alle praktijkopdrachten Vervolgens kunnen de BWI-leerlingen deze 3D-afbeelding ook in Augmented Reality (AR) plaatsen, waar ze maar willen; op de vloer, de keukentafel; het maakt niet uit. Jan Willem Aardema: “Hiermee kunnen ze via AR om het ontwerp heen lopen en erin kijken. Alle details en onderdelen zijn op hun eigen telefoon benaderbaar. Sterker nog: door de toepassing van AR kunnen ze zelfs virtueel ín de te maken bekisting komen. Ook kunnen wij bij Bouwschool Twente op grote schermen laten zien wat de leerling op zijn of haar mobiel ziet tijdens de uitvoering van de opdracht. Studio X in Rijssen heeft de technologie via deze app voor ons mogelijk gemaakt.” De bedoeling is dat Bouwschool Twente álle praktijkopdrachten via deze AR-methode uitvoerbaar maakt. Ook komt er een VR-toevoeging. Het voordeel daarvan? Leerlingen, studenten, instructeurs en docenten kunnen dan op afstand met elkaar over de opdracht overleggen omdat alle betrokkenen met een VR-bril op in dezelfde virtuele omgeving staan. Op voorhand een beter beeld Philip Unverzagt is docent BWI aan het C.T. Stork College: “Mijn groep heeft inderdaad op school eerst de app kunnen bekijken. Het voordeel? Ze konden goed doorgronden wat ze bij Bouwschool Twente gingen maken. De app hielp hen op voorhand een beter beeld van deze specifieke opdracht te vormen in zeven heldere stappen. Elke stap kunnen ze een tijdje bekijken en zo op zich in laten werken. Bijvoorbeeld de vereiste onderdelen en de opbouw van de bekisting. Een collega van mij begeleidde een groep zonder deze app en we zagen in de uitvoering daardoor echt een verschil in de mate van voorbereiding.” Inspelen op behendigheid met mobiele telefoons Zowel leerlingen alsook hun docenten vinden het gemakkelijk om de app te gebruiken. Philip: “Deze app werkt namelijk heel gebruiksvriendelijk.” Ook viel het Philip op dat de leerlingen minder geïnteresseerd waren in de instructie zoals die werd weergegeven op een groot scherm: “Doordat ze de QR-code op hun eigen mobiel kunnen scannen om de opdracht te bekijken, kreeg ik zelf de indruk dat ze hier veel meer mee bezig waren. Het gebruik van deze app op hun eigen telefoon is ook echt de bedoeling. Hiermee spelen we in op hun enorme vaardigheid met mobiele telefoons.” Wat ook helpt, geeft Philip aan, is dat op de plek waar de leerlingen bij Bouwschool Twente de strokenfundering maken, het stappenplan er ook in de vorm van grote vellen papier ligt: “Vooraf kijken ze op de app en tijdens het daadwerkelijk maken op deze papieren tekeningen, dat is de opzet. De app dient dus puur ter voorbereiding.” Als het aan Philip ligt, wordt dit een standaard manier van werken: “Onze opdrachten willen we voortaan via een QR-code gaan aanleveren, ook met ons eigen Festo Lab op het C.T. Stork College.” MENU
- Tips voor een geslaagde STO studiereis
e9b560a8-d1ca-401c-a25d-bd13fa6b39cb Tips voor een geslaagde STO studiereis De subregio Almelo e.o. ging in juni op studiereis naar Duitsland. Wat was de insteek? En hoe bereid je een studiereis goed voor? Welke tips zijn handig? We vroegen het Marleen Peddemors en Erik van Bunnik, de organisatoren: “Onder andere door de intensieve voorbereiding leerden de 24 deelnemers elkaar veel beter kennen. Na de studiereis kun je elkaar daardoor gemakkelijker en sneller benaderen voor een initiatief in relatie tot STO Twente.” Hoe is de reis ontstaan? Marleen en Erik blikken terug: “De reis is ontstaan vanuit techniekondernemers uit onze omgeving. Wij zijn eerst met hen in gesprek gegaan en hebben daardoor ideeën opgehaald. Goed luisteren naar de aangesloten ondernemers is dus heel belangrijk. Bomech uit Albergen evenals Loohuis Groep, Mechan en LMB Niemijer zijn aangesloten ondernemers voor STO Almelo e.o. Het eerste bedrijf is een grote speler in sleepvoet technologie, waarmee boeren hun land bemesten. Voordat de studiereis plaatsvond, zijn we met alle deelnemers van de studiereis bij Bomech op bezoek geweest. Zo kon iedereen kennismaken met elkaar. Daarnaast konden zij de deelnemers goed voorbereiden op de studiereis door hen te informeren over wat ze zouden zien bij de bedrijven in Duitsland. Door input van de collega’s van Bomech kwamen we bij de Fendt fabriek uit, die ligt net onder München. Een innovatieve fabriek voor agrarische techniek zoals de bekende tractoren, ook veel gebruikt in Almelo en omstreken. Door hun informatie waren we inhoudelijk goed voorbereid op het bezoek aan Fendt. Je zou kunnen zeggen dat de studiereis dus eigenlijk al bij Bomech was begonnen! Het bezoek aan Fendt hebben we uitgebreid met een bezoek aan nog enkele andere techniekbedrijven, en het BMW Museum.” Een tip: maak vooraf kennis met elkaar “De 24 mensen die meegingen kenden elkaar grotendeels niet. Dus hebben we hen twee weken voor de studiereis, zoals als gezegd, op een woensdagmiddag bij Bomech met elkaar kennis laten maken. Dat bleek heel nuttig. Veel deelnemers waren de enige deelnemer vanuit hun bedrijf, maar ook de overige deelnemers kenden elkaar niet allemaal. Je moet elkaar vinden om er iets van te maken. De kennismakingsbijeenkomst vooraf hielp daar goed bij. Tijdens de studiereis zelf verliep alles goed met een hele mooie groep mensen die én goed mengde én elkaar aanvulde.” Wat was het doel? “We wilden alle deelnemers de kans geven om zich techniekbreed te oriënteren. Ondernemers zijn een belangrijke partij voor STO Almelo e.o. en we vonden het essentieel dat zij input gaven voor deze studiereis en ook concreet meegingen. Uiteraard sloten er ook veel collega’s aan die vanuit de verschillende scholen betrokken zijn bij STO Almelo en omstreken. En vergeet niet: ook de bedrijfsvakscholen die aangesloten zijn gingen mee. Tijdens de studiereis zijn er mooie, nieuwe connecties ontstaan die doorwerken in de activiteiten van STO Almelo e.o.” Hebben deze Duitse techniekbedrijven ook moeite met het vinden van technisch personeel? De medewerkers van de Duitse techniekbedrijven komen allemaal uit de directe omgeving. Zij doen dus het werk dat voorhanden is in hun omgeving. Dat heeft ook te maken met het uitgestrekte Duitse landschap. Bij ons kun je binnen veel kortere afstanden ander werk vinden. Bijvoorbeeld bij Fendt zag je ook dat technische medewerkers uit München verhuisden om bij Fendt te kunnen werken. Ook is het systeem voor onderwijs anders ingericht dan in Nederland. Vanuit de Fachschule komt het jonge technische talent rechtstreeks het bedrijf binnen op basis van een hele praktische scholing. Fachschule zijn een beetje onze oude ambachtsscholen. Ook hebben ze in Duitsland technische ambachtsscholen op hbo-niveau, dat kennen we niet echt in Nederland. Wat was vooral de winst van deze studiereis? “De winst van de studiereis was voornamelijk het netwerken. Alle deelnemers mengden met elkaar. Door met elkaar te praten en in een andere omgeving te zijn, leer je elkaar op een andere manier kennen. Je weet daardoor meer van elkaar, dat helpt zeker in toekomstige samenwerkingen. Deelnemers hebben bijvoorbeeld al tijdens deze studiereis nieuwe ideeën opgeworpen voor STO Almelo en omstreken. Door dit soort studiereizen vind je elkaar daarna toch sneller en makkelijker. Een voorbeeld? Direct na de studiereis kregen alle deelnemers een uitnodiging voor de opening van de Innovatiehub in Tubbergen. Je ziet elkaar dan opnieuw en verstevigt onderlinge banden die je tijdens de studiereis hebt gesmeed.” Hebben jullie praktische leerpunten voor andere subregio’s die ook een studiereis willen organiseren? “Spreek je verwachtingen uit naar elkaar en maak het niet te spannend en te groot. Want met het programma dat we hadden was het sowieso hard werken. Je maakt met elkaar lange dagen en er is eigenlijk geen tijd voor ontspanning. We zijn zondag vertrokken, dus in het weekend. We staken er dan ook met plezier een deel van onze vrije tijd in. Ook een advies is om de mix van deelnemers zo uiteenlopend mogelijk te maken, dan leer je het meest van elkaar. De deelnemende techniekbedrijven vertegenwoordigden allerlei soorten techniek, dus iedereen leerde wel iets van een ander bedrijf. Dat gaf in de groep een mooie dynamiek.” Welke rol speelt STO Twente financieel in jullie studiereis? “Wij vinden de studiereis belangrijk, dus hebben we hier vanuit het budget van onze eigen subregio geld voor vrijgemaakt. Maar het is niet allemaal uit STO betaald; de onderwijscollega’s hebben er ook een deel van hun eigen studiebudget voor ingezet. Dat zegt iets over hun interesse, inzet en commitment.” MENU
- Kennislab van Kids4Twente en STO subregio Hengelo geeft push aan Wetenschap en Techniek
13661157-80b5-43f8-acb6-4da82fc84b72 Kennislab van Kids4Twente en STO subregio Hengelo geeft push aan Wetenschap en Techniek Op 12 maart organiseerden C.T. Stork College en Kids4Twente samen een opleidingsmiddag voor W&T-coördinatoren van Hengelose basisscholen. Een week later, op 19 maart, was het de beurt aan een grote groep W&T-coördinatoren en leerkrachten van dezelfde basisscholen voor een verdere verdieping onder de noemer Kennislab. De leerkrachten namen deel aan een Basisworkshop Onderzoekend & Ontwerpend leren. De W&T-coördinatoren gingen aan de slag in een Focusworkshop ‘W&T, de rol van de leerkracht.” Opnieuw stelde het C.T. Stork College haar deuren hier gastvrij voor open. De conclusie van de deelnemers na afloop? “Alle tips en adviezen maken het mogelijk om W&T goed in te passen in ons basisonderwijs’. Van groot belang, ook vanuit het perspectief van Sterk Techniekonderwijs Twente, voor het creëren van doorlopende leerlijnen. Kids4Twente helpt Twentse basisscholen om W&T-onderwijs te ontwikkelen en te integreren in de eigen schoolpraktijk. C.T. Stork College en Kids4Twente werken nauw samen om specifiek basisscholen uit Hengelo en omgeving alle toegang te geven tot techniek en technologie zoals via dit soort bijeenkomsten. Niet geheel toevallig, want C.T. Stork College profileert zich veelzijdig als technisch vmbo. Benno Hams is Teamleider TGL - BWI - PIE bij C.T. Stork College én regioleider STO van de subregio Hengelo. Hij opende het Kennislab op 19 maart met de uitnodiging om van elkaars kennis, materialen en ideeën gebruik te maken om W&T op de basisscholen goed te gronden. Benno: “Des te beter werken het basisonderwijs en het vmbo samen om een goede doorlopende leerlijn te creëren, een belangrijk doel van Sterk Techniekonderwijs Twente.” Praktische drietrapsraket Tim Post is bij Kids4Twente verantwoordelijk voor de (wetenschappelijke) ontwikkeling en evaluatie van het programma. Met zijn inleiding zette hij nog even de praktische en beproefde drietrapsraket van Kids4Twente voor de implementatie van W&T op een rij: “De beste borging van W&T op basisscholen verloopt in drie fases: 1. In een Netwerkcafé maken de scholen kennis met een lokaal bedrijf en verkennen samen de inhoudelijke samenwerking, 2. In het Kennislab leren ze wat Onderzoekend & Ontwerpend Leren en W&T-onderwijs precies zijn en 3. In Ontwerpstudio’s leren zij tot slot alle eerder opgedane kennis concreet toe te passen door concrete lesactiviteiten voor te bereiden voor hun eigen klas met daarin voor W&T een fundamentele rol.” Toelichting 7 cruciale fases De kern van Tim’s Basisworkshop O&O leren was een heldere uitleg over de 7 cruciale fases die leerkrachten kunnen doorlopen om in lessen zowel het Onderzoekend als Ontwerpend Leren maximaal vorm te geven. Die fases zijn: je leerlingen confronteren met een maatschappelijke uitdaging waarvoor zij én het aan de school gekoppelde bedrijf een oplossing gaan bedenken. Gevolgd door de fases Verkennen, Schetsen/Opzetten, Realiseren/Uitvoeren, Bijstellen/Concluderen, Presenteren en Verbreden. Op een inspirerende manier gaf Tim per fase een direct bruikbare toelichting op vier standaard aandachtspunten binnen elke fase: Leerling, Leerkracht, Thema en Inspiratie. Ook liet Tim helder zien hoe je per fase kant-en-klare werkbladen voor zowel Onderzoekend als Ontwerpend Leren toepast. Focusworkshop ‘W&T, de rol van de leerkracht’ Speciaal voor de W&T-coördinatoren organiseerde Kids4Twente de Focusworkshop ‘W&T, de rol van de leerkracht’. In een vlot tempo namen W&T-experts Esther Heuker of Hoek en Marit Benes de deelnemers hierin mee in zowel interactieve uitleg als praktische opdrachten. Na een korte uitleg over wat Onderzoekend en Ontwerpend Leren ook alweer is, gingen de deelnemers aan de slag met een LEGO-opdracht om te oefenen met het bewust kiezen van een goede W&T-opdracht. Ook werd de vernieuwde taxonomie van BLOOM behandeld en eveneens welke technieken en technologieën in relatie tot W&T momenteel actueel zijn. Kortom, een optelsom van praktische handvatten die de W&T-coördinatoren helpt om op hun basisschool hun collega-leerkrachten maximaal te ondersteunen bij de toepassing en langdurige inbedding van W&T. Praktische vragen Tot slot liet het vragenrondje zien dat de leerkrachten vooral antwoord zoeken op hoe zij W&T in de tijd gezien gebalanceerd kunnen implementeren in relatie tot hun overige curriculum. De kern van het antwoord van Tim? “Zie W&T niet als een aparte methode, maar integreer het zoveel mogelijk met je reguliere lessen. Dan komt het er niet bij, maar is het een organisch onderdeel van wat je al doet! Dan komt W&T namelijk het beste tot haar recht, en breng je leerlingen tegelijkertijd meer inhoudelijke diepgang.” MENU
- Praktische tips voor opleiden van meer techniekdocenten
e3a61673-4fb7-4a63-98b2-cdda9f643859 Praktische tips voor opleiden van meer techniekdocenten STO Twente deed mee met het landelijke webinar van Sterk Techniekonderwijs over hoe je meer techniekdocenten vindt en opleidt, bijvoorbeeld afkomstig uit het bedrijfsleven of als zij-instromer. De belangrijkste tips en adviezen van de deelnemende docentenopleiders, schoolleiders, hybride docenten en zij-instromers zetten we graag op een rij. Deelnemers aan het webinar waren Anja van Vliet (onderwijsmanager voor Lerarenopleidingen Rotterdam), Barbara van Dongen (directeur Corbulo College), Michel Greven (teamleider Techniek bij lerarenopleiding Windesheim Zwolle) en Jelle Steur (docent engineering). Praktische tips: · Loopt een technicus je school binnen met interesse om techniekdocent te worden? Of ontvang je een belletje of mailtje? Centraliseer deze gegevens en maak een collega verantwoordelijk voor de contacten met deze kandidaten. Te vaak sneuvelen die eerste contacten door een slechte opvolging en het niet bewaren van de contactgegevens. · Vaak ervaren potentiële techniekdocenten een drempel om zich op een school te melden. Wat kun je daar als school aan doen? Hierin spelen schoolleiders een rol. Licht alle docenten en medewerkers, en ook de conciërge, in dat je school openstaat voor potentiële hybride docenten en zij-instromers. Nog te vaak hebben de collega’s op de werkvloer van de school geen besef dat de school hiervoor openstaat. · Blijkt een ‘binnenloper’ met interesse toch niet bij jouw technisch vmbo te passen? Vraag dan aan de kandidaat of je zijn of haar gegevens mag doorgeven aan collega-vmboscholen in Twente. · Er is heel veel onduidelijkheid over de status en rol van onbevoegde docenten. Daar bestaat geen kant-en-klaar antwoord op. Het gaat hier om maatwerk per persoon. Schoolleiders kunnen het cv scannen van een potentiële kandidaat en hem of haar al op school inzetten op ervaring en opleiding die de kandidaat al wel op zak heeft, in plaats van beoordelen wat nog niet is gerealiseerd. Zoek op basis hiervan de ontwikkelroute die persoonlijk en professioneel bij de kandidaat in kwestie past. · Het imago van het technisch vmbo is positief aan het veranderen. Maar wellicht hebben potentiële nieuwe techniekdocenten, -instructeurs en zij-instromers nog het oude beeld. Zorg als school dat je een heldere en actuele presentatie klaar hebt liggen over waar het technisch vmbo nu voor staat. · Zij-instromers en hybride docenten geven aan dat als het klikt met een technisch vmbo dat het dan ook direct heel goed klikt én in een hoog tempo. De eerste periode van kennismaking en samenwerking is daarmee een goede graadmeter voor het vervolg. · Het vmbo geeft heel veel ondersteuning aan leerlingen, dus moeten we dat ook doen met de nieuwe techniekcollega’s. · En heb je als school een nieuwe kandidaat binnen en aan de slag? Behandel deze dan vanaf dag één als volwaardig en neem deze mee in al je schoolactiviteiten, zoals een introductiedag. Geef de kandidaten ook de kans om op meer plekken in je school mini-stages te lopen voor een zo breed mogelijk beeld. Zodat de kandidaat zich niet alleen bij het techniekteam welkom voelt, maar ook bekend raakt met de collega’s bij alle avo-vakken. · Ook een advies voor potentiële kandidaten is om je stap goed met het thuisfront en omgeving te overleggen. Ook hun steun in dit proces is onmisbaar. · En zijn technische instromers eenmaal in een school aan de slag? Dan is het advies je te binden aan iemand in je school, of schoolstichting. Een soort buddy waar je altijd bij terecht kunt. Kortom, een goede en ervaren begeleider, het liefst bevoegd, van de werkvloer. Die persoon moet ook de tijd en ruimte krijgen van zijn of haar directeur om buddy te kunnen zijn. · Leerlingen op het vmbo zijn relatiegericht ingesteld met hun instructeur, docent of klasse-assistent. Dat sociale aspect is heel belangrijk voor potentiële techniekdocenten en hybride docenten/instructeurs. Je groeit niet alleen als docent of instructeur, maar moet ook willen groeien in je relatie met de school, je leerlingen, je collega’s en meer. De schoolleiding moet aandacht hebben voor en ruimte geven aan ook die relationele groei. Soms gaat het bij vmbo-leerlingen om gedrag en ook daarin moet je je als hybride collega of zij-instromer willen ontwikkelen. · Hoe snel kan een vakman eigenlijk docent worden. En is snel opleiden altijd goed? Ook hier gaat het om maatwerk. Wel is de consensus dat het gewoon tijd vraagt om van het ene naar het andere beroep te gaan. Ook schuurt het soms, maar zonder wrijving geen glans. En heb je als hybride docent of zij-instromer eenmaal je bevoegdheid? Dan begint het eigenlijk pas echt door heel veel meters te maken in de schoolpraktijk. MENU
- leerlingen proeven van wereld van transport en logistiek
384a82f8-0c0e-4714-a357-d2467b811593 leerlingen proeven van wereld van transport en logistiek Het profiel Mobiliteit & Transport (M&T) van STO Enschede zet er vaart in! Op donderdag 9 januari namen tweede, derde én ook een aantal vierdeklassers deel aan het Load & Road evenement. Een try-out voor de leerlingen om transport en logistiek te ontdekken. Game on met Load & Road! Verdeeld over drie groepen en drie blokuren bood Load & Road voor vmbo-leerlingen aan de Wethouder Beversstraat dé perfecte kennismaking met werken in de transport en logistiek. Deze experience van Sectorinstituut Transport en Logistiek (STL) is speciaal ontwikkeld voor vmbo-scholen. In 90 minuten ervaren de leerlingen een volle lading aan informatie, activiteiten en plezier. Harry van Sectorinstituut Transport & Logistiek begeleidde samen met zijn collega Bob de Load & Road: “In onze introductie nemen we als voorbeeld wat er allemaal moet gebeuren als je vandaag een pakketje bestelt bij Bol.com waarvan je verwacht dat het gegarandeerd morgen wordt geleverd. Je ziet dat dit herkenbare voorbeeld de leerlingen aan het denken zet.” Breder beroepenbeeld creëren Wat is het doel van Load & Road? Harry: “Ons doel met Load & Road is om jongelui enthousiast te maken voor transport en logistiek. Nog te vaak is hun beeld van deze disciplines te beperkt. Het enige beroep wat ze doorgaans kunnen koppelen aan transport & logistiek is dat van chauffeur, vaak door een ervaring uit hun eigen omgeving, zoals een oom die chauffeur is. Met Load & Road laten we hen zelf ervaren dat transport & logistiek veel meer functies biedt. Met interactieve spellen en doe-opdrachten introduceren we ook de vmbo-leerlingen van STO Enschede spelenderwijs in de wereld van de vrachtwagens en warehouses. We bootsen die wereld na met uitdagende spellen. Waarom? We willen onze sector graag onder de aandacht brengen én ondersteunen de M&T docenten bij de loopbaanoriëntatie (LOB).” Load & Road sluit perfect aan op de belevingswereld van vmbo-leerlingen. Harry: “Deze experience vraagt geen voorbereiding van de docent. Het is wel belangrijk dat de docent erbij aanwezig is om de leerlingen gemotiveerd mee te laten doen.” Aansprekende games ‘Ontdekken door te doen!’, is hét motto van Load & Road. Alle spelonderdelen in deze experience zijn daarop gericht. Michel Nolsen, docent (in opleiding) M&T: “We leggen uitdagingen neer bij leerlingen die ze alleen of samen oplossen. Rijden, docken, vastkoppelen, inpakken, beladen, bevestigen en plannen komen langs. Praktijksituaties waarmee je in de transport en logistiek te maken krijgt. Dat levert precies de inzichten op die deze leerlingen nodig hebben voor hun studiekeuze. Zo komen ze te weten of de sector transport en logistiek iets voor hen is. Ze maken kennis met de mogelijkheden in de transport en logistiek, zowel voor jongens als meisjes!” Talent vroegtijdig ontdekken Erik Kroese is praktijkinstructeur Mobiliteit en Transport: “Deze leerlingen zijn een kweekvijver. We reiken hen van alles aan om hen te laten ervaren wat ze zelf leuk vinden en willen. Zo’n evenement als Load & Road haalt uit die vijver de leerlingen omhoog met talent, aanleg en plezier in de wereld van transport en logistiek. We vliegen dat breed aan. Stel, een leerling heeft geen interesse? Dan inspireren we die met de vraag hoe deze later een kinderzitje veilig in de auto bevestigt. Dat doe je in feite ook met een soort spanband, maar dan in het klein. Dat brengt hen op ideeën en via bijvoorbeeld de Rammelton oefening van Load & Road oefenen ze het veilig, stevig en vast laden van een lading in een truck. Zo proberen we de leerlingen verbanden te laten zien. Het gaat erom dat we hun fantasie activeren, want uiteindelijk komt 60% van de arbeidsmarkt in de logistieke wereld terecht!” Naast Erik en Michel was ook Renate Veldhuis, stagecoördinator Bonhoeffer College, betrokken bij de organisatie. Spannende onderdelen van de Load & Road: · Koppelschotel: Leer hoe je een vrachtwagentrailer aan- en afkoppelt. · Pakpuzzel: Alle lading moet perfect passen. · Rammelton: Leer hoe je lading goed vastzet. · Balansbaas: Ervaar het belang van een goede verdeling van lading. · Routeplanner: Help de chauffeurs aan de beste route. · Trailer docken: Een bestuurbare vrachtwagen achteruit inparkeren. · Racebattle: Game met fysiek stuur en pedalen: Verzamel jij alle pakketten? Enthousiaste reacties van leerlingen… “Ik heb weleens in een echte vrachtauto gezeten. Maar ik weet nu ook dat een trucker heel veel collega’s nodig heeft om een rit te kunnen maken!” “Je moet behendig zijn om te kunnen laden, rijden en lossen. Ik ontdekte dat ik dat best wel ben toen ik meedeed met de Load & Road!” “Meiden zijn ook welkom in de Transport & Logistiek, ook voor het stoere werk! Dat ga ik thuis vertellen!” Ook een gratis Load & Road? Wil jouw vmbo onder de vlag van STO Twente ook een Load & Road event de school binnenhalen? Voor vmbo’s is dit geheel kosteloos verzorgd! Voor de experience is een ruimte nodig waarin de spellen kunnen worden opgesteld en gespeeld, denk aan een aula, hal in school, sporthal, gang of techniekruimte. MENU










